Medusa is weg, ruimte voor een nieuw beeld.
Nieuwstraat 36, Breda. Het beeld komt me bekend voor maar ik kan het nog niet plaatsen.
Wat mij betreft had deze politicus ook een VVD-speldje kunnen dragen. Tom Janssen in BN/De Stem van zaterdag 07/03/2020.
Dit geeft prima de schijnheilige houding aan van de partijen die
bezig zijn een college te formeren in Noord-Brabant.
Vergeet je principes, het gaat om het pluche.
Het gaan niet om de club waar ze mee praten, het gaat
om gevestigde partijen die zich bedreigd voelen en
koste wat kost willen blijven zitten.
Daarom is de titel van de prent ingekort.
De stad die in 1773 in Guatemala verwoest werd en nu
een World Heritage site is, was het bestuurlijk centrum
van Spanje in hun koloniën in Centraal- en Zuid-Amerika.
Daarmee is Antigua eigenlijk vooral als concept, als idee,
van belang en veel minder als materieel erfgoed.
Dat materieel erfgoed is er maar beperkt aanwezig.
Of dat voor Batavia (Jakarta) ook zo is weet ik niet, want daar
ben ik nooit geweest.
Wat er veel te zien is: de aanwezigheid van de christelijke zending.
In navolging van de ontdekkingsreizigers en kolonisten kwamen de
diverse christelijke ordes naar Amerika.
Dat is te zien aan de vele kerken en kloosters in Antigua.
Niet dat er nu nog veel religieuzen aanwezig zijn. Ik verwijs
naar kerken en kloosters die er in 1773 waren en waarvan de
restanten en ruïnes nu nog te zien zijn.
Een voorbeeld daarvan is de Franciscaanse kerk, met heiligdom, museum en
de ruïnes van een kloostercomplex. In 1525 werd begonnen aan de bouw.
Dit is het uitzicht vanaf het plein voor de kerk (Iglesia de San Francisco) naar de stad toe.
De kerk is vandaag nog in gebruik. Er is een heiligdom en een tuin. In die tuin bijvoorbeeld deze opstanding/verrijzenis.
Centraal in het heiligdom staat het graf van Hermano Pedro de San José de Bethancourt. Een Spaanse Franciscaan die in 1667 overleed en in 2002 heilig werd verklaard.
Iglesia de San Francisco. We hebben de kerk en het heiligdom bezocht maar de ruïnes vond ik toen het interessantst.
Dit is een deel van onderstaande beschrijving van de geschiedenis van het complex. De Engelse vertaling is van Barbara A. Prust.
San Francisco Church and Convent
In 1525 the Franciscans were already in other regions of Guatemala, but they remained in Almolonga until 1530.
Their first house was ruined by a mudslide which destroyed the entire city in 1541.In Santiago (present-day Antigua) they lived in what is now the Escuela de Cristo (School of Christ), but soon after were assigned a place where the convent and church began to flourish.
The friars began building the various and divers areas very carefully.
During the subsequent centuries, these constructions suffered numerous catastrophes, such as electrical outages due to thunderstorms, fires and earthquakes.
The earthquake of February 1689 caused great devastation, but reconstruction began soon after, in 1691.
At this time, the following sections were completed: the sacristy (now part of the museum), the lower cloister with its ornate domes, and the large domes for burials.
In addition the crypts were repaired in order to receive those who had previously been buried in them, including brother Pedro.
During the last three years of the 17th century, the Salón General de los Estudios (General Study Room) was built.
The domes above this room are different from the others in the convent.
Today, in the back of this room, we can see a altarpiece with the image of St. Anthony.
After 1700 other decorative architectural elements were added.
It has been said that the main altar’s silver lamp weighed four arrobas (1 arrobas is a Spanish unit of measurement equal to 11,501 kg or 25,304 lbs).
All of the cornices in the temple were embellished with railings painted in green and gold.
A library with huge windows on three sides was built above the great sacristy.
St. Brother Pedro’s relics have been placed in this sacristy.
The 1717 earthquakes were more devastating than the previous ones.
The murals in the convent and the new church’s arches collapsed; however, once again this great convent was repaired and strengthened.
The building managed to withstand yet another earthquake in 1751, but its final destruction occurred in 1773.
Throughout its long history, San Francisco attracted many scholars and great artists.
Since the 17th century and until its destruction, el Colegio de San Buenaventura (St. Bonaventura School) had always remained open.
Renowned sculptors and painters such as Alonso de la Paz, Juan de Aguirre, and Tomás de Merlo, as well as other Franciscan artists, used to work in the Salón de Artes (The Art Room).
The Mexican artist, Cristóbal Villalpando, produced some huge paintings of the life of St. Francis for this convent, which are now on display in the Museo Colonial here in Antigua.
In addition the Franciscans possessed the second printing press brought to Guatemala.
In 1871 the friars rebuilt the Chapel of the Third Order, and in 1817 St. Brother Pedro’s tomb was placed where it remained until 1991.
The rest of the temple, as well as the convent, remained in ruins, becoming a play area for children and a home for a few families, until Antigua was declared a national monument and San Francisco consequently remained under the custody of a guardian.
In 1960, when this monument was turned over to the Franciscan Order, reconstruction with iron and concrete began, in spite of the many objections from historians, architects, structural engineers and other distinguished individuals.
The rest of the various constructions lie in ruins.
As you stroll through them and tour the museum, remember that you are stepping on the same ground where a saint once walked.English translation by Barbara A. Prust
Zou daar het Tau-teken te zien zijn, in die stralenkrans?
De kerk was in barokstijl. Dat is hier en daar nog te zien aan ornamenten.
De ruïnes vormen een prachtige en vooral rustige omgeving.
Natuurlijk grenzen de kerk en de ruïnes aan woonwijken. Het hoogteverschil is opvallend.
Een basis van een fontein?
Voor het eerst sinds lange tijd weer eens een foto
uit mijn werkplaats met iets van de zon erop.
Door carnaval en verkoudheid lag het allemaal wat stil. Eén van de houten platten voor de middeleeuwse binding is gereed. Maar aan de tweede moest ik nog beginnen. Vanmiddag dus begonnen de buitenkant af te tekenen. Dit ‘houtbewerken’ en de metaalbewerking, zijn de moeilijkste technieken. Gewoon omdat ik er nauwelijks ervaring mee heb. Maar het goede nieuws is dan dat je op die gebieden ook de meeste vorderingen maakt (in het begin).
Hier ben ik aan de binnenkant bezig. Kort samengevat: je maakt vanaf de rug (de smalle kant van de houten plankjes) een ‘tunnel’ naar de buitenkant van de plat. De leren riempjes die straks door de ‘tunnel’ lopen, gaan even verder, dwars door de houten plank. Daar wordt ook een anderhalve centimeter lang, ruimte gemaakt om straks het riempje vast te kunnen lijmen en spijkeren. Die laatste lengte zie je op deze foto gemaakt worden.
Ik durf het bijna niet te zeggen maar dat werken met een beitel valt nog niet mee. Aan het eind van de middag voel ik mijn arm.
De gaten om van de buiten- naar de binnenkant te komen zijn gereed. De riempjes passen er door en de kleine sleuven zijn diep genoeg. Nu de ‘tunnels’ nog. Dat is het moeilijkste deel. De smalle rugkant van de platten zijn het meest kwetsbaar. Overigens zijn de riempjes qua lengte nog niet op maat. Ze zijn lang genoeg om door de platten te gaan en er op vastgezet te worden en om rekening te houden met het boekblok dat nog tussen de plankjes moet komen. Als het goed is zijn de riempjes te lang en moet ik ze straks inkorten.
Laten we zeggen de eerste versie van de drie brede ‘tunnels’. Die zie je aan de bovenkant van de foto. Dan, naar beneden, een korte sleuf met gelijke breedte en dan het gat waardoor de leren riempjes straks naar de binnenkant van de plat gaan. Volgende keer afronden.
Wil je zien hoe hedendaagse boekbinders hun fantasie de vrije loop
laten bij het maken van boekbanden voor ‘de vos’?
Grootste boekbandexpositie van het jaar in Deventer
Deventer – Op de drempel van de 85ste Boekenweek opent de stichting Handboekbinden de grootste boekbindersexpositie van het jaar: ‘De Vos Reynaerde te kijk gezet in 64 boekbanden’.
Vierenzestig boekbinders hebben het dierenepos uit de 13de eeuw, “Van den vos Reynaerde”, op een nieuwe, unieke wijze vormgegeven. Alle boeken hebben dezelfde authentieke inhoud, maar ieder boek heeft een bijzondere met de hand gemaakte boekband. Deze 64 handgebonden boeken worden, naast enkele bijzondere historische exemplaren, van 2 maart tot en met 5 mei 2020 in de Athenaeumbibliotheek tentoongesteld.
Reynaert de vos, rebel van het eerste uur, is een middeleeuws literair icoon dat ons al eeuwen in de ban houdt. Reynaert is een rebel van een speciaal kaliber. Hij is sluw, egoïstisch, leugenachtig, pervers, gewelddadig en sarcastisch. De perfecte antiheld.
De expositie laat een bijzondere mix van klassieke en hedendaagse handgebonden boeken zien. Enkele boeken zijn gebonden op traditioneel middeleeuwse wijze. Er zijn ook meer eigentijdse exemplaren te bezichtigen die gemaakt zijn met gebruikmaking van hedendaagse materialen en technieken, maar dan met een knipoog naar de middeleeuwen. Een onverwachte verzameling boekbanden die bijzonder de moeite waard is voor de ware boekenliefhebber. Een expositie waar het plezier van het ontwerpen en het maken van afspat.
Athenaeumbibliotheek, Klooster 12, 7411NH Deventer
2 maart – 5 mei 2020
Openingstijden:
Maandag 13.00 – 17.00 uur
Dinsdag 09.00 – 17.00 uur
Donderdag 13.00 – 17.00 uur
Vrijdag 13.00 – 17.00 uur
Okay, de timing is niet best.
De foto’s van vandaag zijn op 28 december 2018 gemaakt.
Vol in de kersttijd en wij zijn net een 40-daagse tocht
richting Pasen beginnen.
Dus dat sluit niet zo op elkaar aan maar het is toeval
dat dit korte bericht, vandaag gemaakt is.
We gingen die dag onderweg naar een kerk (wat anders) en hadden trek in een drankje. We gingen een bar in en die bleek zich naast eten en drinken, ook te richten op boeken en het genot van lezen. er stonden meerdere boekenkasten als deze in de bar.
Maar deze boekenplank was toch het mooiste zicht in dit café.
You can find magic wherever you look. Sit back and relax, all you need is a book.
Afgelopen maandag fietste ik in Tilburg.
Het was slecht weer.
In het weekend reden er op zondag geen treinen tussen
Breda en Tilburg. Maar daar had ik verder geen acht op geslagen.
Op maandag keek ik omhoog naar een flat in de Gasthuisring
omdat de straat afgesloten was en zag toen dit:
Bijna de hele zijwand van bakstenen top was weg.
Die lag op de grond onder aan de voet van het gebouw.
Vanochtend begon men met opruimen.
Vooral bij de kunst uit Centraal-Amerika was het moeilijk
te bepalen waar je nu precies naar keek.
Er waren stukken waar een kaatje bij stond met een beperkte
beschrijving. Maar vaak stond er niets bij en was de opstelling
zo dat het idee gewekt wordt dat het om replica’s gaat.
Maar mooie ruimtes waren het zeker.
Guatemala, Antigua, Incensario Mariposas Estilo Teotihuacano, Costa sur de Guatemala, periodo clasico tardio, 600 – 900 AD. Wierookvat, vlinderstijl volgens Google Translate.
Guatemala, Antigua, Incense burner Monkey, Guatemalan south coast, classic period, 300 – 900 AD.
Guatemala, Antigua, Paseo de los Museos.
Guatemala, Antigua, Paseo de los Museos.
Guatemala, Antigua, Paseo de los Museos.
Guatemala, Antigua, Paseo de los Museos.
Jacqueline Bel houdt vanwege deze dag een pleidooi voor het lezen.
Ze richt dat aan de politiek en daarom herhaal ik een deel ervan.
Leden van de Staten-Generaal!
Het Nederlands verkommert.
Lezen, schrijven en denken in de moedertaal is even vanzelfsprekend als de lucht die we inademen.
En dat moet zo blijven.
De literatuur van een land biedt jonge mensen een bron van kennis over de gedeelde geschiedenis en cultuur die onderdeel zijn van de gezamenlijke identiteit.
Het gaat er zeker niet om daar een nationalistisch hekwerk omheen te plaatsen, integendeel!
Het gaat er juist om te laten zien dat het verhalen zijn die mensen verbinden.
Onderzoek en onderwijs van literatuur in de moedertaal heeft daarom nu dringend uw aandacht nodig.
Ook dáárom is het belangrijk te denken aan Multatuli en zijn adagium: Ik wil gelezen worden.
Hierbij verwijst ze naar een stuk uit de Max Havelaar.
Dit is mijn versie van de Multatuli’s Max Havelaar. Uitgegeven door de Nationale Uitgeverij Rotterdam. Van wanneer deze versie is weet ik niet. Wat ik wel weet (want dat staat in het boek) dat de omslag van Harm van Tongeren is.
Dit is het stukje tekst waar naar verwezen wordt: ‘Ja, ik wil gelezen worden. Ik wil gelezen worden door staatslieden,…’ op pagina 203.
Dat lezen helpt ons om een geweldige cartoon als deze van Fokke & Sukke te kunnen begrijpen en er plezier aan te beleven. Ik vind de cartoon in ieder geval hilarisch!.
Jacqueline Bel, hoogleraar Moderne Nederlandse Letterkunde aan de Amsterdamse Vrije Universiteit, bekleedt de nieuwe Multatuli-leerstoel. Die werd ingesteld op initiatief van het Multatuli Genootschap. Deze tekst is gebaseerd op haar oratie die zij deze maandag uitspreekt.
Als kerstcadeau kreeg ik het boek Schilderslief van
Simone van der Vlugt.
Ik heb er dubbele gevoelens bij.
Het verhaal van Geertje Dircx verdient aandacht.
Ze ging in begin 1642 werken bij de schilder Rembrandt van Rijn.
In juni 1642 overlijdt Saskia Uylenburgh.
Na het overlijden kregen Geertje en Rembrandt een relatie
waarbij ze zich naar de buitenwereld gedroegen als man en vrouw en
die in 1649 eindigde in een serie van gerechtelijke zaken.
In 1650 laat Rembrandt Geertje opsluiten in het Spinhuis in Gouda.
Na 5 jaar en een inmiddels slechte gezondheid komt ze vrij.
De rechtszaken stoppen dan niet.
Geertje Dircx blijft een belangrijke schuldeiser van Rembrandt.
Na 1656 is ze overleden.
Simone van der Vlugt, Schilderslief. Rond de hierboven genoemde feiten maakt Van der Vlugt een verhaal.
Maar veel meer dan een vlot verhaal maakt Van der Vlugt er niet van.
Daarom vind ik de omschrijving ‘Roman’ zoals op de kaft staat,
wat zwaar aangezet.
De graphic novel Rembrandt (door Typex), die een paar jaar geleden verscheen,
maakt duidelijke keuzes en is daarom in mijn ogen meer geslaagd.
Fotograferen viel niet mee.
Veel voorwerpen waren zo belicht dat het allemaal net niet ging.
Dat doet niets af van de prachtige omgeving waar ik meer foto’s had moeten maken.
Vandaag een paar foto’s uit het Colonial Museum (althans dat is
zo als ik het me herinner).
Throne of Grace, 17th century. Gilded and polychromed woodcarving. Deze voorstelling had ik niet eerder ergens gezien.
Mystery of Christ’s birth, 18th century. Polychromed woodcarving.
Laatste Avondmaal.
Detail.
Altaarstuk met Maria en kind.
Detail.
Het hele altaarstuk.
Vorige week was ik wat kort over ‘Beanpole’.
Dus laat ik daar nog even op terug komen.
Die film is niet de beste om met carnaval te gaan bekijken,
maar is wel een goede film.
Los van het verhaal, zie je een groep mensen die allemaal
op hun eigen manier getraumatiseerd zijn door de oorlog
die ze net hebben overleefd.
In St. Petersburg betekent dat wel iets.
Of mensen zich dan echt zo gedragen is eigenlijk niet belangrijk.
Er ontstaat een beeld van een wereld waar veel ‘gewone’ dingen
gebeuren: er rijden trams, mensen werken, er is politiek, enz.
Maar toch zit je naar een ‘niet-echte’ film te kijken.
Dat ‘niet-echte’ komt wel binnen.
Niet echt, maar dan op een heel andere manier is Emma.
Ik ben een fan van BBC kostuumdrama’s. ook al zijn ze
zoetsappig, ze zijn vaak zo prachtig gemaakt.
Maar ze moeten wel echt goed zijn. Als er een paar dingen
niet kloppen dan valt de film door de mand.
Dus ik keek uit naar de film.
Ik heb er al zoveel gezien dus mijn verwachting was:
mooi maar echt interessant waarschijnlijk niet.
Hoe ver kun je er naast zitten.
Emma overvalt je steeds weer.
De mensen zijn soms net zo vreemd als de personen in Beanpole.
Wat te denken van dit bizarre stel dat uit een roman van Dickens had kunnen komen. Hier gespeeld door Josh O’Conner en Tanya Reynolds.
En erg komisch.
Bill Nighy is weer super.
Onverstoorbaar en met een tic. Wat hij trouwens heel goed weet. Bill Nighy.
Kortom: verrassend.
****
Love knows best.
In een van de ruïnes van de grotere kloostercomplexen in Antigua
is nu een 5-sterren hotel gevestigd met een serie van musea.
Het overtrof mijn verwachtingen.
Als bezoeker krijg je deze luxe plattegrond. Om je een idee te geven heb ik dit document op de foto gezet met een hoesje van een CD.
Geopend ziet het er dan als hierboven uit.
Zelf beschrijft het museum zich als:
Museums Promenade
The Museums Promenade is a cultural route created by an agreement between the San Carlos de Guatemala University and the Casa Santo Domingo Hotel.
It is a route that makes it possible to visit the museums installed in what was the church and convent of Santo Domingo and the Santo Tomás de Aquino College.
During the time of the Spanish domination these places constituted one single unit.
Zo tref je daar The Colonial Museum, The Archeology Museum, The Museums of Pre-Colombian Art and Modern Glass en ten minste nog 3 musea aan.
Besides the successful integration of the colonial architectural vestiges with audacious contemporary concepts in important areas of the convent, the visit to significant places has been made accessible.
These places include the burial and vigil crypts among which the Calvary Crypt is outstanding because it has an extraordinary scene of the crucifixion made in polychrome stucco and dated 1683.
Het eerste museum die we bezochten was ‘The Museum of Silverware’.
De musea zijn niet heel erg groot, maar samen is het een prachtige
collectie met fascinerende werken.
De folder bevat wat opgeklopte marketing-taal maar als ik het niet
de moeite waard had gevonden zou ik er niet zo uitgebreid bij stil staan.
Zilveren processievlaggen. Als er iets op de musea is af te dingen is dat de informatie over de stukken beperkt is. Geen jaartal, geen vindplaats. Dat is erg jammer. Dat kun je nog accepteren als er bijvoorbeeld een catalogus verkrijgbaar is waar die informatie in is opgenomen, maar die heb ik het winkeltje niet gevonden.
Afbeelding van een monstrans op de vlag.
Met een bel op het uiteinde van de vlag.
Een kroon. Bedoeld voor op een houten beeld, bijvoorbeeld.
Crowns
Some crowns are ornamented with precious stones, and gird the head of the saints as a symbol of royal dignity or nobility.
When they present two or three arcs they are called Imperial Crowns.
They may also have “shakers” as an ornament and symbol of divinity.
Wat hier bedoeld wordt met “shaker” is me niet helemaal duidelijk. Ik vermoed dat hier ‘scepter’ bedoeld wordt. Maar ben niet zeker.
Crowns also usually have a band-shaped piece that goes from side to side at the vase of the hoop, pierced in the centre to fit the image and be secured with a screw.
In general, silver crowns were gilded.
Met decoratie van (edel)stenen.
De aartsengel Michael. Saint Michael the Archangel.
St. Michael is one of the principal angels; his name was the war-cry of the good angels in the battle fought in heaven against the enemy and his followers.
Christian tradition gives to St. Michael four offices: to fight against Satan, to rescue the souls of the faithful from the power of the enemy, especially at the hour of death, to be the champion of God’s people and to bring men’s souls to judgement.
An attribute of this archangel is the Sun and the Moon on his chest or breastplate.
They symbolize that human nature pales before the power of God.
Met op de borst voor de kijker links de Zon en rechts de Maan.
Detail van de vleugel en arm van de aartsengel.
Processiekruis. Zo’n voorwerp was eerder te zien, in gebruik, op de foto’s van ons verblijf in Chichicastenango.
Processional Monstrances and Processional Cross
The Catholic Christian Brotherhoods had their own shields which show their Patron Saint and its own symbols.
They have different shapes: round, oval-shaped sun with rays, etc.
In any case, they bear on one side the symbol that represents the group.
The shield is encased in a silver or wooden rod and is used during the processions organized by the brotherhood or “cofradia”.
The processional cross, is also placed at the end of a rod or pole.
It is carried as well during processions.
Zilveren altaarstuk: ‘Altarpiece made from wood and plaques of embossed, carved and engraved silver.’
Detail.