Gezien de feiten lijkt me dat heel terecht.
Vandaag werden er 175 doden bijgeschreven.
Nu al meer dan DUIZEND.
Ben je over 4 weken nog niet ziek geweest en hoor je
in een van de risicogroepen dan zal de periode nog langer duren.
Daarom vanochtend wederom een wandeling gemaakt.
Daar is het prachtig helder vriesweer voor.
Iedere dag probeer ik een andere route te lopen. Vandaag werd de route bepaald door mijn agenda en de plaats van de bakker (en zijn openingstijden). Valkenstraat in Breda.
De Wilhelminafontein in de Sophiastraat. Dit is een hoek in het centrum van Breda waar verhoudingsgewijs veel mensen wonen en kantoren zijn.
De Sophiastraaat richting Valkenberg. Met selfie.

De Mauritsstraat richting centrum.
De Mauritsstraat richting Terheijden. Rond kwart over acht in de ochtend.
Sophiastraat met in de verte de Nassaustraat.
Die rupsen zijn verschrikkelijk vervelend. Onzinnige borden, zoals deze op de foto, zijn dat ook.
Stel, je gaat op de fiets van Breda naar Terheijden (of omgekeerd).
Stel, de weg heeft aan iedere kant een fietspad.
Stel, de fietspaden hebben aan beide kanten een rij eiken
naast zich staan.
Stel, bij één fietspad staan de eikenbomen zelfs aan
beide kanten van het fietspad.
Dan kom je, regelmatig, dit bord tegen.
Je wordt gewaarschuwd voor rupsen.
En dan?
Het is niet dat je voor een beer wordt gewaarschuwd.
Die zie je uit de verte, dan kun je omkeren.
Lawaai maken, over steken of iets anders.
Ik moet op de fiets naar Terheijden, ik ken geen andere weg.
De rupsen zijn er ook al zie ik ze niet meteen.
Denk je dat het zou helpen de gemeente te bellen?
Gaan die me dan helpen om in Terheijden te komen?
Burgers waarschuwen voor iets waar je geen alternatieve oplossing
voor hebt is onzinnig.
Goed bedoeld (?) geneuzel.
Tot zo ver de informatie van de gemeente.
Gisteren was ik even in Terheijden, een dorp bij Breda.
Misschien was ik wat vroeg en dus besloot ik een
klein stukje te gaan wandelen. Het regende.
Misschien denken we de komende warme dagen nog met
weemoed aan deze buien terug.
Natuurlijk maakte ik wat foto’s.
Druppels op bladeren. Dat vind ik altijd zo’n fantastisch gezicht.
Langs het weggetje dat ik volgde staan knotwilgen. Het is gewoon een pad langs een complex met voetbalvelden.
Mooi paars is niet lelijk.
Lisdodde. Ik ben geen kenner, kan het dus best mis hebben.
Die knotwilgen kunnen van die prachtige vormen aannemen.
Bij die druppels op de bladeren lijkt het wel of de natuur een structuur aanbrengt maar hier is het een chaos.
De gewone berenklauw.
Gisteravond, hebben we een ballonvaart gemaakt
met de firma Ad Ballon.
De vaart ging van Terheijden naar Ulicoten en recht over
het centrum van Breda waar het Jazz festival in volle gang was.
Natuurlijk heb ik wat foto’s gemaakt.

Trailer met de mand, ventilator en ballon, voor vertrek.

Ad Ballon op bestemming in Terheijden. Bergen/Poolse Dreef.

Met een aantal mensen de mand van de trailer tillen.

Het frame met de branders wordt in elkaar gezet.

Vervolgens wordt het frame op de mand geplaatst.

In deze zak zit de ballon.

Die ballon moet eerst uitgerold worden.

De piloot controleert intussen de branders.

Vanuit de mand geeft de piloot de laatste instructies aan de passagiers.

De mand moet nu gekanteld worden.

Dan kan de ballon makkelijker aan de mand bevestigd worden.

De jongste leden van de crew.

De mond van de ballon. Vandaar uit moet de ballon ‘opgeblazen’ worden.

De ballon is enorm.


En nog een stukje verder.

Nu nog opblazen. Eerst met koude lucht en die wordt vervolgens verwarmd.


Dat opblazen gebeurt met een ventilator.


Een ventilator met verschillende standen.

Eerst de koude lucht.


Dit is dan de binnenkant van de ballon.

De passagiers kunnen instappen.

Nog even tegenhouden. Het opwarmen van de lucht is begonnen.

Al snel is de ballon al bijna los. Ik ben nog gauw ingestapt.

Nog wat bijwarmen. Er staat dan nog wat wind en we moeten snel omhoog.

We zijn los.

De brug bij Terheijden.

De schaatsbaan aan de Terheijdenseweg.

De ondergaande zon.

In de verte ligt de Koepel gevangenis.

Het station dat nog volop in aanbouw is.

Breda in de verte.

Het NAC-stadion.

Zomaar wat stukken weiland.

En een wijk in Breda Noord.

De KMA en de Spiegeltent op het Kasteelplein. De spiegeltent staat er ter gelegenheid van het jazzfestival.

De Nieuwe Haven.

De Grote Kerk van Breda.

Recht boven het nieuwe NS station van Breda.

De Grote Markt met mensen en muziek.

De Grote Kerk en de Havermarkt. Ook daar optredens van jazzmuzikanten.

Het Kasteelplein met de Spiegeltent.

Het Chassetheater en het Chassepark.

De Watertoren in het Wilhelminapark.

De Koepelgevangenis.

De Poort van Breda.

De fontein in het Valkenberg.

Het Kasteelplein.

Kwart voor negen.

Het Begijnhof.

Chassetheater.

Chassepark.

De Sacramentskerk.

De Laurentiuskerk in het Ginneken.

Het Markdal.

Restaurant Wolfslaar.

Maar de boer, hij ploegde voort.

Uitstappen!

De ballon wat organiseren en ‘opvouwen’.


Inpakken en wegwezen.

Even nog de laatste lucht uit de ballon persen.

Mijn vaarbewijs.
De uit Breda afkomstige Petrus van Schendel heeft een uitzonderlijk schilderstalent. Hij zal uitgroeien tot een van Nederlands best betaalde schilders uit de negentiende eeuw. Bredax92s Museum exposeert voor het eerst een overzicht van zijn oeuvre. Bruiklenen komen uit heel Europa, want Van Schendel had in zijn tijd een internationale reputatie.

Petrus van Schendel komt op 21 april 1806 in Terheijden ter wereld. Na de dood van vader Gijsbertus gaat moeder Geertruida Brocx naar Breda waar de jonge Petrus al snel een uitzonderlijk tekentalent etaleert dat wordt ontdekt door een gepensioneerde Bredase officier. Maar wil je als Brabander in het begin van de negentiende eeuw gedegen kunstonderwijs volgen, dan moet je de provincie uit. Daarom vertrekt de jonge Petrus in 1822 naar Antwerpen. De academie daar is ideaal: dichtbij, het onderwijs is gratis en je kunt er, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Brussel of Luik, zowel met de Nederlandse als de Franse taal terecht.Ook Van Schendels stadgenoten, de schilders Willem Reinhardt Kleyn, Jacobus Huysmans en zijn zoon Constantinus Huysmans bezoeken de Antwerpse academie.
Weg uit Brabant
Na zijn studie stort Van Schendel zich volledig op de schilderkunst. Hij is zeer ambitieus en wil snel carrixe8re maken. Hoewel hij commercieel talent heeft, vinden zijn werken aanvankelijk weinig aftrek. Hij wordt er wanhopig van en zoekt heil bij de Haagse kunsthandelaar Johannes Immerzeel. Deze ziet er wel brood in, maar wil voor een dubbeltje op de eerste rang zitten. Wegens voortdurend geldgebrek is Van Schendel gedwongen zijn schilderijen ver onder de vraagprijs te verkopen. Hij accepteert overigens niet alles. Als Immerzeel opmerkingen maakt over fouten in het perspectief wijst Van Schendel hem terecht met de opmerking dat hij in 1828 op de academie een gouden medaille voor doorzichtkunde (perspectief) heeft ontvangen. De jonge Van Schendel blijft overtuigd van zijn kwaliteit en voorspelt Immerzeel dat zijn werk in de toekomst veel geld gaat opleveren. En hij krijgt gelijk, al tijdens zijn leven. Tussen 1858 en 1872 zal Van Schendel, samen met onder andere Jozef Israxebls, Diederik Jamin en Philip Sadxe9e, tot de best betaalde schilders van Nederland behoren.
Om door te dringen tot het kunstcircuit ziet Van Schendel zich genoodzaakt de provincie te verlaten. Maar hij verliest Brabant niet uit het oog. Hij exposeert in 1845 en 1863 in Breda en de parochiekerk van Terheijden schenkt hij het werk ‘Nachtbezoek van de H. Paulus aan de H. Antonius’.
Vanaf 1830 woont hij achtereenvolgens in Amsterdam, Rotterdam en in Den Haag. In 1845 vestigt hij zich met zijn gezin definitief in Brussel. Op dat moment heeft deze stad een grote internationale uitstraling.
Monsier Chandelle en zijn marktgezichten bij avond
In Brussel gaat het beter. Van Schendels atelier in Brussel bestaat uit twee kamers: een helverlicht vertrek voor het eigenlijke schilderwerk en een ruimte die hij kan verduisteren en kunstmatig belichten.
Van Schendel verwerft internationale roem als fijnschilder van kaars- en lamplichttaferelen. Dit in zijn tijd zeer gewaardeerd genre zal hij zijn hele leven trouw blijven. Ook Johannes Rosierse en Petrus Kiers, de Bredanaars Wilhelmus Kerremans en Andreas Vermeulen alsmede de Bosschenaren Jan Hendrik Grootvelt en Thomas van Leent zijn belangrijke vertegenwoordigers van deze stroming. Het kaarslicht wordt zijn handelsmerk en levert hem in Belgixeb en Frankrijk de bijnaam x91Monsieur Chandellex92 op. Ook noviteiten op het gebied van kunstlicht, zoals de elektrische booglamp, neemt hij in zijn werk op.
Het loont Van Schendels schilderijen lang te bekijken. Alleen zo zie je de fabelachtige wijze waarop hij kleding, personen en voorwerpen weergeeft. Zelfs in de donkere partijen ontdek je van alles. De lichtval klopt altijd. Van het felle schijnsel van de kaarsvlam tot het meest subtiele restje licht.
Het schilderij x91Jaarmarkt op de Grote Markt van Bredax92 is een realistische weergave van deze tweejaarlijkse markt zoals die in de negentiende eeuw in Breda werd gehouden. De stad heeft nog weinig winkels en de jaarmarkt is de gelegenheid voor aankopen en ontmoeting. We zien de plaatselijke bevolking in klederdracht, maar ook een muzikant uit Tirol waarvan we weten dat die op de jaarmarkten actief waren. Ook de Bredase Grote Markt met de huizen en de kerk op de achtergrond, is zeer natuurgetrouw weergegeven. Overigens is dit realisme in Van Schendels werk uitzonderlijk. Veel vaker maakt hij van zijn marktgezichten composities waarin hij elementen van verschillende herkomst tot een romantisch geheel combineert of waarin zijn figuren veel meer lijken te poseren. Voorbeeld daarvan is ‘De vogelverkoper in de Wagenstraat in Den Haag’ uit 1844, een schilderij dat koningin Victoria in 1845 kocht als verjaardagsgeschenk voor prins Albert en nu als bruikleen van de Royal Collection op de tentoonstelling te zien zal zijn.
Industrixeble revolutie
Breda’s Museum weet in 2008 de hand te leggen op een ander belangrijk schilderij van Van Schendel. Met steun van de Vereniging Rembrandt koopt het museum een werk waar de Engelse uitvinder van de stoommachine, James Watt, op is afgebeeld.
Wie zien de vijftienjarige Watt een haardtang tegen de tuit van een kokende waterketel houden waarbij hij de kracht van stoom ontdekt. Van Schendel legt het eureka-moment vast dat het begin inluidt van een nieuw tijdperk.
Van Schendel onderscheidt zich zelf ook als uitvinder op werktuigkundig gebied. In 1841 wordt hem een octrooi verleend voor zijn uitvinding tot verbetering van de schepraderen van stoomvaartuigen. Ook publiceert hij technische oplossingen ten behoeve van de droogmaking van de Haarlemmermeer. Veel erkenning voor de uitvindingen komt er echter niet. Hij spoort zijn zoon Thxe9odore aan een ingenieursstudie te volgen, in de hoop dat hij het met een goede achtergrond wel zal redden. En het feit dat hij deze Thxe9odore liet poseren voor de figuur van James Watt heeft daar waarschijnlijk alles mee te maken.

Meester van het perspectief
Techniek is een belangrijk aspect in de schilderkunst van Van Schendel. Hij ontwikkelt een methode om met behulp van wiskundige berekeningen te bepalen waar en hoe groot figuren in een tafereel moeten worden geplaatst. In de tentoonstelling zien we de methode terug in vele bewaard gebleven voorstudies: eigenlijk technische tekeningen voor zijn composities. In 1861 verschijnt de methode in boekvorm.
Zijn faam als kaarslichtschilder staat een bredere erkenning van andere facetten van zijn oeuvre een beetje in de weg. Op de tentoonstelling zijn ook mooie landschappen en portretten van zijn hand te zien. Kunstcritici verwijten hem teveel eenvormigheid met zijn markten bij kaarslicht. Daar hebben ze wel gelijk in, maar het neemt niet weg dat de schilder in dit genre zijn allermooiste stukken heeft gemaakt.
Petrus van Schendel sterft 28 december 1870 in Brussel, nadat hij drie maal in het huwelijk is getreden en twee vrouwen en menige zoon en dochter heeft overleefd. Op zijn laatste zelfportret schildert hij zichzelf met een stapeltje boeken. Op zijn revers zien we de Belgische koninklijke onderscheiding, die hij ontvangt nadat hij dit portret heeft voltooid. Van Schendel heeft die onderscheiding er dan ook later bij geschilderd. Tekenend voor zijn zucht naar erkenning als technisch begaafd kunstenaar en de wetenschappelijke aanpak die hij daarbij aan de dag legde.