Vanochtend heb ik de schenkelcirkel afgerond.
Vervolgens heb ik nog een schenkelberg in beeld gebracht. Waar gaat dat eindigen?
Een tijdje terug zag ik dat er een boek werd
aangeboden in kleine oplage gemaakt met een risograph.
Bovendien ging het om de tekst van Lewis Carroll en is
het geïllustreerd door een 12-tal Haagse kunstenaars.
Niet iedereen zal meteen weten wat een risograph is
en hoe je werk kunt herkennen dat met dat apparaat gemaakt is.
Alice’s Adventures in Wonderland kende ik wel van de titel
maar gelezen had ik het nog nooit. Daar was nu dus
een goede kans voor.
Stencilwerck – artist run Riso-print room and publishing house. Stencilwerck is de uitgever en maker van het boek in een oplage van 200 exemplaren.
Als je drukwerk ziet dat met een risograph is gemaakt dan herken je het meteen. Maar een Nederlandstalige Wikipediapagina is er nog niet.
Wat is riso?
Riso printing (of risograph printing) is een druktechniek die oorspronkelijk uit Japan komt. Het is een combinatie van fotokopiëren en zeefdrukken, maar het proces is wel een stuk sneller en goedkoper dan zeefdrukken. Hierdoor is het ook een ideale techniek om posters, folders of ansichtkaarten in kleine oplages te drukken. Nog een voordeel: riso printing is een duurzaam proces, omdat er nauwelijks warmte vrijkomt en er weinig energie bij wordt gebruikt. Bovendien is de inkt gemaakt van sojabonen.
De risograph machine is een soort stencil-duplicator. Hij print één kleur per keer, in heldere, felle en semi-transparante kleuren, gebaseerd op een sjabloon dat met de computer gemaakt is. Wil je meerdere kleuren, dan moet je het papier dus meerdere keren door de machine laten gaan. Omdat de tinten licht transparant zijn, ontstaat op plekken waar de kleuren overlappen een nieuwe kleur. De kunst is om hiermee te spelen en op die manier beelden te creëren. Het leuke van het resultaat is dat het nooit helemaal hetzelfde is: de imperfecties maken riso printing tot wat het is.
‘Down the Rabbit-Hole’ is niet alleen een festival maar ook een hoofdstuk in het fantastische verhaal van Lewis Carroll. Fantastisch in meerdere opzichten: met heel veel fantasie, soms surrealistisch, diepzinnig en dan weer echt met de gedachten van een kind. Dit is de manier waarop Annemarie Slobbe ‘Down the Rabbit-Hole’ verbeeldt.
Marjolijn van der Meij roept een heel andere sfeer op met dezelfde gereedschappen.
Het boek is een avontuur vanwege de schitterende tekst maar de illustraties doen ook een duit in het zakje: Cedric ter Bals.
Om je vingers bij af te likken, Jordan Herregraven.
Niels Janssen. Deze afbeelding beslaat eigenlijk twee volledige pagina’s dus dit is er maar een deel van.
Lewis Carroll, pseudoniem van Charles Lutwidge Dodgson, (Daresbury, 27 januari 1832 — Guildford, 14 januari 1898) was een Engelse diaken (dus geen priester) in de Anglicaanse Kerk, wiskundige en logicus die vooral bekend is geworden door zijn kinderboeken. Hij was het derde kind en de oudste zoon in een gezin van elf kinderen. In januari 1851 vertrok hij naar Oxford waar hij in 1854 cum laude in de wiskunde afstudeerde aan Christ Church. Later werd hij daar lector, tot 1881. Hij stierf op 14 januari 1898 aan de gevolgen van een longontsteking in Guildford, waar hij ook begraven werd.
Zijn beroemdste werken zijn:
Alice’s Adventures in Wonderland (1865) (Nederlands: Alice in Wonderland)
Through the Looking-Glass (1872) (Nederlands: Door de spiegel)
The Hunting of the Snark (1876) (Nederlands: De jacht op de trek/strok/slaai)De illustraties van Sir John Tenniel bij de boeken zijn ook wereldberoemd geworden.
Het personage Alice is gebaseerd op Alice Liddell (1852-1934), een dochter van een collega-docent van hem aan de Universiteit van Oxford, Henry Liddell, in wiens gezin hij een huisvriend was.
Vermoedelijk heeft Stencilwerck nog wel een exemplaar
te koop van dit klassieke verhaal.
Mijn bericht van gisteren was naar aanleiding van dit artikel van Karin Cox in het blad van de Stichting Handboekbinden. Vandaag had ik de kans het verder af te werken.
In het artikel wordt gewerkt met leer.
Een heel mooi stuk leer zo te zien op de foto.
Maar dat had ik niet zo voorhanden dus heb ik een stuk
van een kunststof jasje gebruikt dat wel oogt als leer.
Omdat ik bang was dat het toch te soepel zou zijn
heb ik aan de binnenkant wat stevig papier geplakt.
Dat geeft dit beeld. Alleen de onderste driekwart is voorzien van papier. In drie stukken om het scharnieren niet te belemmeren. Ook de ponsgaten voor het elastieken koord zijn verstevigd. Hierdoor krijgt het boekje iets meer een rug dan zoals de werkbeschrijving aangeeft. Het koordje van elastisch materiaal heb ik dubbel genomen. De inhoud, het ingenaaide boekje, schuift straks tussen het koord en de groene buitenkant in en het koord blijft zitten in het midden van het boekje. Aan het boekje heb ik ook een leeslint bevestigd.
Daarnaast heeft de band van mij ook ronde hoeken
gekregen. Afgesneden met een mes rond een 0,20 eurocent stuk.
Hier zie je het leeslint in het midden van de inhoud. Ik heb het aan de bovenkant van het boekje vastgezet met een paar steken. De uiteinden van het leeslint smeer ik altijd een beetje in met lijm om eventueel uitrafelen tegen te gaan.
Dit is het uiteindelijke resultaat. Best leuk geworden!
Vandaag verder gegaan waar ik de vorige keer
gebleven was met het afdrukken van de linosnedes
die ik gemaakt had met behulp van een schenkel.
Dit is een probeersel. Of dit in het schenkelboekje komt weet ik nog niet. Ik gebruik het linomateriaal eigenlijk als stempel. Voor een lino moet je eigenlijk papier nemen dat dun is en van zich zelf een zuigende werking heeft. Dat geeft een egaler resultaat maar mij bevalt dit ook wel.
Met de eerste schenkel had ik ook een soort van schenkelmozaïek gemaakt. Gedwongen door de vorm van de pagina was dat een soort van ketting geworden. Nu ben ik niet zo gebonden aan een volledig ronde of ovale vorm. Het kleuren met kleurpotloden is heel rustgevend. Het zal wel even duren voor dit gereed is maar dat maakt niet uit.
Het blad van de Stichting Handboekbinden geeft iedere
keer weer veel ideeën voor nieuwe boeken of boekjes.
De uitgave die ik zondagochtend las heeft een leuke
beschrijving van een Midori-achtig dagboek.
Het is een naam van een fabrikant die ik niet ken,
dus die papagaai ik alleen maar na, maar het is een
boekje dat iedereen kan maken.
De beschrijving volg ik bijna helemaal alleen heb ik
geen elastische draad. De winkel waar ik zoiets zou
kopen was zondag gesloten.
Dus morgen nieuwe kansen.
Maar dat neemt niet weg dat ik de andere onderdelen al
vast bijeen gehaald, gesneden, genaaid, enz heb.
Het begint met een boekje dat bestaat uit 1 katern van 12 bladen papier. Ik nam blanco printerpapier (90 grams). Als omslag nam ik een vel papier bedrukt met een slangenhuid motief. Compleet met reliëf. Ik kocht er ooit drie vellen van maar heb ze tot nu toe nog niet gebruikt. Deze heb ik ingenaaid volgens de instructie.
De beschrijving gaat uit van een stuk leer. Dat is natuurlijk erg mooi. Zeker in de tijd. Het boekje zit zo in elkaar dat je eenvoudig na verloop van tijd een nieuwe inhoud in de boekband kunt stoppen. Maar ik heb een tijdje terug een kort jasje uit elkaar gehaald. Het is soort kunststof. Het voelt wel aan als leer. Is in ieder geval heel soepel. Daarom kies ik het voor deze binding. Ik heb bewust gezocht naar een stuk met de naad. Zoals je ziet krijgt mijn versie (de inhoud zit al tussen het leer) een flap die het boek straks afsluit.
Bij een jurk die eigenlijk weg kon (misschien ga ik de stof gebruiken voor een boekband) en die ik pas geleden kreeg, zat een soort van ceintuur. Leuk van kleur. Natuurlijk een beetje anders dan de elastiek die in de beschrijving wordt voorgesteld maar dit werkt denk ik ook. Misschien is de ceintuur wat aan de lange kant. Hij is 150 centimeter. Maar ik kijk nog of ik hiervan misschien ook het leeslint kan maken.
In het blad van de Stichting Handboekbinden staan nog
een paar leuke varianten die ik vast ook nog
een keer ga proberen.
Een goed idee om zelf te maken zo tegen het einde
van het jaar.
Als ik het morgen kan afronden volgen hier binnenkort
nog wat foto’s van dit boek.
Al eerder vertelde ik over mijn plan om een boek
te maken van papieren zakken.
Maar de foto’s die ik tot nu toe liet zien waren van
voorpanden van een blouse. Van textiel dus.
Maar de afgelopen weken/maanden heb ik papieren zakken
(en tassen en enveloppen) gespaard.
Een stapeltje groot genoeg om een boek te maken. Ze mogen een opdruk hebben. Dat maakt het resultaat wel zo leuk. Misschien bedruk ik de lege zakken zelf eerst nog. Maar de nadruk ligt eerst bij het uitwerken van een idee. Welk idee weet ik nog niet.
Al een tijdje loop ik rond met het idee
een boek te maken met papieren zakken als
boekblok.
De zakken verzamel ik al een tijdje.
Ik moet ze eens tellen.
Het aantal en de grootte, doen er niet zo toe.
Ik wil een manier vinden om dat te kunnen doen.
Idee is dan dat je iets in de zakken kunt bewaren.
Maar de eventuele bedrukking van de zakken
spelen natuurlijk ook een rol.
Een tijd terug kreeg ik van iemand een blouse die
een beetje kapot is maar met op ieder pand een zak met
een afsluitbare klep.
Één en één is drie: de voorpanden gaan de bekleding
van de boekband worden.
Als eerste actie ben ik de voorpanden
uit de blouse gaan halen. Een paar uur tornen.
Dit is het eerste pand dat ik deze week bijna helemaal had los getornd.
Beide panden zijn nu los. Het boordje van de nek is er al af. De boord met knoopsgaten en de knopen zijn er nog niet af. Daarvan moet nog blijken of ik dat kan gebruiken.
Afgelopen week ontving ik twee oproepen die te maken
hebben met Mooi Marginaal:
= de uitnodiging om Mooi Marginaal drukwerk gerealiseerd
in 2020 en 2021 in te zenden voor een beoordeling door een
vakjury
= de uitnodiging mijn ingebonden versie van het verslag
van de jury van de vorige editie in te sturen voor de
digitale tentoonstelling van Stichting Handboekbinden.
De jury van Mooi Marginaal beoordeelt het margedrukwerk
en brengt de 50 mooiste boeken samen in een boek.
Stichting Handboekbinden brengt een versie in losse
katernen uit en vraagt haar leden die in te binden en aan
iedereen te tonen.
Mijn versie was hier al te zien.
Even de herinnering ophalen:
Boekband is bekleed met een sjaal die een ‘ongelukje” had in de wasmachine en is afgewerkt met een stukje leer met daaraan het originele prijskaartje. Het stukje leer is een restje van een huid en kan worden gebruikt als boekenlegger.
Meedoen staat iedereen vrij!
Binnenkort is het weer zover.
Je kon het al lezen hier op mijn blog.
Op 6 en 7 november 2021 is het weer
BoekKunstBeurs in Leiden in de Pieterskerk.
Dan ben ik daar zeker een halve dag te vinden.
Voor nu hangt in ieder geval de poster
in mijn werkplaats.
BoekKunstBeurs in de Pieterskerk in Leiden. 6 – 7 november.
Het boek is nu ver gereed.
De kapitaalbandjes moeten nog afgemaakt worden
en op de rug van het boekblok worden gelijmd.
Dan ga ik de leren rug met valse ribben bevestigen.
Vervolgens kunnen de buitenste platten met de
originele afbeelding wordt gelijmd.
De meeste van die stappen zijn nu gedaan:
Dit geeft een beetje een idee waar ik naar toe werk. Maar hier zijn boekblok, kapitaalband en rug nog los van elkaar. Dat heb ik gisteren aangepast. Het met een stift markeringen op leer aanbrengen is geen goed idee. Ik moet nog eens navragen wat ik daar het best voor kan gebruiken.
Hier zie je dat het kapitaalband op de rug van het boekblok is gelijmd. Je ziet ook meteen het probleem dat ik niet meer opgelost heb: eigenlijk is de kapitaalband te breed of geven de platten onvoldoende ruimte om de kapitaalband te laten verzinken in de platten. De meeste mensen zullen dat niet zien als het boek gereed is maar dat is een punt dat beter kan.
Nog eens vanuit een ander perspectief. Ik ben wel blij met de blauwe kleur. Die heb ik op zicht gekozen en dat kan fout aflopen.
Toen het kapitaalband was bevestigd en de leren rug nogmaals gepast was, kon ik die daar waar nodig nog een beetje bijsnijden. Dan lijmen en aan het boek bevestigen. Vervolgens even in de boekenpers. Terwijl het boek in de boekenpers zat had ik tijd om te beginnen met het uit elkaar halen (tornen) van een blouse. Voor het volgende project.
Stap voor stap werk ik mijn lijstje af.
Een voor een de platten lijmen en voorzien van het laatste onderdeel van de platten. In het geval van de achterplat is dat een met papier bekleed stuk karton. In het geval van het voorplat is dat een vergelijkbaar stuk karton waar een rechthoek uit gesneden is ter grootte van de originele afbeelding van de voorkant van het boek. Het zo ontstane ‘raamwerk’ met de originele afbeelding is het voorplat.
Dat ziet er dan als volgt uit. De originele afbeelding is door mij nog wel even bespoten met vernis. Die afbeelding is niet helemaal schoon geworden maar de aanraking met water zorgde er al snel voor dat ook de kleuren verdwenen. Dat had ik ervaren bij de titel op de rug van de originele boekband. Om de afbeelding te beschermen tegen verdere vervuiling en tegen verlies van kleur is wat spuitvernis aangebracht. Deze kant was de laatste van de boekband. Er zit al keukenpapier in het boek om het vocht niet in het boekblok te laten trekken.
In de boekenpers en dan zien we na 24 of 48 uur het resultaat. Ik ben benieuwd.
Deze week liet men me ergens 30 minuten wachten zodat
ik tijd had om nog eens goed na te denken over wat ik nog
moet doen om mijn versie van ‘Vrolijke Vrienden’ af
te maken.
‘Vrolijke Vrienden’ is een boek voor de jeugd dat
in 1940 verscheen bij De Arbeiderspers en dat gemaakt
is door Jan Mens (tekst) en Bob Uschi (illustraties).
De aandachtige luisteraar ziet op de foto’s wel ergens
het lijstje liggen dat ik nu volg.
Het voorplat zal straks bestaan uit een kartonnen ‘raamwerk’, bekleed met papier, waar een deel van de originele voorkant van de boekband in gaat komen. Zowel de originele afbeelding als het ‘raamwerk’ zijn met de hand gesneden. Om de twee zo mooi mogelijk in elkaar te laten passen maar ik de binnenkant van het ‘raam’ en de buitenkant van de afbeelding donkerblauw. Blauw is de kleur die ik op veel plaatsen laat terugkomen.
Dit is de originele afbeelding van de boekband.
Het maken van de kapitaalband verliep niet zo als
ik wilde. Dus probeer ik iets anders. Kapitaalband kent
iedereen waarschijnlijk wel als het roof/witte bandje
dat aan de rugkant van een boek tegen het boekblok zit.
In middeleeuwse boeken was het kapitaalband onderdeel van
de constructie van het boek. Soms zelfs onderdeel van het
naaiwerk aan het boekblok. Tegenwoordig zitten ze alleen
ter versiering aan het boek.
In mijn geval, bij Vrolijke Vrienden, wil ik het kapitaalband
met de hand maken maar het gaat mij om het decoratieve aspect.
Ik maak het niet om de rug steviger te maken, te beschermen
bij het uit de boekenkast halen van het boek of tegen het stof.
Daarom maak ik het kapitaalband ook achteraf en los van het boek.
Dus misschien moet ik meer kijken naar de moderne manier
waarop kapitaalband wordt gemaakt en aangebracht, dan naar
de middeleeuwse manier.
Dus ik neem een stuk lint en daar plak ik dan een materiaal op zodat het een ronde verdikking aan het lint oplevert. Daar ga ik dan de zijde draad om wikkelen. Hier probeer ik dat nog te doen met een leren kern (die had ik toch al gemaakt.
Het leer wordt op het lint gelijmd en dat lint wordt een beetje opgerold.
Ik wikkel hier met dubbele draden zijde.
Zo gaat dat dan ongeveer op het boekblok komen. Maar ik vind het te dik en van iedere kleur ook te veel steken waardoor er maar weinig gekleurde blokjes op het boek komen. Daarnaast is wat ik hier uitprobeer veel te breed. Dat moet anders.
Nog een poging. Zelfde lint maar nu met daarin twee stukjes touw.
Dat levert een beter volume op maar met de dubbele draad is dat nog niet mooi.
Het algemene beeld is al wel beter.
De losse onderdelen (boekblok, rug en platten) liggen voor het raam van mijn werkplaats.
Lint beter op maat, de touwtjes liggen gereed en op het lint is aangegeven waar de verdikking gaat komen en waar de naalden met draad doorheen gestoken gaan worden.
Dit zijn de kernen voor mijn kapitaalband. De schuine hoekjes aan de bovenkant zijn er aan gesneden om zo weinig mogelijk dikte op te leveren in de boekband.
Nummer één is zo goed als gereed. Je ziet nu ook welke kleuren ik gebruik voor het kapitaalband. Morgen moeten die stukken kapitaalband op het boek belanden. Dan kan de rug en de buitenste platten bevestigd worden. Met de afbeelding op het voorplat zou het boek dan weer in de boekenpers kunnen om te drogen. Dan zou het boek bijna gereed moeten zijn.
Wordt vervolgd.
De afgelopen tijd ben ik ook bezig geweest met het
nadenken over en proberen te maken van kapitaalband.
Het is lang geleden dat ik dat een keer met
de hand zelf gemaakt heb.
Een eenvoudige kapitaalband is goed te doen voor iedereen.
Het begint met het kiezen of maken van de kern.
Je kunt je draad wikkelen om een strook papier of perkament,
maar ik probeer twee andere materialen uit:
vlas (touw) of leer.
Naast werken aan kapitaalband heb ik nog een paar stapjes
gezet om de rug en de platten af te maken.
Een smalle strook, vochtig gemaakt leer, laat zich prima oprollen waarna je dat kunt vastzetten op de hoek van iets (in mijn geval een stuk karton). Dan laat je het daar drogen.
De strengen zijde die ik heb komen uit een erfenis. Ik heb dus maar een beperkt kleurspectrum voorhanden. Sinds dat ik deze foto gemaakt heb, ben ik al op zoek geweest naar de kleuren die ik wil hebben. Die heb ik ook gekocht. Maar om te oefenen doen deze prima hun werk. Het touw heeft nogal wat rafels. Die krijg ik onder controle door met een beetje boekbinderslijm de buitenkant in te smeren. De kern is daardoor compacter en er steken straks geen verdwaalde vezels uit.
De leren kern voor een test kapitaalband is droog. Je kunt natuurlijk ook kapitaalband kopen. Immers voor de constructieve functie (bescherming tegen stof en bij elkaar houden van de rug bij gebruik) ga ik de band niet maken. Het is puur voor de sier. Maar ik heb nu meer keuze (kleur, grootte, volume, enz).
Op internet zijn veel filmpjes te vinden waarin uitgelegd wordt hoe je dit maakt. Groot verschil is dat de meeste filmpjes het tonen terwijl men een boek bij de hand heeft waarop het kapitaalband wordt gemaakt. Dit heb ik in de hand gemaakt en zonder hulpstuk is het resultaat dan slordiger dan wat mogelijk is. Dat denk ik toch. Dus ik denk nog na over een soort van statief van karton, hout of iets dergelijks, waar ik het op kan gaan maken.
Ik ga de leren, ronde rug met valse ribben bevestigen
op de eerste platten. Daar komen dan straks de
uiteindelijke platten op. Zodat het leer tussen de
platten vast komt te zitten.
Het hoogteverschil wat daardoor gaat ontstaan in de
buurt van de rugzijde van de platten, is te groot om
te negeren. Dat moet ik opvangen.
Hier zie je de leren rug rond de binnenste plat zitten. Het dunne blauwe karton komt tussen de twee platten aan de voor- en achterkant van het boek. De blauwe kleur zal als een smal lijntje
aan de kop, staart en voorkant van de platten te zien blijven. Constructief vangt het, het hoogteverschil dat door het leer ontstaat op (dat moet allemaal nog wel blijken maar dat is het idee).
Zo zal dan het eindresultaat er uit moeten gaan zien. Maar hier ligt alles nog los en dit is zoals de achterkant er uit kan gaan zien.
Eigenlijk wil ik de valse ribben proberen te versieren met een paar simpele blinddruk-lijntjes met de fileten die ik pas geleden kocht. Die wil ik dan afwerken met een beetje goudverf. Maar ik heb nog te veel vragen dus ik denk dat ik dat achterwege laat.
Wordt vervolgd.
Vandaag nog een bericht met dezelfde titel…..
Beetje verwarrend……
Ik hoop van niet. Bij het inbinden van een boek
komen verschillende activiteiten aan bod die
soms op het eerste gezicht nog niets met elkaar
te maken hebben.
Daar komen steeds andere vaardigheden, kennis en
ervaringen aan te pas.
Die probeer ik een beetje uit elkaar te houden.
Ik dit stukje gaat het over het experiment met paste paper
om te komen tot schutbladen voor het boek.
De schutbladen wilde ik in eenzelfde kleurtoon hebben
als de afbeelding op het originele boek.
Daarbij heb ik bij het voorste schutblad een andere
werkwijze gevolgd als bij het achterste.
Wel komen op beide schutbladen artikeltjes en advertenties
voor die ik op Delpher gevonden heb met de zinsnede
“Vrolijke vrienden”.
Dit wordt het schutblad dat achterin het boek het boekblok gaat verbinden met de boekband.
Hier zie je nog een keer beide schutbladen en de originele afbeelding van de boekband van 1940. Als de schutbladen eenmaal in het boek verwerkt worden kan je ze niet meer in één oogopslag zien. De schutbladen worden nu dubbel gevouwen (in de breedte) en vervolgens gelijmd op de gelukkig aanwezige maar blanco, originele schutbladen. Voor nu lijm ik ze eerst vast met een strookje lijm maar later vormen het blanco schutblad en het door mij gemaakte schutblad één geheel.
Hier is het achterste schutblad aangebracht op het boekblok. Je ziet dat het gaas en de bandjes nog steeds aan de buitenkant uitsteken. Het gaas ga ik later aan het nu zichtbare schutblad bevestigen. Het komt dan tussen het schutblad en het eerste achterplat te zitten. De schutbladen zijn groter dan het boekblok. Als beide schutbladen bevestigd zijn ga ik het boekblok schoonsnijden aan drie kanten. Voor de oplettende lezer: De bandjes zaten eerst binnen het gaas. Door een kleine insnijding in het gaas heb ik ze naar buiten gehaald. Ik wil het gaas en de bandjes op verschillende manieren met de boekband vervlechten.
Deze paste paper droodle wordt een boekenlegger speciaal voor Vrolijke vrienden. Ik heb de vorm wat bijgesneden en vervolgens is het papier geplakt op een stuk boekbinderslinnen, blauw boekbinderslinnen. Daarna is het in de boekenpers gegaan. Zal straks nog een keer het geheel bijsnijden.
Ook het eerste schutblad heb ik met een strook lijm bevestigd aan het boekblok. Na het vouwen van dit schutblad moest ik nog wat stukjes lijmen. Dit schutblad is erg dik, misschien te. Het bestaat uit een pagina krantenpapier, vlechtwerk van stroken dik papier en daarop de Delpher-fragmenten. Dus hier en daar 4 lagen. Dit geheel ligt nu onder bezwaar.
Aan de nieuwe boekband wil ik een leren, ronde rug maken.
Dat heb ik niet eerder gedaan.
Ik wil nu eerst met karton een ronde basis maken.
Straks daaroverheen het leer lijmen met valse ribben (ver-
dikking op de rug die suggereert dat op die plaats
de boekband gebonden is met touw of iets dergelijks)
Die ribben kan ik dan proberen te gebruiken om een
eerste decoratie met de fileten te maken.
Omdat de rug van het boekblok niet rondgezet is of gaat worden maak ik een losse rug. Om die rug te vormen heb ik eerst een ronde mal gemaakt voor de rug. Twee plankjes tegen elkaar gelijmd en die rond gemaakt met een schaaf en schuurpapier.
Nadat het ruggebord op maat is gesneden heb ik het onder water gehouden. Je voelt dan meteen dat het karton heel flexibel wordt. Na het te laten uitdruipen heb ik de kartonnen strook op de mal gelegd en toen vastgezet met touw.
Zo staat het nu te drogen. Ik hoop dat het touw er af kan vanmiddag zodat ik een eerste stap met de valse ribben en het leer kan zetten.
‘Oude boeken, nieuwe podia – Liber amicorum voor Marieke van Delft’
is de titel van een pas verschenen boek.
Daar wil ik even bij stilstaan.
Met zo’n boekband, en ik doe er nu ook weer aan mee,
roep je wel een beetje een stoffig beeld op.
Na het lezen van het boek ken ik het verhaal over
deze vijf controversiële zestiende-eeuwse boeken
helaas nog niet.
Maar het boek is niet stoffig.
Vijftig, vaak sprankelende stukken met mooie illustraties
heb ik kunnen lezen en bekijken.
Een van de artikelen in het boek gaat over
een bestseller uit 1480 (!).
Een boek geschreven door Gheraert Leeu.
Meer dan 100 fabels met mensen en dieren en een
hele serie afbeeldingen (niet in iedere uitgave
en niet altijd (helemaal) ingekleurd).
Dit betreft de illustratie bij dialoog 100:
Vanden leeu die een iagher was, Dyalogus C.
De afbeeldingen die ik hier toon komen uit het boek
in het bezit van de Koninklijke Bibliotheek.
Verhaal en afbeeldingen zijn vrij toegankelijk
op de website van DBNL.
Vanden hase doctoer inden rechten, Dyalogus Cv,
De onderwerpen die in Oude boeken, nieuwe podia aan
de orde komen beslaan allerlei onderwerpen.
Ik noem er een paar:
Natuurlijk gaan er artikelen over het STCN
(Short-Title Catalogue, Netherlands), een systematisch
overzicht van de boeken verschenen in Nederland tot 1800.
Marieke van Delft heeft een grote rol gespeeld bij het
ontstaan en de opbouw van dit overzicht.
Ook gaat een aantal artikelen over het gebruik
van internet in relatie tot het oude boek.
Vanden ezel ende den osse, Dyalogus hondert ende twalif.
(Beetje digitaal schoongemaakte door mij)
Maar er is meer:
= over het gebruik van Twitter door conservators
van de Koninklijke Bibliotheek;
= over Delpher;
= over arbeidsverhoudingen in drukkerijen;
= over perkamentmakers in de 17e eeuw;
= over teruggave van gestolen boeken na de Tweede Wereldoorlog;
= over het Archief (kastje) van Ledeboer;
= over de productie van een (toeristische) stadskaart;
= over e-boeken;
= over de boekenkast die Bijbel heet;
= over schutbladen;
Van veel beesten bi een vergadert, Dyalogus Cxx.
Wacht, er is nog meer:
= over boeken op schilderijen;
= over geborduurde boekbanden;
= over een moordonderzoek in 1747;
= over elektronische muziek;
= over de overgang van ANWB-route informatie naar TomTom;
= over het actief inzetten van digitaliseren;
en nog veel meer.

Een prachtig boek.
Nog wat opmerkingen naar aanleiding van het boek:
Om een van de artikelen heb ik toch hard moeten lachten.
Het gaat om ‘On digitising access’ door Adriaan van der Wael.
Het artikel probeert uit te leggen dat het publiek
beschikbaar maken van teksten via het internet nog niet
meteen betekent dat iedereen de tekst ook correct zal
begrijpen.
Dat is helemaal waar en ‘leesbaarheid’ van de tekst
is daarbij erg belangrijk.
Dat de tekst van Van der Wael bijna de enige is in
het boek zonder illustraties of tekeningen ter verduidelijking
van de tekst, vond ik grappig.
Het enthousiasme van de schrijvers voor het internet wil
nog niet zeggen dat ze al gerealiseerd hebben wat voor een leek
als mezelf nodig is om de wereld van het Oude boek te
kunnen begrijpen.
Veel van de sites ontsluiten slechts metadata over boeken:
naam van de schrijver, plaats van het boek, titel, drukker,
maker van de afbeeldingen, materiaal van boekblok,
materiaal van boekband, taal, jaar van uitgave enz.
Zoek maar eens via Google naar ‘id00159670’.
Je vindt geen plaatje van dit beroemde (!) boek.
Zoek je op ‘twispraec der creaturen’ dan vind je
onder andere een artikel op de site van de KB met
een populaire toelichting op dit boek met, jawel,
1 illustratie.
Pas daarna vind je de site van DBNL, waar de
afbeeldingen van dit bericht vandaan komen.
De websites waar je info over oude boeken kunt
vinden zijn vaak niet geschikt voor mobiele devices.
Al met al is er nog een lange weg te gaan.
Neemt niet weg dat ik ‘Oude boeken , nieuwe podia’
met heel veel plezier gelezen heb.
Maar wat zou nou toch het verhaal zijn achter de
vijf controversiële zestiende-eeuwse boeken?
Vanmorgen verder gegaan met de schutblad experimenten.
Hier heb ik veel minder en een dunnere lijm gebruikt en het lijkt erop dat dan de vormen beter blijven ‘staan’. Maar de kleur is veel te licht.
Intussen ziet dit experiment er al weer heel anders uit maar ik laat het zien omdat soms zo’n eerste uitvoering er al heel goed uitziet naar mijn idee. De lijm is donkerder van kleur maar er is ook meer op het papier gezet. Hier is nog niets met de lijm gedaan dan alleen maar op het papier gezet.
Bij paste paper ontstaat de vorm door de nabewerking. Maar, de vorige keer was dat ook al te zien, ik vind een combinatie ook heel geschikt: de lijm er op een decoratieve manier opzetten en dan hier en daar nabewerken. Maar dat punt is hier nog niet bereikt. Ik heb overigens ook nog lijm op een stuk krant gezet. Die wel nabewerkt. Maar door het vocht wordt de krant meteen donker. Daar zie je nu niet zoveel effect van de blauwe lijm. Hopelijk is dat na het drogen beter zichtbaar.
Ik probeer paste paper te maken maar niet helemaal op de
traditionele manier. Dus ik zit er over te denken om de
experimenten die ik nu maak straks te hergebruiken als onderdeel
van een nieuw eindresultaat.
Dat leg ik later nog wel eens uit. Eerst moeten deze stukken
papier en de lijm drogen.
Daarna moeten ze waarschijnlijk in de boekenpers.
Het beeld bestaat misschien dat een boekbinder aan het begin
van de werkzaamheden aan een boek, precies weet wat z/hij
gaat doen. Bij mij is dat niet zo.
Ik wist dat ik de katernen uit elkaar zou halen en de vouwen
zou moeten verstevigen om daarna het boekblok weer in elkaar
te zetten.
Ik wist dat ik de afbeelding op het voorplat wilde behouden
en hergebruiken.
Maar hoe de boekband in elkaar zou worden gezet wist ik niet
en ondanks een eerste tekening weet ik dat nog steeds niet 100%.
Wat ik wel weet is dat het boekblok weer goed in elkaar zit
en dat ik een idee heb voor het schutblad.
Voor dat idee moet ik wel wat gaan experimenteren.
Zo kwam het boekblok uit de boekenpers. Het zit stevig in elkaar. De rug is mooi recht. Het gaas is wat aan de grote kant en de bandjes zijn lang maar dat kan de boekband straks best hebben. Om de boekband te kunnen gaan maken moet ik een beter gevoel hebben voor de grootte en de afbeelding van het voorplat heeft nog wat lelijke randen. Dus ik ga die afbeelding nog iets kleiner maken.
Hier ligt de afbeelding op het boekblok. Kleiner maken kan niet. Maar hiermee heb ik een idee van de afmetingen. Voor het schutblad wil ik paste paper maken met een lijm met blauwe kleur. Dat is ook de hoofdkleur van de afbeelding op het voorplat.
Dat begint met water.
De lijmpoeder.
Dan de kleur.
De volgende keer meer over het experiment en de resultaten.
Gisteren gelukkig tijd gehad om het boekblok van
de Vrolijke vrienden verder af te maken.
De keer ervoor was ik ongeveer halverwege gekomen.
Gisteren zijn alle katernen genaaid op drie bandjes.
Daarnaast is de rug ingelijmd. Daarmee zijn de bandjes
vast aan de rug komen te zitten.
Naast de bandjes heb ik ook een fors stuk gaas gebruikt
op de rug.
De rug en het gaas, misschien wat dubbel maar ik wil het
broze papier van de katernen zoveel mogelijk steun geven
en de eventuele krachten die op de boekband komen te staan,
zo veel mogelijk opvangen met de bandjes en het gaas.
Alle katernen ingenaaid en de uiteinden van het garen met elkaar verbonden.
Hier zijn de bandjes nog los ten opzichte van de rug en heb ik de lengte verdeeld over de voor- en achterkant van het boekblok. Straks wordt een deel bevestigd op het voorplat en het andere aan het achterplat.
De onder- en bovenkant van het boekblok (kop en staart) laat ik zoals het nu is. Maar de frontzijde, de kant die op de foto naar boven uitsteekt, die is ongelijk. Dat is het gevolg van de nu rechte rug (die eerder rond was) en het aanbrengen van Japans restauratiepapier in de katernen. Ik denk dat ik dat recht ga snijden.
Hier ligt het intussen gelijmde boekblok met daarom heen het gaas op vetvrij papier dat op een plankje ligt. Het plankje en zijn tweelingbroer die nog zou volgen, zijn de rechte vormen waartussen het boekblok geperst gaat worden in de boekenpers. Daar laat ik het goed drogen, enkele dagen. Dat is misschien een wat lange periode maar daar is een praktische reden voor. Ik kom niet iedere dag in mijn werkplaats.