— over mijn laatste foto’s van miniaturen in Museum Rietberg —
Mijn vierde dag in Zürich.
De dag erop ga ik naar Basel om tegen het einde van de dag
met de nachttrein terug naar Nederland te gaan.
Na de vier miniaturen die ik in deze blog laat zien
zou ik nog even de bronzen, koperen en zilveren beelden
gaan bekijken.
Maar eerlijk gezegd, ik was al behoorlijk moe.
De vier miniaturen zijn pareltjes!
Zürich, Museum Rietberg, Urheber unbekannt, Reiter mit speer, India, Pahari-gebiet, Kulu, 1775 – 1800, RVO 1240, Legat Alice Boner.
Pahari-gebied
De Pahari‑schilderkunst uit de westelijke Himalaya staat bekend
om haar heldere kleuren, verfijnde lijnen en intieme scènes,
maar in Kulu krijgt die traditie een eigen, robuustere toon.
De afgelegen ligging van het vorstendom lijkt de kunstenaars
meer vrijheid te hebben gegeven:
figuren worden krachtiger neergezet, de penseelstreek is minder gepolijst
maar des te levendiger, en thema’s als ruiters, jagers en goden in beweging
komen nadrukkelijker naar voren.
In zo’n context krijgt een voorstelling van een ruiter met speer
een bijna vanzelfsprekende plaats
— niet als hofportret in miniatuur, maar als een energiek, lokaal geankerd beeld
waarin de Pahari‑sierlijkheid en de bergwereld van Kulu elkaar raken.
Ruiter en paard
In deze miniatuur uit Kulu lijkt het paard meer een ritmisch motief
dan een dier van vlees en bloed.
De lange hals en hoekige benen volgen geen biologische regels,
maar een sierlijke lijn die de beweging accentueert.
De ruiter blijft onverstoorbaar, bijna ceremonieel, terwijl het paard de energie draagt.
Zo ontstaat een beeld waarin waardigheid en dynamiek
elkaar in evenwicht houden
— een typisch Pahari‑moment waarin de werkelijkheid zich voegt
naar het ritme van verf en lijn.
Mogulwerkstatt, Ein höfling bringt ein anliegen dar, India, 1560 – 1600, RCD 10, dauerleihgabe Catharina Dohrn.
Hier is Perzië niet ver weg
In deze Mogolminiatuur uit de late zestiende eeuw
is de Perzische invloed onmiskenbaar.
De verfijnde architectuur, de symmetrische compositie
en het sierlijke kleurgebruik verraden de hand van kunstenaars
die uit Herat en Tabriz naar de keizerlijke werkplaatsen in India waren gekomen.
Maar midden in die formele hofwereld schittert een uitgespreide pauw,
een motief dat zowel Perzische elegantie als Indiase symboliek draagt:
een teken van pracht, waakzaamheid en koninklijke waardigheid.
Het is dus geen zuiver Perzisch werk:
de levendige patronen, de verzadigde tinten (blauw, oranje, goud)
en de aandacht voor stoffering geven het een eigen, Indiase warmte.
De scène – een hoveling die een verzoek aanbiedt –
is niet alleen een hofmoment, maar ook een beeld van culturele uitwisseling,
waarin de Mogolstijl zich vormt uit de ontmoeting
tussen Perzische elegantie en Indiase verbeeldingskracht.
Mogulwerkstatt, Eine frau bindet sich einen turban, India, 1760 – 1780, RIN 2015.220, Ganesha Stiftung.
Verfijning en rust
In deze miniatuur is alles gericht op verfijning en stilte.
De vrouwen zitten in een besloten ruimte, omgeven door zachte kleuren
en glanzende stoffen; hun gebaren zijn klein, bijna ceremonieel.
De schilder speelt met contrasten:
het donkere achtervlak laat de lichte huid en transparante sluiers oplichten,
terwijl de gouden omlijsting het tafereel tot een kostbaar juweel maakt.
Het is een beeld van rust en concentratie,
waarin de verfijning van lijn en kleur de intimiteit van het moment draagt.
Urheber unbekannt, Die propheten Daniel und Zacharias mit Mozes und Johannes dem Täufer, India, Awadh, Lucknow, 1770 – 1780, RCD 21, dauerleihgabe Catharina Dohrn.
Vier figuren in drie religies
In deze Awadh‑miniatuur is geen sprake van een ordelijke rij profeten,
maar van een gelaagde, bijna visionaire scène.
Daniël en Zacharias lijken met elkaar in gesprek, stevig geworteld op de voorgrond,
terwijl Mozes en Johannes de Doper hoog boven hen zweven,
als verschijningen in een andere sfeer.
Die opstelling is theologisch gezien opmerkelijk
— de profeten leefden in totaal verschillende tijden —
maar in de Indiase schilderkunst van de achttiende eeuw
gaat het minder om historische chronologie dan om spirituele nabijheid.
De schilder brengt vier figuren uit drie religieuze tradities samen
in één beeldruimte, waarin aardse dialoog en hemelse aanwezigheid elkaar raken.
Daniël.
Toen ik aangaf dat het om vier pareltjes ging
heb ik volgens mij niets te veel gezegd.
Het was een bijzondere ervaring om deze werken te kunnen zien.











































































































