Het is al een tijd aan de gang maar na deze publicatie in een landelijke Nederlande krant kun je niet meer zeggen ‘ik wist daar niets van’.
Mooie kademuur bij de Tolbrug
Al een paar dagen was ik niet meer bij de Tolbrug
in Breda geweest en daar werd ik blij verrast door
een kademuur direct naast de brug. Hij heeft ongeveer
dezelfde hoogte als wat de railing van de brug kan worden.
Of misschien heeft men nog meer verrasingen in petto?
De kademuur, rechts, aan de kant van de Haagdijk. Mooi.
Op deze foto kun je wat verder onder de nieuwe brug doorkijken.
De krater
Terwijl ik druk bezig was het vorige bericht te schrijven
over de bekleding van ‘De Krater’ werd ergens anders in
Breda de laatste hand gelegd aan diezelfde bekleding.
Het boekenweekgeschenk van dit jaar ‘De Krater’,
krijgt een boekband met daarop delen van een
stuk textiel dat ik meebracht uit India.
Het gaat de link leggen naar India op de achterkant
door de afbeelding van een olifant.
Op de voorkant gaat het een schematische afbeelding
vormen van een vulkaan, een krater en een lavastroom.
Bij het werk had ik hulp nodif en die heb ik
gelukkig ook gekregen.
Daarom kan ik vandaag het resultaat van de stikwerkzaamheden
laten zien en waarschijnlijk komend weekend de boekband
afronden……
Vooral het stiksel waarmee een kader op het voorplat wordt gemaakt en waarmee een aantal van de losse stukken met elkaar in verband worden gebracht is een goede ingreep. De boekband gaat dat alleen nog maar versterken.
Kijk nooit alleen maar naar de spiegeltjes, de glitters, het blinkende en het mooie. Kijk ook naar de achterkant.
Drukken met de Natuur: Fluitenkruid
Er waren al veel resultaten te zien op mijn blog van de
workshop Natuurdruk bij Grafische Werkolaats RAAF.
Eén serie was aan mijn aandacht ontsnapt is die opsomming.
Vandaag vandaag een kort bericht over die serie.
De serie met Fluitenkruid (Anthriscus sylvestris) ging van donker naar licht met daartussen nog drie blaadjes die niet eerder waren gebruikt maar waarvan een kant met een beetje rode drukinkt was geverfd.
Het is een ideale plant voor deze techniek: karakteristiek en met voldoende stevigheid waardoor het beeld vertrouwd overkomt, terwijl de bloemenkroon echt in elkaar gedrukt wordt en tot bijnaa moes worden. De drukinkt is bewust niet egaal aangebracht.
Welke vind je het mooist, de donkere of de lichte?
Onbegrijpelijke actie
De verleiding was groot om bij deze drie foto’s aan
Copilot te vragen een verhaal te verzinnen,
Maar de onbegrijpelijke actie die afgelopen weekend
op het Kasteelplein begon met het achterlaten
van een oudere auto, is waarschijnlijk alleen
te begrijpen als je of bij de gemeente werkt of
door de gemeente betaald wordt als adviseur.
Een uitnodiging om dieper te kijken
Een foto gemaakt in Breda. Op een stralende zondag, alleen was het onderwerp niet de blinkende façade van de binnenstad maar een spiegeling in een raam. Een uitnodiging om dieper te kijken.
Op het eerste gezicht leek het een gewone weerspiegeling—de muren, daken, schoorstenen en een klein stuk van de lucht. Maar toen Thomas stil bleef staan en zijn ogen liet dwalen over het glas, merkte hij iets op. De vormen in het raam waren meer dan een reflectie, ze waren een puzzel van verleden en heden.
Het café achter de ruit had al jaren gesloten, maar in de spiegeling leek het nog steeds te leven. Binnen zag hij vage contouren van tafels die er misschien nooit hadden gestaan, een lamp die flauw schemerde, alsof de avond pas net begon. Was het een echo van wat ooit was, of een illusie van zijn eigen herinneringen?
Zijn vingers gleden langs het kozijn. Een fragment van een affiche was nog zichtbaar achter het glas—een oude aankondiging van een voorstelling die allang voorbij was. Hij glimlachte. Alles hier, elke reflectie, elk detail, droeg een verhaal. Maar niet voor iedereen. Alleen voor degenen die de tijd namen om te kijken, om te zien wat verborgen lag tussen de lagen van het beeld.
Hij zette een stap achteruit en maakte een foto. Niet van het raam, niet van de straat, maar van het moment waarin het verleden en het heden elkaar kruisten. Een uitnodiging om dieper te kijken.
De foto is van mij.
De eerste allinea ook.
De titel en de overige tekst hebben Copilot en ik uitonderhandeld.
Drukken met de Natuur
Gisteren heb ik een tweede workshop gevolgd bij Grafische Werkplaats RAAF
in Breda. De eerste workshop was op Koningsdag en was een lino workshop.
Die lino resultaten waren eerder te zien op mijn blog.
Gisteren was ik benieuwd naar natuurdruk, want daar had ik nog geen
voorstelling van.
Deze foto zag je gisteren misschien ook al. Het is de inhoud van mijn tas die aan het stuur van mijn fiets hangt. De fiets staat bij het Spanjaardsgat in Breda waar ik nog een paar takken verzamelden.
Gisteren was het ‘Natuurdruk’.
Het is een proces waarbij je met behulp van drukinkt, planten en
een pers afdrukken maakt op vochtig etspapier van de planten.
Het begon op vrijdag op de markt waar ik een gemengde bos bloemen
kocht met een aantal bloemen waarvan ik hoopte dat die het goed
zouden doen (nee, dus).
Op zaterdag selecteerde ik enkele bloemen uit de bos en besloot onderweg
nog wilde grassen en ‘onkruid’ te verzamelen.
De paarse en blauwe bloemen uit het boeket van de markt bleken minder geschikt te zijn. Te veel bloemen bij elkaar levert geen helder individueel bloembeeld op maar een witte vlek. Dat kun je gebruiken om bij een volgende drukgang op die plaats weer andere dingen te doen. Bijvoorbeeld andere kleuren of andere planten interoduceren.
Vervolgens ga je na een welkom en instructie van twee vrijwilligers
van de werkplaats aan de slag.
Uiteindelijk heb ik een vijftal series van afdrukken gemaakt.
Je ‘speelt’ met een aantal variabelen:
– de drukinkt (veel, weinig, egaal aangebracht of juist niet, zonder drukinkt, ….)
– de plant (ieder takje is anders, vers, gedroogd, eenmalig of hergebruik,
stevige stengels en bladeren, zachte bladeren, simpele bloem,
complexe bloem in trossen, …..)
– de compositie
– gebruik de fysieke indrukken in de drukinkt van de eerste drukgang
bij volgende drukgangen tot de afdrukken heel licht worden en
langzaam vervagen, …..
– combineer met andere structuren dan planten (ik heb dat zel niet
uitgeprobeerd dus ik heb er geen voorbeelden van maar bijvoorbeeld kaasdoek,
of wat te denken van touw, zand, andere structuren)
Dit is een voorbeeld van natuurdruk zonder drukinkt. Het relief en de verkleuring zijn het gevolg van de plant, de sappen en restant kleur van vorige serie. De donkere kleur boven het midden zijn plantenresten die tot moes gedrukt zijn. Die kun je nog verwijderen natuurlijk maar op zich geven die ook een interessant beeld. Al zal dat met verloop van tijd verkleuren.
Een beetje opgeschoond. Hetzelfde blad etspapier maar nu in het droogrek.
Hier is bewust gekozen voor het niet egaal ininkten van de plaat. Vervolgens is er een compositie gemaakt met planten.
Dit is dan het resultaat.
In een volgende drukgang een blad toegevoegd dat bij een eerdere reeks rood geworden was. Dat rood komt bij het afdrukken weer duidelijk in beeld.
Je kunt best drie of vier afdrukken maken zonder iets aan de inkt te veranderen.
Nog een begin van een serie met onder andere tijm.
Afdruk en origineel na afdruk.
Nog een takje thijm.
Afdruk en origineel na afdruk. Het grote blauwe blad is nog van een vorige drukgang.
Alle bladresten eraf en dan nog een keer afdrukken. Afdruk en plaat.
Met lino en het werken met gutsen heb je meer techniek nodig
(ontwerpen, snijden, vlakverdeling enz) dan bij natuurdruk.
Daar speelt toeval een grote rol en ook je ambitie om dat toeval
te kunnen beïnvloeden.
Met lino vertel je sneller een verhaal, bij natuurdruk blijf je
achter in verwondering.
Ik heb enkele foto’s gemaakt van het proces en eindresultaat.
Die deel ik hieronder, zodat je zelf kunt zien hoe natuurdruk
tot leven komt.
Dit was het allereerste begin van de workshop. Op de nog blanco plaat leg ik drie bladeren. Zeg maar de compositie. Vervolgens kies ik een kleur en breng die kleur aan op de plaat.
Na de plaat te kleuren plaats ik de bladeren er weer op zoals het plan was. Zo kan er een vel doorweekt etspapier op en kan het in de etspers.
Toen plaat, planten en papier uit de etspers kwamen zag je meteen de groene sappen die door het papier gekomen waren. Nu haal je het papier van de plaat om het resultaat te zien.
Dit is het resultaat. Egaal, vet rood. Sap van de bladen. De bladen haalde ik van de plaat af. Het middelste smalle blad legde ik weer op de plaat maar dan zo dat het een ‘X’ vormt met de eerdere vorm. Met de kant waar het blad in aanraking met de verf is geweest naar boven.
Achter de plaats waar de twee buitenste bladen hadden gezeten zat nog steeds rode verf. Die drukt nu dus de indruk van de bladen af. Dat is ook zo voor het smalle blad maar er is een smal blad ‘bijgekomen’. Resultaat: een ‘X’.
Hier zie je resultaat en plaat na afdruk.
Vervolgens heb ik blaadjes van een tak getrokken en die los op de plaat gelegd. Opnieuw een afdruk gemaakt. Het resultaat zie je rechts.
En nogmaals het resultaat. Je ziet dat de resultaten van eerdere afdrukken in de serie nog steeds te zien zijn al vervagen ze.
Alle planten weggehaald en nog een laatste afdruk.
Drie Boeken, Eén Verhaal: Een Experimentele Boekband
Misschien denk je: “Ik lees niets meer over De Krater,
gebeurt daar helemaal niets meer?
Nou, er gebeurt juist van alles!
Ik ben bezig om de drie Boekenweekgeschenken — De eerlijke vinder,
Gezinsverpakking en De Krater — op zo’n manier in te binden
dat ze echt als een set aanvoelen.
Daarom gebruik ik voor de boekbekleding dezelfde stof en
heeft het voorste schutblad van alle drie
dezelfde papiersoort, gemaakt met dezelfde techniek
Voor De Krater had ik helaas te weinig stof.
Daarom combineer ik nu een theedoek
(die op een paar plekken is verkleurd door chloor) met stukjes stof.
Alleen mijn kennis en kunde van een naaimachine is niet bestaand
en dus vroeg ik iemand me te helpen. Een uitdagend verzoek.
De status:
- Eerst hebben we verschillende steken en hun groottes uitgeprobeerd
en besproken. - Daarna zijn de stukjes textiel op de theedoek vastgeregen — dat heb
ik dus niet zelf gedaan. - Het eerste grote stuk is inmiddels vastgezet: een blockprint met
een olifant, die een knipoog geeft naar India. - De olifant wordt straks de achterzijde van het boekje.
Hier zie je alle onderdelen aan de theedoek geregen.
Je snapt dat ik enthousiat ben en er naar uit kijk om het straks af te maken.
Grafische Werkplaats RAAF: natuurdruk
Soep van de week: aspergesoep
Het is een kleine wereld
Geen spijkers gevonden
Denken over oorlog en vrede: breng harmonie in chaos
In Nederland staan we aan het begin van het Mahler festival.
Een festival in het Concertgebouw in Amsterdam met optredens
van grote orkesten, dirigenten en zangers waar ik tijdens
de corona tijd al een keer van heb kunnen genieten.
Bij wijze van voorpret ben ik al naar de symfonieën
gaan luisteren vandaag.
Toeval bestaat niet.
Net voordat ik dit bericht ging schrijven, luisterde ik
naar de eerste symfonie van Mahler.
Die heeft als bijnaam ‘Titan’ en eerder deze week bekroop
me het gevoel dat de spitselband wel eens een titaans karwei
zou kunnen worden.
Maar dat is overdreven (hoop ik).
De onderwerpen in mijn vorige bericht waren nog niet afgerond
en elk op zich kunnen ze je het gevoel geven dat het allemaal
erg complex is.
Het zijn zeker veel stappen, maar de meesten zijn goed te doen,
zeker als je tijd besteed aan een voorbereiding.
In mijn voorbereiding ben ik in de lijst met 6 onderwerpen
blijven steken bij onderwerp 4.
Welke onderwerpen uit het artikel van Karin Cox in het
magazine van de Stichting Handboekbinden staan nog open?
4 – sla de rug rond;
5 – extra stroken perkament en shirting voor de rug;
6 – het Duits kapitaal.
Terwijl ik zo bezig was op internet en in de boeken over boekbinden
die ik heb, kwam ik gelukkig ook wat geruststellende
informatie tegen. Want de spitselband is een avontuur met
veel stappen. Dat kan afschrikken.
4 – sla de rug rond
Het wordt al eenvoudiger, als je weet waar je het voor doet.
Althans zo werkt dat bij mij. Ik heb eerder ook ervaren
dat als je een boek bind je een verdikking krijgt in
de rug van het boekblok. Dat is het resultaat van de draad
die je gebruikt bij het binden.
Die verdikking (‘swell’ in het Engels, van opzwellen) zorgt
ervoor dat je boekblok aan de rugzijde breder is dan
de voorkant van het boek.
Het gevolg is dan dat de boekband niet zo mooi aansluit
op je boek. Overdreven krijg je dan dit beeld:
Dat is niet mooi maar het maakt het boek natuurlijk ook
niet steviger. Door de rug rond te zetten hef je het hoogteverschil
in het boekblok op en zal het resultaat steviger zijn.
Bovendien is dat wel mooi zo’n ronde voorzijde van het boekblok,
al is dat natuurlijk smaak.
Van DAS bookbinding zag ik een mooie video genaamd
‘Rounding and backing’. Met die kennis in het achterhoofd
durf ik het wel aan mijn boekblok rond te gaan zetten.
5 – extra stroken perkament en shirting voor de rug
De extra stroken perkament en textiel ‘vallen ‘ nu ook op
hun plaats. Die ronde rug kan straks wel wat steun gebruiken
om ook mooi rond te blijven. Zeker als je weet hoe
straks de perkamenten bekleding om het boek gaat.
Bij de spitselband moet de rug veel van de stevigheid
van het boek gaan brengen.
6 – het Duits kapitaal
Dat klinkt ingewikkeld, maar je kunt het ook overslaan.
Of bekijk een video waarin de aanpak wordt uitgelegd.
Zelf keek ik naar een video van weer DAS bookbinding.
De man legt heel goed en rustig uit hoe hij te werk
gaat en laat dat zien. De video is Engelstalig.
Het gaat om een kapitaalband met twee kleuren.
Eerder maakte ik zelf zo iets. Voor een eerste poging
viel het mij niet tegen.
Ik weet het, kan beter en dat ga ik bij het volgende boek dan ook doen 🙂
Intussen heb ik wel besloten om voor het boekblok eerst
een dummy te maken. Vooral om oude kennis en vaardigheden
weer even wakker te schudden.
Het perkament dat ik heb is voldoende voor 1 boek,
niet voor twee. Maar de stappen tot en met onderwerp 5 of 6
in dit bericht dat gaat wel lukken.
Pizza!
Spijkers op laag water zoeken?
Van kettingsteek tot Duits kapitaal
Een beetje te optimistisch dacht ik dat ik de laatste
krenten uit het eerste artikel van Karin Cox kon gaan
verzamelen.
Helaas er staan daar nog een aantal onderwerpen die
extra aandacht nodig hebben.
Of ik alle onderwerpen in één bericht kan behandelen,
weet ik niet. Maar ik heb nu in ieder geval een
compleet overzicht voor artikel 1:
1 – kettingsteek;
Ik heb het hele artikel nog eens gelezen en heb tot nu toe
niet stilgestaan bij het begrip ‘kettingsteek’ en dat is wel
nodig want ik gebruik die zelf bijna niet.
2 – samenhang van achtersteeksel/lange binding;
3 – het naaien;
Het naaien is een centrale handeling van de boekbinder.
Hier gaat het specifiek om rondslag, kettingsteek en de
mysterieuze instructie:
‘Steek aan de staart door het eerste naaigat naar binnen’.
Dat vraagt om verduidelijking.
Mevr. Cox verwijst daar als teaser nog naar twee termen, ‘alternerend
naaien’ bij dikke boeken en ‘wisselnaaien’ of ‘half uit naaien’
bij dunne, waar ik nog eens wat onderzoek naar moet doen.
4 – sla de rug rond;
Omdat ik hier geen ervaring mee heb, verdient dit extra aandacht.
5 – extra stroken perkament en shirting voor de rug;
6 – het Duits kapitaal.
Het kapitaal, dat meestal kleurige strookje dat je aan de kant van
de rug ziet, aan de boven- en onderkant van een boekblok, een
beetje tussen het boekblok en de boekband in, dat kapitaal kun je
overslaan. Maar het geeft wel iets extra’s aan een boek.
Laat ik het lijstje van boven naar beneden doorlopen.
1 – Kettingsteek
‘Kneep en binding’ helpt weer. Er bestaan meerdere uitvoeringen van
de kettingsteek maar degene die hier nodig is heet in het naslagwerk
‘de doorlopende kettingsteek’.
Het is het eenvoudigst voor mij om de definitie maar even over te nemen:
“korte steek waarbij het garen tussen uit- en intreden (in hetzelfde of
in een ander katern) onder het op die naaipositie aanwezige garen
van een eerdere naaitoer doorgaat (een lus maakt)”
‘Kneep en binding’ geeft sluitende definities, dat wil zeggen dat de
definities alle situaties moeten ondersteunen. Dan krijg je soms een
ingewikkelde zin voor iets dat eigenlijk heel vanzelfsprekend is.
In de definitie mis ik een beetje het doel van de kettingsteek:
daar waar andere steken vooral de losse vellen papier van één katern
bij elkaar gaan houden, gaat de kettingsteek een verbinding leggen
met een voorgaand en volgend katern.
Pagina 38 is de eerste plaats waar je de kettingsteek vindt, onder 32.7.
De overige 10 plaatsen in tekst en index voegen voor nu weinig toe.
Wil je de kettingsteek (chain stitch) in actie zien?
Online zijn verschillende video’s beschikbaar die deze techniek illustreren.
Je zult verschillende varianten vinden,
bijvoorbeeld als onderdeel van borduurtechnieken en op sites
voor creatief boekbinden. Die zaken zijn gerelateerd maar net niet
precies wat hier nodig is. Op de website van iBookbinding vond
ik wel een video die een goed beeld geeft:
Bookbinding Tutorial Part 2B geeft een goed beeld.
2 – Samenhang van achtersteeksel/lange binding
Het lijkt niet meer en minder te zijn dan een extra versteviging
tussen de binding en het boekblok. Het begrip komt niet voor
in ‘Kneep en binding’. Eventuele overtollige stukjes van het
achtersteeksel worden later weggesneden. Dus het bedekt de breedte
van het boekblok maar niet meer of minder.
3 – Het naaien.
‘Steek aan de staart door het eerste naaigat naar binnen’.
Het eerste naaigat bevindt zich aan de boven- of onderkant
van het boek, afhankelijk van waar je normaal begint.
Het naaien kan immers in beide richtingen gebeuren.
Het is het gat dat op de plaats zit waar de kettingsteek gaat komen.
De enige reden die ik kan bedenken om daar te beginnen is dat je er
zo voor zorgt dat er een uiteinde van het garen aan de buitenkant
van het boekblok blijft. Met dat uiteinde ga je de eerste twee
katernen die je gaat binden, aan elkaar maken.
‘Alternerend naaien’ en ‘wisselnaaien’ zijn beide methodes
die gedeeltes van de techniek overslaan of zelfs verdelen
over twee katernen. In beide gevallen zal de naaidraad
minder verdikking in de rug veroorzaken.
De eerste 3 van de 6 onderwerpen zijn in dit bericht aan de orde
geweest.
De volgende drie volgen later en dan heb ik deze onderwerpen nog
niet vergeleken met wat Peter Goddijn er over zegt.
Tot binnenkort.
De Krater: stiksels
Even de draad weer oppakken….
Deze foto geeft een beeld van waar ik gebleven was:
de boekbekleding is uitgedacht, geknipt, opgespeld maar
nu moeten de groene block-print delen nog vastgezet
worden op de overwegend zwarte theedoek.
Aspecten als kleur, vorm en dikte van het stiksel komen daar nog
bij kijken. Dat stikken kan ik zelf niet.
Dus daar heb ik hulp bij gevraagd en vandaag ontving
ik een paar foto’s van uitprobeersls.
Wat hieronder volgt is mijn eerste reactie.
Ik denk dat ik later deze week nog eens ga kijken om de resultaten
zelf te kunnen zien en om verder af te stemmen.
De lichte kleur schijnt minder goed te werken. Wel zie ik hier hoe de steken zich kunnen gedragen als ze de opliggende stof en de ondergrond overlappen of enkel over de bovenliggende stof worden toegepast. Wat hoge en minder hoge en/of breedte doet.
De meer opvallende steken (‘T’ en ‘omgevallen T’) trekken in eerste instantie mijn aandacht. De kleuren zijn op de zwarte achtergrond best moeilijk.
De steken net boven het midden, die trekken mijn aandacht.
Dit is het originele formaat van de foto’s die ik dan draai zodat de langste zijde ook de meeste ruimte blijft krijgen op mijn blog. Het is moeilijk kiezen. Maar het heeft me een idee gegeven. Eens kijken komende week of we daarmee verder komen.
Dodenherdenking
Soep van de week
De charme van het onopgemerkte
Eigenlijk moet ik me schamen.
Gelukkig doe ik dat niet zo snel.
Vorige week kocht ik, als reactie op de email van de Statenhofpers,
het 18e deel uit de Saldencahiers. Een beetje automatisch.
Ik kende de schrijver niet maar dat is een van de charmes van de reeks:
je ontdekt onbekende en bekende namen door mooi verzorgd drukwerk.
De boeken zijn steeds ruim 40 pagina’s dus als het een keer
niet jouw smaak is, heb je het ook weer zo gelezen.
Hans R. Vlek, Vereenzaamd astronaut. Het verscheen bij de Statenhofpers als nummer 18 in de Saldencahiers.
Nu kwam deze week het boekje en ik begon het te lezen.
Eerlijk gezegd: Hans R. Vlek, er ging geen belletje rinkelen.
De inleiding van Arjan Peters is prima maar ik werd niet
echt enthousiast.
Ik las de kleine 30 gedichten en dacht:
dit boek gaat de kast in..
Opvallend was hoe strak de stofomslag zat — anders
sluiten ze altijd perfect.
De delen van de Saldencahiers krijgen ieder een stofomslag in
een eigen kleur, bedrukt met tekst gezet in een letter
ontworpen door Helmut Salden.
Ik vind dat een hele mooie letter die er altijd weer
gelijk uitspringt.
Het boekje zelf bestaat uit 1 katern van dundrukpapier
en heeft een iets stevigere kartonnen kaft.
De omslag slaat aan de voorsnede om het voor- en achterplat.
Voor het boek in de boekenkast een plaats vindt, wil ik het
nog even op de foto zetten.
Ik keek nog eens beter naar de titel, wat staat daar nou.
In de mail had ik gelezen dat er omslagen gemaakt waren met
een spelfout. Speciaal voor de boekpresentatie.
Maar mijn exemplaar kwam gewoon met de post.
Vereenzaamd astronaut – Vereenzaamd austronaut.
Het is duidelijk, ik had te weinig aandacht besteed aan
de omslag.
Mijn exemplaar bleek twee omslagen te hebben:
één met en één zonder de spelfout.
Wat een verrassing!
Dit maakt het boek ineens extra bijzonder.
Ook op de web site van de Statenhofpers staat een aankondiging van de verrassing:
NB: Het afgebeelde omslag is van een speciale editie voorzien van een spelfout. Dit omslag werd vervaardigd voor de aanwezigen bij de presentatie van het boekje op 25 april in Boekhandel Adr. Heinen te Den Bosch. Via de site bestelde exemplaren zijn voorzien van een omslag zonder deze fout.
En als een soort boetedoening:
Zet je verlangen op datgene wat je niet hoopt
want uit oorspronkelijke hopeloosheid ben
je tot hier gekomen.
Hans R. Vlek, pagina 42.



























































