Omslagband met directe strengeling

Mijn huidige project is de “Omslagband met directe strengeling”
zoals beschreven in hoofdstuk 3.2 van het boek van Peter Goddijn.
Het betreft een 18e eeuwse binding, de zogenaamde langsteekband.

Daarvoor ben ik bezig om 4 katernen te maken de gedeeltelijk
bestaan uit geprinte bladen.
De afbeeldingen die ik print op die bladen komen uit de catalogus
‘Kriezels, aubergines en takkenbossen’ die bij een tentoonstelling
in Museum Meermanno is verschenen.
In de catalogus probeert Anne S. Korteweg randversieringen in Noordnederlandse
handschriften van de 15e eeuw te verdelen in categorieën en
het op die manier mogelijk te maken te bepalen
wanneer en waar een boek is gemaakt.
De bladen die niet met afbeeldingen zijn voorzien zijn de
pagina’s die je kunt gebruiken om de modellen van de
randversieringen na te tekenen.
Om het boek voldoende dikte te geven heb ik nog drie blanco katernen
toegevoegd. Dat brengt het totaal op 7 katernen (oneven is
mooier dan een even aantal). De bladen hebben nu alles bij elkaar
drie kleuren.
Nu de katernen gereed zijn begin ik aan de strengels.

IMG_0942RandeversieringenDeVierCentraleKaterneneVoorMijnOmslagbandMetDirecteStrengelingGoddijn

Dit zijn de vier centrale katernen. Ze bestaan uit bedrukte (donkerder bruin papier) en onbedrukte vellen (geel papier). Hun gewicht is vergelijkbaar. De formaten komen nog niet overeen en daarom ga ik het boekblok snijden.


IMG_0966EenVanDeBoekjes

Voor ik de vellen bedruk maak ik een proefdruk. Die bind ik apart in als vier deeltjes. Hier een voorbeeld van een bedrukt blad.


IMG_0967KaternenInDeBlokpers

Hier zitten de katernen voor een nachtje in de blokpers.


IMG_0976BijproductVierBoekjes

Dit zijn de vier boekjes die ik van de proefdrukken gemaakt heb. Genummerd (snijden en spatten).


IMG_0977DrieSoortenPapier

Dit zijn de katernen uit de blokpers. Je ziet de verschillende kleuren papier.


IMG_0978MisschienNietMiddeleeuwsMaarHetBoekblokIsGesneden

Hier is het boekblok gesneden. Dat is misschien bij een oud boek niet de manier. Als je de indruk van handgeschept papier wilt hebben dan is dit niet de manier om dat te doen.


IMG_0979AfwisselendeKaternenKleurBindingPlaats

De katernen zijn geprikt. Zie dat ik de blauwe katernen op een andere plaats en maat op 2 plaatsen geprikt heb. Dat doe ik om de strengels dadelijk zoveel mogelijk ruimte te geven in de rug.


IMG_0982StrokenPerkamentInWaterMetPVA

Een strengel is in dit verband een smalle strook perkament die na bevochtiging opgerold wordt zodat er een soort garen ontstaat. Omdat Goddijn spreekt over het bevochtigen met stijfsel heb ik het deze keer gelegd in een mengsel van water en PVA (boekbinderslijm). De vorige keer heb ik alleen water gebruikt. Eens zien hoe dit werkt.


IMG_0985StrengelsOpspannen

Je zet het vochtige perkament aan een kant vast op een stuk karton of iets dergelijks en dan draai je het perkament (dat heel soepel is geworden door het vocht) rond zodat er een soort koordje ontstaat. Naast stengel wordt dit ook een nestel genoemd. Als de strengels straks droog zijn worden ze weer hard maar blijven ze wel gedraaid. Zo gaan ze straks dienen als garen om de katernen aan de rug te binden.


IMG_0987NietAlleenVanEenRechtStukPerkament

Eigenlijk heb ik geen restperkament om strengels van te maken. Bovendien is perkament duur. Nu heb ik stukken die korter zijn dan ik nodig heb. Daaruit heb ik een stuk gesneden van 6mm breed. Dat snij ik in de lengte bijna helemaal doormidden. In plaats van een kang stuk van 40 centimeter heb ik nu twee stukken van 20 cm die aan een kant nog aan elkaar zitten. Als je die vochtig maakt behandel ik het net zo als een lange strook. Ergens in het midden blijft er dan een stukje uitsteken. Ik denk dat ik dat er straks afknip.


IMG_0988PasOpHierWordenStrengelsGemaakt

Ik heb de andere huurders van de FutureDome op de hoogte gebracht: Pas op! Hier worden strengels gemaakt.


Vandaag eens zien of de strengels goed gedroogd zijn.

Om niet alleen te pronken met andermans veren

of in dit geval: vossenharen,
ook nog even stilstaan bij het feit dat ik het tweede
katern voor de “Omslagband met directe strengeling” af heb.
Ik heb een hele reeks voorbeelden uit het boek “Kriezels,
aubergines en takkenbossen” overgenomen.
Het boek gaat over het penwerk of de randversieringen
in Noordnederlandse, vijftiende-eeuwse handschriften.
De samenstelling van het boek was in handen van Anne S. Korteweg.

IMG_0916KaternII

Om niet steeds een leeg boek te moeten inbinden bestaan straks de vier katernen uit twee delen: een deel van 4 bladen met afbeeldingen van randversieringen en een blanco deel van 5 bladen. Zo kom ik toch aan een katern van 8 bladen. Dikke katernen die er voor zorgen dat er straks voldoende ruimte is om de katernen in te binden met perkamentstrengels maar die ook voldoende ruime laten om inscheuren te voorkomen.


IMG_0917KaternIIKlad

Met mijn printer heb ik eerst een soort correctieversie geprint op gewoon papier. De versie die uiteindelijk in het boek gaat landen is gemaakt met een zwaardere papiersoort. Dat heb ik zo ook voor katern 1 gedaan.


IMG_0918ArgusvlinderDeelIEnII

Beide proefkaternen zijn ieder op zich ingebonden in een kaft die ik al had liggen.


Het boek “Kriezels, aubergines en takkenbossen” is zo interessant
omdat het categorieën van versieringen heeft proberen te identificeren
en die vervolgens te plaatsen in de tijd en in de plaatsen waar
deze boekdecoraties zijn ontstaan.
Zo kun je een handschrift uit Utrecht herkennen op basis van de
decoraties die in het boek zijn aangebracht.

Omslagband met directe strengeling

Het volgende boek dat ik wil gaan maken komt ook uit het boek
van Peter Goddijn: Westerse boekbindtechnieken van de Middeleeuwen tot heden.
Het is hoofdstuk 3.2 Langsteekband, 18e eeuw.

Omdat ik er niet zo van houd steeds maar
lege boekmodellen te maken heb ik voor dit boek iets bedacht.
Ik ga weer uit van 4 katernen, van hetzelfde papier als ik
gebruikt heb voor de Omslagband met lias.

Maar ieder katern krijgt 3 zacht gele bladen minder, dus 5.
Die vervang ik door drie A4 bladen (bruin of blauw)
van 160 gram. Het zacht gele papier is nog zwaarder.

Op die nieuwe bladen komen voorbeelden uit het boek
‘Kriesels, aubergines en takkenbossen’.
Die kan de lezer of gebruiker van het boek dan overtekenen
op de lege ruimtes en de lege pagina’s.

Zo is het een boekmodel maar heeft het ook een inhoud (al
wordt de inhoud op zijn beurt weer door modellen gevormd).

IMG_0758OmslagbandMetDirecteStrengelingKriezelsAuberginesEnTakkenbossen

De maat van het zacht gele papier is groter dan dat van het nieuwe bruine papier. Ik moet nog nadenken of ik dat gelijk ga snijden.


IMG_0763OmslagbandMetDirecteStrengelingKriezelsAuberginesEnTakkenbossen

Ik had twee exemplaren geprint. Bij dit exemplaar zie je ook de achterkant waar twee modellen te zien zijn van Utrechtse kronen. Alle voorbeelden zijn voorbeelden van randversieringen in middeleeuwse boeken. Okay, de boekbindtechniek is 18e eeuws en de modellen van randversieringen zijn 15e eeuws. Daar zit dus wel wat tijd tussen. Perfect past dat niet maar het past wel bij mijn doel.



Kriezels, aubergines en takkenbossen…of…Dikke bulten met sterretjes

KriezelsAuberginesEnTakkenbossenRandversieringInNoordnederlandseHandschriftenuitDeVijftiendeEeuw

Tentoonstellingscatalogus. De tentoonstelling ‘Kriezels, aubergines en takkenbossen – Randversiering in Noordnederlandse handschriften uit de vijftiende eeuw’ werd van oktober 1992 tot januari 1993 gehouden bij Museum Meermanno-Westreenianum. Het Museum van het boek zette zijn beste beentje voor samen met de Koninklijke Bibliotheek.


Deze keer legde men de nadruk niet op de prachtige miniaturen
maar op de randversieringen in de handschriften.
Onder leiding van dr Anne S. Korteweg was een studie gedaan naar
de regionale verschillen en de verschillen in de tijd
om niet alleen de versieringen in groepen te kunnen indelen
maar ook om nieuwe aanvullende hulpmiddelen te krijgen bij het dateren
van handschriften en om de oorsprong van handschriften beter
te kunnen bepalen.

Tijdens het lezen van een blog of iets dergelijks kwam ik de titel
van de catalogus tegen en ik vond het direct interessant.
Toen ik de catalogus ontving bleek er een soort schat in de schat te zitten.
Als illustratie van de tekst zijn voorbeelden opgenomen van
die verschillende versieringen.

Dat ga ik als idee gebruiken voor een volgend middeleeuws boek
dat ik ga maken van perkament. Ik heb een hekel aan lege boeken,
maar een boek waarin je randversieringen kunt oefenen lijkt me leuk.

Eerst maar eens wat voorbeelden van de tekeningen en hun namen.
Want die namen zijn soms ook bijzonder.

Randversieringen 003Diversen 01Leverbloemblaadjes

De leverbloem.


Randversieringen 004Diversen 01BonteStijl

De bonte stijl, meteen een ingewikkelde.


Randversieringen 003Diversen 03Driespits

De driespits.


Randversieringen 003Diversen 02Muskuskruid

Het muskuskruid.


Randversieringen 005DiversenMetUtrechtsDraakje 02NaarElkaarToebuihendeLijmemMetPuntjesEnStreepjes

Naar elkaar toebuigende lijnen met puntjes en streepjes. De namen zijn niet van mij.


Randversieringen 005DiversenMetUtrechtsDraakje 01UtrechtsDraakje

Deze kende ik van latere tentoonstellingen in Utrecht: het Utrechts draakje.


Randversieringen 004Diversen 02GoudenBlaadjesMetInkthaartjesl

Gouden blaadjes met inkthaartjes.


Randversieringen 005DiversenMetUtrechtsDraakje 03LijnenEindigendMetScherpeKnik

Lijnen eindigend met scherpe knik.


Randversieringen 001EenvoudigeStaafStaafMetKrullendeStengel

Eenvoudige staaf met krullende stengel.


Randversieringen 005DiversenMetUtrechtsDraakje 04EindVanDeLijn

Eind van de lijn.


Randversieringen 002Diversen 01Driespits

Nog een driespits.


Randversieringen 006DikkeBultenMetSterretjes

Dikke bulten met sterretjes.


Randversieringen 002Diversen 04Magrietje

Margrietje.


Randversieringen 002Diversen 03Nucleus

Nucleus.


Randversieringen 002Diversen 02Leeuwetand

Leeuwetand.


Dit is nog maar een klein begin.
De catalogus staat vol met over te tekenen voorbeelden.
Ik zie me deze voorbeelden al zo gebruiken in mijn boeken.
De voorbeelden worden ook getoond op afbeeldingen van de handschriften.

Helaas zijn, geheel in lijn met andere catalogi uit die tijd,
veel van de afbeeldingen van handschriften in zwart-wit.
Maar een aantal van hen is vast ook te vinden in meer recente
publicaties of in de betreffende musea. In full colour.

Jammer dat ik de tentoonstelling toen niet gezien heb.
Mooi dat er zo’n prachtige catalogus van is.

De tekeningen zijn een beetje digitaal ‘schoongemaakt’.

Het boek wordt in een meer recente publicatie (Masterscriptie Verdult 30-08-2017)
als volgt beschreven:

De penwerkdecoratie van de Noordelijke Nederlanden bestaat uit vele verschillende vormen, kleuren en motieven en heeft per regio specifieke kenmerken waaraan deze kan worden herkend.
Korteweg wijdde hier als eerste een specialistische studie aan, met als uitkomst een belangrijk overzichtswerk: Kriezels, aubergines en takkenbossen. Randversiering in Noordnederlandse handschriften uit de vijftiende eeuw.
Deze studie is een standaardwerk om penwerkdecoratie te traceren en een handschrift nader te lokaliseren en dateren.

De masterscriptie heeft als onderwerp:

HANDSCHRIFT BPH 170:
VERLUCHT IN HET OOSTEN?
ONDERZOEK NAAR DE INSPIRATIEBRONNEN VAN
DE VERLUCHTERS EN HET GEBRUIK VAN MODELLEN
IN DE NOORD-NEDERLANDSE MINIATUURKUNST
VAN DE VIJFTIENDE EEUW

en is van:

KATHLEEN VERDULT
MASTERSCRIPTIE
KUNSTGESCHIEDENIS OUDE KUNST
STUDENTNUMMER: 4021789
UNIVERSITEIT UTRECHT
30-06-2017
SCRIPTIEBEGELEIDER: MARTINE MEUWESE
TWEEDE LEZER: ED VAN DER VLIST

Magische miniaturen

Bij de tentoonstelling is een prachtig boek verschenen.
Het maakt de werken ook thuis toegankelijk.
Ik heb het over de tentoonstelling Magische Miniaturen in
Museum Catharijneconvent in Utrecht.

Natuurlijk, de werken zijn ook wel on-line te vinden,
maar de zoekmogelijkheden laten nogal wat de wensen over.
Kijk maar eens naar de website Medieval Illuminated Manuscripts
Een website van de Koniklijke Bibliotheek.
De website is Engelstalig en heeft als doel:

This database contains all kinds of information about the illuminated medieval manuscripts of the Koninklijke Bibliotheek and the Museum Meermanno-Westreenianum.

De pagina met de hoogtepunten van deze collectie
brengt je snel bij een hele serie prachtige boeken.
Veel ervan zijn nu op de tentoonstelling.
Maar dat is de meest toegankelijke pagina.
Zoeken op het unieke nummer van een boek gaat sneller via
Google dan via de zoekpagina.
Probeer maar eens ‘Ms. 133 D 11’ via Google en kies dan
onderaan de pagina bijvoorbeeld ‘images only’.

Het boek is een prachtige combinatie van afbeeldingen,
introducties, gedetailleerde uitleg, noten en referenties.

WP_20180325_15_37_39_ProZuidNederlandseMiniatuurkunstDeMooisteVerluchteHandschriftenInNederlandsBezitAnneMagreetWAs-VijversAnneSKorteweg

Zuid-Nederlandse Miniatuurkunst – De mooiste verluchte handschriften in Nederlands bezit. Anne Magreet W. As-Vijvers en Anne S. Korteweg.


Zo komt er op pagina 68 aan de orde wat er allemaal
met een bepaald boek is gebeurt waarvan er nu 1 blad
in de collectie Nederland aanwerzig is:

Blad uit een antifonarium (Zuid Vlaanderen, Doornik, circa 1325).

Het blad in Amsterdam is afkomstig uit een koorboek dat ooit in bezit was van John Ruskin (1819 – 1900), die het uit elkaar sneed en van vijftien bladen (op twee na alle met gehistorieerde initialen) een apart boekje maakte.
Dat werd in 1913 geveild bij Sotheby’s en vervolgens uit elkaar gehaald door een Londens antiquaar.
Adeleide Bennet heeft de huidige bewaarplaats van acht bladen weten te achterhalen, waaraan nu dit blad kan worden toegevoegd.
Het blad met de Opstanding, voorheen Ms. 60 in de C. L. Rickettscollectie te Chicago en later verkocht door Bruce Ferrini, bevindt zich tegenwoordig is het Nationaal Museum voor westerse Kunst te Tokyo.
De locatie van de overige zes bladen, waarvan twee dus met alleen kleine initialen, is onbekend.

Wikipedia (https://nl.wikipedia.org/wiki/Antifoon):

Een antifoon of beurtzang is een vers dat gezongen wordt als inleiding op en ter afsluiting van een psalm tijdens de mis en het getijdengebed.
Het woord antifoon is samengesteld uit de Griekse woorden anti, ‘tegen’, en phone, ‘stem’.
Een handschrift of muziekuitgave waarin antifonen zijn bijeengebracht, heet een antifonarium of antiphonale.

De beperking van de tentoonstelling en het boek is dat het gaat om
boeken in Nederlands bezit. Maar dat levert al zo’n grandioos overzicht op.
Het boek bevat een paar boeken meer dan de tentoonstelling.
Ik ben er nog niet achter waarom dat is.
Nog even doorzoeken.
Als ik de kans krijg ga ik later dit jaar nog voor een tweede keer
naar deze tentoonstelling.