India 24/25: Patna, dag 1 – Bihar Museum 3

– over twee beelden, twee werelden van het boeddhisme –

Een Boeddha uit Gandhara

Gandhara was een historische regio
in het noordwesten van het Indische subcontinent,
grotendeels gelegen in het huidige Pakistan en Afghanistan.

Dankzij haar ligging op de handelsroutes tussen India, Centraal-Azië
en het Midden-Oosten groeide de streek uit
tot een ontmoetingsplaats van verschillende culturen.

Na de veroveringen van Alexander de Grote
bleven invloeden uit de Griekse wereld in de regio aanwezig,
terwijl ook Perzische, Centraal-Aziatische
en Indiase tradities er samenkwamen.

Vanaf de eerste eeuwen van onze jaartelling ontstond
onder meer onder de Kushan-heersers
een bloeiende boeddhistische kunsttraditie
die elementen uit al deze werelden wist te verenigen.
Het Boeddhabeeld uit Sahri Bahlol behoort waarschijnlijk
tot deze culturele en artistieke bloeiperiode.

Die culturele vermenging is zichtbaar in de kunst van Gandhara,
een naam die niet alleen verwijst naar de historische regio
maar ook naar de kunststroming die daar ontstond.
Boeddhistische voorstellingen uit India werden uitgewerkt
in een stijl die zich onderscheidt door naturalistisch gemodelleerde gezichten, zorgvuldig weergegeven lichaamsvormen en zware gewaden
met een duidelijke plooival.

Gandhara speelde bovendien een belangrijke rol
in de ontwikkeling van het Boeddhabeeld
zoals wij dat tegenwoordig kennen.
Waar de Boeddha in oudere kunst vaak
alleen door symbolen werd aangeduid,
verscheen hij hier steeds vaker als een menselijke figuur
met herkenbare kenmerken.

DSC01861IndiaPatnaBiharMuseumBuddhaGandharaSahr-I-BahlolPakistanArch5854
India, Patna, Bihar Museum, Buddha, Gandhara, Sahr-I-Bahlol, Pakistan, Arch.-5854.
DSC01862IndiaPatnaBiharMuseumBuddhaGandharaSahr-I-BahlolPakistanArch5854 Txt

De Boeddha uit Sahri Bahlol

Dit fragmentaire beeld uit Sahri Bahlol in het huidige Pakistan
laat verschillende kenmerken van de Gandhara-traditie zien.
Ondanks de beschadigingen zijn het hoofd, de schouders
en een deel van de borst bewaard gebleven.

Opvallend is het gewaad dat beide schouders bedekt.
Langs de schouders en de borst valt de stof
in regelmatige, parallelle plooien.
Zulke nadrukkelijk gemodelleerde plooien
behoren tot de herkenbare stijlmiddelen van de Gandhara-kunst
en herinneren aan beeldtradities uit de Griekse wereld
waarmee de kunstenaars van Gandhara vertrouwd waren.

Het gezicht is niet opgevat als een individueel portret
maar als een ideaalbeeld.
De gelijkmatige gelaatstrekken, de halfgesloten ogen
en de ingetogen mond geven de Boeddha een uitstraling
van rust en geestelijke concentratie.

Hoe herken je een Boeddha?

De figuur is herkenbaar als de Boeddha
door de lange oorlellen, de karakteristieke haarkrullen
en de ushnisha boven op het hoofd.
Deze kenmerken behoren niet specifiek tot de Gandhara-stijl,
maar maken deel uit van de boeddhistische beeldtaal
die zich later over grote delen van Azië zou verspreiden.

Waarom hebben Boeddhabeelden lange oorlellen?

De lange oorlellen hebben een symbolische betekenis.
Volgens de overlevering herinneren zij
aan Siddhartha Gautama’s jeugd als prins,
toen zware oorhangers de oorlellen zouden hebben uitgerekt.
Nadat hij afstand had gedaan van rijkdom en status
verdwenen de sieraden, maar de lange oorlellen bleven zichtbaar.

In de boeddhistische kunst groeiden zij uit tot een vast herkenningsteken
van de Boeddha.
Hun lengte varieert sterk van beeld tot beeld,
wat laat zien dat kunstenaars naast symboliek
ook een zekere artistieke vrijheid hadden in de uitwerking ervan.

Wat is de ushnisha precies en hoe herken je die?

Boven de regelmatige haarkrullen bevindt zich de ushnisha.
Voor moderne bezoekers oogt dit detail gemakkelijk
als een haarwrong of knot.
In de boeddhistische traditie wordt de ushnisha echter
niet beschouwd als een onderdeel van de haardracht,
maar als een verhevenheid van de schedel.
Zij behoort tot de bijzondere lichamelijke kenmerken van een Boeddha
en symboliseert diens spirituele wijsheid.
Kunstenaars hebben dit kenmerk door de eeuwen heen
op verschillende manieren vormgegeven.
Soms is de verhevenheid duidelijk zichtbaar,
soms lijkt zij op een knot, en soms, zoals bij dit beeld,
loopt zij vrijwel ongemerkt over in de krullen van het haar.


DSC01863 01 IndiaPatnaBiharMuseumChundaMultipleArmsRatnagiriOdishaArch6500
Chunda with multiple arms, Ratnagiri, Odisha, Arch.-6500.
DSC01865IndiaPatnaBiharMuseumChundaMultipleArmsRatnagiriOdishaArch6500 Txt

Een Chunda uit Ratnagiri

Toen ik in 2004 Odisha bezocht,
stonden plaatsen als Puri en Bhubaneswar centraal.
Daardoor associeerde ik de regio vooral met het hindoeïsme.
Minder bekend is dat hetzelfde gebied gedurende eeuwen
ook een belangrijk centrum van het boeddhisme was.
In kloostercomplexen als Ratnagiri ontwikkelde zich
een rijke boeddhistische beeldcultuur,
die sterk verschilde van de veel oudere Gandhara-traditie.

Waar de Boeddha uit Gandhara behoort tot een vroege traditie
waarin de historische Boeddha centraal staat,
voert het beeld van Chunda ons naar het Ratnagiri van enkele eeuwen later.
Hier ontwikkelde zich een vorm van boeddhisme
waarin naast de Boeddha ook bodhisattva’s en talrijke godheden
een belangrijke plaats kregen.
Het beeld uit Ratnagiri opent daarmee een venster
op een rijkere en complexere religieuze wereld.
De rustige, menselijke Boeddha van Gandhara
maakt hier plaats voor een godheid met meerdere armen,
waarvan elk detail een eigen symbolische betekenis draagt.

Het beeld van Chunda bestaat uit meer dan alleen de centrale godheid.
Van boven naar beneden zien we een staande figuur linksboven en,
oorspronkelijk, een vergelijkbare figuur rechtsboven,
waarvan slechts een fragment bewaard bleef.
Daartussen bevindt zich een kleine zittende Boeddha (beschadigd)
boven het hoofd van Chunda.
In het midden zit Chunda zelf op haar lotuszetel.
Daaromheen ontvouwen zich twaalf armen met verschillende attributen.
Helemaal onderaan bevindt zich een reeks kleinere figuren onder de troon.
Samen vormen zij een zorgvuldig opgebouwde religieuze voorstelling
waarin ieder element een eigen betekenis heeft.

DSC01863 02 IndiaPatnaBiharMuseumChundaMultipleArmsRatnagiriOdishaArch6500 links
DSC01863 03 IndiaPatnaBiharMuseumChundaMultipleArmsRatnagiriOdishaArch6500 Rechts

Een beeld met meerdere armen

Voor moderne bezoekers zijn de vele armen misschien
het meest opvallende onderdeel van het beeld.
Toch vormen zij slechts één element binnen een grotere compositie.
In de boeddhistische beeldtaal moeten de meerdere armen
niet letterlijk worden opgevat.
Zij maken zichtbaar dat een godheid
over verschillende krachten en vermogens beschikt.
Die worden vervolgens herkenbaar gemaakt
door de voorwerpen die zij draagt of vasthoudt.

De vele armen van Chunda ogen
voor westerse bezoekers misschien vreemd,
maar het idee erachter is minder ongewoon dan het lijkt.
In zekere zin doet dit denken aan de christelijke kunst,
waar heiligen vaak eerder aan hun kenmerken en attributen
dan aan hun gezicht kunnen worden herkend.
Zo verwijzen bijvoorbeeld de stigmata naar Franciscus,
een zalfpot naar Maria Magdalena en een gebroken wiel
naar de heilige Catharina.
Op vergelijkbare wijze maken de attributen van Chunda
haar identiteit en betekenis zichtbaar.
Wat voor de ene traditie vanzelfsprekend is,
oogt in een andere traditie al snel ingewikkeld of geheimzinnig.

GelezenHanden

Ik heb geprobeerd de armen en met name hun attributen te identificeren.
Het volgende overzicht is dan het resultaat:

Toen ik de attributen één voor één bekeek,
bleek de museumtekst grotendeels te kloppen.

De kom, lotus, slang, noose, waterkruik, gebedskrans en vrucht
zijn met enige moeite op het beeld terug te vinden.

Alleen het genoemde boek bleef ongrijpbaar.
Geen van de zichtbare attributen lijkt overtuigend op een palmbladmanuscript.

Daar staat tegenover dat het beeld enkele andere voorwerpen toont
die de museumtekst niet vermeldt,
waaronder een wiel met spaken, een mogelijk vajra
en een raadselachtig boogvormig attribuut.

Zoals vaker bij historische beelden levert zorgvuldig kijken
niet alleen antwoorden op, maar ook nieuwe vragen.
Sommige daarvan heeft zelfs een uitgebreide zoektocht op internet
vooralsnog niet kunnen beantwoorden.

Hoe past dit binnen het Vajrayana-boeddhisme?

De vraag die uiteindelijk resteert, is hoe dit beeld past
binnen de traditie van het Vajrayana-boeddhisme.
Waar de Boeddha uit Gandhara vooral de historische Boeddha
als menselijke figuur toont,
kent het Vajrayana-boeddhisme een uitgebreide wereld
van boeddha’s, bodhisattva’s en godheden
die verschillende aspecten van verlichting vertegenwoordigen.
Chunda wordt daarbij geassocieerd
met bescherming, zuivering en spirituele ondersteuning.
De vele armen en attributen zijn niet bedoeld als artistieke overdaad,
maar maken deze verschillende eigenschappen en functies zichtbaar.
De rijkdom van het beeld is daarmee niet het uitgangspunt,
maar het gevolg van de betekenis
die de beeldhouwer tot uitdrukking wilde brengen.

Opvallend zijn ook de vele sieraden die Chunda draagt.
Anders dan de Boeddha uit Gandhara verschijnt zij niet
als een eenvoudige monnik,
maar als een rijk versierde godheid.
De kroon, de halskettingen en de armbanden benadrukken
haar verheven status en passen binnen de beeldtaal
van het latere Mahayana- en Vajrayana-boeddhisme,
waarin bodhisattva’s en godheden
vaak als vorstelijke figuren worden voorgesteld.

Dat er nog veel over dit beeld te vertellen is lijkt me duidelijk.
Zie dit als een eerste introductie.


Aantekeningen uit Musée Guimet (1): Shiva

Zoals ik eind vorig jaar een week naar Zürich reisde
om Museum Rietberg te bezoeken,
zo reisde ik in februari van dit jaar naar Parijs
om de Aziatische collecties van Musée Guimet en Musée Cernuschi te zien.
Deze vooral Indiase en Chinese collecties
zijn in een reeks berichten op mijn blog aan de orde geweest.
Bijvoorbeeld in het bericht over het beeld van Shiva Nataraj:
De dansende god in Zürich.

Nu is het plan om een wandeling te maken
door de collecties van Musée Guimet.
Ik liep eerst naar de Shiva Nataraj die hier wordt tentoongesteld,
dat beeld was tenslotte mijn hoofddoel.
Maar daarna wandel ik verder door het museum.
Dat valt soms niet mee, want tijdens mijn bezoek is er ook een tentoonstelling
over manga en die trekt in die schoolvakantie veel jonge bezoekers.
Maar als ik uit de drukte blijf, kan ik tussen de voorwerpen uit India,
Myanmar, Cambodja en bijvoorbeeld Vietnam lopen.
Ik stop waar iets mijn aandacht trekt.
Ik loop verder als iets mij minder interesseert.
Mijn camera was weer mijn notitieboekje,
en daarom kan ik mijn indrukken met foto’s illustreren.

Het resultaat zal een reeks berichten zijn over Musée Guimet.

Zoals gezegd opent deze reeks met dit bericht over Shiva.

DSC08070ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471
Parijs, Musée Guimet, Shiva seigneur de la danse, Vellelegaram (?), Tamil Nadu, 11th century, Chola, bronze, MG 17471.
DSC08085ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronze Txt

Nederlandse vertaling

Shiva, heer van de dans
Vellalagaram? (staat Tamil Nadu.
11e eeuw, Chola-periode
Brons

De god Shiva voert de dans uit die men de „verschrikkelijke, maar vreugde brengende” (ananda-tandava) noemt. Door de kracht van haar ritmen vernietigt en herschept deze dans tegelijkertijd de werelden. Op een van de lokken van Shiva’s haar is een bescheiden afbeelding van de godin Ganga (de rivier de Ganges) te zien. Dit verwijst naar de beroemde mythe van de „Nederdaling van de Ganges”. Volgens die mythe stemde Shiva ermee in de woeste watermassa’s van de destijds nog hemelse rivier in zijn haardossen op te vangen, zodat zij niet als een verwoestende waterval op de aarde zouden neerstorten.

Schenking van C.T. Loo, 1928, inventarisnummer MG 17471.


Het type beeld: een dansende man met lange lokken haar
die mooi aansluiten bij de stralenkrans om hem heen.
Staand op één been, rustend op de rug van een klein wezen.
Over dat type beeld zijn al meerdere berichten op mijn blog te vinden
en mijn uitdaging is dan ook om in dit bericht niet te veel informatie te herhalen.
Wat me meteen opviel aan het beeld in Parijs is dat de stralenkrans
minder rond is dan bij de versie in Amsterdam.
De imitaties in souvenirwinkels hebben meestal ook een ronde stralenkrans.
Eerder was me dit al opgevallen in de catalogus die ik in Zürich kocht
van hun tentoonstelling uit 2008/2009.
Daarin zie je dat de versies uit Amsterdam en New Delhi ronder zijn
dan de versies van Zürich, New York, het Victoria and Albert Museum
of die van het British Museum.

DSC08071ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471 GangaInHaar
Ganga tussen de strengen haar van Shiva.
DSC08072ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471 Constructie
Niet alleen het haar vormt aanhechtingspunten aan de stralenkrans.
DSC08073ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471 HandjesWezen
De handjes van Apasmara en de slangen bij hem.
DSC08074ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471 Detail
DSC08075ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471 DrieVlammen
Vlammenbundels van de stralenkrans met drie vlammen.
DSC08076ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471 ShivaMetSnor
Shiva met snor.
DSC08077ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471 Detail

De voorstelling van de dansende god straalt dynamiek en kracht uit
terwijl er tegelijk sprake is van evenwicht en beheersing.
Of zoals de zaaltekst zegt:
Door de kracht van haar ritmen vernietigt en herschept deze dans tegelijkertijd de werelden.
Schijnbare tegenstellingen worden door het beeld in balans gebracht:
om in evenwicht te blijven bij de beweging die de danser maakt
is veel kracht nodig.
Daar zit ook een fysiek aspect aan.
Wat me bij de versie van Musée Guimet voor het eerst opviel
is dat het lichaam van Shiva vóór de stralenkrans staat.
Dat zie je vooral goed als je het beeld van opzij bekijkt.
Het lichaam van Shiva heeft van opzij de vorm van een afnemende maansikkel,
alsof het lichaam licht naar voren bolt.
Waarschijnlijk is die lichte kromming nodig
om het beeld fysiek in evenwicht te houden.

DSC08078ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471 ArmMetSlang
Slang.
DSC08079ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471 HandMetTrommel
Trommel.
DSC08080ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471
DSC08081ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471
DSC08082ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471
Licht bolle vorm.
DSC08083ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471 Detail
Het hoofd bevindt zich duidelijk voor de stralenkrans.
DSC08084ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471 Detail
Linkervoet in de stralenkrans, rechtervoet er voor.
DSC08086ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471 Detail
Hier 5 vlammen bij elkaar gebracht en cirkelvormige markeringen in het metaal.
DSC08087ParijsMuseeGuimetShivaSeigneurDeLaDanseVellelegaramTamilNadu11thCentCholaBronzeMG17471 Detail
Details van de constructie.

India 24/25: Patna, dag 1 – Bihar Museum 2

– over twee eeuwen, één Boeddha –

Inleiding

Beide Boeddhabeelden in dit bericht,
die ik kort na elkaar fotografeerde in het Bihar Museum,
stammen uit de Pala-periode (8e-12e eeuw CE).
Deze periode ontleent haar naam aan de Pala-dynastie,
die grote delen van Oost-India bestuurde.
Onder haar bewind groeide Bihar uit tot een belangrijk centrum
van het boeddhisme.
In dezelfde periode beleefden beroemde kloosteruniversiteiten als Nalanda,
die ik later tijdens deze reis zou bezoeken, hun bloeitijd.

De twee beelden vormen een interessante vergelijking.
Hoewel zij ongeveer twee eeuwen van elkaar gescheiden zijn,
zullen we hieronder zien dat zij zowel
het hoge artistieke niveau van de boeddhistische kunst
als de opmerkelijke continuïteit van de beeldtraditie
in de Pala-periode weerspiegelen.

DSC01855IndiaPatnaBiharMuseumBuddhaBhumisparshaMudra11thCentCEPalaPeriodVishnupurBiharArch1681GreyPhylliteStone
India, Patna, Bihar Museum, Buddha in bhumisparsha mudra, 11th century CE, Pala period, Vishnupur, Bihar, Arch.-1681, grey phyllite stone.
DSC01856IndiaPatnaBiharMuseumBuddhaBhumisparshaMudra11thCentCEPalaPeriodVishnupurBiharArch1681GreyPhylliteStone
DSC01857IndiaPatnaBiharMuseumBuddhaBhumisparshaMudra11thCentCEPalaPeriodVishnupurBiharArch1681GreyPhylliteStone Txt

Boeddha in steen

Het eerste van de twee beelden is een stenen Boeddha
uit Vishnupur in Bihar.
De Boeddha zit in meditatie op een lotustroon
en maakt de bhumisparsha mudra,
letterlijk de “aarde-aanrakende houding”.
Zijn rechterhand reikt naar beneden en raakt de aarde aan,
terwijl de linkerhand in zijn schoot rust.
Deze houding verwijst naar het moment
waarop Siddhartha Gautama de verlichting bereikte.
Met het aanraken van de aarde roept hij haar op als getuige
van de weg die hij heeft afgelegd en van zijn recht om Boeddha te worden.

De gelaatsuitdrukking sluit nauw aan bij dit moment van verlichting.
De halfgesloten ogen, de ontspannen gelaatstrekken
en de onbeweeglijke houding drukken geen spanning of emotie uit,
maar een toestand van innerlijke rust en spiritueel inzicht.
Ook de regelmatige haarlokken, de symmetrische compositie
en de beheerste plooival van het gewaad versterken die indruk.

Het beeld toont niet zozeer een mens van vlees en bloed
als wel het boeddhistische ideaal van de verlichte mens.

Hoewel de voorstelling sober oogt, is zij met grote precisie uitgevoerd.
Vooral de lotustroon toont de verfijnde decoratieve stijl
die kenmerkend is voor de boeddhistische kunst van de Pala-periode.

Op de zichtbare voetzool is bovendien een cirkelvormig teken aangebracht.
Mogelijk stelt dit het dharmachakra, het wiel van de leer, voor.
Dergelijke symbolen worden in de boeddhistische kunst
soms op de handpalmen en voetzolen van de Boeddha afgebeeld
om zijn bijzondere status te benadrukken.

Hoewel dit beeld ongeveer twee eeuwen jonger is
dan het bronzen beeld uit Kurkihar dat hieronder volgt,
vertoont het opvallend veel van dezelfde kenmerken.
Juist daardoor vormt het een goed uitgangspunt voor een vergelijking
van de opmerkelijk stabiele beeldtraditie van de Pala-periode.

DSC01859IndiaPatnaBiharMuseumBuddhaBhumisparshaMudra9thCentCEPalaPeriodKurkiharGayaBiharArch9598Bronze
Buddha in bhumisparsha mudra, 9th century CE, Pala-period, Kurkihar, Gaya, Bihar, Arch.-9598, bronze.
DSC01860IndiaPatnaBiharMuseumBuddhaBhumisparshaMudra9thCentCEPalaPeriodKurkiharGayaBiharArch9598Bronze Txt

Boeddha in brons

Het tweede beeld is een bronzen Boeddha uit Kurkihar in het district Gaya.
Het maakt deel uit van een groep bronzen beelden
die in Kurkihar werd opgegraven.
Deze vondst behoort tot de belangrijkste ontdekkingen
van boeddhistische bronskunst uit de Pala-periode.

Net als het stenen beeld is de Boeddha afgebeeld
in de bhumisparsha mudra.
Ook hier zien we dezelfde meditatieve zithouding,
de regelmatige haarlokken en het dunne monniksgewaad
dat het lichaam in een patroon van fijne lijnen volgt.
Ook hier drukken de halfgesloten ogen, de symmetrische compositie
en de onbeweeglijke houding, net als bij het stenen beeld,
geen spanning of emotie uit maar innerlijke rust en spiritueel inzicht.
Ook dit beeld toont niet zozeer een mens van vlees en bloed
als wel het boeddhistische ideaal van de verlichte mens.

Het gebruik van brons stelde de kunstenaar in staat
bijzonder verfijnd te werken.
Dat is zichtbaar in de scherpe contouren van het gezicht,
de subtiele behandeling van het gewaad
en de zorgvuldig uitgewerkte lotustroon.
Ondanks zijn bescheiden afmetingen bezit het beeld
een opmerkelijke elegantie en een technisch vakmanschap
dat voor zijn tijd uitzonderlijk moet zijn geweest.
Juist die verfijnde afwerking heeft de bronzen beelden uit Kurkihar
tot de beroemdste voorbeelden
van boeddhistische bronskunst uit de Pala-periode gemaakt.

Afronding

Hoewel het bronzen beeld uit Kurkihar en het stenen beeld uit Vishnupur ongeveer twee eeuwen van elkaar gescheiden zijn, lijken ze op het eerste gezicht bijna tijdgenoten. Dezelfde bhumisparsha mudra, dezelfde ingetogen gelaatsuitdrukking en hetzelfde fijn geplooide monniksgewaad keren in beide werken terug. De vergelijking laat zien hoe stabiel het boeddhistische beeldideaal in Bihar gedurende de Pala-periode bleef. Niet vernieuwing, maar het bewaren en vervolmaken van een bestaande traditie stond centraal.
Generaties kunstenaars bleven teruggrijpen op
dezelfde beeldtaal en verfijnden die zonder haar wezenlijk te veranderen.


India 24/25: Patna, dag 1 – Bihar Museum

– over de moderne aanpak van het museum –

In de ochtend ben ik direct van hotel gewisseld.
Daarna ben ik op zoek gegaan naar een van de twee grote musea in Patna:
het Patna Museum.
Het was niet ingewikkeld om dat te vinden, maar het museum gesloten.
Er was een verbouwing bezig
en het museum zou meer dan één jaar gesloten blijven.
Helaas stond daarover niets op internet.
In de straat van het Patna Museum zat een bakkerij
waar ze een gesuikerde lekkernij maakten.
Die heb ik gekocht en dat werd het begin van mijn patisserie-avontuur.
Patna staat daarom bekend.

Toen besloot ik naar het andere museum te gaan: het Bihar Museum.
Het Patna Museum is gevestigd in een koloniaal gebouw.
Het Bihar Museum is een modern ontwerp
en opende vanaf 2015 in verschillende fasen.
Buiten bij het museum hangt een aankondiging
over het ontstaan en over het karakter van het museum..
De belangrijkste zin daarin voor mij is:

The Bihar Museum is not a store-house of artefacts, but is an experience museum.

IMG_3664PatnaBiharMuseum Txt

Dat betekent dat je in grote stappen door de geschiedenis gaat
maar ook dat men er moderne Indiase kunst laat zien.
En dat is dan weer bijzonder.

Van de objecten die ik in dit bericht laat zien weet ik soms niet

  1. van welke periode het beeld is
  2. waar het beeld gevonden is
  3. van welk materiaal en door welk proces het gemaakt is.

Persoonlijk vind ik dat een nadeel van de aanpak
waarbij men in een museum de nadruk legt op presentatie,
uitleg en verbanden.
Gelukkig doet men dat in het Bihar Museum vooral in de Oriëntatiegalerie.
Daarna volgen de galerieën A, B en C
en daar is meer informatie beschikbaar.

DSC01834IndiaPatnaBiharMuseumStudentVisitors
Er waren die dagvooral groepen met studenten in het museum en ze wilde graag op de foto.
DSC01835IndiaPatnaBiharMuseumElephantEarlyHistoricTerracottaBuxarBM-2017-007-33
India, Patna, Bihar Museum, Elephant, early historic, terracotta, Buxar. BM.2017.007.33.
DSC01836IndiaPatnaBiharMuseumElephantEarlyHistoricTerracottaBuxarBM-2017-007-33 Txt
Moderne en heldere informatiebordjes.
DSC01837IndiaPatnaBiharMuseumHumanFigurinePre-MauryaTerracottaChirandSaranBM-2017-007-3
Human figurine, pre-Maurya, terracotta, Chirand, Saran. BM.2017.007.3.

Het figuurtje draagt een hoofddeksel dat lijkt op een muts die in een punt uitloopt,
met langs de rand een patroon van kleine verdikkingen
alsof een geweven zoom of kralenrij is weergegeven.
Over de schouders ligt een brede, licht golvende rand
die als onderdeel van zijn kleding is gemodelleerd
en duidelijk is afgezet tegen de romp.
Onder de linkerarm houdt de figuur een compact, afgerond object vast,
een vorm die doet denken aan een opgerolde bundel of een symbolisch attribuut.

DSC01839IndiaPatnaBiharMuseumFemaleFigurineMauryaTerracottaKumraharPatnaBM-2027-007-11
Female figurine, Maurya, terracotta, Kumrahar, Patna. BM.2027.007.11.

Deze vrouwelijke terracotta‑figuur
draagt een rijk versierde compositie die typerend is voor de Maurya‑periode.
De figuur draagt zware ornamenten op hoofd en schouders,
opgebouwd uit ronde en langgerekte vormen die,
in combinatie met het hoofddeksel,
doen denken aan bundels of schoven.
De gelaagde structuur van het kapsel en de sierlijke halslijn
geven het beeld een ceremoniële uitstraling.
Zulke configuraties komen in deze periode vaak voor
en worden in de literatuur doorgaans in verband gebracht
met een ceremoniële of symbolische functie.

DSC01841IndiaPatnaBiharMuseumBuddhaCirca11thCentCEBronzeAlloyKurkiharGayaBM-2017-007-40
Buddha, circa 11th century CE, bronze alloy, Kurkihar, Gaya. BM.2017.007.40.
DSC01843IndiaPatnaBiharMuseumAnthropomorphicPalamuJharkhandMayurbhanjOdisha
Anthropomorphic, voor mij is onduidelijk of dit uit Palamu, Jharkhand of uit Mayurbhanj, Odisha afkomstig is. Maar het is een bronslegering (chalcolithic‑traditie).
DSC01844IndiaPatnaBiharMuseumAnthropomorphicPalamuJharkhandMayurbhanjOdisha Txt
DSC01847IndiaPatnaBiharMuseumMotherGoddessMohenjodaro2500BCE
Mother goddess, Mohenjodaro, 2500 BCE.
DSC01848IndiaPatnaBiharMuseumMotherGoddessMohenjodaro2500BCE Txt
DSC01849IndiaPatnaBiharMuseumNagasPatna
Naga, Patna.
DSC01850IndiaPatnaBiharMuseumNagasPatna Txt
DSC01851IndiaPatnaBiharMuseumFemaleFigurineSeatedOnTwoLeggedStoolPre-MauryanTerracottaPatna
Female figurine seated on two legged stool, pre-Mauryan, terracotta, Patna.
DSC01853IndiaPatnaBiharMuseumFemaleFigurinePre-MauryanTerracotta
Female figurine, pre-Mauryan, terracotta.
DSC01854IndiaPatnaBiharMuseumFemaleFigurinePre-MauryanTerracotta Txt
Vermoedelijk is de Engelse tekst een vertaling van het Hindi. De tekst lijkt me niet helemaal correct. Copilot heeft het Hindi voor me vertaald en dan staat er inderdaad iets anders.

Corrected English description

It is a terracotta female figurine.
The eyes are carved as irregular elongated circles.
The body parts, including the breasts,
were modeled separately and joined together.
This is a unique example of pre‑Mauryan terracotta art. (Arch.‑6650)

Het nummer bijvoorbeeld Arch. 6650 schijnt te verwijzen
naar een inventarislijst met voorwerpen van de Archaeological Survey of India.
Die is helaas online niet te raadplegen.

Het beeldje is zo mooi.
De beeldhouwer speelt met vlak en volume:
de ogen zijn grafisch geaccentueerd,
terwijl wangen en lippen zacht gemodelleerd blijven.
Die spanning tussen lijn en vorm geeft het beeld
een expressieve directheid die doet denken
aan Picasso’s vroege portretten,
waar de anatomie ondergeschikt is aan de kracht van de contour.


India 24/25: Varanasi, dag 5 – de treinreis naar Patna

De dag begon sereen.
Dat kan niet gezegd worden van het verloop van de dag:
uren vertraging, overvolle trein, een bevestigd hotel
dat bij aankomst niet bleek te bestaan en onderhandelingen
met twee andere hotels over één nacht en de volgende dagen slapen.
Het niet bestaande hotel was dan al mijn tweede van die reis,
dus ik was al ervaringsdeskundige.

Patna is niet zo bekend in het Westen
maar het is de hoofdstad van de staat Bihar.
De staat speelt een belangrijke rol in de ontwikkeling van het Boeddhisme:
Bodh Gaya, de plaats waar Boeddha zijn verlichting bereikte, ligt hier.
Maar ook de universiteitsstad Nalanda.
Beide plaatsen zal ik na Patna nog bezoeken.
Daarnaast komen veel Hindoestaanse Surinamers oorspronkelijk
uit Bihar of Uttar Pradesh.

Het was een dag met slechts weinig foto’s.
De dag begon zoals waarschijnlijk altijd in Varanasi.

DSC01828IndiaVaranasiGanges
De ochtenddrukte aan de Ganges.
DSC01829IndiaVaranasiGanges
Er zijn al groepen bedevaartgangers onderweg.
DSC01831IndiaVaranasiGanges
DSC01832IndiaVaranasiGangesDashashwamedhGhat
Varanasi, Dashashwamedh Ghat.
IMG_3635IndiaVaranasiGanges
Dat ik dat net moet zien en fotograferen.
IMG_3636IndiaVaranasiGangesGhats
IMG_3637IndiaVaranasiGanges
IMG_3639IndiaVaranasiPatnaTrainTicket229km
. Het complexe en lange, digitale treinkaartje dat ik thuis al had gekocht via 12Go
IMG_3641IndiaVaranasiPatnaTrainDetails
In het kader van privacy zou je in Nederland een dergelijk informatiebord niet zien met zoveel persoonlijke gegevens. Mijn naam stond onder de zwarte balk.
IMG_3643IndiaVaranasiTrainInfo
Dit bord in de stationshal vermeldt de vertrekkende treinen. De snelheid van mijn camera en die van het bord komen niet met elkaar overeen en daarom is de foto onleesbaar. Maar mijn trein stond op de laatste regel.
IMG_3644IndiaVaranasiTrainInfo
De perrons zijn te bereiken via deze luchtbrug. Bij de trappen naar ieder perron geeft het informatiebord aan wat de volgende trein zal zijn. Ook hier is de snelheid van het bord en mijn camera niet op elkaar afgestemd waardoor de aankondiging op de foto niet te lezen is.
IMG_3646IndiaVaranasiPatnaTrain
In de trein waren alle plaatsen bezet. Het werd nog drukker omdat de trein als laatste stoptrein naar Patna voor die dag fungeerde en iedereen dus de trein in mocht. Ook zonder reservering. Toen we in Patna aankwamen werd het helemaal dringen omdat veel mensen uit de trein wilden en een trein maar een beperkte tijd op een perron stilstaat.
IMG_3649IndiaPatnaOnderhandelingsresultaat85Euro
Het onderhandelingsresultaat voor 6 nachten Patna.

India 24/25: Varanasi, dag 4 – Alamgir Mosque

Ghats zijn de grote trappartijen die van straatniveau
naar het Gangeswater lopen,
Via de trappen lopen bedevaartgangers het water in
om zich onder te dompelen of ceremonies uit te voeren.
Anderen gaan er heen om zich te wassen, zwemmen er,
of doen er hun wasgoed.
Bovenaan de ghats vind je tempels en bedevaartverblijven.
Tegenwoordig ook hotels.
Alle ghats liggen aan de rechteroever van de Ganges.

De namen van de ghats in Varanasi zijn voor een toerist vooral relevant
als je een bepaalde ghat zoekt of voor je oriëntatie.
Er zijn een aantal ‘officiële’ ghats
maar lokaal kent men nog een veel fijnmazigere indeling.

In de ochtend liep ik over de ghats van Dashashwamedh Ghat
naar Assi Ghat in het zuiden.
Vanmiddag loop ik weer van Dashashwamedh Ghat
maar nu vooral naar het noorden, naar de Panchaganga Ghat.
De reden waarom ik steeds van Dashashwamedh Ghat vertrek is simpel:
mijn guest house ligt daar in de buurt.
Het is de centrale ghat waar het eigenlijk altijd druk is.

Soms wijk ik even van de ghats af om in de drukke straten te wandelen,
achter de ghats, maar daarna keer ik weer terug naar het water.
Bovenaan de Panchaganga Ghat ligt de Alamgir Mosque (1669)
die ook wel Aurangzeb’s Mosque of Dharahara Mosque genoemd wordt.
Zo in de late middag is het er erg rustig
maar de moskee ligt op een prachtig, strategisch punt aan de Ganges.
In het bericht van vandaag toon ik de foto’s van deze wandeling.

DSC01811IndiaVaranasiDeStilleKantVanVaranasi
Soms steken bedevaartgangers met de boot de Ganges over en gaan naar ‘de stille kant’ van Varanasi.
IMG_3559IndiaVaranasiBijPanchagangaGhat
DSC01812IndiaVaranasiDeStilleKantVanVaranasi
IMG_3603IndiaVaranasiBootOpDeGanges
DSC01813IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
IMG_3605IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
DSC01814IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
IMG_3606IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
DSC01815IndiaVaranasiBootOpDeGanges
Er is veel sprake van bekijken en bekeken worden.
IMG_3607IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
DSC01816IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
IMG_3608IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhatKoffie
Even een korte pauze.
IMG_3610IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
IMG_3611IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
DSC01818IndiaVaranasiNandiTheBullGodowliaIntersectionGodowliaChoraha
Nandi op de Godowlia Intersection.
DSC01819IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
IMG_3613IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhatFastFood
IMG_3614IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
Zo druk als het er is, er is altijd wel ergens rust.
IMG_3615IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
IMG_3616IndiaVaranasi
“Om Ganapataye Namah” staat bij de afbeelding geschreven — letterlijk: Eer aan Heer Ganesha.
IMG_3617IndiaVaranasi
IMG_3618IndiaVaranasi
IMG_3619IndiaVaranasiDeGanges
IMG_3622IndiaVaranasiBijPanchagangaGhatenAlamgirMosque
Boven Panchaganga Ghat zie je hier de Alamgir Mashid.
DSC01820IndiaVaranasiBijPanchagangaGhat
DSC01821IndiaVaranasiBijPanchagangaGhat
DSC01822IndiaVaranasiBijPanchagangaGhat
DSC01823IndiaVaranasiAlamgirMosqueDharaharaMosque
Dit bord spreekt van de Dharahara Mosque.
DSC01824IndiaVaranasiAlamgirMosque
DSC01825IndiaVaranasiBijAlamgirMosqueZichtOpDeGanges
DSC01826IndiaVaranasiAlamgirMosque
DSC01827IndiaVaranasiAlamgirMosque
IMG_3623IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
IMG_3624IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhatChitralaya‑schoolReligieuzeMuurschilderingen
IMG_3625IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhatChitralaya‑schoolReligieuzeMuurschilderingen
IMG_3626IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
Lekker in het warme zand.
IMG_3628IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
In de buurt bij Manikarnika Ghat, de belangrijkste crematieplaats in Varanasi aan de Ganges.
IMG_3630IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhat
IMG_3631IndiaVaranasiManikarnikaGhat
IMG_3632IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhatGangaAartiInVoorbereiding
Terugkomend bij Dashaahwamedh Ghat zijn de voorbereidingen voor de Ganga Aarti in volle gang.
IMG_3633IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhatVoorbereidingGangaAartiInGang
IMG_3634IndiaVaranasiBijDashashwamedhGhatBruiloftsgasten
Ik ga naar het guest house voor een rustige avond.

India 24/25: Varanasi, dag 4 – Ramnagar Fort

– over een paleis met eigen ghat aan de Ganges –

De ondertitel is geen reclameslogan voor een hotel in Varanasi.
De privé-ghat van de Maharadja van Benares is een van de bijzondere locaties
in het fort annex paleis.
In een eerder bericht deed ik verslag van mijn wandeltocht naar Assi Ghat
om dan een riksja te nemen naar de ingang van het fort.
Daar ben ik nu aangekomen.

DSC01792IndiaVaranasiRamnagarFortToegangspoort
Dit is de toegangspoort van het Ramnagar Fort vanaf de weg.
IMG_9917IndiaDagboek
Mijn India-dagboek voor 27 november 2024.

Vandaag ben ik in de ochtend naar Assi Ghat gelopen. Langs de kleine crematie ghat die men op dat moment aan het opruimen was. In Assi Ghat heb ik een riksja genomen naar Ramnagar Fort. Daar was ik om 09:30 en het museum gaat om 10:00 uur open. Dus tijd voor een korte wandeling langs marktkramen.

Het museum staat het nemen van foto’s helaas niet toe.

Je gaat eerst door ruimtes met rijtuigen en howdha’s
(olifantenzadels). Vooral de zadels met decoraties van ivoor maken indruk.
Je ziet er ook palanquins (draagstoelen), zelfs een voor in de regen!
Ook drie oude auto’s.
Dan volgt de afdeling wapens: zwaarden, geweren, speren, dolken, pistolen, en ik zag er ook Sikh werpcirkels (chakrams) hangen. Ook de schilden, helmen en borstplaten zag ik pas geleden, perfect gerestaureerd in Londen. Dat was op de Ranjit Singh-tentoonstelling. Maar hier is de collectie net zo bijzonder maar minder gerestaureerd.

De maharadja woont nog in een deel van het fort.

Na de wapens een collectie toegepaste kunst en diplomatieke geschenken.

De maharadja had een privé-toegang naar de Ganges (het fort ligt eraan).

Het fort heeft betere tijden gekend maar het geeft een goed idee van hoe het geweest is.

DSC01793IndiaVaranasiRamnagarFortMarkt
Eerst even kort op de markt rondneuzen.
IMG_3582IndiaVaranasiRamnagarFortMarkt
IMG_3583IndiaVaranasiRamnagarFortMarkt
IMG_3584IndiaVaranasiRamnagarFortMarkt
De straat waarlangs de kooplieden hun producten verkopen is druk. Niet alleen omdat de kramen er staan maar het is ook een doorgaande weg. Dus naast bezoekers van de kramen zijn er kooplieden, toeristen, vrachtverkeer, personenvervoer, bussen en heel veel riksja’s.
IMG_3585IndiaVaranasiRamnagarFortMarktKalebas
Kalebas.
IMG_3586IndiaVaranasiRamnagarFortMarkt
Suikergoed.
IMG_3587IndiaVaranasiRamnagarFortMarkt
IMG_3589IndiaVaranasiRamnagarFortMarktNietRijpeJackfruit
Schijf onrijpe jackfruit of nangka.
IMG_3590IndiaVaranasiRamnagarFortMarkt
IMG_3591IndiaVaranasiRamnagarFortMarkt
IMG_3592IndiaVaranasiRamnagarFortMarkt
IMG_3581IndiaVaranasiRamnagarFortToegangspoort
Terug bij de poort gekomen kan het bezoek aan het fort beginnen.
DSC01794IndiaVaranasiRamnagarFortBeeldVanuitToegangspoort
Het zicht vanuit de poort naar de weg waarlangs de markt is.
DSC01795IndiaVaranasiRamnagarFortToegangspoort
De poort.
DSC01796IndiaVaranasiRamnagarFort
Door de poort gelopen kom je op een grote open plaats, een excersitieterrein. Met daaromheen verschillende gebouwen.
IMG_3593IndiaVaranasiRamnagarFort
De toegangspoort is hier aan de rechterkant.
DSC01797IndiaVaranasiRamnagarFortBinnenzijdeToegangspoort
De indrukwekkende toegangspoort vanaf de binnenkant gezien.
DSC01798IndiaVaranasiRamnagarFortBinnenzijdeToegangspoort
DSC01799IndiaVaranasiRamnagarFortBinnenzijdeToegangspoort
DSC01800IndiaVaranasiRamnagarFort
DSC01801IndiaVaranasiRamnagarFortPrivéGhat
De gangen naar de toegang tot de privé-ghat zijn indrukwekkend. Donker, steil en dan de mooie ballustrades erboven.
IMG_3597IndiaVaranasiRamnagarFortPrivéGhat
De trappen zijn nog handwerk uit de tweede helft van de achttiende eeuw.
DSC01802IndiaVaranasiRamnagarFortPrivéGhat
De steile trappen zetten zich door.
DSC01803IndiaVaranasiRamnagarFortPrivéGhat
Op weg naar het water.
DSC01805IndiaVaranasiRamnagarFortPrivéGhat
Om te bidden, de was te doen of jezelf te wassen. Zwemmen kan ook.
DSC01804IndiaVaranasiRamnagarFortPrivéGhat
DSC01806IndiaVaranasiRamnagarFortToegangTotPrivéGhat
Het fort aan de kant van de Ganges is misschien wel het mooiste deel.
DSC01807IndiaVaranasiRamnagarFortPubliekeGhatEnBrug
Een ghat dat voor iedereen toegankelijk is en daarachter de brug over de Ganges.
DSC01808IndiaVaranasiRamnagarFortAanDeGanges
Het fort is een combinatie van een militair complex en een paleis. Dit is de kant aan de Ganges.
DSC01809IndiaVaranasiRamnagarFortTempelOpDePrivéGhat
Op de trappen van de privé-ghat is een platform met een tempel.
DSC01810IndiaVaranasiRamnagarFortTempelOpDePrivéGhat
IMG_3598IndiaVaranasiRamnagarFortPrivéGhat
IMG_3599IndiaVaranasiRamnagarFortTempelOpDePrivéGhat
IMG_3600IndiaVaranasiRamnagarFortTegangNaarDePrivéGhat
IMG_3602IndiaVaranasiRamnagarFortTempelOpDePrivéGhat
IMG_3594IndiaVaranasiRamnagarFort
Onderweg naar de uitgang.
IMG_3595IndiaVaranasiRamnagarFort
IMG_3596IndiaVaranasiRamnagarFort

India 24/25: Varanasi, dag 4 – een ochtendwandeling langs de ghats

Natuurlijk kun je vanaf Dashashwamedh Ghat
met een boot naar het Ramnagar‑fort.
Je kunt ook lopen en het laatste stuk met een riksja gaan.
Dan ga je via de ghats van Varanasi.
In de ochtend is dat een heel boeiende wandeling, een avontuur,
zoals mijn foto’s je gaan tonen:
mist, boten, de Ganges, bedevaartgangers, offers, crematie, rust,
stilte, een ongeluk, en criquet.
Aan het einde van de ghats loop je vanzelf een straat in waar riksja’s staan.
Ze brengen je overal naartoe,
ook via de brug over de Ganges naar het fort.
Het fort ligt gelijk aan het eind van de brug, rechts,
aan de overkant van de Ganges.
Als je wil, wacht de chauffeur met riksja op je voor de terugweg.

DSC01791IndiaVaranasi
De Ganges in de ochtend bij Varanasi.
IMG_3559IndiaVaranasi
De wandeling gaat in zuidelijke richting.
IMG_3560IndiaVaranasi
De was van hotels ligt te drogen in de ochtendzon.
IMG_3561IndiaVaranasi
Alles rustig en netjes georganiseerd.
IMG_3562IndiaVaranasi>
IMG_3563IndiaVaranasi
IMG_3564IndiaVaranasi
IMG_3565IndiaVaranasiKedarGhat
Kedar Ghat.
IMG_3566IndiaVaranasiKedarGhat
IMG_3568IndiaVaranasi
IMG_3569IndiaVaranasi
Trappen op en trappen af.
IMG_3570IndiaVaranasiCrematieplaats
Er zijn meerdere plaatsen waar dagelijks crematies worden uitgevoerd maar nu is het nog vroeg.
IMG_3571IndiaVaranasiCrematiehout
Het hout ligt te wachten. De weegschaal wordt gebruikt om het hout af te wegen om te kunnen afrekenen.
IMG_3572IndiaVaranasi
Overal grotere en kleinere, vaak kleurige tempels, tempeltjes en herdenkingsplaatsen.
IMG_3573IndiaVaranasiCriquetKanOveral
Criquet kun je overal spelen en ook op de ghats.
IMG_3574IndiaVaranasiNiranjaniGhat
Bij Niranjan Ghat wordt geveegd. Schoonmaken is een activiteit die de hele dag doorgaat. Op alle ghats.
IMG_3575IndiaVaranasi
IMG_3576IndiaVaranasiBhadainiGhat
Bij Bhadain Ghat, vanouds een water-innamepunt, is een graafmachine in zijn eigen kuil gegleden.
IMG_3577IndiaVaranasiBhadainiGhat
De machine leek er niet op eigen kracht uit te kunnen.
IMG_3579IndiaVaranasiBhadainiGhat
IMG_3580IndiaVaranasi DeBrugInDeVerte
De brug waar de riksja me over zal brengen.

India 24/25: Varanasi, dag 3 – George

– over een avond ter herinnering aan George Harrison –

Op de tweede ochtend in Varanasi ontbeet ik in een klein restaurant
aan een smalle straat die parallel liep aan de ghats.
Na een tijdje kwam er nog iemand eten.
Een jonge westerse man.
We raakten in gesprek.

Een Scandinaviër die in Varanasi verbleef om sitar te leren spelen.
Thuis studeerde hij compositieleer aan het conservatorium.
Sitar was zijn gekozen instrument
— niet iets waarmee je in Scandinavië een boterham verdient,
maar dat leek hem toen nog niet te deren.
Ik vroeg hem hoe hij er bij kwam om nou net dat instrument te leren bespelen.
Hij vertelde over de muziek die hij thuis had gehoord van zijn ouders.
De jaren zestig en zeventig, Ravi Shankar.
In Scandinavië zijn natuurlijk niet veel mensen die de sitar beheersen.
Daarom is een periode les in India de beste manier.
Hij woonde een tijd bij zijn docent in huis en volgde dagelijks les.

Ik ken de Indiase muziek eigenlijk niet.
Maar ken bijvoorbeeld The Concert for Bangladesh,
georganiseerd door George Harrison en Ravi Shankar.
De muziek waarbij westerse muzikanten Indiase invloeden verwerken,
ken ik beter: The Mahavishnu Orchestra
en bijvoorbeeld Remember Shakti van John McLaughlin.

Voor mijn werk ging ik ooit met collega’s naar Denver voor een conferentie.
Mijn collega’s gingen skiën.
Ik bezocht toen eerst Chicago en bekeek Denver.
Denver was ijskoud met sneeuw en ijs.
Op een wandeling zag ik een aankondiging van een concert van McLaughlin.
Het was niet uitverkocht, dus kocht ik een kaartje.
McLaughlin was op tournee voor zijn album Remember Shakti.
Het was een klein theater met typische rode pluche klapstoelen.
De zaal was halfvol.
De muzikanten in witte kleding namen in kleermakerszit plaats op het podium.
Een van de muzikanten naast McLaughlin was Zakir Hussain, de tabla-speler.
Genieten. Snel daarna kocht ik Remember Shakti.
Op vakantie is dat album er altijd bij op mijn iPod.

IMG_3493 1PosterMusicFestivalGeorgeHarrison
Aankondiging concertreeks rond de sterfdag van George Harrison.

Ik vertelde mijn mede-ontbijter dat ik een poster had gezien
over de concertreeks ter herinnering aan George Harrison.
Volgens hem waren de betrokken mensen goede muzikanten.
Dus ik besloot om het concert bij te wonen.

In de avond zijn de smalle straten achter de ghats goed verlicht,
maar wel een doolhof.
Het International Music Centre staat af en toe aangegeven
maar er hangen veel posters voor hostels, hotels, de dokter, enzovoort,
waardoor je gemakkelijk een bordje mist.
Ik vond het gebouw; voor de deur werden kaartjes verkocht.
Die avond waren binnen al veel van de plaatsen bezet:
plastic tuinstoelen vullen de rechthoekige ruimte tussen pilaren.
Het concert vond plaats in een soort hal die drie verdiepingen hoog was.
De oppervlakte was niet zo groot.
Op de etages waren omgangen. Daar zaten studenten van het centrum.
Er werd thee geschonken.
Dr. Shanish Kumar Gyawali (bansuri) en Dr. Sandip Rao Kewale (tabla)
waren de muzikanten.
Ik heb genoten, van de ervaring, de zaal, de muziek.

IMG_3543IndiaVaranasiInternationalMusicCentreConcertInMemoryOfGeorgeHarrison
IMG_3545IndiaVaranasiInternationalMusicCentreConcertInMemoryOfGeorgeHarrison
IMG_3547IndiaVaranasiInternationalMusicCentreConcertInMemoryOfGeorgeHarrison
IMG_3548IndiaVaranasiInternationalMusicCentreConcertInMemoryOfGeorgeHarrisonDrShanishKumarGyawaliBansuri
India, Varanasi, International Music Centre, Concert in memory of George Harrison, Dr. Shanish Kumar Gyawali (bansuri of bamboe dwarsfluit).
IMG_3549IndiaVaranasiInternationalMusicCentreConcertInMemoryOfGeorgeHarrisonDrShanishKumarGyawaliBansuri
IMG_3550IndiaVaranasiInternationalMusicCentreConcertInMemoryOfGeorgeHarrisonDrShanishKumarGyawaliBansuri
IMG_3555IndiaVaranasiInternationalMusicCentreConcertInMemoryOfGeorgeHarrisonDrSandipRaoKewaleTabla
Dr. Sandip Rao Kewale (tabla).
IMG_3558IndiaVaranasiInternationalMusicCentreConcertInMemoryOfGeorgeHarrisonDrSandipRaoKewaleTabla

IMG_9918InternationalMusicCentreConcertTicket

India 24/25: Varanasi, dag 3 – Wat Thai

– over een modern Boeddha-beeld in Sarnath –

Op mijn blog verschenen het afgelopen half jaar
uiteenlopende voorbeelden van Boeddha-afbeeldingen te zien.
Geschilderd op zijden banieren,
uitgehouwen uit rots,
geboetseerd,
in goud, brons of zilver
— meestal eeuwenoud.
Er worden ook nu nog Boeddha-beelden gemaakt.
Aan het beeld bij de Thaise tempel Wat Thai is zelfs elf jaar gewerkt.
Vijfentwintig meter steen, chunar zandsteen.
Persoonlijk vind ik het niet mooi,
maar dat is voor iedereen waarschijnlijk anders.

IMG_3532IndiaVaranasiSarnathWatThai
Het grote Boeddha-beeld bij de Thaise tempel Wat Thai.
IMG_3534IndiaVaranasiSarnathWatThai
IMG_3535IndiaVaranasiSarnathWatThai
IMG_3536IndiaVaranasiSarnathWatThaiMaitreyaBoeddhaPhraSangkajai
Een stukje verderop stond in een bloemenperk deze Maitreya Boeddha, in Thailand Phra Sangkajai genoemd.

India 24/25: Varanasi, dag 3 – Archaeological Museum Sarnath 09

– over zandsteen waarin tijd en aandacht samen zijn achtergebleven –

In dit bericht laat ik een laatste reeks reliëfs zien
uit het Archaeological Museum Sarnath.
Het zijn fragmenten uit verschillende panelen
— sommige zacht en verzonken, andere scherp en energiek —
maar allemaal geworteld in dezelfde laat‑Gupta traditie.

Samen geven ze een indruk van de rijkdom van Sarnath:
van devotie en bescherming tot strijd, beweging en verstilling.

DSC01773IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathLifeScenesOfBuddha6thCenturyCESandstoneAccNo262
India, Varanasi, Archaeological Museum Sarnath, Life scenes of Buddha, 6th century CE, sandstone. Acc. No. 262.
DSC01775IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathLifeScenesOfBuddha6thCenturyCESandstoneAccNo262 PanelDepictingFourImportantEventsOfBuddha'sLife

Vier heilige momenten in steen

In het Sarnath‑museum staat een hooggerekt reliëf
dat de levensweg van de Boeddha samenvat
als een verticale pelgrimage.
Van onder naar boven ontvouwt zich de cyclus
van geboorte, verlichting, leer en bevrijding:
Lumbinī, Bodhgayā, Sarnath en Kuśinagara.

De stupa‑vorm waarin deze scènes zijn gevat, maakt van het beeld
een miniatuurwereld van de dharma:
de Boeddha verschijnt, ontwaakt, onderwijst en verdwijnt
— maar zijn leer blijft als een stille as door alle lagen heen.

Stijl en herkomst

Het reliëf past duidelijk binnen de laat‑Gupta traditie
die in Sarnath zo herkenbaar is:
zachte, bijna vloeibare contouren, een serene gelaatsuitdrukking
en een voorkeur voor slanke, licht geabstraheerde proporties.
Het atelier in Sarnath stond bekend om zijn verfijnde zandsteenwerk,
waarbij de beeldhouwers de scènes
niet dramatisch maar contemplatief vormgaven
— alsof elke figuur een echo is van innerlijke rust.

De verticale ordening van de vier heilige plaatsen verraadt bovendien
een didactische bedoeling:
het paneel fungeerde waarschijnlijk als devotioneel object,
bedoeld om pelgrims te herinneren
aan de geografische én spirituele route die de Boeddha heeft afgelegd.

DSC01780IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathKirtimukha5thCenturyCESandstoneAccNo664
Kirtimukha, 5th century CE, sandstone. Acc. No. 664.
DSC01781IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathKirtimukha5thCenturyCESandstoneAccNo664

Kīrtimukha met opvliegende ganzen

Deze late Gupta‑steen uit Sarnath (5e eeuw) toont het mythische gezicht
dat als beschermend motief boven tempelpoorten en nissen werd geplaatst.
De Kīrtimukha — letterlijk “gezicht van glorie” —
lijkt te ontstaan uit ranken en wolkvormen, alsof hij zelf uit de steen groeit.
Aan weerszijden stijgen twee ganzen op,
symbolen van zuiverheid en spirituele vlucht;
de linker draagt een tak, een subtiele verwijzing naar leven en wedergeboorte.
De combinatie van dier en demonisch‑plantaardig ornament
is typisch voor Sarnath:
het decor is niet dreigend maar ritmisch,
bijna muzikaal, een spel van symmetrie en adem.

De poortwachter van de leegte

De Kīrtimukha ontstond volgens de mythe uit de woede van Śiva,
maar werd door zijn berouw tot een symbool van zelfoverwinning.
In de tempelarchitectuur bewaakt hij de grens tussen het wereldse
en het sacrale: zijn open mond verslindt alles wat nadert,
zodat enkel het zuivere de heilige ruimte kan betreden.
Wat ooit een demonisch gezicht was,
werd zo een beeld van transformatie
— een herinnering dat de weg naar inzicht begint
met het loslaten van eigen begeerte.
In Sarnath krijgt dit motief een zachte, bijna vegetale vorm,
alsof de steen zelf ademt en de poort niet bedreigt maar uitnodigt.

DSC01783 01 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathAssassinationOfDemonAndhakByShiva12thCenturyCESandstoneAccNo39
Assassination of demon Andhak by Shiva, 12th century CE, sandstone. Acc. No. 39.
DSC01783 02 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathAssassinationOfDemonAndhakByShiva12thCenturyCESandstoneAccNo39 Hands
Shiva met baard en drietand valt Andhak aan.
DSC01783 03 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathAssassinationOfDemonAndhakByShiva12thCenturyCESandstoneAccNo39 Hands
Tegelijk vertrapt Shiva een demon.
DSC01783 04 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathAssassinationOfDemonAndhakByShiva12thCenturyCESandstoneAccNo39 Hands
Zo telde ik de armen/handen. Ik kom tot acht.
DSC01785IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathAssassinationOfDemonAndhakByShiva12thCenturyCESandstoneAccNo39 Txt
Deze zaaltekst heeft het over 10 armen maar ik kan die niet alle tien vinden.

Shiva in strijd met Andhaka

Het reliëf toont een baardige Shiva in een krachtige,
bijna spiraalvormige houding.
Zijn lichaam draait licht naar links, terwijl zijn blik omhoog gericht is
naar de demon Andhaka, die hij met zijn drietand doorboort.
Rond zijn torso waaieren acht armen uit, elk met een wapen of attribuut:
boog, knots, trident, schaal, en andere rituele voorwerpen.
De compositie is dicht en energiek
— de armen vormen een ritmische kring rond het gelaat,
dat ondanks de woede een zekere concentratie behoudt.
Onder Shiva’s opgeheven been kronkelt een verslagen demon,
symbool van het kwaad dat onder de voet wordt gehouden.
De beitelsporen verraden dat het werk onvoltooid bleef,
maar juist daardoor blijft de beweging voelbaar:
het is alsof de steen nog trilt van de strijd.

De symboliek van de strijd

De mythe vertelt hoe Andhaka, een demon geboren uit blind verlangen,
Shiva’s echtgenote Pārvatī begeerde
en daarmee de orde van de wereld verstoorde.
Shiva trad hem tegemoet in een kosmische strijd
waarin elke druppel bloed van Andhaka nieuwe demonen voortbracht;
daarom moest Shiva hem met de drietand doorboren
en tegelijk het bloed opvangen,
zodat het kwaad zich niet kon vermenigvuldigen.
In het reliëf zie je die spanning: de blik omhoog,
de armen die als een kring van macht om het lichaam staan,
de demon onder de voet die het overwonnen verlangen belichaamt.
Het is een beeld van innerlijke strijd evenzeer als van goddelijke kracht
— de overwinning op Andhaka is uiteindelijk de overwinning
op het eigen verblindende ego.

Vreedzaamheid en geweld: een vergeten spanning

Voor veel westerse bezoekers botst dit reliëf
met het idee dat Oosterse religies
vooral zacht, sereen en meditatief zouden zijn.
Maar in werkelijkheid lopen geweld en devotie in India vaak door elkaar:
goden strijden, demonen worden onderworpen,
kosmische orde wordt hersteld door middel van vernietiging.
Het is geen gratuit geweld, maar een symbolische taal
waarin innerlijke conflicten, begeerte en verblinding worden verbeeld.
Shiva’s strijd met Andhaka laat zien dat spirituele tradities
niet alleen rust en inzicht tonen,
maar ook de rauwe energie die nodig is om het kwaad
— zowel buiten als binnen de mens — te doorbreken.
Juist die combinatie van contemplatie en agressie
maakt dit Sarnath‑reliëf zo indringend:
het is een spirituele wereld waarin sereniteit niet bestaat zonder strijd.

DSC01786IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathRiderOnLeogryph5thCenturyCESandstoneAccNo244
Rider on leogryph, 5th century CE, sandstone. Acc. No. 244.
DSC01788IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathRiderOnLeogryph5thCenturyCESandstoneAccNo249
Rider on leogryph, 5th century CE, sandstone. Acc. No. 249.

Twee leogryph‑ruiters, twee karakters

In het Sarnath‑museum staan twee reliëfs uit de 5e eeuw
die een ruiter op een leogryph tonen
— een mythisch dier dat de kracht van de leeuw
en de snelheid van het paard verenigt.

Ondanks het gedeelde motief hebben de panelen een heel eigen uitstraling.

Acc. 244 is dof en sterk afgesleten:
de zandsteen heeft een matte huid gekregen, de contouren zijn verzacht
en het geheel lijkt door tijd en aanraking gepolijst.

Acc. 249 is minder intact maar opvallend glanzend;
de breuklijnen zijn scherper, de steen vangt het licht
en de resterende vormen hebben een bijna metalen helderheid.

In beide reliëfs is de compositie gebogen
binnen een architectonische omlijsting,
wat suggereert dat ze ooit deel uitmaakten van een tempelbasis of poort.
Zo tonen ze dezelfde iconografie,
maar belichamen ze twee verschillende manieren
waarop tijd, slijtage en fragmentatie een beeld kunnen vormen
— één verzonken en zacht, één scherp en fragmentarisch aanwezig.

Waarom Sarnath‑zandsteen zo ongelijk veroudert

De verschillen tussen de twee leogryph‑panelen zijn niet uitzonderlijk:
Sarnath‑zandsteen staat bekend om zijn ongelijke veroudering.
Het materiaal is relatief zacht en reageert sterk op variaties in
vocht, temperatuur en blootstelling.
Sommige stukken worden door eeuwenlange aanraking
en luchtcirculatie mat en zijdeachtig,
terwijl andere fragmenten juist glans krijgen doordat de steen dichter,
harder of minder poreus is in bepaalde lagen.
Breuklijnen kunnen bovendien nieuwe, heldere vlakken openen
die het licht anders vangen dan het oorspronkelijke oppervlak.
Zo ontstaat een soort geologische biografie:
elk reliëf draagt de sporen van zijn eigen geschiedenis,
van waar het lag, hoe het werd gevonden,
en welke delen van de steen de tijd beter of slechter hebben doorstaan.

Symboliek en context

De leogryph fungeert vaak als drager van goddelijke of heroïsche figuren,
een hybride wezen dat de kracht van de leeuw
en de snelheid van het paard verenigt.
In Sarnath kan hij ook verwijzen naar de bewakers van de dharma
— wezens die de heilige ruimte beschermen tegen chaos.
De ruiter zelf blijft anoniem,
maar zijn houding en greep suggereren
beheersing van de oerkracht onder hem.
Zo wordt het beeld een allegorie van spirituele controle:
de mens die de instinctieve energie van het dier temt
zonder haar te vernietigen.

IMG_3530 01 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathPreachingBuddha5thCenturyCESandstoneAccNo340
Preaching Buddha, 5th century CE, sandstone. Acc. No. 340.
IMG_3530 02 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathPreachingBuddha5thCenturyCESandstoneAccNo340
IMG_3530 03 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathPreachingBuddha5thCenturyCESandstoneAccNo340
IMG_3530 04 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathPreachingBuddha5thCenturyCESandstoneAccNo340

Preaching Buddha

De Boeddha zit in de houding van het onderwijzen,
met beide handen voor de borst in de Dharmachakra‑mudrā,
het “in beweging zetten van het wiel van de leer”.
De gelaatstrekken zijn volmaakt symmetrisch en zacht,
de ogen halfgesloten in innerlijke concentratie.
Achter hem ontvouwt zich een rijk versierde aureool met florale motieven
en twee hemelse figuren die bloemen strooien
— een visuele echo van de eerste prediking in Sarnath.

Langs de zijkanten zie je gevleugelde dieren en wolkvormen,
symbolen van spirituele verheffing.
En onderaan, in de basis, bevindt zich een kleine scène
die vaak over het hoofd wordt gezien:
figuren rond een centraal object.
Dat detail verwijst waarschijnlijk naar de eerste discipelen
die de leer ontvingen in het hertenpark van Sarnath.

Een stille kern van beweging

Wat dit beeld zo bijzonder maakt, is de spanning
tussen absolute rust en innerlijke dynamiek.
De Boeddha zit onbeweeglijk, maar alles om hem heen
— aureool, wolken, dieren, leerlingen — beweegt.
De steen lijkt zelf te ademen.
In die zin is dit reliëf het tegenbeeld van de gewelddadige Shiva‑scène
die hierboven passeerde:
hier wordt de strijd niet buiten, maar binnenin gevoerd,
en de overwinning is stilte.

De basis: de eerste prediking in het hertenpark

In de nis onderaan het reliëf bevindt zich een compacte scène
met zes, mogelijk zeven figuren rond een centraal object
dat van opzij als een Dharmachakra te herkennen is.
Door beschadiging is de precieze vorm van één figuur links
niet meer te bepalen, maar de overige personen zijn duidelijk zichtbaar.
Voor deze groep zitten twee herten, beschadigd
maar nog goed herkenbaar in contour: de gebogen rug, de fijne snuit,
de aandachtige houding.
Ze richten hun kop naar het wiel.
De nis wordt links en rechts begrensd door gemodelleerde pilaren,
waardoor deze scène als een miniatuur‑heiligdom
binnen het grotere reliëf verschijnt.

Aantallen, symmetrie en historische verwijzing

Historisch verwijst deze scène naar de eerste prediking in het hertenpark,
waar de Boeddha zijn leer deelde met vijf discipelen
— een getal dat in de canonieke overlevering vastligt.
In dit reliëf zien we echter zes of misschien zeven figuren.
Dat verschil komt vaker voor in Sarnath‑kunst:
beeldhouwers kozen geregeld voor compositorische balans
boven strikte narratieve juistheid.
Extra figuren versterken de visuele harmonie
of breiden de kring van luisterenden symbolisch uit.
Door slijtage is niet te bepalen of de beschadigde vorm links
een zevende persoon was of een decoratief element,
maar de opzet blijft duidelijk:
een centrale leer, omringd door aandachtige wezens — mens en dier —
in een ritmische, zorgvuldig geordende scène.

Het hert als symbool in de boeddhistische kunst

Het hert is een van de oudste en meest constante symbolen
in de boeddhistische beeldtraditie.
In vrijwel alle scholen verwijst het naar het Hertenpark van Sarnath,
waar Boeddha zijn eerste leerrede gaf.
Die associatie blijft door de eeuwen heen herkenbaar,
maar de manier waarop herten worden afgebeeld
verschilt per periode en regio.

In vroege Indiase kunst staan ze dicht bij het Dharmachakra
en hebben ze een rustige, luisterende houding.
In de Tibetaanse en Nepalese tradities worden herten
vaak sierlijker en expressiever, soms met langere poten
en een meer gestileerde kop.
In de Chinese kunst krijgt het hert soms een extra laag van symboliek
als teken van lang leven en voorspoed.

Ondanks die variaties blijft de kern hetzelfde:
het hert markeert het moment waarop de leer van Boeddha
de wereld binnentreedt,
en staat voor aandacht, vrede en ontvankelijkheid — een dier dat luistert.

Afronding

Samen laten deze reliëfs zien hoe veelzijdig de beeldtraditie van Sarnath is.
Strijd en rust, bescherming en devotie, ornament en symboliek:
het bestaat hier naast elkaar zonder te botsen.
De zandsteen draagt de tijd, maar ook de aandacht
waarmee deze beelden ooit zijn gemaakt.
Zo blijft Sarnath een plaats waar de dharma niet alleen wordt verteld,
maar ook zichtbaar is — in elke houding, elke lijn, elke stilte.


India 24/25: Varanasi, dag 3 – Archaeological Museum Sarnath 08

– over drie hoofden uit Sarnath: wild, mens en natuur –

In het Archaeological Museum van Sarnath staan drie hoofden die,
elk op hun eigen manier,
een deel laten zien van de ontwikkeling van Indiase beeldtaal.

Het museum toont deze objecten als onderdeel van een grotere reeks
maar zelfs in deze drie fragmenten
wordt al een duidelijke beweging zichtbaar.

Het gebroken hertenhoofd uit de Maurya‑periode
is het oudste: glad, geometrisch, bijna abstract.
In de oudste boeddhistische bronnen wordt Sarnath aangeduid
als Isipatana, “de plaats waar zieners neerdaalden”,
en later als Mṛgadāva of Mṛgadāya
— letterlijk het woud of de weide van het wild, in het bijzonder herten.
Het woord mṛga betekent “wild dier, bejaagbaar dier”,
waarvan herten het meest voorkomende voorbeeld zijn.
Het gaat dus niet om een afgebakend “park” in moderne zin,
maar om een bosrijke zone waar wild vrij rondtrok,
een plek die traditioneel geassocieerd werd met asceten en onderricht.
Het hertenhoofd past precies in die sfeer: de natuur als drager van betekenis.

Zes eeuwen later verschijnt het menselijke hoofd met urna‑markering
en conische kroon.
Dit valt binnen wat historici vaak de “Indiase middeleeuwen” noemen
— een term die niet verwijst naar Europese middeleeuwen,
maar naar een periode van ca. 600–1200 na Christus,
waarin regionale koninkrijken, religieuze kunsttradities
en nieuwe tempelvormen tot bloei kwamen.

De kroon op dit hoofd vraagt om een nuance.
In een westerse blik is een kroon vrijwel automatisch
een teken van koningschap,
maar in de Indiase beeldtaal is dat anders.
Kronen, diademen en conische hoofdtooien
worden vooral gedragen door godheden, bodhisattva’s en hemelse wezens,
niet door historische vorsten.
Een koning wordt in de kunst meestal herkenbaar aan context
— een troon, een hofscène, inscripties —
maar een geïsoleerd hoofd met urna en serene gelaatstrekken
wijst eerder op een spirituele of hemelse figuur.

De urna op het voorhoofd is daarbij een duidelijk signaal:
het is een boeddhistisch kenmerk van inzicht en visionaire kracht,
nooit een koninklijk attribuut.
De combinatie van urna, zachte expressie en rijk versierde kroon
suggereert dus geen wereldlijke macht,
maar een verheven, bovenaardse status.
Het hoofd belichaamt de verschuiving
die Sarnath in deze periode doormaakt:
de mens wordt icoon, drager van inzicht,
een gezicht waarin rust en spiritualiteit samenvallen.

En tenslotte, het bosgod‑fragment,
waarin het hoofd uit bladeren en vruchten lijkt te groeien.
De mens is hier niet meer afzonderlijk van de natuur,
maar er één mee geworden
— een yaksha‑achtige figuur die de vruchtbaarheid van de aarde verbeeldt.
Het is een echo van oudere natuurculten
die in deze periode opnieuw betekenis krijgen
binnen boeddhistische en hindoeïstische contexten.

Sarnath als achtergrond: een plaats waar hoofden betekenis krijgen

Dat deze drie hoofden juist in Sarnath zijn gevonden, is geen toeval.
Sarnath is de plek waar de Boeddha na zijn verlichting
voor het eerst onderwees
— het in gang zetten van de Dharma‑wiel.
Vanaf de Maurya‑periode werd de plaats
een centrum van kunstproductie, monastieke activiteit
en symbolische verbeelding.

In de vroege eeuwen lag de nadruk op natuur als heilige drager.
Later, in de middeleeuwse periode, verschuift de beeldtaal
naar menselijke incarnatie van inzicht
— geen koning, maar een spirituele figuur.
En uiteindelijk vloeien mens en natuur samen in de vegetatieve godheid.
Zo vormen deze drie hoofden een stille verhaallijn
die precies past bij Sarnath:
een plaats waar natuur, mens en inzicht elkaar voortdurend raken.

De blauwe panelen van het museum
lijken die gedachte te volgen
— niet als een strak lineair verhaal, maar als een reeks echo’s door de tijd.

Slot

Wat deze drie hoofden misschien het meest duidelijk maken,
is hoe fragmenten soms meer zeggen dan complete beelden.
Juist doordat ze losgeraakt zijn van hun oorspronkelijke context,
dwingen ze de kijker om opnieuw te kijken:
naar vorm, naar materiaal, naar de echo van een verdwenen lichaam.

In Sarnath, een plaats waar onderricht en inzicht centraal staan,
krijgen zulke fragmenten bijna vanzelf een contemplatieve kwaliteit.
Ze tonen geen afgeronde verhalen, maar momenten van betekenis
— wild, mens en natuur —
die door de tijd heen blijven resoneren.

Misschien is dat precies wat deze reeks zo sterk maakt:
dat ze niet alleen laat zien wat er was, maar ook wat er blijft.

DSC01776IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBrokenHeadOfABlackBuckMauryanPeriod3rdCentCEStoneAccNo368
Broken head of a black buck, Mauryan period, 3rd century CE, stone. Acc. No. 368.
DSC01777IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBrokenHeadOfABlackBuckMauryanPeriod3rdCentCEStoneAccNo368 Txt

DSC01771 01 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathHumanHeadDepictsConicalAndEmbellishedCrownUrnaMarkEarlyMedievalPeried9th-10thCentCEAccNo126
India, Varanasi, Archaeological Museum Sarnath, Human head, depicts conical and embellished crown and an urna mark, early medieval period, 9th – 10th century CE. Acc. No. 126.
DSC01771 02 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathHumanHeadDepictsConicalAndEmbellishedCrownUrnaMarkEarlyMedievalPeried9th-10thCentCEAccNo126
DSC01772IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathHumanHeadDepictsConicalAndEmbellishedCrownUrnaMarkEarlyMedievalPeried9th-10thCentCEAccNo126 Txt

DSC01778IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathGodOfForestEarlyMedievalPeriod10th-11thCentCEStoneAccNo71
God of the forest, early medieval period, 10th – 11th century CE, stone. Acc. No. 71.
DSC01779IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathGodOfForestEarlyMedievalPeriod10th-11thCentCEStoneAccNo71 Txt

India 24/25: Varanasi, dag 3 – Archaeological Museum Sarnath 07

– over wat je ziet als je even niet naar het kapiteel kijkt –

De collectie van het Archaeological Museum Sarnath is veelomvattend:
Met één wereldberoemd object en heel veel andere vondsten.
In het centrum staat de pilaar van Ashoka met het leeuwenkapiteel.
Maar daaromheen, letterlijk, opent zich een hele wereld.
Dit bericht toont twee van die andere objecten.

DSC01768 01 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathInscriptionOfKumardevi12thCentCESandstoneAccNo33
India, Varanasi, Archaeological Museum Sarnath, Inscription of Kumardevi, 12th century CE, sandstone. Acc. No. 33.
DSC01770IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathInscriptionOfKumardevi12thCentCESandstoneAccNo33 Contents

CONTENTS OF KUMARDEVI’S INSCRIPTION

  1. This inscription was discovered in March 1908 in course of excavation conducted at Sarnath by Sir John Marshal and Sten Konow.
  2. Sten Konow deciphered this inscription and published it in Epigraphia Indica Vol‑IX in 1908.
  3. The inscription comprises of twenty‑six verses inscribed in Sanskrit in the character of Nagri script.
  4. The first two verses contain invocation of Goddess Vasudhara and the Moon.
  5. The eleven verses give the genealogy and dwell on the virtues of Kumaradevi, the Buddhist queen of Govindachandra (1114‑1154 A.D.) of Kanyakubja (Modern Kannauj).
  6. Verses fourteen to twenty mention the genealogy of the Gahadavala family of Govindachandra.
  7. The succeeding two verses specify that Kumaradevi built a vihara at Dharmachakra (Modern Sarnath) and that she caused a copper plate to be prepared in connection with the Teaching of the Lord of the wheel of law and then restored the image of Lord as it existed in the old days.
  8. The queen’s praise is sung in twenty‑fourth verse, while the last two verses inform that the inscription which is called Prashasti was composed by the poet Shrikunda & engraved by Vamana.
DSC01768 02 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathInscriptionOfKumardevi12thCentCESandstoneAccNo33 Detail
Detailopname van een willekeurige fragment van het nagri-schrift.

John Marshall en Sten Konow

De samenwerking tussen Sir John Marshall en Sten Konow
is een mooi voorbeeld van hoe archeologie
en filologie (de studie van taal, literatuur en cultuur,
met nadruk op historische ontwikkeling en tekstkritiek)
elkaar rond 1900 begonnen te versterken.
Marshall, de Britse directeur van de Archaeological Survey of India,
was verantwoordelijk voor het professionaliseren
van archeologisch onderzoek en voor grote opgravingen zoals die in Sarnath.
Konow daarentegen was een Noorse indoloog en epigraaf,
gespecialiseerd in oude Indiase talen en inscripties.
Dat een Noor zo’n centrale rol speelde in de studie van Indiase epigrafie
is inderdaad bijzonder:
het laat zien hoe internationaal de belangstelling
voor het subcontinent toen al was,
en hoe Europese geleerden zich toelegden
op het ontcijferen van teksten die cruciaal waren
voor het begrijpen van India’s religieuze en politieke geschiedenis.
Marshall bracht de inscripties aan het licht;
Konow gaf ze een stem door ze te lezen, te vertalen en te interpreteren
— een samenwerking die de studie van Sarnath blijvend heeft gevormd.

Epigraphia Indica: betekenis, doel en huidig bestaan

Epigraphia Indica, opgericht in 1892,
was het officiële tijdschrift van de Archaeological Survey of India
en groeide uit tot het belangrijkste platform
voor de publicatie en analyse van inscripties uit het Indiase subcontinent.
Het doel was helder: alle nieuwe epigrafische vondsten
systematisch documenteren, transcriberen, vertalen
en van context voorzien,
zodat ze toegankelijk werden voor onderzoekers wereldwijd.
Voor plaatsen als Sarnath, waar inscripties
vaak de enige directe historische stemmen zijn,
werd het tijdschrift een onmisbare bron.
Hoewel de frequentie van publicatie in de twintigste eeuw afnam,
bestaat Epigraphia Indica nog steeds als onderdeel van de ASI‑reeks
en blijft het een standaardreferentie voor epigrafen, historici en archeologen
die werken met primaire bronnen uit India’s verleden.

De inscriptie van Kumaradevi

De inscriptie van Kumaradevi, is een zeldzame bron
die ons rechtstreeks iets vertelt over Sarnath in de 12e eeuw.
Het is een tekst waarin een koningin uit een machtige Noord‑Indiase dynastie
– koningin Kumaradevi van de Gahadavala‑dynastie –
beschrijft hoe zij een nieuw klooster liet bouwen in Sarnath
en een koperen plaat liet maken ter ere van de boeddhistische leer.

Dat klinkt eenvoudig, maar het is historisch gezien bijzonder:
het laat zien dat Sarnath in deze periode
nog steeds actief werd ondersteund door koninklijke patronage,
op een moment dat veel boeddhistische centra in Noord‑India
onder druk stonden.
Dankzij deze inscriptie weten we dat Sarnath
toen nog een levendige, gerespecteerde plek was,
en dat het niet zomaar een ruïne was
die later door archeologen werd opgegraven.

Zonder deze tekst zouden we een belangrijk hoofdstuk
uit de geschiedenis van Sarnath missen.


DSC01766 01 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathRamgramStupa1stCentBCESandstoneAccNo527
Ramgram-stupa, 1st century BCE, sandstone. Acc. No. 527.
DSC01766 02 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathRamgramStupa1stCentBCESandstoneAccNo527 DetailLinks
DSC01766 03 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathRamgramStupa1stCentBCESandstoneAccNo527 DetailRechts

Een paneel met de Ramagrama‑stupa — geen stupa zelf

In het museum wordt een zandstenen fragment tentoongesteld
onder de naam “Ramgram Stupa”.
Dat is eigenlijk misleidend, want het object is niet de stupa zelf,
maar een decoratief paneel of deurpost
uit de vroege boeddhistische periode (rond de 1e eeuw v.Chr.).

Op het reliëf is een gestileerde voorstelling te zien
van de Ramagrama‑stupa in Nepal,
een van de acht oorspronkelijke stupa’s
waarin volgens de traditie de relieken van de Boeddha werden verdeeld.
Zulke voorstellingen dienden als herkenbare symbolen voor pelgrims:
een manier om een heilige plaats zichtbaar te maken,
zelfs wanneer die ver weg lag.

Hoe een stupa wordt verbeeld in vroege boeddhistische kunst

Het paneel laat prachtig zien hoe kunstenaars uit die tijd
een stupa in beeldtaal samenvatten:

De halve bol (anda)
De ronde koepel vormt het hart van de stupa: de plek waar de relieken rusten. Op het reliëf is deze halve bol duidelijk herkenbaar.

De omheining rond de bol (vedika)
Rond de koepel staat een lage balustrade. Die markeert de heilige ruimte en verwijst naar de rituele ommegang (pradakshina) van pelgrims.

De parasol bovenop de stupa (chatra)
Boven op de bol staat een parasol, het klassieke symbool van koninklijke bescherming en spirituele verheffing.

De tweede omheining rond de parasol
Ook de top van de stupa is omheind. Dat benadrukt dat de bovenste zone net zo heilig is als de basis.

Wapperende banieren (dhvaja)
Aan de parasol hangen banieren die naar buiten waaieren. Ze symboliseren devotie, rituele activiteit en de voortdurende aanwezigheid van de leer.

Samen vormen deze elementen een iconografische formule:
een herkenbare manier om een stupa af te beelden
— een visuele hommage die de heilige plek verbindt met Sarnath.

Naast de Ramagrama‑stupa zien we nog meer.

De naga‑paren op de stupa

Op de koepel zelf kronkelen drie paren naga‑achtige wezens:
telkens twee slangen met opgerichte halzen
en een fijn schubbenpatroon.
Ze zijn ritmisch over de bol verdeeld, alsof ze de stupa omringen en bewaken.
In vroege boeddhistische kunst zijn naga’s beschermers van relieken
en heilige plaatsen.
Hun aanwezigheid verwijst naar het verhaal
dat juist de Ramagrama‑stupa door naga’s werd bewaakt,
zodat haar relieken nooit werden verdeeld.
Door de naga’s in paren te tonen — een typisch Śuṅga‑motief —
benadrukt de kunstenaar de heiligheid en bescherming van de stupa:
niet één bewaker, maar een hele kring van mythische wezens
die de relieken behoeden.

Het naga-motief is uitzonderlijk specifiek
en vormt waarschijnlijk de belangrijkste reden om dit fragment
te identificeren als een voorstelling van de Ramagrama‑stupa,
de enige stupa die volgens de traditie door naga’s werd bewaakt.

De olifant en zijn berijder

Links van de stupa zie je een olifant met een figuur bovenop.
In vroege boeddhistische kunst is de olifant een beschermend
en koninklijk dier, vaak verbonden met processies, relieken en heilige reizen.
De berijder — een hemelse of menselijke begeleider —
versterkt dat beeld:
hij fungeert als bewaker van de stupa of als deel van een rituele stoet.
De combinatie van olifant en ruiter is typisch voor reliëfs uit de Śuṅga‑periode,
waarin dieren en menselijke figuren samen een sacraal landschap vormen.

De decoratieve rand

Rechts van de stupa loopt een rijk versierde verticale zone
met bloemmotieven, vlechtwerk en geometrische patronen.
Dit soort ornamenten zijn kenmerkend voor deurposten
en panelen uit dezelfde periode.
Ze markeren de overgang tussen de buitenwereld
en de heilige ruimte,
en geven het object een architectonische functie:
dit was geen los reliëf, maar onderdeel van een ingang, poort of heiligdom.

Samen met de stupa‑voorstelling maken deze elementen duidelijk
dat het fragment ooit deel uitmaakte van een rituele architectuur:
een plek waar pelgrims binnenkwamen,
waar heilige plaatsen werden verbeeld,
en waar dieren, mensen en symbolen samen
een sacraal landschap vormden.

Slotbeschouwing

Het is begrijpelijk dat het leeuwenkapiteel in Sarnath
zoveel aandacht krijgt.
Het staat centraal opgesteld, met ruimte, licht
en een duidelijke museale focus
— en terecht, want veel bezoekers komen er speciaal voor.
Maar juist die prominente plaats biedt een kans om ook andere,
minder bekende stukken zichtbaar te maken.
Objecten zoals de inscriptie van Kumaradevi
en het paneel met de Ramagrama‑stupa
vertellen samen het bredere verhaal van Sarnath:
de politieke patronage, de religieuze betekenis,
de mythische bescherming van relieken,
en de verfijnde beeldtaal van de vroege boeddhistische kunst.
Door die context te tonen,
groeit het begrip voor het belang van Sarnath als heilige plaats.
Het museum zou daarmee niet alleen het beroemde kapiteel eren,
maar ook de rijke wereld eromheen
— een wereld die in deze fragmenten nog altijd zichtbaar is.


India 24/25: Varanasi, dag 3 – Archaeological Museum Sarnath 06

– over beelden die reizen en wegen openen, terwijl wij een stukje meelopen –

De stupa op het voorhoofd

In het Archaeological Museum van Sarnath staat deze Bodhisattva Maitreya
uit de 5e eeuw, een prachtig voorbeeld van de verfijnde Gupta‑stijl.
De iconografie klopt tot in de details:
het dierenvel over de schouder,
de kalasha (flacon) in de linkerhand,
het (beschadigde) gebedssnoer in de rechterhand
en de kleine stupa op het voorhoofd
die naar zijn toekomstige Boeddhaschap verwijst.

DSC01755IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBodhisattvaMaitreya5thCentCESandstoneAccNo6697
India, Varanasi, Archaeological Museum Sarnath, Bodhisattva Maitreya, 5th century CE, sandstone. Acc. No. 6697.
DSC01756 01 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBodhisattvaMaitreya5thCentCESandstoneAccNo6697
DSC01756 02 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBodhisattvaMaitreya5thCentCESandstoneAccNo6697
DSC01756 03 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBodhisattvaMaitreya5thCentCESandstoneAccNo6697
DSC01756 04 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBodhisattvaMaitreya5thCentCESandstoneAccNo6697

Wat hier bijzonder opvalt, is het haar
— niet de golvende lokken die we kennen uit Gandhara,
en ook niet de zware strengen van Mathura,
maar een gladde, compacte coiffure
die als een rustige massa om het hoofd ligt.
Het past perfect bij de zachte modellering
en de serene expressie die Sarnath in deze periode zo kenmerkt:
alles is gericht op verstilling, op een innerlijke helderheid
die de bodhisattva bijna lichtend maakt.


#Notalion

In dit levendige Gupta‑reliëf uit Sarnath zien we een leogryph,
een mythisch wezen dat de kracht van de leeuw
met de elegantie van een paard verenigt.
Het dier is in volle beweging weergegeven, met gestileerde manen
en een ritmische, bijna dansende contour.

DSC01758 01 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathRiderOnLeogryph5thCentCESandstoneAccNo4924
Rider on leogryph, 5th century CE, sandstone. Acc. No. 4924.
DSC01758 02 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathRiderOnLeogryph5thCentCESandstoneAccNo4924
DSC01760IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathRiderOnLeogryph5thCentCESandstoneAccNo4924

Op zijn rug zit een berijder die een zwaard of staf vasthoudt,
terwijl onder het dier een tweede figuur verschijnt,
eveneens gewapend, alsof hij het wezen ondersteunt of beteugelt.
Beide gezichten lopen licht spits naar voren,
een kenmerkende Gupta‑vorm die de figuren een alertheid en richting geeft,
alsof ze net uit de steen treden.
De scène is dynamisch maar blijft gedragen door de zachte modellering
en de serene expressie die Sarnath in de 5e eeuw zo typeert:
zelfs in actie is er een ondertoon van rust en innerlijke concentratie.

Naar de rest van Azië

In Sarnath zie je al hoe de gezichten van menselijke en mythische figuren
licht naar voren hellen, de wangen taps toelopen
en de blik een subtiele projectie krijgt.
Het is een Gupta‑motief dat niet op zichzelf staat,
maar zich langs de oude handelsroutes verder verfijnt:
via Sri Lanka en Zuidoost‑Azië naar Java,
waar in Borobudur en Prambanan de gezichten
nog slanker, spitser en eleganter worden, bijna als een gestileerde vlam.
Die lijn — van India naar Indonesië — laat precies zien
wat Dalrymple in The Golden Road beschrijft:
een wereld waarin vormen, geloof en verbeelding
niet abrupt verspringen, maar zich als een gouden stroom verplaatsen,
telkens aangepast aan de lokale hand, maar herkenbaar in hun oorsprong.


Pelgrimage in steen

In deze stele uit Sarnath is het leven van de Boeddha
samengebracht in acht compacte scènes,
van zijn geboorte in Lumbini
tot zijn mahāparinirvāṇa
— zijn serene heengaan in Kushinagar, het moment waarop hij
volledig in nirvāṇa binnengaat.
Elk paneel is een stil moment van inzicht:
de leerrede in Sarnath met het dharmawiel en de herten,
de verlichting onder de bodhiboom in Gaya,
de wonderen,
de afdaling uit de hemel,
de honingofferende aap in Vaishali.
Samen vormen ze een ritme van geboorte, openbaring en bevrijding
— een pelgrimage in steen.

DSC01761IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathLifeSceneOfBuddha5th-6thCentCeSandstoneAccNo261-Argus
Life scene of Buddha, 5th – 6th century CE, sandstone. Acc. No. 261.
DSC01763IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathLifeSceneOfBuddha5th-6thCentCeSandstoneAccNo261 DetailFirstSermonInSarnath
Detail: the first sermon in Sarnath.

Dat dit reliëf juist hier in Sarnath staat,
en dat Bodhgaya later op mijn route ligt,
verbindt de reis van de Boeddha met die van mij:
de plaatsen worden schakels in één lange stroom van herinnering
en verbeelding, zoals Dalrymple beschrijft in The Golden Road
— een weg waarop vorm, geloof en ervaring zich blijven verplaatsen,
maar herkenbaar blijven in hun oorsprong.

DSC01764IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathLifeSceneOfBuddha5th-6thCentCeSandstoneAccNo261 SceneDescriptions
DSC01765IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathLifeSceneOfBuddha5th-6thCentCeSandstoneAccNo261 SceneDescriptions

India 24/25: Varanasi, dag 3 – Archaeological Museum Sarnath 05

– over paraplu’s die meer geven dan schaduw: een glimp van betekenis –

DSC01740IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBuddhaInProtectionGivingPostureUmbrellaAndPillar5thCenturyCESandstoneAccNo344-354-460
India, Varanasi, Archaeological Museum Sarnath, Buddha in protection giving posture, umbrella and pillar, 5th century CE, sandstone. Acc. No. 344, 354 and 460.
DSC01741IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBuddhaInProtectionGivingPostureUmbrellaAndPillar5thCenturyCESandstoneAccNo344-354-460

De Boeddha als een levende stupa

In dit Gupta‑beeld uit Sarnath wordt de Boeddha voorgesteld
als een levende stupa:
een verticale as waarin
lichaam, licht (aureool) en bescherming (chatra) samenvallen.

Zijn houding is slank en ritmisch, de gelaatstrekken zacht en sereen,
en het kleed valt als een bijna gewichtloze sluier
die hij met een verfijnde handgreep vasthoudt
— een typisch Gupta‑gebaar van beheersing en innerlijke rust.

Achter hem straalt een rijk uitgewerkte aureool,
opgebouwd uit dubbele cirkels met florale motieven
die het licht van de Boeddha zichtbaar maken:
geen ornament, maar een beeldtaal waarin zijn innerlijke verlichting
wordt vertaald naar het ritme, de vorm en de beweging van de aureool.

Boven dit alles verheft zich de chatra,
de stenen paraplu die de hemel verbeeldt,
gedragen door een pilaar die de aarde en de hemel verbindt
— een topstuk dat de hele verticale structuur van het beeld voltooit.

De hand in abhaya‑mudrā sluit deze compositie af,
want het is het gebaar waarin de bescherming van de Boeddha
de wereld van de kijker bereikt.
Zo wordt de Boeddha zelf het centrum van richting en verlichting
— een menselijk lichaam
dat de structuur en betekenis van een heilig monument draagt.

Wat de Gupta‑beeldhouwkunst kenmerkt

De Gupta‑beeldhouwkunst, die tussen de 4e en 6e eeuw
in Noord‑India tot bloei kwam,
wordt vaak gezien als het klassieke hoogtepunt van de Indiase sculptuur.

De figuren krijgen een slank en vloeiend lichaam,
met zachte, natuurlijke overgangen die rust en innerlijke balans uitstralen.
De gezichten zijn sereen en licht naar binnen gekeerd,
met een subtiele glimlach en halfgesloten ogen
die contemplatie suggereren.
Het kleed ligt als een dunne, bijna doorzichtige sluier
over het lichaam, waardoor de vorm zichtbaar blijft
maar toch een gevoel van verfijning ontstaat.
En het haar wordt weergegeven in kleine, regelmatige krullen
die het hoofd een ritmische, bijna geometrische structuur geven.

Samen vormen deze vier elementen een stijl
waarin eenvoud en verfijning samenvloeien,
en waarin spiritualiteit zichtbaar wordt gemaakt in houding, proportie en detail.

DSC01750 01 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathStoneUmbrella1stCenturyCESandstoneAccNo348
Stone umbrella, 1st century CE, sandstone. Acc. No. 348.
DSC01750 02 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathStoneUmbrella1stCenturyCESandstoneAccNo348
DSC01751IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathStoneUmbrella1stCenturyCESandstoneAccNo348 Detail
DSC01752IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathStoneUmbrella1stCenturyCESandstoneAccNo348 Detail
DSC01753IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathStoneUmbrella1stCenturyCESandstoneAccNo348 Detail
DSC01754IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathStoneUmbrella1stCenturyCESandstoneAccNo348 Detail

De ringen van de chatra

De stenen chatra uit de 1e eeuw staat in het museum los van haar oorspronkelijke context,
maar de onderzijde
— de kant die zichtbaar was voor iedereen die onder de paraplu stond —
is nog bijna volledig intact.

In het midden bevindt zich een bevestigingsholte voor de staander (yasti):
een uitsparing waarin de bovenkant van de staander werd verankerd
om de chatra te dragen.

Daarom is de binnenste ring, bijna een halve bol, rond deze holte zo robuust:
zij moest het gewicht en de krachten van de chatra zelf opvangen
en verdelen, zodat de stenen paraplu stabiel op de staander rustte.

Daaromheen ligt een lotuskrans,
een ring van radiaal uitgesneden bloembladen
die duidelijk laat zien waar de constructie ophoudt en de decoratie begint.
De lotus introduceert meteen de kosmische betekenis van de chatra:
het ontvouwen van zuiverheid, groei en het ontstaan van de wereld.

In de volgende ring verschijnen mythische dieren,
waaronder een paardachtig wezen dat lijkt te zwemmen of te zweven.
Zulke hybride figuren — verwant aan de makara of vyala —
fungeren in vroege Indiase kunst als bewakers van de kosmos:
grenswezens die de overgang markeren tussen het aardse
en het hemelse domein.
Tussen deze wezens liggen rozetten, kleine florale knoppen
die het ritme van de ring versterken.

Nog een ring verder staan twee vissen, naar elkaar toe gericht
en verbonden door een lus.
In latere boeddhistische iconografie kunnen vissen een vrijheidsmotief zijn,
maar hier functioneren ze eerder als kosmische ornamenten:
symmetrische waterdieren die leven, balans
en de aanwezigheid van de Ganga oproepen.
Hun plaats in de ring versterkt de indruk van een geordende wereld
onder de paraplu.

Daarna volgt een ring met gebundelde planten,
sierlijke gestileerde stengels en takken
die niet als agrarisch motief bedoeld zijn,
maar als een decoratieve verbeelding van groei en samenkomst.
Deze vegetatieve vormen geven de ring een ritmische levendigheid
en verbinden de chatra met het idee van voortdurende vitaliteit.

Aan de buitenzijde loopt tenslotte een reeks concentrische banden
met geometrische patronen:
kleine driehoeken, parelrijen en herhalende lijnen.
Deze ornamenten worden afgesloten door een opstaande rand
(in oorspronkelijke opstelling afhangende),
een stenen zoom die de schijf visueel begrenst en technisch versterkt.
Deze rand vormt de uiterste grens van de hemelkoepel
en geeft de chatra haar ritmische, kosmische afronding.

Van binnen naar buiten ontvouwt zich zo een gelaagde ordening:

bevestigingsholte → bolvormige draagring → lotus → mythische wezens
→ rozetten → vissen → gebundelde planten → geometrische buitenrand
→ afhangende rand.

Het is een kosmische doorsnede in steen
— een paraplu die ooit hoog boven een pilaar of stupa stond,
maar waarvan de onderzijde nog steeds
het ritme, de symboliek en de bescherming van een hemelkoepel draagt.

Een vroeg Kushana‑fragment

Deze chatra behoort tot een veel vroegere fase van Sarnath:
het Kushana‑tijdperk (1e eeuw CE),
ruim vier eeuwen vóór de verfijnde Gupta‑chatra
die boven de Boeddha in het museum staat.
Dat verschil in tijd is zichtbaar in de stijl.

De ringen die je in dit fragment ziet
— van de draagring en de lotus tot de dierenband,
de vissen, de gebundelde planten en de geometrische buitenrand —
tonen een daadwerkelijke ring‑voor‑ring‑opbouw
die kenmerkend is voor vroege Kushana‑steenhouwwerk.
De steenhouwer werkte waarschijnlijk van binnen naar buiten:
eerst de constructieve kern, daarna de symbolische zones,
en tenslotte de ornamenten en de afhangende rand.
Deze concentrische structuur is dus geen algemeen kunsthistorisch principe, maar een direct gevolg van hoe dit specifieke fragment is gemaakt.

Het resultaat is een vroeg, krachtig stuk van een hemelkoepel
dat ooit op een pilaar, boven een beeld of een stupa was geplaatst,
en waarvan de onderzijde nog steeds de ritmiek en beeldtaal
van het Kushana‑Sarnath laat zien.

Kushana: oorsprong en stijl

De Kushana’s waren een dynastie van Centraal‑Aziatische oorsprong
die zich in de 1e eeuw CE vestigde in Noord‑India.
Hun rijk lag op een kruispunt van culturen:
de Iraanse wereld, de Grieks‑Bactrische traditie
(uit het gebied dat nu grotendeels Afghanistan is)
en de vroege Indiase kunst.
Daardoor ontwikkelde zich een stijl die kosmopolitisch is
en tegelijk krachtig en ritmisch.
Figuren en ornamenten krijgen vaak een duidelijke contour,
volumes zijn stevig gemodelleerd,
en dieren, planten en symbolen worden weergegeven
met een directe, bijna emblematische helderheid.

De Kushana‑koningen gebruikten paraplu’s, baldakijnen en zuilen
als tekens van koninklijke status, en die wereldlijke beeldtaal
sijpelde door in religieuze contexten zoals Sarnath.

De sobere Gupta‑chatra boven de Boeddha

De chatra boven de Boeddha in het museum is opvallend sober:
een gladde, ongedecoreerde schijf die vooral als architectonisch teken
van status en bescherming fungeert.
Dat past bij de Gupta‑stijl (4e–6e eeuw CE),
waarin de kosmische en florale ornamentiek
niet op de chatra zelf wordt aangebracht,
maar wordt verplaatst naar het aureool achter de Boeddha.
Daar verschijnen de sierlijke patronen, de lichtsymboliek
en de verfijnde florale motieven die de Boeddha omgeven.
De chatra blijft daardoor bewust eenvoudig,
zodat hij de Boeddha markeert zonder hem te overstemmen.

Dit maakt het contrast met de vier eeuwen oudere Kushana‑chatra
des te groter:
in de Kushana‑tijd lag de betekenis juist in de concentrische decoratie
van de paraplu zelf,
terwijl de Gupta‑chatra boven het beeld een strakke,
koninklijke baldakijn vormt — een teken van eer, niet van ornament.


India 24/25: Varanasi, dag 3 – Archaeological Museum Sarnath 04

– over het licht dat sterren doet ontstaan –

Inleiding

Twee beelden uit Sarnath.
Gescheiden door minstens 5 eeuwen in de tijd.
Elk op hun eigen manier een concentratiepunt van boeddhistische kunst.

Het eerste, een laat‑Pāla‑fragment van Tara,
toont een dynamische bodhisattva die optreedt, beschermt en begeleidt:
een figuur vol beweging, attributen
en subtiele details die uitnodigen tot reconstructie.

Het tweede, een Gupta‑beeld van de Boeddha.
Dit is juist opvallend sereen.
Geen verhalende ornamenten, geen begeleidende figuren,
maar een gestalte die volledig gericht is op het verlichte bewustzijn.

Samen, toevallig door mij gefotografeerd tussen al die andere beelden,
vormen ze een tweeluik van handelen en inzicht.

DSC01735 01 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathTara11thCenturyCESandStoneAccNo24
India, Varanasi, Archaeological Museum Sarnath, Tara, 11th century CE, sandstone. Acc. No. 24.
DSC01735 02 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathTara11thCenturyCESandStoneAccNo24
DSC01735 03 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathTara11thCenturyCESandStoneAccNo24 Begeleidster

Het verhaal achter Tara

Binnen de laat‑Indiase Vajrayāna‑traditie verschijnt Tara
als een krachtige vrouwelijke bodhisattva
die staat voor bescherming, compassie en snelle hulp.
In teksten uit de Pāla‑periode wordt zij
niet als een afzonderlijke godin
met een eigen mythologische oorsprong beschreven,
maar eerder als een vrouwelijke manifestatie van mededogen,
nauw verbonden met Avalokiteśvara.
Haar aanwezigheid in Noord‑India vanaf de 8e eeuw
weerspiegelt een bredere ontwikkeling binnen het boeddhisme,
waarin vrouwelijke figuren een steeds prominentere rol krijgen
in rituelen, meditatie en iconografie.
In Sarnath, een belangrijk centrum van boeddhistische kunst en leer,
werd Tara vaak uitgebeeld als een sierlijke, staande bodhisattva
met rijke juwelen, een lotus als attribuut
en een entourage van kleinere begeleidsters
die haar beschermende en actieve aard onderstrepen.

Duidelijkheden en onduidelijkheden van dit specifieke beeld

Het fragment uit Sarnath toont Tara
in een elegante, licht contrapposto‑houding,
met een rijk uitgewerkte kroon
en sieraden die kenmerkend zijn voor de 11e‑eeuwse stijl.
Ze staat op een dubbele lotus, een voetstuk dat in de Pāla‑kunst standaard is
voor bodhisattva’s en vrouwelijke godheden:
een brede onderste lotus die de basis vormt,
en een tweede lotus waarop de godin daadwerkelijk staat.
Deze dubbele lotus benadrukt haar verheven maar toch handelende aard
— zij staat boven de wereld, maar is er niet van afgescheiden.

Maar het beeld is zwaar beschadigd,
waardoor veel iconografische elementen slechts in sporen aanwezig zijn.
De armen ontbreken, maar de schouderstand en bevestigingsgaten
suggereren dat het oorspronkelijk een complexe,
mogelijk vierarmige compositie was
— een variant die in de latere Vajrayāna‑kunst voorkomt.
Aan de linkerzijde zijn twee schouderzones zichtbaar,
wat wijst op een achterste arm;
aan de rechterzijde is die volledig verdwenen.

De bloem‑ of sterrozetten boven haar oren lijken niet
op de kroonband te rusten, maar op een achterplaat of halo‑basis
die nu verloren is gegaan.
Die ster is geen toeval: Tārā betekent ‘ster’ in het Sanskriet,
een baken in de duisternis, een figuur die richting geeft.
In dit fragment verschijnt dat motief niet als deel van een sterrenhemel,
maar als onderdeel van haar juwelen
— een subtiele echo van haar naam
en haar rol als begeleidende bodhisattva.

Rechts naast haar been loopt een verticale stengel met
helemaal bovenaan het beeld een klein restant van een krul
en onderaan een mogelijk diermotief,
heel waarschijnlijk een makara‑lotusstengel.
Deze decoratiedie vaker de lotus ondersteunt die Tara in haar hand draagt.

Aan haar voeten staan twee kleine vrouwelijke begeleidsters,
miniatuur‑bodhisattva’s of yakṣiṇī‑figuren
die haar rol als beschermende en handelende bodhisattva versterken.

Zo blijft het beeld herkenbaar in houding en uitstraling,
maar omgeven door fragmenten
die uitnodigen tot een zorgvuldige reconstructie
van wat ooit een rijk uitgewerkte, devotionele compositie moet zijn geweest.


DSC01737IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBuddhaInProtectionGivingPosture5thCentCESandstoneAccNo342
Buddha in protection giving posture, 5th century CE, sandstone. Acc. No. 342.
DSC01738 01 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBuddhaInProtectionGivingPosture5thCentCESandstoneAccNo342
DSC01738 02 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBuddhaInProtectionGivingPosture5thCentCESandstoneAccNo342
DSC01738 03 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBuddhaInProtectionGivingPosture5thCentCESandstoneAccNo342
DSC01738 04 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBuddhaInProtectionGivingPosture5thCentCESandstoneAccNo342

Boeddha

Het Boeddha‑beeld uit Sarnath,
gehouwen in zandsteen in de Gupta‑periode (5e eeuw),
toont een serene, bijna gewichtloze gestalte.

Het hoofd is bedekt met kleine, regelmatige krullen
die zich tot een gladde topknot verheffen
— het teken van zijn verlichting.
De gelaatstrekken zijn volmaakt symmetrisch:
gesloten ogen, een zachte glimlach,
een neus die vloeiend overgaat in het voorhoofd.
De lange oorlellen herinneren aan zijn vroegere wereldse status,
maar de uitdrukking is volledig verstild.
De gladde huid van het gezicht en de hals
contrasteert met de fijn bewerkte halo achter het hoofd,
waarin bloemranken en parelbanden het licht als het ware laten uitwaaieren.

De Boeddha staat in een houding van bescherming en geruststelling,
met de rechterhand opgeheven in abhaya‑mudrā
en de linkerhand die de rand van het gewaad vasthoudt
— een dunne, bijna onzichtbare sluier
die pas onderaan in plooien zichtbaar wordt.

Zo wordt zijn gestalte niet alleen door licht omgeven,
maar lijkt zij zelf een bron van licht te zijn
— een lichaam dat niet meer volledig aan de aarde toebehoort,
maar haar nog zacht aanraakt.

Opvallend aan dit Boeddha‑beeld is de bijna volledige afwezigheid
van verhalende details.
Geen begeleidende figuren, geen symbolische attributen,
geen decoratieve overdaad
— alleen de gestalte zelf, omgeven door een fijn bewerkte halo
die het innerlijke licht laat uitwaaieren.
Waar veel Indiase beelden uit dezelfde periode rijk zijn aan ornamenten
en iconografische verwijzingen, kiest dit werk voor een radicale eenvoud.
Het is geen beeld dat een verhaal wil vertellen of een wonder wil tonen,
maar een beeld dat volledig gericht is op het verlichte bewustzijn.
De gladde huid, de gesloten ogen, de perfecte symmetrie:
alles is geconcentreerd op de staat van inzicht die de Boeddha belichaamt.
Daardoor krijgt het iets bijna theologisch
— een vorm die niet bedoeld lijkt voor een grote devotionele menigte,
maar voor de stille blik van iemand die wil begrijpen
wat verlichting betekent.
Het is een beeld dat niet spreekt, maar stilte onderwijst.

Afsluiting

Wanneer deze twee beelden naast elkaar worden bekeken,
ontstaat een onverwachte samenhang.

Tara, wier naam in het Sanskriet “ster” betekent,
verschijnt als een baken in de duisternis: een figuur die richting geeft,
die optreedt en begeleidt.
De Boeddha daarentegen straalt het licht zelf uit
— een stille bron die al het handelen ondersteunt.

In het ene beeld is de wereld nog aanwezig, met attributen, stengels, begeleidsters
en fragmenten die uitnodigen tot reconstrueren;
in het andere is de wereld bijna verdwenen, opgelost in een gestalte
die uit licht lijkt gehouwen.

Zo vormen deze twee beelden, toevallig na elkaar gefotografeerd,
een tweeluik waarin Boeddha en Tara, licht en ster,
elkaar ontmoeten:
het inzicht dat alles mogelijk maakt, het handelen dat wijst.


India 24/25: Varanasi, dag 3 – Archaeological Museum Sarnath 03

– over het leeuwenkapiteel van Ashoka –

De rit naar Sarnath was met een rickshaw.
De chauffeur wilde zo snel mogelijk terug.
Een nieuwe klant betekent meer inkomen. Begrijpelijk.
maar voor mij is het Archaeological Museum Sarnath net zo belangrijk
als de Dharmarajika- en Dhamekh stupa.

Het Archaeological Museum Sarnath begon voor mij bij de galerij 5.
Gewoon omdat deze het dichtst bij de ingang van het complex ligt.
Maar nu kom ik bij galerij 3.
Daar worden de vondsten met betrekking tot
de beroemde Ashoka Pillar van Sarnath bewaard.
Met het leeuwenkapiteel dat ook op munt- en papiergeld in India staat.

IMG_3528IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnath MuseumTicketOnPhone
Museumkaartje op mijn telefoon.
IndianMoney
Het leeuwenkapiteel op Indiaas munt- en papiergeld.
DSC01722IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathTextOnMuseumAndFloorPlan
IMG_3529IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnath
Het museumgebouw vanaf de kaartverkoop.

Het beroemde leeuwenkapiteel uit Sarnath,
is vervaardigd rond 250 v.Chr. in de tijd van keizer Aśoka.
Het kwam niet in één keer aan het licht.

De plek werd al in de jaren 1830–1860 bezocht
door Britse reizigers en vroege onderzoekers,
onder wie Alexander Cunningham,
de eerste directeur van de Archaeological Survey of India.
Cunningham identificeerde de ruïnes van het oude kloostercomplex
en de Dhamekh‑stupa,
en hij noteerde de aanwezigheid van grote zuilfragmenten die hij — terecht —
aan de tijd van keizer Aśoka toeschreef.
Maar systematische opgravingen waren toen nog niet mogelijk:
hij kon slechts registreren wat zichtbaar was aan de oppervlakte.

De daadwerkelijke ontdekking van het kapiteel zelf gebeurde later,
tijdens de eerste moderne, methodische opgravingen in 1904–1905,
uitgevoerd door F.O. Oertel.
Zijn team legde de gebroken schacht van de Aśoka‑zuil bloot
en vond daarbij de zwaar beschadigde
maar herkenbare delen van het kapiteel:
de vier rug‑aan‑rug staande leeuwen,
de lotusbasis
en fragmenten van het Dharmachakra‑wiel.
Oertels documentatie maakte het mogelijk om het geheel te reconstrueren
en te begrijpen als een hoogtepunt van Maurya‑kunst.

Het kapiteel toont vier rug‑aan‑rug staande leeuwen,
symbool van koninklijke kracht
en de verspreiding van de dharma in alle richtingen.
Oorspronkelijk droeg het de wielvormige Dharmachakra,
waarvan resten eveneens in Sarnath zijn gevonden.
Uitgevoerd in gepolijst zandsteen uit Chunar,
getuigt het werk van uitzonderlijke technische beheersing
en stilistische verfijning
— de glans van het oppervlak en de ritmische krullen van de manen
zijn kenmerkend voor de Maurya‑periode.

DSC01724IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathAshokaPillarLionCapital
Ashoka pillar ith lion capital.
DSC01723IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathTextLionCapital
DSC01725IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathAshokaPillarFragmentaryUmbrellaAccNo109 Ma junadeva
Ashoka pillar, gragmentary umbrella. Acc. No. 109.
DSC01726IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathAshokaPillarFragmentaryUmbrellaAccNo109 Ma junadeva Txt
DSC01728IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathAshokaPillarUmbrellaRemainsPaliInscriptionChunarSandstoneAccNo401 Fragment
Pali-inscription, chunar sandstone. Acc. No. 401.
DSC01729IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathAshokaPillarUmbrellaRemainsPaliInscriptionChunarSandstoneAccNo401 FragmentDetail
DSC01727IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathAshokaPillarUmbrellaRemainsPaliInscriptionChunarSandstoneAccNo401 Txt
DSC01790IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathTextLionCapital Detail
Nog even terug naar het leeuwenkapiteel.
DSC01743IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathSchematischOverzichtAshokanPillarWithLionCapital
Schematische reconstructie van de Ashoka-pillar van Sarnath.
DSC01744IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathAshokaPillarLionCapital Abacus Paard Chakra
Op de abacus het paard en de chakra.
DSC01745IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathAshokaPillarLionCapital Abacus Bull
De stier.
DSC01746IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathAshokaPillarLionCapital Abacus Olifant
De olifant.
DSC01747IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathPiecesOfChakraOfLionCapital3rdCentBCESandStoneAccNo6639to6644
Pieces of the chakra of lion capital, 3rd century BCE, sandstone. Acc. No. 6639 to 6644.
DSC01749IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathDetailsOfWheelOfLionCapital Txt

Afdeksteen en zuilfragmenten uit de Śuṅga‑periode

Naast de Aśoka‑zuil werd in Sarnath
ook een afdeksteen met bijbehorende zuilfragmenten
uit de Śuṅga‑periode (ca. 185–73 v.Chr.) gevonden.
Deze elementen maakten deel uit van een stenen omheining
die het heilige gebied rond de stupa en de zuil afbakende.
De Śuṅga‑tijd ligt ongeveer een eeuw na Aśoka,
maar de plek bleef al die tijd een actief pelgrimsoord;
lokale gemeenschappen breidden het heiligdom uit
met nieuwe architectonische onderdelen.
De afdeksteen vormde de bovenrand van de balustrade,
terwijl de zuiltjes eronder waren versierd met typische Śuṅga‑motieven:
lotussen, geometrische patronen en symbolen van de dharma.

De fragmenten met inventarisnummers 418–420–423
werden tijdens de opgravingen van F.O. Oertel (1904–1905) blootgelegd,
in de directe nabijheid van de Aśoka‑zuil.
Ze tonen hoe het heiligdom zich in de eeuwen na Aśoka
verder ontwikkelde: van keizerlijke monumentaliteit
naar een rijk gedecoreerde, door de gemeenschap onderhouden cultusplaats.

DSC01730IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathCopingStoneWithRailingPillarSungaPeriod185–73BCESandStoneAccNo418-420-423 Detail

Ruiters op leeuwen

Langs de rechterzijde van de afdeksteen is een herhaald motief te zien:
een menselijke figuur die een leeuw berijdt, vier keer achter elkaar.
Aan de linkerzijde komt dezelfde combinatie drie keer voor.
De leeuw staat voor kracht en bescherming,
terwijl de ruiter waarschijnlijk een yakṣa, een beschermgeest, verbeeldt.
Door het motief ritmisch te herhalen langs de bovenrand van de balustrade
ontstaat een levendige omlijsting van het heiligdom,
waarin menselijke en beschermende figuren
als een processie lijken op te trekken richting de stupa.

DSC01732IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathCopingStoneWithRailingPillarSungaPeriod185–73BCESandStoneAccNo418-420-423 Detail

Stupa en Dharmachakra

In het midden van de afdeksteen is een stupa afgebeeld,
het vroegste symbool van Boeddha’s aanwezigheid.
De halfronde koepel rust op een vierkante basis
en wordt bekroond door een kleine harmika
– het platform waarop het Dharmachakra‑wiel rust.
Dat wiel is hier nog schematisch weergegeven:
een eenvoudige ovale ring met een verticale as,
eerder een idee dan een natuurgetrouwe voorstelling.

Aan weerszijden staan twee figuren in aanbidding,
elk met een offerkrans of bloemenbundel.
Hun gebaren drukken eerbied uit voor de stupa,
die in deze periode het centrale object van devotie was.
De voorstelling behoort tot de Śuṅga‑stijl:
eenvoudig, frontaal en met nadruk op symbool en ritueel.
De ruwe korrel van de zandsteen versterkt het archaïsche karakter
van het reliëf, dat de overgang markeert van keizerlijke monumentaliteit
naar een meer gemeenschapsgerichte verering.

DSC01731IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathCopingStoneWithRailingPillarSungaPeriod185–73BCESandStoneAccNo418-420-423 Detail

Gevleugelde figuur met pauwstaart

Aan weerszijden van de stupa met vereerders staat
op de afdeksteen een composiet wezen
met vleugels, een prachtige pauwstaart, duidelijk zichtbare poten
en een menselijk hoofd met een statige, aardse houding.
De combinatie van menselijke en dierlijke elementen maakt het
een passende figuur binnen de ornamentiek van de Śuṅga‑periode,
waar grenswezens vaak de overgang tussen het aardse ritueel
en het heilige domein markeren.
Ze lijken de processie te begeleiden in een stille,
ceremoniële wachtershouding
die de devotie op de steen omlijst met mythische waardigheid.

DSC01734IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathCopingStoneWithRailingPillarSungaPeriod185–73BCESandStoneAccNo418-420-423
Als afsluiting de hele railing: Coping stone with railing pillars, Sunga period, 185 – 73 BCE, sandstone. Acc. No. 418, 420 and 423.

India 24/25: Varanasi, dag 3 – Archaeological Museum Sarnath 02

– over nissen, bekroningen, deurstijlen en reliëfs: Gupta‑decoratie uit het Sarnath‑complex –

Veel van de sculpturen in het museum van Sarnath behoren tot de Gupta‑stijl,
de verfijnde vormentaal die in de 4e–6e eeuw
zowel hindoeïstische, boeddhistische als jaïnistische kunst vorm gaf.
In dit bericht over het site‑museum, zie je vooral architectonische fragmenten:
deurstijlen, nissen, bekroningen en reliëfs die ooit deel uitmaakten
van grotere gebouwen.
Sommige tonen duidelijk boeddhistische iconen,
andere zijn moeilijker te plaatsen en zouden in theorie
ook uit hindoeïstische contexten kunnen komen.

Veel van de fragmenten zijn dus geen zelfstandige beelden,
In een site‑museum zie je precies dit soort stukken
— de stille restanten van gebouwen die allang verdwenen zijn,
maar waarvan de sculptuur nog getuigt van de oorspronkelijke rijkdom.
Het zijn fragmenten die je in een nationaal museum zelden aantreft,
omdat ze zo sterk verbonden zijn met hun oorspronkelijke plaats:
ze markeerden drempels, omlijstten heilige zones,
begeleidden de bezoeker van het aardse naar het sacralere domein.
Juist in Sarnath, waar de Boeddha zijn eerste onderricht gaf,
vormen deze brokstukken een bijna archeologische poëzie:
losse stenen die samen een verdwenen architectuur oproepen.

DSC01694IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathGargoyle7thCenturyCEAccNo686
India, Varanasi, Archaeological Museum Sarnath, Gargoyle, 7th century CE. Acc. No. 686.

Regenwaterafvoer

Dit fragment is een regenwaterafvoer uit de stupa‑architectuur:
een blok waarvan de voorzijde is vormgegeven als een fabeldier
dat het water van het dak liet stromen.
De kop is expressief en licht dreigend,
precies het soort beschermend wezen dat in boeddhistische bouwkunst
vaak de overgang tussen dak en muur markeert.
Het dier wordt ook wel een makara genoemd, een mythisch waterwezen
dat in deze context de stupa symbolisch beschermt.

De tweede foto toont de praktische constructie:
het kanaal bovenaan waar het water doorheen liep,
en de stempels die het museum gebruikt om het fragment te registreren.
Samen maken ze duidelijk dat dit niet alleen een decoratief element was, maar een functioneel onderdeel van een groter architectonisch geheel.

DSC01695IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathGargoyle7thCenturyCEAccNo686

DSC01697IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathFaceStone9th-10thCenturyCEAccNo683
Face stone, 9th – 10th century CE. Acc. No. 683.

Wandbekleding ?

Dit fragment toont een zorgvuldig bewerkte steen met een ritmisch patroon
van vierkanten en bloemmotieven.
De vijf uitsparingen in elk vierkant — als de vijf van een dobbelsteen —
zijn niet doorboord maar slechts uitgehold,
wat erop wijst dat het motief decoratief bedoeld was.

In Indiase kunst kan dit schema verwijzen
naar de vijf richtingen of vijf elementen,
maar het functioneert hier vooral als ornament dat orde en symmetrie uitdrukt.

Onderaan zijn drie kleine nissen zichtbaar, afwisselend gevuld en leeg.
De middelste bevat een reliëf dat nog net herkenbaar is,
mogelijk een gestileerde figuur.
Die afwisseling tussen leegte en aanwezigheid lijkt bewust gekozen
en versterkt het ritme van de compositie.

De bovenrand is ruw en onregelmatig, zonder sporen van bevestiging
of afwerking.
Dat wijst erop dat de steen geen sokkel was waarop een beeld rustte,
maar eerder een deel van een wandbekleding of architectonisch paneel
dat ooit in een groter geheel was opgenomen.

Het fragment combineert geometrie, symboliek en ambacht
— een stille echo van de verfijnde Sarnath‑stijl uit de 9e–10e eeuw.


DSC01699IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathArchitecturalFragment6thCenturyCEAccNo679
Fragment, 6th century CE. Acc. No. 679.

Gestileerde leeuwenkop

Dit architectonische fragment uit de 6e eeuw toont
een fijn bewerkte omlijsting met bloem‑ en vlechtmotieven,
waarschijnlijk afkomstig van een deur‑ of raamzone.
Tussen de geometrische patronen verschijnt een klein gezichtje
— een vroege leeuwenkop of kīrtimukha,
het beschermende wezen dat in Indiase architectuur
vaak boven openingen of op randen voorkomt.
Hier heeft het nog een zachte, bijna menselijke expressie,
passend bij de serene stijl van Sarnath.

De combinatie van ornament en figuur maakt duidelijk
dat dit geen sokkel was, maar een decoratief paneel
dat de overgang markeerde tussen binnen en buiten, materieel en spiritueel.
Zelfs in dit kleine detail leeft het idee van bescherming en glorie voort
— een glimlach in steen die de stilte van het heiligdom bewaakte.


DSC01701IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathPediment7thCenturyCEAccNo674
Pediment, 7th century CE. Acc. No. 674.

Kijk eens naar deze bloem!

Dit pedimentfragment uit de 7e eeuw toont een vrouwelijke figuur
in een rustige, symmetrische zithouding.
Haar linkerhand rust ontspannen op het been,
een gebaar dat stabiliteit en kalmte uitdrukt.
In de rechterhand houdt zij een bloem, als een presenterend gebaar
— alsof zij het attribuut toont, een stille uitnodiging om te zien wat zij draagt.

De hoge haardracht en de sierlijke omlijsting boven haar
geven de figuur een verheven, bijna hemelse uitstraling.
Samen met de decoratieve band boven haar
— als een licht golvende bekroning —
suggereert dit dat het fragment ooit deel uitmaakte van een pilaar-
of nisbekroning waarin de figuur fungeerde
als een gracieus, beschermend aanwezigheidsmotief.

Het is een mooi voorbeeld van de Sarnath‑stijl
waarin goddelijke figuren niet nadrukkelijk autoritair worden weergegeven,
maar eerder open, mild en uitnodigend,
met een attribuut dat hun betekenis zacht maar duidelijk markeert.


DSC01703IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathArchitecturalFragmentWithSwastik7thCenturyCEAccNo673
Fragment with swastik, 7th century CE. Acc. No. 673.

Swastika of niet?

Waar de haakse lijnen elkaar kruisen,
is telkens een klein bloemmotief ingevoegd.
Dat detail verzacht niet alleen de geometrie,
maar geeft het patroon ook een subtiele draaiing:
de bloem lijkt als het ware het knooppunt te laten “ademen”,
waardoor de omliggende lijnen visueel gaan roteren.
Zo ontstaat vanzelf een swastika‑achtige dynamiek
— niet als een expliciet symbool, maar als een optisch effect
dat voortkomt uit de wisselwerking
tussen strakke geometrie en organische accenten.

Die draaiing herinnert aan een oud, cyclisch principe
dat in de Indiase beeldtaal veel voorkomt:
het idee dat energie zich niet lineair beweegt, maar in herhalende cirkels,
spiralen en terugkerende patronen.
De swastika is in dat opzicht geen teken van richting, maar van continuïteit
— een visuele metafoor voor het ritme van ontstaan, bestaan en vergaan.
In dit fragment is dat principe niet letterlijk uitgebeeld,
maar opgeroepen door de manier
waarop lijnen en bloemen elkaar in beweging zetten.


DSC01705IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathArchitecturalFragment6thCenturyCEAccNo672
Architectural fragment, 6th century CE. Acc. No. 672.

Kīrtimukha‑achtige of bhūtafiguur?

Het gezicht is krachtig en geladen met spanning:
de open mond, de opgetrokken wenkbrauwen
en de korte, gekrulde baard geven het een levendige,
bijna bezwerende expressie.
Aan weerszijden van de mond lijken kleine slagtanden te zien
— een detail dat het gelaat een afschrikwekkende,
beschermende kracht verleent.
Zulke tanden komen vaker voor bij kīrtimukha‑achtige figuren
of bhūta’s, wezens die de ingang van een heilig domein bewaken.

Samen met het kleine doodshoofd boven op het hoofd
vormt dit een beeld van transformatie en bescherming:
leven en dood, dreiging en sereniteit in één gezicht verenigd.
Het fragment belichaamt zo de Sarnath‑stijl van de 6e eeuw,
waarin zelfs ornamenten een rituele intensiteit dragen
— niet enkel decoratief, maar geladen met symbolische energie
die de ruimte moest zuiveren en beveiligen.

DSC01706IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathArchitecturalFragment6thCenturyCEAccNo672

DSC01708IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathDoorJam6thCenturyCEAccNo670 Detail
DSC01709IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathDoorJam6thCenturyCEAccNo670 Detail
DSC01710IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathDoorJam6thCenturyCEAccNo670 Detail
DSC01711IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathDoorJam6thCenturyCEAccNo670 Detail
DSC01713IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathDoorJam6thCenturyCEAccNo670
Door jam, 6th century CE. Acc. No. 670.

Kom binnen, je betreedt een heiligdom.

Deze deurstijl uit de 6e eeuw, rijk versierd met figuren en rankmotieven,
vormde ooit de ingang van een tempel.
De reliëfs tonen kleine, mollige wachters en dansende wezens
— yakṣa’s en hemelse figuren —
die de drempel bewaken en zegenen.
Hun aanwezigheid is niet louter decoratief:
zij verbeelden de levenskracht en bescherming
die de bezoeker begeleidt bij het betreden van het heiligdom.

De sierlijke krullen aan de rand symboliseren de energie van groei
en beweging, terwijl de verhalende scènes in de middenstrook
verwijzen naar rituele handelingen en menselijke gebaren van eerbied.
Zo wordt de deurstijl zelf een visuele poort
tussen wereld en sacrale ruimte,
een steen geworden overgang
waarin het aardse en het goddelijke elkaar raken.


DSC01715IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathFaceStone6thCenturyCEAccNo666 Detail
Face stone, 6th century CE. Acc. No. 666.

Verheffende zuivering

Het gelaat is compact en bijna kikkerachtig van vorm:
hoge, boogvormige wenkbrauwen drukken de ronde ogen naar beneden,
terwijl een kleine diamant tussen de ogen
de symmetrie van het voorhoofd markeert.
Onder de neus ligt een snorachtige band
die de spanning tussen neus en mond versterkt;
daaronder opent zich een brede mond met een ornament of tong
die naar buiten lijkt te komen
— een typisch kīrtimukha‑motief dat onzuivere krachten verslindt.
Rondom het hoofd waaieren golvende krullen uit als manen,
waardoor het wezen een dierlijke, bezwerende energie krijgt.

Aan de zijkant duikt een sierlijke zwaan op,
de hamsa, symbool van zuiverheid en spirituele onderscheidingskracht.
Samen vormen zij een hybride poortwachter:
het monster dat zuivert en de vogel die verheft.
Zulke motieven sierden architectonische drempels
binnen het tempelcomplex — deurstijlen, nissen en bekroningen —
en markeerden de overgang naar een heilige zone binnen het gebouw,
nog vóór men de eigenlijke cultusruimte bereikte.

DSC01716IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathFaceStone6thCenturyCEAccNo666

DSC01718IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathFaceStone6thCenturyCEAccNo657 Detail
Face stone, 6th century CE. Acc. No. 657.

Energie

De Boeddha zit in een rustige, compacte meditatiehouding:
één hand rust in de schoot, de andere ligt ontspannen op de knie.
Achter hem, binnen de ronde nis, verschijnen twee opvallende vormen
die als gestileerde vlammen of vleugelachtige contouren
kunnen worden gelezen.
Ze sluiten nauw aan tegen het lichaam
en lijken de Boeddha als het ware te omlijsten,
waardoor een subtiel energieveld ontstaat dat zijn aanwezigheid versterkt.
In de Gupta‑tijd functioneren zulke vormen vaak
als lotus‑ of aureoolmotieven,
ornamentale emanaties die de heilige status van de figuur markeren.
In deze kleine nis krijgen ze een bijna beschermende rol:
ze maken de Boeddha tot het stille centrum van de compositie
en benadrukken dat dit fragment ooit deel uitmaakte
van een architectonische drempel binnen het tempelcomplex
— een plek waar de overgang
naar een meer sacraal domein werd aangeduid.

DSC01719IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathFaceStone6thCenturyCEAccNo657

Afsluiting

Zo ontstaat uit losse stenen een contour van wat Sarnath ooit was:
een tempellandschap waarin ornamenten de drempels bewaakten
en kleine Boeddha‑nissen de muren tot leven brachten.
De reeks in dit bericht vormt de aanloop naar het monument
dat alles samenbindt
— het leeuwenkapiteel van Ashoka,
waar de geschiedenis van de plek zich in één sculptuur verdicht.


India 24/25: Varanasi, dag 3 – Archaeological Museum Sarnath 01

– over hoe steen zich opent: drie Sarnath‑fragmenten over vorm en betekenis –

Terwijl ik de archeologische site van Sarnath bezocht
ben ik ook gaan kijken in het museum dat er vlak bij ligt.
Dat vraagt om wat achtergrondinformatie over dat museum
omdat ik wat voorwerpen daarvan wil laten zien:

Het Archaeological Museum Sarnath is vrijwel volledig gewijd
aan vondsten uit Sarnath zelf.
De instelling werd in de Britse tijd opgericht door
de Archaeological Survey of India (ASI)
om de resultaten van opgravingen op die ene site te bewaren.

De collectie omvat:

  • Sculpturen, reliëfs en fragmenten uit de Dhamekh‑stupa, Dharmarajika‑stupa, en omliggende kloostercomplexen.
  • Objecten uit latere periodes (Gupta, post‑Gupta, Pāla) die in dezelfde zone zijn gevonden.
  • Enkele stukken uit de directe omgeving van Varanasi, maar altijd binnen het bredere Sarnath‑veld.

Kort gezegd:
het is geen regionaal museum van heel Varanasi, maar een site‑museum
— alles wat er staat komt uit of rond de archeologische zone van Sarnath.
Als een object in dat museum staat zonder verdere herkomstvermelding,
mag je er met redelijke zekerheid van uitgaan dat het uit Sarnath komt.
Alleen bij uitzonderingen (bijv. vergelijkingsstukken uit andere plaatsen)
wordt dat expliciet vermeld op het label.

Dat laatste woord, label, is de aanleiding voor deze inleiding op het museum.
De labels bij de objecten zijn heel summier.
Dat laat ik bij het eerste object even zien:

  • geen vermelding van de plaats waar het object gevonden is;
  • geen aanduiding van het materiaal waaruit het gemaakt is;
  • geen beschrijving van de voorstelling;
  • en geen beschrijving van de omstandigheden waaronder het gevonden is.

Misschien is al die informatie er wel maar is die (nog) niet online beschikbaar.

DSC01687IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathFaceStone7thCentCEAccNo654
India, Varanasi, Archaeological Museum Sarnath, Face stone, 7th century CE. Acc. No. 654.
DSC01688IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathFaceStone7thCentCEAccNo654

Face stone

Wat we hier zien is een mogelijke Boeddha,
zittend op een lotus‑basis binnen een architectonische nis.
De nis is omlijst met kralenranden en florale ornamenten,
en bovenaan bevindt zich een boogvorm met een centraal kopmotief.
Dat hoofd lijkt op een gestileerde slang of een ander mythisch wezen.
Het fragment is te beperkt om het motief met zekerheid te identificeren,
maar de combinatie van kralenranden, florale details en de boogvorm
plaatst de Boeddha duidelijk binnen een architectonisch kader
dat bedoeld was om hem te omlijsten en te markeren.
De houding is overwegend rustig en symmetrisch,
in lijn met de idealen van innerlijke kalmte die zo kenmerkend zijn
voor de Sarnath‑stijl.

De steen — waarschijnlijk Chunar‑zandsteen —
toont slijtage en kleine beschadigingen,
sporen van een lange geschiedenis van blootstelling en gebruik.
Alles samen geeft het fragment de indruk ooit deel te zijn geweest
van een grotere sculpturale structuur,
mogelijk een stupa‑bekleding of een tempelwand met meerdere nissen.

Wanneer je een Boeddha ziet die rustig en symmetrisch zit,
is de eerste reflex om te denken aan de dhyāna‑mudrā,
de klassieke meditatiehouding waarin beide handen in de schoot liggen,
palmen naar boven, duimen licht tegen elkaar.
Veel Sarnath‑beelden uit de 7e eeuw tonen precies deze mudrā,
en de serene compositie van het fragment
lijkt die interpretatie te ondersteunen.
De rechterarm is afgebroken, wat de gedachte voedt dat de rechterhand
ooit boven de linkerhand lag
en dat het gebaar door de breuk verloren is gegaan.
Maar zodra je naar de linkerhand kijkt, ontstaat frictie.
Die hand ligt laag, op de enkel van de linkervoet,
en toont geen spoor van een tweede hand die er ooit bovenop lag.
Een beeldhouwer werkt in één blok: als er iets bovenop had gelegen,
zou de linkerhand zelf beschadigd zijn of een afdruk tonen.
Dat is hier niet het geval.
De dhyāna‑mudrā blijft dus mogelijk, maar niet zonder spanning
— en die spanning is precies het punt waarop een fragment ons uitnodigt
om verder te kijken dan de canon.

Wanneer je de iconografische verwachting loslaat
en puur kijkt naar de plastische logica van het fragment,
ontstaat een tweede, minstens even plausibele interpretatie.
De rechterarm stopt abrupt, maar de breuklijn
en de positie van de schouders suggereren
dat de arm niet naar de schoot liep, maar eerder diagonaal naar voren,
met de elleboog rustend op het rechterbeen.
In dat scenario zou de rechterhand licht naar voren hebben gestoken
— een uitstekende vorm die bij breuk als eerste verdwijnt.
De linkerhand, laag op de enkel, vormt dan geen deel van een mudrā
maar van een natuurlijke rusthouding.
Zulke informele, ontspannen poses komen in Sarnath‑sculptuur vaker voor,
vooral in architectonische nissen waar de doctrinaire gebaren
minder strikt worden toegepast.

Door beide lezingen als mogelijkheden open te laten,
wordt het fragment zelf een dialoog tussen iconografie en steen:
tussen de canon die een meditatiehouding suggereert
en de materiële aanwijzingen
die op een meer ontspannen, natuurlijke pose wijzen.


DSC01689 01 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathCornerStone6thCentCEAccNo694
Corner stone, 6th century CE. Acc. No. 694.
DSC01689 02 IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathCornerStone6thCentCEAccNo694
DSC01691IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathCornerStone6thCentCEAccNo694Detail

Hoeksteen

Deze hoeksteen maakt deel uit van een architectonische omlijsting
waarin decoratie en diermotief naadloos in elkaar overvloeien.
Het wezen dat hier verschijnt heeft duidelijke leeuwentrekken
— de krachtige houding, de manen die in ornament overgaan,
de kop die zich naar een verticale guirlande buigt —
maar het is geen natuurgetrouwe leeuw.
Het grijpt het decoratieve element met een klauw
en lijkt het bijna te “verslinden”,
een beweging die eerder symbolisch is dan realistisch:
een manier om levenskracht, bescherming
en spanning in het steenwerk te brengen.

Dat past binnen een bredere Indiase fascinatie voor de leeuw,
toen en nu nog.
In Sarnath is de leeuw zelfs een centraal symbool,
van de Ashoka‑kapiteel tot de vele bewaker‑wezens in nissen en friezen.
Tegen die achtergrond krijgt ook deze hoeksteen betekenis:
als een gestileerd, hybride leeuwwezen
dat de architectuur bezielt en het heiligdom visueel bewaakt.


DSC01692IndiaVaranasiArchaeologicalMuseumSarnathBodhisattvaInPilaster8thCentCEAccNo690
Bodhisattva in pilaster, 8th century CE. Acc. No. 690.

Drie eeuwen Sarnath in drie fragmenten

Samen tonen deze drie fragmenten – de leeuw, de Boeddha, de Bodhisattva –
hoe de beeldhouwkunst van Sarnath
zich tussen de 6e, 7e en 8e eeuw ontwikkelt.

In de 6e eeuw overheerst het architectonische reliëf:
de hoeksteen met zijn gestileerde leeuwwezen
is nog volledig onderdeel van de bouwstructuur,
een decoratief motief dat kracht en bescherming uitdrukt
maar gebonden blijft aan het vlak.

In de 7e eeuw verschijnt een ander ideaal:
de verfijnde, serene Boeddha‑stijl van Sarnath,
waarin het gezicht zacht gemodelleerd is
en de figuur zich al iets losmaakt van de achtergrond
— een overgang van ornament naar icoon.

In de 8e eeuw krijgt de sculptuur een nieuwe ruimtelijkheid:
de Bodhisattva in de pilaster heeft volume, sieraden,
een duidelijke houding en een bijna driedimensionale aanwezigheid,
een voorbode van de expressieve Pāla‑stijl.

Zo vormen deze drie stenen samen een kleine tijdlijn:
van reliëf naar beeld,
van architectonische functie naar spirituele aanwezigheid,
van decoratieve kracht naar persoonlijke expressie.


India 24/25: Varanasi, dag 3 – Sarnath

– Deer Park by the Hill of the Fallen Sages, outside of Varanasi –

De historische Boeddha leefde en onderwees in de brede Gangesvlakte,
in het gebied dat nu Bihar en Uttar Pradesh heet:
een dichtbevolkte streek van kleine republieken,
handelsroutes en spirituele scholen waar nieuwe ideeën snel konden reizen.

In datzelfde landschap ligt Sarnath
— het Deer Park by the Hill of the Fallen Sages, just outside of Varanasi —
een plek die al in oudere tradities werd geassocieerd
met rondtrekkende asceten en wijze leraren.
De ondertitel van dit bericht is een citaat uit de Lalitavistara sutra,
een klassieke biografische tekst over het leven van de Boeddha.

Zoals in veel religies gebeurt, wordt de centrale figuur zo geplaatst
binnen een bestaande lijn van vroegere ‘wijzen’,
waardoor zijn aanwezigheid op die plek extra betekenis krijgt.
Het is daarom logisch dat juist hier een van de vroegste
en meest bepalende momenten van het boeddhisme plaatsvond.

Rond 528 v.Chr. gaf de Boeddha in Sarnath zijn Eerste Leerrede
en overtuigde hij zijn vijf vroegere asceten om zijn volgelingen te worden,
waarmee hij ‘het Dharma‑wiel in beweging zette’
— een traditionele metafoor voor het begin van zijn onderricht
en de verspreiding van de leer.

Ruim twee eeuwen later, omstreeks 250 v.Chr., liet keizer Ashoka
op dezelfde plek een monumentale zuil — de Ashoka‑pillar — oprichten
als eerste formele, keizerlijke erkenning van deze heilige plaats.

Tegenwoordig is er in Sarnath niet veel meer te zien
dan één groot stupa‑complex en lage muurresten,
maar juist die schijnbare eenvoud maakt duidelijk
waarom ik erheen ging:
het is een plek waar de spirituele oorsprong van het boeddhisme
en de politieke bevestiging ervan
— Boeddha en Ashoka —
letterlijk naast elkaar staan.

DSC01648IndiaVaranasiSarnathKloosterNr7
India, Varanasi, Sarnath, Klooster nr 7.
DSC01649IndiaVaranasiSarnathKloosterNr5
Sarnath, Klooster nr 5.
DSC01652IndiaVaranasiSarnathDharmarajikaStupa Txt
DSC01650IndiaVaranasiSarnathDharmarajikaStupa
Sarnath, Dharmarajika stupa.

Dharmarajika Stupa

Volgens de overlevering liet keizer Ashoka in de derde eeuw v.Chr.
de Dharmarajika‑stupa bouwen om relieken van de Boeddha te bewaren.
Archeologisch onderzoek bevestigt dat het inderdaad een reliekstupa was,
maar niet met zekerheid dat de relieken
van de Boeddha zelf afkomstig waren.
Veel latere stupa’s bevatten symbolische of gedeelde relieken,
en het is aannemelijk dat Ashoka met deze bouw
vooral de verspreiding van het boeddhisme wilde markeren.
Zo blijft de Dharmarajika‑stupa een plaats van herinnering
aan die vroege devotie,
meer dan een letterlijk graf.

DSC01651IndiaVaranasiSarnathGoldenFoil

Goudfolie

Het bordje verbaasde me eerst,
maar later zag ik waarom het er stond:
pelgrims brengen hier dunne goudfolie aan op de stenen
als teken van eerbied.
Dat gebaar hoort bij een levende traditie, maar in Sarnath
— waar de ruïnes archeologisch beschermd zijn —
probeert men die devotie te begrenzen om de monumenten te behouden.
Zo botsen hier geloof en behoud op een heel tastbare manier.

DSC01653IndiaVaranasiSarnathDharmarajikaStupa
Sarnath, Dharmarajika stupa.
DSC01654IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupa
Sarnath, Dhamekh stupa.
DSC01659IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupa Txt

Boeddha’s woorden

De Dhamekh‑stupa markeert de plek waar de Boeddha, rond 528 v.Chr.,
zijn Eerste Leerrede gaf
— het moment waarop hij ‘het Dharma‑wiel in beweging zette’.
De huidige stupa, een massieve cilindervorm van steen en baksteen,
werd in latere eeuwen vergroot en versierd.
Langs de onderste zone loopt een brede band
van fijn bewerkte reliëfs:
geometrische patronen, swastika‑motieven, bladeren en bloemen,
afgewisseld met vogels en menselijke figuren.
Deze ornamenten verbeelden de kringloop van leven en leer,
en herinneren eraan dat de Boeddha’s woorden
hier voor het eerst klonken in de wereld.

DSC01655IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupaRelief
DSC01656IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupaRelief
Reliëfs op de Dhamekh stupa.
DSC01657IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupaRelief
DSC01660IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupa
DSC01661IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupa
DSC01662IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupa
DSC01663IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupa
DSC01664IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupa
DSC01665IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupa
DSC01666IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupa
DSC01667IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupa
DSC01668IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupa
DSC01669IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupa
DSC01670IndiaVaranasiSarnath
De plaats in Sarnath met de archeologische vondsten is uitgestrekt.
DSC01671IndiaVaranasiSarnathDhamekhStupa
Heel stil, heel meditatief.
DSC01673IndiaVaranasiSarnathPanchytanTempel
Sarnath, de overblijfselen van de Panchytan Tempel.

Panchytan tempel

De Panchayatana‑tempel in Sarnath stamt
uit de Gupta‑periode (4e–6e eeuw n.Chr.)
en vormt een stille getuige van de overgang
van vroege boeddhistische eenvoud
naar de verfijnde klassieke kunst van India.
Het tempelplan — één hoofdheiligdom omringd door vier kleinere —
is ontleend aan hindoeïstische architectuur,
maar hier toegepast in een boeddhistische context.
Dat maakt de tempel bijzonder:
hij laat zien hoe religieuze tradities in die tijd niet scherp gescheiden waren,
maar elkaar beïnvloedden en verrijkten.
De overgebleven sokkels en zuilen tonen nog fragmenten
van sierlijke reliëfs en vormen een echo van die gedeelde devotie.

Vandaag is de plek grotendeels een archeologische ruïne,
maar de verering leeft voort.
Op sommige stenen zie je dunne goudfolie
— aangebracht door pelgrims, vaak uit Japan, als teken van eerbied.
Die glanzende restjes verbinden het verleden met het heden:
oude steen en levende devotie raken elkaar,
precies zoals de tempel ooit verschillende geloofstradities samenbracht.

DSC01675IndiaVaranasiSarnathPanchytanTempelGoldFoil
Goudfolie.
DSC01677IndiaVaranasiSarnathMulagandhaKuti Txt
DSC01678IndiaVaranasiSarnathMulagandhaKuti
Sarnath, Mulagandha Kuti.

Boeddha’s Gupta aanwezigheid

Mulagandha Kuti wordt in de overlevering genoemd
als de plek waar de Boeddha in Sarnath in meditatie zat.
Van de oorspronkelijke tempel is nu vooral de structuur nog zichtbaar:
een zware, uit rots gehouwen basis,
daarboven lagen van baksteen die ooit een hoge bovenbouw droegen.
Die combinatie van massieve steen en verfijnder metselwerk
is kenmerkend voor de Gupta‑periode,
waarin boeddhistische architectuur zich ontwikkelde
van eenvoudige heiligdommen naar meer uitgewerkte tempels.
Volgens de Chinese pelgrim Hiuen‑Tsang was Mulagandha Kuti ooit
een indrukwekkend bouwwerk van grote hoogte,
maar vandaag blijft vooral de stilte van de stenen over.
Juist die soberheid maakt voelbaar hoe de plek ooit werd ervaren:
niet door monumentale vorm,
maar door de concentratie en rust
die men aan de Boeddha’s aanwezigheid verbond.

DSC01679IndiaVaranasiSarnathMulagandhaKuti
DSC01680IndiaVaranasiSarnathMulagandhaKuti
Onder, als fundament, gekapte rotsblokken. Boven gebakken steen.

Keizerlijke steun voor de Dharma

In Sarnath zijn de sporen van keizer Ashoka’s aanwezigheid nog tastbaar
— niet in paleizen of trofeeën, maar in ondersteunende stenen.
Tijdens de Maurya‑dynastie (4e–3e eeuw v.Chr.),
het eerste grote rijk van het Indiase subcontinent,
kreeg het boeddhisme voor het eerst koninklijke bescherming.
Dat zie je terug in de gladgepolijste Chunar‑zandsteen
van de Maurya‑balustrade en in de fragmenten van de Ashoka‑pilaar:
beide dragen de kenmerkende “Mauryan polish”,
een glans die zuiverheid en keizerlijke zorg voor de Dharma uitdrukte.
Ashoka liet zuilen oprichten op plaatsen waar hij
een morele of religieuze boodschap wilde verankeren
— soms langs wegen, soms bij administratieve centra,
en op enkele plekken die verbonden waren met het leven van de Boeddha.

De pilaar in Sarnath, ooit bekroond met de vier leeuwen
die nu het nationale symbool van India vormen,
stond naast de reliekstupa — geloof en macht in één gebaar van steen.

Samen tonen de zuil en de balustrade hoe het boeddhisme
in de derde eeuw v.Chr. niet alleen een spirituele leer was,
maar ook een keizerlijk project:
een boodschap van eenheid, gevat in gepolijste zandsteen.

DSC01681IndiaVaranasiSarnathAshokanPillar Txt
DSC01682IndiaVaranasiSarnathAshokanPillar
De resten van de Ashoka-pilaar. De leeuwen die de pilaar bekroonden zijn in het museum te zien van Sarnath. Maar alleen de resten van de pilaar staan al achter glas.
DSC01683IndiaVaranasiSarnath
DSC01685IndiaVaranasiSarnathMauryanMonolithicRailing Txt
Zware leuning uitgevoerd in dezelfde tijd als de Ashoka-pilaar.
DSC01684IndiaVaranasiSarnathMauryanMonolithicRailing
De grijze, stenen leuning.
DSC01686IndiaVaranasiSarnathDharmarajikaStupa
Nog een laatste blik op de Dharmarajika stupa.