Nog een nieuwe houtsnede

Ik ben aan een derde houtsnede begonnen.
Net als de vorige keer is het thema: nerven.

Ik heb een pallet klein gezaagd.
Daar komen korte stukken hout af. Zacht hout.
Waarschijnlijk dennenhout. Als ik het zaag ruikt het soms
alsof je in een dennenbos loopt.

IMG_0453BijDeEersteDrieNervenGingHetAlMis

Omdat het hout zo zacht is schiet je makkelijk uit. Aan de andere kant de zachte delen laten zich eenvoudig wegsnijden met een guts. Hier zijn de eerste drie kleine stukjes al weggesneden en er ging direct al iets ‘mis’.


IMG_0455BeginGemaakt


IMG_0456GesnedenEnGeschuurd

Op maat gezaagd, volledig uitgesneden en geschuurd. Gereed om morgen te testen.


IMG_0376Motorzaaagkunst

Over een houtsnede gesproken. Dit werk zag ik in een tuin in Assen. Er stond een bord bij over motorzaagkunst. Zoek maar eens op internet. Dat is even iets anders.


Nubië, land van de zwarte farao’s

Nubië

Vandaag was ik in Assen voor deze tentoonstelling: Nubië, land van de zwarte farao’s. In het Drents Museum.


Maar mijn blog van vandaag gaat niet zozeer over de tentoonstelling,
die de moeite waard is, maar over een boek. Een boek dat is de museumwinkel
lag en waarvan ik eerder al eens een recensie las.

De reis van Breda naar Assen is wel een heuvel:
drie uur met de trein heen (als er geen verdachte tassen stonden) en
drie uur met de trein terug (als er geen trein stuk ging).
Maar dat was allemaal wel het geval. Dus ga maar uit van 7 tot 8 uur reizen.

Maar de tentoonstelling maakt veel goed.
Anders wel het boek: Unearthing Ancient Nubia.
Het boek is een selectie van de foto’s die gemaakt zijn tijdens de
Amerikaanse expedities, begin twintigste eeuw.
Die stonden onder leiding van George Andrew Reisner.
De expeditie werd uitgevoerd voor Harvard University en de
Boston Museum of Fine Arts.

Wat mij zo trok aan het boek is dat de foto’s gemaakt zijn door
vooral Egyptenaren. Mensen met ervaring met dergelijk werk maar
voor wie Nubië net zo bijzonder was als voor Amerikanen.

IMG_0451DetailUnearthingAncientNubiaSamenstellerLawrenceMBermanPhotoMohammedaniIbrahimIbrahimKermaStatueOfLadySennuwyEmerging19131216

Dit is de foto op de omslag van Unearthing Ancient Nubia, Lawrence M. Berman. Maar de foto is gemaakt door Mohammedani Ibrahim Ibrahim in Kerma: Statue of Lady Sennuwy emerging. De foto werd gemaakt op 16 december 1916. Het beeld is een zittende figuur, maar dat kon men hier nog niet zien. Wat je hier ziet is werkelijk het topje van de ijsberg.


Als ik de gegevens mag geloven is dit namelijk het bovenste stukje
van het beeld wat zich nu in Boston bevindt:

Statue of Lady Sennuwy Museum of Fine Arts Boston MFA14720

Dit beeld van meer dan 1300 kilo, met pallet meer dan 1,5 meter hoog. Misschien is het niet hetzelfde beeld maar dan hebben ze een beetje zitten goochelen met het identificatienummer van het beeld. Wat vreemd is dat de foto gemaakt is op 16 december 1916 (volgens het boek) maar dat het Boston Museum of Fine Arts als ‘Accession date’ (aanwinst) 2 July 1914 opgeeft op hun website. Het goede nieuws is: als het niet hetzelfde beeld is, stelt het wel dezelfde persoon voor.


Het boek bevat erg mooie foto’s die een heel goed beeld geven
onder welke omstandigheden de opgravingen plaats vonden.
Ik heb in de trein al kunnen genieten.

IMG_0451UnearthingAncientNubiaSamenstellerLawrenceMBermanPhotographsFromTheHarverdUniversityBostonMuseumOfFineArtsExpedition

Dit is de stofomslag van het boek.


Wik je nog wat meer over dit boek weten, kijk dan eens op deze weblog.

Na de waterval: het dorp bij de rivier en de tempel

Toen we in Cambodja de grens overgingen naar Laos
was een grote waterval in de rivier de Mekong
de eerste attractie: Khonephapheng Waterfall

Vanuit de plaats van de waterval werd de route vervolgd en
werden we naar ons hotel gebracht in de buurt van de tempel
Wat Phou, een World Heritage site.
Maar deze dag is daar geen tijd voor.
Vandaag genieten we van de reis, de rivier en het dorp.
Het verblijf in het dorp was fantastisch.
Het drukste moment van de dag is als de kinderen van school,
te voet of op de fiets naar huis gaan.
Vooral de avonden zijn prachtig, het koelt langzaam af,
het wordt er echt donker, het eten is goed en het is rustig.
Maar eerst moeten we nog de rivier over.

DSC_3339LaosChampasakWatPhouMekong

Dit is de plaats waar we met een boot de Mekong gaan oversteken. Het dorp waar we gaan verblijven ligt aan de andere kant van de rivier. Wat verder naar links ligt Wat Phou tegen de berghelling. Dat is van hier nog niet te zien.


DSC_3340LaosChampasakWatPhouMekong

Het zicht de andere kant op (het noorden). Die bergrug heeft waarschijnlijk het gebruik van het land bepaald. Wie woont waar, Waar begint Laos, waar Cambodja.


DSC_3341LaosChampasakWatPhouMekong

De Mekong is echt een enorme rivier.


DSC_3342LaosChampasakWatPhouMekong


DSC_3345LaosChampasakWatPhouOpenbaarVervoerOverDeMekong

Veer over de rivier. Wij zijn dus al aan de overkant aangekomen.


DSC_3346LaosChampasakWatPhouBoeddhistischeGalerij

De dorpsgrenzen zijn ons niet helemaal duidelijk. De naam van het dorp ook niet.


DSC_3347LaosChampasakWatPhouGalerij


DSC_3348LaosChampasakWatPhou


DSC_3349LaosChampasakWatPhouSchaduwenOverDeWeg

De schaduwen van de tempel en stupa’s op de dorpsweg.


DSC_3350LaosChampasakWatPhouBoeddhaBijDeSchool

Vlak bij een school staat deze Boeddha.


DSC_3351LaosChampasakWatPhouNieuwsgierigeBuurkinderen

Nieuwsgierige kinderen komen dan natuurlijk ook kijken.


DSC_3352LaosChampasakWatPhouTopVanEenBeltoren

Bij een tempel staat vaak ook een beltoren. We wandelen wat voor het avondeten. Se zon zakt snel maar dat geeft mooi licht.


DSC_3353LaosChampasakWatPhouTempel

Dit is de tempel zelf.


DSC_3354LaosChampasakWatPhou

Nog een stupa. We zullen er nog veel zien.


Nog een waterval: Laos, Khonephapheng Waterfall

Op de laatste dag in Banlung, bezochten we
als laatste attractie een waterval.
De dag erop gingen we eenst met de auto, dan een klein stuk te voet
van grenspost naar grenspost, van Cambodja naar Laos.
De eerste attractie daar was ook een waterval: Khonephapheng waterval.

DSC_3325LaosKhonephaphengWaterfall

Het karakter van die waterval is compleet anders dan die in Cambodja. In Laos ligt de waterval in de rivier de Mekong. Een enorme rivier. De waterval is dan ook erg breed. Aan de oever van de Mekong zijn voorzieningen voor bezoekers compleet met een restaurant en uitkijkpunten.


DSC_3326LaosKhonephaphengWaterfall

De eerste beelden zijn van de bovenkant.


DSC_3327LaosKhonephaphengWaterfall


DSC_3328LaosKhonephaphengWaterfall


DSC_3329LaosKhonephaphengWaterfall

Dan krijg je zicht op het vallende water.


DSC_3330LaosKhonephaphengWaterfall


DSC_3331LaosKhonephaphengWaterfall


DSC_3333LaosKhonephaphengWaterfall


DSC_3334LaosKhonephaphengWaterfall


DSC_3335LaosKhonephaphengWaterfall


Khone Pha Pheng Waterfall.
Being the largest cascade in southeast Asia,
Khone Pha Pheng offers impressive views on its up to 15 meter high and 1 kilometer wide rock formation, forcing the usually calm flow of the Mekong to roar through its narrow gorges and forming a natural obstacle for shipping.

Wikipedia beschrijft het ook. De waterval is breed (1 km) en is de reden
waarom de Mekong rivier, zo’n belangrijke scheepvaartroute,
niet helemaal tot in China bevaren kan worden.

DSC_3336LaosKhonephaphengWaterfall


DSC_3337LaosKhonephaphengWaterfall


DSC_3338LaosKhonephaphengWaterfall

Wij hebben rustig buiten, bij het restaurant gegeten. Wennen aan de taal en het geld van Laos. Rustig aan doen. De komende dagen worden vanzelf weer druk. Er zaten veel grote mieren. Kleine tafels hadden ze niet. Veel ronde, grote tafels voor grote families.


Experiment

Dat wordt de naam van het boek: Experiment.
Afgelopen zondag ben ik weer verder gegaan met het experimenteren
met verf en houtdruk. Deze keer in combinatie met een gelli plate.
Het idee is om eerst verf aan te brengen op de gelli plate
en dan de houtsnede te gebruiken om de structuur
op de gelli plate aan te brengen.
Het boekbindlinnen dat ik ga gebruiken voor de band van mijn boek
heb ik voorzien van een afbeelding door gebruik te maken van
een gelli plate en die niet helemaal vol verf te zetten.
Zou dat idee ook werken met de houtsnede?

IMG_0360ExperimentVerfOpDeGelliPlateDanStructuurvanHoutblokEropAanbrengen

Links de houtsnede die ik wil gebruiken, rechts de gelli plate met verf.


IMG_0362DeGelliPlateMaaktDeAfdruk

Nadat ik de houtsnede even op de gelli plate heb gedrukt, druk ik hier de gelli plate af op papier. Het formaat is geen toeval. Ook de positie van de afdruk op het papier is bewust. Het papier is veel groter dan ik kan gebruiken voor mijn boekje. Dus moet ik straks de mogelijkheid hebben het papier op een interessante manier te snijden. Interessant voor de afbeelding. Maar je ziet hier al dat niet veel van de structuur van de houtsnede door is gekomen op de gelli plate. Andere route dus.


IMG_0363MetMeerEnDunnereVerf

Meer verf en de houtsnede een beetje bevochtigd. Ik krijg de indruk dat de verf die al een aantal jaren oud is, te oud is, te droog.


IMG_0364DrieOpEenRij

De resultaten worden interessanter.


IMG_0365DitIsDeTechniekOnderopDeGelliplateMetVerfDaarbovenHetHoutblok

Voor het geval dat niet duidelijk is hoe ik probeer de structuur van de met guts bewerkte houtblok over te brengen op de gelli plate: hier zie je nog net de gelli plate onderop liggen. Daar is verf op aangebracht met een roller. Daar druk ik dan de houtsnede op. Vervolgens gebruik je de gelli plate om afdrukken te maken. Een of meerdere.


IMG_0366SomsHeelBlijMetHetResultaat

Soms ben ik blij met het resultaat. Je ziet hier ook dat ik de tweede houtsnede ben gaan gebruiken.


IMG_0367VerschillendePogingenOpEenRij


IMG_0368Touwtje

Even terug naar iets dat bijna altijd lukt: een touwtje op het papier en dan de afdruk daarover heen maken.


IMG_0369TouwtjeResultaat

Het resultaat.


IMG_0370HoutKomtVanBomen

Hout komt van een boom. In mijn geval een stukje karton dat als sjabloon dienst doet.


IMG_0371Experiment

Letters voor foliedruk even gebruikt voor afdrukken met acrylverf. Het is een experiment.


Kaarten uit Berlijn

In een korte tijd heb ik twee prachtig gemaakte boeken gekocht
van marge drukkers/marge uitgevers.
Het eerste wat ik hier wil voorstellen is werkelijk
ontzettend knap gemaakt.

IMG_0372JanVanOudshoornKaartenUitBerlijnBezorgdDoorJanPaulHinrichs

Jan van Oudshoorn, Kaarten uit Berlijn. Bezorgd door en voorzien van een nawoord van Jan Paul Hinrichs. De uitgave is van de Statenhofpers. Het boek heeft een heel zacht aanvoelende kartonnen band met een prachtige stempel. Zie voor meer details het colofon dat ik hieronder overneem.


Het is een uitgave van een serie briefkaarten die een literaire schrijver
verstuurde vanuit Berlijn naar een familielid in Den Haag.
De schrijver is de bij mij totaal onbekende Jan van Oudshoorn,
pseudoniem van Jan Koos Feijlbrief.

De briefkaarten zijn in facsimile opgenomen in het boek.
Zowel de voor- als achterkant kun je bewonderen.
Iedere kaart kun je individueel uit het boek nemen.
Je kunt de afbeelding op de voorkant bekijken maar ook de vaak
beschreven achterkant, de postzegels, de stempels, alles.

IMG_0373DeKaartenInFacsimile

Hier zie dat op de linker pagina de tekst staat afgedrukt die afkomstig is van de kaarten rechts. Deze kaarten kun je uit het boek nemen en aan beide kanten bewonderen. Vooral de kaarten met gebouwen in de Duitse hoofdstad geven een beeld van hoe prachtig Berlijn was voor de Tweede Wereldoorlog.


IMG_0375HetPrachtigeInbindwerk

De extra dikte die in de pagina’s ontstaat door de kaarten die er in opgenomen zijn, is prachtig in de rug opgevangen. Daarom dat je aan de zijkanten de extra ruimte tussen de pagina’s goed kunt zien terwijl de vorm van het boek perfect is. Indrukwekkend.


Er zijn niet zo veel exemplaren gemaakt dus laat deze kans niet
aan u voorbij gaan. Normaal maak ik op mijn blog geen reclame
maar dit is wel heel bijzonder.

In het colofon vind je de volgende informatie:

Kaarten uit Berlijn van J. van Oudshoorn werd bezorgd en van een nawoord voorzien door Jan Paul Hinrichs. Het boek bevat de teksten van 38 door Van Oudshoorn tussen 1921 en 1929 uit Berlijn verstuurde ansichtkaarten. De kaarten zelf zijn in facsimile separaat bijgevoegd. Het werd gezet uit de Monotype Bembo Book Pro door zetterij Chang Chi Lan-Ying en op Magnani Pescia Editions gedrukt door offsetdrukkerij Jan de Jong. Typografie en vormgeving waren in handen van Jaap Schipper en Christianne Duchateau. Het bandstempel werd ontworpen door Peter Muller. Boekbinderij van Waarden te Zaandam bond 60 Arabisch genummerde exemplaren in een halflinnen band. Frans den Breejen bond met de hand 15 Romeins genummerde luxe boeken in kalfsleer. Het boek verscheen in het najaar van 2018 en is een uitgave van de Statenhofpers te ‘s-Gravenhage.

Onnodig te zeggen dat mijn versie uit de serie van 60 komt.

Gelezen: Wahibre-em-achet en andere Grieken

JonaLenderingWahibre-em-achetEnAndereGriekenLandverhuizersInDeOudheid

Jona Lendering, Wahibre-em-achet en andere Grieken. Landverhuizers in de oudheid. Dit heldere boekje is uitgegeven ter gelegenheid van de ‘Week van de Klassieken’. In tegenstelling tot andere boekjes die uitgegeven worden bij een ‘week’ een heel geslaagd boekje.


Lees je met enige regelmaat de weblog van Jona Lendering, dan
komen het onderwerp van het boekje, de vele sprekende voorbeelden
en de conclusies niet echt als een verrassing.
Maar het boekje zet een aantal dingen eens op een rij, het zet
de deur open, voor leken zoals ik, naar de nieuwste ontwikkelingen
in het vakgebied oudheidkunde.
Dat DNA- en isotopenonderzoek samengaan met het onderzoeken van
en museumvoorwerpen en oude teksten en dat dit verschuivingen
mee gaat brengen in het huidige beeld van de oudheid,
is verrassend.
‘Oudheidkunde’ laat misschien een wat stoffige indruk achter,
dat doet het boekje van Lendering juist niet.
De wetenschap heeft 1 heel groot probleem: er is altijd
te weinig informatie. Dat leidt ertoe dat je op z’n best
een reconstructie kunt maken van het verleden waarbij
aannames (al dan niet uitgesproken) een grote rol spelen.

Maar het boekje spreekt het best zelf (pagina 50):

Er is een hypothese die alle puzzelstukjes verklaart: interne spanningen tussen enerzijds een onderklasse (al dan niet van nomadische afkomst) die een vroege vorm van Dorisch sprak maar niet kon schrijven, en anderzijds een elite in de burchten die wel schreef, maar in de loop van de dertiende en twaalfde eeuw door geweld de controle over de burchten verloor. Toen de Grieken later opnieuw begonnen te schrijven, deden ook de afstammelingen van de oude onderklasse daaraan mee, zodat het lijkt alsof er een dialect bij is gekomen terwijl in feite alleen maar een nieuwe groep deel is gaan nemen aan de schrijfcultuur.

Bovenstaande tekst is misschien een beetje uit zijn context gehaald maar laat
duidelijk zijn dat het boekje niet altijd heel eenvoudig is, maar wel logisch.

Nog twee stukjes (pagina 57-58):

Het sjabloon waarmee mensen in de Oudheid vertelden over migratie, illustreert dat ze het niet vreemd vonden als een volk voor hongersnood of oorlogsgeweld wegvluchtte. Ze keken er evenmin van op dat in een bepaald gebied meer dan één etnische groep verbleef. Nu de archeologie is verrijkt met DNA- en isotopenonderzoek, blijkt migratie normaler dan verwacht. De verplaatsing van de Romeinse legionairs (of een functionaris als Wahibre-em-achet) was niet uitzonderlijk. Nomadisme was in de Oudheid een gebruikelijke levenswijze: boeren konden hun vaste woonplaats opgeven om met kuddes op pad te gaan, en omgekeerd konden nomaden sedentair worden. Kortom, de mensen waren destijds heel mobiel. En ze wisten het: in het antieke wereldbeeld stamden iedereen af van landverhuizers, en de antieke talen kenden dan ook geen woorden die geheel met ons begrip “migratie” overeenkomen.

 

De vorige alinea is een samenvatting van dit boekje, maar eigenlijk wordt het hier pas interessant. De antieke manier van denken – iedereen stamt af van allochtonen – is immers nogal anders dan die in de huidige samenleving, waarin iedereen een vaste woon- en verblijfplaats heeft en een landverhuizer geldt als afwijkend. Het is lastig een hedendaagse Vergilius aan te wijzen die bootvluchtelingen presenteert als degenen die beschaving komen brengen.

 

Het contrast tussen toen en nu is verrassend.

Dan het laatste stukje;

Dat laat onverlet dat het tevens zinvol is te begrijpen dat de hedendaagse, westerse visie op migratie precies dat is: een hedendaagse, westerse visie. Je kunt ook op een andere manier over migratie denken – of er geheel niet over denken – en de confrontatie daarmee helpt je scherper te zien dat jouw visie plaats- en tijdsgebonden is. Wat uiteraard niet wil zeggen dat ze onjuist is. Onze visie is immers die van een (post)industriële, bureaucratische samenleving en niet die van een agrarische samenleving zonder groot staatsapparaat. Seizoensmigratie maakte plaats voor arbeiderswijken en maakt nu plaats voor een samenleving vol flexwerkplekken.

Kortom het boekje is super actueel en relevant.
Voor 2,99 Euro kun je het niet laten liggen zou ik zeggen.
Voor de gelegenheid heb ik er nog een ander boek bij gekocht.
Dat heb ik nog niet gelezen maar de ondertitel alleen al:

Marcel Hulspas, Uit de diepten van de hel –
Keizers, bisschoppen, ketters, het verval van het christendom en de opkomst van de islam.

Nog een experiment met houtdruk / houtstempel

Vandaag nog een keer bezig geweest met
het afdrukken met grove houtsnedes gemaakt in pallethout.
Dat is niet het beste hout.
Veel te zacht. Heel gedetailleerd werken is erg moeilijk.
Maar gewoon om te experimenteren.
De foto’s zijn een beetje in een vreemde volgorde gemaakt.
De eerste foto is het ‘leegrollen’ van de roller.
Toen was ik dus klaar en heb ik het door het hout gevormde patroon
in de verf, die nog op de roller zit, gebruikt om een
soort van ‘behang’ te rollen.

IMG_0350MonoprintMetRoller

Het grappige is dat nadat de roller 1 keer volledig rond gedraaid heeft, er voor de tweede omwenteling van de rol minder verf over is. Zo ook voor de 3e en 4de omwenteling. Dat zie je hier terug in de twee banen met in totaal 4 delen.


IMG_0351MonoprintZonderKrassen

Vervolgens heb ik de resten verf op de glasplaat zachtjes afgedrukt op krantenpapier. De eerste monoprint van de dag.


IMG_0352MonoprintMetKrassen

Toen heb ik met een soort grote spijker wat op de glasplaat gekrast. Niet echt een tekening. Meer een paar strepen. Toen de glasplaat weer afgedrukt op krantenpapier. Het papier heb ik bovenop de plaat gelegd en dat toen met een schone roller gerold.


IMG_0353HoutdrukOpRestpapier

Ik had wat resten papier liggen. Papiergewicht 200 gram. In vier kleuren. Die vellen papier zijn gebruikt bij de pop-up kaart maar er was een stuk over gebleven. Die heb ik vandaag gebruikt. Het hout en het papier zijn niet in de pers geweest. Ik heb de blokken met de hand aangeduwd. Een soort van stempelen.


IMG_0354HoutdrukOpRestpapier

Daarbij heb ik de twee houtblokken die ik tot nu toe voorbereid heb, beide op ieder stuk papier gebruikt.


IMG_0355HoutdrukRestpapier

Dat ik hier nog iets moet doen voor ik ze kan gebruiken in het boek dat ik in mijn hoofd heb is duidelijk.


IMG_0356HoutdrukRestpapier

De kleuren spreken mer wel aan.


IMG_0357MonoprintDeLaatsteVerf

Nadat ik de eerdere twee monoprints had gemaakt zat er nog een beetje verf op het glas. Dat zit nu op dit stuk krantenpapier.


Een boek achter glas

Eenmaal terug in het hotel (Terre Rouge) in Banlung
heb ik het boek van palmbladeren dat boven het bed hing
even meegenomen naar de buitendouche.
Daar was het beste licht om er een foto van te maken.

DSC_3324CambodjaBanlungTerreRougeInDeBuitenDoucheWantBeterLichtBoek

De palmbladeren (?) in een schilderijlijst hingen in de hotelkamer. Hoe oud het is weet ik niet. Ik ben ook helemaal geen kenner van dit soort boeken maar interessant is het wel.

Even een paar details.
Let op de gaatjes waaromheen een vierkant niet beschreven is.
Waarschijnlijk zijn dat plaatsen waar een touwtje de bladeren bij elkaar hield.
Het schrift is ook leuk om te zien.

DSC_3324CambodjaBanlungTerreRougeInDeBuitenDoucheWantBeterLichtBoekDetail01


DSC_3323CambodjaBanlungIngelijstBoekPalmbladerenDetail01


DSC_3323CambodjaBanlungIngelijstBoekPalmbladerenDetail02


Banlung met mieren

Op doortocht van Cambodja naar Laos doen we Banlung aan.
Deze centrale stad ligt in Noord Cambodja.
Het is een mooie streek en om eens niet de hele dag
naar tempels te kijken gaan we een dag op excursie.
Op die dag doen we meerdere dorpen/gemeenschappen
van minderheden aan.
Maar de nadruk ligt op ontspanning: auto, boot, rivier
en vandaag als afsluiter een waterval.

DSC_3304BegroeideZandplaatInDeRivierAlsPlaatsOmTeEten

Op een begroeide zandplaat in de rivier hebben we lunch. Op dat moment zijn we de enige bezoekers. Alhoewel….


DSC_3305CambodjaBanlungTweeMieren

Deze mieren woonden er, denk ik. Kijk maar eens goed. er staan er ten minste twee op.


DSC_3306CambodjaBanlung

Dan weer verder met de boot. Heerlijk rustig.


DSC_3310CambodjaBanlungEvenTeGastBijEenChineseFamilie

We gaan op bezoek bij een Chinese gemeenschap, specifiek bij een gezin. Daar hangen in hun huis deze trouwfoto’s. Die stijl is heel herkenbaar en heel gewoon in China.


DSC_3312CambodjaBanlungAanEenHekWerken

De productie van hekken.


DSC_3313CambodjaBanlungEvenEenGebakkenHapjeMetMunt

Bij weer een ander gezin eet ik dit gefrituurde hapje. Erg lekker met munt.


DSC_3314CambodjaBanlungWaterval

De waterval.


DSC_3317CambodjaBanlungWaterval

We kwamen aan daar waar het water omlaag valt. Om dan naar beneden te lopen liep je voor een stuk onder de waterval door.


DSC_3319CambodjaBanlungWaterval

DSC_3321CambodjaBanlungWatervalAanDeVoet

DSC_3322CambodjaBanlungWaterval

Dit is het beeld van boven af.


Zelf pop-up kaart maken

Met boekdrukkunst of boekbinden heeft het misschien
niet heel veel te maken maar ik wilde graag iets
heel anders doen. Vooral wil ik begrijpen hoe die
pop-ups werken.
Op de site van Peter Dahmen vond ik de sjablonen en een
bijbehorende instructiefilm om een pop-up kaart te maken
met een bloem.
Gekleurd papier van 200 gram had ik nog liggen.

IMG_0339SjablonenEn200grPapierEnEigenDruksel

Plus een omslag die ik zelf heb gedrukt met houten letters in vele kleuren. Dus de kaart kost me geen extra papier.


IMG_0340BuitensteBloemCircel

De video had ik een paar weken geleden een keer gezien. Ik herinnerde me hem vaag. Ik ben gewoon begonnen en heb het sjabloon van de buitenste bloemcirkel als eerste gesneden. Peter Dahmen knipt alles met de schaar. Maar de schaar die ik heb is daar niet geschikt voor.


IMG_0341DeEersteDrieRingen

Zo heb ik de eerste drie cirkels gereed. Nog wel zonder de bloemblaadjes. Op de video doet hij dat in 1 keer. Is denk ik ook beter. Maar ik zie graag tussentijds resultaat.


IMG_0342NuDeBlaadjesNog

Nu met de binnenste cirkel.


IMG_0343ZoGaatHetOngeveerWorden

Vervolgens heb ik de bloemblaadjes toegevoegd.


IMG_0344PopUpOnderdelenMetBlaadjes

Dit zijn de vier onderdelen.


IMG_0347DeKaartNogZonderSteel

Dit is dan het resultaat. Hierna heb ik nog een steel geknipt uit een stuk marmerpapier (hetzelfde als het papier voor de blaadjes op de achtergrond). De steek, net als de bloem zit in de rug van de kaart. Het dikste punt gier zijn 12 vellen van 200 gram. Daar moet je wel rekening mee houden als je dit in een boek(je) wilt verwerken. Ik vind het best leuk.


De volgende keer eens iets ingewikkelders maken.

Voorouderverering in de buurt van Banlung, Cambodja

Volgens Wikipedia:

Voorouderverering is een systeem van rituelen en aanroeping van overleden verwanten. Voorouderverering is gebaseerd op de overtuiging dat de geesten van de doden in de natuurlijke wereld blijven bestaan en de bevoegdheid hebben om het lot van het leven te beïnvloeden.

Na een auto- en boottocht vanuit Banlung in Cambodja
bezochten we een dorp van een minderheid.
Die zijn er een aantal. Zo bezoeken we later nog
een gemeenschap met Chinezen die in Cambodja leven
omdat ze eerder gevlucht zijn voor oorlogsgeweld.
We bezoeken eerst een houtzagerij waar we zien hoe men er
kisten maakt die overledenen kunnen bevatten.
Vervolgens gaan we naar een schooltje.
Op dat moment leeg, het was warm en alle kinderen
zaten in of bij de rivier.

DSC_3284CambodjaBanlungSchooltje

De gids geeft een demonstratie van hoe het onderwijs in zijn werk gaat.


DSC_3285CambodjaBanlungSchoolposterHoeHogerDeHandenBijEenBegroetingHoeBelangrijkerDePersoonDieBegroetWordt

Aan de muur hangen allerlei borden die de kinderen verschillende dingen uitleggen. Hier bijvoorbeeld hoe je in verschillende situaties een begroeting uitvoert. Simpel gezegd: hoe eerbiedwaardiger het personage is dat je begroet, hoe hoger je, je handen houdt. Zo was er ook een bord dat uitlegde op welke dag je welke kleur gewaad dient te dragen als vrouw.


DSC_3286CambodjaBanlungGemeenschapsvoorziening

Een gemeenschapsvoorziening.


DSC_3288CambodjaBanlungVoorouderverering

Daarna bezoeken we een soort grafveld. Ik vind het moeilijk om er iets over te zeggen omdat we met voorouderverering niet zo veel te maken hebben in het westen.


DSC_3289CambodjaBanlungVoorouderverering

Een graf is een klein, meestal met hout ommuurd gebied. Vaak staan aan de buitenkant van de muren menselijke figuren. In de ommuring staat een soort koepeltje of huisje. Wat wij gezien hebben vaak fel gekleurd.


DSC_3290CambodjaBanlungVoorouderverering

De monumenten staan in de natuur, dus niet op een vrijgemaakt veld of zo iets. Get bevindt zich ook buiten het dorp.


DSC_3291CambodjaBanlungVoorouderverering


DSC_3292CambodjaBanlungVoorouderverering


DSC_3293CambodjaBanlungVoorouderverering


DSC_3294CambodjaBanlungVoorouderverering


DSC_3295CambodjaBanlungVoorouderverering


DSC_3296CambodjaBanlungVoorouderverering


DSC_3297CambodjaBanlungVoorouderverering

Dit betrof een zwangere vrouw.


DSC_3298CambodjaBanlungVoorouderverering


DSC_3299CambodjaBanlungOpDeHoekVanEenGraf


DSC_3300CambodjaBanlungDeVeerbootIsNetAangekomenBijHetDorp

Terwijl we terug lopen naar de rivier zien we dat de veerboot net aangekomen is.


DSC_3302CambodjaBanlung

Dan vervolgen wij onze reis over de rivier.


DSC_3303CambodjaBanlung


Volgende keer gaat het over een volgende stop in Noord Cambodja.

Houtdruk

Voor de verbouwing kregen we tegels en dergelijke geleverd
op drie pallets. Die heb ik in grote stukken gezaagd.
Kleinere stukken en hun nerven brachten me op het idee
om mijn gutsen eens te gebruiken op hout.
Dit hout is veel zachter dan het hout dat bij houtdruk
wordt gebruikt. Je kunt er dus niet heel precies in werken
maar door nerven weg te halen krijg je best mooie vormen.

Als je dan zo’n blok hebt ingerold met verf, ontstaat er
een interessant patroon op de roller.
Die ‘restverf’ uitrollen op papier geeft een soort
van monoprint effect: uniek, eenmalig.
Wellicht later te gebruiken als ondergrond.

Wat nou als je de afdruk maakt op papier dat al eens bedrukt is geweest.
Door een kunstenaar.
Enfin, genoeg materiaal om te experimenteren.

IMG_0324HetHout

Dit is het blok. De eerste afdrukken waren met groene verf. Daarna volgde het rood. Daarbij heb ik niet eerst de verfresten van groen weggehaald. Het idee is om deze keer de blok niet in de pers te leggen maar gewoon met menskracht te stempelen. Hopelijk beschadig ik het papier dan minder.


IMG_0325HoutdruTweeMaalRoodEnGroenkOpPleinAirVanSamFalls

Hier is de houtblok op twee plaatsen afgedrukt met Groen en daarna rood. Het papier heeft afbeeldingen gemaakt door Sam Falls en de serie heet ‘Plein air’. Het papier is een voorbeeld van de papiermaker IGEPA.


IMG_0326HoutdrukRoodEnGroenOpPleinAirVanSamFalls

Houtdruk, rood en groen op Plein Air van Sam Falls.


IMG_0327HoutdrukRoodEnGroenOpWitPapier

Houtdruk, rood en groen op wit papier.


IMG_0328MonoprintMetRollerRoodEnGroen

Monoprint met roller, rood en groen.


IMG_0329MonoprintVanRollerGroen

Monoprint met roller, groen. Soms slipt de roller bij het uitrollen van de restverf.


IMG_0331HoutdrukMetWitRoodEnGroenOpPleinAirVanSamFalls

De volgende drukgang. Nu heb ik met witte verf een aanvullende afdruk gemaakt. De verven vermengen zich eenvoudig.


IMG_0332HoutdrukMetWitRoodEnGroenOpPleinAirVanSamFalls


IMG_0333MonoprintMetRollerDrieKleurenOpWitPapier

Wat met het houtblok kan, kan ook met de roller. Nog een drukgang met roller. Hier van origine witte verf gebruikt.


IMG_0334MonoprintVerfrestenOpKarton

De verf breng ik aan op de roller vanaf een plaat glas. Nu ik gereed ben heb ik nog wat gekrast in die verf en dat vervolgens afgedrukt op grijsbord.


IMG_0335MonoprintMetRollerRoodOpWitPapier

Monoprint met roller, rood op wit papier.


Zie dat straks nog maar eens in een boek te verwerken.

Bewaarmap III, laatste deel

Zoals al een keer genoemd, probeer ik er voor te zorgen
dat de exemplaren van Kinder-Kompas nog wat jaren meekunnen.

IMG_0318Kinder-KompasJanKlaasenEnKatrienConservering

De gedicht van Jan Klaassen en Katrijn stond in juni 1937 in Kinder-Kompas. Maar de reden om deze pagina te tonen is dat ik de rug (het midden van dit blad) versterkt heb met een strook restauratiepapier. Dat zal voorkomen dat het papier verder inscheurt en geeft de mogelijkheid om dit katern straks in te binden met een eenvoudige cahiersteek.


IMG_0323Kinder-kompasBewaarmap12En3

Maar dit is wat ik wilde laten zien. Bewaarmap 1, 2 en 3 in hun uiteindelijke vorm. De mappen zijn gereed. Map 2 is mijn favoriet: relatief eenvoudig te maken, sluit de inhoud helemaal af van licht en stof.


Bewaarmap III

Terwijl de badkamer en het toilet worden vernieuwd
heb ik toch nog tijd gehad om verder te werken aan bewaarmap 3.
In een van de exemplaren van het Kinder-Kompas, een uitgave van de
Nationale Levensverzekerings-Bank NV, staat beschreven hoe je dergelijke
tijdschriften kunt bewaren.
Er staan drie voorbeelden van bewaarmappen beschreven.
Ik heb ze alle drie gemaakt en het maakproces was op mijn blog te volgen.
Ik heb ook drie bewaarmappen nodig want is heb 28 exemplaren van Kinder-Kompas.
Elke bewaarmap is bedoeld voor 1 jaargang, zeg twaalf nummers.

Bewaarmap III is de map waarbij alle onderdelen los van elkaar gesneden zijn.
Samen vormen ze de bewaarmap. Een lint of koord of in mijn geval
stukken hennepgaren verbindt alle delen aan elkaar.
De kaatste keer was ik bijna gereed: nog 1 deel moest worden vastgebonden.

IMG_0310BewaarmapIIILaatsteOverslag

De laatste overslag ben ik hier aan het vastmaken aan de andere delen. De bindwijze is eerder door mij beschreven.


IMG_0311GaatjesOmOpstaandeRandenTeVerbinden

Omdat door het inbinden van de onderdelen er ruimte ontstaan tussen die delen, ruimte die niet overal gelijk is, was het mij niet duidelijk hoe ik de opstaande delen met elkaar zou verbinden. Uiteindelijk heb ik gekozen voor maar één gat in ieder opstaand deel aan elk uiteinde.


IMG_0312BewaarmapIIIMetExtraBodemOmKnoopjesEDTeVerbergen

Omdat je op de bodem een paar eindjes van garen zag vastgeplakt zitten heb ik een extra bodem aan de bewaarmap toegevoegd. Maar deze gele bodem is puur voor de sier. Door de knoopjes is het goed dat mijn bewaarmap wat groter is (lengte, breedte en hoogte 0,5 cm extra) dan de beschrijving aangeeft. Om de maandbladen er eenvoudig uit te halen voeg ik een los lint toe. Je ziet dat pas als de bewaarmap open is.


IMG_0313BewaarmapIIMetLintOmInhoudEenvoudigUitMapTeKunnenHalen

Ik kan pas van 2 exemplaren vaststellen van welk jaar en maand ze zijn. Ik zou dat van alle delen willen vaststellen en dan per exemplaar een kleine omslag maken met jaar en maand erop. Vervolgens wil ik er voor zorgen dat ieder exemplaar eenvoudig gebonden wordt, de nietjes zijn er immers uit gehaald vanwege het roesten. Daarvoor moet ieder deel eerst, blad voor blad, nagelopen worden. Daar waar nodig strijk ik de pagina (tegen ezelsoren en ongewenste vouwen) en breng ik reparatiepapier aan om verder inscheuren tegen te gaan en voldoende basis te vormen voor het inbinden (vaak zijn de ruggen van het buitenste blad beschadigd). Nog heel wat werk dus. Het bovenste exemplaar op de foto is uit januari 1938. Ik heb een tijdelijke omslag voor het exemplaar gemaakt met daarop de datum.


IMG_0315BewaarmapIII

Zo ziet bewaarmap III er uit in gesloten toestand. Ik ga deze map nog voorzien van een afbeelding van Kinder-Kompas.


IMG_0316Bewaarmap12En3

Bewaarmap I, II en III naast elkaar. Straks allemaal voorzien van dezelfde afbeelding.


IMG_0317Bewaarmap12en3

De bewaarmappen zijn best sterk. Hier zie je ze op elkaar gestapeld.


Aan het lezen: Johan de Witt en Engeland (en de Speelhuislaan)

Geen saai geschiedenisboek maar een boek dat laat
zien hoe je van oude brieven geschiedenis kunt maken.

Even wat achtergrondinformatie over Johan de Witt:

Johan de Witt werd geboren op 24 september 1625 te Dordrecht als zoon van Jacob de Witt en Anna van den Corput en broer van Cornelis de Witt. Johan ging eerst naar de Latijnse school in Dordrecht, studeerde rechten in Leiden en promoveerde in Frankrijk. Hij vestigde zich in 1647 als advocaat in Den Haag, werd in 1650 pensionaris van Dordrecht en in 1653 raadpensionaris van Holland. Als raadpensionaris was hij de hoogste ambtenaar van het gewest Holland, voorzitter van de Hollandse Staten en lid van de Hollandse afvaardiging in de Staten-Generaal waar hij optrad als woordvoerder. Johan de Witt was verantwoordelijk voor zowel het binnenlandse als buitenlandse beleid en was zo bijna twintig jaar lang een van de meest invloedrijke figuren in de Republiek. Johan trouwde met Wendela Bicker (1635-1668) en kreeg in totaal acht kinderen waarvan er drie jong stierven.

Deze informatie is afkomstig van de website van het Huygens ING.

Johan de Witt schreef en ontving als raadpensionaris bijzonder veel brieven. Zijn briefwisseling is hierdoor zeer veelzijdig en bestaat onder meer uit brieven van belangrijke staatslieden, buitenlandse ambtsdragers, legeraanvoerders, wetenschappers, kunstenaars, familieleden en talloze verzoeken om een recommandatie.Verreweg de meeste brieven zijn geschreven in de periode 1653-1672, terwijl een kleiner deel uit de periode vóór 1653 dateert. Na zijn dood is zijn persoonlijk archief overgedragen aan de staat en wordt nu bewaard op het Nationaal Archief: inventaris Raadpensionaris De Witt, 3.01.17.

SamenstellingInekeHuysmanRoosjePeetersTekeningenJeanMarcVanTolJohanDeWittEnEngeland

Voor de ontsluiting van de brieven van De Witt heeft Huygens ING samenwerking gezocht met het Nationaal Archief en Early Modern Letters Online – EMLO – een project van Cultures of Knowledge, onderdeel van Oxford University en de Bodleian Library. Een team van vrijwilligers, gastonderzoekers en stagiaires ontsluit de brieven op gegevens als verzender, ontvanger, datum, plaats van verzending en ontvangst, taal en archiefgegevens. Ook zijn er bij iedere brief links aangebracht naar een digitale afbeelding en naar gedigitaliseerde edities. Vanaf 14 maart 2019 zullen de eerste zevenduizend veelal diplomatieke brieven online raadpleegbaar zijn.

Ter gelegenheid van de ontsluiting van al die brieven is er ook
een boek verschenen dat ik aan het lezen ben.
‘Lezen’ is misschien niet helemaal de juiste term.
Je leest, kijkt en verwondert je.
Al die mensen die De Witt brieven schreven.
Al die onderwerpen.
Al die ingewikkelde handschriften.

Het boek bevat een serie van 20 voorbeelden (we noemen dat dan een bloemlezing)
die samengesteld is door Ineke Huysman en Roosje Peeters.
Het geheel is voorzien van tekeningen gemaakt door Jean-Marc van Tol (een
van de makers van Fokke en Sukke).

Voor deze blogpost bladerde ik meteen naar ‘De Vrede van Breda’.
Een brief van een onbekende schrijver aan Johan de Witt van 24 mei 1667.
Het is een soort ooggetuigenverslag van het begin van de vredesonderhandelingen.
Een klein stukje uit de hertaling, de brief ‘vertaald’ naar hedendaags Nederlands:

Na ruim een week incognito in de stad te hebben verbleven, zijn de Engelse ambassadeurs vanmiddag om 12 uur eindelijk vanuit het Speelhuis, waar ze vanmorgen heen zijn gegaan, officieel de stad binnengekomen.
Enkele ruiters haalden het gezelschap op en bij de tweede brug werden zij verwelkomd door de heer Hauterive.
Zij verlieten de koets voor een korte begroeting, waarna de heer Hollis zei: ‘Er is geen tijd om hier lang te blijven staan.’
Hij verzocht de heer Hauterive ook plaats te nemen in de koets, wat deze deed na de twee ambassadeurs.
Daarna namen ook de andere edelen plaats in de koets.

 

Het was een entree zo voornaam als men zich maar kan voorstellen. Vooraan reden twee heren in livrei op mooie paarden, gevold door acht pages te paard in blauw livrei dat rijkelijk met zilver was afgezet. Zowel hun kleding als rokken waren zo rijk omzoomd, dat moeilijk te zien was waar de stof in het borduursel overging. Toen volgden trompetters……

Lees de rest zelf in dit vermakelijke boek.
De afbeelding van de brief waarvan ik in deze blogpost een stukje opnam
kun je hier vinden.

Piet Mondriaan in het Mondriaanhuis

Toen ik in Amersfoort was heb ik niet alleen van het
veelkleurige telraam voor het Mondriaanhuis een foto gemaakt.
Ik heb ook het Mondriaanhuis zelf bezocht.
Piet Mondriaan is geboren in Amersfoort.
De bekende werken van Mondriaan zie je vooral in Den Haag
maar in Amersfoort slagen ze erin het leven van Mondriaan
meer inhoud te geven.
Daarbij helpen twee schitterende diapresentaties, de tentoonstelling
over zijn leven en de tijdelijke tentoonstellingen.
Toen ik er was hingen er een aantal werken van particulieren
of van verzamelaars.
Ze geven een prachtig beeld van de naturalistische periode (die
toch al stiekem veel abstracte vormen en elementaire kleuren
in zich hebben).
Ik heb me er prima vermaakt.

IMG_0241PietMondriaanBoerderijBijDuivendrechtZwartKtijtOpPapierCa1916

Piet Mondriaan, Boerderij bij Duivendrecht, zwart krijt op papier. Circa 1916. Kijk eens naar die vormen die de takken van de bomen vormen en naar de weerkaatsingen in het water. Dit is prachtig!


IMG_0243PietMondriaanChrysantBloemSchuinNaarRechtsPotloodOpPapier1908-1909

Piet Mondriaan, Chrysant, bloem, schuin naar rechts, potlood op papier, 1908 – 1909.


IMG_0245PietMondriaanChrysanthenumBloemFrontaalGezienHoutskoolOpPapierCa1908

Piet Mondriaan, Chrysanthemum, bloem, frontaal gezien, houtskool op papier, circa 1908.


IMG_0247PietMondriaanRodeAmaryllisMetBlauweAchtergrondAquarelverfOpPapier1909-1910

Deze had ik nog nooit eerder in het echt gezien alleen maar als plaatje. Nou dan maakt het wel even indruk. Vooral die kleuren. Piet Mondriaan, Rode amaryllis met blauwe achtergrond, aquarelverf op papier, 1909 – 1910.


IMG_0249PietMondriaanGoudGestreepteLelieInktEnwaterverfOpPapier1909-1910

Deze ‘Goud gestreepte lelie’ van Piet Mondriaan kwam in eerste instantie als bijna buitenaards over. Inkt en waterverf op papier, 1909 – 1910.


Hella S. Haasse, Krassen op een rots besproken door Hans Warren

Een tijd terug kocht ik een kleine partij boeken van Hella S. Haasse.
Bij de boeken zat een map met krantenknipsels.
Daarvan probeer ik zo af en toe er een op mijn blog te zetten.

DSC_4184HellaHaasseKrassenOpEenRots

Het gaat hier om een recensie van Hans Warren in zijn beroemde reeks ‘Letterkundige kroniek’ van het boek Krassen op een rots.


LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17AuteurHansWarren
LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17 01 Intro
LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17 02 Kolom1
LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17Koptekst
LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17 03 Kolom2
LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17 04 Kolom3
LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17 05 Kolom4
LetterkundigeKroniekHansWarrenProvinciaaleZeeuwseCourant31oktober1970Pagina17 06 Kolom5

De kolommen van de Provinciale Zeeuwse Courant zijn een beetje ‘digitaal schoongemaakt’. Dit artikel verscheen op 31 oktober 1970 en stond op pagina 17.


DSC_4186HellaHaasseKrassenOpEenRotsSomsIsDeAchterkantVanEenKrantenknipselNetZoInteressantAlsDeVoorkant

De advertenties op de achterkant zijn ook leuk om door te nemen.


Zoal eerder heb ik de hele tekst uitgetypt.
Daardoor wordt de hele tekst doorzoekbaar en kun je er
eenvoudig een citaat uithalen.
Er zullen vast typefouten in staan maar ik heb geprobeerd
de spelling van Warren (bladzijs) in het artikel over te nemen.

Over Hans Warren:

Een belangrijke bijdrage aan het literaire leven in Zeeland leverde Warren met zijn ‘Letterkundige Kroniek’.
Vanaf 11 oktober 1951 was hij als criticus verbonden aan de Provinciale Zeeuwse Courant.
Voor zijn kritische arbeid ontving hij in 1970 de Pierre Bayleprijs.
Warren schreef vijftig jaar lang de Letterkundige Kroniek.
Ter gelegenheid daarvan werd het boek de Oost uitgegeven.
Twee dagen na zijn overlijden verscheen de wekelijkse bijdrage voor het laatst in de PZC.

Hella Haasse: ‘Krassen op een rots’

letterkundige kroniek door hans warren

HELLA HAASSE werd in 1918 te Batavia geboren, en ze kwam in 1939 naar Nederland.
Haar hele jeugd ligt dus in Indië, op Java, in een zeer interessant tijdsgewricht, waarvan ze overigens en uiteraard niet zo veel heeft gemerkt.
De overgang van tempo dulu, zoiets als de goeie ouwe tijd, naar de moderne tijd van bewustwording en zelfstandigheid.
Hella Haase leefde in een vrij beschermd en volkomen Europees milieu, haar ouders waren “import”-Nederlanders, zij heeft geen druppel Indisch bloed in de aderen.
Zo lang zij op Java woonde heeft zij, volkomen natuurlijk, heel haar omgeving als vanzelfsprekend aanvaard.

Zij heeft; als kind en als jong meisje, wel dingen opgeschreven, bijvoorbeeld in een dagboek, maar die notities missen ‘coleur locale’.
Zelf zegt zij hierover: ‘In het dagboek, dat ik als dertien-veertienjarige bijhield, vind ik louter verslagen en beschrijvingen van het leven op school, gesprekken en avonturen met vrienden en vriendinnen, van uitstapjes en vakantietochten, kortom van alledaags gebeuren, waarin exotische elementen volstrekt ontbreken, om de eenvoudige reden, dat ik die vanzelfsprekend en dus niet het vermelden waard vond.’
En dan laat zij een paar van die dagboeknotities uit 1932 volgen (waarschijnlijk wat bijgeschaafd, want ze hebben niets leuks-kinderlijks meer).
Vervolgens schrijft ze: ‘Pas toen ik allang in Nederland was, vijftien, twintig jaar later, zou ik de behoefte voelen woorden te zoeken voor de geuren, kleuren en geluiden van de werkelijkheid van mijn jeugd op Java’.
Waarna vele citaten volgen uit ‘Oeroeg’ (haar prozadebuut en mogelijk haar mooiste boekje), ‘Zelfportret al legkaart’ en andere geschriften van haar hand.
Inderdaad, hoewel Hella Haasse, als we rubriceren moeten, in het vak ‘historische romans’ terecht komt en niet bij de ‘Indische belletrie’ is toch menig werk van haar gestempeld door die Indische jeugd.
Hoe kan het anders, zou men denken, en toch.

Wie ongeveer van Hella Haasses generatie is, of iets jonger, en zeker wie ouder is, zou best heimwee naar Indië hebben ook al is hij er nooit geweest.
Herinner u hoe we alles moesten kennen: de blinde kaart van Java met alle steden, vulkanen en rivieren, de eilandengroepen, reeksen exotische prachtige namen die deden dromen.
Later de foto’s, lichtbeelden, films; gamelan- en dansvoorstellingen, het Tropenmuseum, cadeautjes over en weer van familieleden en vrienden daarginds.
Boeken, van en over Indië – kortom, er was een band heel sterk en heel innig, ook al was je er niet geweest, had je er niet rechtstreeks mee te maken.
Je benijdde degenen die land en volk uit eigen aanschouwing kenden: ze waren in het paradijs geweest.
Nogmaals: het was een soort heimwee naar iets vertrouwds dat je toch vreemd was.
Toen kwam de breuk.
Wat moest dit betekenen voor wie hier zijn jeugd had liggen, als Hella Haasse.
Wordt je dan niet verteerd van verlangen naar een weerzien met dat verloren paradijs, al is het dan als toerist, wat vernederend als toekijker, als vreemdeling?

Zoveel hoofden, zoveel zinnen.
We spraken er over met een vriend, die als Hella Haasse, zijn hele jeugd op Java heeft doorgebracht, en die pas na de Japanse nederlaag naar Nederland is gekomen.
Omstandigheden verder vergelijkbaar: volbloed europeaan, beschermd milieu, kunstenaar.
Hij zou onder geen enkele voorwaarde nog eens een reis naar zijn geboorteland willen maken, kan er letterlijk niets mee beginnen.

Hella Haasse is, toen ze de gelegenheid kreeg, wel als toeriste teruggegaan, ze heeft in de zomer van 1969, met haar man een reis over Java en naar Bali gemaakt.
Na dertig jaar.
Maar ze kon er, kennelijk, ook niet erg veel mee beginnen.
We weten niet of ze schrijf-verplichtingen had aangegaan vóór ze die reis ondernam, maar in elk geval moet het een boek worden, en daar zitten we nu mee.
‘Krassen op een rots’.
Het is een allegaartje van journalistieke notities, herinneringen, citaten uit vroeger werk en uit oude dagboeken, bijzonder wijdlopige en vaak zeurderige cultuurhistorische beschouwingen, gelardeerd met de tekst van een lezing en met twee – voortreffelijke, dat moet gezegd worden – oude, niet eerder gepubliceerde novellen van haar hand en met andere fremdkörper, als gedichten van W. S. Rendra, in Maleis en vertaling van Hella Haasse.
Uiteraard zijn er in een boek van tweehonderd bladzij’s enkele pagina’s met aardige of treffende opmerkingen te vinden, maar als geheel krijgt men toch de indruk: Hella Haasse is naar Indië teruggeweest en moest er, hoe dan ook, een boek van maken.
Hoe teleurstellend.
We gaan met haar naar het Diëng-plateau, en denken een goede gids te hebben.
Onderweg een journalistiek verslag, geïllustreerd met niet helemaal bijpassende kleurenfoto’s van Tibet uit de “National Geographic”.
En als we er zijn ‘Er groeit onkruid in de lege nissen, er hangt een stank van urine’. (…) ‘Dit is het hart van het antieke sacrale Java’.
Humor, spot zelfs kent Hella Haasse niet, of nauwelijks.
Alles is bij haar op een damesachtige manier ernstig.
Anders lag hier nog een kans.
Een enkele keer krijgt haar pen vaart, zoals bij de beschrijving van een Balinese tempeldans, weliswaar opgevoerd voor toeristen in technicolor: ‘De prins, gedanst door een kind van een jaar of tien, twaalf, een klein tenger hoekig figuurtje in goud en brokaat, met een gespannen nobel maskertje onder zijn glinsterende hoofdtooi; de hemelnimfen en hun minnaars, in groen en violet, met vergulde waaiers en vonkenspattende trilbloemen in hun haren; en bovenal de Gendarwa’s, demonen, kwelgeesten, wezens op de grens tussen mens en insekt of vogel, potsierlijk schrijdend met spitse vingers en rollende ogen, spiegelgevechten uitvoerend in een warreling van bontgekleurde slippen, franjes en siersprieten – zij allen bleven wenden en keren op het platform tegen een achtergrond van tempelpoort en nachtelijk loof, bewegende juwelen onder de zwartblauwe hemel waarin de melkweg en glinsterend spoor trok'(pag.178).
Van haar cultuurfilosofische digressies zijn voornamelijk die welke handelen over het in wezen nog zo archaïsche bestaan van de Javanen heel interessant.
‘Enerzijds is de Javaanse mens kwetsbaar en overgevoelig, aan de andere kant bezit hij een verbazingwekkend uithoudingsvermogen.
Onuitputtelijk plezier beleeft hij aan zo maar kijken en luisteren naar wat er gebeurt; hij kan zich echter ook innerlijk volkomen afsluiten.
Het besef opgenomen te zijn in een gemeenschap, ergens helemaal bij te horen, houdt hem in leven; is die saamhorigheid verbroken, de harmonie met de omgeving aangetast, dan lijdt hij, sterft hij.
Het is dit mee-ademen, mee-bewegen in een grote collectieve stroom van nog ten dele onbewust, met de natuur verbonden leven, dit inderdaad van uit de moderne beschaving bekeken archaïsche bestaan, dat door Indonesische intellectuelen van nu wordt beschouwd als het struikelblok bij uitstek voor de vooruitgang van hun land, al geven zij tevens in een adem toe, dat er grote, elementaire kracht van uitgaat.
Er is, zeggen zij, geen gezonde hedendaagse economie, geen moderne staat, op te bouwen met mensen die van de ene op de andere dag in de andere, van de hand in de tand leven; die zich het meest ‘senang’, lekker voelen, als alles maar zo’n beetje zijn gewone gang gaat, ook al betekent dat vaak ongemak en ontbering; die eerder het gevoel hebben dat zij lijden door het ongewone, en door veranderingen die inspanning vergen, dan door een minimumbestaan. om de eenvoudige reden dat zij in de meest letterlijke zin van het woord genoegen nemen met zeer weinig, met bijna niets, als een en ander zich maar voltrekt in een vertrouwd, dat wil zeggen voor hen harmonisch kader; die als zij ziek zijn, of pijn of tegenslag hebben, zich – indien alle burenhulp en magie falen – liever terugtrekken om volgens onverbiddelijke natuurwetten dood of ten onder te gaan, dan dat zijzorg of hulp van een onpersoonlijke overheid eisen of verwachten; ja; die zich van het gemis aan dergelijke middelen en mogelijkheden niet eens voldoende rekenschap geven’.

Men merkt overigens zelfs reeds in dit citaat, hoe juist de opmerkingen ook mogen zijn, dat de schrijfster zich weldra in wijdlopigheid verliest en gaat irriteren.
Leuk zijn soms enkele simpel vertelde voorvallen, zoals de ontmoeting met de zelfbewuste dessavrouw in de bus (pag 125), maar dat zijn uitzonderingen, meestal moet men ploegen door deze teksten.

Voortreffelijk zijn daarentegen, zoals gezegd, de twee novellen.
De mooiste is ‘De Lidah Buaja’ (Krokodillentong), die uit 1948, een delicaat, ragfijn verhaal over een Japans echtpaar, als spionnen naar Batavia uitgezonden voor de tweede wereldoorlog.
Het is geheimzinnig, geraffineerd, werkelijk een meesterlijk neergezet in nog geen twintig bladzijs.
Het andere verhaal is uit 1954, het heet ‘Een perkara (Het verhaal van Egbert’, een zeer Indische familiegeschiedenis, iets brokkelig, maar toch wel erg goed verteld.

Al met al is ‘Krassen op een rots’ toch wel een erg hybridisch en teleurstellend boek geworden. Een ‘mengelmoes van teksten’, zoals de schrijfster het zelf noemt, waaruit helaas niet veel méér overkomt dan een indruk van verwarring en breedsprakigheid.

Hella S. Haase: Krassen op een rots, notities bij een reis op Java, Querido, Amsterdam.

HelleSHaasseKrassenOpEenRotsNotitiesBijEenReisOpJaveDerdeDruk1972

Dit is mijn exemplaar van het boek ‘Krassen op een rots’. Dit is een derde druk uit 1972.


Bewaarmap III

IMG_0303KinderKompasBewaarmapIIIHennep

Met dit beeld eindigde de vorige blog post over dit onderwerp. Alle delen van de bewaarmap waren gesneden. De gaten waren aangebracht en het hennepgaren lag gereed om de delen aan elkaar te maken.


Deze week ben ik begonnen Bewaarmap III in elkaar te zetten.
Het aan elkaar binden van de losse delen gaat redelijk.
Ik heb twee problemen:
1. een paar gaten zijn te dicht op de rand gemaakt (gelukkig maar 1 of 2)
2. het hennepgaren laat zich onvoldoende vast knopen. Ook met twee knopen
laat zo’n knoop makkelijk los. Als je dan het restant van het garen hebt weggeknipt
krijg je er geen knoop meer terug in. Dus ik lijm alle knopen vast en ik doe dat
voordat ik het te veel aan garen wegknip.

IMG_0305EersteRandBevestigd

Het ‘knopen’ van de lossen delen aan elkaar gaat prima. Doordat je steeds het garen tussen de losse delen door haalt ontstaat er een ruimte tussen de delen. Dat maakt het flexibel maar dat maakt wel dat de delen niet allemaal precies hetzelfde bij elkaar komen. Werken met 1 deel met twee gaten meer dan het aan te knopen deel 2 werkt goed.


IMG_0306StaandeRandNr2

De tweede opstaande rand is vastgemaakt aan de bodem.


IMG_0307OpstaandeDelenGereedOverslagenVolgenNogBodemBoven

Nu zijn het er vier. De overslagen moeten nog vastgeknoopt worden. Maar dit geeft al wel een beeld (al ligt de bodem hier nog naar boven).


IMG_0308MetNogTweeZijOverslagenTeGaan

Weer een stap verder: de twee kleinere overslagen (aan de onder en bovenkant als je map een portrait oriëntatie heeft) zijn er nog niet aangeknoopt.


IMG_0309NogEenOverslagTeGaanGarenAlOpMaatGeknipt

Op de bodem zie je korte eindjes vastgelijmd zitten. Dat was niet de bedoeling maar de knoopjes waren losgekomen en ik krijg de knoop er niet meer in. Er zijn nog plaatsen waar ik het restant garen moet wegknippen want de knop is vastgelijmd maar was nog niet gedroogd. Er is nog 1 overslag die ik moet vastknopen, die onderaan ligt. Er ligt al een stuk garen gereed. Ik neem steeds 4x de lengte van het te knopen traject. In dit voorbeeld is dit steeds 4×22,5 of 4×16,5 centimeter. Ik pas dat af aan het werk (ik meet dus niet precies het garen).


Na het vastknopen van de laatste overslag moet ik een manier
bedenken om de vier opstaande delen aan elkaar te zetten.
Daarmee vorm je het ‘doos-gedeelte’ van de map.
Het voorbeeld heeft ook nog een sluiting.