Twee fotografen op de rug, druk in de weer bij het ‘opgraven’ van een Kielegatse tegel in de Ridderstraat in Breda waar er een hele serie van dergelijke carnavalstegels te vinden zijn.
Tolbrug
The Medici Chapels
Al eerder gaf ik aan niet goed te weten wat ik ging zien
in de kapellen van de Medici.
Maar ik verklap alvast dat ik naar een zeer kunstige
hoogte toewerk met mijn berichten.
Wat ik eerst zag als een vorm van crowd control: we
verwachten veel bezoekers dus laten we maar wat wegzetten.
Loop je plots door een bijzondere collectie.
Relikwiehouders zijn niet mijn hobby en heel veel
aandacht heb ik er eerder niet aan besteed.
Maar de details van de voorwerpen die te zijn zijn
als ‘opvulling’ van de Medici Chapels zijn
verbazingwekkend.
Van dit voorwerp zal er ook wel een kaartje te zien zijn geweest met vermelding van de maker en de heilige waarvan het relikwie is. Ik maakte geen foto. Maar kijk eens mee…
De hand is eigenlijk iets te groot in verhouding tot de rest van het beeldje. Maar in dit doosje zit het reliek.
Decoratie van de albe (het onderkleed) en de details van de blote voet.
Florence, Medici Chapels, Reliquiario di San Timoteo, 1e helft van de 18e eeuw.
Reliquiario di San Tommaso di Canterbury (Thomas Becket), 1e helft van de 18e eeuw.
Een van de mijters van Paus Leo X (Giovanni de Medici, de paus die Luther excommuniceert), gemaakt in Florence in het eerste kwart van de 16e eeuw. Onderaan de twee ‘linten’ die aan de mijter hangen (infulæ) zie je het wapen van de Medici.
Dit is de staf van Paus Leo X met een afbeelding van de heilige Laurentius met het rooster, het marteltuig waarmee hij om het leven kwam. Michelangelo di Viviano da Gaiole, Saint Laurence on the crosier (staf) of Pope Leo X, 2e helft 16e eeuw. Een stam en vervlochten, zilveren takken vormen de staf met op de staf leeuwenkoppen (Leo).
Okay, de Cappella dei Principi is niet de mooiste ruimte die ik ooit gezien heb maar intrigeren doet hij wel. Nog maar even een foto van de koepel.
Cappella dei Principi, Pietro Tacca, Ferdinand I.
Cappella dei Principi, Pietro Tacca, Cosimo II.
De tweede kapel die je er kunt zien is
de Sagrestia Nuova of New Sacristy.
Dat is voor het volgende bericht over Florence.
Het jaar 1000
De wandeling door de schatkamer van de tentoonstelling ‘Her jaar 1000’
vervolgd zich in dit bericht. Er zal later nog meer volgen.
Maar dit is weer een mooie en leerzame serie.
Twee opbergplaatsen voor relieken: de Amelberga Schrijn, 900 – 1000, eikenhout, Susteren; Draagbaar eeleikschrijntje met afbeelding van Kruisiging, Huy, 980 – 1050, eikenhout en brons.
Evangeliarium, het boek ligt open bij het Evangelie van Mattheus, Collectie Albertinum, Nijmegen, van vóór 1011, handschrift op perkament, Mainz.
Mattheus schrijt het woord ‘Liber’ op een boekrol.
Goud op purper.
Een erg mooi tableau. Maiestas Domini (Christus in majesteit) met engelen en Mauritius en Maria en de familie van Otto II, 983, ivoor, Milaan.
Amulet met Keizer Otto II en Keizerin Theophanu, 972 of 982 – 983, lood, Byzantijnse Rijk.
Tekst vam de tentoonstelling:
De keizers en keizerinnen van het Heilige Roomse Rijk zijn in hun tijd beroemdheden. Hun portretten zijn dan bekend van bijvoorbeeld munten en medaillons. Ze gebruiken daarop niet alleen de titel IMPERATOR maar ook die van REX of koning. De munten worden in de tijd ron 1000 nagebootst op fibula’s, die we ‘pseudo-muntfibula’ noemen en die vaak nadrukkelijk OTTO REX (of een verbastering daarvan) als opschrift hebben. Vanaf de Late Middeleeuwen wordt de tijd van de Otto’s met name in Duitstalig Europa als een hoogtij gezien en hun graven en bouwwerken opgewaardeerd.
Maria-enkolpion, 1050 – 1140, goud, zilver en email, Byzantijnse Rijk. Schatkamer van de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek in Maastricht.
Een enkolpion is een reliekhouder die als hanger aan een ketting
op de borst wordt gedragen.
Maria Hodegetria (Zij-die-de-weg-wijst), 940 – 959, ivoor, Byzantium.
‘Zij-die-de-weg-wijst’ heeft betrekking op de rechterhand van Maria
die de toeschouwer naar Jezus wijst. Hier een wel heel gescheiden gebaar.
Griffioen, Byzantijnse periode, brons, Griekenland.
Ikoon (maar dan niet geschilderd) met Michael, Middeleeuwen, brons, Turkije.
Topoverleg bij de Tolbrug
Wandelimpressies
Soep
Afgelopen weekend had ik wel soep gemaakt maar het blogbericht
daarover was er bij ingeschoten.
Dat kwam onder andere omdat ik uitgenodigd werd om mee te gaan
eten in een pop-up restaurant met Zwitserse specialiteiten.
Het was er heerlijk.
Intussen stond de soep op me te wachten maar die is al lang weer op.
Prei-kerrie soep.
Die eet ik wel vaker. Ook nu weer met extra ingredienten.
Tijm, tomaatjes en cayennepeper stonden niet in het recept.
De lange prei heb ik er los bijgekocht, de kleine ui ook.
Mijn soep staat altijd een nacht in de koelkast voor ik hem eet. Dus geen gekleurde garnering die bovenop drijft. Die is al lang ondergedompeld maar smaakt niets minder.
The Medici Chapels
Niet alles aan die Medici-kapellen vind ik mooi.
Maar opmerkelijk en bijzonder zijn ze zeker.
De kapellen zijn er vooral om de grootsheid van de
Medici-familie te onderstrepen.
De ruimte van het Medici-familiegraf, de ‘Cappella dei Principi’ is enorm groot. Een meerhoekige ruimte met een koepel. Ooit ontworpen door Matteo Nigetti die tot 1650 betrokken was, de decoratie van de koepel is uitgevoerd door de schilder Pietro Benvenuti tussen 1828 – 1837. De vloer is pas de vorige eeuw gerealiseerd.
Voorbeeld van een van de tombes. Die zijn overigens leeg. Onder in het gebouw is een ruimte waar de lichamen van de familie zijn bijgezet. Dus de kapel is vooral symbolisch.
De vloer is net zo overdadig als de muren dat zijn. De koepel is ook nogal druk.
De andere toeristen die je ziet rondlopen geven je een gevoel voor de omvang van de ruimte.
Als je er dan in slaagt om een familielid gekozen te laten worden ror paus, dan wil je daar ook bij stilstaan. We spreken hier over Paus Leo X (Giovanni d’ Medici) die paus was van 1513 – 1521. “Hij verstrekte opdrachten aan Rafaël en Michelangelo Buonarroti. Ook breidde hij de collectie van de Biblioteca Apostolica Vaticana aanzienlijk uit.” Dat was in de tijd dat de kerk een machtige en rijke organisatie was die zowel wereldlijke als geestelijke macht had.
Detail van The Bandinella.
In het volgende bericht gaan we weer gewoon verder op de tocht.
Het bezoek aan de The Medici Chapels is nog niet afgerond en
het wordt nog beter!
Het jaar 1000
De schatkamer.
Een reeks niet-alledaagse voorwerpen.
Niet noodzakelijk in Nederland gemaakt maar soms ver
daarbuiten.
Het Evangeliarium van Egmond met de intigerende aanbiedingsminiatuur
is een van de voorwerpen.
Wat te denken van het Borstkruis van St. Servaas?
Na 1000 jaar bevindt deze relikwiehouder zich nog altijd op de plaats waaraan het ooit geschonken is: de Sint-Servaas basiliek in Maastricht. Borstkruis van Sint Servaas, 1025 – 1050, Trier, kersenhout, zilver, goud, email, edelstenen, ivoor. Rijksmuseum van Oudheden (RMO), Het jaar 1000.
Fragment van een weefsel met buffels, 1000 – 1200, zijde, Oost-Perzië of Centraal Azië.
Evangeliarium van Egmond, 860 – 1000, handschrift op perkament, Reims en Gent. De eerste afbeelding van een ‘Nederlander’ en een ‘Nederlands gebouw’. Dit zijn de zogenaamde aanbiedingsminiatuur of dedicatieminiatuur. Het boek heeft een eigen Wikipedia-pagina. In Latijn staat er links: ‘Dit boek is geschonken door Dirk en zijn geliefde vrouw Hildegard aan de gezegende vader Adalbert, opdat hij hen rechtvaardig zal gedenken in eeuwigheid’. Rechts staat: ‘Meest verheven Heer, ik smeek u nadrukkelijk met welwillendheid om te waken over het welzijn van deze mensen, die zoveel moeite hebben gedaan om u op een waardige manier te dienen.’ met Dirk en Hildegard – knielend voor Sint Adalbertus, de patroonheilige van Egmond.
Het Evangeliarium van Egmond is een tijdje zoek geweest maar toen het is ‘teruggevonden’ is er een beschrijving van gemaakt dat in boekvorm verscheen: Huiszittend Leeven met de afbeelding van de aanbiedingsminiatuur uit het Evangeliarium met aantekeningen, 1812, boek van Henric van Wijn/Hendrik van Wijn. De volledige titel van het boek van Van Wijn is: Huiszittend leeven, bevattende eenige mengelstoffen over afzonderlijke en, voorheen, weinig of niet bewerkte onderwerpen, betreklijk tot de letter-, historie- en oudheidkunde van Nederland. Bijzonder woord: mengelstoffen.
Aanbiedingsminiatuur met Dirk II en Hildegard die het boek op een speciale plaats leggen. Detail van het Evangeliarium van Egmond.
Dezelfde afbeelding maar dan vanuit het boek van Van Wijn.
Er zijn meer prachtige manuscripten in weelderige boekbanden te zien zoals de Bernulfuscodex, een manuscript gemaakt in Reichenau, Evangeliarium, 1200 – 1210. Het manuscript is uit circa 1040 – 1050.
Boek met een beschrijving van de levens van Martinus en Nicolaas, 1000 – 1050, handschrift op perkament. Mogelijk gemaakt in Zuid Duitsland.
Dit uitbundig versierd boek wordt getoond voor een spiegel zodat je ook de achterkant kunt zien. Evangeliarium, Ansfridus Codex, 950 – 1000, handschrift op perkament. Zilver, goud, edelstenen. St Gallen. Voor de boekband is een speciale houder gemaakt zodat het boek rechtop getoond kan worden.
Nog even terug naar het Evangeliarium van Egmond, de tweede pagina met Dirk en Hildegard in aanbidding.
Het boek in het boek.
Detail van de Ansfridus Codex, 950 – 1000, handschrift op perkament met zilver, goud en edelstenen, St Gallen. “Versierd met flonkerende edelstenen en schitterend goud ben ik een cadeau van bisschop Ansfried aan Sint-Maarten.” Dit ‘zegt’ de 10e eeuwse Ansfridus-codex. Op de achterkant staat deze tekst in het Latijn rondom een afbeelding van Ansfried, bisschop van Utrecht in het jaar 1000. De codex is door hem geschonken aan de Utrechtse Sint-Maartenskerk (de Dom). De voorzijde van de band stamt uit de 11de-13e eeuw en draagt een kruis van goud met filigraandraad. Daaromheen zijn 32 zorgvuldig gekozen (oude) edelstenen gezet en blauwe plaatjes met de vier evangelistensymbolen plus een koningin en koning, twee engelen met wierookvaten en een hert. Dit is de beschrijving die op de tentoonstelling te lezen is. Of de opsomming van wat er te zien is op de voorkant helemaal compleet is betwijfel ik. Zo zie ik op twee plaatsen een afbeelding van een hert.
Dit is het eerste deel van de schatkamer.
The Medici Chapels
Wat mijn excuus is?
Al een paar keer was ik langs de ingang gelopen en
het was er steeds erg druk.
Van wat het nou precies was had ik geen voorstelling.
Een reisgids had ik niet bij me.
Maar het had te maken met de Medici dus ik kocht een toegangsbewijs.
Nadat ik binnen was kwam ik in een ruimte die vooral gebruikt werd
voor crowdcontrol. Er werd gewerkt met tijdslots van 15 minuten.
In die ruimte, misschien om mensen bezig te houden, stonden
vitrines met reliekhouders.
Een kunstvorm op zichzelf. Zeker niet altijd mooi.
Vaak tegen het kitsch aan.
Oordeel zelf.
Foto’s maken viel niet mee, de felle belichting en spiegeling. Florence, Museum of the Medici Chapels, Reliqulario Santa Maria Egizia, circa 1704.
Bij de makers van deze reliekhouders zijn kunstenaars betrokken die ook beelden maken voor kerken en pleinen, goudsmeden, zilversmeden en mensen die edelstenen bewerken. Reliqulario Di San Alessio, 1690 – 1691.
Vaak heel dramatisch maar ook heel gedetailleerd in de kleding
en compleet als het gaat om de attributen van de heiligen van
wie de relikwieën in deze opbergruimtes bewaard werden.
Het kon gaan om een complete schedel, een vingerkootje, haar,
een splinter van het Heilige kuis van Christus enz.
Zorgvuldig bewaard en gereed om te tonen aan de pelgrims.
Reliqulario di San Filippo Benizi, 18e eeuw.
Reliqulario di San Tommaso de Hereford, 1647.
Zelfde jaar, zelfde maker. Reliqulario di San Zanobi, 1647.
Dit is een voorbeeld van een reliekhouder met een complete schedel. Reliqulario di San Feliciano, 17e eeuw. Met twee engelen als dragers van het relikwie.
Reliqulario di Sant’ Ambrogio, 1705. Als goede herder (?):of zijn het leeuwen (#notalion).
Reliqulario di Sant’ Emerico, 1698 – 1717.
Het jaar 1000
Hoe meer ik terug zie, hoe verder ik kom met lezen in het boek,
hoe meer ik overtuigd raak dat dt een fantastische tentoonstelling is.
Hij is nog te bezoeken!
In het boek staat een wandelroute door Utrecht aangegeven die je
in staat stelt om op korte tijd een aantal zaken te zien die
met het jaar 1000 te maken hebben. Dat wil ik later dit jaar gaan doen.
Rijksmuseum van Oudheden in Leiden (RMO), Het jaar 1000. Halvemaanvormige oorhangers en decoratie van staf, 1000 – 1050, goud. Dit is zeldzaam (Je verliest minder snel goud, er is op aarde slechts een beperkte hoeveelhid van dit metaal dat daarom vaak omgesmolten wordt tot een nieuwe bestemming).
Hanger met gem met Herakles, circa 200 voor Christus, goud en amethist.
‘Vikingringen’ en een gouden plaatje met vogel en steen in vatting (kastzetting?), Friesland, 900 – 1000, gouden edelsteen.
Op de tentoonstelling zijn twee vitrine’s te zien met zwaarden.
Indrukwekkend.
Zwaard (rechts) met verzilverd gevest (handat), gevonden bij de Maas bij Wessem, 850 – 950, ijzer en zilver.
Zwaard met verzilverd gevest. Detail.
Zwaard met inscriptie ‘+VLFBERHT+’, gevonden bij de Maas bij Lith, 950 – 1000.
Reliëfband amfoor, Koornmarkt in Tiel, 950 -965, Badorf-aardewerk.
Tuitpot met beschildering op de hals, Wijk bij Duurstede, 1050 – 1205, Pingsdorf-aardewerk. Van zowel Pingsdorf-aardewerk als van Badorf-aardewerk had ik nog nooit gehoord. Gelukkig is er Wikipedia om een beetje een gevoel te krijgen waar die plaatsen liggen.
Eenvoudig maar prachtig. En kleiner dan je denkt. Kam gevonden in Elst, 900 – 1100, ivoor. Hoe klein. Nou de ontdekkers verwachten dat het een kam is voor een snor of baardje.
Ik mag het niet zeggen maar deze beker riep bij mij meteen de associatie op met Indiana Jones and the Last Crusade. Omdat ik de naam van de film nog even wilde contoleren ging ik op internet om te ontdekken dat je bij meerdere sites de ‘Indiana Jones Holy Grail Cup’ kunt kopen. Voor 25,95 euro ben je gereed. Sorry voor de onderbreking. Gedraaide houten beker, gevonden bij boerderij Goudwesp in Deventer, 1000 – 1049, esdoornhout.
Of het steelpannetje handig is weet ik niet maar het is een mooi ontwerp. Steelpan en kookpot, Assendelft, 900 – 1000, aardewerk.
Tuitpot, Winsum, 1050 – 1100, Pingsdorf-aardewerk. Beetje opmerkelijke tuit, heeft veel van een gat.
Vreemd voorwerp. De afbeelding is moeilijk te ‘lezen’. Beslagstuk met Christusfiguur, Friesland, 800 – 1000, koperlegering.
Van dit bed dat in Groningen bij de Hoger der A is gevonden, was een reconstructie gemaakt. Die laat ik niet zien maar was voor mij aanleiding om deze foto’s te maken. 800 – 1000, hout. 14C of C14 is hetzelfde. C14 is meer courant maar beide staan voor de Koolstof14-methode an dateren.
De volgende keer betreden we de schatkamer.
Boboli
Florence is schitterend en kent nauwelijks tegenvallers.
Voor mij was dat er 1: Boboli.
Deze tuin wordt overal aangeraden maar op mij maakte het
vooral een vervallen en lege indruk. Veel van de beelden zijn
in slechte staat. Ik was er natuurlijk in september en ik kan me
dan voorstellen, zelfs in Italië, dat de meeste bloemen
dan wel weg zijn. Maar géén bloemen?
Zelfs de mooie grote kassen waren helemaal leeg.
Een paar dagen eerder had ik in Amsterdam nog kassen
met vlinders en bloemen bezocht. In Florence niets.
Wel veel rondscheurende busjes met tuinmannen en
een hoge toegangsprijs.
Het gebouw op de achtergrond is Palazzo Pitti.
De zon is er wel. De lucht is strak blauw. Maar de zon staat nog laag.
Verlengde Mark
De gemeente noemt dit ook wel de Nieuwe Mark.
Het deel dat men nu onder handen neemt is een aantal
jaren geleden al gerealiseerd als een soort van
ondiepe gracht.
Intussen is dit al verlengd met een dieper deel
en nu is men bezig het ondiepe deel op diepte
te brengen.
De afgelopen carnavalsweek is er niet gewerkt en
het lijkt erop dat er een soort van nieuwe fase wordt ingegaan.
Met een snijbrander ijzer opruimen ter hoogte van de Trapkes.
Breda, Verlengde Mark.
Piazzale Michelangelo
Je kunt niet alleen naar kunst kijken. Soms moet je eten.
Soms genieten van het uitzicht. Soms is het dan supertoeristisch.
Dat kan overigens best meevallen.
De wandeling naar Piazzale Michelangelo is leuk, het uitzicht
vanaf dit pleintje prachtig en de wandeling naar beneden is
ook leuk (let bij omhoog gaan op het huis van Galileo Galilei en
af en toe omkijken loont).
Even de weg oversteken. Basilica di San Miniato.
Het jaar 1000 – rectificatie
Dit beslagstuk stond in mij vorige bericht. Het stuk heet ‘…met leeuwen’. Ik gaf al aan dt ik het meer op vossen vond lijken. Nu lees ik op pagina 44 van het boek bij de tentoonstelling dat de archeologen nu, dit een ‘#notalion’ noemen. Dus geen leeuw. Vreemd, maar reden genoeg om er weer even bij stil te staan.
Het boek dat verschenen is bij de tentoonstelling Het jaar 1000. Annemarieke Willemsen, Het jaar 1000 – Nederland in het midden van de Middeleeuwen.
Soep van de week
Palazzo Medici Riccardi
Florence is prachtig. De stad, de ligging, de kunst.
Maar tussen de hoogtepunten zie je ook de ‘uitwassen’.
Over the top.
Vandaag in dit bericht een voorbeeld van de hand
van Luca Giordano.
Maar eerst nog een paar voorbeelden uit een ruimte
waarin verschillende voorbeelden van ‘Maria met kind’
te zien zijn.
Florence, Palazzo Medici Riccardi. Maker en onderwerp onbekend. Ik was waarschijnlijk moe en maakte geen foto’s van de beschrijving van deze werken. Maar bij dit werk vond ik het dorstlessende hondje leuk.
Florence, Palazzo Medici Riccardi. Maker en onderwerp onbekend maar dit is wel een Madonna met kind. Waarschijnlijk met de jonge Johannes de Doper.
Palazzo Medici Riccardi, Filippo Lippi, Madonna and Child, circa 1466 – 1469, tempera on panel. Op de achterkant van dit paneel schijnt een schets te staan van Fra Filippo Lippi. Maar dat is mij ontgaan.
The painting was found by art historian Giuseppe Poggi in 1907 in the psychiatric hospital of San Salvi in Florence. There are several theories about the provenance of the panel: Poggi assigned it to the Villa of Castelpulci, owned by the Riccardi family, who bought Palazzo Medici in 1655. According to another, the Madonna was instead part of the original decoration of the palace.
After having been acquired by the Italian state, it was moved to Palazzo Medici-Riccardi, where now is displayed in the Hall of the Triumphs and Arts in the first floor, near the gallery of Luca Giordano.
Maar dan loop je verder en zie je een enorme zaal met een plafond
beschilderd met voorstellingen die helemaal ‘over the top’ zijn
naar mijn smaak: Luca Giordano.
Een aaneenschakeling van figuren uit de Romeinse mythologie in
de wolken in combinatie met (exotische) dieren. Met als hoogtepunt (?)
de Olympus met daarop leden van de Medici-familie.
Palazzo Medici Riccardi, Luca Giordano, Galleria Riccardiana.
Neptunis.
De Styx / Acheron.
Met onder andere een struisvogel…
…of een olifant.
Mercurius / Hermes en nog een groot aantal andere mythologische figuren.
Atlas.
Luca Giordano, The apotheosis of the Medici, 1683 – 1685.
Galleria Riccardiana.
Het jaar 1000
Naar mijn gevoel probeert de tentoonstelling (de maker Annemarieke Willemsen)
steeds een onderwerp aan te snijden, er een uitspraak over te doe, om
die vervolgens te onderbouwen met (archeologische) vondsten uit de tijd.
Nederland bestond in het jaar 1000 niet, wel woonden er mensen die probeerden
rond te komen zoals mensen dat in 2024 nog steeds doen.
Misschien wat minder mensen maar hun taal, cultuur en de plaats waar
ze woonden was volop in ontwikkeling. Net als vandaag.
Rijksmuseum van Oudheden, Het jaar 1000, Leidse Willeram, manuscript op perkament, Abdij van Egmond, circa 1100.
Oorkonde van Roomskoning Hendrik II voor Abdij van Thorn. De oorkonde verleent marktrecht en tolrecht en stelt het rechtsgebied vast. Perkament met waszegel. Geschreven in Mainz op 5 juni 1007.
Het monogram is een soort van puzzel (voor mij in ieder geval). Het geeft de naam weer van Hendrik II.
Versiering/aanhef van de oorkonde.
Stamper voor in een vijzel met vier gezichten, 1000 – 1200, tufsteen, Heel (Gemeente Maasgouw).
Fibula (mantelspeld) met kruisiging, 800 – 1100, brons & email, Den Bosch.
Beslagstuk met leeuwen (persoonlijk zie ik er meer vossen in), 950 – 1050, brons, Schouwen.
Oorkonde van Hendrik IV over de schenking van Bruoche (Broekerhof) aanhet Sint Pieterskapittel in Utrecht, perkamenten manuscript met een fragment van een waszegel. Geschreven in Worms op 23 mei 1076.
Het fragment van de waszegel.
Het monogram van Hendrik IV.
Manuele Fior ‘Hypericon’: vervolg
Een paar dagen geleden schreef ik over het stripverhaal Hypericon
van Manuele Fior. Het verhaal verbindt de ontdekking van het
graf van Tutanckhamun (spelling van de naam is onderwerp van discussie)
met New York van 2001 en het creatieve Berlijn rond de eeuwwisseling.
Al lezende kwam de herinnering terug aan het verslag van Howard Carter
over de ontdekking dat ik ooit leende van de bibliotheek.
Tot twee maal toe.
Veel later ben ik nog eens naar de bibliotheek terug gegaan
om te zien of ze die boeken nog hadden. Dat was helaas niet het geval.
Daarom besloot ik te kijken of die Nederlandse vertaling van de ontdekking
misschien nog ergens te koop was.
Ik vond iets bij Boekwinkeltjes al was dat slechts deel 1.
In de tijd na de ontdekking was Tutankhamun hot. Dus er zal wat
druk gezetten hebben achter het uitbrengen van het verslag en de
Nederlandse vertaling.
Dus deel 1 kon ik kopen. De mooie omslag bleek ontworpen te zijn door Elias P van Bommel. Toen ik de boeken leende zei die naam me niets maar nadat Stichting Handboekbinden een overzicht van de clichés van Elias P van Bommel uitbracht, des te meer.
Over de kwaliteit van dit exemplaar kunnen we twisten maar wat een prachtig boek is dit. Howard Carter en AC Mace, Het graf van Tut-Anch-Amon, Ontdekt door wijlen Graaf Carnarvon en Howard Carter, uitgeverij Van Holkema & Warendorf, Amsterdam. Eerste deel 1924. Vertaling onder toezicht en met een inleiding van Dr H Th Obbink. Met 104 platen naar photo’s van Harry Burton.
Even concentreren op de voorkant van het boek.
Van Bommel verwerkt allerlei Egyptische motieven in de
zeer kleurrijke band. Wat voorbeelden:
Met het groen van het papyrusriet, de mestkever of scarabee, de uraeus (=slang) en de zon.
De verkopende boekhandel noemt dit dus ‘papier foxing’, in het Engels schrijft men dan vaak ‘slightly foxed’. Het papier heeft in de loop van de tijd dus geleden. Dat is helaas iets dat zich bij papier vaak voordoet. Schijnbaar spontane, vlekkerige verkleuring. Zou het blauwe papier (links) het originele schutblad zijn?
Frontispiece en titelpagina. Graaf Carnarvon was de geldschieter van de expeditie. Howard Carter zijn belangrijkste vertegenwoordiger ter plaatse. Harry Burton, de fotograaf, werd snel ingehuurd toen bleek dat de expeditie bij een uniek graf was uitgekomen.
In de inleiding beschrijft Herman Theodorus Obbink hoe het komt dat deel I als ‘eenzaam’ boek verschijnt (Deel II verschijnt 3 jaar later). Herman Theodorus Obbink was een Nederlands-hervormd predikant, theoloog en bijbelvertaler. Van 1929 tot 1947 was Obbink hofprediker. In die hoedanigheid ging hij in 1937 voor in de inzegening van het huwelijk van koningin Juliana en prins Bernhard (Wikipedia).
Dit is de achterzijde van het boek met het uitgevers/drukkersmerk ‘Vol Hardt en Waeckt’van uitgeverij Van Holkema & Warendorf. Rechtsonder is de naam te lezen van Elias P van Bommel, de ontwerper van de boekband.
De rug van het boek.
Het boek bevat een lijst met alle foto’s (platen) die in het boek opgenomen zijn. De foto’s zijn afgedrukt op een andere papiersoort dan waarop de tekst gedrukt is.
Dit is plaat I. Het maken van deze foto’s in de omstandigheden van Egypte 1922, was geen kleinigheid. Digitale fotografie bestond natuurlijk nog niet. De foto’s die in het graf genomen werden, maakte Burton deels met in spiegels weerkaatst zonlicht. In relatief kleine ruimtes die vaak nog vol stonden met voorwerpen. Koud was het er ook niet en een ander, leeg graf diende als DOnkere KAmer (doka) van de fotograaf. Immers je wilde snel weten of opnames onder de dan geldende condities gingen lukken. Daarvoor was het nodig geregeld afdrukken te maken.
Tijdens de voorbereiding van dit bericht kwam ik ook terecht op
de website van het Griffith Institute.
The Griffith Institute was established in 1939 as the centre for Egyptology at Oxford, although the genesis of core projects date back some 40 years earlier. Francis Llewellyn Griffith, the first Professor of Egyptology at the University of Oxford, bequeathed his estate for the creation of ‘a permanent home or institute for the study of the ancient languages and antiquities of the Near East’.
Het belang van dit instituut lijkt me moeilijk te overschatten:
The Griffith Institute Archive evolved from Griffith’s collection of manuscripts, including his extensive excavation records for Meroitic period sites in Nubia. Sir Alan Gardiner also generously donated many antiquarian manuscripts, further enriching the collection. The Archive now accommodates more than 160 substantial manuscript groups for Egyptology and Ancient Near Eastern Studies, ranging from scholarly papers, early traveller accounts, nineteenth-century photographs, paintings, drawings, and negatives, to born-digital files. The complete original records for the discovery, excavation and clearance of the tomb of Tutankhamun form a core group.
Zo zijn er online de kaarten te raadplegen die Carter schreef bij
de vondsten in het graf. Bijvoorbeeld bij het beeld op de foto
hierboven (plaat I uit het boek). Je ziet hier de handgeschreven kaart
(onderaan) en de transcriptie (uitgetypte versie, het laatste deel bovenaan).
Als voorbeeld Griffith Institute, Card # 022-2 (er zijn meerdere kaarten bij het beeld). Je ziet hoe men in de transcriptie haakjes ‘<>’ opneemt voor de handgetekende hierogliefen die in de tekst voorkomen. De tekst heeft betrekking op de ‘kilt’ (!) die de figuur van het beeld draagt.
Waar een stripverhaal allemaal niet toe kan leiden.
Hals
Gisteren kon ik de Frans Hals-tentoonstelling bezoeken
in het Rijksmuseum in Amsterdam.
Maar voordat ik daar ging kijken bezocht ik nog snel
even de eerste ruimte van het Aziatisch Paviljoen.
Dat doe ik eigenlijk altijd.
Met de metro, richting zuid.
Dit was mijn Ommetje in Amsterdam.
Rijksmuseum, Uma of Parvati, India, Tamil Nadu, brons, 15-16e eeuw. Voorzijde.
Daar moet ik devolgende keren beter op letten. Geen idee wat de schijf aan de achterzijde van het hoofd is.
Dit beeld was al vaker op mijn blog te zien: Shiva Nataraja, India, Tamil Nadu, brons, 12de eeuw, Chola stijl.
Al die armen en handen. Prachtig.
Vrouwlijke natuurgeest, India, Uttar Pradesh, Mathura, zandsteen, 2de eeuw.























































































































































































































