De ontmanteling van het Kielegat was vanmorgen al vroeg in gang.
Da ziede zo. Ik zou willen roepen: Draoj’ut (is) om.
‘Draoj’ut is om’ is het motto voor het Kielegat in 2020.
Misschien is het een tic van mij of is het een van die bijzondere
pluspunten van het wonen in een binnenstad.
Na een evenement zijn er altijd zowat ‘verdwaalde’ fietsen te bespeuren.
Hopelijk worden ze weer gevonden en kunnen ze hun functie weer opnemen.
Misschien zijn het fietsen van het winkelend publiek.
Alleen deze fiets staat al zo’n dag of 4 op dezelfde plaats in de Cingelstraat.
Deze Altec Manta is door iemand als ‘grap’ in een trapgat gegooid maar is nu weer beschikbaar voor de eigenaar.
Deze bakfiets zal wel bewust achter gelaten zijn: lekke achterband.
Kraanstraat. Op precies dezelfde plaats stond eerder met carnaval een bureaustoel.
Op dinsdag is er een uiteenlopend programma.
Zo is daar de ‘Brunch met de Prins’, is het Bontjassendag en
is er op de Grote Markt ‘Kielegat got talent’.
Dat laatste was de eerste keer.
Daarnaast zijn er een paar grote wagens te bewonderen op de Grote Markt.
Mijn foto’s zijn van alles wat.
Een van de koppen van de wagen van CV de Narrekoppen met op de achtergrond de Grote Toren.
Deze kop is van de wagen van CV de Meikevers.
Daar komt de kop van de hoofdonderwijzer of Prins Daan ook van.
Even verderop was de Brunch met de Prins aan de gang.
Bontjassendag 2019: Meej bont fit en gezond.
Kiske en Mieske gaan deze dag niet overleven maar voorlopig hingen ze nog in de zon.
Tijd om aan ‘Kielegat got talent’ te beginnen.
Volgens mij is dit een deel van de jury.
Misschien een tip voor de organisatie: volgend jaar de banner afstemmen op de plaats waar die komt te hangen zodat hij niet half achter een hek verdwijnt.
Da ziede zo in het winkelhart van Breda.
Tussen de wolken bleef de zon schijnen. Zo lijkt het erop dat we het meestal droog gehouden hebben met af en toe zon en de wind was minder sterk dan verwacht, Veel beter weer dan voorspeld.
Sommige van de wagens zijn zo goed gemaakt.
Ze hebben alle ruimte in de straten nodig.
Aan de schmink te zien is dit een van de Oagdijkse Hopjes.
Ook in de Grote Optocht was veel illusie en magie.
De reclame is al op de Hoge Brug opaan.
Superkop.
Da ziede zo.
De magie van de illusionisten.
De ene gebeurtenis nog magischer dan de andere.
Waarom China en meer speciaal de Chinezen in de optocht blijven terugkomen is mij een raadsel. In deze editie van de Grote Optocht waren er veel problemen met de anatomie. Hier is een voorbeeld van Witte Chinezen.
‘Worst van Clara terug!’ en ‘Ik ijs mooi weer’. Een echt geel hesje.
Veel ecologische thema’s in de optocht zoals die van de ‘Boeren Sociëteit Ginneken’ met de Stadslandbouw.
Oagdijkse Hopjes.
Wij gooien strike.
De redding was nabij.
Ouderen waren aan het demontere.
Deze ouderen willen met carnaval niet achter de geraniums.
In de optocht werden ook kannibalen waargenomen.
Deze was onderdeel van een wagen.
Dat trekt natuurlijk vrimd volk.
Maar redding is nabij al komt die wel in slow motion. Da ziede zo.
Regelmatig was er dan ook iets heel bijzonders te zien in de optocht zoals ‘Het wonder van Breda’.
Hier werd een potentiële prins de maat genomen.
Maar ik weet niet of hij door de ballotage is gekomen.
Deze ijsberg laat regelmatig de Titanic stranden in de optocht of misschien is het een klimaatstandpunt?
Dat is de Titanic, da ziede zo.
Goed idee, geweldige uitvoering van een topgroep!
Bende gij in vorm?
Dan liever bumperkluiven.
Nie voerruh!! Da ziede zo.
Doar ziede show.
In de Moulin Rouge.
Tastoe.
Een van de twee Feestvarkens in de optocht.
CV de Meikevers.
Deze komen uit de kas. Nee geen spelfout.
Op de step door de optocht.
Wij komen uit de kas: Anders geaardbei.
Wij komen uit de kas: Misschienasappel en Kees van der Slaaij.
Dun droge drummer.
Lesbietje vraagt raad.
Wij komen uit de kas: Taugay, Vergeten Groente en Spruit Elluf.
Alles kan(t).
Space Pilot.
Winter Wonderland.
De groenste stad is toch: Kielegat!
Puzzelstukskus.
Kieleguit als alternatief voor Brexit.
De Hoge Brug over.
De Wizard of Oz met de vogelverschrikker en de leeuw.
De puzzelstukskus komen bij elkaar.
CV De Narrekoppen, Da ziede zo.
Ook deze Chinees is niet helemaal anatomisch correct, lijkt me. De botox is een beetje vreemd uitgevallen
Toen was de batterij van mijn camera leeg. Maar het einde van de optocht was al in zicht. Straks even op de Grote Markt gaan kijken.
Vandaag is in de Grote Optocht van het Kielegat
de nieuwe Prinsenwagen, die gebouwd is door CV Simpel,
in gebruik genomen.
In deel 1 van het verslag van de optocht waren er ook
al foto’s van te zien.
Hier komt de nieuwe wagen door de Haagrijk naar het startpunt van de optocht gereden.
De wagen staat aan de ‘startstreep’.
Prins Daan is met zijn gevolg per bus aan komen rijden en gaat de nieuwe wagen bekijken.
Hier kijkt Prins Daan samen met een van de bouwers van CV Simpel eens uitgebreid naar de wagen.
Laten we nog eens dichter bij gaan kijken.
De achterkant van de wagen hangt vol met de schilden van de voorgaande prinsen.
De nieuwe Prinsenwagen is in gebruik genomen.
Met het vertrek van de Prinsenwagen is de Grote Optocht van het Kielegat van start gegaan.
Onderdeel van de nieuwe wagen is ‘het Turfschip’.
Op naar de Hoge brug en de volgende wagens, groepen en de individuele deelnemers kunnen volgen.
De start van de Grote Optocht in het Kielegat is veranderd.
Voor mij als amateurfotograaf is het even wennen.
Kierewiet, Kielewiet kom ik dan ook al bij de Trapkes tegen. Wiet telen in de Koepel is een idee dat maar een kort leven beschoren was maar blijkbaar lang genoeg voor een item in de optocht.
Ne bril veur elke behoefte.
Zo aan het eind van de ochtend is het weer nog bedreigend. Gaandeweg zal het beter worden en gaat zelfs de zon schijnen.
Een Polonaise in de optocht. Er zouden er nog meer volgen.
Een boekenkast in de optocht.
Interessante titels en boekbanden.
Brandweerman,
Brandkraan.
Het Kielegatse op de achterkant van de Prinsenwagen.
De blikvangers van de nieuwe Prinsenwagen.
De raad van 11 in polonaise op de nieuwe Prinsenwagen.
Berensterk van de Boskrekels.
De rollen omdraaien met Kerst.
Winter Wonderland.
Oagdijkse Hopjes.
Was nou mar noar de Spek Zeevers gegaon.
De feestvarkens blazen nog wat op.
Dit zit zowat ieder jaar in de optocht: Bende gij in vorm. Het mag duidelijk zijn de de kleuren verwijzen naar een Bredase sportclub.
Erg mooi! Wie is die vrimde vogel? Da ziede zo. Tis dun Otto.
Nog niet alles was kant en klaar. Er werd nog getimmerd en gesleuteld.
De groenste gemeente Kielegat leek wel te zweven.
De Spek Zeevers.
En er was een hemelse verlichting.
Dat was niet alleen vanwege dat de pastoor er weer bij was.
Nog even oefenen.
Terwijl ik naar de plaats liep waar de optocht
zich gaat opstellen, kwam ik zo wat tegen dat je
collateral damage zou kunnen noemen.
Fietsen en ander meubilair dat carnaval niet gaat overleven.
Deze fiets staat er al drie dagen. Benieuwd wat dat de komende dagen wordt.
Ik denk dat je deze wel als verloren kunt beschouwen.
Of is deze van IKEA?
Het thema van dit jaar heeft in het Kielegat veel
associaties met de dierentuin opgeleverd.
Overal verschijnen zoo’s, als het niet in de Beemdse Bergen is
dan is het wel onder zeeniveau.
Aan water was er bij het begin van de optocht helaas geen gebrek
maar deze optocht is in ieder geval doorgegaan.
Kielegatters vrezen voor morgen…
Een demonstratie Pollerooit. Da ziede zo net voor het begin van de optocht.
Kijk eens naar het vogeltje.
De fotoclub van de St. Josephschool. Da ziede zo.
De Zeemeerminnen werden op hun wenken bediend. Er was geel wat water in de Brakkensliert.
Kielegatse Zoo.
In het begin was het zoveel mogelijk schuilen op de Haven.
Grote Kielegatse Zoo.
Dan was er nog het spektakel van DJ Spekwell.
De Brakkensliert was er mee doorspekt.
Sommige dierensoorten zijn wel heel exotisch, maar daardoor niet minder leuk.
Er liep ook een hele groep schapen in de Brakkensliert want als er een schaap over de dam is….
Een olifant in de porseleinkast. Wie bedoelen ze met die Olifant?
Ge oudt dun dieje nie tege, da ziede zo.
Voor mij is dit de winnaar van deze editie van de Brakkensliert. Let op de sanseveria! Op eenvoudige wijze worden hier thema’s gecombineerd als het klimaat, ‘da ziede zo’, de pogingen van Maarten van der Weijden om de Elfstedentocht te zwemmen en wellicht nog een paar verborgen boodschappen. Dan alleen meelopen als afsluiter van de Brakkensliert. Dapper!
Zie ik ze nou vliegen?
Zoals ik al aangaf waren er heeel exotische dieren in de Brakkensliert.
Niet voeren in de Kielegatse Zoo.
De Brakkensliert veur al de Kielegatse kiekskes.
De zeemeerminnen delen uit in de Brakkensliert.
Tok, tok.
Twee haaien in de Kielegatse Zoo van de Brakkensliert.
Kielegatse magie.
Vandaag iets minder stralend als normaal.
De Brakkensliert is ieder jaar weer een spektakel.
Nee ik zie ze niet vliegen, ze vliegen echt!
De olifanten van de Rudolf Steinerschool in de Brakkensliert.
Kiele Kiek.
Kielegatters maken er een punt van op social media.
Ook in de Brakkensliert wordt er gewerkt aan de Chinese Muur.
Hoe lang is een Chinees?
Da Sea de Zoo voor de Vismarkt. Let nogmaals op het creatieve gebruik van de sanseveria!
Het mag wel carnaval zijn maar er is natuurlijk ook tijd
om nog even aan boekbinden te denken.
In een poging beter te begrijpen wat de (on)mogelijkheden
zijn met de materialen die ik gebruik heb ik
een stuk zwart boekbindlinnen genomen.
Zo’n 22 x 14 centimeter.
Daar ga ik een boekje mee maken.
Dat boekje gaat passen in een jute zakje dat we overgehouden
hebben van een kerstpakket.
Ik wil eerst zien wat er gebeurt als ik ga spatten met ecoline
en misschien daarna wat de mogelijkheden zijn met een
gel plate.
Eerst heb ik het boekbindlinnen afgeplakt. Zo wil ik een rechthoekige vorm krijgen op de boekband waarin gespat kan worden.
Maar behalve wat vlekken (die misschien nog opdrogen) levert het spatten niet veel op. Ik heb twee kleuren geprobeerd: geel en oranje/rood. Geen effect.
Een gel-plate is een hulpmiddel om verf aan te kunnen brengen. Het is gemaakt van gelatine en blijft flexibel. Je kunt de gel plate inrollen met meerdere kleuren maar ik heb deze keer een kwast gebruikt om de verf op de gel plate te zetten. Ik wil een soort plantaardige vorm krijgen. Door de gel plate op het boekbindlinnen te drukken gaat dikker aangebrachte acrylverf zich breder op het linnen zetten en/of mengen met andere kleuren en eerder aangebrachte verf. Ook de droogte van de verf speelt een rol. Drogere vererf laat zich minder snel afzetten op het linnen maar door een oververving gaat die verf dan een volgende keer misschien wel mee. Een grote rol voor toeval dus.
Door de kleine hel plate meerdere keren in te verven en opnieuw af te drukken waarbij ik de gel plate steeds naast de vorige afdruk en de onderkant een halve cirkel laat vormen, ontstaat dit effect. Grote vraag is wat er straks gebeurt als de verf droog is en het linnen in de juiste vorm gevouwen moet worden. Ik gebruik geel, groen en bruine acryl.
Vervolgens heb ik er met de kwast nog een paar andere kleuren op gezet. Vooral blauw en wit. Het linnen gaat door het vocht van de verf bol staan. Ik laat het nu drogen onder een glasplaat en bakpapier. Als het droog is ga ik het denk ik nog afwerken met vernis. Maar eerst eens zien hoe het droogt.
De Bommel gaat wel heel kort door de bocht.
Da ziede zo: de Biemeewes.
Kielegat of Abdera.
De blazers en andere muzikanten hebben nog steeds veel energie.
He!? Ik?
Aondagtig blaozen.
Da ziede zo.
Heel officieel….
Prins Daan, Opperklerk der heldere glazen, Veldmaarschalk van het dierenrijk Zandberg en Beschermheer van het Bonte dweilen.
De ‘Da ziede Zoo’.
In ben van kant gemaakt.
#Mietoo
Da ziede zo….
Het boek over de boekbanden van de Charles Dickens-boeken
die in mijn verzameling zitten, vordert.
Het imitatiebontje zit er op vastgeplakt.
Maar het boek is nog lang niet gereed.
De band is er deels al maar de inhoud is nog niet zo ver.
Imitatiebontje op een boek over de verzameling Dickens-boeken.
Deze week is de verzameling wel een boek groter geworden. Deze week kocht ik deze uitvoering van Charles Dickens: Barnaby Rudge. Uitgekomen in de 200.000-serie met houtgravures naar tekeningen van F. Barnard. N.V. Drukkerij en Uitgeversmaatschappij de Arbeiderspers – Amsterdam.
De tempel van de heilige berg of Prasat Preah Vihear.
In de vorige blog posts heb ik de lezer proberen mee te nemen
op dit geweldig avontuur: een hooggelegen tempelcomplex.
Op een richel van een heuvelreeks, niet geconcentreerd rond de tempel
maar verschillende gebouwen, trappen en wegen over een afstand
van meer dan 800 meter.
Prachtig.
Vooral de plinten van de gebouwen, de (valse) deuren, deurstijlen, dorpels en gevels zijn er prachtig.
We lopen in de buurt van de centrale tempel. We passeerden eerder gopura 5, 4 en 3. Vandaag las ik een goede uitleg voor het woord ‘gopura’: entrance pavilions of toegangspaviljoen.
Niets te veel gezegd, toch? De volgende foto’s zijn details van deze deur/gevel.
Zomaar een steen met korstmossen? Nee dat denk ik niet.
In de folder die ik eerder fotografeerde bij de kaartverkoop
was de volgende tekst te lezen:
The history of the founding of the tempel of Preah Vihear is known thanks for the five inscriptions.
The first found in Angkor and the four others on the site of the temple of Preah Vihear.Inscription KS83 (found in Angkor) teaches us that at the beginning of the ninth century, Indrayudha received the God Civa order to bring to the site of Preah Vihear a “linga”, extracted from the large stone “linga” on the mountain Vat Phu (indrapura).
This linga was named Cikharecvara “Lord of the SUMMIT”.Inscription K380 affirms that “Çri Bhadrecvara of Lingapura (What Phu) has been reborn at Çri Çikharecvara (Preah Vihear).. to show its power in a visible fashion, so that the world can admire”.
Built on a promontory of the Dangrek Range, 625 meter above sea level, Prasat Preah Vihear (the temple of the sacred mountain) as it is locally known represents a unique example of the integration of a temple complex within the natural landscape.
Like many Khmer temples in Angkor which were planned concentrically, Preah Vihear, responding to the natural context, is planned in a linear progression of levels.
For all the grandeur of its site, the temple stretches more than 800 meters along a north-south axe on four levels and four courtyards which comprise of five gopuras (entrance pavilions).
Each level has a different architectural character and experimental quality while one progresses towards the inner temple sanctum.Established earlier as a hermitage site by Prince Indrayudha, son of King Jayavarman II, Preah Vihear gained stronger spiritual recognition and increased political prestige; clearing more than four centuries (9th -12th century).
The kings Yashovarman I (889 – 910), Suryavarman I (1002 – 1049) and his son Udayadityavarman II (1050 – 1066), Jayavarman VI (1080 – 1107), Dharanindravarman I (1107 – 1113) and Suryayavarman II (1113 – 1145) changed the original small sanctuary into one of the greatest Khmer temples of all times.
Er wordt gesproken over het ontstaan van de tempel, zijn bijzondere eigenschap
aangepast te zijn aan het landschap over een lengte van meer dan 800 meter,
op 4 hoogtes met 4 binnenpleinen met vijf toegangspaviljoenen.
De informatie komt van 5 inscripties: 1 in Angkor en 4 in Preah Vihear.
Ik weet niet of de steen hierboven bij die laatste vier hoort.
Maar kijk nog eens goed naar die steen.
Een voorbeeld van de prachtige plinten die de basis vormen van de gebouwen in dit complex. Ze zijn niet overal te zien maar wel bij de centrale tempel.

Dit stuk muur laat heel mooi zien hoe de muren zijn opgetrokken zonder cement of een ander bindmiddel. De stenen zijn precies op maat gemaakt voor hun plaats in de muur. Dat levert interessante patronen op.
Als er een kans is om een tempel in gebruik te nemen dan zal men het niet laten.
De centrale tempel heeft (had) ook een volledig ommuurd plein. Die muren hebben een serie vensters. Hier zie je er twee in een hoek.
Weer prachtige plinten.
De ommuurde binnenplaats.
Achter die vensters kun je ook lopen. Daar is een smalle gang.
Dit is het uitzicht, vanaf de heuvels waarop de tempel ligt, op het Cambodjaanse laagland.
Als er in Azië een plaats onbenut is dan wordt het al snel een plaats van gebed.
Dit lijkt op een zware deur in een mooie gevel. in werkelijkheid is het een prachtige gevel maar de deur is een valse deur: het is een muur gedecoreerd als deur.
De geveldecoratie.
De dorpel boven de deur.
De volgende blog post gaat over de wandeling terug.
Vanmiddag onderweg naar de FutureDome in Breda, stopte ik even bij
een nieuwe kringloopwinkel. De winkel is er nog maar pas
en ik wilde er al langer een keer heen.
Toen ik de winkel binnenging bleek het behoorlijk druk te zijn.
Ergens op de grond stonden twee dozen.
Een zat vol karton en iets wat leek op losse katernen.
Ik nam ze uit de doos om ze beter te bekijken en zag dat ieder katern
geniet was en dat het korte verhaaltjes met tekeningen waren
voor kleine kinderen. ‘Leuk’, dacht ik, ‘Misschien iets om in te binden’.
Ik legde het terug want ik wilde eerste de rest van de winkel zien.
Maar het liet me niet los.
dus na een paar minuten liep ik terug en vroeg aan een mevrouw
bij de kassa wat ze met de doos ging doen.
‘Weggooien’, zei ze. Ik vertelde haar dat ik de losse katernen wel wilde.
Ze had er geen verstand van maar wilde 2 euro.
‘Te veel’, dacht ik, ‘maar ik ga hier verder toch niets kopen’.
Ik rekende af.
In mijn werkplaats aangekomen ging ik eens goed kijken wat ik nu precies
had gekocht.
Het blijkt te gaan om 30 nummers van het maandblad Kinder-Kompas dat
de Nationale Levensverzekerings-Bank uitgaf voor de kinderen van
hun verzekerden.
Dertig katernen waarvan er 18 genummerd zijn met een rode pen in een elegant, ouderwets handschrift. Of die nummering iets betekent weet ik nog niet. Geen van de katernen heeft zijn originele omslag nog. Dat is natuurlijk erg jammer. De hoeken zijn omgevouwen op veel plaatsen en soms is met het verwijderen van de omslagen ook het papier wat beschadigd. Maar van de nummers die ik tot nu toe bekeken heb is steeds de tekst volledig leesbaar. Heel soms is er met de pen of potlood geschreven of gekleurd. Wat te verwachten is bij een blad voor kinderen. Nergens staat de verschijningsdatum. Dat maakt het moeilijk om zonder externe hulp het jaartal te bepalen.
Nazoeken op internet brengt me vrijwel direct op de website van de
Koninklijke Bibliotheek en via hen op de website van
Geheugen van Nederland.
Voor een boekbinder is dit natuurlijk helemaal leuk: instructies voor het maken van een bewaarmap voor de 1e jaargang. Leuk is dit om twee redenen: het gaat over inbinden en het zegt iets over waar dit exemplaar te plaatsen is in de geschiedenis van dit blad: eerste exemplaar verscheen in 1937, het is verschenen tot aan 1970.
Hier ga ik zeker en vast iets mee doen. Leuk is ook dat een bewaarmap er voor zorgt dat de katernen los van elkaar blijven (is mijn eerste indruk). Dat is misschien wel het beste als ik er niet in slaag de volgorde van de katernen correct te bepalen.
Ook hier zegt de tekst iets van de leeftijd van dit katern. Dit is waarschijnlijk uit januari 1939. Wrang is dan de vermelding van de schrijfster. Bij de meeste artikelen en tekeningen staat vermeld wie de maker is. Hier wordt S. Salomons-Souget genoemd. Als ik op die naam google kom ik direct op de website Joods Monument: Sara Salomons-Souget, geboren Amsterdam, 6 februari 1891 – vermoord Sobibor, 4 Juni 1943.
Zo zijn er een aantal ‘Paas’- en ‘Lente’-nummers.
Kerstmis doet ook mee.
Het boekje dat met ’60’ genummerd is spreekt van een koningskind en een
feesthandschoen voor Beatrix. Beatrix is 31 januari 1938 geboren.
Het boekje dat met ’70’ genummerd is bevat de nieuwjaarswens 1938 uit.
Het boekje met nummer 81 sluit af met een raadsel van S. Salomons-Souget.
Maar 80 nummers zijn bijna 7 jaargangen van 12 nummers.
Volgens mij klopt dat niet.
Ik zei al iets over de kwaliteit: omslagen missen, hoekjes omgeslagen en op een paar plaatsen beschadiging en sporen van potlood en pen. Hier zie je wat nietjes in de tijd gaan doen. Als deze boekjes van voor 1940 zijn dan zijn ze dus bijna 80 jaar oud. De nietjes zijn flink geroest en drukken de roest in het papier.
De verhalen en plaatjes geven ook wat prijs van de tijd. Bekende tekenaars en schrijvers werken aan deze boekjes voor kinderen mee maar Ming en Pingie van Piet Broos zijn wel heel stereotype figuren. Dat kan vandaag niet meer.
Gelukkig zijn veel van de verhalen, puzzels, tekeningen, kleurplaten, raadseks heel onschuldig. Net als deze Donzige Duikertjes van Willy Schermelé.
Tien van de dertig boekjes heb ik doorgenomen.
Regelmatig komen verhalen en stukjes terug van dezelfde schrijvers.
Tot nu toe kwam ik tegen:
L. van Suchtelen-Leembruggen
Leonard Roggeveen
M. Bekkers-Zürcher
J. de Beer-van Strien
Ella Vémor
Marie Schmitz
Céline Schaake-Verkozen
M. Bosch van Drakestein
Aafje Fokker // A. A. Fokker (?)
A. Hamaker-Willink
Piet Broos
Felicie Jehu
Gia Kes
Nelly Donker
Tjits Veenstra
J. v.d. Hoeven-Paris
T. van Beem-Paleologo
S. Salomon-Souget
Willy Schermelé
A. Cramer
Fr. Maade-Kuyper
J.L. Schulte (redactie)
Sommige van de verhalen zijn misschien nog pijnlijk actueel. Zoals dit verhaal van Leonard Roggeveen met tekeningen van Dick de Wilde (Dirk de Wilde?).
Het blijkt dan te gaan om een figuur van borstplaat.
J.L. Schulte (redactie) legt uit dat de afbeelding op de omslag ook een bedoeling heeft. Er staat een heel verhaal over Tommy van den Berg met zijn hond Puck en de pop Teddy-beer.
De KB heeft zo’n omslag op de website staan om als je dat wil te down loaden. De tekening is van M. Bosch van Drakestein.
Leonard roggeveen mag een gerespecteerd schrijver zijn en Willy Schermelé een bekend Nederlands actrice, illustratrice, journaliste en schrijfster, maar met zo’n verhaal krijg je vandaag de dag problemen.
De boekjes heb ik verdeeld in 2 stapeltjes.
De kleinste stapel met 10 boekjes heb ik doorgenomen en
daar lees ik ook een rij namen van de illustratoren:
L. van Suchtelen(-Leembruggen)
Nora Schnitzler
Freddie Langeler
M.B.Z. (M. Bekkers-Zürcher?)
Dick de Wilde (Dirk de Wilde?)
M. Bosch van Drakestein
Willy Schermelé
Piet Broos
ADA (?)
Nelly Donker
A. Hamaker-Willink
Leonard Roggeveen
Wat opvalt is dat veel schrijvers ook tekenaars zijn en andersom.
Binnenkort meer.
Om naar tempeldeel nummer drie te gaan moeten we een stijle trap op. Je ziet op deze tekening goed dat de tempeldelen 1, 2 en 3 dicht op elkaar liggen. Mijn foto’s gaan dan ook vloeiend over van tempeldeel 3 naar 2 en 1. Maar vandaag alleen tempeldeel 3 (denk ik dan toch).
‘Even’ de trap op.
De boom en het tempelgebouw zijn één geworden.
De gevels zijn schitterend.
In het Engels heet dit een ‘lintel’, een dorpel zeg maar.
Volgens mij zijn we gopura 3 al voorbij.
Maar genoeg voor vandaag.
Volgende keer verder.
Charles Dickens, De lotgevallen van Oliver Twist, met de prenten van George Cruikshank. Prisma Boeken. Ik ben bezig met mijn Dickens boek dan kom ik automatisch ook bij deze pocket uit. Verschenen in de serie De Werken van Charles Dickens. Zonder jaar. Nederlands van C.J. Kelk.
Op de website De boekenplank vond ik de volgende informatie:
Op 22 februari 1952 kwam het eerste deel uit van de 34-delige Dickens-serie die eind 1953 kompleet was. Al onmiddellijk was deze een groot succes. Bij de herdruk van de Pickwickclub bereikte men al vlug een oplage van 50.000 exemplaren. Eind 1952 behaalde de Dickens-serie een kwart miljoen exemplaren. De deeltjes waren eerst ongenummerd; in latere herdrukken werd de nummering soms wel aangegeven.
DICKENS, Charles : DE LOTGEVALLEN VAN OLIVER TWIST
1952, Prisma 5, 336pag., 18cm
Reeks: De werken van Charles Dickens
vert.van: Oliver Twist, vert.uit het Engels: C.J. Kelk
met de oorspr. prenten van George Cruikshank
Twee mooie rollen gespeeld door twee goede acteurs.
Dat is zo ongeveer de samenvatting van de film ‘Can you ever forgive me?’.
De acteurs zijn:
Melissa McCarthy (in de rol van Lee Israel)
Ik kende haar wel maar weet eigenlijk niet waarvan. Ook niet nadat
ik de lijst met films op IMDB heb doorgenomen.
Richard E. Grant (in de rol van Jack Hock)
Waarschijnlijk ken ik hem van vele kleine rollen maar hier
past hij precies.
De filmposter is van een komisch moment in de film dat wel iets zegt over het karakter van de hoofdrolspelers maar niet een echt centraal element in de film vertegenwoordigt.
Een geloofwaardig beeld van de bizarre wereld van uitgeverijen,
literaire agenten, de kunsten en hun verzamelaars.
****