Briefkaarten – Van den vos Reynaerde – Henri van Straten – Koptische binding

Toen ik deze week het werk aan de koptische binding met
de briefkaarten van Uitgeverij Boekblok wilde afwerken,
kwam ik er al snel achter dat ik bij sommige pagina’s
twee kaarten als 1 had ingebonden.
Bovendien twijfelde ik of de lengte van mijn draad wel voldoende was.
Toen ik de binding er uit haalde zag ik dar het fout ging.
Dus opnieuw begonnen met langere draden.

De gaten staan 1 cm van de rand van de kaart af.
Twee centimeter draad per gat is dus te weinig.
Ik heb 20 kaarten (inclusief de voor en achterplat), 2 rijen gaten
waarvoor ik 1 lange draad nodig heb.
Achteraf weet ik dat 3 cm per gat nog te weinig is.
Ga uit van 4 cm: 20 kaarten x 2 gaten x 4 centimeter= 1 meter 60.
Dat is waarschijnlijk ruim.

Ik werkte met 20 x 2 x 3 en dat was te krap.
Maar met kunst en vliegwerk ging het net. Zie hieronder.

IMG_5151VanDenVosReynaerde

Goed kijken en dan zie je dat bij het aanlussen van een volgende kaart de draden aan de binnenkant van de set kaarten moet uitkomen. Dan ga je daarna naar buiten om de kaart te verbinden met de kaart die er onder zit, om weer binnen de twee gaten uit te komen. Je moet voor het verbinden wel het aanlussen strak trekken. Dat is op de foto nog niet gebeurd.


IMG_5152VanDenVosReynaerde

Hier zie je de 4 naalden die ik gebruik. De rechte naalden gebruik ik voor de buitenste gaten. De naalden hadden korter mogen zijn maar de lengte doet er niet veel toe. De binnenste naalden zijn halfronde. Dat maakt het eenvoudiger om het verbinden voor elkaar te krijgen. Je moet een balans zien te vinden tussen hoe strak de draad zit en de ruimte die daardoor over blijft. Ik heb de juiste balans nog niet gevonden. Mijn draden zitten nog te strak. Je ziet dat hier de laatste kaart is verbonden en dat alleen het voorplat nog moet. Punt is dat ik te weinig draadlengte heb om het volgend de instructies van Keith Smith af te maken. Ik moet improviseren.


IMG_5154VanDenVosReynaerde

Uiteindelijk lukt het wel maar de hoek van de draad met de achterkant van de kaart moet 90 graden zijn. Dat is hij soms niet. Dat moet een volgende keer beter.


IMG_5156VanDenVosReynaerde

Als die hoek van draad en achterkant niet bij ieder gat 90 graden is loopt de draad op de rug niet mooi loodrecht. Maar neemt niet weg dat het boek goed in elkaar zit en mooi, vlak opent.


IMG_5157VanDenVosReynaerde

Deze Van den vos Reynaerde is in ieder geval af.


Een kaartje Van den vos Reynaerde

Het is al weer meer dan één jaar geleden dat ik werkte
aan mijn uitvoering van Van de vos Reynaerde.
De katernen met de hand ingebonden met perkamenten
schutbladen en integrale kapitaalband.
Eikenhouten platten en een leren rug.
Een leren gesp met eenvoudig boekbeslag van messing.

Door die messing is het nooit helemaal afgemaakt.
Ik zoek nog een cursus ‘Metaalbewerking voor boekbeslag’
voor na de coronabeperkingen.

Maar bij de losse katernen kwam ook een set briefkaarten
met de linosneden van Henri van Straten, gedigitaliseerd en
ingekleurd door Rob Koch en uitgegeven door uitgeverij Boekblok.
Omdat ik eigenlijk geen kaarten meer verstuur kan ik
er iets anders mee: inbinden tot een boekje.

IMG_5137VanDenVosReynaerdeBoekEnAnsichtkaart

Hier zie je mijn uitvoering van Van den vos Reynaerde. Het boek ligt open bij de beroemde tekst ‘Willem die Madocke maecte’ of in deze vertaling ‘Willem die het boek Madocke heeft gemaakt’. Op die pagina zie je in zwart-wit een linosnede van Henri van Straten met koning Leeuw. De ingekleurde briefkaart ligt links onder de introductie op de briefkaarten.


IMG_5139VanDenVosReynaerde

Zo ziet mijn uitvoering er uit in gesloten vorm.


IMG_5140VanDenVosReynaerdeVerpakking

De briefkaarten kwamen in deze verpakking. Die ga ik zoveel mogelijk hergebruiken op de platten. De briefkaarten ga ik volgens de Koptische bindwijze inbinden.


IMG_5141VanDenVosReynaerdeAchterEnVoorplat

Bovenaan ligt de achterplat en onderaan de voorplat. Dus de voorkant van het boek wordt gevormd door het onderste groene stuk karton.


IMG_5142VanDenVosReynaerde

Op de binnenkant van het achterplat vind je de toelichting op de briefkaarten.


IMG_5143VanDenVosReynaerde

Voor de Koptische binding zoals beschreven door Keith Smith begin ik met het prikken van gaten in alle kaarten. Daarvoor heb ik een stuk van de verpakking gebruikt als prikmal.


IMG_5144VanDenVosReynaerde

De hele stapel is aan de beurt geweest.


IMG_5145VanDenVosReynaerde

De twee platten moesten ook.


IMG_5146VanDenVosReynaerde

Vier gaten (stations) met twee draden en vier naalden.


IMG_5147VanDenVosReynaerde

Dat zal morgen wel af komen.


Sint Veit – Gereed

Voor mensen die de eerdere stappen in het proces gezien
of gevolgd hebben: het inbinden van “Sint Veit”, de
tekst van Aart van der Leeuw met illustraties van Henri
van Straten is gereed.
Gisteren kon ik het uit de boekenpers halen en nu
kan ik het boekje laten zien.
= ingebonden in leer;
= nadat het woord ‘morgen’ met afficheletters was gedrukt
met zwarte inkt op het leer;
= nadat een linosnede met de kop van een haan was afgedrukt
over een klein stukje van de tekst, ook op het leer;
= als schutbladen werd paste paper gebruikt die ik een tijdje
geleden als experiment gemaakt had.
Nu kan ik het laten zien.

IMG_4646SintVeit

De tekst ‘morgen’ en de kop van de haan zijn gebaseerd op een zin die ik toevallig las op de eerste pagina met tekst. Daar stond: ‘Nu brak de morgen aan’. Een eerste test voerde ik uit met het woord ‘brak’ maar ‘morgen’ vond ik uiteindelijk geschikter. Gisteren, toen ik voor het eerst een stuk van de tekst las, zag ik dat op de eerste pagina ook een haan voorkomt.


IMG_4647SintVeitSchutbladVoor

Het schutblad, voor in het boekje. De schutbladen zijn gekozen vanwege hun kleur. De vormen op het paste paper speelden bij de selectie geen rol. Behalve dat ik het een goed idee vond om het drukste blad voor in het boek te gebruiken.


IMG_4648SintVeitAartVanDerLeeuw

Titelblad met de vermelding van Uitgeverij Boekblok en Atelier de Ganzenweide, de schrijver (Aart van der Leeuw) en de illustrator (Henri van Straten).


IMG_4649SintVeitIllustratieHenriVanStraten

Vandaag toon ik twee van de illustraties. Het gaat om linosnedes/houtsnedes. Dat is ook de reden waarom de haan op de bekleding van het voorplat staat.


IMG_4650SintVeitIllustratieHenriVanStraten

Nog een voorbeeld. De lino’s/houtsnedes zijn mooi.


Wikipedia:

Henri Van Straten (Antwerpen, 5 oktober 1892 – spoorloos verdwenen op 7 september 1944) was een Vlaams kunstenaar.

Samen met Frans Masereel, Jan-Frans Cantré, Jozef Cantré en Joris Minne hoorde Henri Van Straten tot de bekende Vijf, die na de Eerste Wereldoorlog de Vlaamse houtsnijkunst renoveerden. Van Straten was een van de oprichters van de vereniging Lumière.

IMG_4651SintVeitSchutbladAchter

Het tweede schutblad.


IMG_4652SintVeit

Leren van wat niet goed ging en op naar het volgende project.


Boekband afwerken

Het was wel een dagje:
al die ophef over een avondklok die er misschien komt.
Heel veel mensen komen helemaal niet op straat in de avond en nacht
dus voor hen zal het geen probleem zijn.
De sombermannen waren weer op pad in de media.
Daarnaast was er een inauguratie in de VS met een
overtuigende speech van Biden.
Dus er was niet zoveel tijd over om aan de boekband te werken.

IMG_4610SintVeit

Deze boekband lag te drogen in de boekenpers. De volgende stap is de twee panelen van de platten waar nog geen bekleding is, een beetje gelijk te maken met het leer. Dan is zo dadelijk de overgang tussen het leer en de rest van de plat kleiner. Ik heb hier drie lagen papier geplakt aan de linkerzijde.


IMG_4611SintVeit

Hier is dat rechts ook gedaan. Nu ligt de boekband onder bezwaar te drogen.


Volgende keer ga ik het boekblok in de band zetten.
Dan is het nog een aantal uren drogen en dan is dit boek af:
Sint Veit van Aart van der Leeuw.
De uitgave in losse katernen van 2020 van Uitgeverij Boekblok,
in samenwerking met Atelier de Ganzenweide.

Wikipedia:

Aart van der Leeuw (Hof van Delft, 23 juni 1876 – Voorburg, 17 april 1931) was een Nederlands prozaschrijver en dichter.
Hij schreef niet een zeer omvangrijk oeuvre, maar zijn boeken Ik en mijn speelman uit 1927 en De kleine Rudolf uit 1930 worden gezien als klassiekers van de Nederlandse 20ste-eeuwse letterkunde. Opmerkelijk aan zijn poëzie is dat hij zich toelegde op het prozagedicht.

Leeuw en Haan

Eigenlijk realiseer ik me nu pas,
achter de computer, kijkend naar de foto’s,
dat ik twee dieren centraal stel bij de publicatie Sint Veit:
de leeuw van de naam van de schrijver Aart van der Leeuw en
de haan als symbool van ochtend of morgen.

Maar goed de laatste foto’s gingen over leerdunnen.
Ik ben weer een stukje verder.

IMG_4564SintVeitLigtTeDrogen

Zo lagen de boekband in spé en het boekblok naast elkaar op de werktafel. De boekband lag te drogen. De platten en de rug waren al tegen de leren bekleding gelijmd.


Atelier de Ganzenweide heeft deze tekst gekozen voor publicatie
vanwege de illustraties. Die zijn van Henri van Straten.

IMG_4565SintVeitPreVieuw

Voordat je alles vastplakt is het goed nog even te kijken hoe het eindresultaat er uit gaat zien.


IMG_4607SintVeitOverstekendeFlappenLinksEnRechtsNogLijmen

Dan plak je eerst de omslagen aan de lange kanten vast. De boekband is bijna gereed (qua bekleding).


IMG_4608SintVeitLeerGelijmd

Zo kan dan aan de binnenkant het leer gelijk gemaakt worden met de platten en dan kan het boekblok in de boekband geplaatst worden.


Aart van der Leeuw: Sint Veit

Aart van der Leeuw schreef de tekst Sint Veit.
Dit jaar werd de tekst opnieuw uitgegeven door het samenwerkingsverband
van Uitgeverij Boekblok en Atelier de Ganzenweide.
Het is een uitgave in losse katernen speciaal om zelf in
te binden. Daar wil ik mee gaan beginnen.
Maar ik ben nog aan het nadenken over de boekband.

IMG_4376SintVeitNuBrakDeMorgenAan

Toen ik het boekje doornam met illustraties van Henri van Straten (het lijken linosnedes) viel mijn oog op de zin ‘Nu brak de morgen aan’. Daar ga ik eerst maar een wat mee uitproberen.


IMG_4377SintVeitUitgeverijBoekblokAtelierDeGanzenweide


IMG_4378ASintVeitBrak

Zou ik met mijn afficheletters een tekst op de band kunnen drukken? Gezien de beperkte afmetingen kan ik op de omslag niet veel tekst kwijt. Eerst maar eens zien of dat lukt: drukken op leer. Ik besluit te gaan proberen met het woord ‘brak’. Ik had nog een stuk leer liggen dat de afmetingen heeft die bij benadering overeenkomen met het boekje.


IMG_4379SintVeitBrak

De letters heb ik met plakband tijdelijk aan elkaar geplakt zodat de letters kunnen dienen als een soort van stempel. Dan even passen.


IMG_4380SintVeitBrak

Dan drukinkt op de letters. Eerst eens uitproberen op papier.


IMG_4381SintVeitBrakTest


IMG_4382SintVeitBrakOpLeerInDeBoekenpers

Het resultaat is voldoende dus letters opnieuw inrollen met drukinkt. Op het leer plaatsen en deze keer eens in de boekenpers.


IMG_4383SintVeitBrakOpLeer

Zo ziet dat er op het leer uit.


IMG_4384SintVeitBrak

Papier en leer.


IMG_4385SintVeitBrak

Nu met de letters erbij.


De inkt moet een paar dagen drogen en dan ga ik eens zien hoe
die zwarte inkt zich houdt.
Dan kan ik langzaam verder naar het ontwerp van de boekband
toewerken.

Waar de boekbinder de mosterd vandaan haalt

Een van de meest gestelde vragen aan een hobby-boekbinder is:
Waar haal je de tekst vandaan?

Een boekbinder is natuurlijk, in het beeld van de meeste mensen,
vooral bezig met een tekst in te binden, die door iemand anders
is gemaakt.
De meeste boekbinders willen zich immers bezig houden met de
constructie van het boek, de illustratie van het boekblok en de band,
mooie schutbladen, leeslint, een foedraal voor het boek, de kneep,
leer of perkament, wat voor kapitaalband, wel of geen sluiting.
Is het een Engelse binding of toch Duits of Frans?

Gelukkig is er in Nederland een uitgeverij die zich specialiseert
in het uitgeven van boeken in losse katernen.
De ‘Uitgeverij Boekblok’ is voortgekomen uit de activiteiten
van Atelier de Ganzenweide.
Ze ontwikkelen samen met schrijvers, de beheerders van rechten op teksten en
illustraties, met uitgeverijen, enz, sets van losse katernen
die wij dan vervolgens kunnen inbinden tot mooie boeken.

IMG_4127AartVanDerLeeuwSintVeitUitgeverijBoekblokAtelierDeGanzenweide

Dit is een voorbeeld van een recente uitgave. Geschreven door Aart van der Leeuw met illustraties van Henri van Straten: Sint Veit. Het origineel verscheen in 1931. Nu van de hand van Uitgeverij Boekblok / Atelier de Ganzenweide. Het betreft een boek van een kleiner formaat (12 x 16,4 cm), 5 katernen van alk 12 pagina’s.


IMG_4128AartVanDerLeeuwSintVeitHenriVanStratenUitgeverijBoekblokAtelierDeGanzenweide

Na het inbinden zal dit op maat gesneden worden en een tijdje later eindig je dan met een uniek exemplaar van de tekst. Hier heb ik nog wat werk dus.


Van den vos Reynaerde

Omdat ik bij de Stichting Handboekbinden moest zijn om
de blokpers op te halen, kon ik gelijk mijn kopie van
‘Van den vos Reynaerde’ meenemen.

IMG_0911VanDenVosReynaerde

De Stichting Handboekbinden heeft als thema dit jaar
het middeleeuwse boek. Een uitgave van ‘Van den vos Reynaerde’
is dan helemaal op zijn plaats.

Even de geschiedenis van deze tekst van Wikipedia:

Van den vos Reynaerde, is een episch dierdicht dat geldt als een hoogtepunt in de Nederlandse middeleeuwse literatuur,
hoewel het gebaseerd is op het Latijnse dierenepos Ysengrimus.
Het telt in totaal 3469 versregels en is geschreven in het Middelnederlands.
Waarschijnlijk werd het geschreven tussen 1257 en 1271.

 

In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt, is het verhaal geen fabel,
maar een epos (heldendicht) in de vorm van een dierenverhaal.
Wel is het verhaal duidelijk geïnspireerd op veel bekende fabels uit de Oudheid.

 

Het verhaal zou in de 13e eeuw zijn geschreven door een zekere Willem,
over wie in de eerste regels gezegd wordt dat hij nog iets anders gemaakt heeft,
namelijk Madocke (tegenwoordig: Madoc) (Willem die Madocke maecte; in moderne versies vaak: Willem die ook Madoc schreef).
Nog een aanwijzing is dat men bij de laatste verzen van het verhaal een acrostichon opmerkt: BI WILLEME.
Deze vermeldingen worden echter ook wel gezien als een parodie op middeleeuwse auteursprologen en slotwoorden.
Volgens Jacob van Maerlant schreef rond 1200 de Vlaamse dichter Willem van Hulst een verhaal “De reis van Madoc”,
gebaseerd op het leven van de 12e-eeuwse, Welshe troonpretendent Madoc ap Owain.
Een andere mogelijke kandidaat is Willem van Boudelo, alias Willem Corthals.

 

De wortels van het Reynaertverhaal reiken diep in het verleden, tot Aesopus en Phaedrus, de grootste fabeldichters uit de klassieke oudheid.
Een van de directe voorlopers is het omstreeks 1100 in het Latijn geschreven Ysengrimus,
een eerste grote verzameling met fabels en verhalen over dieren met daarin een wolf centraal.
De dieren hebben daar voor het eerst eigennamen.
De dichter van dat werk is vermoedelijk “Magister Nivardus”.
Waarschijnlijk was hij een clericus die zeer goed de situatie van de Sint-Pietersabdij én het religieuze leven in Gent en de wijde omgeving kende.

 

Het Middelnederlandse Reynaertverhaal is echter in hoofdzaak gebaseerd op een Frans verhaal: Le Plaid, letterlijk vertaald ‘het pleidooi’.
Dit verhaal verscheen rond 1160 en was het eerste deel van een grotere verzameling vossenverhalen:
Le Roman de Renart, geschreven door Perrout de Saint Cloude.
De Vlaamse Reynaert volgt tot halverwege de plot van Le Plaid vrij getrouw om dan met Reynaerts tweede biecht een eigen weg in te slaan.

 

Van dit dierenepos is een manuscript integraal bewaard gebleven in het Comburgse handschrift,
een codex die dateert van tussen 1380 en 1425 en afkomstig is uit het Gentse, vermoedelijk uit een kopiistenatelier.
‘Van de vos Reynaerde’ bevindt zich op de folio’s 192 t/m 232.

 

De vijf overgeleverde manuscripten zijn (in volgorde van geraamde ouderdom):

Rotterdams handschrift, perkament, Geldern-Kleef, ca. 1260-1280 (63 deels verminkte verzen, ontdekt in 1933)
Darmstadts handschrift, perkament, Nederlands Limburg, ca. 1275-1300 (287 verzen, ontdekt in 1889)
Dycks handschrift, perkament, Nedersticht/Oost-Holland, ca. 1330-1360 (3393 verzen, ontdekt in 1907)
Comburgs handschrift, perkament, Oost-Vlaanderen, begin 15e eeuw (3469 verzen, ontdekt eind 18e eeuw)
Brussels handschrift, papier, Oost-Vlaanderen, ca. 1400-1415 (369 verzen, ontdekt in 1971)

IMG_0912VanDenVosReynaerdeOorspronkelijkeTekstVolgensHetComburgseHandschriftVertalingWalterVerniers

De versie die door de Stichting Handboekbinden wordt uitgeleverd in samenwerking met Atelier De Ganzenweide bevat een hele serie prachtige illustraties. De illustraties zijn van Gustave van de Woestyne, Wim de Cock en Henri van Straten. De vormgeving was in handen van Jannie de Groot. Dat alles gesteund door het Reynaertgenootschap.


Dat heeft tot gevolg dat er voor mij een extra reden is om een
middeleeuwse boekbinding te gaan maken.
Daar moet ik nog wel even over nadenken.

IMG_0913VanDenVosReynaerdeOorspronkelijkeTekstVolgensHetComburgseHandschriftVertalingWalterVerniers

Maar als ik deze prachtige bladen zie, gaan mijn handen al weer jeuken.


IMG_E0910VanDenVosReynaerdeOorspronkelijkeTekstVolgensHetComburgseHandschriftVertalingWalterVerniers

Deze stapel wordt mijn kopie van ‘Van den vos Reynaerde’.


Wordt vervolg.

Naaien van Kaas

De losse katernen van het boek Kaas van Willem Elsschot
ben ik aan het inbinden.
Een belangrijke stap is het naaien van het boek.
Dat heb ik vanmiddag gedaan.
Ik kon daarna niet verder omdat ik bijna geen boekbindersgaas
meer heb. Dus ben ik vanmiddag daarvoor naar de winkel geweest.

WP_20180414_10_45_39_ProKaasWillemElsschotOpHetNaaibankje

Hier ligt het boek Kaas. Ongeveer halverwege het naaiproces.


WP_20180414_11_03_24_ProKaasWillemElsschotOpdrachtAanJanGreshoff

Aan het begin van het boek zit de opdracht aan Jan Greshoff.


WP_20180414_11_03_38_ProKaasWillemElsschotIllustratieHenriVanStraten

In deze uitgave is het frontispice van Henri van Straten. Het is een prachtige linosnede.


WP_20180414_11_13_46_ProNaaienVanKaas

Met potlood heb ik op het eerste blad aangegeven waar het boek straks schoongesneden moet worden. De uitgever heeft een extra, leeg katern aan de voor- en achterkant toegevoegd. Dat vind ik wel mooi. Goede plaats voor de aantekeningen van de lezer.


Volgend boekbindproject: Kaas van Willem Elsschot

Mijn volgende boekbindproject is Kaas van Willem Elsschot.

Ik heb de katernen gekocht van Atelier ‘De Ganzenweide’.
Daarbij is nu het idee om het boek uit te voeren als een
stuk kaas: een plat stuk kaas.

Waarom de Belgische kunstenaar Henri van Straten koos voor een
illustratie met de hoofdpersoon Frans Laarmans met in zijn hand
een ‘volvette Edammer’, weet ik niet maar de vorm van een
Edammer sluit niet zo aan bij de grootte van het boek.
Dus voor ik verder ga moet ik eerst het boek er bijpakken.
Het stond ooit op mijn lijst dus ik heb een ingebonden exemplaar.
Even zoeken.
Intussen heb ik al wat info verzameld:

HenriVanStratenKaasWillemElsschot

De linosnede van Henri van Straten voor Kaas van Willem Elsschot.


Op de website Kaas tref je de volgende tekst aan (beetje aangepast):

Kaas

Voor Willem Elsschot (pseudoniem voor Alfons De Ridder) zelf was dit boek zijn meest geslaagde.
De eerste druk dateert van 1933 en in 1942 is er een derde druk verschenen, welke is vermeerderd met een extra hoofdstuk XV; daarmee is de derde druk dus tevens de eerste druk van het volledige werk.
De spelling, de opmaak en de typografie in deze uitgave (in losse katernen) zijn als die van de derde druk in 1942;
denk hierbij aan het formaat, de interpunctie, de regel- en woordafbrekingen, de witmarges.
Maar let ook op details als de haarfijne spatie welke de puntkomma, de dubbelepunt, het uitroepteken en het vraagteken voorafgaat.
Kortom, als je deze heruitgave (in losse katernen) leest, dan waan je je even terug in de tijd!
Net als in 1942 hebben we de katernen voorzien van katernsignatuur, zodat er geen collationeerblokjes op de katernruggetjes hoefden te worden gedrukt;
sommige boekbinders willen geheel of ten dele de katernruggetjes ‘open houden’.

 

In 2003 werd het Verzameld werk van Elsschot opnieuw uitgegeven door Athenaeum-Polak & Van Gennep
(bezorgd door dr. Peter de Bruijn, onder auspiciën van het Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis KNAW).
Hierbij zijn geautoriseerde correcties aangebracht terzake taal-, schrijf- en zetfouten.
We danken het Huygens Instituut voor het beschikbaar stellen van het geautoriseerde tekstbestand dat we voor deze uitgave (in losse katernen) hebben gebruikt.
We zijn blij dat we met de erven De Ridder overeenkomst hebben kunnen sluiten terzake het auteurerecht.
Dit door tussenkomst van de Belgische Uitgeverij Polis, die momenteel werkt aan een heruitgave van alle boeken van Willem Elsschot.

 

In de eerste zes drukken, en ook in nog weer latere drukken waren illustraties opgenomen van de gekende (bekende) Belgische kunstenaar Jozef Cantré.
Graag hadden we deze illustraties ook opgenomen, maar we zijn er niet in geslaagd contact te krijgen met de auteursrechthebbenden.
In 1944 verscheen een druk met op het voorplat een linosnede van de gekende Belgische kunstenaar Henri van Straten; de illustratie stelt de hoofdpersoon Frans Laarmans voor met in zijn hand een ‘volvette Edammer’.
We hebben een afdruk van deze lino in het boek opgenomen als frontispice, dus tegenover de titelpagina.
De illustraties van Henri van Straten zijn sinds 2015 vrij van rechten.

Edammer

Edammer.


Deze uitgave telt 164 pagina’s, 10 genummerde katernen van 16 pagina’s en, net als in 1942, een ‘voorloopkatern’ van 4 pagina’s.
In de oorspronkelijke uitgave is dit ‘voorloopkatern’ gelijmd op het eerste katern.
We leveren twee extra blanco katernen van 16 pagina’s elk mee voor schutbladconstructies, je hoeft dus je schutblad niet op de ‘franse titel’ te lijmen.

 

Het schoongesneden formaat is 136×200 mm.
Dat was het formaat van de editie uit 1942; die was toen provisorisch genaaid, voorzien van een papieren bandje,
eigenlijk bedoeld om naderhand ’in het echt’ te worden gebonden.

 

Vaak werd dan het boekblok schoongesneden, maar niet altijd.
Je kan dus kiezen tussen het volle formaat en een formaat ietsje kleiner.

 

Bijna altijd werd wel ‘de kop’ van het boekblok gesneden om te kunnen worden gekleurd, versierd of verguld;
het ’slordige’ aan voor- en staartzijde vonden bibliofielen wel mooi.

 

Sommige Belgische binders noemen die ‘slordige zijden’ wel ‘de getuigen’;
alles zo heel mooi strak, dat past niet altijd bij een ambachtelijk gebonden boek.

 

Opleidingsinstituut ’t Ambachthuys te Den Haag selecteerde deze uitgave voor het project BOEKKUNST 2018,
tot dusverre meer bekend als ‘Koppermaandagproject’.

WP_20180331_11_50_25_ProKaasKleurbepaling

Ik heb een stuk ‘kunstleer’ liggen, geel. Maar wel erg geel. Op de foto hierboven ligt in het midden een stukje met de originele kleur. Vanochtend heb ik geprobeerd met verf een betere kleur te krijgen. Maar of dit nou gaat passen bij Edammer? Hoe die verf zich op dit kunstleer gaat gedragen weet ik ook nog niet. Ook dat zal ik nog eerst moeten uittesten. Maar het begin is gemaakt.