Indomania, de catalogus

Tussen half oktober 2013 en eind januari 2014
was er in Brussel een tentoonstelling met de naam Indomania.
Deze tentoonstelling is onderdeel van het 2-jaarlijkse festival
met de naam Europalia.

Europalia is een manifestatie waarbij iedere keer een land
centraal staat. Deze editie was dat India.
Europalia gaat gepaard met grote tentoonstellingen
die over het algemeen indrukwekkend en ook wetenschappelijk
bepalend zijn. De evenementen vinden meestal in Belgie plaats.
Deze editie had naast de twee hoofdtentoonstellingen
veel muziek, literatuur, dans en film en theatervoorstellingen.

De twee grote tentoonstellingen waren:
‘India belichaamd’ en ‘Indomania’.
Beide heb ik bezocht in oktober afgelopen jaar.
Een van de twee catalogussen heb ik inmiddels gelezen.

 photo DSC_3724IndomaniaCatalogus.jpg

De omslag van de catalogus: John Wombwell in Indiaas kostuum met een hookah, Lucknow, circa 1790, gouache gehoogd met goud.

Ik ging in de eerste plaats voor ‘India belichaamd’,
maar bezocht ook ‘Indomania’.
‘Indomania’ met als ondertitel iets van:
van Rembrandt tot de Beatles, verraste me.
Het was een erg compleet beeld van de ontwikkeling
van de westerse kijk op India.
Wel steeds omringd met mythen, van heel beperkte kennis
van handelaren en schippers ontwikkelt het zich
naar bekende kunstenaars
die India bezoeken om er inspiratie op te doen.
De omslag van de catalogus verbeeldt onze fascinatie met India.
We willen die fantastisch rijke mogol zijn met pracht en praal
en bediendes, maar we snappen niets van wat de mensen daar drijft.

 photo DSC_3726RembrandtVanRijnTweeAdelijkeMogolsCa1656-1661BruineInktEnBruinEnGrijsGewassenTekeningOostersPapier.jpg

Rembrandt van Rijn, Twee adelijke mogols, circa 1656 – 1661, bruine inkt en bruin en grijs gewassen tekening op oosters papier.

De catalogus voert in het eerste essay
(Sanjay Subrahmanyam) ons de geschiedenis door:
van 1500 tot 1900. Vierhonderd jaar voor Christus, daar begint het verhaal.
De tijd van Alexander. Er zijn dan al contacten tussen de
Griekse staat en de koninkrijken in India.
We gaan langs verzamelingen met kaarten, schilderijen, foto’s en textiel.

De essays tot aan pagina 145 gaan daar over (onderbroken door het hoofdstuk
‘Album’ met prachtige foto’s van tentoongestelde werken).
Dan volgt, met dezelfde kwaliteit, het hoofdstuk van Deepak Ananth ‘India benaderd’.
Een fantastisch beeld van kunstenaars zoals Richard Long, Roy Lichtenstein,
Le Corbusier, Brancusi, E. M. Foster, Alberto Giacometti en Robert Rauschenberg.
Hun bezoek aan India, hun interesse, hun werken, al dan niet gemaakt in India.

 photo DSC_3725RobertRauschenbergBrimJammerSeries1976HoutZijdeBlik.jpg

Robert Rauschenberg, Brim (Jammer series), 1976, hout, zijde, blik.

In dit hoofdstuk trof ik de volgende quote aan (pag. 160) van Keith Sonnier:

Ik voelde me aangetrokken tot India omdat
je daar nog een cultuur ziet waar de fysieke realiteit
van het leven, het gruwelijke, het mooie en het alledaagse,
zich allemaal op de voorgrond dringen.

Verbijstend oninteressant is dan volgens mij het essay over film:
Westerse filmmakers en India, door Shanay Jhaveri.
Meer dan een simpele opsomming van films over India is het niet echt.

 photo DSC_3727LucienHerveHooggerechtshofChandigarhArchitectLeCorbusier1955.jpg

Fotograaf: Lucien Herve, Hooggerechtshof Chandigarh, architect: Le Corbusier, 1955.

Gelukkig neemt men de draad dan weer op in de laatste twee essays
over twee hedendaagse kunstenaars die in India werk gemaakt hebben
speciaal voor de tentoonstelling:
Max Pinckers en Hans op de Beeck.

Alles bij elkaar een geweldige catalogus, een die over jaren
nog een inspiratiebron zal blijken te zijn.

India belichaamd

 photo EuropaliaIndia.jpg

In het kader van Europalia is er een fantastische tentoonstelling
Indiaase kunst in Brussel. De titel van de tentoonstelling is
‘India belichaamd’ of ‘The body in Indian art’ (het lichaam in de Indiase kunst).

 photo DSC_2987Ticket01TheBodyInIndianArt.jpg

Afgelopen zaterdag was dat mijn belangrijkste doel in Brussel.
De thema’s die behandeld werden in de tentoonstelling zijn allemaal
terug te voeren op de titel.
Een curator uit India (Naman P. Ahuja) is de drijvende kracht
achter de geweldige tentoonstelling en bijbehorende catalogus.
Hier geen oppervlakkig overzicht van de kunst in India maar
uitgebreide essays over de verschillende thema’s en veel,
heel veel afbeeldingen van voorwerpen.
Er zullen nog maanden overheen gaan voor ik dit gelezen heb.
Een prachtig naslagwerk.

 photo DSC_2993IndiaBelichaamdNamanPAhuja.jpg

Naman P. Ahuja, India belichaamd (catalogus).

Voor mij is het onvoorstelbaar dat deze tentoonstelling /
deze kunstmanifestatie (want dans, muziek, tentoonstellingen, literatuur, enz),
zo weinig aandacht krijgt in Nederland.
De tentoonstelling is nog te zien in Bozar tot 5 januari 2014.
Snel gaan dus.

 photo EuropaliaIndia.jpg

China: kunstschatten

Tijdens mijn korte vakantie in China, zag ik heel veel kunstwerken.
Maar dat was niet voor het eerst.
Wel dat ik ze in China zag maar al veel eerder zag ik
op tentoonstellingen prachtig werk uit China.

Ik ben gaan zoeken in mijn boekenkast en vond de catalogus
van de tentoonstelling ‘Kunstschatten uit China’
die in het voorjaar van 1982 werd gehouden
in het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel.

Ik vond niet alleen de catalogus maar ook de folder
en de factuur voor de catalogus (dd 31/03/1982: 630BFR)
De catalogus kan nog eenvoudig op internet gekocht worden.


Voorkant van de folder.


Introductietekst over de recente archeologische vondsten in China.


Een eerste indruk van de voorwerpen die te zien waren.


Vervolg introductie.



Mijn factuur: 31/03/82, 630 Fr.


In dit log houd ik de schrijwijze aan zoals die in de catalogus is gebruikt.
‘De eerste keizer van China’ heet bij mij dan ook Qin Shihuang Di,
volgens Wikipedia is dat echter Qin Shi Huangdi.
Bij plaatsnamen en dergelijke kan dezelfde verwarring optreden.
Bovendien hanteert de catalogus de schrijfwijze Xi’an en Xian door elkaar.

Zoals al aan de folder te zien is, is het reclamemateriaal
heel wat ingetogener dan zoals we vandaag gewend zijn.
Dat is ook het geval voor de catalogus.
Maar inhoudelijk komt de catalogus niet minder gedegen over.

Hieronder een selectie van voorwerpen
die ik heel mooi vind.
Dus niet veel bronzen of aardewerk vazen uit de prehistorie.
Mijn peroonlijke keuze.
De volgorde van de voorwerpen is de volgorde zoals die ook
in de catalogus gevolgd is.


Kalebasvormige kruik van het type ‘Ping’ Neolithicum, ongeveer 5e eeuw voor Christus, ontdekt in 1972 in Jiangzhai bij Lintong in de provincie Shaanxi, Museum van Banpo, Xi’an.

Volgens de Chinese archeologen herkent men in de afbeelding
een gestileerde afbeelding van een antropomorf (menselijk) masker.
De ogen in het midden verschillen van elkaar.
Het linkeroog zijn twee circeldelen die iets uit elkaar liggen.
Zodanig dat er een horizontale balk tussen de twee delen ontstaat.
Het rechteroog heeft een driehoekige pupil.


Schematische voorstelling van een Taotie-masker.

Op bronzen voorwerpen is een veelvoorkomend motief
het zogenaamde Taotie-masker.
Bovenstaande afbeelding laat zien uit welke onderdelen
het masker is opgebouwd.
De naam betekent zoiets als ‘veelvraat’.


Zun in de gestalte van een olifant, Westelijke Zhou-dynastie, 10de eeuw voor Christus, opgegraven in 1974 in Rujiazhuang bij Baoji in Xian in de provincie Shaanxi, Baoji City Museum.

Een ‘Zun’ is een ritueel vat.
De olifant is hier niet echt elegant uitgevoerd.
Dit vat werd in een graf ontdekt in december 1974.
Het graf is waarschijnlijk van de welgestelde aristocraat
en hoge staatsambtenaar Qiang Bo en zijn vrouw Lady Xing.


Ding met deksel, brons met ingelegd goud en zilver, Oostelijke Zhou-dynastie, circa 4e – 3e eeuw voor Christus, opgegraven in 1966 in Xianyang in de provincie Shaanxi, Xianyng City Museum.

Chinees vaatwerk kent verschillende modellen
die door de tijd ook nog eens veranderen van vorm.
De catalogus heeft een heel overzicht met ‘Ding’, ‘Fang ding’,
‘Li’, ‘Xian’ enz vormen.
Er zijn vormen voor eten, andere voor wijn en weer andere voor water.
De mooiste naam en voor ons het meest verwarrend is ‘Gui’.
Tegenwoordig gebruiken we dat woord als afkorting
voor een Graphical User Interface.


Staande krijger met harnas, Qin-dynastie, 220 – 210 voor Christus, ontdekt in 1979 in het graf van keizer Qin Shihuang Di, sector 1, in Lintong in de provincie Shaanxi, Museum of Qin-figures, Lintong.


Knielende boogschutter, Qin-dynastie, 220 – 210 voor Christus, ontdekt in 1977 in het graf van keizer Qin Shihuang Di, sector 2, in Lintong in de provincie Shaanxi, Museum of Qin-figures, Lintong.


Staande krijger zonder harnas, Qin-dynastie, 220 – 210 voor Christus, ontdekt in 1974 in het graf van keizer Qin Shihuang Di, sector 1, in Lintong in de provincie Shaanxi, Museum of Qin-figures, Lintong.


Paard, Qin-dynastie, 220 – 210 voor Christus, ontdekt in 1979 in het graf van keizer Qin Shihuang Di, sector 1, in Lintong in de provincie Shaanxi, Museum of Qin-figures, Lintong.

Ten tijde van de tentoonstelling had men 24 van dergelijke paarden ontdekt
in sector 1 voor 6 houten strijdwagens.
De paarden en krijgers maken allemaal deel uit
van het zogenaamde Terracottaleger.


Hoofd van een paard, Qin-dynastie, 220 – 210 voor Christus, ontdekt in 1979 in het graf van keizer Qin Shihuang Di, sector 1, in Lintong in de provincie Shaanxi, Museum of Qin-figures, Lintong.

De catalogus bevat veel meer zwart-wit afbeeldingen zoals hierboven
dan kleurafbeeldingen.
De paarden zijn afgebeeld op het moment dat ze aanzetten
om de strijdwagens te trekken.
Dat geeft hen een uitstraling van kracht.


Twee stafkronen in de vorm van fabeldieren, Westelijke Han-dynastie, 2e – 1e eeuw voor Christus, ontdekt in 1972 in Xiaobaiyangcun bij Xi’an in de provincie van Shaanxi.


Toren, Oostelijke Han-dynastie, ontdekt in 1972 in Zhangwan, Lingbao, Xian, provincie Henan, Henan Provincial Museum in Zhengzhou.


Hoofd van een Bodhisattva, Tang-dynastie, circa 760, opgegraven in 1959 op de plaats van de vregere Anguo-tempel, Xi’an, provincie Shaanxi, Shaanxi Provincial Museum in Xi’an.


Dit zijn twee beelden: beeld van een gezadeld paard en een beeld van een paardeknecht, beide stammen uit de Tang-dynasty, circa 706 – 711, opgegraven in 1972 uit het graf van kroonprins Zhanghuai in Qian Xian, provincie Shaanxi, Qianling Museum in Qian Xian.

Paard en knecht zijn samen op dezelfde plaats gevonden in het graf.
De gelaatstrekken duiden er op dat de knecht van Mongoolse afkomst is.


Beeld van een civiel ambtenaar uit de Tang-dynastie, circa 718, opgegraven in 1972 uit het graf van Li Zhen in Xinglongcun, Liquan Xian, provincie Shaanxi, Zhaoling Museum Liquan.


Pelgrimsfles (Pinanghu) uit de Tang-dynastie, 7e – 8e eeuw, ontdekt in 1970 in Hejiacun, Xi’an in de provincie Shaanxi, Shaanxi Provincial Museum in Xi’an.


Alles bij elkaar een prachtige verzameling en in de catalogus
staat nog veel meer!
Deze tentoonstelling kunt u niet meer zien maar gelukkig
is het Europalia in Brussel met deze keer als thema China.
Zo zijn daar te zien:
Zoon van de Hemel, een tentoonstelling over de keizers van China.
The State of Things. Brussels/Beijing, een tentoonstelling over moderne
Chinese en Belgische kunst onder aanvoering
van de kunstenaars Ai Wei Wei en Luc Tuymans.
Het Orchideexc3xabnpaviljoen
, de kunst van het schrift in China.
En nog veel meer.
Zie hier voor meer informatie.


De catalogus.


De afbeelding op de kaft.


KMKG

Gisteren ben ik op bezoek geweest bij het
Koninklijk Museum voor Kunst en Geschiedenis in Brussel.
Dit museum is gehuisvest in een deel van de gebouwen
van het Jubelpark.

Het doel van het bezoek was de tentoonstelling:

Meesters van de precolumbiaanse kunst;

en een van de drie daaraan gerelateerde tentoonstellingen:

De indianen in Brussel.

Daarvan waren onder andere de volgende voorwerpen te zien:

Men heeft er ook een aantal mooie Grieks/Romeinse mozaieken.
Waarvan hier een paar randen:

En er is een afdeling Egyptische kunst:

Alles bij elkaar een prachtige museumdag.
Details van de dag volgen in een paar logs die later volgen.

Ga kijken in Brussel!