Vandaag mijn laatste bericht over de tentoonstelling Apocalys, vrees en hoop in het Huis van het Boek.
Huis van het Boek, Apocalyps, Müge Yilmaz, The adventures of Umay Ixa Kayakizi (with Elibelinde, Apkallu, Hecate and Pitrak), 2021 – 2026, verschillende materialen.
Les Epistres de St Paul, Mons, 1697.
Hartmann Schedel, Liber Chronicarum, Neurenberg, Anton Koberger voor Sebald Schreyer en Sebastiaan Kammermeister, 23 december 1493.
De hoop: de hemelpoort met Petrus die daarvan de sleutel vasthoudt.
Interessant bladnummer boven aan de pagina.
Een bijzonder beeld…
Christus met zwaard en lelie
In de Liber Chronicarum van 1493 verschijnt een opmerkelijk en zeldzaam beeld: het hoofd van Christus met een zwaard aan de ene kant en een lelietak aan de andere. Deze combinatie komt nauwelijks voor in de christelijke iconografie. Het zwaard staat voor gerechtigheid en oordeel, de lelie voor zuiverheid en genade. Samen vormen ze een visuele spanning die de dubbele aard van Christus samenvat: rechter én verlosser.
De Neurenbergse werkplaats van Wolgemut en Pleydenwurff lijkt hier een eigen, theologisch geladen vondst te hebben gedaan —een beeld dat binnen de apocalyptische context van Schedels kroniek een uitzonderlijke, bijna emblematische kracht krijgt.
Afbeeldinge en beschrijvinge van de drie aenmerckens-waerdige wonderen in den jare 1664 ’t Amsterdam en daer ontrent voorgevallen, Amsterdam, Marcus Doornick, 1664.
Het wonder van de ‘vuurighe staert-ster’.
Simon de Vries, Algemeene historische gedenk-boeken der voornaemste uytgeleesenste weereldlycke en kercklycke geschiedenissen, Leiden, Pieter vander Aa, 1698.
De aardbeving in Ragusa (huidige Dubrovnik, Kroatië).
Augustinus, La Cité de Dieu, handschrift, Parijs, circa 1410 – 1412.
Johannes Mashego Segogela, Transformation of the Devil, 1990 – 1994, hout, verf, glas, draad en metaal.
Een paar dagen geleden maakte ik een blogbericht over de structuren die ik tegenkwam tijdens een wandeling door Breda. Boomschors met schaduw, wolkenpatronen, een gebouw. Terwijl ik aan het bericht werkte, zat ik op mijn balkon. Het was tegen tien uur in de avond. Dat is het moment dat de spreeuwen hun slaapplaatsen gaan zoeken in de binnenstad. De bomen aan de singels, het Valkenberg, de bomen op het KMA-terrein. Dat zijn de typische plaatsen waar je ze kunt waarnemen. Maar die avond kozen ze een andere route. Gisteravond zochten ze weer wel een plaats boven de Cingelstraat.
Boven mijn hoofd.
De bomen hangen vol spreeuwen. Als groot, donker fruit. Zo vol dat je denkt: ‘Waar begint de boom en waar eindigt de spreeuw’.