Toen we vorig jaar in Mumbai waren
was er in de meseumwijk een kunstmarkt.
Indiase kunstenaars verkochten er hun werk.
We hebben van een van de schilders wat werk gefotografeerd.
Deze foto’s heb ik niet gemaakt.




Toen we vorig jaar in Mumbai waren
was er in de meseumwijk een kunstmarkt.
Indiase kunstenaars verkochten er hun werk.
We hebben van een van de schilders wat werk gefotografeerd.
Deze foto’s heb ik niet gemaakt.





Vrijdag 15 december

Parkeerplaats voor tweewielers.
We laten ons naar het ‘Old Palace’ rijden.
Aan het oude paleis is op zich niet zo veel te zien
maar het ligt naast de Mahal Laksmi-tempel.

Old Palace, Kolhapur, sporen uit een ver en groots verleden.

Waterspuwer.

Kolhapur, Mahal Laksmi-tempel.
In de straten daarom heen, overal marktkramen
met kant-en-klare offerpakketten
in verschillende prijsklassen voor de pelgrims.
Het is er druk.
Al is dat op zichzelf een opmerking
zonder veel waarde in India (het is er bijna altijd, overal, druk).

Tempelingang.


Vooral deze pilaren roepen vragen bij me op. Die heb ik in India niet eerder gezien.
We hebben vooral veel gewandeld.
We hebben de tempel bezocht maar mochten er als toerist
geen foto’s maken.
Er is in de jaren veel veranderd of misschien
hebben we te maken met lokale verschillen.
In eerdere jaren was naast het dragen van schoenen
ook het dragen van bijvoorbeeld een leren riem een probleem.
Nu nergens.
Nergens mag je eigenlijk nog met een rugzak naar binnen.
Dat is voor een westerse toerist knap lastig.
Er zijn natuurlijk altijd mensen die op je tas willen passen
maar hoe betrouwbaar zijn die?



Offersierraden? Of voor de huistempel? Of gewoon voor jezelf?

Prachtige bloemen om als offer te gebruiken.

De offerandes staan klaar in alle maten en soorten.
Ook hier vrouwen in burqa maar veel minder
dan in Hyderabad.

De politie was er actief met het verwijderen van bromfietsen /scooters die verkeerd geparkeerd stonden.

Overal is de voormalige koninklijke familie te zien.

Het stadhuis van Kolhapur. Ik neem aan het voormalige stadhuis. Maar ambtelijke activiteiten vinden er nog steeds plaats. Als wij er zijn is het gebouw dicht vanwege de middagpauze.

De vijver met reiger (?).

Dan plotseling een stukje koloniale geschiedenis die wat serieuzer is dan de bouwstijl van het stadhuis.

From this town 409 men went to the Great War 1914 – 1919. Of these some gave up their lives. Vanuit deze stad gingen 409 mannen naar de slagvelden van de Grote Oorlog (WOI). 1914 – 1919. Van hen verloren sommige hun leven.
In de middag kwamen we uitgelopen bij een park met een gebouw erin.
Het is het stadhuis (Townhall).
Een wat klein gebouw uit de Engelse tijd, voor een stad
met ruim 500.000 inwoners.

De toppen van de bomen waar we onder zaten in het park.
De toppen van de bomen in het park hangen vol
met grote vleermuizen die continue krijsen.

Vleerhonden of Vliegende honden.

Het was buiten het krijsen van de dieren, heerlijk zitten daar onder die bomen. Het duurde dan ook even voor we doorhadden wat de veroorzakers waren van het geluid.

Kolhapur centrum.

De tweede tentoonstelling die ik afgelopen zaterdag
in Brussel in het Bozar bezocht heeft als titel Indomania.
Het wil een beeld geven van hoe het westen aangekeken heeft
tegen India, met alle wilde ideeen en misinterpretaties.
De tentoonstelling laat ook zien op welke manier
onze westerse kunst en cultuur beinvloed zijn door India.
Dat gaat dan van Rembrandt, via The Beatles tot bijvoorbeeld Rauschenberg.
Heel interessant.
De tentoonstelling en catalogus zijn gemaakt door onder andere
Deepak Ananth en Dirk Vermaelen.

Een India-verslaafde maakt je met alles uit of over India blij. Zo ook met deze tas.

Catalogus Indomania door Deepak Ananth en Dirk Vermaelen. Op de omslag ‘John Wombwell in Indiaas kostuum met een hookah (waterpijp)’, Lucknow, Uttar Pradesh, Circa 1790, gouache gehoogd met goud.


Hoort eigenlijk niet hier. Uit de folder over de twee tentoonstellingen ‘India belichaamd’en ‘Indomania’. Folio ‘Rhino Hunting’ (Neushoornjacht) uit de Baburnama, National Museum, Delhi, 1598, gouache op papier.

In het kader van Europalia is er een fantastische tentoonstelling
Indiaase kunst in Brussel. De titel van de tentoonstelling is
‘India belichaamd’ of ‘The body in Indian art’ (het lichaam in de Indiase kunst).

Afgelopen zaterdag was dat mijn belangrijkste doel in Brussel.
De thema’s die behandeld werden in de tentoonstelling zijn allemaal
terug te voeren op de titel.
Een curator uit India (Naman P. Ahuja) is de drijvende kracht
achter de geweldige tentoonstelling en bijbehorende catalogus.
Hier geen oppervlakkig overzicht van de kunst in India maar
uitgebreide essays over de verschillende thema’s en veel,
heel veel afbeeldingen van voorwerpen.
Er zullen nog maanden overheen gaan voor ik dit gelezen heb.
Een prachtig naslagwerk.

Naman P. Ahuja, India belichaamd (catalogus).
Voor mij is het onvoorstelbaar dat deze tentoonstelling /
deze kunstmanifestatie (want dans, muziek, tentoonstellingen, literatuur, enz),
zo weinig aandacht krijgt in Nederland.
De tentoonstelling is nog te zien in Bozar tot 5 januari 2014.
Snel gaan dus.

Ik weet het, er staat ook een hoop onzin op mijn blog.
Maar dit maal gaat het niet zo zeer om mijn verhaal of om de foto,
maar wel om het feit dat ik verwacht dit jaar nog mijn 4000-ste blog
te publiceren op http://www.argusvlinder.wordpress.com.
Dit is nummer 3990.

Nee het is geen moderne kerstversiering. Het is een kunstig, aan twee lampjes, opgehangen souvenir uit Rajasthan, India.


Vrijdag 14 december
Mijn vaders verjaardag (de middag).
In de middag wilde we naar het Old Palace (oude paleis, Bhavani Mandap)
omdat de foto in de lift van het hotel
er uit zag alsof het midden in de stad lag.

Ook nu nog staat de maharadja in de schaduw.
De chauffeur weet in deze stad ook de weg niet
en moet vaak stoppen om de weg te vragen.
Terwijl hij dat doet rijden we steeds verder de stad uit.
Uiteindelijk rijden we een tuin in en moeten we tickets kopen.
In Kolhapur is bijna alles in het Hindi of Marathi geschreven.
De chauffeur was er van overtuigd dat dit het Old Palace was.
Dus pas toen we bij het paleis aankwamen zag ik
dat dit niet het Old Palace was,
maar het New Palace (nieuw paleis).
Een andere foto in de lift.
We hadden al een kaartje gekocht dus zijn gaan kijken.
Het was/is een bizar paleis (Shahaji Chhatrapati Museum).
De maharadja’s in dit deel van India waren buitensporig rijk.
Zalen vol met meubilair, vol jachttrofeeën,
schilderijen, oude foto’s.
De meubels op maat gemaakt.
Koningin Elizabeth en prins Philip met de maharadja in 1962,
tafels met hertengeweien als poten of zebra-enkels of ……
Opgezette tijgers, 10 grote en kleine in 1 vitrine.,
zalen met wapens en dan de Durbar-zaal.
Een enorme ontvangsthal.
De derde generatie schijnt nog steeds in het achterstuk van het paleis te wonen
en daarom is nog maar een deel toegankelijk en mogen er
geen foto’s gemaakt worden (wat de toeristen uit India toch doen met hun telefoon).
Er zijn op deze dag veel bezoekers op de been.

Kolhapur, New Palace en Shahaji Chhatrapati Museum.

De officiele ingang.



Helaas geen foto’s en geen catalogus van de verzameling die hier te zien was.


Deels nog bewoond.


Wikipedia:
Een durbar is in het zuiden van Azië een formele bijeenkomst van het hof van een monarch of een groep machthebbers.
Oorspronkelijk is de term afkomstig uit Perzië, waar de hofhouding van de sjah de durbar genoemd werd. Later werd de durbar een sterk ceremoniële bijeenkomst, bedoeld om de macht van de heerser te bevestigen. Meestal gebeurde dit bij een troonsbestijging. Tijdens de durbar kwamen alle vazallen van de heerser hem trouw betuigen en geschenken brengen. In de 16e eeuw brachten de Mogols het gebruik naar India, waar het al snel door andere prinsen en potentaten gekopieerd werd.
De Britten kopieerden het gebruik ook. Zij hielden drie maal in Delhi een gigantische durbar bij de kroning van een Britse keizer, hoewel de keizer in kwestie alleen in 1911 persoonlijk aanwezig was (het betrof George V).

Handel in India. Veel juweliers.
Aan het eind van de middag gaan we toch nog even naar
het Old Palace. Inderdaad in het centrum van de stad.
Vlakbij is de grote Hindoe-tempel (Mahalaxmi Temple)
die ook druk bezocht wordt.

Old Palace. Deels in gebruik als school.

Kolhapur, Old Palace.

Zoals bij alle tempels, veel souvenirverkopers.

Een van de dingen die men er verkocht waren zeven die je kunt gebruiken om met gekleurd zand, snel figuren te maken om voor je deur bijvoorbeeld versieringen aan te brengen. Hier 2-maal Ganesha gemaakt met zo’n vorm.
In India kun je natuurlijk een heleboel leuke en mooie souvenirs kopen.
Voor ons is dat niet een doel van de vakantie maar loop je ergens tegen aan
dan besteden we er wat tijd aan en kopen we iets.
Er stonden mensen op de Pushkar fair
die je naam op een rijstkorrel konden schrijven.
In plaats van mijn eigen naam wilde ik
de naam van mijn weblog op die korrel hebben.

De souvenir.
Maar kijk eens goed naar de rijstkorrel, daar in die koker, in het vocht.

Door een klein foutje.
Ik had de naam ARGUSVLINDER op een stukje papier geschreven,
maar de maker van het souvenier vergat 1 letter.
Het resultaat is heel filosofisch.

De ARGUSVINDER!


Inmiddels bijna 1 jaar geleden.
We werden verrast toen we opstonden.
In Kolhapur was het koud en mistig!
Daar hadden we niet echt op gerekend maar de winter
van 2012 – 2013 zou een stuk noordelijker dan waar wij toen waren
veel slachtoffers opeisen.
We hadden niet in detail uitgezocht wat we in Panhala fort zouden vinden.
De chauffeur was er in ieder geval nog nooit geweest.
Vrijdag 14 december
Mijn vader’s verjaardag.
We gaan naar Panhala fort.
Het is niet alleen een fort maar ook een hill station.
een hill station is een plaats in India, vaak op een heuvel of berg,
waar het ook in de zomer aangenaam van temperatuur blijft.
Maar in tegenstelling tot eerdere bezoeken aan hill stations
schijnt hier nu de zon (terwijl het in Kolhapur mistig en fris was).
Panhala Fort blijkt een fort te zijn geweest
waarbij een hele heuveltop ommuurd is.
Het fort is in vergelijking met andere forten in India
bijna helemaal verdwenen.
Nu zijn er een paar hotels.
Het is een hill station.
Binnen de muren is een heel dorp dat leeft van het toerisme.
Indiaas toerisme.
We zijn op 2 plaatsen geweest:
= we hebben een klein stuk muur met een poort bezocht.
De poort geeft toegang tot een soort romantische botanische tuin
met tropische bomen en een uitkijkpunt.
= daarnaast een veel groter stuk muur met een soort poortgebouw
en watervoorraad. Volgens Wikipedia heet dit Andhar Bavadi
(Hidden Well of Verborgen Bron.) en de poort heet Teen Darwaza.
De poort is gebouwd in 1534.
Daar is het uitzicht prachtig.

Het poortgebouw dat toegang geeft tot de botanische tuin.

Een maquette van het fort (?).

Beeld van Baji Prabhu Deshpande. Deze man was in de eerste helft van de 17e eeuw, een held die in een grote slag zijn leven opofferde om de koning te kunnen laten ontsnappen. Daarmee is hij een van de grondleggers van het Maratha rijk in India.

Een uitzicht vanaf het fort.

Het motief van een pauw op een van de poorten.

In het poortgebouw.



Teen Darwaza (detail).

Teen Darwaza (detail).

Andhar Bavadi.

De buitenkant van het fort.



Poort met twee leeuwen. Ze zijn nog maar moeilijk te zien.

Restant van de leeuwen.


Andhar Bavadi.


Pushkar.

Pushkar Sarovar (meer) in de avond.

Pushkar, Sikhtempel in de verte.

Pushkar Camel Fair.

Pushkar Camel Fair.

Pushkar Camel Fair.

Pushkar Fair, stadion, dansgroep in voorbereiding.

Pushkar, dans- en muziekgroep in het stadion.

Pushkar Camel Fair: Zie ik er niet geweldig uit?

Pushkar Fair, horse whisperer.

Stoffig Pushkar.

Pushkar Fair, de laatste training in het stadion.

Pushkar Fair, spirituele wandeling.

Meer van Pushkar.

Pushkar snorwedstrijd: Dit is slechts de linkerhelft.

Pushkar.

Jhalrapatan tempelmuzikant.

Jhalrapatan tempelrelief.

Jhalrapatan tempeloffers.

Jhalrapatan Fair.

Jhalrapatan Fair.

Jhalrapatan zonnetempel.

Jhalrapatan zonnetempel.

Paleis van Bundi, schildering.

Jaipur, paleis en fort.

Jaipur, toeristische markt.

New Delhi, National Museum, Indus cultuur, persoon in yoga-houding.

New Delhi, graf van Hanuman.
De vlucht naar India ging niet zonder problemen.
We zaten al in het vliegtuig.
Het was gereed om op te stijgen,
toen bleek dat er een probleem was dat men moets onderzoeken.
Een kleine drie uur later was het opgelost.
Het probleem was best serieus.
Er was een lek in het hydraulisch systeem van de remmen.
Drie uur langer moeten zitten in een vliegtuig,
stilstaand aan de gate.
Op een vlucht van ongeveer zeven uur.
Geen pretje.
Gevolg was dat ons eerste ‘nachtje’ in New Delhi wel erg kort werd
(slechts 2 uur slapen).
Dus de stoute schoenen aangetrokken en kijken of je een aanspraak
op compensatie kunt maken.
Het antwoord kwam snel:

2 uur en 24 minuten is dus te kort.
De belangrijkste redenen voor mensen uit het Westen
om niet naar India op vakantie te gaan zijn waarschijnlijk:
= de kans die je hebt om malaria op te lopen;
= de kans die je hebt last te krijgen van het eten.
De werkelijkheid is dat:
= we inmiddels allemaal palludrine, malarone en lariam kennen.
Bij goed gebruik redelijk effectief tegen malaria.
= eten in India is lekker. Ben je bang voor ziektes
eet dan vegetarisch. De kans op ziektes is dan veel kleiner.
Op sommige plaatsen in India kun je niet anders eten.
Dat geldt bijvoorbeeld voor de staat Gujarat en voor de plaats Pushkar.
In Pushkar waren we de afgelopen weken en ik voorspel
dat het grootste probleem voor toeristen,
de luchtkwaliteit of het ontbreken hiervan gaat worden.
Twee voorbeelden:
Voorbeeld 1.

De kamelen op de Pushkar Fair. Op de voorgrond zijn ze nog goed te zien maar verder naar achter wordt het steeds mistiger. Oorzaken: de vele mensen en dieren die in de woestijnomgeving op pad zijn en de fossiele brandstoffen die gebruikt worden voor vuurtjes om het eten op te bereiden en om zich warm te houden.
Voorbeeld 2.

New Delhi, zicht op India Gate. Nou ja, zicht? India Gate is nauwelijks te herkennen. Aan de oorzaken dient men hier het verkeer toe te voegen.
Nog iedere dag ervaren we het in de wereldpolitiek.
De relatie tussen India en Pakistan is altijd gespannen.
Dat was die relatie al voordat beide staten bestonden.
De Engelse schrijver Patrick French heeft zijn naam niet mee
maar dit boek over de ontstaansgeschiedenis van de twee landen
en de rol van de hindoe-, moslim- en sikh-politici is verhelderend.
Dat Engeland eigenlijk buitenspel stond
vanwege een monetaire crisis in eigen land
was voor mij een verrassing.

Helaas heb ik het boek niet op tijd uit.
Terwijl wij in India waren, overleed de Indiaase sitar speler
Ravi Shankar in een ziekenhuis in de Verenigde Staten.
Hij onderging er een hartoperatie.
Wij kenner Shankar vooral van The concert for Bangladesh.
De moeder van alle moderne benefietconcerten.
Grote namen traden op in Madison Square Garden in New York City.
Naast Ravi Shankar waren dat bijvoorbeeld George Harrison,
Billy Preston, Ali Akbar Khan, Eric Clapton en Bob Dylan.
In de Indiaase kranten werd veel aandacht aan hem besteed.
Onder andere omdat kort na zijn door werd aangekondigd
dat Ravi Shankar postuum,
een Lifetime achievement Grammy award zou ontvangen.



Ravi Shankar met George Harrison.

Een overzicht van de verschillende raga’s/raga stijlen die Ravi Shankar gecomponererd heeft of in welke traditie hij werkte.

Ravi Shankar met Yehudi Menuhin.

Ravi Shankar en Zubin Mehta.


Donderdag 13 december
Op zich niet zo’n verre reis vandaag
maar hij duurde toch erg lang.
Onderweg hebben we twee ongelukken gezien
en de chauffeur had een probleem met het betalen
van zijn belasting.
Hij kon bij de overschrijding van de staatsgrens
het belastingkantoor niet vinden.
Dat betekende een stuk terug rijden.
Het eerste ongeluk was al vroeg op de dag.
Twee, in tegenovergestelde richting rijdende voertuigen,
raakten elkaar.
Waarschijnlijk in een bocht.
De riksja is van de weg geraakt, als we er bij uit gereden komen.
De bestuurder ligt op straat met een groep omstanders om hem heen.

Het tweede ongeluk is een langer verhaal.
Als onze chauffeur ons van staat naar staat brengt moet hij
een vergunning hebben en belasting betalen.
De ambtenaren en hun wereld zijn in India nog ondoorgrondelijk.
Er is een apart kantoor voor de vergunning (permit)
en weer een ander kantoor voor de belasting.
Die staan soms kilometers uit elkaar.

Vandaag regelde de chauffeur eerst de vergunning.
15 Kilometer verderop kon hij de belasting betalen.
Daar aangekomen bleek dat de chauffeur bij post 2
niet kon betalen voor Maharashtra.
We moesten terug.

De weg die volgen was vol met agrarisch verkeer
(naast de trucks, jeeps, riksja’s, motoren, voetgangers en fietsen).
Tractoren en karren, metershoog gevuld met gewassen
en de ossen ervoor.

Die ossenwagens worden getrokken door 2 ossen.
De wagen is gevuld met rietsuikerstengels.
Daar bovenop staat vaak een man die de ossen ment.
Achterop zitten de vrouw en haar kind.
Het zijn dagloners die met hun ossen en hun wagen
van karwei naar karwei trekken in in tenten slapen
die ze bij zich hebben.

Zo’n ossenkar was van de weg geraakt.
Een os lag er als dood op straat.
De vrouw in tranen.
Toen we later langs dezelfde weg weer terug kwamen
was er niets meer te zien.

De superluxe supermarkt tegenover ons hotel (rechts op bovenstaande foto).
De chauffeur heeft ’s avonds nog eens 35 kilometer gereden
om de belasting te gaan betalen (en weer 35 kilometer terug).
De chauffeur was zelf in de afgelopen drie jaar
pas 1 keer eerder in Kolhapur geweest.
![]()
Barbara Takenaga, Blue splash, 2013, acrylic on linen.

Bosco Sodi, Untitled, 2012, mixed media on canvas.

Bronze figure of Parvati, South India, Chola period, circa 1100.

Frans Hals, The smoker (De roker), circa 1623 – 1625, oil on wood.

Gerhard Richter, Green-Blue-Red, 1993, oil on canvas.

Kazimir Malevich, Self-portrait, 1908 or 1910 – 1911, gouache on paper.

Lucas Cranach the Elder, Adoration of Christ, oil on canvas.

Lucas Cranach the Elder, Portrait of Desiderius Erasmus, circa 1530 – 1536, oil on panel.

Master of Jacques de Besancon, Mass of St Gregory, about 1500, tempera colors, ink and gold on parchment.

Millefleur-Star-Lattice-carpet, late 17th – early 18th century, Mughal, India.

Nick Brandt, Ranger with tusks of killed elephant, Amboseli, 2011, archival pigment print.

Su Shi (ook Dongpo genoemd, wat betekent Eastern Slope of oostelijke helling) The Gong Fu Tie Calligraphy, 1037 – 1101.
Su Shi
Su Shi, who is also sometimes known as Dongpo,
was born in Sichuan province to a family of preeminent literatis.
As a young prodigy he came to the attention of Emperor Renzong (1010-1063),
and achieved celebrity status when he provided perfect responses
in ancient prose for his civil service exams.
For the next twenty years he held a variety of government posts,
and was particularly known for his economic policies
and construction of many public projects, including the “Su’di”,
the pedestrian causeway cross the West Lake
that’s been romanticized by poets and painters for centuries.
However, political changes meant he fell out of favour
from time to time and was banished repeatedly for his open criticism
of the dominant “New Policy Group”.
During his long exiles to the lush and remote Hubei province
and Hainan Island, Su Shi committed to Buddhist meditation
and produced some of the most wellknown poems
and calligraphy ever published in the Chinese language.
While living on a farm, he adopted his literati name,
“Dong’po”, meaning “eastern slope”.
His popularity surged after his death in 1101 as he became
the revered and mythical namesake for numerous landmarks
and the subject of countless paintings and poems.
Manuscripts by Su Shi are among the most sought-after objects
in Chinese history.
The Gongfu Calligraphy
Although just nine characters long
The Gong Fu Tie Calligraphy has resonated with scholars for centuries
who have recognized its technical sophistication as well as
the Su Shi’s humanism it so beautifully embodies.
The piece has been recorded in many of the most authoritative books
on Chinese art and been lavished with praise,
with the well-known author Weng Fanggang describing it
as ‘a divine piece of calligraphy.’
This work was completed mid-way through the artists career
in his mature period and is a goodbye letter
to Su Shi’s fellow artist Guo Gufu (1035-1113)
a close friend despite differing political views.

Willem de Kooning, The priveleged (Untitled XX), 1985, oil on canvas.

Zeng Fanzhi, The Last Supper, 2001, oil on canvas.
We hadden een afwisselend weekend.
Vrijdag prachtig weer in Domburg.
Zaterdag heel veel regen in Knokke-Heist en Brugge.
Vandaag veel dreigend weer in Antwerpen.
Maar we hebben ons niet uit het veld laten slaan.
Gewapend met een paraplu, kom je een heel eind.

Dit was het beeld vanuit ons hotel: Knokke-Heist.
Op de cultuurmarkt in Antwerpen zag ik het volledig programma
van de Europalia India, later dit jaar in Belgie.

En wat voor een programma.
Tentoonstellingen, muziek, film, theater.
Alles India.
Ik kan niet wachten.



Woensdag 12 december
Gol Gumbaz, Ibrahim Rauza, Citadel met Jama Masjid.
Als laatste van vandaag stond de Jama Mashid op programma.
Dit is de grote moskee van Bijapur.

De Jama Mashid in Bijapur.

Zoals vaak is de moskee eenvoudig van uitvoering.

Nis (mihrab) gericht op Mekka.


Zoals vaak bestaat ook de Jama Mashid uit een kleiner overdekt deel en een grote, ommuurde open ruimte. Dit is de overdekte ruimte.

Hier zie je beide delen. De moskee is gebouwd door Ali Adil Shah.
De Jama Mashid is ook een oud gebouw
maar qua stijl en architectuur vrij eenvoudig.
Het is een ‘open’ moskee zoals zo vaak in India
bij dergelijke oude moskeeen.
L. vergat bij de Jama Mashid haar zonnebril
die prompt, nog voor we terug reden naar het hotel,
werd ‘nabezorgd’.

Het zijn warme dagen en de bewakers rusten wat uit. Zie hoe netjes de schoenen opgesteld staan.

Zomaar een stukje touw in een nis.

Deel van de menukaart van ons hotel als intermezzo.
’s Middags hebben we ons laten afzetten in het centrum
van Baijapur. Bij de centrale bushalte.
Bijapur heeft veel monumenten.
Sommige heel beroemd in India
maar de meeste zijn in mindere staat of
minder aansprekend voor massaal toerisme.
Dus we hebben op eigen initiatief nog een wandeling gemaakt,
afgesloten met een bezoek aan een markt.

Bijapur

Op eenzame hoogte.



De ‘Copieermachine’.

Voormalige Kerk?


De citadel van Ali Adil Shah en de dynastie.




Leuk die trap naast het standbeeld.

Barakaman (het mausoleum van Ali Roza-II), gebouwd in 1672.

Zomaar op het monument.

Afhankelijk van de spelling: Bara Kaman.

Een Tata Nano in het wild!

Creatieve verpakking van fruit en groente op de markt.

Kleur, niets aan toe te voegen.

Allerlei koopwaar op de kramen.

Een kraam op de markt aan het eind van de dag. Het heetst van de dag ligt achter ons.

De naam kon ik niet achterhalen. Het is een vrucht. Vaag staat me iets bij dat het zou ruiken/smaken als citroen.


Woensdag 12 december
Gol Gumbaz, Ibrahim Rauza, Citadel met Jama Masjid.
Op 12 december 2012 bezochten we een aantal bezienswaardigheden in
Baijapur. De eerste, Gol Gumbaz, kwam aan bod in mijn vorige blog
over deze reis. Nu is Ibrahim Rauza aan de beurt.
Rauza betekent tombe.
Het is dus het grafmonument van Ibrahim,
Ibrahim Adil Shah II en voor zijn koningin Taj Sultana.
Het is gebouwd in 1627.
In een grote tuin ligt een ommuurd gedeelte.
Binnen de ommuring zijn er drie architectonische elementen te zien
op een plateau: een grafmonument, een tank (bad of vijver) en
een moskee.
De architect was uit Perzie afkomstig en heette Malik Sandal.
De zon zat, afhankelijk hoe je het bekijkt,
die dag erg mee. Het was warm en erg scherp.
Dat beinvloedde de kwaliteit van de foto’s nogal.

Ibrahim Rauza: op de voorgrond de tuin, dan links het mausoleum, in het midden het poortgebouw en rechts de moskee.
Op 12 december schreef ik:
Het Ibrahim Rauza-complex bestaat niet uit 1 gebouw maar
is een groep van gebouwen/structuren:
= een gebouw met minaretten met in de centrale ruimte
een aantal grafmonumenten.
Het gebouw is vierkant met aan 2 kanten deuren;
= een moskee met een grote koepel. Het gebouw is aan 1 kant
helemaal open. Het oosten wordt aangegeven door een nis;
= tussen de 2 gebouwen een tank (watervoorziening);
= haaks op de as die door de twee gebouwen loopt
staan poortgebouwen met minaretten;
= het hele complex is omzoomd met een muur.
Heel sierlijk. Veel versieringen, zeker op het gebouw dat de graven bevat.

Ruimte in de muur.

Ibrahim Rauza, de moskee met een hele klas bezoekers.

Nieuwsgierige dames.


Op de voorgrond de tank met daarachter de moskee.

Een van de twee deuren van buitenaf gezien.

Maar ook de ramen zijn van prachtig teakhout.

Binnen in Ibrahim Rauza.


Sierlijk bovenlicht.

Altijd maar weer die prachtige deuren.

De grafmonumenten in het mausoleum.

Het bovenlicht van buiten.

Details van de buitenzijde van het mausoleum.

De omgang van het mausoleum met zicht op de moskee in de verte.





Een van de minaretten.

Hier zie je het plateau met achter de moskee en rechts het mausoleum.

Symmetrie met poortgebouw.

Het mausoleum.

De moskee is aan de voorkant helemaal open.

Het mausoleum vanuit de moskee.



Symmetrie met prachtige versieringen.


De moskee met het plateau.

Ibrahim Rauza vanuit het poortgebouw. We namen afscheid.


Woensdag 12 december
Gol Gumbaz, Ibrahim Rauza, Citadel met Jama Masjid.
Hotel: Shashinag Regency; mooie tuin. Zwembad met water! Het hotel ligt wel 5-6 kilometer van de monumenten af.
Het is 08.40: ontbijt in de warme zon in de tuin.
Gol Gumbaz is ongelofelijk.
Vandaag is Bijapur een kleine stad met 100.000 inwoners,
maar ooit was het de hoofdstad van een rijk met een koning
die zich een dergelijk enorm mausoleum kon veroorloven.
De basis van het gebouw is vierkant.
Op iedere hoek staat een kleine toren (aanzet tot minaret).
Bovenop een enorme koepel.
Binnen is het een (1) grote ruimte, zonder pilaren.
De koepel met aan de basis de zogenaamde fluistergalerij.
Toen we daar liepen zong een onderwijzer zachtjes een lied.
Het was overal te horen.
Toen mochten de leerlingen hun gang gaan,
ondersteund door de aanwezige volwassenen.
Het kabaal was niet te harden.
De ruimte is leeg op een groot, stenen plateau in het midden na
met daarop de grafmonumenten van de koninklijke familie.

Dit is het blad van het zaad en een paar zaadjes die ik gisteren, onderweg meegenomen had.

Gol Gumbaz vanuit de auto, onderweg naar het monument. We kijken er naar uit.

Gal Gumbaz gedeeltelijk verborgen achter het museumgebouw dat er voor staat.

Gol Gumbaz. De naam komt uit het Perzisch: Gol Gumbadh. Dit betekent ‘rozekoepel’ (volgens Wikipedia), een verwijzing naar de bloemmotieven die aan de basis van de koepel zijn aangebracht.

Gol Gumbaz
Gol Gumbaz (meaning, round dome) is the mausoleum of Muhammad Adil Shah II (1627 – 1657 AD), the seventh Sultan of Bijapur’s Adil Shahi dynasty.
Built in 1659 AD, at the architectural zenith of the Adil Shahi dynasty, its immense proportions make this mausoleum a masterpiece of Islamic architecture. With an internal diameter of 37, 92 meter, the tomb’s enormous dome is one of the largest in the world. It covers a floor area of 1703,56 M2, the largest under any domed building in the world.
The tomb is famous for the technically ingenious yet artistic manner in which the hemispherical dome has been constructed on a square base. Instead of pillars, the massive brick dome is supported by a system of eight intersecting arches that create interlocking pendentives (curved wall surfaces forming a transition between the circular dome and its square-shaped support) which bear the load of the dome. Though domes are frequently raised on square bases, the system of interlocking pendentives used her is uncommon.
The Gol Gumbaz is also well-known for its whispering gallery, a gallery around the base of the dome, accessed through winding staircases in the four corner towers. Because of the dome’s remarkable acoustic properties, the faintest sound made at one end of the gallery can be clearly heard at the other end. Every sound echoes 10 to 12 times and reverberates for 26 seconds, the longest known reverberation count of any building.
On the platform in the centre of the tomb chamber are the tombstones of Mohammad Adil Shah, his two wives, his son and daughter, and his mistress, the dancing girl Rambha. Their real graves are in the cellar below.


Toegangsgedeelte van het gebouw. De gebouwen uit deze periode zijn niet heel erg veel versierd maar wel heel typisch.

Dit is een voorbeeld van die typische versiering van dergelijke monumenten.

Hier nog een detail.


Een van de vier torens. Er zijn veel bezoekers. Het blijkt dat hogere klassen op dit moment examen doen en dat de lagere klassen daarom op schoolreisjes gaan.

Hier een poging on de ruimte binnen te laten zien. Van de grafmonumenten tot aan de koepel.

Gol Gumbaz interieur.

Het plateau met de grafmonumenten.

De werkelijke graven van Muhammad Adil, zijn jongere vrouw Arus Bibi,
zijn favoriete dochter en een kleinzoon, bevinden zich in een kelder.

Een nis, een van de weinige versieringen aan de binnenkant van het gebouw.


Toegang tot een van de torens.

De koepel met de ondersteunende gewelven.

Prachtige structuur in de architectuur. Lelijke zin maar de Gol Gulbaz is prachtig in zijn eenvoud

De versiering vanuit het trappenhuis van een van de torens.

Steunberen, versieringen net onder de koepel.

De basis van de koepel vanuit het trappenhuis. Rechts, onder tegen de koepel zie je de rozebladeren of misschien lotusbladeren.

De ruimte buiten naast de koepel. Van beneden zie je dat niet maar de vierkante vorm va de basis van het gebouw en de ronde koepelvorm die er op geplaatst is, laten boven ruimte voor een omgang. Links zie je de bladerversiering tegen de koepel.

De bovenkant van de toren.

Een eerste aanzet tot een minaret? Nee, dat denk ik niet. Dit gebouw was gereed in 1656. De Taj Mahal bijvoorbeeld werd afgerond in 1648. Mohammed Adil Shah, Sultan of Bijapur en de architect Yaqut of Dabul kenden dat gebouw.


De bijbehorende moskee.


Het uitzicht vanaf de Gol Gumbaz. Bij het mausoleum horen nog een aantal gebouwen.

Zicht op de grafmonumenten vanaf de fluistergalerij. Het is een duizelingwekkende hoogte.

De fluistergalerij is zo’n 3,5 meter breed.




Een van de enorme deuren in het gebouw.

Het aantal versieringen is beperkt maar ze zijn daarom niet minder mooi.

De grote toegangsdeur.



Nog een laatste blik.

Van hieruit gaan we naar Ibrahim Rauza, maar daarover meer in een volgende blog.

Vandaag door L. gekocht en vooral vanwege de volgende aanduiding:
