Dadadicht: Ezeloor

Gisteren weer even kunnen werken aan de dada dichtbundel.
Toeval speelt daarbij een grote rol.
Zo heb ik gisteren stukken afvalpapier verwerkt tot
een afbeeldingen waarbij ik gebruik maak van toevallige
lijnen in de restanten papier die ik gebruikt heb bij het
spatten en rollen om bepaalde gebieden van de pagina
waar ik op dat moment mee bezig ben af te schermen.
Die toevallige lijnen laat ik dan op elkaar aansluiten.

WP_20180915_10_26_20_ProSpatVoorbereiding

Ik ben begonnen het spatwerk voor te bereiden voor de tekst ‘Dada’.


WP_20180915_10_42_56_ProSpatVoorbereiding

De vorm die ik gesneden heb uit bruin papier dekt niet de hele pagina af. Daarom gebruik ik resten van ander papier om de pagina helemaal af te dekken zodat alleen daar de ecoline komt waar ik het wil.


WP_20180915_10_48_17_ProDadaSpatwerk

Dit is dan bijvoorbeeld zo’n resultaat.


WP_20180915_10_59_36_ProDaDaSpatwerk

Nog een.


WP_20180915_11_39_19_ProSpatillustratie

Hier heb ik vormen uit het papier gesneden dat eerder is gebruikt om bij spatten het onderliggende papier te beschermen. Deze vormen die ik uitgesneden heb gebruik ik vervolgens weer om een compositie te maken.


WP_20180915_11_56_22_ProEzeloor

In de compositie ‘Ezeloor’ (bewust foute spelling, de titel moet 7 posities of letters lang zijn) gebruik ik de toevallige lijnen die eerder ontstaan zijn, als leidraad voor de compositie. De uitsnijding van de individuele stukken papier laat ik afhangen van de verfresten op de verschillende papiersoorten.


Dadadicht

Afgelopen woensdag ben ik weer bezig geweest met
nieuwe pagina’s voor de bundel Dada(ge)dicht.
Krantenartikel, woorden uitknippen, husselen in zakje,
dan een voor een er uit halen naargelang de behoefte.
In het geval van een ‘elfje’, 11 woorden: 1 op regel 1,
2 op regel 2, dan 3, dan 4 en op regel 5 één woord.

WP_20180912_14_55_41_ProElfje

Het Dadadicht ‘achterneef’ gedrukt.


WP_20180912_15_40_41_ProElfjeInDadadicht

Hier tegen een achtergrond.


WP_20180912_15_40_58_ProElfjeIndadadicht

Hier over spatwerk met ecoline en links een afbeelding gemaakt met drukinkt. Gemaakt met de roller en stukken sjabloon.


WP_20180912_15_41_37_ProElfjeInDadadicht

Nog een pagina.


Elfje

WP_20180902_15_28_12_ProElfje

Nu de tekst nog met de hand zetten en dan die hierop afdrukken. Eerlijk gezegd lijkt het wel een beetje op een oefening door Kerstmis. Maar goed, krijg ik daar wat oefening voor. Ik zal de sjablonen maar goed bewaren.


Antons tweestrijd

Veel romans lees ik niet.
Maar omdat ik me verdiep in Hella Haasse en ik dit boek zag
in een boekwinkel dat zo duidelijk aangeeft een
historische roman te zijn, besloot ik het te kopen en lezen.
Hella Haasse heeft een aantal historische romans geschreven.
Maar ik heb er nog geen gelezen.
Wel heb ik werk van haar gelezen dat over Indië gaat.

Bij een historische roman loop je, denk ik, het risico dat
de schrijver al snel feitjes gaat opschrijven en dan ben
je een geschiedenisboek aan het schrijven en geen roman.
Dus een beetje als voorbereiding las ik Antons Tweestrijd
van Peter van de Steenoven.
Het boek is dit jaar verschenen en speelt zich voor een
groot deel af in en rond Breda.
De hoofdpersoon heeft een kantoor in de Katerstraat (de
huidige Catharinastraat) en zijn belangrijkste klant
woont in de Veemarktstraat.

PeterVanDeSteenovenAntonsTweestrijd

Peter van de Steenoven, Antons tweestrijd, 2018.


Over de Katerstraat zegt erfgoed.breda.nl het volgende:

De naam Katerstraat komt al voor in een oorkonde in het archief van het Begijnhof uit 1355. Volgens de Bredase historicus Jac. van Hooydonk hangt de aanleg van de Katerstraat nauw samen met de burcht van Breda, die voor het eerst wordt vermeld in 1196, maar vermoedelijk al een halve eeuw ouder is. Bij archeologisch onderzoek bleek dat er nog 13e eeuwse sloten diagonaal de Catharinastraat kruisen. Dat wijst erop dat deze straat toen nog niet aanwezig was. Pas in de tweede helft van de 13 eeuw wordt de straatloop zichtbaar aan de hand van evenwijdig lopende sloten.
De meest voor de hand liggende reden voor de aanleg van de Catharinastraat is om het burchtterrein en de oudste haven aan te sluiten op de ontsluitingsweg naar het oosten, de huidige Boschstraat.

Kater, keuter of kouter

Scherft zegt dat de naam Katerstraat afgeleid is van katers of keuters, keuterboeren dus, die hier gewoond hebben. Brekelmans geeft als verklaring dat kater verband houdt met het woord kouter, afgeleid van ‘cultura’, dat is de door de heer geëxploiteerde grond rondom diens hof. De naam Katerstraat vindt men ook in Baarle en in Zundert.

Verbasterd

De Katerstraat bleef zeer naamvast tot ver in de negentiende eeuw. In 1812 werd de naam echter op de straatnaambordjes in het Frans verkeerd vertaald als Rue St. Cathérine. In de volkstellingen van 1829 en 1839 komt hij nog voor als Katerstraat, maar in het bevolkingsregister van 1848 en alle latere officiële bronnen sindsdien is het definitief Catharinastraat. De naam Katerstraat bleef echter tot in het begin van de twintigste eeuw in de volksmond de enige gebruikte naam.

De schrijver weet goed de vaart in het verhaal te houden
dat draait om keuzes die de jonge advocaat moet (gaan)
maken. Keuzes die te maken hebben met de heersende moraal
van de standenmaatschappij in het Nederland van rond 1828.

Op pagina 112, in een deel dat zich afspeelt in een slaapkamer,
wordt gesproken over

‘een schilderij met een allegorische voorstelling met schaars geklede dames van ene Françios Boucher’.

Welk schilderij precies bedoeld wordt door de schrijver weet ik niet.
na even rondgekeken te hebben op internet blijkt dat veel van de werken
van Boucher dezelfde stijl volgen.
Het volgende schilderij had best in de Veemarktstraat kunnen hangen.
Nu is het te vinden in The J. Paul Getty Museum

FrancoisBoucherTheBirdCatchers1748

Francois Boucher, The bird catchers, 1748.


Responding to the contemporary rage for pastoral scenes depicting amorous countryside games, François Boucher here exhibited young, fashionable couples in the act of catching birds. In the 1700s, small birds played an important symbolic role in courtship ritual: the gift of a caged bird from a man to a woman signified her capture of his heart.

Het schilderij heeft een duidelijk erotisch element.
Het symbool van vogeltjes die gevangen zitten staat
voor het hart van de man dat door de vrouw gevangen is.
De website legt het hierboven een beetje omslachtig uit.

In het boek komen een aantal keren literaire werken voor
uit die tijd. Zo lezen we over:
– Adolphe van Benjamin Constant
– geen titel vermeld maar het gaat om een boek van Rhijnvis Feith
– Julie ou la nouvelle Héloise van Jean-Jacques Rousseau

Op pagina 111 legt een van de hoofdpersonen uit wat er
volgens haar, zo goed is aan het boek Adolphe en de ideeën
van Benjamin Constant. Naar mijn smaak komt daar de schoolmeester,
het gevaar van een historische roman, iets te veel om de
hoek kijken.

Of iemand in 1828 het volgende zou denken of zeggen,
weet ik niet (pag. 56) “Bij nat weer waren de dijken
super modderig”.

Ik heb het boek met veel plezier gelezen!

De omslag is goed gekozen, een harde kaft had ik
prettiger gevonden maar dat doet niets af aan de inhoud.
De omslag komt meerdere keren in het boek terug.
Steeds een beetje anders.

Graag las ik iedere keer weer een volgende pagina.
Dat is voor mij een goed teken. Dan zit er vaart in het boek
en het maakt me nieuwsgierig. Ik wil meer.
Hopelijk heb je zelf ook deze ervaring.

Gespat dadadicht

WP_20180826_13_56_36_ProVandaagDadadichtGezet

Vandaag heb ik eerst met de hand de tekst van mijn eerste dada(ge)dicht gezet. Zeven regels van elk zeven woorden.


WP_20180826_14_42_13_ProDadadichtMetCorrectiesOpDePers

De eerste proefdruk gaf aan dat er wat correcties nodig waren. Die heb ik in de tekst aangebracht.


WP_20180826_14_46_33_ProDadadichtProefdrukkenMetCorrecties

Vervolgens nog een paar proefdrukken gemaakt om te zien of de correcties goed zijn aangebracht en om te zien hoe ik het best de druk kan verhogen tijdens het drukken.


WP_20180826_15_48_46_ProDadaStokpaardjeGespatOverDadadicht

Vervolgens heb ik een sjabloon gesneden van een stokpaardje (=dada) en het sjabloon dan gebruikt om de vorm te spatten over de tekst heen. Deze tekst (proefdruk) was niet heel donker maar de tekst blijft prima leesbaar. Misschien iets minder spatten. Maar dat is erg afhankelijk van de kleur ecoline die ik gebruik. Heel leuk vind ik de grotere en kleinere spatten.


WP_20180826_15_51_08_ProDadaStokpaardjeUitgesneden

Sjabloon van een stokpaardje.


WP_20180826_15_52_41_ProDadaStokpaardje

Misschien hier beter te zien op een witte achtergrond. Komende week het stokpaardje spatten op de definitieve tekst.


Dadadicht

Het werk aan het eerste dadagedicht ben ik gisteren
gelijk gestart. Zoals ik aangaf volg ik de richtlijnen
van Tristan Tzara niet helemaal.
Het artikel dat ik verknipt heb wordt de basis
voor een dadaïstische dichtbundel.

WP_20180825_09_20_15_ProVerkniptArtikelDadaBundel

In deze plastic zak zit het verknipte artikel uit Argus over Verweesde boeken.


Het eerste gedicht dat ik ga maken heeft 7 zinnen van 7 woorden.
De woorden heb ik uit de zak gehaald en op het eerste katern geplakt.

WP_20180825_10_32_08_ProEzeloor

Dan is dit het resultaat.


voetbalbestuurder Nederlandse verweesde het voegen een zeventien
toevoeging terecht meer hij van van aantal
vooral het zulke verweesde boekenplanken spelen sinds
eraan letters tussen verraste dat tien las
een boeken niet elkaar die onderdeel antiquariaat
voor voetbalboekjes jaar verhuisden boek wel boeken
de ezelsoor boven op het raakt want

Zoals je kunt zien had Tristan Tzara gelijk:

The poem will look like you
And there you are — an infinitely original author endowed with a charming sensibility though beyond the understanding of the vulgar.

Voor een toelichting op Dada ging ik naar Wikipedia:

Het dadaïsme of kortweg dada was een culturele beweging die tijdens de Eerste Wereldoorlog begon in Zürich in het neutrale Zwitserland.

De beweging was ongeveer tussen 1916 en 1920 op haar hoogtepunt. De kunstenaars van dada hielden zich bezig met mengvormen van beeldende kunst, poëzie, theater en grafisch ontwerp. De beweging toont qua geesteshouding verwantschap met het nihilisme door het opzettelijk irrationele en het ondergraven van de algemeen geaccepteerde standaarden.

Hoewel de beweging slechts korte tijd heeft bestaan, is haar invloed zeer groot geweest. Dada is een kunst net onder de realiteit. Kunstenaars hielden zich bezig met het gebruik van voorwerpen die eigenlijk al bestonden. Zij maakten er net iets anders van dan het eigenlijk moest voorstellen.

De naam is uit een Frans-Duits woordenboek geprikt. Op een willekeurige pagina kwam men bij het Franse woord dada, dat speelgoedpaard en ook figuurlijk stokpaardje betekent.

DadaStokpaardje


Mijn nieuwe gedichten

Als iemand al eerder mijn blog bezocht heeft
dan weet die persoon waarschijnlijk dat aan mij
geen schrijver verloren is gegaan.
Laat staan een dichter.
Maar deze week keek ik naar het werk van een
Nederlandse margedrukker: Pluuspers.
Ik ken haar niet maar zag op haar website
een geweldig idee:

PluuspersWWWTantePapierNLTristanTzaraNeemNeemEenKrantEenSchaar

Neem een krant, mee, een schaar. Bijna als een recept staat er een serie hints om zelf een gedicht te maken. Het idee is van Tristan Tzara.


Wat staat er precies op de kaart:

Zo schrijft u een dadaïstisch gedicht:

 

NEEM EEN KRANT
NEEM EEN SCHAAR


Kies een artikel uit de krant dat even lang is als de beoogde lengte van het gedicht.
Knip het artikel uit.
Knip vervolgens zorgvuldig alle woorden van het artikel uit en stop ze in een zak.
Schud voorzichtig.
Haal vervolgens de snippers een voor een uit de zak.
Schrijf de woorden nauwgezet over in de volgorde waarin ze uit de zak zijn gekomen.
Het gedicht zal op u lijken.
En kijk, daar bent u een buitengewoon origineel en fijngevoelig schrijver, hoewel onbegrepen door de plebs.

 

Tristan Tzara

SjorsEnSjimmieBijDeBaanbrekers

Sjors en Sjimmie en de baanbrekers, Frans Piët.


Nieuwsgierig geworden wilde ik wel weten wie Tristan Tzara
eigenlijk is. Wikipedia bracht zoals altijd uitkomst:

Tristan Tzara, pseudoniem van Sami Rosenstock, (Moinești, 16 april 1896 – Parijs, 25 december 1963), was een Roemeens dichter, essayist en performanceartiest die het grootste deel van zijn leven in Frankrijk leefde.
Hij is vooral bekend geworden als een van de stichters van het dadaïsme.

Een Roemeense dichter.
Ik schaam me, ik had nooit van hem gehoord.
Vermoedelijk schreef hij niet in het Engels, maar deze
Engelse tekst ligt waarschijnlijk ten grondslag aan de Nederlandse.

To Make a Poem

Take a newspaper
Take a pair of scissors
Choose from the paper an article as long as you are planning to make your poem
Cut the article out
Next carefully cut out each of the words that make up the article and put them in a bag
Shake gently
Next take each clipping out one after another in the order in which they left the bag
Copy conscientiously
The poem will look like you
And there you are — an infinitely original author endowed with a charming sensibility though beyond the understanding of the vulgar.
Tristan Tzara

SjorsEnSjimmieEnDeTijger

Sjors, Sjimmie en de tijger.


Ik vond het een geweldig idee.
Toevallig lag de laatste editie van Argus op tafel.
Ik zocht naar een geschikt artikel en koos een artikel
uit de serie ‘Verweesde boeken’.

WP_20180823_14_12_41_ProTheoDersjantVerweesdeBoeken

Dit artikel van Theo Dersjant gaat over een versie van ‘Sjors en Sjimmie als journalisten’. Op de kaft van het boek staat een naam en in het artikel wordt achterhaald wie die persoon is en wat die herinnert van het boek. Ik herinner me veel van het boek. Dit boek en drie andere heb ik nog steeds en hebben al eerder op mijn weblog gestaan.


WP_20180823_14_20_08_ProVerweesdeBoekenSkorsEnSjimmieAlsJournalisten

Eerst heb ik die stukken van het artikel afgeknipt die ik toch niet ga gebruiken. Bijvoorbeeld de foto.


Maar ik heb me meer regels opgelegd.
Misschien niet erg Dada maar om ‘leuke’ gedichten te krijgen
heb ik:
– woorden met grote beginkapitalen aan het begin van een alinea
weggelaten;
– alle leestekens weggelaten;
– als een woord aan het eind van een regel wordt afgebroken en er ontstaan
twee woorden met ieder een eigen betekenis dan zijn dit twee woorden;
– de titels heb ik gewoon meegenomen. Ze zijn afwijkend van grootte
maar dat is de ‘snipperversie’ van het gedicht misschien wel leuk;
– Eigennamen, plaatsnamen en merknamen (ed) laat ik weg,
behalve als het om woorden gaat die ook een andere betekenis hebben;
– jaartallen en afkortingen zijn weggelaten;
– ge- (van een voltooid deelwoord aan het einde van een regel)
heb ik weggelaten.

WP_20180823_14_20_18_ProStukkenTeVerknippenTekst

Dit zijn de stukken tekst van het artikel die ik ga verknippen.


WP_20180823_14_27_41_ProAchterkantenGestreept

De achterkanten van de stukken tekst heb ik eerst gearceerd. Je kunt ook teveel toeval toelaten. Op deze manier vergis ik me niet in het selecteren van de juiste woorden.


WP_20180823_14_55_12_ProAfvalsnippersOpDeGlazenTafel

Bij het knippen vallen dan nog steeds stukjes tekst af. Hier op onze glazen tafel.


SjorsEnSjimmieNaarDePintoPlaneet

Sjors en Sjimmie naar de Pintoplaneet.


Blijft er voor mij nog wel een probleem over.
Het artikel uitzoeken op lengte voor een gedicht vond
ik niet zo praktisch.
Op onderwerp vond ik leuker.
Daarom dit artikel over een Sjors en Sjimmieboek.
Maar dat betekent wel dat ik nog regels moet bedenken
voor het maximaal aantal woorden in een gedicht
en het maximaal aantal regels.

SjorsEnSjimmieAlsJournalisten

Dit is mijn exemplaar van Sjors en Sjimmie als journalisten.


Eerste deel intro ‘Boek in een doos’ met de hand gezet vandaag

Op zich niet heel sensationeel maar het was warm vandaag
in de FutureDome, zullen we maar zeggen.
Vandaag heb ik het eerste deel van de introductie
gezet, voor het eerste van 7 boeken, ieder in een doos.
Ieder straks met een eigen boekenlegger.

Maar eerst de eerste, kleine, pagina:

WP_20180822_17_00_52_ProBoekIneenDoosIntro01

Vanmiddag deze tekst even met de hand gezet. Ik krijg de smaak weer te pakken. Maar mijn snelheid van zetten is een lachertje. Maar het is niet anders.


Koh-I-Noor: berg van licht

De afgelopen weken heb ik het boek Koh-I-Noor gelezen.
Een soort biografie van een diamant.
Want de Koh-I-Noor is een beroemde en beruchte diamant.
Menig Indiaas restaurant is er naar vernoemd.

De schrijvers van het boek zijn William Dalrymple en Anita Anand.
Mevrouw Anand ken ik niet, heb niet eerder van haar iets gelezen.
William Dalrymple, die ken ik wel.

Dalrymple heeft ouders van Engelse adel en schrijft regelmatig boeken
op het snijvlak van populaire en academische historische boeken.
Hij is een neef van Virginia Woolf.
De eerste keer dat ik iets van hem las ging het over Hyderabad
en de voormalige machthebbers daar (Nizam).
In dat artikel/boekfragment beschreef hij een bezoek van Jacky Kennedy
aan Hyderabad, op een tijd dat de macht van de Nizam verdwenen was
maar de familie nog wel de paleizen bewoonde.
Een ongelofelijk verhaal.
Wil je meer over deze man weten, lees dan het Engelstalig artikel
op Wikipedia over hem.

WilliamDaltympleAndAnitaAnandKoh-I-Noor

William Dalrymple en Anita Anand, Koh-I-Noor – de geschiedenis van ’s werelds bekendste diamant.


Ook de biografie van de Koh-I-Noor is een ongelofelijk verhaal.
Van een eerst onbekende maar grote diamant (in die tijd
de grootste of een van de grootste diamanten ter wereld),
die niet bijzonder hoog werd aangeslagen in India omdat
men de voorkeur gaf aan smaragden en robijnen.
Tot de grootste diamant in de Engelse kroonjuwelen.
Tussen die twee uitersten veel moorden, politiek, graaizucht
en ellende. Tot op de dag van vandaag.

Koh-I-Noor

Een van de kronen uit de brede collectie Britse kroonjuwelen. Midden voor de Koh-I-Noor.


Dat de Engelsen ‘onder verdachte omstandigheden’ aan de diamant
gekomen zijn is een understatement.
Net als in de Nederlandse koloniale geschiedenis
werd het mijn en dijn vaker door het recht van de sterkste
bepaald in plaats van door eigendomsbewijzen of het in
bezit hebben van roerende en onroerende goederen.

Het boek is doorspekt met vertalingen en/of toelichtingen
op oude Punjabse, Perzische en Indiase teksten.
Een boeiende reeks maharadja’s, krijgsheren en avonturiers
komen voorbij.
Maar ook een 10-jarige heerser over de Punjab die onder druk
de diamant ‘weggeeft’.

Aan anekdotes geen gebrek zoals dit verhaal uit 2010 (het boek
begint met een tekst uit de 10e eeuw voor onze jaartelling):

In 2010 bracht de Britse premier Cameron een officieel bezoek aan Punjab. De Indiase media legden hem toen voor dat de teruggave een eerste excuus zou zijn voor de uitbuiting van India tijdens de Raj. “Zodra je ja zegt tegen de een, realiseer je je dat het hele British Museum leeg zou raken,” antwoordde hij met mogelijkerwijze de ruzies over de Steen van Rosetta en de Elgin Marbles in het achterhoofd. “Ik vrees dat ik moet zeggen dat hij blijft waar hij is.”

Het boek leest als een detective en legt veel dilemma’s op
tafel die herkenbaar zijn met onze eigen koloniale geschiedenis
maar die daardoor niet eenvoudiger op te lossen zijn.

Even een zijstapje.
Couperus schreef een boek getiteld: De berg van licht.
Koh-I-Noor betekent ‘Berg van licht’.
Die twee dingen hebben misschien met elkaar te maken?

Fenomenale doos

Voor het project Boek in een doos / Book in a box
was ik het internet aan het afstruinen en kwam toen
op de blog uit van Marjolein van Eig van 17 juni 2015:
Detail 7: Fenomenale doos.

Hier kun je het hele verhaal van de Fenomenale doos lezen.

In mijn blog vat ik de dingen even samen die mij
zo in het verhaal trokken.

De fenomenologie is een filosofische stroming die ontstond tegen het einde van de negentiende eeuw. Ze probeert de fenomenen om ons heen te beschrijven zoals ze voor ons verschijnen, zonder enige vooronderstelling. Daarbij worden niet alleen zichtbare en de herkenbare elementen verwoord, maar ook aspecten die niet direct zichtbaar zijn.

Een mooi voorbeeld van een fenomenologische beschrijving kun je lezen in een essay van George Simmel over de brug en de deur. Hij beschrijft hierin de impact van een deur op een ruimte: “ …de deur laat op een besliste manier zien hoe scheiden en verbinden twee kanten van dezelfde medaille zijn. Juist omdat een deur ook kan worden geopend, levert het sluiten ervan een sterk gevoel van bescherming op tegen alles wat zich buiten deze ruimte bevindt. Dit gevoel is sterker dan bij een opgebouwde muur. De laatste is immers stom, maar de deur spreekt tot ons.” Kortom, de scheiding die de deur maakt, benadrukt tegelijkertijd de verbinding die de deur als fenomeen in zich heeft.

Ik heb wel even naar het essay gezocht.
Maar zonder titel kwam ik niet ver.
Wel vond ik informatie over George Simmel.
Kijk maar eens op de George Simmel Wikipedia pagina.

Deze fenomenologische manier van het beschrijven van objecten is wellicht vaag, maar het is een prettige manier om anders naar de dingen om ons heen te kijken. Maurice Merleau-Ponty, een van de grondleggers van de fenomenologische waarneming, onderscheidt twee manieren van kijken: het zien en het ervaren. We zien bijvoorbeeld een gebouw: de gevel, de ramen en kolommen. Zo zien we ook een kerk, want we zien een groot gebouw met een toren en een kruis. We ervaren echter: ruimte, licht, beweging, materiaal of ritme. Daarmee wil Merleau-Ponty zeggen: wat je ziet is een image, een bekend beeld, maar wat je ervaart is een veel complexere wereld die wordt bepaald door bijvoorbeeld tactiliteit, geur en ruimte.

MeindertHobbemaHetLaantjeVanMiddelharnis1689

Meindert Hobbema, Het laantje van Middelharnis, 1689.


De moderne kunst legt deze ambiguïteit in de waarneming mooi bloot. Door het oude bekende beeld in het schilderij weg te laten, blijft enkel de ervaring van de fenomenen over. Kijkend naar de ‘Cathedra’ van Barnett Newman kun je dezelfde landschappelijke ervaring hebben als bij ‘Het laantje van Middelharnis’ van Meindert Hobbema. Dat is natuurlijk een geniale ontdekking. Je hoeft geen vaas te schilderen om een vaas te zien. Het gaat om de ervaring.

BarnettNewmanCathedra

Barnett Newman, Cathedra, 1951. De intensiteit van Cathedra ontstond doordat Newman het blauw van het schilderij opbouwde in zes afzonderlijke lagen verf van verschillende blauwpigmenten. Zo creëerde hij een diep en rijk geschakeerd kleurvlak, dat een ruimtelijke illusie oproept. Volgens https://www.artsalonholland.nl.


Hoe zit dat in de architectuur? Dat probeerde ik tijdens mijn afstudeerscriptie te onderzoeken, al weer wat jaartjes geleden aan de TU Delft. Ik had hiervoor drie gebouwen uitgezocht, beter gezegd, drie ‘dozen’. De doosvorm leek me een uitermate geschikt gebouwtype voor de fenomenologische beschrijving. Immers, de doos toont niet het standaard beeld van een gebouw, het verraadt geen achterliggende wereld middels de gebruikelijke tekens. De doos laat het over aan de waarnemer wat de ervaring zal zijn.

De drie dozen waren: het klooster La Tourette van Le Corbusier, de Kunsthal van Koolhaas en de Thermen in Vals van Zumthor. Daar is van alles over te zeggen, maar uiteindelijk kwam ik uit op de volgende noties:
– Zumthors gebouw is als een uitgeslepen rotsblok. Er is geen enkel verschil tussen binnen en buiten, de doos is door en door solide. Schudden zal geen invloed hebben.

PeterZumthorThermenInValsZwitserland1996

Peter Zumthor, Thermen in Vals, Zwitserland, 1996.


– Koolhaas’ doos is een verrassingsdoos, waarvan de gevel de verpakking is. Binnen wacht een wereld van ervaringen. Schudden kan prima, het gaat om de intrigerende reeks van ervaringen.

OMARemKoolhaasDeKunsthal

OMA / Rem Koolhaas, De Kunsthal.


– Le Corbusiers klooster toont een zorgvuldig en serieus vormgegeven geometrie. Niet schudden, want dan verwoest je die!

LeCorbusierSainteMarieSeLaTourette1960

Le Corbusier, Sainte Marie de la Tourette, 1960.

LeCorbusierSainteMarieSeLaTourette1960 2


Vooral het kijken naar een doos, voor mij vooral
een bron voor geheimzinnigheid, niet alleen vanuit
het perspectief van wat je ziet maar ook de ervaringen
die je met een doos hebt, vond ik erg interessant in het artikel.
Praat ik nog niet eens over het boek in de doos….

Activiteiten in de drukkerij

Even een samenvatting van mijn activiteiten in de drukkerij.
Voor mijn project Boek in een doos – Book in a box
het ik de titel gezet op de ‘normale’ manier:
twee gecentreerde regels tekst.
Maar ook als een soort (bij gebrek aan een beter woord)
woordkunst. Als een soort krijswoordraadsel:

WP_20180819_13_49_58_ProProefdruk

Dit is een proefdruk. De positie van de tekst op de pagina bevalt me nog niet. De letters ga ik niet 100% goed onder elkaar krijgen maar ik ben dan ook geen professionele drukker.


De Nederlandse tekst verticaal, en de Engelse tekst horizontaal.

B
B O O K
E
K
I N A
N
E
E
N
D
B O X
O
S

WP_20180819_14_08_55_ProBoekInEenDoos

Ik heb zowel nieuwe pagina’s bedrukt als de achterkanten van de pagina’s met de ‘normale’ titel.


WP_20180819_14_40_53_ProInHetRestantVanDeDrukinktMetDeAchterkantVanEenSatehprikkerMijnLogo

Om de roller te voorzien van inkt gebruik in een stuk dik glas waar ik de drukinkt op aanbreng. Daar kan ik de inkt dan goed verdelen over de roller. Na afloop zit er altijd nog wat inkt op het glas. Daarin heb ik met de achterkant van een satéprikker het ‘logo’ van dit project getekend.


WP_20180819_14_42_19_ProEnDanAfdrukkenOpeenStukPapier

Vervolgens heb ik die ‘afbeelding’ overgebracht op een stuk papier met een nog niet gebruikte roller.


Creatieve woensdag: Boek in een doos

Het lijkt misschien wat stil op het vlak van mijn
drukkerijtje en boekbinderij maar schijn bedriegt.
Alleen het was erg lang geleden dat ik zelf nog een tekst
gezet en gedrukt had en dus ging alles eerst fout.
Natuurlijk niet eerst nakijken hoe het ook alweer moest.

Maar vandaag ging het de goede kant uit
door eenvoudig (opnieuw) te beginnen en stap voor stap
naar de eerste pagina te werken.

De eerste pagina van de 7 verschillende boeken in 7 verschillende dozen
met 7 verschillende boekenleggers.
Ik noem het project: Boek in een doos – Book in a box.

WP_20180815_15_29_44_Pro

De tekst opnieuw met een letterhaak gezet en op de pers geplaatst.


WP_20180815_15_58_56_Pro

Dan een proef getrokken op een stuk kladpapier.


WP_20180815_16_18_47_Pro

Vervolgens een goede afdruk gemaakt en het blad gevouwen. Het past straks precies in de doos waarvoor de tekst bedoeld is.


WP_20180815_16_25_51_Pro

In het begin was de tekst wel goed maar zat hij verkeerd op de pers. Daarom heb ik dat ook gecorrigeerd en je zag het resultaat op de vorige pagina.


Het geheim van de laatste der begijnen

Afgelopen zondag zag ik in de etalage van de stripwinkel
De Stripspecialist een groot schilderij van René van der Heijden:

WP_20180812_15_13_07_ProReneVanDerHeijdenHetGeheimVanDelaatsteDerBegijnen

Het fictieve stripverhaal van Kuifje: Het geheim van de laatste der begijnen.


Op deze omslag zijn naast Kuifje natuurlijk
Kapitein Haddock te zien en in de verte Jansen en Jansen.
Verder zie je dat uit de ingang van het Begijnhof in Breda,
Naast de ingang van het Valkenberg, met grote snelheid
een begijn in een auto de Catharinastraat inscheuren.
Richting Reigerstraat.
De eeuwig jonge journalist en de kapitein springen
net op tijd opzij.
Natuurlijk lopen de detectives Jansen en Jansen letterlijk
en figuurlijk weer achter de feiten aan.

WP_20180812_15_13_07_ProReneVanDerHeijdenHetGeheimVanDelaatsteDerBegijnenDetail

Naast de ingang van het Valkenberg is ook de Waalse Kerk goed te zien. Bobbie is aan de voeten van Kuifje en in de lucht een klein vliegtuigje. Is de begijn daar voor op de vlucht?


De verborgen wereld

Op dit moment lees ik het boek ‘De verborgen wereld’.
De volledige titel is:
Jos Gommans, De Verborgen Wereld – Nederland en India vanaf 1550.
Aan de hand van voorwerpen uit de collectie van het Rijksmuseum
vertelt Jos Gommans de gezamenlijke geschiedenis van Nederland en India.
Het boek is prachtig geïllustreerd en ik vind vooral deel 3:
De verstrengeling: een neoplatoonse onderstroom, heel interessant.

Daar komt bijvoorbeeld de volgende tekst in voor:

Een afbeelding (surat) leidt tot de vorm die het representeert en dat geeft de betekenis (ma’ni),
net zoals de vorm van een lijn tot letters en woorden leidt, die van daaruit betekenis krijgen.
Hoewel de Europese meesters over het algemeen afbeeldingen van materiële afspiegelingen maken,
drukken zij in een merkwaardige morfologie verschillende betekenissen van de geschapen wereld uit.
Op die manier leiden ze diegene die alleen maar de buitenkant van dingen zien naar de plek van de echte waarheid.
Desalniettemin, voorzien lijnen (schrijven en kalligrafie) ons van de ervaring van de ouden en worden ze op die manier een instrument in de geestelijke vooruitgang.

Dit is een citaat uit een Perzische tekst uit het boek van Abul Fazi:
Ain-i-Akbari.
Dit fragment (pagina 197-199) is de Nederlandse vertaling gebaseerd
op de tekst van Ebba Koch en Yunus Jaffery,
opgenomen in het boek: ‘The Mughal emperor as Solomon, Majnun and Orpheus,
or the album as a think tank for allegory’ uit 2010.
Daarbij baseerden Koch en Jaffery zich op de uitgave
onder redactie van H. Blochmann uit 1872.

JosGommansDeVerborgenWereldNederlandEnIndiaVanaf1550

Jos Gommans, De Verborgen Wereld – Nederland en India vanaf 1550.


Wikipedia:

The Ain-i-Akbari or the “Constitution of Akbar”, is a 16th-century, detailed document recording the administration of emperor Akbar’s empire, written by his vizier, Abu’l-Fazl ibn Mubarak.
It makes the Volume III and the final part of the much larger document, the Akbarnama, the Book of Akbar, also by Abul Fazl, and it itself is in three volumes.

It is currently housed in the Hazarduari Palace, in West Bengal.

De Ain-i-Akbari of ‘De wet van Akbar’, is 16e eeuws document geschreven
door de vizier (eerste minister) Abu’l-Fazl ibn Mubarak.
Het uitgebreide document beschrijft hoe de regering van keizer Akbar
verliep.
Het is deel 3 van een uitgebreider document dat de ‘Akbarnama’
wordt genoemd en dat ook door Abul Fazl is geschreven.
Het boek bevindt zich in het Hazarduari paleis in West Bengalen (India).

Wikipedia:

Ebba Koch is an art and architectural historian, who defines and discusses cultural issues of interest to political, social and economic historians. Presently she is a professor at the Institute of Art History in Vienna, Austria and a senior researcher at the Austrian Academy of Sciences. She completed her doctorate in philosophy and her Habilitation at Vienna University.

Koch has spent much of her professional life studying the architecture, art, and culture of the Mughal Empire, and is considered a leading authority on Mughal architecture. In 2001 she became the architectural advisor to the Taj Mahal Conservation Collaborative.

Wikipedia:

S.M. Yunus Jaffery (1930 – 29 August 2016) was an Indian scholar of the Persian language. He was from Delhi, India.

He is mentioned in writer William Dalrymple’s 1994 book, City of Djinns.

He was given the Farabi International Award, a literary prize, in 2006 by the Iran government for his work towards the Persian language.

Jaffery had written short stories in Urdu and Hindi as well, apart from his work in Persian language. He had translated Hindu epic Ramayan to Persian, and edited, transcribed historical books like Shah Jehan Nama to clear Persian script. He was well versed with culture and norms of Mughal times, along with his Persian writing.

He attended Delhi College (now Zakir Hussain College, Delhi University) for his graduate studies and later taught there. He had also studied Persian studies in University of Tehran in 1960s. In 1995, he retired from Zakir Hussain College, Delhi as dean of Persian studies.

Jaffery died on 29 August 2016 in Delhi.

Distribueren

Bij een letterzetter wil dat zeggen dat je
een eenmaal gezette tekst weer uit elkaar gaat halen
en de letters weer op hun plaats in de letterbak gaat stoppen.
Dat is waar ik dit weekend tijd aan besteed heb.
De tekst was een voetnoot van Arnon Grunberg.

Het goede nieuws is dat ik afgelopen zaterdag iets las in
de Volkskrant waaruit ik opmaak dat alle voetnoten
in boekvorm gaan verschijnen.

WP_20180804_14_03_16_Pro

Don Quichot

Davis-CervantesTheCompleteDonQuixote

Rob Davis bewerkte de tekst van Cervantes en maakte er deze graphic novel van. Het is een enorm plezier om dit boek te lezen. Grappig, vol wijsheden, fantasievol. Geweldig!.


Het is zo’n prachtig werk. Eigenlijk is het een soort raamvertelling.
Je buitelt van het ene avontuur in het andere.
De tekenstijl past Davis aan als het hem uitkomt om de lezer te laten
weten dat je van het ene verhaal in het volgende overstapt en
soms liggen die verhalen in elkaars verlengde.

Gisteren heb ik de Nederlandse vertaling van de boeken gekocht.
Het verhaal van Don Quichot bestaat namelijk uit twee boeken
die Cervantes na elkaar geschreven heeft.
Maar wil je nu snel even kennis nemen van de inhoud:
dan is dit boek een hele goede route.

Vandaag weer in mijn drukkerij en boekbindwerkplaats geweest

Weer een stapje gezet voor het project Boek in een doos / Book in a box.
Willekeurig heb ik een van de doosjes gepakt en ben vanaf
de maten van de binnenkant van de doos gaan beredeneren
Hoe groot het papier moet zijn.

Eerst de doos opgemeten.
De doos heeft ronde randen.
Mijn boek wordt rechthoekig dus daar moet ik rekening mee houden.
Dus beredeneerd hoe groot de boekband moet worden.
Dan beredeneerd hoe groot het papier moet worden (na snijden).
Dan beredeneerd hoe groot het papier mag zijn voor het snijden.
Dan beredeneerd hoe groot het te bedrukken
deel van het papier gaat worden.

Vervolgens heb ik een dummy boekband gemaakt, op volume.
Dat gepast in het doosje.
Vervolgens papier op maat gesneden (deels).
Vervolgens de maten van de bijbehorende boekenlegger bepaald.
Daarvan ook een dummy gemaakt.
Dat ziet er dan zo uit.

WP_20180801_14_55_29_ProHetEersteDoosje

Het doosje van een bekende modewinkel. Geen idee wat de inhoud was.


WP_20180801_15_22_21_ProDummyBoekbandVolumeGeven

Dan een dummy boekband of boek gemaakt. Een voor- en achterkant op maat met daar tussen vier stroken papier van 1 cm breed.


WP_20180801_15_44_43_ProDummyBoekbandVolumeGegevenMetVierOpstaandeStrokenPapier

Zo ziet de dummy er uit om te passen met het doosje.


WP_20180801_15_45_22_ProDummyBoekbandPassenInHetDoosje

Het past. Het boekje komt eenvoudig uit de doos. De hoogte is ook goed. Eerlijk gezegd was dat toeval of geluk.


WP_20180801_15_53_41_ProAantekeningenEnBerekeningen

Dit is het overzicht met de metingen en de redeneringen.


WP_20180801_16_42_41_ProDummyBoekEnDummyBoekenlegger

Ik heb een dummy boekenlegger gemaakt. Die moet straks ook in het doosje passen. Die boekenleggers worden allemaal min of meer hetzelfde. Behalve de afmetingen. Die boekenlegger ga ik maken met een lasersnijder.


Zelfportret als legkaart

HellaSHaasseZelfportretAlsLegkaartKrantOnbekendSchrijverRBoekZelfportretAlsLegkaart1954Fase1 (2)

Schrijver van dit krantenartikel is bij mij onbekend. Ik zie alleen de initiaal “R”, Ook de datum en de krant/tijdschrift van publicatie is bij mij onbekend. Al kunnen we van de datum zeggen dat het boek waarover het artikel gaat, in 1954 is gepubliceerd. Hella S. Haasse: Zelfportret als legkaart.


Hella S. Haasse:
Zelfportret als legkaart

Hella S. Haasse is in Indië geboren, gedeeltelijk daar en gedeeltelijk in Nederland – maar hier zonder ouders – opgevoed.
Zij beschrijft nu van die jaren – afgewisseld met beschouwingen en overdenkingen – een aantal feiten, die zij zich herinnerde toen ze er over na ging denken.
Het zijn uiterlijke feiten, die een innerlijke en blijvende klank hadden, maar die is zij zich dikwijls pas later, misschien zelfs pas duidelijk bij het schrijven van haar “Zelfportret als legkaart” 1), bewust geworden.
Zoals zij zich waarschijnlijk pas nu bewust is, dat zij door die omstandigheden is gegroeid tot een vroegtijdige zelfstandigheid, die tevens eenzaamheid was.
Soms, bij periodes, heeft zij zich uit die eenzaamheid proberen te bevrijden door nadrukkelijk aansluiting bij en erkenning door een groep te zoeken (door kwajongensstreken, die eigenlijk niet bij haar aard pasten) en ook door op te gaan in dromerijen en fantasieën.
Uit die ontwikkelingsgeschiedenis probeert zij na te gaan, wie zij eigenlijk geworden is.
Een zelfstandig denkende en nuchter oordelende vrouw, concludeert de lezer, tot op zekere hoogte nog eenzaam, waaruit haar drang tot schrijven zich ook zou laten verklaren.
Het schrijven, het bedenken van verhalen lokt haar op het ogenblik niet aan, sinds zij “door het rookgordijn van de eigen verzinsels” heen heeft gezien en er uitingen van het eigen “ik”, hij het schrijven nog onbewust, in herkend: haar eigen onzekerheid tegenover het leven, die zich het veiligst voelt in de “ivoren toren” in de figuur van Charles d’Orleans in Het woud der Verwachting, en dezelfde onzekerheid, maar duidelijker geformuleerd in het “wie ben ik, wat ben ik” van Giovanni Borgia in de Scharlaken Stad.

In haar zelfportret probeert Hella Haasse bewuster dan in haar romans haar problemen te onderscheiden.
In eerste visie lijken zij hierop neer te komen: Dat het alledaagse bestaan haar niet voldoet en dat haar geestelijke activiteit daar naast lijkt te staan en haar voorkomt als een vlucht uit de realiteit.
Bij nader inzien blijkt de tweespalt dieper te gaan: haar ontgaat de zin van haar leven, voor zover zij er slechts de waarneembare realiteit, de innerlijke zowel als de uiterlijke, van kan waarnemen.
Dat waarnemen is al zo moeilijk, omdat de grens tussen schijn en werkelijkheid, russen wat men zou wensen te zijn en wat men feitelijk is, nauwelijks is te ontdekken.
Wat zij tot dusverre geschreven heeft, beseft zij, is uit die tweespalt tussen schijn en werkelijkheid ontstaan, een bijna onbewuste poging tot bewustwording.
Zij vermoedt, dat zij de echte realiteit boven de waarneembare werkelijkheid, de derde dimensie, zal kunnen achterhalen, als zij zich de zin van de herhalingen in haar leven bewust wordt: telkens immers, ziet zij zich in situaties geplaatst, die s(t)eeds weer dezelfde keuze vragen.
In feite is die derde realiteit, waarin het evenwicht bereikt wordt, voor de mens onzichtbaar.
Hij heeft een geloof nodig, om het te bereiken, zij het een geloof “zonder God”.
Waarom zonder God?
Omdat de religie, de filosofie en het politiek systeem tegenover de onzekerheden van de eigen tijd geen toereikend passe-partout zijn.
Dat is juist: pasklare oplossingen vindt men nergens ook niet in het geloof, alhoewel dat een stevig houvast blijkt.
Maar laten we daar niet op doorgaan en constateren, dat het Zelfportret een eerlijk en boeiend boek is, dat ook voor wie de schrijfster in vele opvattingen niet kan volgen toch verhelderend blijkt.
R.

1) Uitg. De Bezige Bij.

Dit lees ik op dit moment

WP_20180729_16_14_11_ProTheCompleteDonQuixoteCervantes-Davis

Het boek is een stripboek met de naam The complete Don Quixote. Het is natuurlijk naar het verhaal van Cervantes en hier getekend door Davis. Het grote nieuws is echter de standaard waar het boek op staat. Die heb ik in Den Haag gekocht. Altijd al willen hebben.


De introductie op Cervantis van Wikipedia:

Miguel de Cervantes Saavedra (Alcalá de Henares, 29 september 1547 – Madrid, 22 april 1616) is een van de belangrijkste roman- en toneelschrijvers uit de Spaanse literatuur. Hij schreef een twintigtal toneelwerken, maar is vooral bekend geworden door zijn boek Don Quichot van La Mancha (El ingenioso hidalgo Don Quixote de la Mancha).

Wat zou Hella Haasse van deze schilderijen gevonden hebben?

WP_20180728_12_05_07_ProGerardDavidWoordedLandscapeBoslandschapC1510-1515

Mauritshuis. Gerard David, Wooded landscape (Boslandschap), circa 1510 – 1515.


De set schilderijen zijn super modern.
De geheimzinnige uitstraling, en dan, al is het geen labyrint,
het ziet er uit alsof je er in zou kunnen verdwalen.
Mysterieus.
Wat is het verhaal bij die mensen?
Waarom dat gebouw.
Die prachtige kleuren groen van de bladeren.
Het decor van een roman van Hella S. Haasse.