Palmzondag

Dit weekend is het Palmzondag, het begin van de Goede week.
De week begint met de geslaagde intocht van Christus in Jeruzalem
en eindigd met het lijden op Goede Vrijdag en de opstanding op Pasen.
Toevallig (?) kwam ik twee kunstwerken vanochtend tegen tijdens mijn zoektocht)
die op genoemde thema’s betrekking hebben:

De Intocht in Jeruzalem, Entry into Jerusalem, circa 1400, gold and tempera on gesso on wood panel.

Michelangelo Merisi da Caravaggio, called Caravaggio, Ecce Homo (Behold the man), circa 1605, oil on canvas.

Sokkel in huis gehaald

Het heeft even geduurd maar het is eindelijk zo ver.
Een tijd terug hadden we het idee opgevat
een schaal met planten op een sokkel in de woonkamer te plaatsen.
We zijn er voor op een aantal plaatsen geweest.
In Breda en ver buiten de stad.
Hebben veel zuilen en sokkels gezien.
Bij kunstenaars, standbouwers, webwinkels, bloemisten, woonwinkels en tuincentra.
Met zeer uiteenlopende prijzen voor keramische schalen, stenen zuilen, hoge tafels
en zuilen van tropische houtsoorten.
Uiteindelijk zijn we geeindigd met een schaal gemaakt in een ontwikkelingsland,
een aantal hertshoorns en een sokkel uit een tuincentrum.
We zijn blij met het resultaat. Oordeel zelf:

Kunstvaria

Het was al weer even geleden.
De laatse Kunstvaria.
Hoog tijd dus voor een volgende editie.
Geniet!

Anita Klein, Angel with stars, linocut.


Camille Pissarro, The hay-makers, 1884, gouache and watercolor.


Domenico Giudi, Terracotta portrait bust of Saint Paul, circa 1660.


Domenico Giudi, Terracotta portrait bust of Saint Peter, circa 1660.


Edvard Munch, Street in Asgarstrand, 1901.


Edward Hopper, Lighthouse Hill, 1927, oil on canvas.


Gilt-bronze cloisonne enamel tiger waterpot and cover, Qianlong period (1735 – 1796).


J. M. W. Turner, Venice: the Bridge Of Sighs, 1840.


Kaarina Kaikkonen, Just a whisper of wind, 2011, shirts.


Marc Chagall, Blue Circus, 1950 – 1952, oil on canvas.


Martin Lewis, Dock workers under the Brooklyn Bridge, circa 1916 – 1918, aquatint and etching.


Nickolas Muray, Gloria Swanson, circa, 1925, gelatin silver print.


Pablo Picasso, Flower vase on table, 1942.


Roberto Almagno, Memoria, 1997 – 2000.


Rufino Tamayo, Watermelon slices, 1950.


Vincent van Gogh, Roses, 1890.


Gelezen

Ik kende de auteur (P. Otie) en tekenaar (Li Kunwu) niet.
Het onderwerp spreekt me erg aan dus daarom was ik erg nieuwsgierig.
Beide boeken heb ik nu gelezen, met erg veel plezier.
Ze geven een beeld van een tijd in China die voor Westerlingen
altijd vreemd, abstract en onbekend is gebleven, met
de Bende van Vier, de Culturele Revolutie, Mao, Deng Xiaoping,
Taiwan, de Grote Sprong Voorwaards enz.
Mooi getekend.

Heren van de thee

Het is deze week Boekenweek, dus een korte ‘boekbespreking’ is op zijn plaats.
Na het overlijden van Hella Haase besloot ik haar ‘grote roman’ te lezen.
Wat me meteen opviel was dat het boek en de titel op gespannen voet leven.
De titel creerde bij mij een beeld van een soort heldhaftige avonturenroman.
Maar ‘Heren van de thee’ is een soort familieroman waar de traditionele rollen
van man en vrouw aan de orde worden gesteld.
De roman speelt in Indonesie en gaat over een oer-Nederlandse familie
met ambities. Koloniale ambities.
Handelsgeest gaan hierin samen met gedreven inzet, traditionele rollen, liefde
en geld, uiteindelijk veel geld.
Het taalgebruik van Hella Hasse is mooi.
Prachtig zijn de landschapsbeschrijvingen.
Het vertelt de geschiedenis van ons koloniaal verleden vanuit het perspectief
van de hardwerkende koloniaal. Niet vanuit een ambtenaar bijvoorbeeld.
De vorm van de roman, met name in het tweede deel is mooi.
Afwisselend lange hoofdstukken en korte briefjes, gedachten, verslagen
van gebeurtenissen.
Geen grote roman in de zin van Mulisch met complexe structuren, driedubbele bodems
en literaire verwijzingen (Hoewel Multatuli een bijrol heeft).
Maar een meeslepende roman van gewone mensen in bijzondere omstandigheden
met oer-Hollandse conventies die een gevangenis blijken te kunnen worden.

Design zonder verpakking

In Breda is een wedstrijd uitgeschreven om een product te ontwerpen
met als extra uitdaging om er zo weinig mogelijk
verpakkingsmateriaal bij te gebruiken.
Het gaat dus om een ontwerp voor een commercieel product.
Het moet mooi, praktisch en verkoopbaar zijn bij laten we maar zeggen Ikea.
Als voorbeeld werd een product van David Graas gebruikt.
Ik had het nooit eerder gezien maar ik vind het een geweldig idee.
Een lamp waarvan de doos waarin het product verpakt zit
tegelijk de lampekap is.

David Graas, Not a box (Dit is geen doos).

Ai WeiWei

Ai WeiWei (met twee hoofdletters W is leuker).
Deel twee van mijn serie foto’s van de tentoonstelling in de Pont.

Ai WeiWei, Grapes, 2010.

Ai WeiWei, 5000 kilo sunflower seeds, 2010.

Sunflower Seeds bestaat uit miljoenen kleine beeldjes, ogenschijnlijk identiek, maar stuk voor stuk met de hand gevormd en beschilderd. Dit zijn twee kleinere versies van het werk waarmee Ai, toen hij het in 2010 voor het eerst toonde in Tate Modern, beroemd werd bij het grote publiek. De zonnepitten hebben meerdere betekenissen voor het Chinese volk. Ze dienen niet alleen als voedsel, maar hadden tijdens de culturele revolutie ook een symbolische lading. Nadat Mao Zedong zich de zon als persoonlijk symbool had toegexebigend, werd het Chinese volk vergeleken met zonnebloemen, die vol bewondering opkeken naar de grote roerganger. De duizenden zaden, die op de tentoonstelling versmelten tot een grijs tapijt, zijn echter van porselein. Dat gegeven roept nog een beeld op: dat van 1600 arbeiders in Jingdezhen, de porseleinhoofdstad van China, die een jaar lang elk van de miljoenen vormpjes hebben genomen en er met een paar grijze penseellijntjes zonnebloempitten van hebben gemaakt.

Ai WeiWei, 5000 kilo sunflower seeds, 2010.

Ai WeiWei, 5000 kilo sunflower seeds, 2010.

Ai WeiWei, Rock, 2009 – 2010.

Ai WeiWei, Rock, 2009 – 2010.

Ai WeiWei, Tree, 2009 – 2010.

De catalogus schrijft hierover een mooi verhaal over materie en vorm.
Hierbij gaat hij terug op een idee van Aristotelis over materie (grondstof)
en vorm (een ding). Een vorm bestaat altijd uit materie.
De vorm is belangrijker dan materie. immers materie heeft slechts potentie
(heeft de mogelijkheid iets te worden) terwijl een vorm actualiteit heeft (er is).
Hier is het materiaal van dode bomen gebruikt als bouwstenen om
de vorm ‘boom’ te maken.
Iets wat eens een vorm had (de boom voor zijn sterven) is nu tot materie geworden
omxa0dan weer gebruikt te worden een vorm te maken.
Echter iedereen die naar de boom kijkt, ziet en weet dat het geen boom is.
Op zijn best lijkt het op een boom.

Ai WeiWei, Forever, 2003.

Ai WeiWei, Forever, 2003 (From the inside / Van binnen uit gezien).

Ai WeiWei, Grapes, 2010.

In De Pont staan ook altijd werken van andere kunstenaars naast
en door de speciale tentoonstelling.
Hier nog een paar werken die hier niet eerder te zien waren:

Paul Panhuyzen, Eight double sodukos, 2010.

Paul Panhuyzen, Sudokus, 2011.

Jan Dibbets, Four windows, 1991.

Thomas Schutte, Grosse geister, 1997.

Guido Geelen, Zonder titel, 1995.

Als een Chinees landschap op een wandschildering, met koeien en een herder.

Marlene Dumas, Black drawings, 1991 – 1992.

Ai WeiWei: mijn foto's

Gisteren dus op bezoek geweest bij De Pont in Tilburg.
Dit is een prachtige tentoonstellingsruimte
en het was er erg druk.
Ik was vroeg gegaan dus de grote drukte ben ik een beetje voor gebleven.

Een groot deel van het werk van Ai weiWei bestaat uit videofilms.
Zo heeft hij een aantal films gemaakt die Beijing als onderwerp hebben.
De methode die hij hanteert lijkt steeds veel op elkaar
en lijkt eenvoudig:
je filmt steeds voor 1 minuut op een bepaalde plaats en je herhaalt dit.
Beijing is een enorme stad die een aantal ringwegen kent.
Het is er zo groot dat je onmogelijk de hele stad kunt kennen.
Hoe kan dat dan toch jouw stad zijn.
Ik vonds dat een interessant probleem toen ik er eens was voor drie dagen.
Ai Weiwei maakt gebruik van de infrastructuur van de ringwegen
omk een aantal films te maken.
Zo heeft iedere ringweg een aantal viaducten.
Op ieder viaduct filmt hij 1 minuut lang het verkeer in beide richtingen.
Twee minuten film per viaduct dus.

Beijing: The second Ring / De tweede ring, 2005, video, 66 minuten.

 

De video documenteert de twee tegengestelde verkeersstromen op de 66 bruggen in de Tweede Ringweg rond Beijing. Op elke brug heeft de kunstenaar steeds een minuut gefilmd in elk van de twee richtingen. Het totale werk bestaat dus uit 66 delen die werden opgenomen tussen 14 januari en 11 februari 2005.

De ringen zijn een belangrijk onderdeel van de stedelijke infrastructuur van Beijing en bepalen de ruimtelijke organisatie van de stad. Net als in het werk over de Changx92an Boulevard, zijn de opnamen zo simpel mogelijk gehouden, met een focus op de pure observatie en het verstrijken van de tijd.

Die video is dus niet zo spannend. Er een uur naar gaan kijken is veel gevraagd. Zeker omdat er zo misschien wel 5 of 6 werken te zien zijn. Een video die mijn aandacht meer trok is zijn productie voor de tentoonstelling in Kassel: Fairytale.

Naast de maatschappelijk betrokken films maakt hij ook politieke films.
Die worden door het huidige regime in China niet in dank afgenomen.

Ai WeiWei, Fountain of light, 2007.

Het weer was gister in het begin van de middag ideaal:blauwe lucht en zon.

Morgen het vervolg.

Ai WeiWei in De Pont

Bij de tentoonstelling van Ai WeiWei in De Pont in Tilburg
is via de website van De Pont een catalogus te downloaden.
De charismatische Ai WeiWei staat met een portretfoto op de omslag.

De man weet heel goed hoe hij met de moderne media moet omgaan.
Daar is niets mis mee. Het maakt hem effectiever dan andere.
In de catalogus worden een aantal werken van hem besproken
vergezeld van afbeeldingen.
Die herhalen wij natuurlijk hier.
De catalogus kwam tot stand in een samenwerkingsverband
tussen het Louisiana Museum of Modern Art en De Pont.

De tentoonstelling probeert de diversiteit van de vormen
die Ai WeiWei gebruikt te laten zien, en
ook de verschillende boodschappen die hij heeft.
Een deel van die boodschappen zijn direct gericht
tegen het huidige Communistische regime in China
maar andere werken zijn in het geheel niet politiek,
maar sociaal en maatschappelijk betrokken.

De catalogus is Engeltalig.
Dat is jammer want hij is daardoor niet voor iedereen toegankelijk.
De werken in de catalogus zijn:

Ai WeiWei, Hanging man in porcelein, 2009.

Dit werk, waarin de contouren van het gelaat van Marcel Duchamps
te herkennen zijn, is een eerbetoon aan een van zijn inspirators.

Ai WeiWei, Forever, 2003.

‘Forever’ is het merk van de fietsen die gebruikt zijn voor dit werk.
Fietsframes die gebruikt worden als een soort ready-made.

In navolging van of kritiek op Vladimir Tatlin maakte Ai WeiWei dit werk.
De Russische architect/ontwerper Tatlin ontwierp een gebouw van wel 400 meter hoog.
Het zou de zetel worden van de Communistische Internationale.
In de jaren ’20 van de vorige eeuw, kort na de Russische revolutie
stond het geloof in eigen kunnen in Rusland bij sommige op de maximale stand.
Dit gebouw zou gemaakr worden van moderne materialen: staal, glas enz.
Het moest groter en dynamischer zijn dan de Eifeltoren, dat Westers synbool van moderniteit.
Ai Weiwei maakt een soort replica. in plaats van glas gebruikt hij kristallen
die je doet denken aan protserige kroonluchters en Westerse weelde.

Ontwerp van de toren van Tatlin.

Ai WeiWei, Rock, 2009 – 2010.

Ai WeiWei, Tree, 2009 – 2010.

In de volgende blog volgen de foto’s die ik vandaag gemaakt heb.

Het schip vordert snel

Het gaat hier om een model, zoals de foto toont. De onderdelen worden nu nog met een koord op z’n plaats gehouden. Maar na het schilderen kan er gelijmd worden. Dit is overigens het werk en de hobby van mijn vader.

Zaak is er voor te zorgen dat de spanten een mooie vloeiende lijn vormen zodat als de buitenkant er op bevestigd wordt dit een mooi egaal beeld oplevert.Het schip is de Santa Ana, 1784, Navio Espanol de primera linea.

What's Up

Vorige week zondag ben ik naar het Dordrechts Museum geweest.
Daar loopt de tentoonstelling What’s Up.
Deze tentoonstelling probeert een overzicht te geven
van de huidige (jongste) Nederlandse schilderkunst.
Of zoals in de inleiding wordt gesteld:
“Hoe kun je nog een schilderij maken na alles wat er geschildert is?”
Men hanteerde drie regels:
= ‘Jongste’ betekent dat de deelnemers na de eeuwwisseling moeten zijn gedebuteerd
met een solotentoonstelling in een galerie, een museum of een andere kunstruimte
van landelijke betekenis. Toekenning van belangrijke kunstprijzen en beurzen tellen mee;
= ‘Nederlandse’ betekent dat de kunstenaar in Nederland woont en werkt of
dat de kunstenaar uit Nederland afkomstig is;
= ‘Schilderkunst’ betekent dat in het oeuvre van de kunstenaar schilderen centraal staat.

De eerste kennismaking met een lege Dordrechtse binnenstad was niet zo positief. Het weer zat niet mee. Het was koud en het regende een beetje. Triest weer. Deze gevel geeft dat gevoel goed weer.

Maar er is veel te zien in Dordreacht. Dit detail van een willekeurige voordeur staat daar in deze blog symbool voor.

Het Dordrechts Museum heeft overigens een mooie collectie. Die wordt op dit moment bijvoorbeeld aangevuld door een prachtige Rembrandt. Dit werk past prima bij een school van Dordtse schilders die schilderden in de stijl van Rembrandt.

Zoals u gewend bent van mijn weblog zal ik via een serie foto’s en middels mijn eigen keuze een beeld geven van de tentoonstelling.

Gijs Frieling, Detail van ‘Nous sommes les deux plus grands’, 2011, caseineverf op doek, de schilder Henri Rousseau zegt dit tegen Pablo Picasso.

Pere Llobera, El Pedo, 2009, olieverf op doek.

Pim Blokker, Crossroads, 2011, olieverf op doek.

Kim van Norren, There is no decent place to stand in a massacre, 2009, acryl op doek.

Deze tekst (Er is geen fatsoenlijke plaats om te gaan staan in een massaslachting)
sprak me extra aan in het licht van de gebeurtenissien in Homs.
Overigens is dit een citaat uit een songtekst van Leonard Cohen.

Malin Persson, Clear water/broken surface, 2010, inkt en olieverf op doek.

Arjan van Helmond, The Letter, 2011, gouache, acryl en inkt op papier.

Arjan van Helmond, Window #11, 2011, gouache en acryl op papier.

Koen Delaere, Zonder titel, 2011, olieverf, acryl en spray paint op doek.

Koen Delaere, Untitled, 2008, olieverf en spray paint op doek.

Traditie

 

Het is moeilijk om op de afzonderlijke kunstenaars een gezamenlijk etiket te plakken, maar er zijn gemeenschappelijke kenmerken. Het tonen van een persoonlijke wereld staat centraal.

 

De kunstenaars willen emoties, herinneringen, verlangens en verwondering delen met de beschouwer. Ook het experimenteren met vorm en materialen hebben ze gemeen. Naast verf en penseel gebruiken ze vaak moderne media.

 

Hoe kun je nog een schilderij maken na alles wat er al geschilderd is? Die vraag speelt in de schilderkunst van nu een grote rol. Deze generatie beseft dat ze in een lange artistieke traditie staat. De kunst van het verleden wordt niet gezien als last, juist als een rijke bron van beelden en ideexebn. Geforceerd op zoek gaan naar vernieuwing is geen issue meer. Een van de kunstenaars, Koen Delaere verwoordt het als volgt: x91Je mag het best eens eerder gezien hebben, maar waar het werkelijk om draait is dat je er niet meer om heen kunt.x92

Bij de tentoonstelling is naast een mooie catalogus een krant beschikbaar. Daarin geven alle kunstenaars aan wie hun grote voorbeeld is, in welke traditie ze staan.

Ziggo probeert recht te praten wat krom is

Plaatje van een e-mail van Ziggo.

Ziggo houdt ‘The Pirate Bay’ van het internet.
Dat lijkt me geen goed idee.
Ik ben nog nooit op die website geweest.
De discussie zou in Nederland ook niet moeten gaan The Pirate Bay.
Maar over het feit dat Ziggo niet de internetpolitie is.

Juist die rol meten ze zich wel aan.
Zij beslissen blijkbaar wat ik wel en niet mag zien.
Dat heet censuur.
Censuur hoort niet thuis in een democratie,
dat is voor een bananenrepubliek.

Ze vinden wel dat ik naar Fox moet kijken
en dat hoort ook al thuis in een bananenrepubliek.