Let their form and mysteries, their rhythm, their secret sense speak to you

– over kijken zonder houvast –

Toeval wil dat ik vandaag een begin maak met mijn serie
over het Museum of Mexican Prehispanic Art Rufino Tamayo.
Rufino Tamayo was een Mexicaanse moderne kunstenaar.
Hij werkte voor een deel van zijn loopbaan vanuit New York.

In 2008 maakte ik een bericht in de serie ‘Kunstvaria’
met daarin een afbeelding van een van zijn werken.
Dat deed ik nog een keer in 2012, in 2014 en eind vorig jaar.

Dat hij een verzamelaar was van Mexicaanse kunst was mij onbekend.
Nu ik in Oaxaca was had ik de kans zijn prachtige verzameling te zien.

Maar vanochtend las ik ook een bericht over de moord
op Francisco Leyva, een journalist in datzelfde Oaxaca.
Mexico is geen stabiel land.
Net als de meeste landen in Midden-Amerika.
Een agressieve en corrupte politicus als president in een machtig buurland
helpt dan natuurlijk niet.

NuNlOpnieuwJournalistGedoodInMexico
NU.nl vandaag.

IMG_9771MexicoOaxacaMuseumMexicanPrehispanicArtCatalogus
Catalogus van Museum of Mexican Prehispanic Art Rufino Tamayo.
IMG_9772MexicoOaxacaMuseumMexicanPrehispanicArtRafaelDonizPortraitOfRufinoTamayoAndOlgaFlores
Portret gemaakt door Rafael Doniz van Rufino Tamayo en zijn vrouw Olga Flores.

In de catalogus van het museum geeft Mariana Frenk-Westheim
– een van oorsprong Duitse schrijfster en onder andere museumcurator –
ons de volgende opdracht:

…open yourselves, open yourselves widely to the beauty and magic of the objects offered here to your eyes and spirit. Let their form and mysteries, their rhythm, their secret sense speak to you.

Do not try to measure or calculate nor to compare art with nature. This art is in no way a servile copy of nature, it has nothing to do with a flat realism devoted to reproduce faithfully the exterior aspect of the object. The exterior aspect is not enough for it. This is an imaginative and visionary art. What you can find here is a second nature, created by man’s phantasy, by his religious thought and his artistic intuition; it is the image of a universe which is nearer to dreams and magic than to daily reality.

Dit is een heel uitdagende opdracht, want het museum heeft gekozen
voor een opstelling waarin de beelden radicaal centraal staan:

  • niet als archeologische vondst (door beperkte zaalteksten)
  • los van het koloniale kader (ruimte om de beelden te laten spreken)
  • in een bijna rituele ruimte (felgekleurde belichting)
  • niet als etnografisch materiaal (de anonieme kunstenaars en hun wereldbeeld staan centraal)

Misschien kun je dat zelf ervaren door een serie van vier foto’s uit de Pink room te bekijken
en de zaaltekst die daar bij hoort.

DSC06009MexicoOaxacaMuseumMexicanPrehispanicArtXochipalaFiguurOlmekStaatGuerreroMiddenPreklassiek1250VChr–200NChr
DSC06010MexicoOaxacaMuseumMexicanPrehispanicArtXochipalaFiguurOlmekStaatGuerreroMiddenPreklassiek1250VChr–200NChr
DSC06011MexicoOaxacaMuseumMexicanPrehispanicArtXochipalaFiguurOlmekStaatGuerreroMiddenPreklassiek1250VChr–200NChr
DSC06012MexicoOaxacaMuseumMexicanPrehispanicArtXochipalaFiguurOlmekStaatGuerreroMiddenPreklassiek1250VChr–200NChr
DSC06013MexicoOaxacaMuseumMexicanPrehispanicArtXochipalaFiguurZaaltekst

De Nederlandse vertaling van de zaaltekst is:

Midden‑Preklassiek, 1250 v.Chr. – 200 n.Chr. Olmecoïde figuren uit de staat Guerrero, bekend als ‘Xochipala’: in het midden twee jonge figuren; aan de zijkanten drie vrouwelijke figuren, waarvan één een kind voedt; en een kleine, zeer fijn uitgevoerde mannelijke figuur.

In de Pink Room van het Tamayo‑museum staat een vitrine
die je niet zozeer iets vertelt, maar je in een bepaalde staat van kijken brengt.
De ruimte is zacht roze uitgelicht; de figuren staan dicht bij elkaar,
zonder individuele labels, alsof ze samen een ademhaling vormen.
Je leest één korte zaaltekst
— een datering, een herkomst, een naam van een stijl —
en daarna moet je het doen met wat er voor je staat.
Kleifiguren uit Xochipala, Midden‑Preklassiek,
maar verder geen aanwijzingen.

Je merkt hoe je blik langzaam verschuift:

  • van zoeken naar informatie naar kijken naar vorm.
  • de open monden bij alle figuren op één na,
  • zijn het hoofddeksels of wordt hun haar zo weergegeven,
  • ze lijken gaatjes in hun oorlel te dragen,
  • de gebogen armen voor de borst bij de meeste figuren,
  • de meesten lijken zonder kleding te zijn weergegeven,
  • sommige lijken mannelijk en andere vrouwelijk,
  • op de foto met twee figuren heeft de linker een opvallend ronde buik,
  • de rechtse figuur lijkt borstvoeding te geven,
  • de typische manier om knie en enkels weer te geven,
    alsof de kunstenaar weet dat er een gewricht is
    maar een standaard weergave ervoor hanteert, een ribbel,
  • de oorspronkelijk gladde huidoppervlakken,
  • de slijtage die iets van tijd laat zien.

Je weet dat er meer te weten valt, maar het museum houdt die kennis achter,
alsof het wil dat je eerst door deze stilte heen gaat.
En precies in die stilte begint hopelijk iets te werken:
je kijkt langer, aandachtiger, zonder houvast,
en de figuren beginnen een eigen aanwezigheid te krijgen
— als iets dat zich pas toont wanneer je de behoefte aan uitleg loslaat.

IMG_9774MexicoOaxacaMuseumMexicanPrehispanicArtCatalogusVoorbeeld

India 24/25: Delhi, dag 5 – National Museum XXII

– over de boom in het daglicht, de fenix in het nachtelijk duister –

Het leuke aan het schrijven van deze berichten is
dat het voor mij vaak ook een avontuur is.
De Harrappa-collectie bevat voor mij meer voorwerpen
die ik me nog levendig herinner van het eerste bezoek in 1995.
Van de stenen en bronzen beelden begin ik steeds meer
zaken te herkennen, wie er afgebeeld is en
op welke details ik kan letten.
Maar de Aurel Stein-collectie oogt complexer.
Misschien geldt dat alleen voor mij maar de iconografie
ervaar ik als ingewikkelder.
Dus ieder nieuw voorwerp in deze reeks bekijk ik,
ruim een jaar nadat ik de foto’s maakte,
eigenlijk weer voor het eerst.
Soms herinner ik me het voorwerp en weet ik ook nog
waarom ik de foto maakte.
Maar vaak is het ook voor mij een verrassing.
Zeker als er dan ook nog een iconografische verrassing
in het voorwerp blijkt te zitten zoals vandaag.
Ik geniet daar van!

DSC01335IndiaNewDelhiNationalMuseumSeated(SunAndMoon)AvalokiteshvaraDunhuang9th-10thCenturyCEPaperPaintingAccNoCH-00395

India, New Delhi, National Museum, Seated (sun and moon) Avalokiteshvara, Dunhuang, 9th – 10th century CE, paper painting. Acc.No. CH.00395.


Mijn observatie:
Enkele dagen geleden zagen we ook al een voorstelling van Avalokiteśvara,
de bodhisattva van compassie.
Toen zagen we een zijden variant met zes armen;
hier een papieren versie met vier.
Ook toen een aureool en een amandelvormige troonwand achter de bodhisattva.
Ook toen een kroon, sieraden en zwierige linten.
Ook toen een zitplaats in de vorm van een gestileerde lotus.

Maar hier zien we die details veel scherper,
zonder de slijtage van het zijden werk —
de zithouding, de voeten, de contouren.

De onderste handen: handpalm naar voren gericht,
duim en wijsvinger raken elkaar en vormen een cirkel.
De overige vingers gestrekt of licht gebogen en
hier ter hoogte van de borst.

En dan de grote verrassing:
de zon‑ en maanschijf,
met de boom van onsterfelijkheid
en de fenix in het nachtelijk duister.
De zaaltekst bevestigt deze lezing.

DSC01336IndiaNewDelhiNationalMuseumSeated(SunAndMoon)AvalokiteshvaraDunhuang9th-10thCenturyCEPaperPaintingAccNoCH-00395

This paper painting shows a four-armed Avalokiteshvara seated on a lotus in Vajrasana. His upper hands hold a moon disc containing the tree of immortality and a sun disc containing a phoenix.


Op basis van bekende Dunhuang‑voorstellingen
zou men verwachten dat Avalokiteśvara wordt geflankeerd
door de zon‑ en maan‑bodhisattva’s.
In die traditionele compositie staan Surya en Chandra
links en rechts van de bodhisattva,
vaak herkenbaar aan hun respectieve vāhana
— het paard voor de zon en de gans voor de maan —
en aan de grote schijven achter hun hoofd.

Maar hier is voor een andere oplossing gekozen
— een oplossing die alleen te begrijpen is
wanneer we de bredere symboliek van zon en maan
in Dunhuang‑kunst in ogenschouw nemen.

Zon en maan in een traditie zonder centrale theologie

Hoewel het boeddhisme geen centrale organisatie
of canonieke theologie kent,
werkt de beeldtaal van zon en maan in Dunhuang‑kunst
binnen een breed gedeelde symbolische traditie.
Deze symboliek is niet het resultaat van dogmatische vastlegging,
maar van eeuwenlange uitwisseling tussen Indiase,
Centraal‑Aziatische, Chinese en Tibetaanse kosmologieën.
Zon en maan functioneren daarin als een herkenbaar paar
van complementaire krachten:
dag en nacht, warmte en koelte,
zichtbaarheid en cycliciteit, groei en transformatie.
Kunstenaars in Dunhuang konden deze betekenissen vrij inzetten,
omdat ze deel uitmaakten van een culturele grammatica
die door reizende monniken, manuscripten, ateliers
en lokale devotionele praktijken werd gedragen.

Binnen die context verwijzen de zon‑ en maanschijf
op zichzelf al naar deze kosmische polariteit.
In het hier besproken werk worden die abstracte principes
verder verdiept door de figuren binnen de schijven:

  • de zon bevat de boom van onsterfelijkheid,
    een motief dat in Chinese en Centraal‑Aziatische tradities staat
    voor vitaliteit, continuïteit en de regeneratieve kracht van licht.
  • De maanschijf bevat een phoenix, een mythisch dier
    dat transformatie, wedergeboorte en cyclische vernieuwing belichaamt.

Deze toevoegingen zijn geen theologische voorschriften,
maar artistieke intensiveringen van een gedeelde symboliek.

Doordat Avalokiteśvara deze twee gevulde schijven
in zijn bovenste handen draagt,
wordt hij niet alleen de bemiddelaar tussen beide krachten,
maar hun drager.
De kosmische polariteit is hier niet buiten hem geplaatst,
maar letterlijk in zijn handen gelegd
— een uitzonderlijke en betekenisvolle variant
binnen het Dunhuang‑repertoire.

Waarom Avalokiteśvara vier armen heeft

In de boeddhistische beeldtaal is veelarmigheid
geen anatomische eigenschap, maar een visuele strategie
om vermenigvuldigde vermogens uit te drukken.
Extra armen maken zichtbaar dat een godheid of bodhisattva
meerdere kwaliteiten, handelingen of werkingssferen
tegelijk kan belichamen.
Het aantal armen — vier, zes, acht of zelfs duizend —
is geen vaste code, maar een manier om de reikwijdte
van een figuur te tonen:
meer armen betekenen meer mogelijkheden om te beschermen,
te handelen, te zegenen, te grijpen, te redden of te onderwijzen.
Welke armen een mudrā vormen en welke attributen dragen,
verschilt per traditie, atelier en rituele context;
de veelarmigheid zelf staat voor
simultane aanwezigheid en meervoudige werkzaamheid.

De stand van de onderste handen

De twee onderste handen vormen de vitarka‑mudrā:
de handpalmen naar voren gericht,
met duim en wijsvinger die elkaar raken.
Dit gebaar staat in de boeddhistische beeldtaal voor
onderricht, uitleg en het doorgeven van inzicht.