Goede Vrijdag

 photo 03GebedenboekMariaVanGelreDeKruisiging.jpg

Het gebedenboek van Maria van Gelre: de kruisiging.


Op het negende uur, de none (volgens onze huidige tijdrekening valt dat rond drie uur in de middag)
wordt de kruisiging overdacht.
De evangelist Mattheus schrijft: Rond het middaguur vier er duisternis over het hele land, die drie uur aanhield.

Aan het einde daarvan, in het negende uur,
gaf Jezus een schreeuw en riep luid: ‘Eli. Eli, lama sabachtani?
Dat wil zeggen: ‘Mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten?’ Kort daarna stierf hij.
Op de miniatuur zien we dat moment, met aan weerszijden van het kruis Maria en de apostel Johannes.
De wanhoop is van hun gezichten af te lezen.

De vesper, aan het einde van de middag, is het uur waarop het dode lichaam van het kruis wordt genomen:
de depositio. Zoals in veel van de miniaturen zijn de gewaden in prachtige kleuren geschilderd en vangt de miniaturist, die de Passiemeester van Maria van Gelre genoemd wordt, het drama van het lijdensverhaal op een indrukwekkende manier.

Het laatste uur van de dag, de completen, biedt een meditatie over de graflegging.
Het wrede afscheid door de dood wordt overdacht.
Een miniatuur ontbreekt, al moet die er oorspronkelijk wel zijn geweest.
Ergens in de afgelopen eeuwen is deze weggesneden uit het gebedenboek.

 photo 03GebedenboekMariaVanGelreDeKruisigingInZijnGeheel.jpg


Witte Donderdag

 photo 02GebedenboekMariaVanGelreHetLaatsteAvondmaal.jpg

Gebedenboek van Maria van Gelre: het laatste avondmaal.


Jezus en zijn leerlingen hielden een maaltijd, staat er in het evangelie van Johannes.
Het Laatste Avondmaal, in de volksmond.
Of deze maaltijd in de avond plaatsvond is maar de vraag,
maar in elk geval was het Jezus’ laatste maaltijd met zijn vrienden voor hij veroordeeld en gekruisigd zou worden.

De miniatuur, die een prachtige serie karakterkoppen laat zien, verbeeldt deze maaltijd.
Op de voorgrond, in kleding die door de kleur duidelijk afwijkt van wat de anderen dragen,
zien we Judas die kort nadien Jezus zal verraden.
De miniaturist heeft heeft hem al een beetje buiten het kader van de afbeelding geschilderd, om te laten zien dat hij op het punt staat de kring van leerlingen te verlaten.

Tijdens de maaltijd confronteert Jezus zijn leerlingen met de vraag wie hem trouw zal blijven.
Precies dat element komt ook aan de orde in de gebeden voor Witte Donderdag die volgen op deze miniatuur:
‘Wij bidden: Heer, help ons dat we niet twijfelen en dat ook wij de pijn van het kruis zullen lijden.’
De gelovige die deze woorden bidt, Maria van Gelre dus in de eerste plaats, wil Jezus volgen in zijn lijden: een goed voorbeeld van Imitatio Christi, de navolging van Christus.

 photo 02GebedenboekMariaVanGelreHetLaatsteAvondmaalInZijnGeheel.jpg


Matthäus-Passion

Muziek is al weer even niet op deze web log aan de beurt geweest.
Maar in deze tijd van het jaar, met een beginnende lente
en een vastentijd, is het het moment in het jaar om een log te besteden
aan de Matthäus-Passion.
Dit fantastische werk van Bach kent vele uitvoeringen in Nederland
in de Paastijd.
Hier een klein stukje over de achtergrond van het muziekstuk.
Het is een stuk tekst uit de ‘luisterhulp’ die Eduard van Hengel op het internet
ter beschikking stelt aan geinsteresseerden.
Een aanrader.

Website van Eduard van Hengel

Laat je niet afschrikken door de omvang en duur van het werk.
Luister zo lang je wil en luister de volgende keer een ander deel.
Laat je niet afschrikken door al die termen die je niet of wel begrijpt
(Stille Week, lectietoon, celebrant, soliloquentes, sub-diaken,
Exordium, turbae, Conclusio, de Duitse taal, Lutherse kerk,
Gregoriaans, bijbelcitaten, …..)
Je hoeft tenslotte van moderen muziek ook niet perse het aantal
beats per minute te weten om de muziek mooi te vinden en er van te genieten.
Gewoon luisteren.

Geniet van de prachtige muziek, de meeslepende melodieen,
de emotionele zang.


JOHANN SEBASTIAN BACH(1685 – 1750)
Matthäus-Passion (BWV 244, 1727)
“Passio Domini nostri Jesu Christe secundum Evangelistam Matthaeum”

Geschiedenis

De passie is een heel oude kunstvorm.
Reeds in de vierde eeuw worden in de christelijke kerk
tijdens de Stille Week voorafgaande aan Pasen
de passieverhalen zingend voorgedragen,
op eenvoudige lectietoon, met kleine heffingen en dalingen.
Vanaf de negende eeuw komen stelselmatig alle vier de evangelisten,
Mattheus, Marcus, Lucas en Johannes, aan bod
op respectievelijk Palmzondag, dinsdag, woensdag en Goede Vrijdag.
Vanaf de twaalfde eeuw doet een dramatiserende rolverdeling zijn intree:
de diaken zingt de woorden van de evangelist,
de celebrant vertolkt de Christus-woorden
en de sub-diaken neemt de uitspraken voor zijn rekening
van de soliloquentes (letterlijk ‘alleensprekenden’,
dramatische personages zoals Petrus, Pilatus e.a.)
en turbae (= menigten, zoals soldaten, discipelen en priesters).
Met de opkomende meerstemmigheid worden de turbae
eerst door alle drie de zangers gezamenlijk,
en later door een afzonderlijk koor vertolkt,
dat bovendien een meerstemmig Exordium (opschrift)
en een Conclusio (besluit) uitvoert.
Eind vijftiende eeuw ontstaan motet-passies (o.m. van Obrecht)
waarin het gehele verhaal voor meerstemmig koor is gezet.
Vanaf midden zestiende eeuw vervangt de lutherse kerk
eerst het Latijn door de volkstaal
(onder handhaving van de gregoriaanse lectietoon)
en vervolgens gaan daar de deuren wijd open
voor invloeden uit de Italiaanse opera:
het recitatief verhoogt de dramatische kracht van de evangelietekst,
er komt instrumentale begeleiding bij
en het evangelieverhaal wordt onderbroken door aria’s op vrije
d.w.z. niet aan het evangelie ontleende teksten,
en ter verhoging van de participatie van het publiek
zingt ook de gemeente nu en dan een eenstemmig koraal.
Wanneer deze koralen vervolgens meerstemmig gecomponeerd
en aan het koor toegewezen worden,
hebben we de oratorische passie
waarvan Bachs Johannes- en Matthäus-Passion voorbeelden zijn.
Tezelfdertijd echter komt ook het passie-oratorium op:
een eveneens meerdelig muziekstuk voor koor, solisten en orkest
maar op uitsluitend vrij gedichte teksten
en geselecteerde bijbelcitaten waarin de gedramatiseerde vertelling
van het evangelieverhaal plaats maakt
voor de subjectieve gevoelsuitingen (‘Empfindsamkeit’)
waar het opkomend pietisme om vroeg.
Daar doet Bach, in het orthodox-behoudende Leipzig, dus niet aan mee.
Zijn passies bieden daardoor een maximale varieteit qua tekst en muziek:
een belangrijk motief voor hun populariteit.
Tegelijk besluit Bach met zijn monumentaalste compositie,
qua bezetting en uitvoeringstijd, voorlopig een eeuwenlange traditie
die pas in de twintigste eeuw herleeft
met de Lukas Passion van Penderecki (1966)
en de Johannes Passion van Part (1981).

Wil je een stukje horen.
Dit is een van de aria’s.
Luister naar die prachtige melodische lijn.

Dit is een uitvoering onder leiding van de dirigent Georg Solti
Medewerkers zijn onder andere: Te Kanawa, von Otter, Rolf Johmson,
Krause, Chicago Symphony Orchestra and Chorus

Eduard van Hengel schrijft bij dit gedeelte:

hobo / strijkers
De dialoog tussen solist (I) en koor (II) wordt vervolgd,
met een barok contrast:
waken bij Jezus (tenor)
doet onze zonden inslapen (koor, een wiegelied als refrein).
In het hobothema eerst een levendig, schalmei-achtig signaal,
dan een wiegende melodie.
Zelfs de tenor lijkt knikkebollend in slaap te sukkelen.