Mooie beelden uit het British Museum

Uit Klein-Azie en India.

160 DSC_4384LondenBritishMuseum

Stond een beetje opzij. Er is ook zoveel te zien. Ik ben vergeten het bordje te fotograferen maar het roept beelden op van de Ishtar gate.


161 DSC_4385ChinaBritishMuseumLondenSancaiFiguresTombOfLiuTingxunDiedAD728 01

China, Sancai figures from Tomb of Liu Tingxun who died AD 728.

161 DSC_4385ChinaBritishMuseumLondenSancaiFiguresTombOfLiuTingxunDiedAD728 02


Wikipedia:

Sancai (literally: “three colours”) is a versatile type of decoration on Chinese pottery using glazes or slip, predominantly in the three colours of brown (or amber), green, and a creamy off-white. It is particularly associated with the Tang Dynasty (618–907) and its tomb figures, appearing around 700.

Sancai of letterlijk ‘drie kleuren’ is een aardewerk in bruin (of amber),
groen en een roomkleurig wit. Wordt in verband gebracht met de Tang dynastie,
in het bijzonder bij grafbeelden.

162 WP_20180909_11_02_51_ProIndiaBritishMuseumLondenShivaMaheshvaraGreenChloriteAD700-900Kashmir

Shiva Maheshvara, green chlorite, AD 700 – 900, Kashmir.


163 WP_20180909_11_04_59_ProIndiaBritishMuseumLondenVishnuAndHisConsortsWithinAnArchedTempleNichePalaDynastyAboutAS1000EastIndia01

Vishnu and his consorts within an arched temple niche, Pala Dynasty, about AD 1000, East India.

163 WP_20180909_11_04_59_ProIndiaBritishMuseumLondenVishnuAndHisConsortsWithinAnArchedTempleNichePalaDynastyAboutAS1000EastIndia02

Detail.


164 WP_20180909_11_06_14_ProIndiaBritishMuseumLondenTheDivineCoupleShivaAndParvati1200-1300OrissaIndia

The divine couple Shiva and Parvati, 1200 – 1300, Orissa, India.


165 WP_20180909_11_07_33_ProIndiaBritishMuseumLondenTheThreePuriGodsJagannatha(right)Balabhadra(left)AndSisterSubhadra(Centre)1700-1800PuriOdisha

The Three Puri Gods, Jagannatha (right), Balabhadra (left) and Sister Subhadra (centre), 1700 – 1800, Puri, Odisha.


166 WP_20180909_11_11_57_ProIndiaBritishMuseumLondenStonePanelOfAnElephantAndRidersAbout1200-1300Karnataka

Stone panel of an elephant and riders, about 1200 – 1300, Karnataka, India.


Super mooi!
Er volgt nog meer.

Bhopal State Museum, deel 3

DSC_8474BhopalStateMuseumIndusBeschavingZegel

Het museum bevat ook archeologische vondsten van de Indus-beschaving. Dat zie je niet zo vaak. Hier een zegel waarvan de betekenis waarschijnlijk niet bekend is. Bij de zegels hing in ieder geval geen toelichting.


DSC_8475BhopalStateMuseumIndusBeschavingZegels

In deze blog post probeer ik een beetje te laten zien hoe veelzijdig het museum is. Naast de fantastische sculpturen zien we er miniaturen, restanten van de Indus-beschaving, beelden in metaal, koninklijke kledingstukken, teksten in steen (!), enz.


DSC_8476BhopalStateMuseumIndusBeschaving

Indus-beschaving, kopje. De werken die je hier ziet vind ik stuk voor stuk prachtig. Maar er zit 1 juweeltje tussen. Een prachtige prent.


DSC_8477BhopalStateMuseumIndusBeschaving

Indus-beschaving. Iets dergelijks heb ik eerder gezien en toen werd dit aangeduid als speelgoed.


DSC_8478BhopalStateMuseumPawaya

Pawaya (plaats in Madhya Pradesh). Ik had twee van deze hoofdjes apart gefotografeerd maar het was te donker en dus waren de foto’s bewogen.


DSC_8481BhopalStateMuseumRadha18th-19thCenturyADGwalior

Radha, 18th – 19th century AD, Gwalior.


DSC_8483BhopalStateMuseumPalna18th-19thCenturyADGwalior

Dit is het eerste van de metalen beeldjes waarvan het museum een hele grote collectie heeft. Palna, 18th – 19th century AD, Gwalior.


DSC_8485BhopalStateMuseumDhola-Maroo18th-19thCenturyADGwalior

Dhola-Maroo (Dhola-Maru is een romantisch verhaal uit Rajasthan over twee geliefden), 18th – 19th century AD, Gwalior.


DSC_8489BhopalStateMuseumMahavir11thCenturyADBhopavar

Mahavir, 11th century AD, Bhopavar.


DSC_8491BhopalStateMuseumBhairav18thCenturyADDepalpur

Bhairav, 18th century AD, Depalpur.


DSC_8493BhopalStateMuseumStoneInsciptionPawaya

Stone Insciption, Pawaya.


On a loose slab found at the northern edge of the village this 10 line inscription in Persion, mentions the construction of Sikandarabad on the orders of the minister Safdar Khan during the reign of Sikander Shah Lodi.

De teksten die we hier zien zijn voor mij,
naast belangrijke stukken geschiedenis, kunstwerken.
De taal is zo mooi gebruikt om een inscriptie van te maken.
Kalligrafie met een grote ‘K’.

DSC_8495BhopalStateMuseumPersianInscription

Persian Inscription.


This Persian record was inscribed in the appreciation of one Abdul Muzffar Mehmood Shah (date is not available).

DSC_8497BhopalStateMuseumStoneInscriptionSinghpur

Stone Inscription, Singhpur.


On a slab recovered from a tank near Singhpur palace, this 11 lines Persian inscription records that during the King of this world and conqueror of Orissa and Jai nagar Shah Husain Malik Hayat Nizam Jashghuri excavated this flowing beauty (ie. the tank) in the name of Shaykh Burhan, son of Yaqub.

DSC_8499BhopalStateMuseumStoneInscriptionChanderi

Stone Inscription Chanderi


This Persian inscription of 6 lines refers to the construction
of a building by one Umar, son of Husain Shah-Al-Asam who worked in the army of Hushang Shah, the Sultan of Malwa.

DSC_8501BhopalStateMuseumPariHoldingAnUniqueAnimal19thCenturyADRajputStyle

Dit is wat mij betreft het juweeltje. Pari holding an unique animal, 19th century AD, Rajput style. Kijk maar eens goed naar het ‘unieke dier/unique animal’.


DSC_8501BhopalStateMuseumPariHoldingAnUniqueAnimal19thCenturyADRajputStyleDetail

Het unieke dier is zo uniek omdat het zelf opgebouwd is uit heel veel andere figuren.


DSC_8503BhopalStateMuseumAmirTaimoor19thCenturyADMughalStyle

Amir Taimoor, 19th century AD, Mughal style.


DSC_8505BhopalStateMuseumTurbanHolkarRuler

Een tulband. Turban, Holkar ruler.


DSC_8507BhopalStateMuseumTurbanHolkarRuler

Tulband, bovenaanzicht.


Hindoeïsme en Hindoekunst

Via een Tweet van het Metropolitan Museum of Art,
een groot en belangrijk museum in New York,
kwam ik op de introductiepagina voor Hindoekunst van het museum.
De afbeeldingen die ik hier gebruik komen ook van die pagina.
De link naar die pagina is
http://www.metmuseum.org/toah/hd/hind/hd_hind.htm?utm_source=Twitter&utm_medium=tweet&content=20140828&utm_campaign=toah

De tekst is geschreven door Vidya Dehejia (professor op het gebied
van Indiase en Zuid Aziatische kunst aan de Universiteit van Columbia).

Over Hindoeïsme en Hindoekunst schreef ze het volgende (in Nederlandse
vertaling/samenvatting. De volledige tekst staat hieronder).

In de visie van de Hindoes heeft het leven op aarde vier doelen en ieder
mens zou die vier doelen moeten nastreven:
dharma, oftewel een moreel leven;
artha, oftewel materiële welvaart door het uitvoeren van een beroep;
kama, oftewel menselijke en seksuele liefde;
moksha, oftewel zelfverwezenlijking.

Deze allesomvattende visie komt ook terug in de
artistieke productie van India. Hoewel een Hindoetempel toegewijd is
aan de glorie van een godheid en er op is gericht om de gelovige
te helpen om moksha te bereiken, is het toegestaan dat de muren beeldhouwwerken
bevatten die zich richten op de verwezenlijking van de drie andere doelen.
In die lijn moeten we de sensuele en schijnbaar seculiere thema’s plaatsen
die de muren van Indiase tempels versieren.


 photo LovingCoupleMithunaEasternGangaDynasty13thCenturyOrissaIndiaFerruginousStone.jpg

Loving couple (Mithuna), Eastern Ganga Dynasty, 13th century, Orissa, India, ferruginous stone.


Het Hindoeïsme is een geloofsovertuiging zonder een enkelvoudige stichter,
er is niet een (1) woordvoerder, geen enige profeet. Het ontstaan
van het Hindoeïsme komt voort uit meerdere bronnen en is complex.
Een bron voert terug op op de heilige literatuur van de Aryans,
geschreven in Sanskriet, en bekend onder de naam de Veda’s.
De verhalen bevatten lofzangen op heiligen die vaak
verpersoonlijkingen zijn van natuurelementen.
Een andere bron wordt gevormd door de dominante overtuigingen
van inheemse volkeren, met name het geloof in de krach van moedergod
en de werkzaamheid van vruchtbaarheidssymbolen.
Het Hindoeïsme zoals we dat vandaag kennen,
met de nadruk op de god Vishnu, Shiva en Shakti,
is gevormd tegelijkertijd met het begin van het Christendom.

Dat het Hindoeïsme zo veel gezichten heeft en meer goden kent, is vaak
verwarrend voor niet-Hindoes. In het Hindoeïsme wordt het Oneindige
gezien als een diamant met meerdere facetten.
Een individuele gelovige kan zich als magnetisch aangetrokken voelen
tot een van die facetten, zoals Rama, Krishna, of Ganesha.
Door een (1) individueel facet te aanbidden, ontkent de gelovige niet
het bestaan van de vele facetten van het Oneindige of de vele wegen
naar het ultieme doel.


 photo ShivaAsLordOfDanceNatarajaCholaPeriodCa860ndash1279Ca11thCenturyCopperAlloy.jpg

Shiva as Lord of Dance (Nataraja), Chola period (circa 860 – 1279), circa 11th century, copper alloy.


Goden worden vaak afgebeeld met meerdere armen, zeker als
ze betrokken zijn bij kosmische gevechten waarbij de machtige krachten
van het Kwaad moeten worden vernietigd.
De veelheid van armen benadrukt de enorme kracht van de god en haar
of zijn vermogen meerdere heldendaden tegelijkertijd te verrichten.
Voor een Indiase kunstenaar is dit een eenvoudige en effectieve manier
om de de alomtegenwoordigheid en de almacht van een godheid uit te drukken.
Het Kwaad (Duivels) wordt vaak met meerdere hoofden afgebeeld om
de bovenmenselijke kracht uit te beelden. Een enkele maal wordt ook een god
afgebeeld met meerdere hoofden. Dit komt voort uit de behoefte om meerdere
aspecten van het karakter van de god uit te beelden.
Zo wordt Shiva wel afgebeeld met drie hoofden. Het middelste hoofd
is zijn belangrijkste karakter terwijl de anderen de bedreigende
en de zalige kant van zijn karakter uitbeelden.


 photo TheGoddessDurgaKillingTheBuffaloDemonMahishaMahishasuramardiniPalaPeriodCa700ndash120012thCenturyBangladeshOrIndiaArgillite.jpg

The goddess Durga killing the buffalo demon Mahisha (Mahishasuramardini) Pala period (circa 700 – 1200), 12th century, Bangladesh or India, argillite.


De Hindoetempel.
Architectuur en beeldhouwwerk zijn onlosmakelijk
met elkaar verbonden in India.
Als men spreekt over Indiase Architectuur dan geeft men een vervormd
en incompleet beeld als men niet tegelijkertijd ook aandacht besteed
aan de weelderige gebeeldhouwde versieringen van de monumenten.
In Hindoetempels tref je grote nissen aan in de drie buitenmuren
van het centrale heilige der heilige.
Die nissen zijn voorzien van afbeeldingen die de belangrijkste eigenschappen
van de heilige tonen aan wie de tempel is gewijd.
De afbeelding in het heilige der heilige verbeeld de essentie van de god.
Een tempel gewijd aan Vishnu zal bijvoorbeeld ook zijn incarnaties afbeelden.
Een tempel gewijd aan Shiva zal de vele heldendaden tonen
terwijl een Shakti-tempel haar strijd met de vele duivels zal verbeelden.
Regionale verschillen zijn er in overvloed.
Zo zal een Shiva-tempel in Orissa vaak afbeeldingen
van zijn familie/partner bevatten; Parvati en hun zoon Ganesha
(de god die hindernissen wegneemt) en de oorlogszuchtige Skanda.


 photo SeatedGanesha14thndash15thCenturyIndiaOrissa.jpg

Seated Ganesha, 14th – 15th century, India, Orissa.


De buitenkant van de hallen en veranda’s zijn overdekt met beelden
van allerlei figuren. Een serie nissen kan gebeurtenissen in de mythologie
van de god benadrukken en vaak is er dan ook nog plaats
voor een variëteit aan andere goden.
Daarnaast bevatten tempelmuren florale motieven, beelden van vrouwen en
liefdesparen die bekend staan als mithunas.
Zo worden de positieve elementen als groei, overvloed en welvaart uitgebeeld.

Originele Engeltalige tekst:

Hinduism and Hindu Art

According to the Hindu view, there are four goals of life on earth, and each human being should aspire to all four. Everyone should aim for dharma, or righteous living; artha, or wealth acquired through the pursuit of a profession; kama, or human and sexual love; and, finally, moksha, or spiritual salvation.

 

This holistic view is reflected as well as in the artistic production of India. Although a Hindu temple is dedicated to the glory of a deity and is aimed at helping the devotee toward moksha, its walls might justifiably contain sculptures that reflect the other three goals of life. It is in such a context that we may best understand the many sensuous and apparently secular themes that decorate the walls of Indian temples.

 

Hinduism is a religion that had no single founder, no single spokesman, no single prophet. Its origins are mixed and complex. One strand can be traced back to the sacred Sanskrit literature of the Aryans, the Vedas, which consist of hymns in praise of deities who were often personifications of the natural elements. Another strand drew on the beliefs prevalent among groups of indigenous peoples, especially the faith in the power of the mother goddess and in the efficacy of fertility symbols. Hinduism, in the form comparable to its present-day expression, emerged at about the start of the Christian era, with an emphasis on the supremacy of the god Vishnu, the god Shiva, and the goddess Shakti (literally, “Power”).

 

The pluralism evident in Hinduism, as well as its acceptance of the existence of several deities, is often puzzling to non-Hindus. Hindus suggest that one may view the Infinite as a diamond of innumerable facets. One or another facet—be it Rama, Krishna, or Ganesha—may beckon an individual believer with irresistible magnetism. By acknowledging the power of an individual facet and worshipping it, the believer does not thereby deny the existence of many aspects of the Infinite and of varied paths toward the ultimate goal.

 

Deities are frequently portrayed with multiple arms, especially when they are engaged in combative acts of cosmic consequence that involve destroying powerful forces of evil. The multiplicity of arms emphasizes the immense power of the deity and his or her ability to perform several feats at the same time. The Indian artist found this a simple and an effective means of expressing the omnipresence and omnipotence of a deity. Demons are frequently portrayed with multiple heads to indicate their superhuman power. The occasional depiction of a deity with more than one head is generally motivated by the desire to portray varying aspects of the character of that deity. Thus, when the god Shiva is portrayed with a triple head, the central face indicates his essential character and the flanking faces depict his fierce and blissful aspects.

 

The Hindu Temple

Architecture and sculpture are inextricably linked in India. Thus, if one speaks of Indian architecture without taking note of the lavish sculptured decoration with which monuments are covered, a partial and distorted picture is presented. In the Hindu temple, large niches in the three exterior walls of the sanctum house sculpted images that portray various aspects of the deity enshrined within. The sanctum image expresses the essence of the deity. For instance, the niches of a temple dedicated to a Vishnu may portray his incarnations; those of a temple to Shiva, his various combative feats; and those of a temple to the Great Goddess, her battles with various demons. Regional variations exist, too; in the eastern state of Orissa, for example, the niches of a temple to Shiva customarily contain images of his family-his consort, Parvati, and their sons, Ganesha, the god of overcoming obstacles, and warlike Skanda.

 

The exterior of the halls and porch are also covered with figural sculpture. A series of niches highlight events from the mythology of the enshrined deity, and frequently a place is set aside for a variety of other gods. In addition, temple walls feature repeated banks of scroll-like foliage, images of women, and loving couples known as mithunas. Signifying growth, abundance, and prosperity, they were considered auspicious motifs.

 

Vidya Dehejia
Department of Art History and Archaeology, Columbia University

Mithuna

Vermoedelijk kwam deze afbeelding in het nieuws in verband met Valentijnsdag.
Toevallig (?) ook een voorwerp uit het Metropolitan Museum.

Loving couple (Mithuna), Eastern Ganga dynasty, 13th century, Orissa, India.

Volgens het museum:

A Hindu temple was often envisioned as the world’s central axis, in the form of a mountain inhabited by a god. The temple itself was therefore worshipped. This was done by circumambulation (walking around the exterior, in this case in a counterclockwise direction) and by viewing its small inner sanctum. The outside of the temple was usually covered with myriad reliefs: some portrayed aspects of the god within or related deities; others represented the mountain’s mythological inhabitants. From early times, iconic representations of deities and holy figures were augmented by auspicious images, such as beautiful women, musicians, and loving couples (mithunas).

Een Hindoetempel werd vaak verbeeld als de centrale as van de wereld. In de vorm van een berg, bewoond door een god. De tempel zelf werd aanbeden. Dit werd gedaan door aan de buitenkant van de tempel, tegen de wijzers van de klok in, in processie rond te gaan en door het heilige der heiligen in de tempel te bekijken. De buitenkant van de tempel was vaak bedekt met een kluwe aan reliefen: sommige verbeelden verschillende aspecten van de godheid of de aan de godheid verwante goden. Andere reliefen verbeelden de goddelijke en mythische bewoners van de berg. Vaak werden de heilige figuren geplaats tussen mooie vrouwen, muzikanten en liefdeskoppels.

Reisverslag India 2004 (37): Puri

25/11/2004

Vandaag naar de grote Jagannath tempel geweest.

We lopen te voet naar de grote tempel.
Het wordt steeds drukker, zeker als we op de grote weg naar de tempel komen.
Die weg wordt op het hoofdfeest gebruikt om de beelden
die normaal in het tempelcomplex staan
in processie naar een andere tempel te brengen.
Met dat feest zijn er honderduizend mensen op de been.
Nu was er ook een feest en er waren zo’n 40.000 bedevaartgangers in Puri.

Ik probeer van een kleine afstand de bedelaars in beeld te brengen.
Je ziet er mensen met zakken rijst lopen die ze uitstooien
in de emmers, pannen, schalen of gewoon op een krant,
die de bedevaartsgangers voor zich hebben liggen.

Deze constructie bestaat uit fluiten die hier aan de man worden gebracht.

Deze foto is niet zo duidelijk.
Er stond voor de tempelingang een tent waar groepen bedevaartgangers
muziek maakten en zongen.
Foto’s maken is daar niet eenvoudig door de enorme drukte.

The name Jagannath literally means Lord of the Universe.
The Built of the present temple was begun by King Chora Ganga Deva
and finished by his descendant, Anangabhima in the 12th Century.
The Main temple structure is 65m (214 feet) high
and is built on elevated ground, which makes it look even larger
and adds to the imposing impressions you get
as you first come within sight of the temple.
The temple complex comprises an area of 10.7 acres
and is enclosed by two rectangular walls.
The outer enclosure is called Meghanada Prachira (665 x 640 feet).
The walls are 6 meters high.
The inner wall is called Kurmabedha (420 x 315 feet).
The walls were built during the 15th or 16th century.

This temple is said to have the largest kitchen in the world
and feeds thousands of devotees every day.
The kitchen can prepare food for 100000 people on a festival day
and 25000 is not unusual for a normal day.
There are 36 traditional communities
who render a specific hereditary service to the Deities.
The temple has as many as 6000 priests.

There is a wheel on top of the Jagannatha Temple
made of an alloy of eight different metals known as asta-dhatu.
It is known as the Nila Chakra.
On every Ekadasi day a lamp is lit on top of the temple near the wheel.

The main temple is surrounded by 30 different smaller temples.
The Narasimha temple adjacent to the western side
of the Mukti-mandapa is said to have been constructed
before the present temple.

In front of the main gate is an 11m pillar, called Aruna stambha,
which used to be in front of the Sun Temple in Konark.
It was brought to Puri during the 18th century.
The figure on top of the pillar is Aruna, the charioteer of the sun god.
In the passage room of this gate is a Deity of Lord Jagannatha
called Patita Pavana (Savior of the most fallen).

There are four gates the Eastern Singhadwara (Lion Gate),
the southern Ashwadwara (horse gate),
the western Vyagharadwara (tigers gate)
& the northern Hastidwara (elephants gate).
There is a carving of each form by the entrance of each gate,
is located on Grand Road.

Je mag als niet-Hindoe niet in de tempel maar het spektakel erom heen alleen al
is de moeite meer dan waard.
Honderden, duizenden mensen gaan op weg in gezang, biddend,
met religieuze muziek, gezang en toespraken op de achter- en de voorgrond.
Bedelaars, bedelaars en bedelaars; keurig in een rij opgesteld.
Aan beide kanten van de straat.
Overal kraampjes, met souveniers, offergaven, eten, groente,
huishoudelijke artikelen enz.
Natuurlijk overal koeien.
Een waar pandemonium.

De centrale toegangspoort van het tempelcomplex.
Verder mogen wij als niet Hindoes, niet komen.

De vele bedevaartgangers moeten natuurlijk ook iets eten.
Hier verkoopt men etenswaar dat erg populair is.

En dat eten wordt erg kunstzinnig uitgestald.

Vanuit de keuken wordt het afval via een schuif in de tempelmuur
naar buiten geschoven.
De koeien weten daar wel raad mee.
Dit zien we bij ons ook in kasteelmuren (zonder koeien dan)
of op de mestvaalt bij de boeren of in de tuin.

Het complex heeft meerdere toegangspoorten. Dit is er een van.

Het gewone leven gaat ongestoord door.

Rondom de tempelmuren zie je allerlei handel:
groente, fluiten, souveniers (voor de bedevaartsgangers),
rijst, kokosnoten, eten, snoep, enz, enz.

Dit straatbeeld geeft een idee van hoeveel mensen daar nu rondlopen.
De tempelmuren vormen een carrxc3xa9.
Alle winkels en kramen zijn langs de wegen te vinden langs de muren.
Een hele mooie wandeling.

Een van de leukste foto’s.
Op de foto staat een tempeltje, een stand van een aardewerk-verkoper
en iemand die eten verkoopt.
En dat allemaal op 3 vierkante meter.

Aan de hoofdweg naar de tempel zit een winkelcentrum met
daarin een restaurant. Daar komen de rijkere Indiase mensen.
Ook als Westers toerist kun je er eten en iets te drinken nemen.
Alles heet in Puri ‘Grand’: de grote weg, de grote tempel enz.
Dus ook dit restaurant.
Vanaf hun terras op de eerste verdieping kun je mooie foto’s maken.
Een ervan die ik gemaakt heb zie je hier.
Mij ging het in eerste instantie om de man met die grote vracht
achter op zijn fiets.
Thuis bleek dat de man midden in een circel van andere mensen staat.
De mensen lopen bijna allemaal van hem weg.
Dat levert een mooi plaatje op.

Producten en hun beursprijzen: suiker, erwten, rijst, olie enz.

Terwijl we rondlopen bij het tempelcomplex,
zijn we natuurlijk al opgevallen bij die mensen die begrijpen
dat aan toeristen uit het Westen goed geld te verdienen is.
Hun verhaal begint met het aanbieden van hulp of
men wil graag Engels met je spreken of iets dergelijks.
Niet zelden hebben ze andere bedoelingen.
Dat is niet erg want het kan goed van pas komen.
Ze weten de weg.
Er zijn dan ook mogelijkheden om het tempelcomplex van het dak
van een bibliotheek of een hotel te bekijken.
Deze twee foto’s zijn gemaakt vanaf zo’n uitkijkspunt.
Betaal niet te veel !

Handwerksman, bezig met een houten souvenier.
We zijn inmiddels al weer op weg terug naar het restaurant.

Grote reclameborden worden in India nog met de hand geschilderd.
In de middag naar het strand.

Lunch: Pizza and German Bakery
1 Danish, choco/banana croissant
1 lemon cake

De croissant had weinig met het Franse broodje te maken.
Het smaakt allemaal goed.
De filterkoffie was redelijk.

Diner: Xanado

Bierfietsen.
Men verkoopt wel een groot aantal items volgens het menu.
Maar dat wil nog niet zeggen dat het ook op voorraad is.
Geen paniek, de ober ging regelmatig op de fiets het bier halen bij een zaak in de buurt.
Muziek niet geweldig, grote zaak, mooie tuin.
Weinig klanten. Lekker gegeten.
Vooral de Gadu Gadu van L was bijzonder.
Een soort grote corn flakes die de ons bekende kroepoek vervangen (vergelijkbare smaak).
Met verse komkommer en rijst aangemaakt
zodat de smaak erg overeenkomt met de Gado Gado die wij in Nederland kennen.
’s Avonds nogmaals naar de grote tempel geweest
maar door omstandigheden hebben we het festival niet gehaald.