Mevrouw mijn moeder

Mijn blogberichten zijn een beetje onregelmatig.
Vandaar twee foto’s die misschien ook met één
foto af te doen was.

IMG_9678YKeulsNederlandLeestMevrouwMijnMoeder

Dit was gisteravond de status van de rug van het boek. Één letter meer geborduurt dan vorige week. Het kost me ongeveer anderhalf uur om zo’n letter ‘M’ in te kapsellen.


IMG_9682YKeulsNederlandLeestMevrouwMijnMoeder

Vandaag had ik nog eens anderhalf uur en kon dus de derde ‘M’ afronden. De volgende stap is om de katernen voor te prikken en ze vervolgens aan de rug te bevestigen. Spannend.


Mevrouw mijn moeder

Één stapje verder en daarvan maakte ik één foto.
De eerste ‘M’ is gereed nog twee te gaan en kan het
‘criss cross’ binden beginnen.

IMG_9637YKeulsNederlandLeestMMM

De letter ‘M’ is één kleur met een achtergrond met een contrasterende kleur. Dat is ook de formule die bij de volgende twee letters wordt gebruikt. Voor de achtergrond heb ik ongeveer anderhalve meter borduurgaren nodig. Het duurt me ongeveer anderhalf uur om de achtergrond te maken.


De route van vandaag (Mevrouw mijn moeder)

IMG_9629YKeulsNederlandLeestMMM

Waar waren we gebleven? Er waren twee eerdere pogingen om Zaansch Bord te gebruiken voor een rug. De pogingen hadden vooral betrekking op de letter ‘M’ voor Mevrouw, mijn moeder van Yvonne Keuls.


IMG_9630YKeulsNederlandLeestMMM

Op de maat van de rug maak ik een basis voor de prikmal.


IMG_9631YKeulsNederlandLeestMMM

Er komt een indeling met een kop- en staartstuk, speciale rijen voor het echte binden van de rug aan de katernen (en die laten we voor nu nog even met rust), de grote letter ‘M’ en een aantal marges. Samen 21,5 centimeter hoog.


IMG_9632YKeulsNederlandLeestMMM

Dat alles vertaalde zich in 256 gaatjes.


IMG_9633YKeulsNederlandLeestMMM

Misschien de volgende keer uitgaan van een stuk stramien. Scheelt een hoop meten en prikken en het resultaat is vast beter.


IMG_9634YKeulsNederlandLeestMMM

Vervolgens zocht ik kleuren borduurgaren. Steeds twee kleuren per letter: een kleur voor de letter en een voor de ruimte direct om de letter.


IMG_9635YKeulsNederlandLeestMMM

Tussenstand.


IMG_9636YKeulsNederlandLeestMMM

De drie resultaten op een rij. Morgrn hoop ik te beginnen met de ruimtes om de letters ‘M’ heen.


Mevrouw mijn moeder

Vandaag de draad opgepakt waar ik gisteren
gebleven was. Tussendoor nog gewerkt aan een
#12DagenCreatief project maar daarover morgen meer.

Gisteren had ik een katern bijgemaakt (leeg natuurlijk)
en in de boekenpers gestopt.
Vandaag tijd om het boek op maat te snijden.

IMG_9584YKeullsMMM

Het nieuwe katern heb ik ongeveer in het midden van het boek opgenomen. Als katern nummer 7. Misschien pas ik het nog aan en neem ik het op als laatste katern.


IMG_9585YKeullsMMM

Ik pas de ‘proeflap’ op het boekblok. Je ziet dat zelfs het sterk verkleinde ‘borduurwerk’ meer dan genoeg ruimte overlaat voor de katernen. Vermoedelijk gaat het wel werken. Als je een volledig leeg boek maakt is het niet zo’n probleem dat een beokblok wat rui is opgezet. Maar van een gedrukt boek verwacht je dat niet. Je ziet het door mij toegevoegde katern in het midden opgenomen. De kleur van het papier wijkt af.


IMG_9587YKeullsMMM

De drukker heeft hulpmarkeringen op het papier gedrukt. Tekens die helpen bij het correct op volgorde leggen vande vellen, waarschijnlijk ook voor het vouwen en dan nu voor het snijden. Maar afhankelijk van de volgorde van snijden (en links- of rechtshandigheid) snij je soms die tekens te vroeg weg. Daarom zet ik ze er nog eens volledig op met potlood.


IMG_9588YKeullsMMM

Nou dat is een oudje. Ik gebruik de gum om eventuele potloodmarkeringen die er zijn blijven staan alsnog weg te halen.


IMG_9589YKeullsMMM

Dit is de eerste keer dat ik een boek snij na de verhuis vanuit mijn werkplaats. De snijmachine staat nu wat minder ideaal. Maar het rsultaat is prima. Let op met het mengen van papiersoorten. Dat heb ik hier gedaan en het heeft meteen effect op het snijen op de snijmachine.


IMG_9600YKeulsNederlandLeestMMM

Dit issteeds een griezelige fase. Je kunt zo makkelijk fouten maken met de berekeningen. Dus steeds opnieuw de berekeningen nalopen en als het kan passen met het origineel. Het boek krijgt een rug van Zaansch Bord. Daarop worden later de ‘opgelegde platten’ bevestigd. Dus het let allemaal nogal.


IMG_9601YKeulsNederlandLeestMMM

De rug bestaat ui drie delen: de rug waarop de decoratie wordt aangebracht en dat is ook het deel van waaruit het binden van de katernen gaat plaatsvinden. Daarnaast links en rechts een stuk Zaansch Bord waar de platten later op komen en dat ook een verbinding met het schutblad (en dus het boekblok) aangaat.


IMG_9602YKeulsNederlandLeestMMM

Dit is de basis voor de rug. Het is een breed stuk Zaansch Bord. Daarop lijm ik een stuk gaas voor extra stevigheid en straks verbinding. Om het deel waarop de decoratie komt en waar het binden met de katernen gaat gebeuren, zo sterk mogelijk te maken een tweede laag Zaansch Bord voor de rug. Het geheel ligt nu in de boekenpers om te drogen en sterk te maken.


Binnenkort ga ik het gatenpatroon aanbrengen en kan
het ‘borduren’ beginnen.

Mevrouw mijn moeder

Vanochtend ben ik begonnen met het maken van het 14e katern.
Het boek heeft 13 katernen maar voor de cross stitch binding
heb ik een even aantal katernen nodig.
Als ik het 13e katern weglaat heeft het boek of geen introductie,
of geen einde. Dat wil ik liever niet.
Daarom een katern toevoegen en of er een inhoud op de lege
pagina’s komt of niet, laat ik nog even in het midden.
Het maken van het katern levert geen spannende foto’s op
maar is wel noodzakelijk.

IMG_9575YKeulsMMM14eKatern

Ik snij uit twee vellen papier 4 bladen die samen één katern kunnen vormen. Het toegevoegde katern is bijna net zo groot als de overige katernen en krijgt straks door het snijden van het boekblok het definitieve formaat.


IMG_9576YKeulsMMM14eKatern

Dat katern voeg ik, voor nu, toe als laatste katern aan het boekblok. Dat boekblok lag al een paar dagen in de boekenpers en gaat daar vanmiddag opnieuw in maar dan met een extra katern. Zo is het boekblok morgen gereed om op maat gesneden te worden.


IMG_9577YKeulsRugPlatbekledingSchutblad

Afgelopen week ontving ik nieuwe naalden voor de els en een stuk beige Buckram. Buckram is een bekledingsstof voor een boekband. Terwijl ik op zoek ging naar papier kwam ik het Japanse bloempapier tegen. Dat ga ik waarschijnlijk gebruiken als schutblad.


Vorige week had ik besloten het borduurwerk voor op de rug
nog eens te proberen op een kleiner formaat.
Daarom begon ik vandaag met het maken van een nieuw
voorpriksjabloon.

IMG_9579YKeulsMMMIMG_9580YKeulsMMM

De rug wordt deze oranje kleur. Past leuk bij de beige buckram. Volgende actie is om de gaten te gaan voorprikken.


IMG_9581YKeulsMMM

Het blijft een hels karwei om op de juiste plaats de gten te prikken. Zeker met het sombere weer van vandaag.


IMG_9582YKeulsMMM

De letter ‘M’ voer ik uit met één kruissteek minder om de letter beter uit te laten komen. Ook vandaag werk ik met zwart en wit garen. Ik wil het borduurgaren niet verspillen. Bovendien werkt met name de draad die in de was is gezet een stuk eenvoudiger.


IMG_9583YKeullsMMM

De kleinere afmetingen van de letter komt de leesbaarheid ten goede. Daarnaast gaat het verdelen van de drie letters ‘M’ denk ik beter op de rug. Morgen kan ik de basis voor de rug in elkaar zetten en misschien kan ik de rug en de katernen al gaan voorprikken.


Mevrouw, mijn moeder

Al sinds de BoekAmbachtBeurs denk ik af en toe na over het boek
‘Mevrouw, mijn moeder’, geschreven door Yvonne Keuls.
Afgelopen jaar was het het boek dat in het kader van de
leesbevordering ‘Nederland leest’ werd uitgedeeld door het CPNB.

De Stichting Handboekbinden was er in geslaagd om voor leden
en belangstellenden een versie beschikbaar te krijgen
die nog in losse katernenen is.

IMG_9525YKeulsMMMNederlandLeest

Dit is mijn exemplaar in losse katernen van ‘Mevrouw, mijn moeder’ van Yvonne Keuls. Een roman over de Indische moeder van mevr. Keuls. Het boek heb ik nog niet gelezen. Dat ga ik pas doen nadat ik het ingebonden heb. Over mijn avontuur met dit boek gaat een serie van blogberichten waarvan dit de eerste is.


Yvonne Keuls (1931) werd geboren in het toenmalige Nederlands-Indië en kwam op zevenjarige leeftijd naar Nederland. Ze heeft meer dan negentig publicaties op haar naam staan, van toneelstukken en hoorspelen tot literaire televisiebewerkingen en romans. Midden jaren zeventig brak ze door bij het grote publiek met haar ‘sociale romans’, zoals Jan Rap en z’n maat en Het verrotte leven van Floortje Bloem. Veel van haar boeken werden bekroond en zijn uitgegroeid tot klassiekers van de Nederlandse literatuur. In december 2021 vierde Yvonne Keuls haar negentigste verjaardag en onlangs verscheen Gemmetje Victoria, een roman over een jonge vrouw die Keuls ontmoette in het opvanghuis waar ze vrijwilligerswerk verrichtte.

Bron: Nederland leest

IMG_9526YKeulsNederlandLeestMMM

Het boek zoals ik dat van de Stichting Handboekbinden heb gekregen omvat 13 katernen. Die katernen moeten nog op maat gesneden worden. Typisch doet een boekbinder dat nadat het boekblok in ingebonden, maar nog voordat het boek een band krijgt.


Al een tijdje denk ik na, ben ik op zoek naar een titel
waarvoor ik mijn eerste boekbeslag kan gaan maken.
Ik volg sinds kort een cursus edelsmeden.
Dat is geen beroepsopleiding, meer een edelsmeden voor hobbyisten.
Daarover was al het een en ander te lezen geweest op mijn blog.

Met kerstmis kregen we als kerstcadeau een geslepen steen en
de vorm en kleur van de steen was aanleiding om weer serieus
naar ‘Mevrouw, mijn moeder’ te kijken.

De titel onderstreept het begrip ‘vrouw’, dus ik wil het
boek een vrouwelijke uitstraling geven.
Daarnaast is de letter ‘M’ dominant in de titel aanwezig,
in drie woorden, drie keer als beginletter.

Afgelopen tijd zag ik nog eens filmpjes van
Bep van Gasteren. Op haar website zegt ze over haar activiteiten:

Ik maak boeken en dozen. Ik gebruik daarbij niet de klassieke bindwijzen, maar de zgn creatieve bindwijzen.

Bron: Boekendoos.

Ze liet op een van haar filmpjes een binding zien met
Zaansch Bord als materiaal voor de boekband en met allerlei
creatieve bindwijzes. De criss cross stitch (soort van
kruissteek) die ze daarbij gebruikt is voor mij de inspiratiebron
om iets dergelijks te doen op de rug van het boek.

IMG_9527YKeulsMMMBeslag

Dus ik ga een binding maken waarop ik een ‘M’ van metaal wil bevestigen met daarop de geslepen steen (zoisiet met robijn, donkerrood en roze van kleur). Op de foto is het metaal alpaca (een zilverkleurige legering op basis van koper). De komende tijd ga ik leren een kast voor een steen te maken. Dit wordt dan mijn meesterproef. De kast en de steen bevestig ik dan op de letter ‘M’ die ik eerst ga uitzagen. De letter bevestig ik dan met de klamptechniek die ik eerder leerde te gebruiken. Een staafje zilver gaat dan door de letter en de plat van het boek om aan de achterzijde geklonken te worden. Die klamp gaat uit zicht aan de achterkant van het plat door het schutblad dat het plat aan de rug en het boekblok gaat bevestigen. Klinkt ingewikkeld maar valt wel mee (hoop ik).


IMG_9528YKeulsMMM

Omdat ik hier meerdere technieken gebruik die ik niet eerder heb toegepast moet ik wel een en ander beter voorbereiden dan wanneer ik een eenvoudige binding maak. Zo heb je bij een cross stitch binding een veelvoud van twee katernene nodig. ‘Mevrouw, mijn moeder’ bestaat uit 13 katernen en geen van die katernen kan ik weglaten. Ik ga dus een katern bijmaken dat leeg zal blijven als een serie pagina’s voor aantekeningen. Die cross stitch binding techniek doet meerdere dingen: het maakt een patroon aan de buitenkant van de rug maar bindt tegelijk de katernen aan de rug. Het boek op maat snijden nadat het gebonden is, lijkt me geen goed idee. Daarom zal ik het boek straks eerst snijden. Het idee is om drie keer de letter ‘M’ op de rug zichtbaar te maken. Daarbij is het idee om de letters uit te voeren in verschillende kleuren en de kruissteken er om heen in één kleur.


IMG_9530YKeulsMMMZaanschBord

Om veel vrijheid te hebben om aan het voorplat te kunnen werken kies ik voor de bindwijze ‘opgelegde platten’. Die heb ik eerde gebruikt. Daarbij maak je een rug voor een boek die je aan het boekblok bevestigd. Pas daarna maak je het voor- en achterplat er aan vast. Dus onafhankelijk van het boekblok en de rug kun je dan werken aan de voor- en achterkant van het boek. De rug ga ik maken van Zaansch Bord en bij de recente Boekambachtbeurs kocht ik vier kleuren. Een van deze kleuren gaat dus de rug worden.


IMG_9531YKeulsMMMGevonden

Als bindgaren ga ik borduurzijde gebruiken. Via mijn moeder heb ik een voorraad borduurgaren gekregen in allerlei kleuren van een tante die al lang geleden overleden is. Maar sinds de opheffing van mijn werkplaats had ik het garen niet meer gezien. Dus ik moest op zoek en heb het gevonden.


IMG_9532YKeulsMMM

Van de band van mijn enveloppenboek was nog een strook Zaansch Bord over. Groot genoeg om op werkelijke schaal de ross stitsch uit te proberen. Je ziet op de foto dat mijn potloodmarketing op het Zaansch Bord overeenkomt met de snijtekens die op de katernen staan. Dus hier kan ik een proefje gaan maken.


IMG_9533YKeulsMMM

Ik heb dan al besloten om af te wijken van de cross stitch binding in de zin dat niet alle kruissteken ook daadwerkelijk door de katernen zullen gaan. Ik ga de rug dus ‘borduren’ en ‘binden’ met kruissteken. Voor iedere letter kies ik voor 5 regels kruisjes. De letters worden omringd met kruisjes van de ‘neutrale’ kleur. De eerste regel, de regel tussen de eerste en tweede letter, de regel tussen de tweede en de derde regel en de laatste regel worden de ‘bind’-regels.


IMG_9535YKeulsMMM

Dan ontstaat dit beeld. Daarbij zijn nu de breedte en de hoogte van de kruisjes niet meer van belang voor het binden. Maar in het begin was dat wel. Hier ga ik uit van een breedte van 4 centimeter en een hoogte van 7 centimeter voor de eerste letter. Maar 4 centimeter is eigenlijk te breed voor het boekblok. Het huidige boekblok (13 katernen) is 2 centimeter dik.


IMG_9536YKeulsMMMMateriaalpech

Nu ik gaten wil voorprikken kom ik tot de ontdekking dat ik materiaalpech heb. Ik heb geen els (priem) meer met complete naald. Dus heb ik gisteren die meteen gekocht maar intussen moet ik verder met wat ik heb. De linkse els met een boekbindnaald hoewel die niet precies in de houder past.


IMG_9537YKeulsMMM

Dit zijn de gaten die ik nodig heb voor de eerste letter. Straks moet ik dus vanaf de goede kant prikken en niet zoals hier vanaf de achterkant. De gaatjes zijn zo minder mooi.


IMG_9540YKeulsMMM

Om te oefenen heb ik de letter in het zwart uitgevoerd. Het niet waxen van de draad maakt het naaien moeilijker. Dus ik moet mijn was gaan opzoeken.


IMG_9541YKeulsMMM

Als ‘neutrale’ kleur heb ik nu even wit boekbindersgaren gekozen. Omdat ik hier borduur en niet bind, hoef ik geen rekening te houden met de beperkingen waar je mee te maken krijgt als je meteen de katernen gaat binden. Als je katernen gaat binden kun je niet zomaar vanuit het centrum van katern 1 naar katern 2 overspringen. Als je borduurt kan dat wel. Daarnaast is een punt van aandacht dat je ieder kruisje op dezelfde manier maakt. Dus bijvoorbeeld steeds als eerste onderdeel van de steek linksboven beginnen door uit de rug te komen met de draad en rechtsonder in de rug te steken, dan als tweede onderdeel rechtsboven uit de rug te komen (je moet immers in het katern blijven) en dan linksonder afsluiten.


Dat laatste aspect (niet verspringen van katernen) wordt toegelicht
in de volgende video op YouTube: Cross stitch binding door Compass & Ink.

IMG_9542YKeulsMMM

Als je de kruissteken oefent op de manier die je nodig hebt om er tegelijk mee te kunnen binden dan zal het beeld aan de achterkant er uit zien zoals op bovenstaande foto links. Alle bewegingen aan de achterkant blijven allemaal in dezelfde verticale rij met gaten. Bij borduren is die discipline niet nodig. Dan kan een beeld zoals aan de rechtse kant eenvoudig ontstaan en dat is dan ook geen probleem.


Wat heb ik verder nog geleerd:
= ik moet er voor zorgen de gaten nog preciezer te maken
qua positie;
= één laag Zaansch Bord is misschien niet stevig genoeg.
Ik had al het plan opgevat om het Zaansch Bord aan de
achterkant te bekleden met gaas of textiel;
= de gaten van buiten naar binnen maken;
= gebruik garen met was;
= de letters moeten smaller en dan waarschijnlijk ook
minder hoog. Hierdoor ontstaat op de rug wel meer
ruimte om bijvoorbeeld de letters over meer regels
te maken. Het letterbeeld zal daardoor beter worden.
Misschien geldt hetzelfde ook voor het aantal steken
in de breedte….

Gargouilles – het woord kwam vaag bekend voor, nu de uitleg

WP_20180404_12_19_54_ProHellaSHaasseOgenblikkenInValois

Hella S. Haasse, Ogenblikken in Valois.


Dit jaar kwam er naast de herinneringen van Yvonne Keuls aan
Hella S. Haasse en herdruk uit van een boek van Hella S. Haasse.

Het boek ‘Ogenblikken in Valois’ wordt bijna aangekondigd in ‘Zoals ik jou ken, ken je mij’:

‘Ja, ja goed,’ zei Jan, ‘maar het zit erin dat ik de Haagse rechtbank ga verlaten, vervroegd dus, omdat ik me niet verenigen kan met… met wat ik dus niet mag vertellen.’
Codetaal.
‘Ja, en daardoor komt iets anders voor ons dichterbij,’ zei Hella. ‘De streek boven Parijs, de Valois, dat gebied tussen de rivieren Oise, Aisne en Ourcq… We reizen er altijd doorheen als we naar het zuiden gaan, en we hebben er ons hart aan verpand.’ Het woud der verwachting speelt zich in die streek af, legde ze uit, de Franse koningen bezaten er uitgestrekte domeinen. Daar waren de bossen van Compiegne, waar de edelen gingen jagen, Charles van Orléans trad in het huwelijk in Compiegne in 1406.

Yvonne Keuls, Zoals ik jou ken, ken je mij, pagina 166.

Eerder verwees ik al eens naar de recensie in de Volkskrant.
Bo van Houwelingen schreef die op 2 maart 2018 en zat er voor mij flink naast.

Lukraak slingeren we via nodeloos lange en complexe zinnen van de Keltische tijd naar de middeleeuwen,
van de Gallo-Romeinse tijd naar de Eerste Wereldoorlog,
van adellieden naar koningen,
van riviertje zus naar vallei zo,
van ruïne hier naar uitkijktoren daar,
ondertussen bedolven rakend onder een stortvloed van historische weetjes die je direct weer vergeet.

Het is verleidelijk om beide boeken in een recensie op te nemen.
De boeken zijn ongeveer tegelijkertijd uitgekomen, ter gelegenheid van
de 100ste geboortedag van de schrijfster (2 februari 1918)
die een van de boeken zelf schreef en van het andere boek het onderwerp is.

Maar het zijn wel twee verschillende boeken, elk met zijn eigen doel.
Niet twee boeken over Hella S. Haasse. Althans niet in de zin van een biografie.

Daar waar het boek van Yvonne Keuls (zoals ik jou ken, ken je mij) gaat
over de gezamenlijke avonturen van Haasse/Keuls en dus een kijkje geeft
op de persoon Hella S. Haasse, is Ogenblikken in Valois dat helemaal niet.
Het gaat over het beeld dat Valois bij Hella S. Haasse heeft opgeroepen.
Dat dit een beeld is waarin de historie een belangrijke rol speelt,
mag niet verrassen.

ik heb een paar stukjes uit het boek overgenomen.
Oordeel zelf.

Pagina 75 – 76: Mooi en belezen.

Feeën zijn bij uitstek Keltische toverwezens.
Van feeënbronnen, feeënrotsen, feeënweiden en -wouden wemelt het in de Franse folklore.
Ze heten altijd ‘Dames’, goede vrouwen, witte vrouwen of groende vrouwen.
Ze horen bij beken en meren, bij grote stenen, zij wonen in bomen in de wouden, bij voorkeur in beuken.
Niemand ziet hen ooit meer.
Er zijn alleen lange lage nevels, dunne mistslierten boven het water of tussen de stammen van het bos;
de boomstronken die de boeren hier en daar laten staan in hun akkers of aan de rand van een plek kreupelhout
lijken vaak op grillige gestalten met bezwerend geheven armen, als het ware in een danspas verstard.

Het is duidelijk dat hier iemand aan het werk is die zowel
een boodschap wil overbrengen als mooie Nederlandse taal schrijft.
Om zo’n stukje te schrijven moet je allereerst veel lezen.
anders kun je moeilijk beweringen doen over Franse folklore.
Daarnaast is het gewoon hard werk om de zinnen te maken zoals
je hier kunt lezen.

Haasse zegt het zelf als volgt in Zoals ik jou ken, ken je mij:

Hella reageerde afwijzend op Solzjenitsyns woorden en het feit dat Jan daarmee instemde. ‘Als je schrijft gaat het in de eerste plaats om je woordkeuze, om verbeelding, stijl, poëzie, fantasie, ritme, de emotie die je kunt overbrengen. Je onderwerp is daaraan ondergeschikt,’ zei ze.’ Als je als schrijver toevallig ook nog signaleert is dat meegenomen.’

Of ik het met haar eens ben is niet zo belangrijk.
Het is wel haar visie op schrijven.

Pagina 100: één lange zin.

De fraai gelegen schietbaan in Valois is in het oudste hooggelegen stadsdeel van La Ferté-Milon,
op de top van de heuvel, vlak onder de enige nog overeind staande, massieve, met boompjes en struiken begroeide, door duiven omfladderde frontale muur van de burcht
(omstreeks 1400 op last van Louis d’Orléans gebouwd),
die Henri IV liet ontmantelen,
omdat hij dat geducht sterke kasteel
– als het ooit in handen van zijn tegenstanders zou vallen –
een bedreiging achtte voor zijn koningschap.

Ook de lezer zal moeten werken bij Haasse.
Hierin lijkt Haasse totaal anders dan Yvonne Keuls die in korte zinnen schrijft
die minder werkt lijken te vragen.

Pagina 140: gargouilles – het woord kwam vaag bekend voor, nu de uitleg.

…..tot de klauwen van de waterspuwers, de gargouilles.
Het woord ‘gargouilles’ komt voor het eerst voor in een manuscript uit de veertiende eeuw.
Het was de naam van een bloeddorstige gevleugelde draak die, volgens de legende,
in een woud aan de oevers van de Seine huisde.
Omstreeks het jaar 700 zou het monster onschadelijk gemaakt zijn door de bisschop van Rouen, die zich,
bij gebrek aan andere vrijwilligers, op deze expeditie liet vergezellen door twee uit de kerker gerekruteerde misdadigers, een dief en een moordenaar.
Alleen de laatste had de moed de gargouille te lijf te gaan.
Oorsprong van dit verhaal is, meent men, het historische feit van het terugdringen van de buiten haar oevers getreden kronkelige ‘slang’ Seine,
en het droogleggen van het land rondom Rouen, dat bij iedere hoge waterstand tot een onafzienbaar moeras werd.

Pagina 173: Prachtig.

Eens, op een vroege ochtend in de herfst, zag ik bij Chantilly, tegen de achtergrond van het woud, uit de nevel een ruiter en zijn ros opdoemen:
het mooiste paard van de wereld, een schimmel met wuivende staart en manen, die op ranke benen met edel genegen hoofd licht dansend naderbij kwam door het lange gras.’

Als je zoals de schrijver van de recensie in de Volkskrant
meer van Haasse wilt te weten komen, dan kan dat wel in Ogenblikken in Valois.
De inleiding op bovenstaande tekst van Aleid Truijens
is volgens mij correct en geeft dat inzicht:

Voor Haasse is dat rijke verleden hier voelbaar,
het is de motor voor haar verbeelding.
Met gemak verplaatst ze zich naar vroeger tijden.

WP_20180404_12_21_45_ProHellaSHaasseOgenblikkenInValois

Het boek ligt wat ver weg op de foto. Dat is ook een beetje het perspectief dat Haasse geeft in het boek van Valois. Van heel dichtbij tot ver in het verleden.


Gelezen. Yvonne Keuls; Zoals ik jou ken, ken je mij

Natuurlijk kende ik Yvonne Keuls van naam.
Ook ‘Jan Rap en zijn maat’ is een boektitel die ik ken.
Maar gelezen, nee ik had nog nooit iets van haar gelezen.
Ik wist dus ook niet dat ze een koloniaal, Indonesische achtergrond heeft.
Dat ze Hella S. Haasse kende was me helemaal onbekend.

Ter gelegenheid van de 100ste geboortedag van Hella S. Haasse
zijn er twee boeken verschenen:
Yvonne Keuls; Zoals ik jou ken, ken je mij
Hella S. Haasse; Ogenblikken in Valois.
Beide boeken ben ik aan het lezen.
Het een lees ik thuis, het andere in de trein.

WP_20180321_09_26_48_ProYvonneKeulsZoalsIkJouKenKenJijMij

Yvonne Keuls, Zoals ik jou ken, ken je mij.


Het is fantastisch dat Yvonne Keuls dit boek heeft geschreven.
Het zijn haar herinneringen van de ontmoetingen en gesprekken
met Hella S. Haasse. Eerst vanuit het perpectief van een fan.
Later als een vriendin of zelfs nog meer:

Dat ‘zustergevoel’ werd versterkt gedurende het jaar dat ik in het opvanghuis werkte. Hella herinnerde me er later aan dat ik in die periode tegen haar gezegd heb: ‘Greetje is mijn enige echte, verloren zuster. Maar jij, Hella, jij bent bijna onmerkbaar voor haar in de plaats gekomen.’

Yvonne Keuls, ‘Zoals ik jou ken, ken je mij’, pagina 125.

Het beeld dat de meeste mensen van Hella S. Haasse hebben,
(ik heb zo’n beeld in ieder geval, van een rustige,
wat teruggetrokken, ambachtelijke schrijfster)
verbind je niet gauw met drugs, kindermishandeling,
kraakpanden, kindermisbruik, criminaliteit of theatervernieuwing.
Maar door Yvonne Keuls kun je nu die relaties wel leggen.

De man van Hella S. Haasse, Jan van Lelyveld, was een rechter die
vervroegd met pensioen zou gaan vanwege het feit dat er op de
rechtbank Den Haag dingen gebeurde die hij niet met zijn gevoel
van recht kon verenigen.
Daar waar Jan geruchten hoorde over collega-rechters. sprak
Yvonne Keuls met jongeren die misbruikt werden:

Bij justitie sloeg de paniek toe. Men begon daar meteen te ontkennen toen de kranten om een reactie vroegen. Woordvoerder mr. J.J.H. Suyver, voormalig officier van justitie in Den Haag, verklaarde niets te weten over een pedofiele kinderrechter. ‘Of het zou de pedofiele kinderrechter uit de zaak-Koos H. moeten zijn.’ Aha, er zijn er dus twee, dacht ik, en ik maakte meteen een aantekening. Mr. Suyver werd teruggefloten, hij had kennelijk te veel gezegd, en er kwam een andere woordvoerder, officier van justitie mr. De Wit. (Suyver en De Wit, de namen alleen al, twee heren die justitie schoon moesten poetsen.) Mr. De Wit moest de volgende dag toegeven dat er wel degelijk een kinderrechter was die pedofiele contacten onderhield met jonge delinquenten.

Yvonne Keuls, ‘Zoals ik jou ken, ken je mij’, pagina 222-223.

Het boek is erg prettig om te lezen: korte hoofdstukken, vlotte stijl
en een mengsel van avontuur, televisie, mannenwereld-vrouwenwereld,
drama, Indie, familie en haar liefdevolle beschrijving van Hella S. Haasse.

Grappig is ook dat het andere boek (Hella S. Haasse; Ogenblikken in Valois.)
kort genoemd wordt.
Maar daar kom ik nog wel op terug als er een blogje volgt over dat boek.

Er wordt nog een theorie over een boek van Haasse verteld:

Het was het moment -zo in het halfdonker- om Hella’s nieuwe roman De wegen der verbeelding met elkaar te bespreken. ….. Maja, de hoofdpersoon krijgt een lift van vrachtwagenchauffeur Joop, de man ‘met verbeelding’ Hij inspireert haar door haar verhalen te vertellen die zij opschrijft en vervolgens weer doorgeeft aan haar man die schrijver is, en die op zijn beurt weer in een andere vorm opschrijft… Het eeuwig doorgeven van verhalen, zoals ik dat ook kende. Mijn moeder die de verhalen van haar familie, haar volk aan me vertelde, ik die ze opschreef en doorgaf. De een die de ander nodig heeft om het systeem in stand te houden, maar vooral om te gedijen. een symbiose, een soort zwanger zijn van elkaar.

Yvonne Keuls, ‘Zoals ik jou ken, ken je mij’, pagina 206-207.

Dan voor de liefhebbers.
Op pagina 129 wordt geschreven over thee.
Thee en Indonesie, heel belangrijk.
Hella koopt thee voor de moeder van Yvonne Keuls.
Dat doet ze bij een winkel in den Haag en die blijkt nog steeds te bestaan.
Melatithee, Improc op de Denneweg.

WP_20180321_10_06_36_ProYvonneKeulsZoalsIkJouKenKenJijMijHellaSHaasseOgenblikkenInValois

Hella S. Haasse, ‘Ogenblikken in Valois’ en ‘Zoals ik jou ken, ken je mij’ van Yvonne Keuls.