Door omstandigheden heb ik een paar weken geen pizza kunnen eten.
Maar deze week weer wel.
Kaas, tomaat (als saus en in partjes), chorizo en kappertjes. Voor de oven.
Smullen maar!
Niet alle paprika’s zijn in de soep beland. De ingredienten zijn: winterwortel, paprika, trostomaat, knoflook, gember, ui, biologische kip, sambal, gerookte paprikapoeder.
Op de markt verkocht de kaasboer gisteren belegen kaas die ze Joekel noemden. Er lag ook een enorme kaas op een tafeltje voor de kraam. Ik eet een stuk daarvan bij mijn soep.
De titel is gemaakt door de Artificial Intelligence-oplossing van WordPress.
De AI-oplossing wil dat ik instructies geef over hoe de soep te maken
maar de soep is zo eenvoudig en bovendien er zijn heel veel wegen
om tot een paprikasoep te komen. Kies je eigen weg!
Al veel vaker heb ik het hier geschreven maar
voor mij is het beste moment om de markt te
bezoeken de ochtend. Als het nog donker is of schemert.
Zoals afgelopen vrijdag.
Bij de eerste kraam links (rood) wordt kaas verkocht. De blauwe kraam rechts, ertegenover, verkoopt vis. De Grote Markt in Breda gezien vanuit de Reigerstraat. Weekmarkt op vrijdag.
Ik ben blij dat er nog iemand is die van de Nederlandse
boeren kaas kan maken want ik kan dat niet meer.
Hun gedrag is onredelijk en gewelddadig.
Boerenkaas van Kaasboerderij de Witte Welle.
Het grapje is misschien flauw maar het optreden van
de Nederlandse boeren van de laatste maanden is dat niet.
In eerste instantie was ik wat teleurgesteld over de respons
op mijn oproep mee te schrijven aan een manuscript.
Misschien was het woord ‘manuscript’ een beetje afschrikwekkend.
Maar nu ik de 9 ‘inzendingen’ gelezen en bekeken heb, ben ik
eigenlijk heel tevreden.
Prachtige tekeningen en een quote van Yeats (!).
Be yourself, be you! Een hart onder de riem.
Hier lees je tussen de regels iets van mijn initiële teleurstelling.
Iemand die de uitdaging oppakt. Waarschijnlijk is het een tweede persoon die het citaat van Yeats (Nobelprijs voor de literatuur) er aan toevoegt: “Cast a cold eye/On life / On death/Horseman pass by”.
Hieronder vind je het hele gedicht.
Hier moet ik nog even voor gaan zitten.
Maar dit geeft vast genoeg inspiratie voor een reactie.
Dat geldt trouwens voor alle tekeningen en teksten.
Under Ben Bulben, William Butler Yeats (1939)
I
Swear by what the sages spoke
Round the Mareotic Lake
That the Witch of Atlas knew,
Spoke and set the cocks a-crow.
Swear by those horsemen, by those women
Complexion and form prove superhuman,
That pale, long-visaged company
That air in immortality
Completeness of their passions won;
Now they ride the wintry dawn
Where Ben Bulben sets the scene.
Here’s the gist of what they mean.
II
Many times man lives and dies
Between his two eternities,
That of race and that of soul,
And ancient Ireland knew it all.
Whether man die in his bed
Or the rifle knocks him dead,
A brief parting from those dear
Is the worst man has to fear.
Though grave-diggers’ toil is long,
Sharp their spades, their muscles strong.
They but thrust their buried men
Back in the human mind again.
III
You that Mitchel’s prayer have heard,
“Send war in our time, O Lord!”
Know that when all words are said
And a man is fighting mad,
Something drops from eyes long blind,
He completes his partial mind,
For an instant stands at ease,
Laughs aloud, his heart at peace.
Even the wisest man grows tense
With some sort of violence
Before he can accomplish fate,
Know his work or choose his mate.
IV
Poet and sculptor, do the work,
Nor let the modish painter shirk
What his great forefathers did.
Bring the soul of man to God,
Make him fill the cradles right.
Measurement began our might:
Forms a stark Egyptian thought,
Forms that gentler Phidias wrought.
Michael Angelo left a proof
On the Sistine Chapel roof,
Where but half-awakened Adam
Can disturb globe-trotting Madam
Till her bowels are in heat,
Proof that there’s a purpose set
Before the secret working mind:
Profane perfection of mankind.
Quattrocento put in paint
On backgrounds for a God or Saint
Gardens where a soul’s at ease;
Where everything that meets the eye,
Flowers and grass and cloudless sky,
Resemble forms that are or seem
When sleepers wake and yet still dream.
And when it’s vanished still declare,
With only bed and bedstead there,
That heavens had opened.
Gyres run on;
When that greater dream had gone
Calvert and Wilson, Blake and Claude,
Prepared a rest for the people of God,
Palmer’s phrase, but after that
Confusion fell upon our thought.
V
Irish poets, learn your trade,
Sing whatever is well made,
Scorn the sort now growing up
All out of shape from toe to top,
Their unremembering hearts and heads
Base-born products of base beds.
Sing the peasantry, and then
Hard-riding country gentlemen,
The holiness of monks, and after
Porter-drinkers’ randy laughter;
Sing the lords and ladies gay
That were beaten into the clay
Through seven heroic centuries;
Cast your mind on other days
That we in coming days may be
Still the indomitable Irishry.
VI
Under bare Ben Bulben’s head
In Drumcliff churchyard Yeats is laid.
An ancestor was rector there
Long years ago, a church stands near,
By the road an ancient cross.
No marble, no conventional phrase;
On limestone quarried near the spot
By his command these words are cut:
Cast a cold eye
On life, on death.
Horseman, pass by!
Ik vermoed dat ik dit goed kan gebruiken om nog eens een poging te doen de Nederlandse taal en ons schrift te gebruiken zoals je dat in Arabische kalligrafie ziet.
Tijdens mijn verhaal heb ik bezoekers mijn exemplaar van het boek ‘Kaas’ van Willem Elsschot laten zien (met gele boeksnede). Misschien komt daar deze bijdrage van Max vandaan.
Heel donker gedicht met een bijpassende tekening.
Dit is een compliment van een van de bezoekers die een aantal ideeën heeft overgehouden aan het bezoek.
‘Hoi’, de titel van dit bericht, geschreven door Reyn.
Vanochtend de tweede verfbeurt uitgevoerd op het derde katern van mijn ‘ridderroman’. De rest van de tekst, nog twee katernen, moet ik nog schrijven. Vanmorgen ook papier geselecteerd als schutblad en op maat gesneden. Kijken of ik vanmiddag nog ideeën heb voor de afloop van het verhaal.
Op zich heeft dit niets te maken met Kaas van Willem Elsschot behalve dan
dat dit boekje, dat ingebonden gaat worden in het leer van een oude
portemonnee, vervolgens gaat dienen als de dummy
voor de doos in kaasvorm die ik uiteindelijk wil maken
voor mijn ingebonden editie van Kaas.
De dingen die ik onderhanden heb zijn nu zo weggezet
in mijn werkplaats in de FutureDome dat het lijkt op een etalage.
Links en rechts spatwerk.
In het midden op het boek ‘Het ideale boek’ het boek dat ik
gisteren uit de boekenpers heb gehaald: Kaas van Willem Elsschot.
Ingebonden in geel kunstleer, gespat met gele ecoline.
Op de achtergrond de doos met ‘Maak je eigen boek’.
Kaas van Willem Elsschot ben ik aan het inbinden.
Het idee is dat het ingebonden boek in een plat
stuk Edammer kaas komt te liggen.
Om uit te dokteren hoe ik de doos ga maken, bind
ik eerst een dummy in.
De tekst verzin ik zelf, speelt zich af in de omgeving
van West Brabant. Ik noem het mijn Ridderroman.
De band maak ik uit een oude portemonnee die ik uit elkaar
gehaald heb. De tekst illustreer ik met droodels.
Vandaag heb ik de band gezet rond Kaas.
Dat boek ligt nu in de boekenpers te drogen.
Weer een katern van tekst voorzien en een basis voor het illustreren gemaakt. Als de achtergronden nu een kleur hebben dan is dat met ecoline gedaan. Het bamboepapier dat ik als ondergrond gebruik is heel stevig en kan veel vocht hebben zonder te veel te vervormen.
Vandaar nog even verder gegaan met Kaas
van Willem Elsschot.
Eigenlijk is dit fout. Je hoort eerst de platten en de rug aan elkaar te plakken met kraftpapier. Dat ga ik achteraf nog wel doen. Hier zie je dat ik met behulp van een driehoek de platten en de rug op een lijn breng en dat ik een kneeplatje gebruik om de afstand tussen rug en platten goed te krijgen.
Vervolgens heb ik het kunstleer op maat gesneden en het vouwpatroon op de hoeken voorbereid. Deze methode (klein beetje aangepast voor het kunstleer) heb ik geleerd bij Boektotaal.
De eerste lange kant is gelijmd met speciale aandacht voor de hoeken.
Je ziet dat ik het kraftpapier aan de binnenkant heb aangebracht. Niet de goede volgorde maar ik hoop dat hierdoor de rug toch versterkt wordt. De band is gereed. Ik heb hem na het passen van het boekblok in de boekenpers gelegd om goed te drogen.
Als ik heb boekblok in de rug leg gaat het er zo uitzien. Een mooie gele ‘Kaas’. Het idee is nu dat dit boek in een doos komt in de vorm van een plat stuk Edammer kaas. Maar daarvoor wil ik eerst de dummy afmaken en daarvoor moet ik eerst mijn ridderroman afschrijven.
Gisteren had ik het gevoel dat ik het wel aandurfde om
de boeksnede van Kaas van Willem Elsschot te spatten.
Het boek krijgt een gele band en de snede wordt geel gespat met
een wit leeslint en witte kapitaalbandjes.
Dan begin je dus met het boek goed af te plakken en af te dekken
zodat niet alles geel wordt.
Zoals de vorige keer bij het oefenen is het een hele stellage.
De kop gespat. Je ziet dat ik de hoeken van het boek ook afgeplakt heb. Om er voor te zorgen dat elleen de snede geel wordt en niet de rug of het schutblad.
Zo zie je het verschil tussen onbespat en bespat heel goed.
Dan de laatste lange kant. De ecoline droogt snel en de pagina’s plakken niet aan elkaar.
Helemaal gespat.
Dan is het nu tijd voor het leeslint.
Ik heb daarvoor het midden van het boek gezocht: 6 katernen.
Het uiteinde van het leeslint heb ik een beetje ingelijmd en daarna schuin afgesneden. Hiermee hoop ik het rafelen van het leeslint tegen te gaan.
Dit is de kop. Nu kan het kapitaalband er op gelijmd worden.
Kopse kant met kapitaalband.
Een van de snijresten van het boek gebruik ik om te testen hoe spatwerk op de snede zal gaan werken. Ik plak de omgeving goed af met krantenpapier en schilderstape.
De snijresten zitten tussen twee plankjes die op hun plaats worden gehouden met twee klemmen die ik van mijn vader geleend heb. Dat werkt prima.
De bedoeling is met geel te gaan spatten maar om zoveel mogelijk die kleur verf te sparen neem ik voor de test een andere kleur. Maar het spatten werkt niet. Ik vermoed dat het aan de acryl ligt. Ook verdunnen helpt niet.Toen heb ik de verf gewoon direct met de tandenborstel aangebracht.
Nu ik toch aan het testen ben probeer ik op de snede te verven. Dat gaat vrij aardig. Probleem is dat het oppervlak waarop ik schilder niet egaal glad is. Dat is straks bij het boek anders.
Als je verf direct aanbrengt dan heeft het als effect dat de pagina’s aan elkaar kleven. Ze gaan overigens eenvoudig weer los maar dat is natuurlijk wel een extra handeling. Zo egaal wil ik op mijn uiteindelijke boek Kaas de kleur niet aanbrengen. Ik wil spatwerk.
Om toch het gevoel te hebben vandaag iets gedaan te hebben snij ik de platten en de rug voor het boek Kaas van Willem Elsschot. Daar is het tenslotte allemaal om begonnen. Maar ik wil eerst spatwerk aanbrengen op de snede, dan het leeslint en de kapitaalbandjes en pas dan de band zetten. Dus gaan zoeken op internet en in mijn boeken over boekbinden. Spatten.
Mijn spataquarium. Overal lees ik over ecoline maar ook dat het met acryl eigenlijk ook moet kunnen. Dus ecoline gekocht, weer uitproberen, weer geen succes. Toen bleek dat als ik de tandenborstel anders vasthoud, dat het dan wel werkt. Het probleem lijkt hem dus in de borstel te zitten. Als ik hem schuin hou dan is er meer weerstand en wordt er gespat.
Het boekblok is goed gelijmd en uit de boekenpers. Nu komt altijd een magisch moment: het snijden van het boek. Tot nu toe is het boekblok een ruwe diamant geweest. We gaan die slijpen. Al het overto9llig papier snijden we weg. De zijkanten worden mooi glad. Dadelijk, na het snijden kan het boek ook eindelijk goed geopend worden.
Na het snijden wil ik de zijkanten van het boek een gele kleur geven. Dat spatten heb ik sinds de kleuterschool niet meer gedaan. Dus eerst een dummy. Na het spatten breng ik het witte leeslint en witte kapitaalbandjes aan.
Het snijden met een snijmachine is een nauwkeurig werkje. Het boek moet rechthoekig worden of blijven en je moet niet te veel of te weinig wegsnijden. Gelukkig staan hiervoor aanwijzingen op het papier van de drukker. Dit is de onderkant of de staart van het boek.
Hier zie je beide kanten van het boek. De voorkant, op de voorgrond, voor het mes. De rug achter het mes. Meet both ends. Maak kennis met beide kanten.
Voorzichtig snijden. Dit papier liet zich goed, en een keer snijden.
Dit is de bovenkant van het boek of de kop. Hier zitten de gevouwen vellen nog aan elkaar. Dadelijk is het boek volledig doorbladerbaar.
Dit zijn de snijresten.