Van De Nerée naar Prince: Langs lijnen van symboliek

Over schoonheid, suggestie en zes kunstenaars die spreken zonder uitleg

Het mysterie in het zichtbare

Symboliek in kunst is vaak mysterieus, gelaagd, en soms moeilijk te duiden.
Toch zijn er werken die, ondanks hun raadselachtige inhoud,
een breed publiek aanspreken.
Ze zijn visueel aantrekkelijk, muzikaal meeslepend, of
architectonisch indrukwekkend.

Tegelijk roepen ze vragen op, suggereren ze betekenissen die
zich niet meteen laten vastleggen.
In dit bericht verken ik zes kunstenaars die elk op hun eigen manier
werken met toegankelijke symboliek:
kunst die uitnodigt tot kijken, luisteren en voelen,
maar die zich niet volledig laat verklaren.

Niet al deze kunstenaars zijn symbolisten in de strikte zin van het woord.
Sommigen werkten in andere tijden, andere genres, andere contexten.
Maar ze delen een beeldtaal waarin het zichtbare verwijst naar iets groters.
Een innerlijke wereld, een maatschappelijk commentaar, een spirituele dimensie.

Ik nodig je uit een reis met mij te maken langs beelden en klanken
die het mysterie niet verbergen, maar juist zichtbaar maken.

Zoals vaker de afgelopen dagen begin mijn reis in het Dordrechts Museum
bij de tentoonstelling over Carel de Nerée tot Babberich.
Maar eerst sta ik even kort stil bij de kunstenaars:

Carel de Nerée tot Babberich (1880–1909)

Nederlandse kunstenaar en schrijver, actief rond 1900. Zijn werk is sterk beïnvloed door het symbolisme en de Art Nouveau. Hij maakte verfijnde tekeningen en aquarellen die vaak droomachtig, mystiek en introspectief zijn. Zijn beeldtaal is elegant en geladen met suggestieve motieven, zoals gestileerde vrouwenfiguren, maskers en arabesken.

Antoni Gaudí i Cornet (1852–1926)

Catalaanse architect, bekend om zijn organische, fantasierijke ontwerpen die religieuse en natuurlijke symboliek combineren. Zijn beroemdste werk is de Sagrada Família in Barcelona, een kathedraal die zowel visueel spectaculair als spiritueel diepgaand is. Gaudí’s architectuur is toegankelijk door haar vormrijkdom, maar zit vol verborgen betekenissen.

Salvador Domingo Felipe Jacinto Dalí i Domènech (1904–1989)

Spaanse surrealistische schilder, beroemd om zijn bizarre, droomachtige beelden zoals smeltende horloges, zwevende figuren en olifanten op stelten. Zijn werk is visueel verleidelijk en vaak humoristisch, maar bevat ook diepe lagen van psychologische en filosofische symboliek. Dalí speelde met herkenbaarheid en raadselachtigheid.

Alberto Giacometti (1901–1966)

Zwitserse beeldhouwer en schilder, bekend om zijn langgerekte, fragiele menselijke figuren. Zijn werk onderzoekt de menselijke aanwezigheid, kwetsbaarheid en existentie. De sculpturen zijn eenvoudig van vorm maar beladen met betekenis, en worden vaak gezien als symbolen van de moderne mens in een onbegrijpelijke wereld.

Keith Jarrett (1945–)

Amerikaanse pianist en componist, vooral bekend om zijn solo-improvisaties op piano. Zijn muziek is intuïtief, spiritueel en vaak meditatief.

Prince Rogers Nelson (1958–2016)

Amerikaanse zanger, componist en multi-instrumentalist. Prince was een visionair artiest die genres vermengde en zijn werk doordrenkte met symboliek, spiritualiteit en maatschappelijk commentaar.

Aan de hand van voorbeelden, hier in het bericht, of
via een link, verken ik de onereenkomsten.

IMG_7355CarelDeNeréeTotBabberichStudieNaarOhasanHetSchoneBeeldV1900-1901Oost-indischeInksMetPenEnPenseel

Carel de Nerée tot Babberich, Studie naar Ohasan: Het schone beeld V, 1900 – 1901, oost-indische inkt met pen en penseel.

IMG_7356CarelDeNeréeTotBabberichStudieNaarOhasanHetSchoneBeeldV1900-1901Oost-indischeInksMetPenEnPenseelTxt


IMG_7423BoekenmarktBreda

Toen ik vanmiddag over de Grote Markt liep in Breda, waar het iedere woensdag boekenmarkt is, viel meteen het boek over Gaudi op.

IMG_7425GaudiSagradaFamilia

De Sagrada Familia met de oostfacade. Daarin bevindt zich het Portaal van de Liefde. Hier liet Prince een foto van zich zelf maken die op de CD The Gold Experience (1995, Terry Gydesen) stond.


SalvadorDaliThePersistenceOfMemory

Salvador Dali, The Persistence of Memory.

Het zal in 1980 zijn geweest dat ik op een dagtocht met de bus
Parijs bezocht. Ik woonde nog bij mijn ouders.
De aanleiding was de grote overzichtstentoonstelling met
het werk van Salvador Dali in Centre Pompidou.

Bewijs heb ik er niet meer van want in die tijd was ik
nog geen verzamelaar van boeken.
Maar al die werken van Dali maakte een verpletterend
bedwelmende indruk.

Er is iets onweerstaanbaars aan kunst die zich niet meteen
laat begrijpen. Een beeld, een klank, een zin die zich aandient
als duidelijk, maar zich bij nadere beschouwing onttrekt aan
interpretatie. Dat is het domein van het onbegrijpelijke.

Niet als obstakel, maar als uitnodiging.
Kunst die vragen oproept zonder antwoorden te geven,
nodigt de toeschouwer uit tot een actieve houding:
kijken, luisteren, voelen, zoeken.

Juist in een tijd waarin alles verklaard en geduid lijkt te
moeten worden. Soms tot Alternatieve feiten.
Juist dan biedt het onbegrijpelijke een ruimte van vrijheid.

Het stelt ons in staat om betekenis te ervaren zonder
haar steeds te moeten vastleggen.
Het mysterie is geen tekort, maar een kwaliteit.


Sinds de eerste keer dat ik werk van Giacometti zag intrigeerde het me.
Waar gaat het over, waarom trekt het me zo aan?
Gelukkig was er de kans in 2008 – 2009 werk van hem te zien
in Rotterdam, bij de Kunsthal.

IMG_7424AlbertoGiacomttiTentoonstellingsCatslogusKunsthal2008

Het is duidelijk dat de man loopt, dat zie je aan zijn hele houding.
Het is een man. Waar komt hij vandaan, waar gaat hij naar toe?
Maar wat als de man geen man is maar als het staat voor ons menselijk bestaan?
Het beeld is krachtdadig, resoluut, geen twijfel.
Je kunt zelfs zeggen energiek.

IMG_7426GiacomettiL'HommeQuiMarche1960Brons(Gegoten1981)

Giacometti, L’Homme qui marche, 1960, brons (gegoten in 1981).

De beelden ervaar ik als aantrekkelijk, zeker als ze ook nog eens in
een ruimte worden geplaatst door draadwerk.
Daarin zie ik een overeenkomst met zijn geschilderde/geschetste werk.

IMG_7428GiacomettiSirRobertSainsbury1958OlieverfOpDoek

Giacometti, Sir Robert Sainsbury, 1958, olieverf op doek.


Op mijn bureau lag een briefje met de naam Keith Jarret en
de titel ‘Facing you’. Om het op YouTube op te zoeken en
het te beluisteren. ‘Facing you’ is een van de (eerste?)
solo piano opnames van Jarrett. Uiteindelijk zal deze manier van
muziek maken er voor hem toe leiden dat hij The Köln Concert
uitbrengt. Zijn misschien wel meest bekende opname.

Ik besluit extra aandacht te geven aan Landscape for Future Earth
De muziek is contemplatief, zonder veel pieken of dalen
maar met steeds twee noten die terug komen.
Soms openlijk en herhalend, soms een beetje verstopt.
Deze twee toetsen komen de laatste 20 seconden van het stuk
niet meer terug. Dus ik vraag me af: is het een optimistische blik
op de toekomst of niet. Daar ben ik nog niet helemaal uit.
De algemene strekking is niet negatief, maar die laatste 20 seconden…..

Als je de muziek wilt horen dan kan dat hier:
Landscape For Future Earth.

De titel Landscape for Future Earth roept geen concrete plek op, maar een denkbeeldig, mogelijk utopisch of apocalyptisch landschap. Dit sluit aan bij de symbolistische neiging om via metaforen en suggestieve beelden een innerlijke of spirituele werkelijkheid op te roepen. Het is een landschap van de geest, niet van de geografie.

Jarretts spel in dit stuk is verstild, contemplatief, en rijk aan nuance. Hij gebruikt stilte en resonantie als betekenisvolle elementen — net zoals symbolistische dichters de witruimte en klankkleur van woorden inzetten om een sfeer op te roepen. De muziek lijkt niet te willen vertellen, maar eerder te verhullen en te verleiden tot interpretatie.

Symbolisten waren vaak gericht op het verleden of het tijdloze, maar ook op het droombeeld van een andere werkelijkheid. Future Earth klinkt niet als een technologische toekomst, maar als een mythisch of metafysisch visioen — een aarde die nog niet bestaat, behalve in de verbeelding. Dat maakt het verwant aan de droomwerelden van bijvoorbeeld Gustave Moreau of De Nerée tot Babberich.

Als je dit stuk zou willen visualiseren, zou je kunnen denken aan een landschap van mistige contouren, glinsterende luchten, en vage silhouetten — een soort muzikaal equivalent van een schilderij van Redon of een tekening van De Nerée. Het is een landschap dat zich niet laat vastleggen, maar zich ontvouwt in lagen van betekenis.


PrinceSignOfTheTime

Als voorbeeld uit het werk van Prince kies ik het nummer
Sign o’ the Times (Een teken des tijds).
In zijn werk koppelt Prince urgente maatschappelijke thema’s
(AIDS, drugs, geweld, ruimtevaart) aan een krachtige beeldtaal
door een video die op zich zelf al een kunstwerk is.
Tekst als beeld, ritme als betekenisdrager.

En dan, aan het eind, wat zegt hij daar eigenlijk:

Sign o’ the times mess with your mind
Hurry before it’s too late
Let’s fall in love, get married, have a baby
We’ll call him Nate if it’s a boy

Intussen weten we hoe het voor Prince zelf afgelopen is.

Hij benoemde misstanden, zong over idealen en kende
in zijn leven veel relationele en religieuze complexiteit.
relaties, religieuze zoektocht.

Het is natuurlijk cynisch dat hij er zelf gedurende zijn leven,
niet in slaagt om dat vredige huisje, boompje, beestje
te realiseren en dat hij aan zijn einde komt door een
overdosis pijnstillers.

Juist daarom klinkt die laatste strofe niet als een
naïeve wens, maar als een symbolische echo van iets
wat hij zelf niet kon vasthouden.

In France, a skinny man died of a big disease with a little name
By chance his girlfriend came across a needle and soon she did the same
At home, there are seventeen-year-old boys and their idea of fun is being in a gang called The Disciples, high on crack, totin’ a machine gun
Time
Times

Hurricane Annie ripped the ceiling off a church and killed everyone inside
You turn on the telly and every other story is tellin’ you somebody died
Sister killed her baby ‘cause she couldn’t afford to feed it
And we’re sending people to the moon
In September, my cousin tried reefer for the very first time
Now he’s doing horse; it’s June
Times
Times

Refrein

It’s silly, no?
When a rocket ship explodes
And everybody still wants to fly
Some say a man ain’t happy
Unless a man truly dies
Oh, why?
Time
Time

Baby, make a speech, star wars fly
Neighbors just shine it on
But if a night falls and a bomb falls
Will anybody see the dawn
Time
Times

Afsluiting

Sign o’ the times mess with your mind
Hurry before it’s too late
Let’s fall in love, get married, have a baby
We’ll call him Nate if it’s a boy
Time, times
Times, time


Een gedeelde taal van symbolen

Niet al deze kunstenaars zijn symbolisten in de strikte zin van het woord.
Sommigen werkten lang na het fin de siècle, anderen binnen
heel andere contexten — van jazz tot pop, van architectuur
tot beeldhouwkunst.

Maar wat hen verbindt, is het gebruik van een gedeelde symbolische taal:
een manier van werken waarin het zichtbare verwijst naar het onzichtbare,
waarin schoonheid niet alleen esthetisch is maar ook betekenisvol.
Hun werken zijn toegankelijk, nodigen uit tot verdieping.
Ze spreken tot het oog, het oor, en het innerlijk — en laten zien
dat het mysterie niet tegenover de helderheid staat,
maar er juist doorheen kan klinken.

Wat als De Nerée’s wereld een plek was waar je door kon dwalen?

De thematiek van Nerée — verval, stilering, mysterie — weerklinkt vandaag
in diverse culturele uitingen: in boeken, muziek, beeldcultuur en
persoonlijke expressievormen.

Niet dat dit in al zijn werken meteen en overduidelijk aanwezig is en
dat iedereen dat direct zal herkennen. Soms moet je zoeken.
Maar Sander Bink schrijft bijvoorbeeld in Verfijnde Lijnen op pagina 115 – 116:

Het meesterlijke en duistere Na het offer is een klassieke Carel de Nerée. ..… Bizar aan Na het offer is de gelijkenis met de heks Maleficent uit Walt Disney’s Doornroosje (1950).

IMG_7352CarelDeBeréeExtaseNaHetOfferDetail

Carel de Nerée tot Babberich, Extase – Na het offer (detail).

WaltDisneyMaleficent

Walt Disney, Maleficent, de heks uit Doornroosje.


De gelijkenis tussen Na het offer en Maleficent lijkt op het eerste gezicht
overduidelijk — een schot voor open doel.
Maar interpretatie is fluïde, en elke kijker werpt zijn eigen licht op
De Nerée’s schaduw.

Waar het om gaat is dat je in het werk veel elementen tegenkomt die ook mensen
van vandaag aanspreken:
de soms donkere, duistere sfeer, de stilistische vormgeving die aansluit bij
veel genres van stripverhalen, het dromerige, het naar binnen gekeerde, de
vrouwen, de bloemen en de mysterie.

Daarom kwam Copilot met het idee een wereld te beschrijven die heel goed de basis
voor een fantasyverhaal kan vormen en zich baseert op de esthetiek en symboliek
van Carel de Nerée tot Babberich.
Dit is die beschrijving:

Het Rijk van Lys Nocturne

In de schemerzone tussen droom en dood ligt Lys Nocturne, een verstilde wereld waar tijd geen richting kent en schoonheid een vorm van magie is. De lucht is er altijd fluweelachtig paars, als een eeuwige schemering, en de maan hangt laag en zwaar boven een landschap van zilveren bloemen en zwarte meren.

De Estheten van de Bleke Hof

De bewoners van Lys Nocturne zijn Estheten, wezens van porselein en zijde, met gezichten als maskers en ogen die nooit knipperen. Ze spreken in verzen, bewegen als dansers, en leven in paleizen van glas en ivoor. Hun macht komt voort uit symbolen: een lelie kan genezen, een masker kan herinneringen wissen, een gebaar kan een vloek zijn.

De Tuinen van Vergankelijkheid

Overal groeien bloemen die slechts één nacht bloeien — hun geur is bedwelmend, hun kleuren onnatuurlijk fel. De Estheten verzamelen ze niet, maar vereren hun verwelking als het hoogste moment van schoonheid. Alles in Lys Nocturne draait om het moment vóór het verval.

De Orde van het Zwijgende Masker

Een mysterieuze orde bewaakt de grenzen van het rijk. Ze dragen maskers die nooit worden afgezet, en hun ware gezichten zijn onbekend — misschien zijn ze leeg vanbinnen. Ze spreken niet, maar communiceren via symbolen en gebaren. Ze zijn de hoeders van de oude symboliek, en hun aanwezigheid roept zowel fascinatie als angst op.

Geen verleden, geen toekomst

In Lys Nocturne bestaat geen geschiedenis. Alles is eeuwig nu. Herinneringen zijn vluchtig, dromen zijn tastbaarder dan feiten. Kunst is de enige waarheid, en schoonheid is de enige wet.

Het podium voor een fantasyverhaal, een stripverhaal, een animatiefilm is daar.
De meest intrigerende zin in deze beschrijving van een fantastische wereld
vond ik:

maar vereren hun verwelking als het hoogste moment van schoonheid

Dat vraagt om een passage uit het fictieve boek dat zich
in Lys Nocturne afspeelt:

Uit: De Stilte van Lys Nocturne

De trappen van albast kraakten niet onder haar voeten — niets kraakte hier. Alles was stil, alsof het geluid zelf zich had teruggetrokken in de plooien van de gordijnen. Serelith, gehuld in een gewaad van nachtblauw fluweel, droeg een masker van zilverblad dat haar gezicht slechts gedeeltelijk verborg. Alleen haar ogen, groot en glanzend als zwarte opalen, keken de wereld in met een mengeling van verwondering en vermoeidheid.

Ze liep door de Galerij der Gebaren, waar elke nis een beeld bevatte van een hand in een andere houding: een gebaar van afscheid, van verlangen, van verraad. Geen namen, geen verklaringen. Alleen vorm. Alleen betekenis die zich onttrok aan woorden.

Buiten, in de Tuinen van Vergankelijkheid, bloeiden de lelies in het maanlicht. Hun bloemblaadjes glansden als ivoor, maar begonnen al te krullen aan de randen — schoonheid op het randje van verval. Serelith bleef staan bij een fontein waarin geen water stroomde, maar waar rook opsteeg in langzame spiralen. Ze ademde in. De geur was die van herinneringen die nooit van haar waren geweest.

Een figuur naderde, gehuld in een gewaad van spiegels. Geen gezicht, geen stem. Alleen een gebaar: een hand op het hart, een lichte buiging van het hoofd. De Orde van het Zwijgende Masker.

Serelith knikte. Ze wist wat dit betekende.

De droom was begonnen. Of misschien juist afgelopen. In Lys Nocturne vervaagt het verschil zoals mist in maanlicht.

Carel de Nerée tekende niet louter beelden; hij verbeeldde verhalen
die zich onttrekken aan taal. Zijn werk vertelt verhalen waarin verval,
stilering en mysterie de hoofdpersonen zijn. Die thema’s weerklinken
vandaag ook in diverse culturele uitingen: in boeken, muziek,
beeldcultuur en persoonlijke expressievormen.

De kracht van De Nerée’s beeldverhalen kan mensen van vandaag
aanspreken wanneer die gelegenheid ontstaat.
Als verteller door beelden laat Nerée zien dat betekenis niet altijd
uitgesproken hoeft te worden.
Zijn lijnen fluisteren, zijn symbolen ademen, zijn esthetiek leeft voort
— soms zichtbaar, soms verborgen, maar altijd aanwezig.

Met je neus in de boeken, een symbolistisch avontuur?

In de tentoonstelling van Carel de Nerée trekt een smaakvol gekozen
vitrine direct de aandacht in een ruime zaal.
Hij bracht mij ertoe de boeken in te duiken — en wie weet,
misschien zet dit bericht jou ook aan tot bladeren.

IMG_7374CarelDeNeréeTotBabberichVitrine

De vitrinetafel in het Dordrechts Museum.


De vitrine, een elegant, antieke vitrinetafel, bevat naast een aantal
documenten ook twee boeken. Wat mij direct trof waren de decoratieve
dwarsverbindingen aan de poten — kenmerkend voor het einde van de
19e en het begin van de 20ste eeuw.

Eén boek kende ik al, het andere was een onbekende titel voor mij:
Extase van Louis Couperus (1892) was me vertrouwd, maar
Johannes Viator – Het boek van de liefde van Frederik van Eeden,
eveneens uit 1892, kende ik nog niet.

IMG_7351CarelDeNeréeTotBabberichLouisCouperusExtase

Louis Couperus, Exta(z)se.


Ik heb Extase nog niet gelezen maar de kans is groot dat het er
in de toekomst no van komt. Voor nu even een korte samenvatting.

De roman volgt Cecile van Even, een jonge weduwe die in een sfeer van melancholie en introspectie leeft. Haar bestaan verandert wanneer ze Taco Quaerts ontmoet — een energieke, sensuele man die haar confronteert met haar diepste verlangens en spirituele idealen.
Het boek draait om de strijd tussen ziel en lichaam, tussen platonische liefde en aardse hartstocht. Cecile verlangt naar een zuivere, verheven liefde, terwijl Taco heen en weer geslingerd wordt tussen zijn spirituele kant en zijn dierlijke driften.
De titel verwijst naar de momenten van mystieke verbondenheid tussen Cecile en Taco — een geluk dat zo intens is, dat het bijna bovenmenselijk lijkt. Maar juist dat geluk is kwetsbaar: Taco verbreekt uiteindelijk het contact uit angst het te bezoedelen.

IMG_7351CarelDeNeréeTotBabberichLouisCouperusExtaseAfbeeldingBoekband


IMG_7350CarelDeNeréeTotBabberichJohannesViatorHetBoekVanDeLiefde

Frederik van Eeden, Johannes Viator – Het boek van de liefde.


Voor Johannes Viator – Het boek van de liefde kies ik voor een passage:

“Als ik iets moois vind in mijn wereld, dan is dat mooi mijn toevlucht, mijn rots, daarop bouw ik het huis mijner zaligheid… Maar er is een wil in mij, die mij omhoog houdt en doet leven, ondanks mijzelven, zonder dat ik weet hoe en waarom.”

IMG_7350CarelDeNeréeTotBabberichJohannesViatorHetBoekVanDeLiefdeIllustratieBoekband


De afbeelding op de omslag lijkt een waterlelie. Een veelgebruikt symbool.
De waterlelie staat met zijn wortels in de modder en hoog daarboven
drijft die mooie bloem. Dat is ook het streven van de hoofdpersoon:
‘Maar er is een wil in mij, die mij omhoog houdt en doet leven,…’
Kernbegrippen bij het waterleliesymbool zijn transcendentie, innerlijke
reinheid en spirituele ontwikkeling.

Deze boeken inspireerden Carel de Nerée tot een aantal werken. Ze zijn
niet perse bedoeld als illustraties op de boeken. Meer als vrije
interpretatie en inspiratie.

IMG_7343CarelDeNeréeTotBabberichJohannesViatorRenunciatie

Carel de Nerée tot Babberich, Johannes Viator, Renunciatie. Het beeld van een hoofd dat een waterlelie lijkt: met de voeten in het zand en met de bloem verheven. De titel Renunciatie staat voor afstand doen van bijvoorbeeld aardse genoegens of bezigheden. Een soort tansformatie ten behoeve van de ontwikkeling van de ziel om op te gaan in het spirituele. Het zwart zorgt er voor dat je ogen getrokken worden naar de bloem maar in de basale uitvoering van de stengel, de bladeren en het gezicht ligt de sleutel tot de invulling: het gaat niet om het fysieke maar om het verhaal dat wordt opgeroepen.


IMG_7359CarelDeNeréeTotBabberichPortretNaarFrederikVanEeden1900-1901Oost-indischeInktMetPen

Carel de Nerée tot Babberich, Portret naar Frederik van Eeden, 1900 – 1901, oost-indische inkt met pen. De afbeelding wordt genoemd ‘naar Frederik van Eeden’, niet ‘van’. Het is geen pasfoto, je zou kunnen zeggen: “het is niet eens af”, of….je kunt het ontbreken van details ook interpreteren als een poging de geestestoestand van Van Eeden weer te geven. Of hoe ‘dwingend’ De Nerée Van Eeden vindt met die priemende ogen….


IMG_7353CarelDeNeréeTotBabberichExtaseInleiding

Carel de Nerée tot Babberich, Extase – Inleiding, 1900 – 1901, oost-indische inkt met pen en penseel en aquarel. We zien een liggende vrouw. Ze lijkt te slapen. Een moment van rust. De ontspannen houding van iemand die open staat voor dingen die gaan gebeuren. Het bos op de achtergrond lijkt zich te spiegelen als schaduwen die zich vooruit werpen. Of het goed zal komen of fout zal aflopen is nog versluierd. De extase is nog afwezig. Het hoofd lijkt te rusten op een steun van mooie pauwenveren. Een stapel ‘ogen’ met iriserende veren. De aankondiging.


IMG_7352CarelDeNeréeTotBabberichExtaseNaHetOffer

Carel de Nerée tot Babberich, Extase – Na het offer, 1900 – 1901, oost-indische inkt met pen en penseel en aquarel. Met het offer geeft De Nerée het moment aan na de extase van het samenzijn van de twee geliefden. Even ging het perfect. Maar dan brengt men het offer: de geliefden besluiten niet meer samen verder te gaan. Als we een kleur zien bij deze vrouw dan is het paars-zwart. Haast een kleur van rouw. Het is dezelfde vrouw als van de inleiding maar de bezieling lijkt weg. De ‘ogen’ zijn weg, wat overblijft is ritmisch kant aan een enorme kraag die afstand creëert. Geen berusting maar onderkoelde woede.


Al met al heb ik weer veel tijd in allerlei boeken doorgebracht
om dit bericht samen te stellen.
Extase staat zeker op de lijst om in de toekomst nog te lezen.
Misschien dat mijn bericht je ook kan verleiden om het boek open te slaan.

Tussen etiket en venster: hoe ‘anders’ zou kunnen werken voor De Nerée

IMG_7332CarelDeNeréeAndersDanDeAnderenTxt

Dit is de inleiding van het Dordrechts Museum op de tentoonstelling ‘Anders dan de anderen’.


De recente beoogde herwaardering van Carel de Nerée richt zich sterk op
zijn ‘anders-zijn’ — begrijpelijk vanuit historisch en maatschappelijk
perspectief.
Maar het risico bestaat dat we, in onze honger naar herkenning,
voorbijgaan aan wat zijn kunst werkelijk beoogt:
verwarren, verlokken, verstillen.

Misschien is het niet De Nerée zelf die ‘anders dan de anderen’ was,
maar zijn manier van kijken — en dat kunnen wij vandaag de dag allemaal leren.

De Nerée werkt in wat we het “Fin de siècle” noemen
“Fin de siècle” betekent letterlijk “einde van de eeuw”.
Het verwijst meestal naar het einde van de 19e eeuw,
concreet de jaren 1880 – 1914.

Een tijdperk getekend door culturele spanning:
in de kunst wisselen oververfijning en melancholie af met
vernieuwingsdrang en de hoop op een ander begin.

Dat uit zich in een aantal stromingen.
— sommigen bekend, anderen vergeten.
Denk aan symbolisme, Jugendstil (of Art Nouveau), en aan een reeks
filosofische en maatschappelijke ontwikkelingen zoals darwinisme,
freudiaanse psychoanalyse, estheticisme, existentialisme,
feminisme, spiritualiteit, socialisme en anarchisme.
Het gaat te ver om hier nu diep op in te gaan.

Carel de Nerée is een symbolist.
Symbolisme, dan denk ik aan symbolen, maar dat ligt
net iets anders.
Het woord symbolisme doet denken aan symbolen,
maar het gaat veel dieper dan alleen het gebruik van herkenbare
tekens, symbolen of iconen.

IMG_7340CarelDeNeréeTotBabberichDeNacht1901-1904Oost-indischeInktMetPenEnPenseelZilververf

Carel de Nerée tot Babberich, De Nacht, 1901 – 1904, oost-indische inkt met pen en penseel, zilververf.

IMG_7341CarelDeNeréeTotBabberichDeNacht1901-1904Oost-indischeInktMetPenEnPenseelZilververfTxt


Het symbolisme was een kunst- en literatuurstroming die ontstond
in de tweede helft van de 19e eeuw, vooral als reactie op het
realisme en naturalisme.

In plaats van de zichtbare werkelijkheid te tonen,
wilden symbolisten juist het onzichtbare, het innerlijke
en het mysterieuze uitdrukken.

IMG_7345CarelDeNeréeTotBabberichAllegorischeVoorstellingMetFigurenEnEenPauwInEenTuin(Detail)1899-1901PotloodBruineInktMetPenRoeInktMetPenseelWitteDekverf

Carel de Nerée tot Babberich, Allegorische voorstelling met figuren en een pauw in een tuin, 1899 – 1901, potlood, bruine inkt met pen, rode inkt met penseel, witte dekverf.


Dat doen ze door zelfbedachte, persoonlijke symbolen te gebruiken
om zich te uiten. Dat vraagt natuurlijk ook wat van de persoon
die de werken ziet, leest of hoort.

Daarbij zoeken ze bewust naar uitingen die voor meerdere
uitleggingen vatbaar zijn. Ze schromen niet thema’s als dood,
dromen, verlangens, melancholie en spiritualiteit te gebruiken.
Hun werken ademen theater en schoonheid uit, het zijn geen
pogingen foto’s te maken maar een soort van compositie
van de wereld in de meest brede zin van het woord.
Die symbolen spreken niet direct voor zichzelf — ze openen
een ruimte waarin de kijker mag dwalen en duiden.

IMG_7348CarelDeNeréeTotBabberichRodeuse1901-1904Oost-indischeInktMetPenEnPenseel

Carel de Nerée tot Babberich, Rôdeuse, 1901 – 1904, oost-indische inkt met pen en penseel.

IMG_7349 CarelDeNeréeTotBabberichRodeuse1901-1904Oost-indischeInktMetPenEnPenseelTxt


De Nerée plaatste zich binnen deze traditie.
Maar in het nog Nederland van rond 1900 was weinig ruimte voor
die krachtige en persoonlijke vernieuwing die De Nerée bracht
en die in het buitenland al veel meer aanhangers had.

Ook vandaag is dit voor veel mensen nog ingewikkeld.
Wie alleen kijkt naar de maker, mist de compositie.
Wie zich openstelt voor zijn beelden, ervaart misschien geen antwoord
— maar een fluistering. Een echo van het onzegbare, die in stilte resoneert.
WhiteSpace

Een persoonlijke noot achteraf: Ik plande vijf artikelen over ‘Anders dan de anderen’. Deze derde tekst speelde al vanaf het begin in mijn hoofd. Het is de belangrijkste van de reeks — niet toevallig dus dat ik hem niet als eerste bracht.

Op zoek naar de perfecte kneep

Ik ga weer aan de slag met het inbinden van de dummy voor
mijn project ‘Denken over oorlog en vrede’.
Ik begin bij het artikel van Karin Cox (Handboekbinden nummer 3
– 2024, de uitgave van de Stichting Handboekbinden).

IMG_7407BoekblokOnderMetalenDriehoek

Intussen ligt mijn dummy te wachten op mijn werktafel.


Cox maakt een interessante opmerking over De Bray.
Hoewel die misschien complex klinkt,
laat ze juist de praktische kant van middeleeuws boekbinden zien.

Die opmerking is:

‘NB De Bray raadt voor dikke folianten alternerend naaien (naaiposities overslaan) aan…’

Dus: als het niet nodig is: niet doen.
Bij dikke boeken werd het naaien van de katernen soms eenvoudiger
gemaakt door meerdere katernen tegelijk te binden. Dat was sneller,
kostte minder materiaal en het resultaat was blijkbaar nog steeds goed.

De opmerking over De Bray geeft mij de kans om nog iets over hem te delen
met behulp van Copilot:

Dirck de Bray was een fascinerende figuur uit de Nederlandse Gouden Eeuw — een echte duizendpoot. Naast schilder, tekenaar en houtsnijder was hij ook boekbinder en prentkunstenaar. In 1658, toen hij nog leerjongen was, schreef hij een uniek handgeschreven en geïllustreerd boekje: Onderwijs van ’t boek-binden. Dit werk is bijzonder omdat het de enige volledige handleiding over boekbinden is van vóór de 18e eeuw.

Wat maakt het boekje zo speciaal?
Het bevat 56 bladen met 16 kleurrijke tekeningen, uitgevoerd met pen en waterverf.
De Bray beschrijft het standaard boekbinden, niet de luxe varianten.
Het manuscript wordt bewaard in het Noord-Hollands Archief in Haarlem.
In 1977 verscheen een facsimile met transcriptie en Engelse vertaling.
Later stopte De Bray met boekbinden en richtte hij zich op schilderkunst.
Rond 1680 trad hij zelfs toe tot een klooster in Brabant,
waar hij in 1694 overleed.

Het is de bedoeling om de rug rond te slaan.
Zowel Cox als Goddijn spreken over die stap.
Heel veel ruimte besteedt Cox niet aan de manier waarop je dat kunt doen.
Ik vermoed dat ze dat als bekend verondersteld.
De foto’s in het artikel tonen, naar mijn gevoel, op zijn best een
afronding van de hoeken van het boekblok:

AfgerondBoekblokHandboekbindenNummer3-2024Pag122-123Fig7

Afgerond boekblok, Handboekbinden, nummer 3 – 2024, pagina 122 – 123, fig 7.

AfgerondBoekblokHandboekbindenNummer3-2024Pag124-125Fig10

Afgerond (?) boekblok, Handboekbinden, nummer 3 – 2024, pagina 124 – 125, fig 10.


Goddijn beschrijft wel hoe je te werk kunt gaan.
Maar hij geeft aan (Pagina 156, 1e kolom, bovenaan):

“Ook moest de rug niet te rond worden geslagen.”

Een illustratie in het boek geeft dit beeld (ronder dan bij Cox):

IMG_7409PeterGoddijnPagina157

Peter Goddijn, pagina 157.


Beide doorspekken deze tekst met informatie over het lijmen
van de rug en de textiele en perkamenten stroken
die de rug gaan verstevigen.
Wat me opviel: de rug van een boekblok vertoont van nature
een neiging naar een kneep. Door het garen ontstaat in de vouw
van elk katern een verdikking — voelbaar als je het boekblok
tussen duim en vingers indrukt.

Het rondzetten is bedoeld om dit effect te versterken en
in goede banen te leiden.. Voel het maar eens, knijp
maar eens met je vingers in het katern.
Het rondzetten is een stap om naar een kneep toe te werken.

IMG_7408VoelGarenverdikkingInBoekblok

Voel de verdikking door het garen in de vouw van de ksternen.


Ik vond de teksten te veel ruimte voor interpretatie hebben om tot
een plan van aanpak te komen. Daarom nam ik er ook nog even het boek
van Edith Diehl bij (pagina 136, figuur 77c, d, e en f).

IMG_7410EdithDiehlPagina136Figuur77cdef

Edith Diehl, pagina 136, figuur 77-c, d, e en f.


De afbeeldingen tonen eigenlijk wat Goddijn beschrijft (pagina 156,
eerste kolom, net onder het midden:

“Leg het boek met de frontsnede naar de rand van de tafel sla met een brede hamer voorzichtig op de bovenliggende rand van de rug. Trek hierbij met de vingers van de vrije hand, die op het boek wordt geplaatst, het schutbladkatern (en daarmee de gehele bovenzijde van het boekblok) naar voren. De duim van dezelfde hand houdt tegelijkertijd de onderste helft van het boekblok tegen. Draai het boek om…….

Plan van aanpak (op basis van wat ik gelezen heb):

1. lijm de rug van het boekblok tussen de bindingen
als de bindingen niet verankerd waren op de
schutbladkaternen door de extra steken dwars door
de spitsels en achtersteeksels, dan had je die nog door
het garen van de binding kunnen bewegen
2. Laat de lijm drogen totdat hij plakkering is
of maak na het volledig drogen van de rug de lijm
een beetje vochtig
3. rond het boekblok aan beide schutbladkanten wat af
4. bepaal de grootte voor stroken perkament
die tussen de bindingen de rug gaan versterken.
Snij de stukken 3 cm breder dan de breedte van de rug
5. bepaal de grootte van de stroken shirting
die tussen buitenste binding en kop/staart komen.
Snij ze net zo breed als de perkamenten stroken
6. bevestig stroken perkament en shirting

De stap die hierna volgt is het maken van het kapitaalband.
Maar ik ga nu eerst de volgende zaken realiseren:

Vanmiddag heb ik een stuk beukenhout gehaald om kneepplanken
te maken. Ik kan geen winkel vinden die ze verkoopt.
De enkele keer dat oude kneepplanken worden aangeboden zijn ze bijna
onmiddellijk ook verkocht.

IMG_7413BeukenhoutVoorKneepplank

Beukenhout voor het zelf maken van boekenplanken of meubels. Een meter bij 20 cm breed en 1,8 centimeter dik.


Copilot maakte een schets voor de ideale kneepplank.
De maten moet ik nog wel eens langs mijn blokpers houden.
Want daarin ga ik ze gebruiken.

SchetsKneepplank Copilot_20250726_161850


Als de planken gereed zijn ga ik de stappen 1 tot en met 6
van hierboven uitvoeren.
Jullie zullen snel mijn avonturen met het maken van kneepplanken en
het rondzetten van mijn boekblok hier kunnen lezen.

Wir haben es nicht gewusst?

IMG_7412NRC20250726OmarAlQattaaUithongeringAlsWapenVanIsraëlWirHabenEsNichtGewusstVraagtekenIMG_7411NRC20250726OmarAlQattaaUithongeringAlsWapenVanIsraëlWirHabenEsNichtGewusstVraagteken

NRC, vandaag zaterdag 26/07/2025, Omar Al-Qattaa, Persbureau Agence France-Presse, Uithongering als wapen van Israël. Wir haben es nicht gewusst?


Langs lijnen van geleidelijkheid

Couperus lees ik graag.
Ik lees Couperus niet dagelijks, maar telkens met plezier.
Vooral van ‘Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan…’
ben ik steeds weer onder de indruk.

De gesprekken tussen de oude Ottilie Dercksz en Emile Takma
gaan soms over koetjes en kalfjes, soms over serieuze zaken,
meestal in bedekt taalgebruik, de gesprekken ontrollen
zich langzaam en gaan meanderend over het papier.

Prachtig om te lezen!

Maar als ik naar de titels kijk van de werken van Couperus
dan springen er voor mij een paar uit:
1892 Extaze. Een boek van geluk
1896 Metamorfoze
1900 Langs lijnen van geleidelijkheid
1910 De berg van licht
1915 Iskander. De roman van Alexander den Groote
1918 Het zwevende schaakbord
1923 Het snoer der ontferming (verhalen)

In dit groepje is ‘Langs lijnen van geleidelijkheid’ de absolute topper.
Deze titel verwoordt zo mooi wat er gebeurt in ‘Van oude mensen,
de dingen die voorbijgaan…’,
maar ook in het werk van Carel de Nerée.

Zijn werk is gecentreerd rond de lijn als stijlelement.
Niet het vlak zoals bij Rothko, niet de punt zoals bij Seurat,
niet de lijn omdat het moet bij de etsen van Rembrandt,
niet de kleur zoals bij Vermeer, niet de toets zoals bij Van Gogh
en niet het lood zoals bij Anselm Kiefer.

Maar de lijn als een element dat zich langzaam, heel voorzichtig en
geleidelijk ontrolt over het papier.
De lijn die een eigen leven leidt. Die of het onderbewustzijn
van de Nerée volgt of misschien niet altijd doet
wat de Nerée wil, maar zijn eigen weg inslaat.
Zodat er afbeeldingen ontstaan die vreemd over kunnen komen.

Soms wil die lijn geen details en zien we ‘uitgemergelde’ portretten.
Portretten haast zonder vlees.
Soms wil de lijn juist veel details, veel kronkelende lijnen.
Soms staan er zaken op de werken die we niet kunnen verklaren,
wie zijn die mensen, en waarom dié mensen?

IMG_7399CarelDeNeréeTotBabberichSanderBinkVe rfijndeLijnenCarelDeNeréeTotBabberich1880-1909KunstEnLeven

Sander Bink, Verfijnde Lijnen – Carel de Nerée tot Babberich 1880 – 1909, Kunst en Leven.


Dat spel van lijnen kom je tegen in de literatuur maar
dus ook in andere kunstvormen.
Daarom noemen we dingen ‘Arabesken’, daarom noemt Sander Bink
zijn biografie ‘Verfijnde lijnen’, daarom gebruikt Couperus
‘Langs lijnen van geleidelijkheid’.

IMG_7403CarelDeNeréeTotBabberichLouisCoupeusHertalingAlbertKroezemannLangsLijnenVanGeleidelikheid

Louis Coupeus, hertaling door Albert Kroezemann, Langs lijnen van geleidelijkheid.


Ik wil in een landkaart die inzichten uit verschillende kunsten samenbrengen,
met hun overeenkomsten en verschillend bij elkaar.
Ik begin met een beschrijving….

Kaart van de Verfijnde Geleidelijkheid

Op onderstaande kaart zie je in het noorden van het continent
het ‘Koninkrijk van Arabesken’, waar de lijnen zich sierlijk kronkelen
als klimop rond marmeren zuilen.

Hier heerst de beeldtaal van de Art Nouveau: versieringen, krullen,
en het verlangen naar schoonheid als een manier van leven.

Meanderende rivieren liggen als gevlochten haarlokken in het land.
De ‘Rechtvaardigheidsrivier‘ combineert de schoonheid van het
heldere water en de natuur erin en eronder,
met de diepzinnigheid van de inwoners.

Ten zuiden daarvan komen de ‘Bergen van Licht’ in beeld.
Het gouden licht van de zon bedekt hun pieken.
Het is daar dat de grote Schrijvers wonen, die Denkers en Fantasten.
Hier blaast de literatuur mens en natuur het leven in.
Het verkent en beschrijft het onderbewustzijn van de
bewonderaars van de kunsten.

Aan de oostgrens ligt de ‘Metropool van Verfijnde Lijnen’,
een stad geboren uit het verlangen naar het volmaakte gebaar.
Hier leeft men met stijl, spreekt men in bloemrijke symbolen,
en beweegt men langs lijnen die fluisteren van verheven idealen.

Langs de westelijke rand slingert zich een pad — Lijn van Geleidelijkheid.
Geen snelweg, maar een serpenterende route die zich langzaam ontvouwt.
Hier wandelt de figuur van Carel de Nerée, soms zichtbaar,
soms schuilgaand achter een sluier van vergetelheid.
Zijn werk is hier geen monument,
maar een echo die zich pas toont door langzaam te kijken.

Aan de zuidwestelijke rand, waar het licht vervaagt en de lijnen
uitgegumd lijken, ligt het Bos van de Laatste Adem.
De bomen zijn hier gestold in hun groei, de wortels verweven met
restanten van vergeten zinnen.
Op sommige stammen lijkt nog een spoor van Oost-Indische inkt te rusten
— een lijn die nooit is afgemaakt, een krul die weigert te verdwijnen.
Wie hier afdaalt, stapt in een stilte die Nerée’s handschrift
nog even vasthoudt.

En ergens, bij al deze gebieden, ligt een nog onontdekt eiland:
Het Zwevende Schaakbord.
Een plek waar strategie, spel en mysterie samenkomen.
De regels zijn onbekend, de zetten intuïtief.
De stukken zijn niet van hout of steen, maar van intentie en taal.
Wie hier speelt, verplaatst geen pion — hij verschuift perspectief.
Soms staat een zet al klaar voor je haar bedenkt.
Soms blijft het bord zelf even zweven, wachtend op betekenis.

KaartVanVerfijndeGeleidelijkheid Blog


Het is in deze landschappen waar je als toeschouwer van Carel de Nerée
nog bijzondere scherven kunt vinden uit het verleden.
Ik laat je er een paar zien die ik gevonden heb en ben benieuwd
naar jouw vondsten:

‘Portretten haast zonder vlees.’

IMG_7333CarelDeNeréeTotBabberichVrijeStudeNaarEenOnbekend1900-1901Potlood

Carel de Nerée tot Babberich, Vrije studie naar een onbekend, 1900 – 1901, potlood.

IMG_7335CarelDeNeréeTotBabberichKijkenInDeZielTxt


‘Soms wil de lijn juist veel details, veel kronkelende lijnen.’

IMG_7345CarelDeNeréeTotBabberichAllegorischeVoorstellingMetFigurenEnEenPauwInEenTuin(Detail)1899-1901PotloodBruineInktMetPenRoeInktMetPenseelWitteDekverf

Carel de Nerée tot Babberich, Allegorische voorstelling met figuren en een pauw in een tuin (detail), 1899 – 1901, potlood; bruine inkt met pen; rode inkt met penseel; witte dekverf.

IMG_7346CarelDeNeréeTotBabberichAllegorischeVoorstellingMetFigurenEnEenPauwInEenTuin1899-1901PotloodBruineInktMetPenRoeInktMetPenseelWitteDekverfTxt


‘Soms staan er zaken op de werken die we niet kunnen verklaren, wie zijn die mensen?’

IMG_7372CarelDeNeréeTotBabberichConstanceDeNeréeTotBaberich-VanHoutenOntwerpBorduurwerkEnSchilderingOpZijdeLeVitrail1903-1904

Carel de Nerée tot Babberich (ontwerp) en Constance de Nerée tot Babberich – Van Houten (Borduurwerk en schildering op zijde), Le Vitrail (het glas-in-lood-raam), 1903 – 1904.

IMG_7373CarelDeNeréeTotBabberichConstanceDeNeréeTotBaberich-VanHoutenOntwerpBorduurwerkEnSchilderingOpZijdeLeVitrail1903-1904TxtGlasInLoodRaam


Vol verwondering kijk ik uit naar het volgende, mijn derde bericht
in de serie over de tentoonstelling ‘Anders dan de anderen’
in het Dordrechts Museum.

Als extra achtergrondinformatie tref je hier nog
een meer volledige lijst met titels van Couperus aan.

Welke titels spreken jou, intuïtief het meest aan?

CouperusTitels


Verstopt in het museum: De wereld van De Nerée

Onlangs bezocht ik in Dordrecht een intrigerende tentoonstelling met
werk van Carel de Nerée tot Babberich.
De naam zei me niets, maar gelukkig gold dat ook voor Femke
Hameetman. Zij is artistiek directeur van het Dordrechts Museum.

In een interview op NPO Radio 1 vertelde ze in april dat ze De Nerée
niet kende voordat ze aan dit project begon. Het geluidsfragment
is online nog steeds te beluisteren.

Waarom ging ik naar die tentoonstelling? Ik ken de kunstenaar niet,
het was een kleine tentoonstelling, geen evenement dat de
voorpagina’s haalt.

IMG_7394ArabeskenNummer65Juni2025


Mijn bezoek werd ingegeven door een artikel in ‘Arabesken’,
het tijdschrift van het Louis Couperus Genootschap.
Geen blad dat je overal ziet liggen, maar vaak boordevol interessante stukken
over Couperus, Den Haag en de wereld rond 1900.

‘Arabesken’ zijn sierlijke, vaak symmetrische decoratieve motieven die bestaan uit gestileerde bladeren, ranken, bloemen en soms geometrische patronen.
In literatuur een stijl die verwant is aan de beeldende betekenis van een arabesk: sierlijk, fragmentarisch, en vaak met een dromerige of symbolische inslag.

In de ‘Arabesken’ van juni vond ik drie artikelen die me
meteen opvielen:

IMG_7395ArabeskenSimonMulderChaitaliSenguptaBoekenZijnGeweldigeVerbindersPag32-33

Arabesken, Simon Mulder, Chaitali Sengupta: Boeken zijn geweldige verbinders, pagina 32 – 33.


= een interview met vertaalster Chaitali Sengupta. ‘Boeken zijn
geweldige verbinders’ Ze vertaalt werk van Couperus voor de Indiase markt!
= een in memoriam voor bibliofiel drukker Boris Rousseeuw. Zijn druk van
‘Orchidee tussen de aardappels. Louis Couperus bespot in woord en beeld’
staat ook in mijn boekenkast
= een verslag van de openingsbijeenkomst van de tentoonstelling
‘Anders dan de anderen’ door Simon Mulder, waarin de link tussen De Nerée
en Couperus wordt gelegd.

IMG_7396ArabeskenEvertPaulVeltkampInMemoriamBibliofielDrukkerBorisRousseeuwPag46-47

Arabesken, Evert Paul Veltkamp, In memoriam bibliofiel drukker Boris Rousseeuw, pagina 46 – 47.


Dat én het feit dat Dordrecht vanuit Breda in slechts 30 minuten bereikbaar is,
maakten het een ideale bestemming voor een zondagmiddag.

IMG_7397ArabeskenSimonMulderLouisCouperusInHetMuseumPag52

Arabesken, Simon Mulder, Louis Couperus in het museum, pagina 52.


Van het station loop je al snel via de Gebroeders de Witt naar
de Groothoofdpoort in de haven. Een prachtige wandeling
door een belangrijke 17e-eeuwse stad met prachtige
panden en mooie verhalen. Uitzicht op havens en groot water.

IMG_7398ArabeskenSimonMulderLouisCouperusInHetMuseumPag53

Arabesken, Simon Mulder, Louis Couperus in het museum, pagina 53.


Op de weg terug liep ik naar het Dordrecht Museum. Een groot
museum waar ik de afgelopen jaren bijvoorbeeld een
grote tentoonstelling over het werk van Aelbert Cuyp zag. De
beroemde zoon van Dordrecht.

Ik kan niet zeggen dat ik het museum als mijn broekzak ken
maar de indeling van de ruimte roept ook nu weer bij
mij vragen op.
De tentoonstelling ‘Anders dan de anderen’ is met 40 werken,
veel van klein formaat, geen grote tentoonstelling.
Zeker niet in de betekenis van ruimtebeslag.

Om de tentoonstelling te bereiken ga je naar boven, loop je
door een tentoonstelling ‘de Galatea kunstprijs’, de
familietentoonstelling ‘Ik zie, ik zie’ (volgens mij heel leuk
met tenminste één Karel Appel die kinderen zal aanspreken)
en schamp je langs het staartje van ‘De wereld van Johan de Wit’.

IMG_7347CarelDeBeréTotBabberichSerpentineDetail1901-1904

Carel de Nerée tot Babberich, Serpentine (detail), 1901 – 1904.


Als je dan de tentoonstelling van De Nerée binnenloopt
hangt de introductie tekst niet echt op een intuïtieve plaats
en sta je een beetje plompverloren in een grote zaal.

IMG_7361CarelDeBeréTotBabberichTweeVrouwnDetail1904

Carel de Nerée tot Babberich, Twee vrouwn (detail), 1904.


Twee kleinere tentoonstellingsruimtes zijn een beetje in de
hoeken weggestopt.
De afgelopen jaren waren heel moeilijk voor musea en de
financiering is en blijft steeds behelpen.
Maar als museumdirectie zou ik de plattegrond van het
museum toch eens goed tegen het licht houden.

IMG_7363CarelDeBeréTotBabberichDeBruidDetail1901

Carel de Nerée tot Babberich, De bruid (detail), 1901.


Misschien is mijn introductie geen verkooppraatje,
maar het is wel mijn ervaring.
De werken spraken me zeer aan, en daarom zal ik in volgende
berichten dieper ingaan op uiteenlopende aspecten van
het werk van Carel de Nerée.
Mijn foto’s zul je daarbij steeds tegenkomen.
Ik nodig je van harte uit om mee te lezen.

Verven met woorden

Het Dordrechts Museum schenkt jaarlijks aandacht aan de
deelnemers en de winnaar van de Galatea kunstprijs.
De prijs wordt uitgereikt aan een kunstenaar die tot
voor kort een vluchteling was.

Shamseddin Moradi is een van de deelnemers aan de huidige
editie van de prijs maar niet de winnaar.
Maar zijn werk sprak me meten aan en bezoekers aan mijn
blog hebben dat al eerder kunnen zien.
Want kunst waarbij gebruik wordt gemaakt van/met tekst,
abstract als Cy Twombly, Arabisch of met gedrukte letters.
Het maakt niet uit. Het heeft een grote antrekkingskracht.

IMG_7324ShamseddinMoradiIran1975DanceOfWords2023AcrylverfOpDoek

Shamseddin Moradi, Iran, 1975, Dance of words, 2023, acrylverf op doek.

IMG_7325ShamseddinMoradiIran1975DanceOfWords2023AcrylverfOpDoekTxt


IMG_7326ShamseddinMoradiIran1975TreesAreTalking2024MixedMediaOpDoek

Shamseddin Moradi, Iran, Trees are talking, 2024, mixed media op doek.


IMG_7329ShamseddinMoradiIran1975DawnAgain2024BladgoudAcrylverfOpDoek

Shamseddin Moradi, Iran, Dawn again, 2024, bladgoud en acrylverf op doek.


IMG_7328ShamseddinMoradiIran1975MigrationRebirth2024AcrylverfOpDoek

Shamseddin Moradi, Iran, Migration rebirth, 2024, acrylverf op doek.


IMG_7331ShamseddinMoradiIran1975ZelfsAanDeRandVanDeAfgrondIsHetLevenDeMoeiteWaard

Zelfs aan de rand van de afgrond is het leven de moeite waard.


FABULOUS Dordt

IMG_7303DordrechtFabulousStories

Het maken van foto’s in Dordrecht is een feest.
Iedere foto vertelt een verhaal, je kunt bij iedere foto
een verhaal vertellen of verzinnen of je leest hier op mijn
blog een verhaal bij de foto’s.

Veel kijkplezier!

IMG_7302DordrechtVlinderOfNietBreda

De eerste foto is niet in Dordrecht gemaakt maar onderweg, nog in Breda. Wat zie je hier……? Is het een bruine vlinder of is het iets anders….? Verzin er maar een eigen verhaal bij.


IMG_7307DordrechtJapieEnBavinkEnDeDoorbraakVanDeModerneKunst

Terwijl ik in Dordrecht door een straatje liep zag ik in een etalage van een boekhandel plots dit boek liggen. Toeval bestaat niet. Eerder besprak ik een margeuitgave met de titel ‘Nescio’. In de artikelen in het boek worden Japie en Bavink regelmatig aangehaald. En dan ligt hier: ‘Japi en Bavink en de doorbraak van de moderne kunst’.


IMG_7308DordrechtNederlandsScheepsverbandMyHaarArbeid1949

Een beer in een bootje op een gedenksteen uit 1949 voor de Nederlandse Scheepsverband maatschappij ‘Haar arbeid’. Weinig over bekend in publieke bronnen. Dus ik hoor het graag als je iets hiervan weet.


IMG_7309DordrechtIMG_7311DordrechtIMG_7312Dordrecht

Ik zou die schoorsteen weghalen….


IMG_7313DordrechtSuikerraffinaderijStokholmIMG_7314DordrechtIMG_7317DordrechtHuisDeMeerminnenKariatiden

Gebouwd in 1646 door wolwever Philips opde Beeck.
In de 18e eeuw woonde dominee François Valentijn er,
bekend van zijn reizen met de VOC.
Hij beweerde op Ambon een zeemeermin te hebben gezien
en versierde de salon met schelpen.
De naam “De Meerminnen” werd pas in 1980 aan het huis gegeven.
De voorgevel dateert uit 1740 en bevat witte stenen beeldhouwwerken
die lijken op zeemeerminnen, maar het zijn eigenlijk kariatiden:
vrouwenfiguren die als pilaren dienen.

IMG_7318DordrechtIMG_7321DordrechtIMG_7322DordrechtGroothoofdTableau

Het tableau op de stadspoort: de Groothoofdspoort in Dordrecht.


Het tableau boven de poort van de Groothoofdspoort in Dordrecht toont
de Maagd van Dordrecht, omringd door zestien stadswapens die
verwijzen naar steden die historisch verbonden zijn met Dordrecht en
de vroegste fase van de Nederlandse Opstand in de 16e eeuw.

Symboliek van het tableau
De Maagd van Dordrecht verbeeldt de stad als beschermer van vrijheid,
verdraagzaamheid en stedelijke autonomie.

De omliggende wapens verwijzen naar steden die in de 16e eeuw
een rol speelden in de beginnende Nederlandse Opstand,
en symboliseren een bredere verbondenheid tussen deze steden.

De tuin waarin ze zit, omringd door stadsmuren, suggereert veiligheid
en rust te midden van politieke turbulentie — een soort
‘hortus conclusus’ voor de idealen van vrijheid.

Onder het tableau zijn twee zinnen te lezen in Latijn:

Pax civium et concordia tutissime urbem muniunt
“De vrede en eendracht van de burgers versterken de stad het veiligst”

en

Custos esto mihi Deus Jehova
“Laat God Jehova mijn beschermer zijn”

Maar er is nog een tweede boodschap in de laatste zin.
Als je de letters optelt die ook een Romeins cijfer zijn
dan vindt je 1618:

Maar er zit nóg een laag in: het is ook een chronogram. Als je de Romeinse cijfers in de zin optelt (C, V, M, I, I, D, V, I, V), kom je uit op 1618—het jaar waarin de poort zijn huidige vorm kreeg

Het volgende plaatje verklaart het nog eens:

CustosEstoMihiDeusJehova


Bindend verleden: een boekbindproject rond Hugo de Groot

In een serie berichten neem ik je mee op mijn boekbindavontuur.
Daarbij volg ik de Stichting Handboekbinden die het initiatief nam voor
een bijzonder boekbindtraject. Alle leden en belangstellenden kunnen meedoen.
Natuurlijk kozen ze er voor een boek in losse katernen beschikbaar
te maken rond een belangrijk historisch boek dat vandaag nog
steeds actueel is. Het project zal worden afgerond met een tentoonstelling
van alle handgebonden boeken in Rijksmuseum Slot Loevestein.

Het boek verschijnt ter gelegenheid van het feit dat in 2025 het
400 jaar geleden is dat het boek ‘de iure belli ac pacis’ van
Hugo de Groot verscheen.
Deze Nederlandse denker, over onder andere recht, schreef dit boek en
vanwege de grote invloed van het boek op ons denken over de
juridische kant van oorlog en vrede, werd dit in 1991 als deel 8 opgenomen
in de serie ‘Geschiedenis van de wijsbegeerte in Nederland’.
De uitgave die ik wil gaan inbinden en die in losse katernen te koop is
bij de Stichting Handboekbinden, is verzorgd door en voorzien van
inleiding en annotaties door A.C. Eyffinger en B.P. Vermeulen.

Dus een dik en groot boek met een belangrijke inhoud.
Ik koos er voor om als bindwijze de ‘Spitselband’ te gebruiken.
Deze bindwijze was populair in oa Nederland in de 16e en
17e eeuw.

Omdat ik deze manier van binden niet eerder heb toegepast besloot ik
eerst een dummy te maken. De katernen zijn daarvoor gereed.
De spitsels en de ‘achtersteeksels’ zijn uit perkament gesneden en
de eerste katernen zijn al ingebonden met kettingsteek en rondslag.

Tijd om deze eerste stap in het inbinden af te ronden.
Het meest interessante deel voor mij was het laatste katern. In
dit geval is dat een schutbladkatern.
Bij beide schutbladkaternen wordt de rondslag iets anders uitgevoerd.
Deze keer ga ik niet zomaar rond de perkamenten spitsel maar begin je
door met de naald midden door achtersteeksel en spitsel te gaan.
Het geeft je de kans om de dikte van het boekblok vast te zetten
en om op een stevige manier het inbinden af te ronden.

Het afronden van deze eerste stap, zag er in foto’s als volgt uit:

IMG_7295DenkenOverOorlogEnVredeInbindenIMG_7296DenkenOverOorlogEnVredeInbindenIMG_7297DenkenOverOorlogEnVredeInbindenIMG_7298DenkenOverOorlogEnVredeInbindenSpitselVoorprikkenIMG_7299DenkenOverOorlogEnVredeInbindenStapEenGereed

Bij het laatste katern ging het helaas mis. Ik trok te hard en op de verkeerde manier aan het garen, met als gevolg dat de draad het katern een stuk inscheurt. Dat ziet er niet mooi uit en je verliest ook een beetje stevigheid. Maar het zorgt er niet voor dat ik niet verder kan. Dus op naar de volgende stap.


Aan mij de taak om het artikel van Karin Cox weer te vervolgen
en de inhoud ervan te vergelijken met het hoofdstuk van Peter Goddijn.
Zij zijn de twee bronnen waar ik me op baseer.
Natuurlijk lees je daar binnenkort weer over hier op mijn blog waarbij
ik de vergelijking tussen beide bronnen uitdiep.

De aardappelprijs gaat van 0,30 naar 0,03 euro per kilo. Hoe kan dat?

Vanochtend beluisterde ik een interview door Astrid Kersseboom
met Jasper Roubos, voorzitter van de Producentenorganisatie
Consumptieaardappelen (POC).
Het is vakantietijd dus misschien was het interview niet zo
grondig voorbereid.

Het interview viel op door het beperkte beeld dat Roubos schetst
van de aardappelmarkt.
Zijn oplossing voor alle problemen was om een producentenorganisatie
op te zetten waarvan hij voorzitter is.
In een speelveld met multi-nationals is het voor een individuele boer
moeilijk een vuist te maken. Maar een analyse die concludeert dat
de oplossing voor de vele problemen in de agrarische sector, die van heel
diverse aard zijn, ligt in het samenbrengen van telers…..
Dat riekt naar eigenbelang.

Dat eigenbelang bij een aantal spelers in het agrarisch veld
zeer belangrijk lijkt, is volgens mij mij een oorzaak van het verstoorde
beeld dat ontstaan is in Nederland.
Denk aan de meest uiteenlopende partijen zoals banken, verzekeraars,
opleidingsinstituten, adviesbureaus, politici, multi-nationals,
veevoederproducenten, leveranciers van machines, meststoffen,
dierenartsen en medicijnproducenten, retail, marketing,
landbezitters,…….

Het beeld van Roubos haakt weer aan bij het beeld dat veel mensen in Nederland
hebben en dat door sommige politieke partijen (BBB) in leven
wordt gehouden, maar dat al heel lang niet meer realistisch is.

Het beeld van de superboer, die keihard werkt, die de namen van
zijn dieren kent, die alles doet voor de kwaliteit van zijn producten
en onze gezondheid, die niet aan een vrouw kan komen (of juist wél, mits hij zich
aanmeldt voor ‘Boer zoekt Vrouw’, waar Minister Wiersma haar agrarische/politieke
carrière lanceerde), die briljant innovatief is, die het slachtoffer is
van slecht weer en die altijd werkt voor kleine of niet bestaande marges.

Maar de boer is geen slachtoffer, het is een ondernemer in een globale
markt voor voeding.

Het zou best wel eens kunnen dat sommige sectoren in die
transitie de spreekwoordelijke boot gemist hebben of
maar doorploeteren op een eerder ingeslagen weg.

Even terug naar de prijs van de aardappelen.

In 2021 aten we in Nederland 41,4 kilo per persoon (vers en diepvries).
We eten steeds minder aardappelen.
Vers (thuis op tafel) is dalend, diepvries (friettent, McDonald’s (etc) en
restaurant) stabiel.

De reactie van de agrarische wereld is vreemd:

In 2025 wordt er meer dan 83.000 hectare consumptieaardappelen geteeld, een stijging van 8,6% ten opzichte van het jaar ervoor (CBS).

Want tegelijk daalt de opbrengst per hectare. De redenen daarvoor zijn:
= Slechtere weersomstandigheden (natte lentes, droge zomers),
= Bodemverdichting en verminderde vruchtbaarheid,
= Beperkte vruchtwisseling.

Wat een statistisch geneuzel. Wat zit er echt achter…

Slechtere weersomstandigheden= klimaatverandering
Bodemverdichting= te intensieve landbouw
Beperkte vruchtwisseling= gehoor geven aan economische druk

LagereOpbrengstAardappelen

Dus in Nederland gebruiken we steeds minder aardappelen en
het klimaat wordt steeds ongunstiger voor de aardappelteelt.
Boeren reageren daarop door juist vaker en dus meer aardappelen
aan te planten op meer grond.
Het gevolg is dat de opbrengst per hectare daalt.

Waarom betalen we dan zo veel voor aardappelen (begin 2025)?
Daarvoor zijn de volgende redenen aan te wijzen:
= Lage opbrengst per hectare
= Sterk stijgende vraag vanuit de fritesindustrie
Vooral Belgische en Franse fabrieken breidden hun capaciteit fors uit.
Ze zochten actief naar vrije aardappelen, wat de markt opdreef
= Beperkt aanbod van vrije aardappelen
Veel telers hielden hun aardappelen vast in de hoop op nog hogere prijzen.
Daardoor ontstond schaarste op de vrije mark
= Hoge kostprijs voor telers
Door gestegen kosten voor arbeid, energie en pacht waren prijzen
van €0,30 – €0,40 per kilo nodig om rendabel te blijven

Samenvattend (hoge prijs):
Minder aardappelen per hectare, vraag vanuit export, speculatie
met aardappelen leiden tot een hoge kostprijs en/of slechte
bedrijfsvoering leidde tot uitzonderlijk hoge prijzen voor de consumenten.

Waarom daalt de aardappelprijs dan nu plotseling?
= Overproductie door areaaluitbreiding
In reactie op de hoge prijzen breidden telers in heel
Noordwest-Europa het areaal uit.
= Aanbodoverschot of structurele scheefgroei in de markt
Toen bleek dat de vraag achterbleef op de verwachting,
ontstond een probleem. De vrije markt fungeert als “afvoerputje” voor
overschotten. Telers zonder contract raken hun aardappelen moeilijk
kwijt en moeten soms verkopen onder kostprijs.
= Concurrentie uit lagekostenlanden
India, China en Egypte vergroten hun marktaandeel met goedkope
aardappelen van redelijke kwaliteit. Dit drukt de exportmogelijkheden
van Europese telers en de prijs.
= Aardappelen als veevoer
Partijen waarvoor geen afzet is, worden afgevoerd als veevoer.
Dat drukt de prijs.

Samenvattend (lage prijs):
Slechte agrarische politiek, speculatie en het dumpen van producten leidt
tot de prijsval.

PrijsschommelingenAardappelen

Hierboven wordt gesproken over ‘Vrije aardappelen’.
Dat zijn aardappelen waarvoor niet een teeltcontract is afgesloten
aan het begin of gedurende de teelt.

Kenmerken van vrije aardappelen:
– Geen vaste prijsafspraak vooraf: de teler gokt op een gunstige marktprijs.
– Meer risico, maar ook kans op hogere opbrengst: als de marktprijs stijgt,
kan de teler meer verdienen dan bij een contract.
– Sterk prijsgevoelig: bij overaanbod of lage vraag kunnen de prijzen kelderen,
soms tot onder de kostprijs.

Het tegenovergestelde zijn contractaardappelen:
– Vooraf wordt de opbrengst verkocht tegen een vaste prijs of prijsformule.
– Minder risico voor de teler, maar ook minder kans op meevallers.
– Vaak geleverd aan fritesfabrieken of supermarkten.

Wat blijkt, in Nederland wordt het overgrote deel van de aardappelen
op contractbasis geteeld.
Consumptieaardappelen grotendeels via contracten en deels via de vrije markt.

Het aandeel vrije aardappelen binnen de consumptieaardappelen in Nederland
is relatief klein.
In sommige jaren is de vrije voorraad slechts 13–20% van het totaal.

De rest, de contractaardappelen, wordt via contracten geleverd aan verwerkers
zoals Aviko, Farm Frites, McCain en LambWeston.

Dus de prijzen gaan in Nederland als een jojo op en neer terwijl
de meeste Nederlandse boeren telen onder contract.
De speculatie en prijsvorming vindt dus grotendeels buiten Nederland plaats.
Het is een globale markt.

Nederland is een relatief grote aardappelteler, wereldwijd nummer 11 qua opbrengst.
Om een idee te hebben:
China: 94 miljoen ton
India: 54 miljoen ton
Nederland: 6,7 miljoen ton

We zijn innovatief en groot en goed op gebied van pootaardappelen.
Maar we zijn op vlak van consumentenaardappelen geen wereldwijde marktleider.
Als je dus in Nederland probeert om op aardappelteelt voor
consumenten een beleid te ontwikkelen heb je een bord voor je kop.

Alleen samenwerking in EU-verband kan de sector van consumentenaardappelen
stabiliseren.

Anders gezegd in beleidstaal:

Beleid voor consumentenaardappelen in Nederland is beperkt effectief:
= De binnenlandse consumptie daalt structureel.
= De productie is grotendeels exportgericht of industrieel georganiseerd.
= De vrije markt is klein maar volatiel, en moeilijk te sturen met nationaal beleid.

Alleen EU-samenwerking biedt kans op stabilisatie.
= Gecoördineerde productieplanning kan overaanbod en dumping beperken.
= Gezamenlijke marktinformatie en prijsmonitoring kunnen prijsschommelingen dempen.
= Afstemming van contractvormen en kwaliteitsnormen kan de keten transparanter maken.
= Duurzaamheidsbeleid en bodemgezondheid kunnen op EU-niveau beter worden geborgd.

En daarmee gaat het beleid van de BBB en minister Wiersma door het raam.

Nu ging mijn verhaal niet over Wiersma, die is als minister toch al snel
richting de uitgang aan het gaan.
Maar vasthouden aan ons oude beeld over de agrarische sector maakt veel
onschuldige slachtoffers, niet in de laatste plaats de consument.
Ook op de lange termijn is het desastreus: economisch en ecologisch.
We gaan koppig door met het verpesten van het milieu terwijl de
economische verdeling tussen alle betrokken partijen zeer onevenwichtig is.

En dan voedselveiligheid.
Dat betekent iets als, kan ik het voedsel dat ik koop veilig nuttigen.
Maar ook, kan ik het straks nog kopen, leef ik in een gezonde wereld
en verdienen de mensen hun boterham in deze sector.
Op al die aspecten is het beeld onevenwichtig en dat is onacceptabel.

Gezichten in Dordrecht

Vandaag was ik in Dordrecht waar het veel minder druk was
dan wat ik verwachtte. Dat was enorm prettig.
Tijdens mijn wandeling fotografeerde ik wat gezichten,
van beroemde mensen maar ook van onbekenden.

IMG_7304DordrechtGebroedersDeWitt

Dordrecht, Gebroeders de Witt.


IMG_7305DordrechtIMG_7317DordrechtIMG_7319DordrechtIMG_7320DordrechtIMG_7322DordrechtIMG_7383Dordrecht

Carel de Nerée, portret in potlood.


IMG_7387DordrechtIMG_7388DordrechtKuifjeIn

Georges Remi / Hergé, Kuifje.


IMG_7389DordrechtIMG_7390DordrechtBeachPatrol


Krant als Krant of Krant als Vispapier? (vervolg)

Donderdag werd de krant op de gewone tijd bezorgd, inclusief een kaartje.
Vrijdag was meteen het ‘binnenkort’ van het kaartje, maar
de vrijdagkrsnt kwam op vrijdag. Alleen later.
Zaterdag kwam de zaterdagkrant voor 11:00 uur.

Ik ben benieuwd hoe dat volgende week gaat.

Dat de duisternis niet valt zoals we meestal zeggen, maar opklimt uit de aarde

Over schrijven, zwijgen en de wereld tussen mensen, God en natuur

IMG_7300UitgeverijFragmentPaulVanTongerenNescio

‘Nescio’ is Latijn voor ‘Ik weet het niet’ — een toepasselijk pseudoniem
voor een schrijver die slechts een klein maar intrigerend oeuvre naliet
van zo’n 200 pagina’s.
Maar als ik Paul van Tongeren in zijn twee essays mag geloven blijkt er
niet zoveel van dat ‘niet weten’.
Misschien had ‘Ik weet het niet zeker’ nog treffender geweest als pseudoniem.

In het eerste van twee artikelen die onlangs samen in boekvorm verschenen bij
Uitgeverij Fragment valt te lezen dat volgens Van Tongeren het werk
zich beweegt tussen drie polen: de mensen, God en de natuur.

De manier waarop Van Tongeren verwoordt hoe de verhalen van Nescio
zich bewegen tussen die drie polen is fascinerend. Jammer genoeg is het alweer
enige tijd geleden dat ik De uitvreter, Titaantjes en Dichtertje las,
maar juist daardoor las ik Van Tongerens analyse met hernieuwde nieuwsgierigheid.

‘De mensen daarentegen zijn druk bezig met van alles en nog wat; ze sloven zich af en denken dat dat enig doel dient.’

‘God alleen heeft niks noodig. En dat is nu juist ’t groote verschil tussen God en ons.’ God weet dat er geen doel is,…

De natuur….enerzijds is ze als de mensen: altijd in beweging, altijd strevend en bezig om iets voort te brengen. Maar anderzijds is ze dat in een oneindigheid, de oneindigheid van het altijd maar weer opnieuw, de oneindigheid die elk streven van zijn doel en van zijn zin berooft.

Dat is een wereldbeeld dat enige aandacht vraagt om te kunnen proberen
de gedachtegang te volgen.

Het tweede artikel las ik ook met veel interesse en geeft tegelijkertijd
misschien wel de reden waarom ik met regelmaat een bericht op mijn
blog wil schrijven:

…spreken over (kunst, geschiedenis en) literatuur waarvan je houdt…, blijft altijd een bewijs van onvermogen. Elke poging om uitdrukking te geven aan je ontroering bevestigt een dubbel onvermogen. Enerzijds het onvermogen om werkelijk recht te doen aan wat je leest en de ontroering in woorden te vangen; en anderzijds het onvermogen om het bij die ontroering te laten, om de teksten in stilte te genieten zonder er zelf weer over te willen spreken.

Erg zonnig is het misschien allemaal niet maar wel goed doordacht
en het geeft heel veel leesplezier.
Jammer dat het boek geen introductie of nabeschouwing heeft die
de artikelen in het perspectief van de literaire kritiek
plaatst. Want precies dát weet ik dan weer niet zeker.

IMG_7301UitgeverijFragmentPaulVanTongerenNescioColofon

Uitgeverij Fragment, twee artikelen van Paul van Tongeren samen in ‘Nescio over God, mens en natuur’. De artikelen zijn ‘Paradijselijk niet-weten’ en ‘Maar die van God is vervuld gaat aan gruwelijke oneindigheid ten gronde’. 2025, boekverzorging Huug Schipper, drukwerk Raddraaierssp en bindwerk In de nok.


Krant als Krant of Krant als Vispapier?

Samen met de krant lag vanochtend een kaartje in mijn brievenbus
dat me aan het denken zette.
Erg ouderwets, ik geef het toe.
Ik ontvang de NRC op donderdag, vrijdag en zaterdag.
Eigenlijk ben ik alleen geïnteresseerd in de boeken- en cultuurbijlage.
De een komt op donderdagen de ander op vrijdag.

Daardoor lees ik de krant niet meteen.
De actualiteit komt in deze digitale tijd op andere manieren tot je:
allerlei nieuwssites en ‘socials’ (modern voor sociale media die
je van seconde tot seconde, gevraagd en ongevraagd op de hoogte
houden van wat zij belangrijk vinden).

Normaal gesproken lees ik die krant 3 weken later, nou ja lezen.
De katernen die me interesseren lees ik. Niet helemaal maar die katernen
bevatten meer artikelen die me aanspreken.

De algemene katernen (economie, weekend enz) blader ik door.
Daar wordt mijn oog vaak getroffen door hoe de krant er naast zat.
De VS heeft helemaal niet alle ondergrondse installaties in Iran
geraakt zoals Trump claimt.

Als mijn oog op een klein artikel valt dat interessant lijkt dan lees ik het.
Gaat het om een groot, pagina vullend artikel, dan pak ik er vaak Copilot
bij om me de samenvatting te geven.
Die samenvattingen geven me snel inzicht zonder het hele artikel
te hoeven doorploegen

IMG_7290Krantenbezorging

Vanmorgen zat er dus dit kaartje bij en dan vraag ik me af of de
persoon die dit kaartje in de bus gooit nagedacht heeft over de boodschap.

Hij of zij gaat op vakantie. Leuk voor die persoon.
Maar geen nood, iemand anders neemt de bezorging over.
Okay, ik kan me voorstellen dat die er in het begin langer over doet
en dat mijn krant dan wat later komt.
Die krant is er normaal gesproken rond 07:30.

Nou prima als de krant wat later komt.
Maar nu die intrigerende toevoeging:
pijl Vr, Za, Ma.

Dat is toch niet de mededeling dat de krant een uur later komt.
Je kunt de handgeschreven tekst interpreteren als:
de krant van donderdag ontvang je tijdens de vakantie van de bezorger
op Vrijdag. De vrijdagkrant op zaterdag en de zaterdagkrant op maandag.

Voor mij maakt het niet zoveel uit maar toch wringt het als bovenstaande
interpretatie correct is.
De bezorger kent mijn leesgewoontes niet.
De krant is gewoon een product waarbij je een prijs afspreekt voor
een tegenprestatie. De tegenprestatie is de komende weken van
veel mindere waarde maar ik moet wel betalen.

De waarde van de krant zat altijd voor een belangrijk deel in de timing.
De uitdrukking is: morgen zit er vis in.
Dit slaat op de houdbaarheid van een (kranten)bericht.
De visboer gebruikte ooit oude kranten om de verkochte vis in te verpakken.

Ik wacht nog maar even af hoe het gaat lopen maar een krantenbezorger
die op zaterdag langskomt en dan niet de zaterdagkrant brengt maar daar op
maandag voor terug gaat komen voelt alsof dan de vis al verdronken is.

IMG_7291Krantenbezorging


Foto’s van 2 wandelingen

Regelmatige bezoekers van mijn blog weten dat ik iedere dag
een of meerdere wandelingen maak. Meestal in het centrum van Breda.
Valt er me iets op dan maak ik meteen een foto.

Gisteren en vandaag heb ik wat foto’s gemaakt en die laat
ik je vandaag zien.

IMG_7286 01BredaTerrasOudeVestRegendruppelsIMG_7286 02BredaTerrasOudeVestRegendruppels

Regendruppels op een plant op een terras aan de Oude Vest in Breda. De druppels gedragen zich als vergrootglazen.

IMG_7287BredaTerrasOudeVest

Het terras.


IMG_7288BredaVerlengdeMarkMarkendaalsewegHaagdijkTolbrug

Zicht op de Markendaalseweg, Haagdijk en Tolbrug in Breda (Verlengde Mark)

IMG_7289BredaVerlengdeMarkMarkendaalsewegMetRodeLichtjes

Wat doen die rode lichtjes aan de Markendaalseweg?


WordPress reageert plotseling vreemd

Vandaag wordt ik geconfronteerd met een andere interface
om mijn blogberichten te schrijven.
Misschien ben ik op een ongelukkig moment op de pagina gekomen
waardoor ik verplicht wordt allerlei zaken in die interface
op te zetten die ik niet uit het verleden ken.
Gelukkig lijkt dit bericht weer meer ‘normaal’.

Silk Roads: arrival of Islam

DSC00345LondenBritishMuseumSilkRoadsTheArrivalOfIslamTxtDSC00346LondenBritishMuseumSilkRoadsLustre(MetallicGlze)BowlWithAPriestEgypt(probablyCairo)1050-1100. Londen, British Museum, Silk Roads, Lustre (Metallic glaze) bowl with a priest, Egypt (probably Cairo), 1050 – 1100.

DSC00347LondenBritishMuseumSilkRoadsFatimidSplendourTxt

DSC00348LondenBritishMuseumSilkRoadsFatimidNetworksTxt
DSC00349LondenBritishMuseumSilkRoadsTheBookOfStrangeArtsAndVisualDelightsorBookOfCuriositiesEgyptAbout1190-1210CopyOfWorkFrom1020-1050

The book of strange arts and visual delights or Book of curiosities, Egypt, about 1190 – 1210 (copy of a work from 1020 – 1050)


DSC00351LondenBritishMuseumSilkRoadsChristiaCrossMonasteryOfSanMillánDeLaCogollaLaRiojaSpainLateAD900sIvory

Christian Cross, Monastery of San Millán de la Cogolla, La Rioja, Spain, late AD 900s, ivory.

DSC00352LondenBritishMuseumSilkRoadsChristianCrossIslamicStyleTxtDSC00353LondenBritishMuseumSilkRoadsChristiaCrossMonasteryOfSanMillánDeLaCogollaLaRiojaSpainLateAD900sIvoryDSC00354LondenBritishMuseumSilkRoadsChristiaCrossMonasteryOfSanMillánDeLaCogollaLaRiojaSpainLateAD900sIvory


DSC00355LondenBritishMuseumSilkRoadsKnowledgeGoesNorthTxtDSC00356LondenBritishMuseumSilkRoadsMohammadIbnAl-SaffarAstrolabeCordbaSpain1026-1027

Mohammad ibn al-Saffar, Astrolabe, Cordoba, Spain, 1026 – 1027.


De kop is er af

De eerste werkdag van deze week zit er op,
en de Pizza van de week heb ik al achter mijn kiezen.
Tijd om de lezers van mijn blog te laten watertanden.

IMG_7282PizzaVanDeWeek

Paprika, (zongedroogde) tomaat, koriander en tomatensaus. Het was weer een geslaagd culinair experiment.