Dan krijg je zo’n soort beeld in het Valkenberg in Breda.
Auteursarchief: Argusvlinder
Der Untergang
Langzaam maar zeker raken we door mijn verzameling
films op DVD heen.
Afgelopen weekend zagen we nog Der Untergang.
Een film gebaseerd op de herinneringen van een secretaresse
van Hitler (Traudl Junge) die aanwezig was tijdens de
laatste dagen in de bunker in Berlijn.
Op IMDB staat oa de volgende samenvatting van de film:
With the fall of Germany imminent, 24 year old, Traudl Junge had just become personal secretary of the Führer, Adolf Hitler. This film recreates from Ms Junge’s recollections, the final 2 weeks of the ‘thousand year’ Third Reich, beginning 20 April, 1945, the day of Hitler’s 56th birthday. Spent primarily in the Führer bunker, she and many of the leaders of the Nazi party were taking refuge from the siege of Berlin. As the situation became ever more desperate, the more anguished and seemingly out of touch with reality their actions became.
Der Untergang (of volgens de Engelstalige titel ‘Downfall’) is een film uit 2004. Hoofdrol is Bruno Ganz. De vertolking van de rol van Hitler en de film maken indruk.
****
Thee
Tijdens de coronaperiode werken we thuis.
Nu nog steeds.
Overdag drink ik graag thee en nu dus veel meer dan normaal.
De thee die ik drink koop ik bij de website HotSoup.nl
Deze week kreeg ik twee soorten thee met de post.
Daar zat een proefzakje met een derde theesoort bij
en een leuke speld.
Hotsoup.nl: Safetea 1st.
Ga er eens kijken.
De Chinese en Japanse theeselecties zijn bijzonder.
Hun theebloemen vind ik ook al heel lang iets bijzonders!
Livingston
Livingston is een plaats in Guatemala aan de monding
van de rivier Rio Dulce en aan de Golf van Honduras.
De Caribische invloeden zijn overduidelijk.
Dit bericht gaat over ons bezoek aan deze kleine stad
en de boottocht terug over de Rio Dulce.
Het volgende bericht zal gaan over ons bezoek aan Flores.
Vanuit Flores bezoeken we dan Tikal.
Een belangrijke Maya-stad in Guatemala.
We zijn maar een korte tijd in Livingston. Genoeg om de stad door te lopen, de sfeer te proeven, te eten en de Atlantische Oceaan te zien.
De foto is op 2 januari gemaakt dus zie je in Midden-Amerika op veel plaatsen kerststallen. Hier zie je er een die zich op het dak bevindt.
Druk met verkeer is het er niet. Deze agent of verkeersregelaar had dan ook niet zo veel omhanden met het verkeer.
De supermarkt. De gejaagde wereld van West-Europa is hier ver te zoeken. Het was er heerlijk.
Prachtige schaduwen van de palmbomen.
Dan de rust, ook richting haven.
In de haven werd vis schoongemaakt en de resten gingen terug het water in. Deze pelikaan vond dat prima en hij of zij was niet alleen.
Todo lo puedo en Christo que me fortalece, Felipenses 4:13. Fragment uit de brief van Paulus aan de Filippenzen: Ik kan alles in Christus doen dat mij kracht geeft (Herziene Statenvertaling).
Terug op de Rio Dulce.
Richell-II, wat ik zo leuk vond is dat de boot vol met meeuwen zit.
Dit is niet het overheersende beeld maar er zijn ook hier rijke mensen. Misschien komen ze van buiten Guatemala, dat weet ik niet.
Zo gaat de dag dan toch weer snel voorbij. Puente de Río Dulce.
Terug bij Castillo de San Felipe Del Golfo.
And the Oscar goes to Michael Curtiz, Humphrey Bogart and one for Claude Rains
Afgelopen weekend zagen we twee films.
De eerste won meerdere Oscars en is gemaakt in 1942.
Casablanca onder regie van Michael Curtiz met in de belangrijke rollen Humphrey Bogart, Ingrid Bergman, Claude Rains, Peter Lorre en Dooley Wilson (als de zanger en pianist Sam).
Het verhaal is eigenlijk eenvoudig.
De nazi’s zijn overduidelijk de slechteriken.
Wat prachtig is aan de film, zijn de mooie zwart/wit
close-ups, vooral aan het eind van de film.
Bogart en Bergman zijn fantastisch om te zien.
Play it again, Sam
(de tekst die iedereen kent maar die niet in de film voorkomt).
*****
Boekobject: ABCdarium der bomen
Het gaat niet snel. Het is nodig het notenhout te vernissen. Niet omdat het de tekening in het hout meer benadrukt maar omdat de stukken schors aan de zijkant zacht zijn en makkelijk van het hout te stoten zijn. Sommige stukken heb ik eerst vaster gelijmd. Het vernis moet de rest doen. Er is een geadviseerde droogtijd tussen de lagen (2 lagen bij voorkeur) en ik kan natuurlijk niet voor- en achterkant tegelijk doen.
Maar de tijd heb ik ook nodig om na te denken over het scharniermechanisme. Het voorplat moet straks open kunnen. Ga je dan een pianoscharnier gebruiken of gewoon losse scharnieren. De doe-het-zelf-markt bracht uitkomst. De pianoscharnieren die ze verkochten waren bijna allemaal gebogen en het oppervlak niet mooi strak. Dus ik ga proberen dit boekobject te maken met 2 losse vermessingde scharnieren. Men verkocht er geen schroefjes bij. Dus op de gok schroefjes meegenomen.
Het boekblok bestaat uit 4 balkjes geschaafd eiken. Om dan toch het boekblok idee te krijgen bedek ik het boekblok met een stuk perkament. Dat heb ik uitgesneden zodat het midden van de rug van het dier schuin over het boekblok loopt. Op de plaats van het ‘kamertje’ is het perkament extra breed zodat ik dit kan omvouwen en straks tegen de muren van het kamertje kan bevestigen.
De aquarel komt straks binnen tegen het voorplat. Dus niet hier op het boekblok.
Inkijk in het kamertje. Je ziet de omgevouwen stroken.
Even het boekje er in passen. Deze foto’s zijn al van gisteren. Vandaag heb ik het perkament op het kamertje geplakt. Het ligt nu onder bezwaar te drogen.
Vanochtend gelezen
Kees van Kooten, 575 Haikoots.
Helemaal in zijn eigen stijl geeft Kees van Kooten
een draai aan het genre van de haiku.
Deze van oorsprong Japanse dichtvorm gebruikt
Van Kooten op een speelse manier.
Verwacht niet al te veel diepzinnigheid maar vooral
humor, kleine verhaaltjes, teksten bij foto’s, soms
een blik op het verleden, weemoed, heimwee, oude taal
en nieuwe vondsten.
Persoonlijk vielen mij die haikoots op die ook rijm
in zich hebben.
Bijvoorbeeld haikoot 19:
het is huisdieren
niet toegestaan alvorens
baasje dood te gaan
Maar dit voorbeeld bevat niet alleen rijm, eigenlijk
zijn het twee ideeën in drie regels.
Het stramien van 5 lettergrepen, 7 lettergrepen en nog eens
5 lettergrepen, vind ik dan niet sterk genoeg om
de vorm van drie regels, overeind te houden.
het is huisdieren niet toegestaan
alvorens baasje dood te gaan.
Jonge mensen zullen het woord ‘alvorens’ niet snel gebruiken.
Dat is niet erg maar daardoor krijgt de haiku-vorm iets ouderwets,
of anders te gezocht.
Nummer 22 is dan misschien een beter voorbeeld van rijm:
reis met NRC
u verblijft in Plato’s grot
neem zelf ketting mee
Nummer 559, als zomaar een voorbeeld:
krijg zin in het nu!
geen tegen- maar tussenzin
dan zal je eens zien
Van Kooten op zijn sterkst:
optimistisch, nieuwe woorden/woordspelend en
nog eens diepzinnig met een glimlach.
Soms zijn de foto’s heel belangrijk om de haikoots
snel te kunnen begrijpen.
Bij een reeks boeken, de delen 1 t/m 7 van het verzameld werk
van Karel van het Reve, staat de volgende haikoot (nr 5):
bij een vlugge blik
beginnen de leeslinten
al te kwispelen
Soms zijn de haikoots heel beschouwend (nr 53).
weer een campagne
om ons te waarschuwen voor
een geveinsd gevaar
Dat de haikoots met veel plezier gemaakt zijn lijkt me duidelijk
bij onder andere nummer 65:
voor rijke stinkerds
scheelt dit toch mooi een kwartje
aan de toiletjuf
Dit is een haikoot bij een foto van een VIP toiletwagen
van de firma Haku.
Als afsluiting nog deze wijze woorden (nummer 198):
als een bladzijde
zich verzet bij het omslaan
lees haar dan nogmaals
Nu luister ik naar: Speel
Jawel, jawel, ’t is zonneklaar
de donkere uren zijn weer daar
Mooi, die tegenstelling tussen de zon en het donkere.
De donkere uren van wat?
‘De spoken zijn weer aan de macht’
Heerlijk. We spreken dezelfde taal maar de letters klinken bij Raymond gewoon anders dan die van mij. Dat is zo bijzonder.
Ook ‘Bitter en bot’ is prachtig.
Hij zingt ook nog Hollandss: “Houwe so” (Je krijgt
alles wat je wil)
Guatemala, Livingston, Janus
De tweede helft van de boottocht brengt ons in Livingston.
In deze plaats leven mensen die donkerder van huidskleur
zijn dan de gemiddelde bewoner van Guatemala.
De groep wordt Garifuna genoemd.
Ze zijn nakomelingen van slaafgemaakten uit Afrika.
Voor mij was het de Caribische sfeer en de zee
die me het meest aanspraken.
Maar eerst nog een stukje Rio Dulce.
We zijn een of twee keer aangelegd aan de kant van de rivier maar de boottocht maakt toch de meeste indruk.
De aanlegsteigers van Livingston.
Haircuts for the family.
Livingston.
Charles Dickens verkoopt hier ook groente.
De Golf van Honduras.
Ik denk dat Janus hier woont.
Volgende keer meer van Livingston.
Ik luister naar: Homegrown
In de archiefserie van Neil Young verscheen Homegrown (opgenomen in 1974/1975). Zee bescheiden uitvoering en dat is geen compliment. Als je het nodig vindt oude albums 45 jaar na het maken alsnog uit te brengen dan is de vraag Waarom gerechtvaardigd. Slechts 36 minuten geluid.
Ik kijk uit naar ‘White line’ een nummer
met Robbie Robertson op gitaar.
‘Kansas’ klinkt interessant maar onaf.
Iets nieuws gekocht
Korte wandeling door het centrum
Ideal Snijmachine
Om een collega boekbinder te proberen te helpen
heb ik mijn Ideal snijmachine gedeeltelijk uit
elkaar gehaald.
Dit is de Ideal snijmachine, bekeken vanaf de kant van de papierklem. Er zijn eigenlijk 3 bewegende mechanismes aan zo’n snijmachine: het mes, de papierklem en een mechanisme om het papier naar het mes toe te bewegen. De foto’s hier richten zich op de papierklem.
Om bij de bewegende delen van de papierklem moet je eerst de bescherming, de ombouw van de machine afhalen. Die zit met twee schroeven vast. Op de foto links en rechts. De ombouw is een kunstig gevouwen stuk metaal uit één stuk (op de foto zie je het Ideal logo wat op de ombouw zit) dat je met enige moeite van de machine kunt halen zodra het los zit.
Hier is de ombouw er af. Het donkere stuk metaal wat je op de foto ziet bevat het mes. Het is verbonden met de hendel waarmee je de machine bedient bij het snijden (het mechanisme zie je aan de bovenkant van de foto, de hendel zelf niet. Die steekt boven de foto uit). Dat is verder geen onderwerp van deze serie foto’s. Het gaat om de papierklem die direct achter het mes zit, aan het draaiwiel dat je boven uit de machine ziet steken. Met de papierklem klem je het papier vast op de machine. Op de snijtafel. Het papier kan daardoor niet verschuiven tijdens het snijden en zorgt voor een mooie, rechte snede aan iedere kant van je boek (behalve de rug).
De papierklem zit met twee bouten vast op de machine. Je ziet ze hier links en rechts op de foto. Dus de twee bouten onder het wiel spelen bij deze actie geen rol. Als je die linkse en rechtse bouten los draait, ‘valt’ de papierklem naar beneden. De klem zit namelijk een stukje boven de snijtafel bevestigd. Dit om de klem ruimte te geven dikkere en dunnere pakketten papier aan te kunnen. Bij de voet van de papierklem zie je bij mij een strook grijs karton zitten. Die zit onder tegen de voet aangeplakt. Dat doe ik om geen afdruk van de ‘voetjes’ in het papier te krijgen als ik papier in de klem vastzet.
Hier heb ik de rechtse bout uit de papierklem gehaald. De klem is hier een beetje naar beneden ‘gevallen’.

Dit is de papierklem. Dus met in totaal 4 schroeven/moeren is hij vrij. Maar nu wordt het ingewikkelder. Hier kun je zien dat dit toch echt een knap stukje techniek is. Het wiel en de schroefdraad en de voetjes (niet te zien op de foto) zijn niet alleen een klemmechanisme ze zijn ook bepalend in de constructie van de snijmachine.

Het is heel verleidelijk deze twee grote bouten los te draaien. Het was mijn eerstvolgende stap. Maar als je dat doet kun je de klem niet verder demonteren. De twee bouten vormen het ankerpunt waarmee de voetjes op het papier gedrukt kunnen worden en waarmee de klem dus zijn werk doet..

Dit is dezelfde constructie maar dan van onderaf gezien. Je ziet hier dat er aan één kant een spie wordt gebruikt (links naast de schroefdraad in het midden) om de constructie stevig in elkaar te zetten.

Aan de bovenkant zie je dat die spie zelf ook een soort van ankerpunt heeft in de vorm van een stelschroef (links van het midden).

Nu de papierklem uit de machine is kun je nog steeds met het wiel draaien. Daarmee komt de spie verder vrij te liggen (op de foto links van de schroefdraad of spindel).

Dus haal je de twee bouten eruit……..

….dan komt de spindel los van de rest van de klem door het wiel te draaien. Het terug in elkaar zetten lukt door te zoeken naar het punt waarop de spindel weer in de rest van de klem draait. Een schroefdraad op een bout heeft 1 punt waarop het pakt in de ruimte met daarin ook schroefdraad. Het is even zoeken naar dat punt en dan de spindel recht houden voor de opening. Na een paar keer proberen lukt het.

De spindel is weer terug en de bouten ook.

Draai je de papierklem weer ‘open’, komt aan één kant de spie in zicht.

Aan de andere kant zie je twee bouten. Door die los te draaien gaat de rest van de papierklem uit elkaar. Dat heb ik niet gedaan. Ik hoop dat de beelden duidelijk genoeg zijn om te kunnen beredeneren hoe de stelschroef, de spie en de andere delen van de papierklem in elkaar horen te zitten.

Nogmaals de stelschroef van de spie..
Je kunt de papierklem er precies omgekeerd terug inzetten. Zoals hierboven. Geen paniek: losdraaien en klem omdraaien.
.
Rio Dulce
Vandaag een boottocht. Het hotel ligt landinwaarts, aan het eind van Lago Izabal en het begin van de Rio Dulce. Aan de andere kant van de rivier, aan zee, ligt Livingston. In deze serie foto’s komen we nog niet zo ver. Eerst een hoge brug, een regenbui door. Dan varen we door een prachtige omgeving. Volgende keer Livingston, aan de Caribische kant van Midden-Amerika.
Dat witte lijntje geeft ongeveer aan hoe we gevaren zijn.
Dit is de aanlegsteiger bij het hotel.
Daar komt de boot.
Castillo de San Felipe Del Golfo vanuit de boot.
Een enorme brug maakt verkeer mogelijk hier in het oosten van Guatemala. De snelweg is de CA13 volgens de Wegenwiki (bestaat echt).
Wegenwiki
De CA13 is een ruta centroamericana in Guatemala. De weg vormt een noord-zuidroute in het oosten van het land, en verloopt vanaf de grens met Honduras bij Corinto tot de grens met Belize bij Melchor de Mencos en maakt daarbij een omweg via Flores. Het is de enige hoofdweg in het noordelijke departement Petén. De CA13 is 372 kilometer lang.
De weg over de rivier heet hier Puente de Río Dulce
Het grootste kunstwerk op de route is een hoge betonnen kokerbrug over de Río Dulce. De Puente de Río Dulce is 900 meter lang en is de langste brug in Guatemala. De brug is tussen 1977 en 1980 aangelegd. De aanleg begon op 5 januari 1977 en de brug werd eind december 1979 opgeleverd en is in januari 1980 opengesteld voor het verkeer. Het was destijds de op één na langste brug in Latijns-Amerika.
In het begin is het een heel breed water. Dat is op het kaartje aan het begin van dit bericht ook goed te zien.
Al snel wordt het heel grijs en komen we in een felle bui. De temperatuur is goed maar droog zitten we niet. Nu is het klimaat hier toch al vochtig dus dat maakt ook weer niet zoveel uit. Door het drogen van je kleren is het een tijdje wat kouder.
Maar er zijn meer manieren om in een boot nat te worden.
Als het water smaller wordt kun je ook meer genieten van wat er aan de oever gebeurt.
Die enorme massaliteit van de begroeiing maakt op mij steeds zo’n indruk.
De zon komt er al snel weer door.
Volgende keer Livingston.
Van wollen sjaal naar boekbekleding
Gisteren kon ik mijn test onder het bezwaar uithalen. Zo ziet het boekje er uit waarvan ik de boekband bekleed heb met een klein stukje van een wollen sjaal die een ongelukje heeft gehad in de wasmachine (en een stuk vlieseline). Ik kan nu het boek gaan afmaken waar de rest van de sjaal voor bedoeld is.
Een heerlijk zacht boek!
Het idee dat dit over bomen gaat wordt steeds sterker
Gisteren ben ik begonnen de losse delen aan elkaar te lijmen, die straks het boekblok moeten gaan vormen. Hier het ‘kamertje’.
Dit is het eerste deel van de buitenkant van het boekblok. Ook aan elkaar gelijmd. Ik wil spijkers of schroeven zoveel mogelijk vermijden.
Dit is een van de stukken notenhout. Eerst heb ik de schorsdelen die een beetje of een beetje veel los zaten, vastgelijmd en ingeklemd. Dat klemmen heb ik met de hand gedaan. De maten van het hout en de schuinte van de zijkanten maken het moeilijk om dat op een andere manier te doen. Nu, misschien dat ervaren houtbewerkers daar methodes voor hebben maar ik ken die in ieder geval niet. Beetje geduld heb je dan nodig maar dat lukte best. Vervolgens is het nu één keer aan één kant gevernist. Dus ik heb nog wat werk maar de tekening wordt er wel een stuk duidelijker van. Het idee dat dit object over bomen gaat wordt steeds sterker.
Verdeling cultuurgelden over Nederland
Afgelopen donderdag stond er een interessant artikel
in de NRC over het aandeel van niet-blanken medewerkers in de Nederlandse
cultuursector, in het bijzonder in de kunstmusea.
Daar stond een infographic bij die bij mij een aantal vragen
opriep. Niet zozeer over de getallen, dat er weinig
grote Nederlandse cultuurinstellingen zijn met in de leiding
niet-blanken, was me al duidelijk.
Dit is de infographic:
Even inzoomen op het kaartje. Het toont informatie van 21 kunstmusea in Nederland. Met 2056 vaste medewerkers waarvan er 19 niet blank zijn. Dat is dus 0,92412%. Daarvan niemand in de directie en de meeste (10+) in de raad van toezicht of raad van advies. Nu vraag is of dit een juiste steekproef is van het culturele klimaat in Nederland maar het percentage is zo overdonderend duidelijk dat je daar niet aan kunt twijfelen.
Interessanter voor de politiek in het zuiden van Nederland vond
ik het volgende. Kijk eens naar het zuiden van het land.
In het zuiden zijn 4 kunstmusea met samen 151 vaste medewerkers. Één daarvan is niet-blank. Die 151 medewerkers zijn 7,34 % van alle medewerkers bij kunstmusea in Nederland. Ook als je het Rijksmuseum in Amsterdam met 500 medewerkers niet meetelt (voor een deel zijn dat medewerkers bij een toeristische attractie. Kun je ook zeggen van het Van Gogh museum, maar even voor het beeld.) is dat nog steeds slechts 9,7 % van de medewerkers bij kunstmusea in Nederland. Dat sommige politieke partijen in het zuiden van Nederland daar ook de subsidie van carnavalsoptochten bij willen tellen, maakt de scheve verhouding er alleen maar pijnlijker door.
Voor de compleetheid. De vier musea zijn:
Saillant detail:
in de Provinciale Staten van Brabant is geen aandacht voor Kunst & cultuur.
Er is geen gedeputeerde met die portefeuille.
We kunnen de scheve verhouding dus niet alleen aan Den Haag verwijten.
Gedeputeerde Wil van Pinxteren van Lokaal Brabant is verantwoordelijk voor
(let op de volgorde) Vrije Tijd, Cultuur en Sport.
Dus dit is de man die over de carnavalsoptochten gaat.
In het overzicht van hun standpunten staat het volgende over Cultuur & Sport:
Cultuur & Sport
Cultuur en sport zijn een wezenlijk onderdeel van het leven van de inwoners. Deze moeten dan ook bereikbaar zijn voor alle inwoners. Daarom vindt Lokaal Brabant subsidies voor lokale cultuurverenigingen zoals toneelverenigingen erg belangrijk. In de basis dient een grote culturele instelling of evenement na een aanloopperiode ‘ondernemer’ te zijn en zijn eigen broek op te houden en dus minder afhankelijk te zijn van subsidies.
Lokaal Brabant vindt cultuureducatie voor jongeren belangrijk en is van mening dat die in het onderwijspakket moet blijven. Topsportevenementen zijn niet alleen een stimulans voor het toerisme en dus de economie, maar sporen inwoners ook aan tot sporten en dus een gezondere leefstijl en betere gezondheid. Lokaal Brabant is dan ook van mening dat topsportevenementen op ambtelijke en financiële ondersteuning van de provincie moeten kunnen rekenen. Daarnaast vindt Lokaal Brabant het belangrijk dat ook de breedtesport in de provincie wordt ondersteund. Deelnemen aan sport moet voor iedereen bereikbaar en betaalbaar zijn.
I rest my case.
Rio Dulce
Één januari 2019 is natuurlijk ook in Midden-Amerika een
speciale dag. We gingen met een taxi van Copán in Honduras
naar Rio Dulce in Guatemala.
Terug naar Guatemala dus.
Copán was een bewuste uitstap naar Honduras omdat we dan
toch ‘in de buurt’ waren. Nou heel erg de moeite waard.
Eerder had ik me dat niet gerealiseerd maar als je de landsgrenzen wegdenkt dan is het logisch dat het gebied wat nu Yucatan (in Mexico), Honduras, Belize en Guatemala heet, het gebied was waar de Maya’s leefden. Die rechte landsgrenzen tonen alleen maar aan dat die grenzen ‘onnatuurlijk’ zijn. Daarom is de interne migratie die in deze landen plaatsvindt ook logisch (een Engelssprekende man die in Honduras werkte, vertelde ons over die migratie).
Guatemala heeft in het oosten maar een kleine kuststrook. Het is de Caribische zijde van Guatemala. Rio Dulce is onder andere de naam van een rivier van het grote Lago de Izabal naar Livingston. Op het punt waar de rivier begint ligt een kleine plaats met een aantal hotels: San Felipe de Lara. Daar is ook een kasteel. Tegen het eind van de middag komen we bij het hotel aan en gaan nog even lopen. Deze hond wachtte ons op.
Maar eerst mijn verzameling hotelkunst uitbreiden. Het hotel bestond uit een paar centrale gebouwen en veel losstaande huisjes. In ons huisje hing dit tegen de muur.
Onderweg naar het kasteel kwamen we bij de toegangspoort. Daar kon je een kaartje kopen. Bij die poort veel winkeltjes en restaurants en een soort Piraten- en spookhuis. Daar hing deze lamp buiten.
Langs de weg naar het kasteel lagen deze graven.
Het was er druk. Veel barbecues, veel eten, veel drinken. Heel gezellig. Het weer was wat minder. Het was een beetje bewolkt aan het worden.
Het kasteel ligt op een kleine landtong. Ideaal voor allerlei vormen van vermaak.
Castillo de San Felipe Del Golfo, 1651.
Dit was de keuken en de eetkamer van het kasteel.
Hééél bijzonder is het kasteel niet. Het is uitgebreid en regelmatig verbouwd maar het was er gewoon gezellig. Heel leuk met voornamelijk lokale toeristen en dagjesmensen.
Het viel niet mee, ook zo aan het eind van de dag, om een foto te maken zonder mensen.
Hier krijg je een beetje een idee van de strategische ligging van het kasteel.
Castillo de San Felipe Del Golfo.
Overzicht van het kasteel.
Bijkeuken.
De jetski’s lagen natuurlijk buiten het kasteel.
Het werd langzaam rustiger in het Castillo de San Felipe Del Golfo en in San Felipe de Lara.
‘Kamertje’ gemaakt
Heb vandaag maar weinig foto’s gemaakt.
Het boekje met de sjaal als bekleding is gereed.
Het ligt te drogen onder bezwaar.
Dat laat ik morgen nog wel even zien.
Volgens mij goed gelukt.
Het zachtste boek dat ik ooit gemaakt heb.
Er stond nog wat vernis, acrylvernis. Daarmee heb ik een klein stuk van het notenhout gevernist om te kijken hoe dat uitvalt. Hier is het nog nat.
Daarnaast heb ik nog twee stukjes hout gezaagd die samen het ‘Kamertje’ gaan vormen waar straks het boekje in wordt opgeslagen. Ben ook even houtlijm gaan halen en een verniskwast zodat ik morgen kan vernissen en het boekblok in elkaar kan gaan zetten.
Eerste bioscoopbezoek sinds maanden
Chassé, Breda: Ik blijf onbezet. Wat mij betreft blijft dat ook nog een tijdje zo want ik zie me niet snel terug gaan onder dit regime.
In de Nederlandse theaters, toneel, film, opera.
Maakt niet zo veel uit.
Net als in musea, de horeca is beroerd.
Dus in coronatijd slaagt men er in om een bezoek aan
een film te laten lijken op een bezoek aan een mortuarium.
Alles wat de omgeving wat aangenamer zou kunnen maken
was weg: geen filmposters, geen tafeltjes met stoeltjes,
de verlichting vooral uit en geen aanspraak doen op
de intelligentie van de bezoekers.
Daar waar op de markt, de klanten zelf hun weg moeten zoeken
om contacten zoveel mogelijk te vermijden,
begint je bezoek aan een filmtheater met een vragenlijst
met 7 vragen waar natuurlijk niemand ‘Ja’ op antwoordt
(Ja, ik heb koorts, ben verkouden, er is bij mij corona
vastgesteld vorige week, enz).
Personeel in zwart en droevig gestemd.
Dus gastvrij en opbeurend. Nee, niet echt.
Gaat u daar maar zitten (uiterste stoel tegen de muur op
een rij zo dicht mogelijk tegen het scherm).
Ja, gaat u maar staan en volgt u de speciale route om er voor te
zorgen dat u niemand tegen komt
(als kleuters op de eerste dag naar school).
Inderdaad kwam ik niemand tegen.
Het hele theater was leeg gemaakt voor de 20 bezoekers.
Overigens zijn dat net zoveel bezoekers als voor corona maar toen
met minder personeel, minder speciale voorzieningen en spatborden.
Oh ja, het was toen wel gezellig met meer films tegelijk.
De film La Verité was dan wel weer goed. Catherine Deneuve was top.
Grappig aan de film is dat er gespeeld wordt met dat wat
Catherine Deneuve in werkelijkheid is: een oudere actrice.
Het personage van deze oudere actrice zegt in de film ergens
dat alle goede actrices te herkennen zijn aan hun naam:
voornaam en achternaam beginnen volgens haar met dezelfde letter.
Catherine Deneuve noemt er dan een hele reeks.
Iemand anders noemt dan Brigitte Bardot omdat die in het lijstje
niet voorkomt.
Maar die wuift het personage van Catherine Deneuve dan weer weg.
Natuurlijk is dat ook niet het geval bij Catherine Deneuve zelf.
Feit is dat er nog een andere film is gemaakt in het verleden
met als titel ‘La Verité’. Hoofdrol: Brigitte Bardot. 1960.
****



























































































































