In ons appartementsgebouw hebben we met mooi weer
gratis kunst tegen de muur.
Kijk maar eens mee.




Het is een samenspel van de grote ramen, de zon,
de muren, de leuningen en de stalen constructie van de trappen.
In ons appartementsgebouw hebben we met mooi weer
gratis kunst tegen de muur.
Kijk maar eens mee.




Het is een samenspel van de grote ramen, de zon,
de muren, de leuningen en de stalen constructie van de trappen.
![]()
Barbara Takenaga, Blue splash, 2013, acrylic on linen.

Bosco Sodi, Untitled, 2012, mixed media on canvas.

Bronze figure of Parvati, South India, Chola period, circa 1100.

Frans Hals, The smoker (De roker), circa 1623 – 1625, oil on wood.

Gerhard Richter, Green-Blue-Red, 1993, oil on canvas.

Kazimir Malevich, Self-portrait, 1908 or 1910 – 1911, gouache on paper.

Lucas Cranach the Elder, Adoration of Christ, oil on canvas.

Lucas Cranach the Elder, Portrait of Desiderius Erasmus, circa 1530 – 1536, oil on panel.

Master of Jacques de Besancon, Mass of St Gregory, about 1500, tempera colors, ink and gold on parchment.

Millefleur-Star-Lattice-carpet, late 17th – early 18th century, Mughal, India.

Nick Brandt, Ranger with tusks of killed elephant, Amboseli, 2011, archival pigment print.

Su Shi (ook Dongpo genoemd, wat betekent Eastern Slope of oostelijke helling) The Gong Fu Tie Calligraphy, 1037 – 1101.
Su Shi
Su Shi, who is also sometimes known as Dongpo,
was born in Sichuan province to a family of preeminent literatis.
As a young prodigy he came to the attention of Emperor Renzong (1010-1063),
and achieved celebrity status when he provided perfect responses
in ancient prose for his civil service exams.
For the next twenty years he held a variety of government posts,
and was particularly known for his economic policies
and construction of many public projects, including the “Su’di”,
the pedestrian causeway cross the West Lake
that’s been romanticized by poets and painters for centuries.
However, political changes meant he fell out of favour
from time to time and was banished repeatedly for his open criticism
of the dominant “New Policy Group”.
During his long exiles to the lush and remote Hubei province
and Hainan Island, Su Shi committed to Buddhist meditation
and produced some of the most wellknown poems
and calligraphy ever published in the Chinese language.
While living on a farm, he adopted his literati name,
“Dong’po”, meaning “eastern slope”.
His popularity surged after his death in 1101 as he became
the revered and mythical namesake for numerous landmarks
and the subject of countless paintings and poems.
Manuscripts by Su Shi are among the most sought-after objects
in Chinese history.
The Gongfu Calligraphy
Although just nine characters long
The Gong Fu Tie Calligraphy has resonated with scholars for centuries
who have recognized its technical sophistication as well as
the Su Shi’s humanism it so beautifully embodies.
The piece has been recorded in many of the most authoritative books
on Chinese art and been lavished with praise,
with the well-known author Weng Fanggang describing it
as ‘a divine piece of calligraphy.’
This work was completed mid-way through the artists career
in his mature period and is a goodbye letter
to Su Shi’s fellow artist Guo Gufu (1035-1113)
a close friend despite differing political views.

Willem de Kooning, The priveleged (Untitled XX), 1985, oil on canvas.

Zeng Fanzhi, The Last Supper, 2001, oil on canvas.
Sommige mensen denken bij de naam Siegfried meteen
aan het boek van Harry Mulisch.
Maar daar gaat dit stukje niet over.

Opera-boek bij de opera Siegfried van Richard Wagner.
Afgelopen dinsdagavond heb ik Siegfried
de opera van Wagner, gezien in de Stopera in Amsterdam.
Een fascinerende avond.

De kleuren, de zang, de muziek, het spel, het vuur.
Overdonderend haast.
Soms bijna letterlijk.
Het toneel was behoorlijk de zaal ingebouwd.
Van glas en staal.
De zangers en zangeressen stonden soms op een paar meter afstand.
De tijd vloog om.
Na de inleiding die rond half vijf – kwart voor vijf begon,
ging het spreekwoordelijke doek op om half zes.
Om half elf barstte een staande ovatie los.

In de pauze.
Hier geen filosofische benadering van het stuk.
Het was mijn eerste Wagner.
Ik heb het over me heen laten komen en het beviel uitstekend.
Ik lees nu de interessante stukken in het opera-boek.
Wellicht later meer.

Tijdens de tweede pauze.

Het publiek is ook interessant. Hier is opera nog echt een avondje uit!
Er werd goedkoop een Engelstalige catalogus aangeboden van een
tentoonstelling in het Mauritshuis.
De tentoonstelling ging over het werk van Frans van Mieris
en was van oktober 2005 tot en met januari 2006 te zien.
Ik had van de man nog nooit gehoord en dat vond ik vreemd.
Hij was een fijnschilder en leerling van Gerard Dou.
Het boek kwam eind vorige week binnen en
ik heb het dus nog lang niet gelezen
maar ik wil het hier toch al even melden.
Het boek is nu nog te koop en volgens mijn eerste indruk
zeer de moeite waard.

Frans van Mieris, hier gaat nog meer van volgen.
Het Mauritshuis droeg het grootste aantal werken bij
aan de tentoonstelling (5).
Hopelijk hebben ze er 1 of 2 daarvan in hun vaste collectie.
Dan ga ik daar binnenkort vast op bezoek.

Elisabeth Frink, Horse and rider, 1950.

Liam Gillick, Complete bin development, 2013, powder coated aluminium and plexiglas, 6 elements.

Magnus Plessen, Head, 2013, oil and charcoal on canvas.

Nathaniel L. Stebbins, SooLoo, photograph taken March 24th 1885.

Paolo Veronese, Venus disarming cupid, about 1560, oil on canvas.

Paul Klee, Comedy, 1921, watercolour and oil on paper support

Pedro Berruguete, Virgin and Child enthroned, circa 1500, oil on panel.

In het kader van onze recente vakantie in India is dit een bijzonder werk. Sultan Ali Adil Shah hunting a tiger, Bijapur, Deccan, circa 1660, gouache with gold on paper.
Hieronder een detail van de sultan:


Thomas Huber, Bildaushub I, 2013, oil on canvas and easel.

Het formaat is klein, maar het is de grootste versie die ik op het web kan vinden van deze prachtige foto van Alvin Langdon Coburn. Deze foto met de titel ‘Spiderwebs’ (spinnenwebben) is gemaakt in 1908.

Andrea Dasha Reich, Sarasota, 2012, layered epoxy resin and pure pigments on sintra.

Henri Matisse, Le Cirque, from the portfolio called Jazz, 1947.

Johan Barthold Jongkind, Molens bij Rotterdam, 1857.
![]()
Keith Haring, Untitled, 1983, acrylic on leather.

Lieven van Lathem, A naval battle, Antwerp, after 1464, Roman de Gillion de Trazegnies, fol. 21.
Afbeelding van een blad uit een oud manuscript met een zeeslag.

Orpheus taming wild animals, Eastern Roman Empire, near Edessa, AD 194, marble mosaic.

Peter Paul Rubens, Matthaeus Yrsselius, abbot of Sint-Michiels abbey in Antwerp, circa 1624, oil on oak.
![]()
Sam Francis, Untitled, 1970, acrylic on canvas.

Vincent van Gogh, Self-Portrait, 1889, oil on canvas.

Walter Inglis Anderson, Two blue crabs, circa 1960, watercolor on paper.

William Kentridge, Unremember, 2012.
Bijzondere titel.
Het woord ‘Unremember’ bestaat eigenlijk niet in de Engelse taal.
Het is een samenvoeging van ‘Remember'(herinneren) enm ‘Un’.
Dat laatste zouden wij in het Nederlands met ‘Ont’ vertalen.
Nu zijn wij mensen denk ik niet in staat om
eerst iets te herinneren en dan actief te besluiten
het niet meer te herinneren.
Toch zou dat ont-herinneren zijn.
Dat is voor mij iets anders dan vergeten.
Dat is een proces waarover je geen controle hebt.
het overkomt je.

Utagawa Hiroshige, Minowa, kanasugi at Mikawashima, from the series ‘One hundred famous views of Edo, snake year, 1857.
Op de tentoonstelling ‘Van Gogh aan het Werk’ worden meerdere werken
van deze kunstenaar getoond omdat ze een voorbeeld zijn
voor werken die Vincent van Gogh maakte.

Prachtige voorbeelden die illustreren hoe Vincent van Gogh te werk ging.
Niet als een exentrieke individualist,
maar als een (onder)zoekend kunstenaar.

Utagawa Hiroshigo, Onverwachte bui op de grote brug bij Atake, 1857.

Utagawa Hiroshige, Het pruimenboom-theehuis bij Kameido, 1875.
Aanleiding voor deze blog is de tentoonstelling ‘Birds in the Art of Japan’
van het Metropolitan Museum of Art in New York.
De tentoonstelling is morgen voor het laatst te zien.
Wat een belevenis.
Dit is niet meer zo’n museum waar je nauwelijks durft te praten.
Hier zijn mensen!

Muziek, projecties, veel mensen, van over de hele wereld.
Okay de audiotour apparaten zijn verouderd.
Maar de tentoonstelling ‘Van Gogh aan het werk’ is top.

Van de Web site:
De jubileumtentoonstelling Van Gogh aan het werk laat zien hoe Vincent van Gogh zich in een periode van maar 10 jaar ontwikkelde tot een unieke kunstenaar met een imposant oeuvre. Ruim 200 werken geven inzicht in Van Goghs werkwijze: naast schilderijen, werken op papier, brieven worden ook persoonlijke materialen van Van Gogh getoond, zoals zijn originele schetsboekjes, verftubes en het enige bewaard gebleven palet, afkomstig uit Musée d’Orsay. Met deze tentoonstelling vieren we de afsluiting van acht jaar onderzoek naar zijn werkwijze én het 40-jarig bestaan van ons museum.
Een goede mengeling van een grote publiekstentoonstelling.
Met vele toppers.
Maar ook interessant voor mensen die iets meer willen zien en leren van Van Gogh.

Open op vrijdagavond!
Nog even nagenieten in de hal met een muziekje.
Super!
Dit weekend opende de tentoonstelling Steengoed!
in de Grote Kerk in Breda.
Anita Vermeeren is een van de kunstenaars die er te zien waren
en ze maakten dit weekend een fresco.

Van dat proces, of liever gezegd van het resultaat
heb ik een aantal foto’s.
Daarnaast is de Grote Kerk zelf een kunstwerk.
Dus daar ook een reeks foto’s van.

Voorbeeld van een van de ‘Portretten’ van Anita Vermeeren.

Hier ligt het fresco op de grond. Een profeet.

Hier wordt het fresco aan een kant opgeteld zodat het water en de verf kunnen uitlopen.


Nu even tijd maken voor De Grote Kerk zelf.


Corne van Gool, Zonder titel. Zijn werk werd in de krant het meest genoemd.

Maar eerlijk gezegd vind ik het werk van Norbert Veeger beter: Lost wings.

Een van de mooie grafmonumenten in de Grote Kerk.

Corne van Gool, Pieta.

Grote Kerk Breda, Musicerende engelen.

Grote Kerk Breda, Musicerende engelen, detail.

Grote Kerk Breda, bloemmotieven in de gewelven.

Anita Vermeeren, portret.

Anita Vermeeren, portret.

Petrus.

De Goede Herder.

Sluitsteen in het gewelf.

Plafond boven het hoofdaltaar.

Kroonluchter met wapen van de stad.

Anita Vermeeren. Tijd om het fresco weer rechtop te zetten.







Jammer van de kwaliteit van de foto die ik van deze foto maakte. De originele foto is van Wim de Leeuw uit de serie Enter the city. Heel sterke foto’s.

Kalle Kuikkaniemi is duidelijk geen Nederlander van oorsprong en daarom verbaast hij zich over sommige taaluitingen. Ik trouwens ook. Het was erg geestig.

Kalle Kuikkaniemi, detail.

Kalle Kuikkaniemi, ‘Nico let op Max. Doorijhoogte 1,9 M’. Spelfouten niet van mij of van Kalle Kuikkaniemi.

Bij de afdeling animatie had iemand dit decor gebouwd. Ik ben vergeten wat de naam van de maker(ster) was.
De installatie van Sjors van der Werf is een verhaal apart. Een combinatie van film, projectie en decor.

Sjors van der Werf.

Op het eerste scherm, linksboven wiep iemand voorwerpen in een doorgeefluik. Bijvoorbeeld wapens of Bla Bla.

Deze voorwerpen werden dan bewerkt.

Hier gaat de Bla Bla over de lopende band.

Om op het laatste scherm als een bruine drek over een persoon te worden uitgeworpen.

Dit is het decor waarop de machines en het proces geprojecteerd werden.


Sjors van der werf: Bla bla.

Een sterke set illustraties bij het boek Death in Venice. De naam van de maakster kon ik thuis niet meer achterhalen maar ik heb me ingeschreven voor een exemplaar van haar boek.

Van dezelfde maakster, een driedimensionaal theaterdecor.

Een film van Roeland van Doorn, samengesteld uit beelden van beveiligingscamera’s.

Nele Brokelmann, Es ist wie es ist, 2013.

Ric Engbersen.

Videostill uit film van Anne van der Sligte, Petronius, 2013.


Tessa Chaplin.


Anne Vlot, persoonlijkheidskenmerken omzetten in een product.

Chistine Willems.

Stoel met een bekleding van hergebruikte plastic zakken.

Zeeuwskapje.

Geinspireerd door Kalle Kuikkaniemi zag ik op de parkeerplaats deze ‘Linkse hobby’.

Fantasielandschappen gefotografeerd door Reinard Haex, Simulacrum, droomreizen.

Planten maken een tuin, Lotte Dirks, Plants make a garden.


Paul Slegers, Laurel & Hardy, 2013.
Verder was er sterk werk van Lynne Main.
Maar dat liet zich moeilijk fotograferen.
‘De waarheid’ van Jasmijn van Dorp vond ik goed.
hopelijk kan ik de krant bijbestellen.
De foto’s van Jiska de Vries, Pauw Vos en Miriam van Beurden
moet ik hier ook noemen.
De ‘catalogus’ bij de tentoonstelling in het Noordbrabant Museum,
of moet ik zeggen het essay (?), ziet er uit als een mooi boek.
Duur, maar daan moeten we maar niet over zeuren in de crisis.
Maar dan moet de rug van de kaft er wel om vast blijven zitten.
Het papier van de catalogus is zwaar.
Dat vraagt om een goede, stevige kaft.
De kaft van mijn exemplaar was al na een paar uur los.
Ik had nog niets in het boek gelezen.
Volgens mij zijn het inbindwerk en de kaft te licht
voor het papier.
Ik zou me er voor schamen.



Maar er klopt nog iets niet.
Als je kijkt op pagina 48 (pas op dat je boek niet uit elkaar valt)
wordt daar gesproken over het werk ‘Waterkant’ uit 2010.
Prachtig werk overigens.
Maar als je het werk op pagina 49 bekijkt dan zie je dat hier iets niet klopt.
De verhoudingen van de afbeelding kloppen niet
met de 90 x 70 cm aanduiding op pagina 48.
Het werk is onzorgvuldig afgebeeld.
Ik kan me het origineel niet meer voor de geest halen dus
weet ik niet wat er precies fout is,
maar dat hier iets mis is, dat is wel duidelijk.
Jammer (en dan blijf ik nog netjes).

Deze keer, verhoudingsgewijs, veel Aziatische kunstenaars.
Azie is in meerdere opzichten een opkomende markt.
Misschien is het eerlijker te zeggen dat het Westen
Azie weer ontdekt als artistiek continent.
Want kunst was er altijd al, al heel erg lang,
maar lange tijden minder op ons netvlies.

Hoe kan het ook anders: India opent de rij. Francis Newton Souza, Still life with fish and bread.
Stilleven met vis en brood.
Inderdaad een religieus thema, Christelijk.

Wang Dongling, Untitled, 2006, ink on paper.

Wei Ligang, Fragrant thornbush near streamhead and butterflies on the bank, 2007.

Vasily Kandinsky, In the grey, 1919, oil on canvas.

Kathryn Gabinet-Kroo, Bog river ride, 2011, monoprint.

Prachtig Maya-beeld maar het museum maakt niet duidelijk of dit nu een van de reconstructies is waarover men spreekt op de web site.
Maya figure fust before bloodletting ritual.

Vincent van Gogh, Vue de l’Asile et de la chapelle de Saint-Remy.

Als afsluiter een Chinees kunstenaar met een Indiaase afbeelding: Shi Zhiying, India relief, 2013, oil on canvas.
Gisteren was het dan de laatste dag van Lokaal01 in Breda.
Met een grootse tentoonstelling werd er een punt
gezet achter dit unieke kunstproject.
Al eerder was hier een reeks foto’s van die tentoonstelling te zien
en vanaf vandaag kan ik in de catalogus ontdekken van wie al
die zeer uiteenlopende werken zijn.
Uiteenlopend van materiaal, visie, beleving enz.
Vandaag zijn de meeste foto’s van de performance van BMB Con.

BMB Con bereidt zich voor door de papieren kokers aan te trekken.
De zwartwit foto op de achtergrond is van Wiesje Peels, Once More #1, 2013.
‘Once more unto the breach’ is een zin uit de speech van
Shakespeare’s Henry V, Act III, 1598,
en betekent zoveel als laten we het nog een keer proberen.

Op de kokers van BMB Con worden beelden geprojecteerd die zich wat moeilijk laten vastleggen.

Bij deze Chinese karakters lukt het een beetje.



Het einde van de performance nadert.

BMB Con neemt het applaus in ontvangst.

Presentatie van de catalogus.

Nog twee foto’s van werken: Helmut Smits, Your ad here, 2013.

Paul Hendrikse, All thoughts are prey to some beast, 2011.
Vandaag was het dan zo ver.
De laatste tentoonstellingsdag in Lokaal01 in Breda.
Lokaal01 is slachtoffer van de bezuinigingen op cultuur.
Binnenkort meer foto’s van het evenement vanmiddag.

Lokaal01, catalogus, Once More.
Het Noordbrabants Museum is onlangs weer geopend.
Na een lange verbouwing.
Waar heb ik dat meer gehoord?
Op een prachtige manier is het Noordbrabants Museum
‘samengevoegd’ met het Stedelijk Museum in Den Bosch.
Beide musea bezoeken zou voor vandaag te veel geweest zijn.
Daarom heb ik me geconcentreerd op het Noordbrabants Museum
en in het bijzonder The Moonlight Garden van Marc Mulders.

De met glas beklede gevel van het Stedelijk Museum.

Marc Mulders, Ecce Homo, 1989. Een vroeg(er) werk van de kunstenaar.

Marc Mulders, Ecce Homo, detail.

Marc Mulders, Zonnebloemen.

Marc Mulders, Zonnebloemen, detail.

Marc Mulders, The Moonlight Garden, detail.

Marc Mulders, The Moonlight Garden, detail van detail. Let op het samenspel met het tapijt.

Marc Mulders, The Moonlight Garden, detail.

Marc Mulders, The Moonlight Garden, detail. De lichtwerking is prachtig. Een samenwerkingsverband van kunst en natuurlijk licht.

Marc Mulders, The Moonlight Garden, detail van detail. De kleuren passen gewelding bij zijn schilderijen.

Marc Mulders, detail van zijn Desso-Project, 2013.

Marc Mulders, The Moonlight Garden, detail. Het glas in lood deel al dekt die omschrijving niet precies de constructie en werkwijze. Dit enorme werk steekt zowat het plafond in.

Marc Mulders, The Moonlight Garden, detail van detail.

De introductietekst stond een beetje weggedrukt in een traphal.

Dertig jaar lang is Marc Mulders (Tilburg 1958) actief als beeldend kunstenaar. Deze retrospectieve expositie laat alle aspecten van zijn oeuvre zien, van zijn vroegste olieverfschilderijen tot zijn meest recente tapijtontwerpen.
De instenties van Marc Mulders zijn in die dertig jaar opmerkelijk constant gebleven: het verbeelden van de natuur met al haar diepe symboliek.
Het hart van Mulders’ oeuvre blijft de schilderkunst. Het veroveren van een onderwerp op de olieverf is nog altijd zijn belangrijkste doel. Hij brak in de jaren ’80 door met doeken met een religieuze thematiek. Die werden in de jaren ’90 gevolgd door een lange en succesvolle reeks bloemen- en wildschilderijen. Recentelijk maakten bloemenkelken plaats voor bloemenweiden. Zijn laatste serie is zelfs abstract en gaat over de (denkbeeldige) ruimte achter de bloem.
Sinds de jaren negentig heeft Mulders zich bekwaamd in het schilderen op glas. Hij ontwierp gebrandschilderde ramen voor kerken, openbare gebouwen en particuliere woningen.
Het meest recente raam, The Moonlight Garden, is hier te zien in een frame ontworpen door Piet Hein Eek.

In het museum is verdere heel veel moois te zien zoals dit tapijt met als voorstelling een soort feest vrij naar David Teniers.

Wat te denken van deze prachtige gele zaal, een van de vele prachtig gerestaureerde zalen in het museum.

Zicht op de centrale tuin.

Marc Mulders, The Moonlight Garden catalogus.

Marc Mulders, The Moonlight Garden catalogus, detail van de kaft, in relief gedrukt.

Marc Mulders, De watertuin, een voorbeeld van een van zijn huidige schilderijen uit de catalogus.

De inspiratie.

Barbara Vaughan, Kaliva, 2012, pigment print on cold press rag paper.

Catherine Mills, Vanity, 2013, oil on canvas.
Een schilderij met tekst, in dit geval met boektitels,
doet het bij mij altijd goed.
Waar gaat het hier om?
Barbara Vine, The Chimney Sweeper’s Boy.
William Makepeace Thackeray, Vanity Fair.
Alice Walker, The Color Purple.
Twee boeken met als thema homosexualiteit en het boek
waarvan de titel van het schilderij is afgeleid
geeft kritiek op de neiging bezit belangrijker te vinden
dan persoonlijk geluk.
De titel van het schilderij verwijst naar de stillevens
die als motto ijdelheid en leegheid hebben.

Claude Monet, Boats moored at Le Petit-Gennevilliers, 1874, oil on canvas.

Discus thrower (Diskobolos), Roman, second century AD (after lost Greek original, about 450 – 440 BC), Villa Emperor Hadrian, Tivoli marble.

Francisco Zuniga, Familia Indigena, 1976, original six color lithograph.

Gerrit van Honthorst, The duet (het duet), 1624.

Gustave Caillebotte, Petit bras de la Seine effet d’automne, 1890, oil on canvas.

Henri Matisse, Seated woman with a vase of amaryllis, 1941, oil on canvas.

Louise Moillon, Still life with peaches on a ledge, 1620, oil on panel.

Michael Nicoll Yahgulanaas, The hood, 2010.
De motorkap.
Het volgende artikel stond op Breda Vandaag
naar aanleiding van de tentoonstelling van werk van Jaap de Vries.
De tentoonstelling wordt gebracht als een overzichtstentoonstelling.
Dat vind ik niet een juiste benaming.
Daarvoor ligt de nadruk teveel op recent werk.
Dat maakt de tentoonstelling niet minder goed.
Het is een beleving om door de mooie ruimtes te lopen.
31/05/2013
Auteur: Wijnand Nijs
Het werk van de Bredase kunstenaar Jaap de Vries is confronterend.
Tientallen werken van De Vries in twee verdiepingen
van het Breda’s Museum zijn onvermijdelijk, haast verpletterend.
Zondag opent de eerste overzichtstentoonstelling.
De schilder over zijn motivatie en zijn leven.
“Verwarring, daar geniet ik van.”

Jaap de Vries, Celebration (Viering), 2012, waterverf, plakband en papier op aluminium.
“Vrouwen, vrouwen en vrouwen.”
Dat was het eerste werk van De Vries samengevat.
“Twee vrouwen die plassend op een Volkswagen staan,
drie bij vier meter groot.
‘Mooi geschilderd’, zeiden de docenten bij St. Joost.
Maar zou je niet eens een ander onderwerp kiezen.
Maar juist dan dacht ik: ‘Ik ben op de goede weg.
Daar moet ik op doorgaan’.”
En zo geschiedde.
Waarna nog meer vrouwen volgden.
Erotisch. Pornografisch.
Die stempel zou je het werk van De Vries kunnen geven.
Confronterend of verpletterend past ook.
Veel werk is groot.
Hij gaat voor een schilderij staan, spreidt zijn armen.
“Ik ben zelf ook groot. Dit kan ik aan.”
Je kunt er letterlijk niet omheen.

Het atelier van Jaap de Vries in Breda (foto uit boek van Breda’s Museum ter gelegenheid van de tentoonstelling uitgegeven)
Techniek
De Vries schildert met waterverf op aluminium.
Dat vergt een aparte techniek.
“Want het houdt niet, de verf.
Ik schilder mijn werk met de platen liggend op de grond.
Elke kleur moet lang drogen, als het water verdampt is,
blijft het pigment achter. Als het af is, fixeer ik het.
Pas dan is het blijvend.
Anders kun je het er met een nat washandje zo vanaf vegen.”
De Bredase kunstenaar zoekt de grenzen op in zijn werk.
“In kunst kun en mag je alles doen wat je wilt,
op mensen dood maken na dan.
Dat je als kunstenaar geen gebruik maakt
van die onbeperkte mogelijkheden, dat snap ik niet.
Ik snap niet dat je jezelf grenzen oplegt.
Denk niet teveel na, maar doe.”

Jaap de Vries, Threesome (Trio), 2012.
De schilder doet nog steeds.
Zijn werk verandert wel.
“Mijn werk is kleuriger geworden”, weet hij.
Mede ook door zijn wekelijkse internetwerken.
Want elke week plaatst hij een werk van 30 bij 40 cm
ter veiling op zijn website, te koop voor minstens 350 euro.
“Dat biedt ritme.
Ik kan ze ook maken in de tijd dat mijn andere werk ligt te drogen.”
Een paar van deze ‘schetsen’ hangen ook in het museum.
Grote kans dat ze daarna nog op de veiling belanden.
Landschappen als tegenpool
Het negatieve dat hem inspireert vloog
en vliegt hem ook wel eens aan.
Het resulteert in landschappen, die ook een plaats
hebben gekregen in deze tentoonstelling.
“Een tegenpool voor de negativiteit
waarin ik zelf ook verstrikt raakte”, zo vertelt hij.
“Het zijn werken die onschuldig bedoeld zijn.
Ik geef er zelf ook geen duiding aan.”

Jaap de Vries, Pond III (Vijver), 2011, waterverf, acryl en collage op aluminium.
Toch associeerden sommige kijkers het met zijn andere werk.
“‘Ik zou dat bos nooit ingaan’, vertelde iemand me over een werk.”
Terwijl het bijvoorbeeld ontsproot aan zijn maandagse
fietstochten door het Mastbos, iets dat hij jarenlang deed.
“Ik heb het bos zien veranderen.
Gezien hoe het water terugkwam.”
Geen duiding
Geen duiding dus over zijn werk.
Wel een duidelijke boodschap.
“Maar ik kom niet met oplossingen.
De esthetica van zinloosheid, het zoeken van houding
ten opzichte van elkaar en de houding ten opzichte van het leven.”
Al wandelend langs de tentoonstelling, geeft De Vries commentaar
of poneert hij een stelling.
“Ik heb me er nooit bij neergelegd dat de natuur de baas is.
Wij mensen zijn de baas.”
Het slaat ook op zijn eigen situatie.
De Vries is geopereerd aan een hersentumor en ondergaat chemo.
Het zorgt voor de uiterste verwarring die hij als kunstenaar zoekt,
maar dan in hem zelf.
“Daarom is deze periode ook niet negatief.
Ik heb vertrouwen. Die verwarring is ook mooi.”
“Het negatieve is altijd interessanter dan het positieve.
Kijk naar de films van Batman. Batman is een watje,
de Joker die is interessant.
Zeker zoals Jack Nicholson hem speelt.
Ik ben gefascineerd door wreedheid.
Dat mannen tot alles in staat zijn, bijvoorbeeld
dat ze bereid zijn om voor een stukje land oorlog te voeren.”
Schitteren
Zijn schilderijen schitteren door zijn manier van werken.
Het aluminium licht op in de spotlights
en geeft diepte aan het werk.
“Als je het in het daglicht bekijkt, ziet het er weer heel anders uit.”
Confronterend is ook het werk van het kind
dat als expositiebeeld is gekozen.
Indringend, gevoelens van verdriet oproepend.
Het is wat ook zijn andere kunst oproept.
“Je vindt iets mooi en gelijkertijd voel je dat het pijn doet.
Dat vind ik mooi.
Voor de vrouw die dit werk zag,
was dat de reden om het niet te kopen.
Voor mij zou het een reden zijn om het juist wel te kopen.
Het betekent dat je nog wat uit te zoeken hebt.
En wat is dan de aanschaf van een schilderij.
Dat scheelt je een psychiater.
Door er naar te kijken geef je het een plek.”
Jaap de Vries
Bik in het Duister, overzichtstentoonstelling
Breda’s Museum
2 juni tot en met 29 september
Vanmiddag was de opening van de tentoonstelling
van het werk van de kunstenaar Jaap de Vries.
Een jaar of wat geleden heb ik zijn atelier een keer bezocht.

Jaap de Vries: Blik in het duister.
Ik kwam in zijn atelier terrecht omdat hij meedeed
aan het kunstproject: Over de Schutting.
Zijn techniek en zijn voorstellingen maken direct indruk.

De opkomst bij de opening was groot.
Na een korte inleiding en een introductie door een jaargenoot
waren de tentoonstellingsruimtes klaar voor een bezoek.
De meeste gasten vonden het terras heel aantrekkelijk
dus was de tentoonstelling zelf niet te druk.
Het werk hangt er prachtig.

Bij de tentoonstelling is een boek met prachtige foto’s
van onder andere Frans Strous en tekst van Philip Peters.
De tekst moet ik nog lezen dus daarover later.
Het gebeurt niet vaak dat een in Breda werkende kunstenaar
in het Breda’s Museum te zien is.
Grijp die kans aan!
Werp een blik in het duister.

Krishna holds up Mount Govardhan to shelter the villagers ff Braj, folio from a Harivamsa (The legend of Hari Krishna), circa 1590 – 1595. Afkomstig uit hedendaags Pakistan, waarschijnlijk Lahore.
Dit is een van de grote klassieke teksten van de wereldliteratuur.
Hier een manuscript uit ongeveer 1590.
Het manuscript is onderdeel van de Metropolitan Museum collectie.
De afbeelding was al eens eerder hier op mijn blog te zien
maar een paar maanden geleden zag ik er ook een stuk tekst van.
Een geweldige inspiratie voor het Altered Book
over India dat ik aan het maken ben.
Zo mooi wordt mijn boek niet, maar het idee voor een tekst illustratie
zit nu in mijn achterhoofd. Ik ben benieuwd of en hoe het er weer
uit gaat komen.
Kijk maar eens naar die tekst:

En meer in het bijzonder de goudversiering tussen de tekstregels.


Steve Chmilar, Mind over eye no 1, 2013.

Steve Chmilar, Mind over eye no 1, 2013, detail.