Boekenpost in het kader van 5 mei

Een tijdje geleden kocht ik een aantal jaargangen van
Boekenpost. Gisteren heb ik er een paar doorgenomen en
stuitte toen op onderstaand verhaal uit 1992 van Huub Nelis over
boeken die in de Tweede Wereldoorlog zijn gestolen in Nederland
en uiteindelijk terechtkwamen in Rusland en vandaar
weer terug naar ons land.
Een toepasselijk verhaal voor 5 mei.
De illustraties die in zijn geheel in één kolom stonden
heb ik overgenomen.

BoekenpostEersteJaargangNummer2NovDec1992 01Intro
BoekenpostEersteJaargangNummer2NovDec1992 02Titel
BoekenpostEersteJaargangNummer2NovDec1992 03Kolom1
BoekenpostEersteJaargangNummer2NovDec1992 04Kolom2
BoekenpostEersteJaargangNummer2NovDec1992 05Kolom3

BoekenpostEersteJaargangNummer2NovDec1992Omslag

1e jaargang, nummer 2, november/december 1992

BoekenpostEersteJaargangNummer2NovDec1992 06Kolom4
BoekenpostEersteJaargangNummer2NovDec1992 07Kolom5
BoekenpostEersteJaargangNummer2NovDec1992 08Kolom6
BoekenpostEersteJaargangNummer2NovDec1992 09Kolom7
BoekenpostEersteJaargangNummer2NovDec1992 10Kolom8
BoekenpostEersteJaargangNummer2NovDec1992 11Kolom9

Bibliofiele orchideeën en aardappelen

Kort geleden schreef ik een artikeltje over een prachtig boek
en gaf daarbij aan dat ik over 2 fantastische aankopen wilde schrijven.
Tot nu toe is het bij het eerste verhaaltje gebleven.
Dus vandaag los ik mijn schuld in.

Het tweede boek is geschreven door H. T. M. van Vliet:
Een orchidee tussen de aardappels – Louis Couperus bespot in woord en beeld.
De omdoos bevat twee boeken uitgegeven door Carbolineum Pers, Kalmthout, 2019.

IMG_0580HTMVanVlietEenOrchideeTussenDeAardappelsLouisCouperusBespotInWoordEnBeeldCarbolineumPersKalmthout2019

HTM van Vliet, Een orchidee tussen de aardappels – Louis Couperus bespot in woord en beeld, uitgegeven door Carbolineum Pers, Kalmthout, 2019.


IMG_0581HTMVanVlietEenOrchideeTussenDeAardappelsLouisCouperusBespotInWoordEnBeeldCarbolineumPersKalmthout2019

Ik vind vooral de manier waarop de omdozen zijn gemaakt heel mooi. De doos is van dun karton en past perfect om de boeken en vooral de rug. Bij eerdere aankopen bij Carbolineum Pers was dat ook het geval.


HTMVanVlietEenOrchideeTussenDeAardappelsLouisCouperusBespotInWoordEnBeeldCarbolineumPersKalmthout2019OmslagDeel1

Het is een grote uitgave. Meer dan 300 pagina’s in twee delen.


IMG_0616HTMVanVlietEenOrchideeTussenDeAardappelsLouisCouperusBespotInWoordEnBeeldCarbolineumPersKalmthout2019Colofon

Het colofon met portret op pagina 304.


Colofon

 

Dit boek is in 2017 – 2019 samengesteld en geschreven door H.T.M. van Vliet.
Het is in het voorjaar van 2019 uitgegeven door De Carbolineum Pers te Kalmthout, en verscheen op vrijdag 24 mei 2019 bij de opening van de tentoonstelling over hetzelfde onderwerp in het Louis Couperus Museum in Den Haag.
De karikatuur tegenover de titelbladzijde is door Gabriël Kousbroek speciaal gemaakt voor deze uitgave en voor de tentoonstelling.
het portret hieronder werd in 2002 door Bruno Vekemans getekend voor het boek “Le divin Louis. Een onbekende brief van Karel van den Oever over de Tachtigers”.
De titel van dit boek is ontleend aan een citaat van Johan C.P. Alberts (met dank aan Marcel van den Boogert), zie pagina 205.
De oplage bestaat uit 100 genummerde en door H.T.M. van Vliet gesigneerde exemplaren, waarvan de nummers I tot XX gebonden zijn in perkament en de nummers 1 tot 80 werden ingenaaid.

 

Dit is nummer 33

Helemaal los van deze publicatie las ik een tijd terug een nummer
van ‘Uitgelezen Boeken’.

UitgelezenBoekenCouperusInBeeld01Kaft

In dit nummer uit 1998 schrijft Hans van der Horst al een boekje vol over bekende en minder bekende afbeeldingen van Louis Couperus.


Het is ook opgenomen in de bibliografie die Van Vliet opnam
in ‘Een orchidee tussen de aardappels’.
We zien bepaalde prenten ook weer terug maar de uitgave van
Carbolineum Pers is veel omvattender.

UitgelezenBoekenCouperusInBeeld02VoorbeeldVanGetekendePortrettenJHSpeenhof 01 1915

Couperus door J.H. Speenhof.


UitgelezenBoekenCouperusInBeeld02VoorbeeldVanGetekendePortrettenJHSpeenhof 02

Couperus door J.H. Speenhof. Deze vind ik extra leuk door de ogen in de vazen die Couperus volgen op het podium.


Bij een eerdere uitgave, met een heel ander onderwerp,
viel me de omdoos gemaakt door Borris Rousseeuw al op.

IMG_0607JulesKarelVanWestDeOpvoedingVanBibliofielenKanttekeningenVanEenBoekbinderCarbolineumPersKalmthout2018HetBoek

Daarbij ging het om dit boek: Jules-Karel van West, De opvoeding van bibliofielen – Kanttekeningen van een boekbinder, Carbolineum Pers, Kalmthout, 2018.


Jules-Karel van West is geboren in 1889.
Hij overleed in 1969 en was heel zijn leven actief als boekbinder.
In 1953 verscheen in eigen beheer “Mémoires d’un relieur”.
In 1955 – 1957 verscheen een uitgebreidere versie hiervan in het Gentse vaktijdschrift “Grafiek”.
De titel was: “Kanttekeningen van een boekbinder”.
Het zijn deze 6 afleveringen die in dit boek verschijnen.
Borris Rousseeuw.

IMG_0608JulesKarelVanWestDeOpvoedingVanBibliofielenKanttekeningenVanEenBoekbinderCarbolineumPersKalmthout2018DeOmdoos

Dit is de heel fijne omdoos. Het boek is (lege pagina’s niet meegeteld) 48 pagina’s.


De tekst is erg leuk en tijdgebonden.
Om er even aan te ruiken de volgende regels:

Met gerechtvaardigde bezorgdheid verlangt de bibliofiel dan ook een kleurvaste bekleding van zijn fraaie boeken.
Dat is voor de boekbinder een der lastigste opgaven.
Toen een klant ons betreffende deze kleurvastheid ondervroeg, antwoordden wij een beetje binnensmonds:
“Laat ons eens kijken… groen wordt bruin… blauw wordt groen… rood krijgt, sinds het niet meer met vermiljoen wordt geverfd, een onbestemde kleur… bruin wordt geel…”
Toen barstte onze klant los: “Lap ze dan maar in ’t geel!”
We hadden het niet gewaagd hem te vertellen dat geel bruin wordt.

De opvoeding van bibliofielen – Kanttekeningen van een boekbinder
Pagina 38

IMG_0609JulesKarelVanWestDeOpvoedingVanBibliofielenKanttekeningenVanEenBoekbinderCarbolineumPersKalmthout2018BoekEnOmdoos

Het gaat hier niet om een heel dik boek maar het zit perfect in de witte omdoos met mooie belettering op de voorkant en rug (op de foto niet zichtbaar).


IMG_0610JulesKarelVanWestDeOpvoedingVanBibliofielenKanttekeningenVanEenBoekbinderCarbolineumPersKalmthout2018Colofon

Ook dit boek heeft een colofon:

Colofon

 

Deze tekst van boekbinder Jules-Karel van West is in juni 2018 digitaal gezet uit Times New Roman en in dezelfde maand eveneens digitaal gedrukt op gevergeerd Conqueror papier.
De eerste druk bestaat uit 60 genummerde exemplaren, waarvan de nummers 1 tot 10 gebonden zijn in kalfsperkament, 11 tot 40 in kartonnen band en 41 tot 60 in losse katernen, bestemd voor verwerking door nieuwe generaties boekbinders.
De exemplaren van de intekenaars zijn op naam gedrukt.

 

Dit is nummer 29,

Onze wederzijdse vriend

Met heel veel plezier heb ik het boek ‘Onze wederzijdse vriend’,
vertaald door Peter Charles, gelezen.
De originele titel is Our Mutual Friend en
de schrijver is Charles Dickens.
Het is de laatste roman die volledig door Charles Dickens is
geschreven. Er is nog niet afgemaakt werk na deze roman.
Bij het uitkomen van de roman werd aangegeven dat het toch wel
complex was.
Daarom ben ik een lijstje met de hoofdrolspelers gaan maken
op de achterkant van de boekenlegger.
Maar uiteindelijk bleek dat niet nodig.

CharlesDickensOnzeWederzijdseVriendOurMutualFriendVertalingPeterCharles

Charles Dickens, Onze wederzijdse vriend.


Vooral de passages aan het begin en het eind van het boek
zijn briljant: de scene op de Theems, de eerste kennismaking
met de Veneerings en eigenlijk sluit de roman met een scene
bij de Veneerings af.

Wikipedia:

Mr and Mrs Veneering – a nouveaux-riches husband and wife whose main preoccupation is to advance in the social world. They invite influential people to their dinner parties where their furniture gleams with a sheen that they also put on to make themselves seem more impressive. They “wear” their acquaintances, their possessions, and their wealth like jewellery, in an attempt to impress those around them. Veneering eventually goes bankrupt and they retire to France to live on the jewels he bought for his wife.

Er zitten meerdere verhaallijnen in wat het verhaal, dat natuurlijk een happy end heeft,
ook voor een moderne lezer interessant houdt.
Het loopt dan wel goed af maar het einde had melodramatisch kunnen zijn
en dat is het niet door de volgorde die Dickens kiest in het afwikkelen
van de verschillende verhalen.

Als bij een goed boek, wil je steeds de volgende pagina lezen.
Dat is natuurlijk ook een compliment voor de vertaler die het Engels
van Dickens uit 1864 – 1865 voor ons leesbaar houdt.

Pallieter

Pallieter is een roman uit 1916 van de Vlaamse auteur Felix Timmermans uit Lier. De gelijknamige hoofdpersoon is Timmersmans’ bekendste creatie. Hij is een levensgenieter.

IMG_0579FelixTimmermansPallieterInLosseKaternen

De stapel losse katernen van Pallieter door Felix Timmermans.


Vandaag ontving ik mijn exemplaar van het boek Pallieter
dat door Atelier De Ganzenweide dit jaar is uitgebracht
in losse katernen.
Om zelf in te binden.

Wikipedia schrijft er het volgende over:

Met de roman drukte Timmermans, na een zware geestelijke crisis, zijn vreugde om een vernieuwd levensinzicht uit. Deze lofzang op de natuur en de ongeremde levensvreugde is een meesterwerk voor alle tijden. Volgens Timmermans zit er in iedereen een zogenaamde “ongeschonden mens”, een blauwdruk, die tijdens de groei naar volwassenheid stilaan bedolven raakt onder opvoedkundige regeltjes, religieuze dreigingen en andere vervuiling. Pallieter maakt komaf met het teveel aan vervuilingen om zo de ongeschonden blauwdruk, de schone mens, weer terug te halen.

 

De in 1921 verschenen tiende druk van de roman was het eerste door Anton Pieck geïllustreerde boek.

 

Pallieter is een symbool geworden van het Vlaamse volk, hoewel Timmermans hem niet als symbool bedoeld had.

Ook de website van Atelier de Ganzenweide verteld nog wat feiten
over de totstandkoming van deze uitgave (gedeelte):

Al een aantal jaren krijg ik verzoeken van Belgische handboekbinders om de roman Pallieter, geschreven door Felix Timmemans (1886-1947) eens uit te geven in katernen.

 

Het is een heerlijk boek, door Frederik van Eeden omschreven als “Het lekkerste, smeuïgste, smakelijkste Vlaamsch-Nederlands dat ooit geschreven is”.

 

Wel, het komt er nu dan eindelijk van, het is een groot plezier geweest hieraan te werken.

 

In 1916 verscheen de eerste druk van Pallieter bij uitgeverij P.N. van Kampen & Zoon te Amsterdam; daarvoor waren al hoofdstukken gepubliceerd in het tijdschrift De Nieuwe Gids.

 

Nadien zijn vele herdrukken, heruitgaven en vertalingen verschenen, niet alleen in het Nederlandse taalgebied, maar ook ver daar buiten, tot in Japan toe.

 

In 2016, honderd jaar na de geboorte van Pallieter verscheen bij uitgeverij Polis een kritische editie (vijfenveertigste druk), bezorgd door Wendy Lemmens en Kevin Absillis, beiden verbonden aan de afdeling Nederlandse letterkunde van de Universiteit Antwerpen. In deze editie zijn 86 tekstcorrecties (ingrepen) aangebracht.

Die uitgave bevat voorts een boeiend nawoord van Kevin Absillis en een uitgebreide verantwoording van beide bezorgers. Graag raad ik lezing van deze toevoegingen aan.

 

Nu geeft ook Atelier De Ganzenweide een editie uit, vanzelfsprekend in losse katernen.

 

Wij hebben zoveel mogelijk de opmaak van de eerste druk gevolgd, qua zetspiegel/witmarges, woord- en regelafbreking, interpunctie en typografie; de gebruikte letter is de Hollandse Mediæval uit 1912 van Sjoerd de Roos. We hebben hierbij de oorspronkelijke spelling overgenomen met zijn non-conformistische idioom en inconsistente weergaven van namen, accenttekens en hoofdletters, en de weergave van het Lierse dialect.

Bovengenoemde 86 ingrepen van Wendy Lemmens en Kevin Abslillis hebben wij alle met hun beider toestemming overgenomen.

 

In 2015 verwierf het Stadsarchief van Lier (de stad van Felix Timmermans) een unieke verzameling publicaties van en over Felix Timmermans.

 

Een interessant artikel hierover verscheen in de Gazet van Antwerpen.

 

Belangrijk onderwerp in dit artikel is een omissie tijdens het drukproces, er werd een hele pagina (de beoogde pagina 49) overgeslagen. Het boek verscheen dus met een hiaat. Later is die pagina alsnog gedrukt als pagina 48* en konden de bezitters van die uitgave deze pagina inlijmen.

 

Op verzoek van Felix Timmermans-liefhebbers en handboekbinders hebben wij ook die bewuste pagina overgeslagen, maar wel los bijgeleverd bij de katernen als pagina 48*, die kan je dus mooi, net als in het origineel, invoegen.

Op WereldBoekenDag werd het volgende boek thuis bezorgd

IMG_E0565RembrandtXRijksmuseum

Rembrandt x Rijksmuseum. In ruim 800 pagina’s worden 300 afdrukken van etsen, 60 tekeningen en 22 schilderijen van Rembrandt besproken. Het boek is ontworpen door Irma Boom.


IMG_E0566RembrandtXRijksmuseum


IMG_E0567RembrandtXRijksmuseum


Houtdruk

De vorige keer liet ik zien dat ik weer een houtsnede
had gemaakt. Maar toen was er geen tijd om hem af
te drukken. Bovendien was het werken met acryl niet altijd
een succes. Tijds voor iets anders.

IMG_0467MetZwarteDrukinkt

Deze keer heb ik een zwarte drukinkt gebruikt. Die laat zich goed aanbrengen op het hout. Hopelijk krijg ik daar mooie afdrukken mee.


IMG_0468EerstePoging

De eerste poging. Volgens mij moet dat beter kunnen.


IMG_0469HaaksHout

Haaks hout. Zoals je kunt zien heb ik een houtsnede die ik al eerder een keer maakte ook nu weer ingezet. Dit is zoals ik de afdrukken graag zie.


IMG_0470Paalwoning

Paalwoning. Zoals altijd heb ik ook nog een paar afdrukken gemaakt van de glasplaat. Deze monoprints laat ik later nog wel zien.


Nog een nieuwe houtsnede

Ik ben aan een derde houtsnede begonnen.
Net als de vorige keer is het thema: nerven.

Ik heb een pallet klein gezaagd.
Daar komen korte stukken hout af. Zacht hout.
Waarschijnlijk dennenhout. Als ik het zaag ruikt het soms
alsof je in een dennenbos loopt.

IMG_0453BijDeEersteDrieNervenGingHetAlMis

Omdat het hout zo zacht is schiet je makkelijk uit. Aan de andere kant de zachte delen laten zich eenvoudig wegsnijden met een guts. Hier zijn de eerste drie kleine stukjes al weggesneden en er ging direct al iets ‘mis’.


IMG_0455BeginGemaakt


IMG_0456GesnedenEnGeschuurd

Op maat gezaagd, volledig uitgesneden en geschuurd. Gereed om morgen te testen.


IMG_0376Motorzaaagkunst

Over een houtsnede gesproken. Dit werk zag ik in een tuin in Assen. Er stond een bord bij over motorzaagkunst. Zoek maar eens op internet. Dat is even iets anders.


Experiment

Dat wordt de naam van het boek: Experiment.
Afgelopen zondag ben ik weer verder gegaan met het experimenteren
met verf en houtdruk. Deze keer in combinatie met een gelli plate.
Het idee is om eerst verf aan te brengen op de gelli plate
en dan de houtsnede te gebruiken om de structuur
op de gelli plate aan te brengen.
Het boekbindlinnen dat ik ga gebruiken voor de band van mijn boek
heb ik voorzien van een afbeelding door gebruik te maken van
een gelli plate en die niet helemaal vol verf te zetten.
Zou dat idee ook werken met de houtsnede?

IMG_0360ExperimentVerfOpDeGelliPlateDanStructuurvanHoutblokEropAanbrengen

Links de houtsnede die ik wil gebruiken, rechts de gelli plate met verf.


IMG_0362DeGelliPlateMaaktDeAfdruk

Nadat ik de houtsnede even op de gelli plate heb gedrukt, druk ik hier de gelli plate af op papier. Het formaat is geen toeval. Ook de positie van de afdruk op het papier is bewust. Het papier is veel groter dan ik kan gebruiken voor mijn boekje. Dus moet ik straks de mogelijkheid hebben het papier op een interessante manier te snijden. Interessant voor de afbeelding. Maar je ziet hier al dat niet veel van de structuur van de houtsnede door is gekomen op de gelli plate. Andere route dus.


IMG_0363MetMeerEnDunnereVerf

Meer verf en de houtsnede een beetje bevochtigd. Ik krijg de indruk dat de verf die al een aantal jaren oud is, te oud is, te droog.


IMG_0364DrieOpEenRij

De resultaten worden interessanter.


IMG_0365DitIsDeTechniekOnderopDeGelliplateMetVerfDaarbovenHetHoutblok

Voor het geval dat niet duidelijk is hoe ik probeer de structuur van de met guts bewerkte houtblok over te brengen op de gelli plate: hier zie je nog net de gelli plate onderop liggen. Daar is verf op aangebracht met een roller. Daar druk ik dan de houtsnede op. Vervolgens gebruik je de gelli plate om afdrukken te maken. Een of meerdere.


IMG_0366SomsHeelBlijMetHetResultaat

Soms ben ik blij met het resultaat. Je ziet hier ook dat ik de tweede houtsnede ben gaan gebruiken.


IMG_0367VerschillendePogingenOpEenRij


IMG_0368Touwtje

Even terug naar iets dat bijna altijd lukt: een touwtje op het papier en dan de afdruk daarover heen maken.


IMG_0369TouwtjeResultaat

Het resultaat.


IMG_0370HoutKomtVanBomen

Hout komt van een boom. In mijn geval een stukje karton dat als sjabloon dienst doet.


IMG_0371Experiment

Letters voor foliedruk even gebruikt voor afdrukken met acrylverf. Het is een experiment.


Kaarten uit Berlijn

In een korte tijd heb ik twee prachtig gemaakte boeken gekocht
van marge drukkers/marge uitgevers.
Het eerste wat ik hier wil voorstellen is werkelijk
ontzettend knap gemaakt.

IMG_0372JanVanOudshoornKaartenUitBerlijnBezorgdDoorJanPaulHinrichs

Jan van Oudshoorn, Kaarten uit Berlijn. Bezorgd door en voorzien van een nawoord van Jan Paul Hinrichs. De uitgave is van de Statenhofpers. Het boek heeft een heel zacht aanvoelende kartonnen band met een prachtige stempel. Zie voor meer details het colofon dat ik hieronder overneem.


Het is een uitgave van een serie briefkaarten die een literaire schrijver
verstuurde vanuit Berlijn naar een familielid in Den Haag.
De schrijver is de bij mij totaal onbekende Jan van Oudshoorn,
pseudoniem van Jan Koos Feijlbrief.

De briefkaarten zijn in facsimile opgenomen in het boek.
Zowel de voor- als achterkant kun je bewonderen.
Iedere kaart kun je individueel uit het boek nemen.
Je kunt de afbeelding op de voorkant bekijken maar ook de vaak
beschreven achterkant, de postzegels, de stempels, alles.

IMG_0373DeKaartenInFacsimile

Hier zie dat op de linker pagina de tekst staat afgedrukt die afkomstig is van de kaarten rechts. Deze kaarten kun je uit het boek nemen en aan beide kanten bewonderen. Vooral de kaarten met gebouwen in de Duitse hoofdstad geven een beeld van hoe prachtig Berlijn was voor de Tweede Wereldoorlog.


IMG_0375HetPrachtigeInbindwerk

De extra dikte die in de pagina’s ontstaat door de kaarten die er in opgenomen zijn, is prachtig in de rug opgevangen. Daarom dat je aan de zijkanten de extra ruimte tussen de pagina’s goed kunt zien terwijl de vorm van het boek perfect is. Indrukwekkend.


Er zijn niet zo veel exemplaren gemaakt dus laat deze kans niet
aan u voorbij gaan. Normaal maak ik op mijn blog geen reclame
maar dit is wel heel bijzonder.

In het colofon vind je de volgende informatie:

Kaarten uit Berlijn van J. van Oudshoorn werd bezorgd en van een nawoord voorzien door Jan Paul Hinrichs. Het boek bevat de teksten van 38 door Van Oudshoorn tussen 1921 en 1929 uit Berlijn verstuurde ansichtkaarten. De kaarten zelf zijn in facsimile separaat bijgevoegd. Het werd gezet uit de Monotype Bembo Book Pro door zetterij Chang Chi Lan-Ying en op Magnani Pescia Editions gedrukt door offsetdrukkerij Jan de Jong. Typografie en vormgeving waren in handen van Jaap Schipper en Christianne Duchateau. Het bandstempel werd ontworpen door Peter Muller. Boekbinderij van Waarden te Zaandam bond 60 Arabisch genummerde exemplaren in een halflinnen band. Frans den Breejen bond met de hand 15 Romeins genummerde luxe boeken in kalfsleer. Het boek verscheen in het najaar van 2018 en is een uitgave van de Statenhofpers te ‘s-Gravenhage.

Onnodig te zeggen dat mijn versie uit de serie van 60 komt.

Nog een experiment met houtdruk / houtstempel

Vandaag nog een keer bezig geweest met
het afdrukken met grove houtsnedes gemaakt in pallethout.
Dat is niet het beste hout.
Veel te zacht. Heel gedetailleerd werken is erg moeilijk.
Maar gewoon om te experimenteren.
De foto’s zijn een beetje in een vreemde volgorde gemaakt.
De eerste foto is het ‘leegrollen’ van de roller.
Toen was ik dus klaar en heb ik het door het hout gevormde patroon
in de verf, die nog op de roller zit, gebruikt om een
soort van ‘behang’ te rollen.

IMG_0350MonoprintMetRoller

Het grappige is dat nadat de roller 1 keer volledig rond gedraaid heeft, er voor de tweede omwenteling van de rol minder verf over is. Zo ook voor de 3e en 4de omwenteling. Dat zie je hier terug in de twee banen met in totaal 4 delen.


IMG_0351MonoprintZonderKrassen

Vervolgens heb ik de resten verf op de glasplaat zachtjes afgedrukt op krantenpapier. De eerste monoprint van de dag.


IMG_0352MonoprintMetKrassen

Toen heb ik met een soort grote spijker wat op de glasplaat gekrast. Niet echt een tekening. Meer een paar strepen. Toen de glasplaat weer afgedrukt op krantenpapier. Het papier heb ik bovenop de plaat gelegd en dat toen met een schone roller gerold.


IMG_0353HoutdrukOpRestpapier

Ik had wat resten papier liggen. Papiergewicht 200 gram. In vier kleuren. Die vellen papier zijn gebruikt bij de pop-up kaart maar er was een stuk over gebleven. Die heb ik vandaag gebruikt. Het hout en het papier zijn niet in de pers geweest. Ik heb de blokken met de hand aangeduwd. Een soort van stempelen.


IMG_0354HoutdrukOpRestpapier

Daarbij heb ik de twee houtblokken die ik tot nu toe voorbereid heb, beide op ieder stuk papier gebruikt.


IMG_0355HoutdrukRestpapier

Dat ik hier nog iets moet doen voor ik ze kan gebruiken in het boek dat ik in mijn hoofd heb is duidelijk.


IMG_0356HoutdrukRestpapier

De kleuren spreken mer wel aan.


IMG_0357MonoprintDeLaatsteVerf

Nadat ik de eerdere twee monoprints had gemaakt zat er nog een beetje verf op het glas. Dat zit nu op dit stuk krantenpapier.


Zelf pop-up kaart maken

Met boekdrukkunst of boekbinden heeft het misschien
niet heel veel te maken maar ik wilde graag iets
heel anders doen. Vooral wil ik begrijpen hoe die
pop-ups werken.
Op de site van Peter Dahmen vond ik de sjablonen en een
bijbehorende instructiefilm om een pop-up kaart te maken
met een bloem.
Gekleurd papier van 200 gram had ik nog liggen.

IMG_0339SjablonenEn200grPapierEnEigenDruksel

Plus een omslag die ik zelf heb gedrukt met houten letters in vele kleuren. Dus de kaart kost me geen extra papier.


IMG_0340BuitensteBloemCircel

De video had ik een paar weken geleden een keer gezien. Ik herinnerde me hem vaag. Ik ben gewoon begonnen en heb het sjabloon van de buitenste bloemcirkel als eerste gesneden. Peter Dahmen knipt alles met de schaar. Maar de schaar die ik heb is daar niet geschikt voor.


IMG_0341DeEersteDrieRingen

Zo heb ik de eerste drie cirkels gereed. Nog wel zonder de bloemblaadjes. Op de video doet hij dat in 1 keer. Is denk ik ook beter. Maar ik zie graag tussentijds resultaat.


IMG_0342NuDeBlaadjesNog

Nu met de binnenste cirkel.


IMG_0343ZoGaatHetOngeveerWorden

Vervolgens heb ik de bloemblaadjes toegevoegd.


IMG_0344PopUpOnderdelenMetBlaadjes

Dit zijn de vier onderdelen.


IMG_0347DeKaartNogZonderSteel

Dit is dan het resultaat. Hierna heb ik nog een steel geknipt uit een stuk marmerpapier (hetzelfde als het papier voor de blaadjes op de achtergrond). De steek, net als de bloem zit in de rug van de kaart. Het dikste punt gier zijn 12 vellen van 200 gram. Daar moet je wel rekening mee houden als je dit in een boek(je) wilt verwerken. Ik vind het best leuk.


De volgende keer eens iets ingewikkelders maken.

Houtdruk

Voor de verbouwing kregen we tegels en dergelijke geleverd
op drie pallets. Die heb ik in grote stukken gezaagd.
Kleinere stukken en hun nerven brachten me op het idee
om mijn gutsen eens te gebruiken op hout.
Dit hout is veel zachter dan het hout dat bij houtdruk
wordt gebruikt. Je kunt er dus niet heel precies in werken
maar door nerven weg te halen krijg je best mooie vormen.

Als je dan zo’n blok hebt ingerold met verf, ontstaat er
een interessant patroon op de roller.
Die ‘restverf’ uitrollen op papier geeft een soort
van monoprint effect: uniek, eenmalig.
Wellicht later te gebruiken als ondergrond.

Wat nou als je de afdruk maakt op papier dat al eens bedrukt is geweest.
Door een kunstenaar.
Enfin, genoeg materiaal om te experimenteren.

IMG_0324HetHout

Dit is het blok. De eerste afdrukken waren met groene verf. Daarna volgde het rood. Daarbij heb ik niet eerst de verfresten van groen weggehaald. Het idee is om deze keer de blok niet in de pers te leggen maar gewoon met menskracht te stempelen. Hopelijk beschadig ik het papier dan minder.


IMG_0325HoutdruTweeMaalRoodEnGroenkOpPleinAirVanSamFalls

Hier is de houtblok op twee plaatsen afgedrukt met Groen en daarna rood. Het papier heeft afbeeldingen gemaakt door Sam Falls en de serie heet ‘Plein air’. Het papier is een voorbeeld van de papiermaker IGEPA.


IMG_0326HoutdrukRoodEnGroenOpPleinAirVanSamFalls

Houtdruk, rood en groen op Plein Air van Sam Falls.


IMG_0327HoutdrukRoodEnGroenOpWitPapier

Houtdruk, rood en groen op wit papier.


IMG_0328MonoprintMetRollerRoodEnGroen

Monoprint met roller, rood en groen.


IMG_0329MonoprintVanRollerGroen

Monoprint met roller, groen. Soms slipt de roller bij het uitrollen van de restverf.


IMG_0331HoutdrukMetWitRoodEnGroenOpPleinAirVanSamFalls

De volgende drukgang. Nu heb ik met witte verf een aanvullende afdruk gemaakt. De verven vermengen zich eenvoudig.


IMG_0332HoutdrukMetWitRoodEnGroenOpPleinAirVanSamFalls


IMG_0333MonoprintMetRollerDrieKleurenOpWitPapier

Wat met het houtblok kan, kan ook met de roller. Nog een drukgang met roller. Hier van origine witte verf gebruikt.


IMG_0334MonoprintVerfrestenOpKarton

De verf breng ik aan op de roller vanaf een plaat glas. Nu ik gereed ben heb ik nog wat gekrast in die verf en dat vervolgens afgedrukt op grijsbord.


IMG_0335MonoprintMetRollerRoodOpWitPapier

Monoprint met roller, rood op wit papier.


Zie dat straks nog maar eens in een boek te verwerken.

Bewaarmap III, laatste deel

Zoals al een keer genoemd, probeer ik er voor te zorgen
dat de exemplaren van Kinder-Kompas nog wat jaren meekunnen.

IMG_0318Kinder-KompasJanKlaasenEnKatrienConservering

De gedicht van Jan Klaassen en Katrijn stond in juni 1937 in Kinder-Kompas. Maar de reden om deze pagina te tonen is dat ik de rug (het midden van dit blad) versterkt heb met een strook restauratiepapier. Dat zal voorkomen dat het papier verder inscheurt en geeft de mogelijkheid om dit katern straks in te binden met een eenvoudige cahiersteek.


IMG_0323Kinder-kompasBewaarmap12En3

Maar dit is wat ik wilde laten zien. Bewaarmap 1, 2 en 3 in hun uiteindelijke vorm. De mappen zijn gereed. Map 2 is mijn favoriet: relatief eenvoudig te maken, sluit de inhoud helemaal af van licht en stof.


Bewaarmap III

Terwijl de badkamer en het toilet worden vernieuwd
heb ik toch nog tijd gehad om verder te werken aan bewaarmap 3.
In een van de exemplaren van het Kinder-Kompas, een uitgave van de
Nationale Levensverzekerings-Bank NV, staat beschreven hoe je dergelijke
tijdschriften kunt bewaren.
Er staan drie voorbeelden van bewaarmappen beschreven.
Ik heb ze alle drie gemaakt en het maakproces was op mijn blog te volgen.
Ik heb ook drie bewaarmappen nodig want is heb 28 exemplaren van Kinder-Kompas.
Elke bewaarmap is bedoeld voor 1 jaargang, zeg twaalf nummers.

Bewaarmap III is de map waarbij alle onderdelen los van elkaar gesneden zijn.
Samen vormen ze de bewaarmap. Een lint of koord of in mijn geval
stukken hennepgaren verbindt alle delen aan elkaar.
De kaatste keer was ik bijna gereed: nog 1 deel moest worden vastgebonden.

IMG_0310BewaarmapIIILaatsteOverslag

De laatste overslag ben ik hier aan het vastmaken aan de andere delen. De bindwijze is eerder door mij beschreven.


IMG_0311GaatjesOmOpstaandeRandenTeVerbinden

Omdat door het inbinden van de onderdelen er ruimte ontstaan tussen die delen, ruimte die niet overal gelijk is, was het mij niet duidelijk hoe ik de opstaande delen met elkaar zou verbinden. Uiteindelijk heb ik gekozen voor maar één gat in ieder opstaand deel aan elk uiteinde.


IMG_0312BewaarmapIIIMetExtraBodemOmKnoopjesEDTeVerbergen

Omdat je op de bodem een paar eindjes van garen zag vastgeplakt zitten heb ik een extra bodem aan de bewaarmap toegevoegd. Maar deze gele bodem is puur voor de sier. Door de knoopjes is het goed dat mijn bewaarmap wat groter is (lengte, breedte en hoogte 0,5 cm extra) dan de beschrijving aangeeft. Om de maandbladen er eenvoudig uit te halen voeg ik een los lint toe. Je ziet dat pas als de bewaarmap open is.


IMG_0313BewaarmapIIMetLintOmInhoudEenvoudigUitMapTeKunnenHalen

Ik kan pas van 2 exemplaren vaststellen van welk jaar en maand ze zijn. Ik zou dat van alle delen willen vaststellen en dan per exemplaar een kleine omslag maken met jaar en maand erop. Vervolgens wil ik er voor zorgen dat ieder exemplaar eenvoudig gebonden wordt, de nietjes zijn er immers uit gehaald vanwege het roesten. Daarvoor moet ieder deel eerst, blad voor blad, nagelopen worden. Daar waar nodig strijk ik de pagina (tegen ezelsoren en ongewenste vouwen) en breng ik reparatiepapier aan om verder inscheuren tegen te gaan en voldoende basis te vormen voor het inbinden (vaak zijn de ruggen van het buitenste blad beschadigd). Nog heel wat werk dus. Het bovenste exemplaar op de foto is uit januari 1938. Ik heb een tijdelijke omslag voor het exemplaar gemaakt met daarop de datum.


IMG_0315BewaarmapIII

Zo ziet bewaarmap III er uit in gesloten toestand. Ik ga deze map nog voorzien van een afbeelding van Kinder-Kompas.


IMG_0316Bewaarmap12En3

Bewaarmap I, II en III naast elkaar. Straks allemaal voorzien van dezelfde afbeelding.


IMG_0317Bewaarmap12en3

De bewaarmappen zijn best sterk. Hier zie je ze op elkaar gestapeld.


Aan het lezen: Johan de Witt en Engeland (en de Speelhuislaan)

Geen saai geschiedenisboek maar een boek dat laat
zien hoe je van oude brieven geschiedenis kunt maken.

Even wat achtergrondinformatie over Johan de Witt:

Johan de Witt werd geboren op 24 september 1625 te Dordrecht als zoon van Jacob de Witt en Anna van den Corput en broer van Cornelis de Witt. Johan ging eerst naar de Latijnse school in Dordrecht, studeerde rechten in Leiden en promoveerde in Frankrijk. Hij vestigde zich in 1647 als advocaat in Den Haag, werd in 1650 pensionaris van Dordrecht en in 1653 raadpensionaris van Holland. Als raadpensionaris was hij de hoogste ambtenaar van het gewest Holland, voorzitter van de Hollandse Staten en lid van de Hollandse afvaardiging in de Staten-Generaal waar hij optrad als woordvoerder. Johan de Witt was verantwoordelijk voor zowel het binnenlandse als buitenlandse beleid en was zo bijna twintig jaar lang een van de meest invloedrijke figuren in de Republiek. Johan trouwde met Wendela Bicker (1635-1668) en kreeg in totaal acht kinderen waarvan er drie jong stierven.

Deze informatie is afkomstig van de website van het Huygens ING.

Johan de Witt schreef en ontving als raadpensionaris bijzonder veel brieven. Zijn briefwisseling is hierdoor zeer veelzijdig en bestaat onder meer uit brieven van belangrijke staatslieden, buitenlandse ambtsdragers, legeraanvoerders, wetenschappers, kunstenaars, familieleden en talloze verzoeken om een recommandatie.Verreweg de meeste brieven zijn geschreven in de periode 1653-1672, terwijl een kleiner deel uit de periode vóór 1653 dateert. Na zijn dood is zijn persoonlijk archief overgedragen aan de staat en wordt nu bewaard op het Nationaal Archief: inventaris Raadpensionaris De Witt, 3.01.17.

SamenstellingInekeHuysmanRoosjePeetersTekeningenJeanMarcVanTolJohanDeWittEnEngeland

Voor de ontsluiting van de brieven van De Witt heeft Huygens ING samenwerking gezocht met het Nationaal Archief en Early Modern Letters Online – EMLO – een project van Cultures of Knowledge, onderdeel van Oxford University en de Bodleian Library. Een team van vrijwilligers, gastonderzoekers en stagiaires ontsluit de brieven op gegevens als verzender, ontvanger, datum, plaats van verzending en ontvangst, taal en archiefgegevens. Ook zijn er bij iedere brief links aangebracht naar een digitale afbeelding en naar gedigitaliseerde edities. Vanaf 14 maart 2019 zullen de eerste zevenduizend veelal diplomatieke brieven online raadpleegbaar zijn.

Ter gelegenheid van de ontsluiting van al die brieven is er ook
een boek verschenen dat ik aan het lezen ben.
‘Lezen’ is misschien niet helemaal de juiste term.
Je leest, kijkt en verwondert je.
Al die mensen die De Witt brieven schreven.
Al die onderwerpen.
Al die ingewikkelde handschriften.

Het boek bevat een serie van 20 voorbeelden (we noemen dat dan een bloemlezing)
die samengesteld is door Ineke Huysman en Roosje Peeters.
Het geheel is voorzien van tekeningen gemaakt door Jean-Marc van Tol (een
van de makers van Fokke en Sukke).

Voor deze blogpost bladerde ik meteen naar ‘De Vrede van Breda’.
Een brief van een onbekende schrijver aan Johan de Witt van 24 mei 1667.
Het is een soort ooggetuigenverslag van het begin van de vredesonderhandelingen.
Een klein stukje uit de hertaling, de brief ‘vertaald’ naar hedendaags Nederlands:

Na ruim een week incognito in de stad te hebben verbleven, zijn de Engelse ambassadeurs vanmiddag om 12 uur eindelijk vanuit het Speelhuis, waar ze vanmorgen heen zijn gegaan, officieel de stad binnengekomen.
Enkele ruiters haalden het gezelschap op en bij de tweede brug werden zij verwelkomd door de heer Hauterive.
Zij verlieten de koets voor een korte begroeting, waarna de heer Hollis zei: ‘Er is geen tijd om hier lang te blijven staan.’
Hij verzocht de heer Hauterive ook plaats te nemen in de koets, wat deze deed na de twee ambassadeurs.
Daarna namen ook de andere edelen plaats in de koets.

 

Het was een entree zo voornaam als men zich maar kan voorstellen. Vooraan reden twee heren in livrei op mooie paarden, gevold door acht pages te paard in blauw livrei dat rijkelijk met zilver was afgezet. Zowel hun kleding als rokken waren zo rijk omzoomd, dat moeilijk te zien was waar de stof in het borduursel overging. Toen volgden trompetters……

Lees de rest zelf in dit vermakelijke boek.
De afbeelding van de brief waarvan ik in deze blogpost een stukje opnam
kun je hier vinden.

Hella S. Haasse, Krassen op een rots besproken door Hans Warren

Een tijd terug kocht ik een kleine partij boeken van Hella S. Haasse.
Bij de boeken zat een map met krantenknipsels.
Daarvan probeer ik zo af en toe er een op mijn blog te zetten.

DSC_4184HellaHaasseKrassenOpEenRots

Het gaat hier om een recensie van Hans Warren in zijn beroemde reeks ‘Letterkundige kroniek’ van het boek Krassen op een rots.


LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17AuteurHansWarren
LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17 01 Intro
LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17 02 Kolom1
LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17Koptekst
LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17 03 Kolom2
LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17 04 Kolom3
LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17 05 Kolom4
LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17 06 Kolom5

De kolommen van de Provinciale Zeeuwse Courant zijn een beetje ‘digitaal schoongemaakt’. Dit artikel verscheen op 31 oktober 1970 en stond op pagina 17.


DSC_4186HellaHaasseKrassenOpEenRotsSomsIsDeAchterkantVanEenKrantenknipselNetZoInteressantAlsDeVoorkant

De advertenties op de achterkant zijn ook leuk om door te nemen.


Zoal eerder heb ik de hele tekst uitgetypt.
Daardoor wordt de hele tekst doorzoekbaar en kun je er
eenvoudig een citaat uithalen.
Er zullen vast typefouten in staan maar ik heb geprobeerd
de spelling van Warren (bladzijs) in het artikel over te nemen.

Over Hans Warren:

Een belangrijke bijdrage aan het literaire leven in Zeeland leverde Warren met zijn ‘Letterkundige Kroniek’.
Vanaf 11 oktober 1951 was hij als criticus verbonden aan de Provinciale Zeeuwse Courant.
Voor zijn kritische arbeid ontving hij in 1970 de Pierre Bayleprijs.
Warren schreef vijftig jaar lang de Letterkundige Kroniek.
Ter gelegenheid daarvan werd het boek de Oost uitgegeven.
Twee dagen na zijn overlijden verscheen de wekelijkse bijdrage voor het laatst in de PZC.

Hella Haasse: ‘Krassen op een rots’

letterkundige kroniek door hans warren

HELLA HAASSE werd in 1918 te Batavia geboren, en ze kwam in 1939 naar Nederland.
Haar hele jeugd ligt dus in Indië, op Java, in een zeer interessant tijdsgewricht, waarvan ze overigens en uiteraard niet zo veel heeft gemerkt.
De overgang van tempo dulu, zoiets als de goeie ouwe tijd, naar de moderne tijd van bewustwording en zelfstandigheid.
Hella Haase leefde in een vrij beschermd en volkomen Europees milieu, haar ouders waren “import”-Nederlanders, zij heeft geen druppel Indisch bloed in de aderen.
Zo lang zij op Java woonde heeft zij, volkomen natuurlijk, heel haar omgeving als vanzelfsprekend aanvaard.

Zij heeft; als kind en als jong meisje, wel dingen opgeschreven, bijvoorbeeld in een dagboek, maar die notities missen ‘coleur locale’.
Zelf zegt zij hierover: ‘In het dagboek, dat ik als dertien-veertienjarige bijhield, vind ik louter verslagen en beschrijvingen van het leven op school, gesprekken en avonturen met vrienden en vriendinnen, van uitstapjes en vakantietochten, kortom van alledaags gebeuren, waarin exotische elementen volstrekt ontbreken, om de eenvoudige reden, dat ik die vanzelfsprekend en dus niet het vermelden waard vond.’
En dan laat zij een paar van die dagboeknotities uit 1932 volgen (waarschijnlijk wat bijgeschaafd, want ze hebben niets leuks-kinderlijks meer).
Vervolgens schrijft ze: ‘Pas toen ik allang in Nederland was, vijftien, twintig jaar later, zou ik de behoefte voelen woorden te zoeken voor de geuren, kleuren en geluiden van de werkelijkheid van mijn jeugd op Java’.
Waarna vele citaten volgen uit ‘Oeroeg’ (haar prozadebuut en mogelijk haar mooiste boekje), ‘Zelfportret al legkaart’ en andere geschriften van haar hand.
Inderdaad, hoewel Hella Haasse, als we rubriceren moeten, in het vak ‘historische romans’ terecht komt en niet bij de ‘Indische belletrie’ is toch menig werk van haar gestempeld door die Indische jeugd.
Hoe kan het anders, zou men denken, en toch.

Wie ongeveer van Hella Haasses generatie is, of iets jonger, en zeker wie ouder is, zou best heimwee naar Indië hebben ook al is hij er nooit geweest.
Herinner u hoe we alles moesten kennen: de blinde kaart van Java met alle steden, vulkanen en rivieren, de eilandengroepen, reeksen exotische prachtige namen die deden dromen.
Later de foto’s, lichtbeelden, films; gamelan- en dansvoorstellingen, het Tropenmuseum, cadeautjes over en weer van familieleden en vrienden daarginds.
Boeken, van en over Indië – kortom, er was een band heel sterk en heel innig, ook al was je er niet geweest, had je er niet rechtstreeks mee te maken.
Je benijdde degenen die land en volk uit eigen aanschouwing kenden: ze waren in het paradijs geweest.
Nogmaals: het was een soort heimwee naar iets vertrouwds dat je toch vreemd was.
Toen kwam de breuk.
Wat moest dit betekenen voor wie hier zijn jeugd had liggen, als Hella Haasse.
Wordt je dan niet verteerd van verlangen naar een weerzien met dat verloren paradijs, al is het dan als toerist, wat vernederend als toekijker, als vreemdeling?

Zoveel hoofden, zoveel zinnen.
We spraken er over met een vriend, die als Hella Haasse, zijn hele jeugd op Java heeft doorgebracht, en die pas na de Japanse nederlaag naar Nederland is gekomen.
Omstandigheden verder vergelijkbaar: volbloed europeaan, beschermd milieu, kunstenaar.
Hij zou onder geen enkele voorwaarde nog eens een reis naar zijn geboorteland willen maken, kan er letterlijk niets mee beginnen.

Hella Haasse is, toen ze de gelegenheid kreeg, wel als toeriste teruggegaan, ze heeft in de zomer van 1969, met haar man een reis over Java en naar Bali gemaakt.
Na dertig jaar.
Maar ze kon er, kennelijk, ook niet erg veel mee beginnen.
We weten niet of ze schrijf-verplichtingen had aangegaan vóór ze die reis ondernam, maar in elk geval moet het een boek worden, en daar zitten we nu mee.
‘Krassen op een rots’.
Het is een allegaartje van journalistieke notities, herinneringen, citaten uit vroeger werk en uit oude dagboeken, bijzonder wijdlopige en vaak zeurderige cultuurhistorische beschouwingen, gelardeerd met de tekst van een lezing en met twee – voortreffelijke, dat moet gezegd worden – oude, niet eerder gepubliceerde novellen van haar hand en met andere fremdkörper, als gedichten van W. S. Rendra, in Maleis en vertaling van Hella Haasse.
Uiteraard zijn er in een boek van tweehonderd bladzij’s enkele pagina’s met aardige of treffende opmerkingen te vinden, maar als geheel krijgt men toch de indruk: Hella Haasse is naar Indië teruggeweest en moest er, hoe dan ook, een boek van maken.
Hoe teleurstellend.
We gaan met haar naar het Diëng-plateau, en denken een goede gids te hebben.
Onderweg een journalistiek verslag, geïllustreerd met niet helemaal bijpassende kleurenfoto’s van Tibet uit de “National Geographic”.
En als we er zijn ‘Er groeit onkruid in de lege nissen, er hangt een stank van urine’. (…) ‘Dit is het hart van het antieke sacrale Java’.
Humor, spot zelfs kent Hella Haasse niet, of nauwelijks.
Alles is bij haar op een damesachtige manier ernstig.
Anders lag hier nog een kans.
Een enkele keer krijgt haar pen vaart, zoals bij de beschrijving van een Balinese tempeldans, weliswaar opgevoerd voor toeristen in technicolor: ‘De prins, gedanst door een kind van een jaar of tien, twaalf, een klein tenger hoekig figuurtje in goud en brokaat, met een gespannen nobel maskertje onder zijn glinsterende hoofdtooi; de hemelnimfen en hun minnaars, in groen en violet, met vergulde waaiers en vonkenspattende trilbloemen in hun haren; en bovenal de Gendarwa’s, demonen, kwelgeesten, wezens op de grens tussen mens en insekt of vogel, potsierlijk schrijdend met spitse vingers en rollende ogen, spiegelgevechten uitvoerend in een warreling van bontgekleurde slippen, franjes en siersprieten – zij allen bleven wenden en keren op het platform tegen een achtergrond van tempelpoort en nachtelijk loof, bewegende juwelen onder de zwartblauwe hemel waarin de melkweg en glinsterend spoor trok'(pag.178).
Van haar cultuurfilosofische digressies zijn voornamelijk die welke handelen over het in wezen nog zo archaïsche bestaan van de Javanen heel interessant.
‘Enerzijds is de Javaanse mens kwetsbaar en overgevoelig, aan de andere kant bezit hij een verbazingwekkend uithoudingsvermogen.
Onuitputtelijk plezier beleeft hij aan zo maar kijken en luisteren naar wat er gebeurt; hij kan zich echter ook innerlijk volkomen afsluiten.
Het besef opgenomen te zijn in een gemeenschap, ergens helemaal bij te horen, houdt hem in leven; is die saamhorigheid verbroken, de harmonie met de omgeving aangetast, dan lijdt hij, sterft hij.
Het is dit mee-ademen, mee-bewegen in een grote collectieve stroom van nog ten dele onbewust, met de natuur verbonden leven, dit inderdaad van uit de moderne beschaving bekeken archaïsche bestaan, dat door Indonesische intellectuelen van nu wordt beschouwd als het struikelblok bij uitstek voor de vooruitgang van hun land, al geven zij tevens in een adem toe, dat er grote, elementaire kracht van uitgaat.
Er is, zeggen zij, geen gezonde hedendaagse economie, geen moderne staat, op te bouwen met mensen die van de ene op de andere dag in de andere, van de hand in de tand leven; die zich het meest ‘senang’, lekker voelen, als alles maar zo’n beetje zijn gewone gang gaat, ook al betekent dat vaak ongemak en ontbering; die eerder het gevoel hebben dat zij lijden door het ongewone, en door veranderingen die inspanning vergen, dan door een minimumbestaan. om de eenvoudige reden dat zij in de meest letterlijke zin van het woord genoegen nemen met zeer weinig, met bijna niets, als een en ander zich maar voltrekt in een vertrouwd, dat wil zeggen voor hen harmonisch kader; die als zij ziek zijn, of pijn of tegenslag hebben, zich – indien alle burenhulp en magie falen – liever terugtrekken om volgens onverbiddelijke natuurwetten dood of ten onder te gaan, dan dat zijzorg of hulp van een onpersoonlijke overheid eisen of verwachten; ja; die zich van het gemis aan dergelijke middelen en mogelijkheden niet eens voldoende rekenschap geven’.

Men merkt overigens zelfs reeds in dit citaat, hoe juist de opmerkingen ook mogen zijn, dat de schrijfster zich weldra in wijdlopigheid verliest en gaat irriteren.
Leuk zijn soms enkele simpel vertelde voorvallen, zoals de ontmoeting met de zelfbewuste dessavrouw in de bus (pag 125), maar dat zijn uitzonderingen, meestal moet men ploegen door deze teksten.

Voortreffelijk zijn daarentegen, zoals gezegd, de twee novellen.
De mooiste is ‘De Lidah Buaja’ (Krokodillentong), die uit 1948, een delicaat, ragfijn verhaal over een Japans echtpaar, als spionnen naar Batavia uitgezonden voor de tweede wereldoorlog.
Het is geheimzinnig, geraffineerd, werkelijk een meesterlijk neergezet in nog geen twintig bladzijs.
Het andere verhaal is uit 1954, het heet ‘Een perkara (Het verhaal van Egbert’, een zeer Indische familiegeschiedenis, iets brokkelig, maar toch wel erg goed verteld.

Al met al is ‘Krassen op een rots’ toch wel een erg hybridisch en teleurstellend boek geworden. Een ‘mengelmoes van teksten’, zoals de schrijfster het zelf noemt, waaruit helaas niet veel méér overkomt dan een indruk van verwarring en breedsprakigheid.

Hella S. Haase: Krassen op een rots, notities bij een reis op Java, Querido, Amsterdam.

HelleSHaasseKrassenOpEenRotsNotitiesBijEenReisOpJaveDerdeDruk1972

Dit is mijn exemplaar van het boek ‘Krassen op een rots’. Dit is een derde druk uit 1972.


Bewaarmap III

IMG_0303KinderKompasBewaarmapIIIHennep

Met dit beeld eindigde de vorige blog post over dit onderwerp. Alle delen van de bewaarmap waren gesneden. De gaten waren aangebracht en het hennepgaren lag gereed om de delen aan elkaar te maken.


Deze week ben ik begonnen Bewaarmap III in elkaar te zetten.
Het aan elkaar binden van de losse delen gaat redelijk.
Ik heb twee problemen:
1. een paar gaten zijn te dicht op de rand gemaakt (gelukkig maar 1 of 2)
2. het hennepgaren laat zich onvoldoende vast knopen. Ook met twee knopen
laat zo’n knoop makkelijk los. Als je dan het restant van het garen hebt weggeknipt
krijg je er geen knoop meer terug in. Dus ik lijm alle knopen vast en ik doe dat
voordat ik het te veel aan garen wegknip.

IMG_0305EersteRandBevestigd

Het ‘knopen’ van de lossen delen aan elkaar gaat prima. Doordat je steeds het garen tussen de losse delen door haalt ontstaat er een ruimte tussen de delen. Dat maakt het flexibel maar dat maakt wel dat de delen niet allemaal precies hetzelfde bij elkaar komen. Werken met 1 deel met twee gaten meer dan het aan te knopen deel 2 werkt goed.


IMG_0306StaandeRandNr2

De tweede opstaande rand is vastgemaakt aan de bodem.


IMG_0307OpstaandeDelenGereedOverslagenVolgenNogBodemBoven

Nu zijn het er vier. De overslagen moeten nog vastgeknoopt worden. Maar dit geeft al wel een beeld (al ligt de bodem hier nog naar boven).


IMG_0308MetNogTweeZijOverslagenTeGaan

Weer een stap verder: de twee kleinere overslagen (aan de onder en bovenkant als je map een portrait oriëntatie heeft) zijn er nog niet aangeknoopt.


IMG_0309NogEenOverslagTeGaanGarenAlOpMaatGeknipt

Op de bodem zie je korte eindjes vastgelijmd zitten. Dat was niet de bedoeling maar de knoopjes waren losgekomen en ik krijg de knoop er niet meer in. Er zijn nog plaatsen waar ik het restant garen moet wegknippen want de knop is vastgelijmd maar was nog niet gedroogd. Er is nog 1 overslag die ik moet vastknopen, die onderaan ligt. Er ligt al een stuk garen gereed. Ik neem steeds 4x de lengte van het te knopen traject. In dit voorbeeld is dit steeds 4×22,5 of 4×16,5 centimeter. Ik pas dat af aan het werk (ik meet dus niet precies het garen).


Na het vastknopen van de laatste overslag moet ik een manier
bedenken om de vier opstaande delen aan elkaar te zetten.
Daarmee vorm je het ‘doos-gedeelte’ van de map.
Het voorbeeld heeft ook nog een sluiting.

Kinder-Kompas

Vanmiddag weer verder gegaan met het verwijderen van de nietjes
uit de exemplaren van Kinder-Kompas die ik heb.

IMG_0304Nietjes

Tegelijk noteer ik de titels van alle verhalen, de schrijver, de illustrator en andere bijzonderheden. Vandaag waren de twee delen aan de beurt waarvan ik het jaar en de maand ken: juni 1937 en januari 1938.


De verhalen zijn voor kinderen tussen de 5 en 10 jaar.
Maar sommige verhaaltjes zouden wij vandaag de dag flauw noemen.
Ook het tekenwerk geeft soms een heel hoed tijdsbeeld.
Een verhaaltje dat ik vandaag las is een soort combinatie
van Alice in Wonderland en Margootje van Wim Sonneveld:
Annemietje van het ei.

KinderKompasNettyKerkhoven-HeyligersAnnemietjeVanTEi

Netty Kerkhoven-Heyligers: Annemietje van het ei.


De tekeningen vond ik zo leuk.
Daarom heb ik die digitaal een beetje verbeterd en
de tekst is uitgeschreven.


Annemietje van het Ei,
Werkelijk, zo heette zij;
En haar rokjes, alle acht,
Waren lekker warm en zacht.

Maar eens op een goede morgen,
Toen ze voor haar ei moest zorgen,
Kreeg ze plots een kippekuur
En ging uit op Avontuur.

KinderKompasNettyKerkhoven-HeyligersAnnemietjeVanTEi01R

Ze begon met een bezoek
Aan het schaaltje lekk’re koek.
En een alleraardigst sneetje
Gaf haar van zichzelf een beetje.

KinderKompasNettyKerkhoven-HeyligersAnnemietjeVanTEi02R

De kaas, die zo gevangen lag,
Zei ze liefjes goedendag.
daarna liep ze op een draf
Op de pot met honing af.

Maar die zei: “Loop jij maar rond,
“Snoepen, dat is ongezond!
“En je eitje wordt maar koud,
“Foei, ik vind je vrees’lijk stout!”

Annemie liep nijdig door,
Riep: “je bent een mispunt hoor,
“En je honing is te zoet,
“‘k Houd niet van dat nare goed!”

Maar toen schreeuwde de kadetten:
“Jij moet op je woorden letten!”
En ze holden één voor één
Achter Annemietje heen.

KinderKompasNettyKerkhoven-HeyligersAnnemietjeVanTEi03R

Jaagden haar de tafel rond,
Tot waar ’t eierdopje stond.
Zeiden toen: “Daar is je plaats,
“Houd maar op met al je praats!”

KinderKompasNettyKerkhoven-HeyligersAnnemietjeVanTEi04R

Annemietje, erg verschrokken,
Borg weer ’t eitje in haar rokken.
En ze was maar net op tijd,
Toen kwam Jantje voor ’t ontbijt.

Maar die kreeg een steenkoud ei,
En keek helemaal niet blij!

KinderKompasNettyKerkhoven-HeyligersAnnemietjeVanTEi05R

Netty Kerkhoven-Heyligers.

Bewaarmap III: de gaten

Gisteren heb ik dan een begin gemaakt met bewaarmap III.
A. Hamaker-Willink vindt het de mooiste oplossing.
Hij is in ieder geval het meest bewerkelijk.

Je begint met het snijden van de negen losse delen:
de bodem, de stroken die straks opstaan en de zijkanten vormen.
Vier stuks.
De overslagen of de deksels.

IMG_0296KinderKompasBewaarmapIIIDeBodemDeLosseStrokenEnOverslagen

‘Die bo-dem’, zou de pizzabakker zeggen met twee van de vier stroken. Deze opstaande stroken zijn hoger dan in bewaarmap II. Daar waren ze 2,5 cm hoog. Hier heb ik gekozen voor 3 centimeter. Dat geeft meer ruimte voor de gaten. Dan de eerste twee van vier overslagen. De bodem is van 3mm grijsbord. Voor de stevigheid.


IMG_0297KinderKompasBewaarmapIIIDeNegenLosseDelen

De gele kanten van van het passe-partout karton vormen straks de buitenkant van de bewaarmap.


IMG_0298KinderKompasBewaarmapIIIDeBodem

Volgens de voorschriften van de schrijver: 0,5 cm van de kant en om de centimeter een gat. Een afmeting op halve centimeters (22,5 x 16,5 cm) komt dan een beetje ongelukkig uit.


IMG_0299KinderKompasBewaarmapIIIPlaatsBodemOverSmalleStrookTekenAf2GatenMinder

De gaten van de bodem neem ik dan over op de smalle stroken karton: 2 gaten minder dan de bodem, 1 minder aan ieder uiteinde. Het ‘extra’ gat in de bodem ga ik gebruiken als startpunt en finish voor het garen. Hopelijk valt dat goed uit.


IMG_0300KinderKompasBewaarmapIIIIlSpiegelDeGatenOpDeSmalleStroken3CM

Hier zie je goed dat de smalle stook 2 gaten minder heeft.


IMG_0301KinderKompasBewaarmapIIIAlleMarkeringenAangebracht

Alle markeringen aangebracht. De papierboor kan los gaan.


IMG_0302KinderKompasBewaarmapIIIAlleGatenAangebracht

Bijna alle gaten zijn aangebracht. Op de smalle stoken, langs de straks opstaande randen moeten ook nog gaten komen. Ik denk dat ik aan iedere rand 2 gaten ga plaatsen. Dit is nog een onzekere factor.


IMG_0303KinderKompasBewaarmapIIIHennep

Met het binden begin ik volgende keer. Daarvoor gebruik ik het hennepgaren dat je hier in het midden ziet liggen.