Marmerpapier van Karli Frigge

Afgelopen week heb ik wat marmerpapier gekocht
van mevrouw Karli Frigge.
Ze heeft dit papier met de hand gemaakt en het wordt
typisch gebruikt als schutblad voor in een boek of
om bijvoorbeeld dozen te bekleden.
Het papier is werkelijk schitterend.
Als verrassing ontving ik ook nog een aantal kleinere stukken.
Die zullen heel goed van pas komen.
Ik laat hier met een paar foto’s zien
wat is zoal gekocht heb (te koop via haar website).

 photo DSC_5521Detail01.jpg

Dit is een voorbeeld waarop vooral de kleinere stukken te zien zijn.


 photo DSC_5521Detail02.jpg

Een detail. Heel geslaagd vond ik dit.


 photo DSC_5522DetailMarmer.jpg

Grotere stukken.


 photo DSC_5523DetailMarmer.jpg

Een detail van een heel blad dat op deze manier is gevormd.


Het resultaat

Ik zou het resultaat nog even laten zien.
De eerste foto toont het ‘broertje’ dat nog niet gerepareerd is
met het boek dat afgelopen zaterdag wel gerepareerd is.

 photo DSC_5527OudEnNieuw.jpg

Je ziet dat het boekblok loskomt van de rug bij het bovenste boekje. Dat er al een klein stukje van de pagina’s uitsteekt aan de linkerkant. Het onderste boekje was in nog slechtere staat maar inmiddels opgelapt.


 photo DSC_5528NieuwSchutblad.jpg

Dit is het nieuwe schutblad aan de voorkant van het boekje.


 photo DSC_5529Opengeslagen.jpg

Hier zie je hoe het schutblad aansluit op het oudere deel van het boekblok.


Boekreparatie workshop

Afgelopen zaterdag heb ik een workshop gevolgd
bij Katja Clement: boekreparatie.
Ik zou liever een boekbind cursus gevold hebben maar dan kon bij haar
pas volgend jaar. Zo lang wil ik niet wachten.
Vandaag heel wat technische problemen met mijn PC
dus maar gauw even een reeks foto’s.

 photo WP_20141115_001samualPickwickKapotteKaft.jpg

Het gerepareerde boek was The Pickwick Papers. De hele kaft lag er af. Het gaat om het bekende verhaal van Charles Dickens, in twee delen in de Nederlandse vertaling.


 photo WP_20141115_002KaftOntdaanVanRestenLijm.jpg

De kaft en de rug moesten eerst schoon gemaakt worden.


 photo WP_20141115_003HetBroertjeDeelI.jpg

Dit is Deel I, het ‘broertje’ van het boek dat ik zaterdag onder handen had. Goed te zien is het schutblad en het blad met de foto van Dickens, dat in deel II helaas verdwenen is.


 photo WP_20141115_004RugMetLijmrestenEnKapitaal.jpg

De rug met lijmresten en een van de kapitalen (sierlint boven en onderaan de boekrug.


 photo WP_20141115_005SchoneRugOudeLijmVerwijderd.jpg

Hier is de lijm verwijderd.


 photo WP_20141115_006SchoneRugNieuwSchutbladGekozen.jpg

Hier is het nieuwe schutblad dat ik heb gekozen.


 photo WP_20141115_007MetSchutblad.jpg

Het schutblad is er al opgelijmd.


 photo WP_20141115_008NieuweRugMetHuls.jpg

Op de rug wordt een gaas ter versteviging aangebracht en een ‘huls’. De huls geeft ondersteuning aan de kaft en het boekblok bij het openen van het boek.


 photo WP_20141115_009RugMetHuls.jpg


 photo WP_20141115_010PlakkenSchutblad.jpg

Hier wordt de huls en het schutblad vastgelijmd aan de kaft. Het eindresultaat toon ik binnenkort.


Gelezen: De staat van Afrika (Alles veranderde en alles bleef hetzelfde)

Richard Dowden is de auteur.
De Nederlandse titel is: De staat van Afrika (Alles veranderde en alles bleef hetzelfde).
Tussen haakjes staat mijn samenvatting van het boek.
Oorspronkelijke titel: Africa: Altered states, Ordinary Miracles, 2008.

Het boek is dus al wat jaren oud.
Recente geschiedenis kom je dus niet tegen.
Dat maakt het boek interessant en niet af op hetzelfde moment.
Geen Ebola maar wel AIDS en HIV.
Geen burgeroorlog in de Centraal Afrikaanse Republiek
maar wel Burundi en Rwanda.
Kortom, nog steeds actueel.

Voor alle duidelijkheid. Afrika is hier dat deel van het continent
dat ten zuiden van de Sahara ligt. Het ‘donker’ Afrika zullen we maar zeggen.

De hoofdstukken 17 en 18 gaan over de toekomstvisie
die Dowden had in 2007/2008.
Ik vind ze minder relevant.

 photo DSC_5507RichardDowdenDeStaatVanAfrika.jpg

Dit zijn een aantal van mijn aantekeningen uit/bij dit boek.

“De Europese bemoeienis met Afrika nam veel vormen aan, die grofweg in vier soorten te verdelen zijn:
ten eerste was er de handelaar die zich aan de kust vestigde en als agent of bemiddelaar optrad voor buitenlandse bedrijven;
ten tweede was er de zich vestigende boer die daadwerkelijk land innam en zichzelf kon bedruipen;
De derde soort was die van de koloniale Europese bestuurder, die over Afrikanen heerste maar geen handel dreef en geen land bezat.
En ten slotte waren er – en zijn er- de missionarissen, leraren en hulpverleners die naar Afrika kwamen om hun geloof of hun kennis te verspreiden.” (pagina 205)


Op 12/09/2014 schrijf ik op pagina 257 van het boek
met rode pen het volgende:
Tot nu toe vind ik de verhalen duidelijk,
goed te begrijpen en helder.
Maar dit hoofdstuk over Burundi en Rwanda
begrijp ik niet helemaal.

Op pagina 258 schrijf ik later:
Interessante analyse maar met Senegal
heeft het weinig te maken.
Ik bedoel daar mee dat de analyse interessant is maar
dat die niet specifiek voor Senegal geldt.


“Volgens economisch historicus Angus Maddison waren de Europeanen aan het begin van de negentiende eeuw slechts drie maal zo rijk als de Afrikanen. Tegenwoordig zijn ze twintig keer zo rijk, en wordt de kloof nog steeds groter. In het jaar 2000 produceerden vrie miljoen Ieren, die ooit tot de armste ter wereld behoorden, meer welvaart dan tweehonderd miljoen West-Afrikanen, inclusief de machtige Nigerianen met hun overvloed aan olie en gas. Het hele continent ten zuiden van de Sahara produceerde, afgezien van Zuid-Afrika, minder dan het kleine Belgie.“ (pagina 265)


“De meesten van deze mensen die je op de straten van Afrikaanse steden ziet, worden door het ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties tot de absoluut armen gerekend, die leven van minder dan een dollar per dag. Dat klinkt vreselijk arm voor iedereen die in de westerse wereld woont, maar welvaart kent vele vormen en misschien bestaat er in Afrika een vorm die niet te meten is in de dollarberekeningen die economen hanteren. En dan hebben we het niet alleen over waardevol menselijk kapitaal dat niet in geldelijke termen is uit te drukken. Toen de mobiele telefoon in Afrika werd geïntroduceerd, vonden de mensen plotseling overal het geld. Miljoenen Afrikanen bleken rijker te zijn dan de economen en ontwikkelingsdeskundigen hadden beweerd. Veel rijker zelfs. Hoeveel meer verborgen, niet in officiële cijfers weergegeven welvaart kent Afrika?“ (pagina 267)


“Afrika is rijk gezegend met natuurlijke hulpbronnen, mineralen, wouden en, in sommige delen, water in overvloed. Het is een rijk continent met veel arme mensen. Maar de economische ontwikkeling van Afrika was er op gericht om buitenstaanders ten goede te komen, niet de Afrikanen zelf. ……. De politieke geografie maakte de zaak nog erger. Afrikaanse grenzen corresponderen niet met natuurlijke grenzen of demarcatielijnen tussen volkeren.” (pagina 269)


“De koloniale erfenis maakte de Afrikaanse economieën vooral tot leveranciers van grondstoffen.” (pagina 270)


“De enige manier…zou zijn door de opbouw van zijn eigen productiecapaciteit, door ontwikkeling van de bevolking en toegevoegde waarde. Dat was precies wat de Aziatische landen deden,” (pagina 270)


“De Aziaten wisten echter strategieën te ontwikkelen om de moeilijkheden te omzeilen en hun producten toch op de Europese en Amerikaanse markten te krijgen. De waarheid is dat de Aziatische landen naar buiten keken en de wereldmarkten analyseerden, terwijl de Afrikaanse overheden naar binnen keken, aan zelfvoorzienendheid en importvervanging te werken en belasting hieven over exporten. …. Voor hen waren rijke landen hulpverleners en geen markten.” (pag 271)


“Toe de Afrikaanse landen onafhankelijk werden, geloofden de meeste leiders dat het volgende stadium in de opbouw van een natie moest zijn dat de overheid de economie overnam. De nieuwe heersers stelden dat de politieke onafhankelijkheid niet compleet zou zijn zonder economische onafhankelijkheid. Ze zagen zichzelf als degenen die Afrika van de koloniale overheersing bevrijdden en wilden niet alleen het bestuur, maar ook de productie onder hun heerschappij brengen. In land na land werden de mijnen, de landbouwgfrond en de bedrijven genationaliseerd. Het werd gezien als Afrika dat zijn verloren erfenis weer opeiste. De politiek van nationalisering kreeg aanzienlijke ondersteuning van de Wereldbank en donorlanden.” (pagina 273)


“Het gepropageerde doel van de nationalisaties was de hele economie in lijn te brengen met een nationaal ontwikkelingsplan en te verhinderen dat er kapitaal geëxporteerd zou worden. Het effect was dat leiders de absolute controle over het geld kregen. De nationalisaties gaven hun een uitgebreide clientèle en de mogelijkheid om politieke bondgenoten te belonen of vijanden af te kopen. De semistaatbedrijven vormden eveneens een geldkraan voor presidentiële paradepaardjes en neutraliseerden bij voorbaat alle andere welvaartsbronnen die in de verleiding zouden kunnen komen om een oppositie te financieren.” (pagina 273-274)


“Slechts weinigen in de westerse landen leverden in die tijd enige kritiek. Hun belangrijkste zorg gold de loyaliteit in de Koude Oorlog. Tegenwoordig profileren westerse donorlanden zichzelf als de helden van de ‘traditionele waarden’- democratie, rechtshandhaving, mensenrechten en de vrije markt – maar dat zijn nieuwe uitvindingen. In de jaren zestig en zeventig wilden de westerse landen en hun instituten, zoals de Wereldbank, weten welke kant je koos: het Sovjet-blok of het Westen. Ze hadden liever te maken met met een heerser als Idi Amin of Mobutu dan met een verandering van regering, die aanleiding zou kunnen zijn voor een land om aansluiting te zoeken bij de Sovjet-Unie. En dus ondersteunden ze bloedige dictators uit naam van ‘stabiliteit’.” (pagina 275)


“In de voorstellingswereld van de westerse leiders waren de meerpartijendemocratie en de vrije markt zowel de oorzaak als de beloning voor hun overwinning op het communisme. Aangezien de meeste Afrikaanse landen eenpartijstaten waren met een geleide economie, nam men aan dat ook zij zouden profiteren van de oplossingen van de vrije markt. ……
Het Internationaal Monetair Fonds en de Wereldbank, beide onder leiding van vertegenwoordigers van westerse overheden, voorzagen ze van het beleid en het instrumentarium waarvan zij geloofden, dat er een vrij en bloeiend Afrika mee kon worden opgebouwd.“ (pagina 278)


“Niemand had het onmiddelijke en enorme effect van zulke dramatische programma’s op Afrikaanse staten ooit doordacht. De economische theorie, bekend als de Washington-Consensus, was dat alles goed zou komen met de economieën, zodra ze maar eenmaal bevrijd waren van de bemoeizucht van overheden en zodra de heilige wetten van de vrije markt, naar westerse stijl, waren ingevoerd. …… De theorie ging ervan uit dat er belasting zou worden geheven en dat de rond de overheid geconcentreerde corruptie zou verminderen. …… Maar hun theorieën gingen er ook van uit dat de staten over een juridisch raamwerk beschikten dat de markt in staat zou stellen om vrij en transparant te functioneren.” (pagina 279)


“Het instorten van de munten reduceerde de salarissen van hoge ambtenaren tot om en nabij vijftig dollar per maand. Uitgerekend de mensen die de hervormingen moesten doorvoeren, raakten zelf verarmd. ……. Dat betekende dat veel Afrikaanse staten de enige mensen kwijtraakten die het land konden besturen. Het overheidsapparaat, dat nooit erg effectief was geweest, kwam nu tot volledige stilstand. Het gebrek aan capaciteit leidde ertoe dat hele hordes buitenlandse adviseurs tegen hoge kosten werden ingevlogen, velen van hen zonder enige ervaring met of kennis van Afrika.” (pagina 280)


“Bovenop de leegloop van de ambtelijke top kwam nog eens het ontslag van duizenden lagere medewerkers in staatsdienst, die vaak omvangrijke grootfamilies onderhielden. Degene die hun baan behielden raakten al snel verarmd door de instortende valuta. …… Natuurlijk hadden ze constant geld nodig en velen begonnen hun diensten te verkopen. De kleine corruptie steeg enorm.” (pagina 281)


“De regeringen waren eerst sterk tegen privatisering gekant. Vervolgens begonnen de elites die het land, zijn staatsbedrijven en hulpbronnen hadden bestuurd, deze met behulp van bankleningen op te kopen – de hulpbronnen die zij vernietigd en geplunderd hadden toen ze aan de macht waren.” (pagina 281)


“…en toen de westerse bedrijven hun opwachting maakten in Afrika, hadden ze lokale mensen nodig om hen bij de hand te nemen terwijl ze door Afrika’s bureaucratische jungles laveerden. Wie konden ze beter hebben dan een plaatselijke, machtige politicus? En zo werden de rijke kleptocraten van de oude regimes de nog rijkere bonzen van de geprivatiseerde bedrijven. Alles veranderde en alles bleef hetzelfde.” (pagina 282)


‘De stront verandert, maar de vliegen blijven hetzelfde.’


“Veel leden van de heersende klasse waren nu multimiljonairs in dollars, en het electoraat was arm. In plaats van de staat van de economie te scheiden, klonk de nieuwe wereldorde van de vrije markt ze even hecht op elkaar als ze in de geleide staatseconomieen waren geweest. De bazen en hun maatjes hadden het nog steeds voor het zeggen in het land, dat ze nu bezaten.” (pagina 282)


Zelf ben ik in dat deel van Afrika waar Dowden over schrijft
nooit geweest maar de aanpak waarbij voormalige bestuurders
eigenaar worden van bedrijven ben ik tegengekomen in Rusland.
Dat als maar geld sturen naar landen die een erg rijke
bovenlaag hebben, heb ik zelf ook in India gezien.

Alles bij elkaar een interessant boek.

Op de veiling gekocht

Vandaag kwam er een aangetekend pakketje aan.
Ik weet natuurlijk wat er in zit, althans ik had een sterk idee.
Jij als lezer weet het nog niet maar
als je nog even doorleest, weet jij het ook.

 photo DSC_5429Pakketje.jpg

Het geheime, aangetekende pakketje.


 photo DSC_5430HetHekIsVanDeDam.jpg

Het hek is van de dam, waarmee ik maar wil zeggen dat de deksel van het doosje is.


 photo DSC_5431TweePakjes.jpg

In de doos zitten twee pakjes.


 photo DSC_5432WatKomtDaarTevoorschijn.jpg

Wat komt daar tevoorschijn. Lijkt wel iets roods.


 photo DSC_5433DeTweeBoekjesMetRodeKaft.jpg

Twee boekjes met een rode kaft. Een heeft een afbeelding van Mao Zedong op de kaft. Het andere boekje heeft Chinese karakters op de omslag.


 photo DSC_5434MaoHorlogeMetKetting.jpg

Het tweede pakje bevat een zakhorloge met op het deurtje een afbeelding van Mao Zedong.


 photo DSC_5437.jpg

Groepsfoto.


Voor mij was dit niet een echte verrassing.
Ik had dit immers gekocht op een veiling.
Ik ben al langer geinteresseerd in veilingen en nu kwam ik
een week of zo geleden in aanraking met Catawiki.
Een online veilinghuis.
Ik wilde gewoon eens zien hoie dat nu werkt.

Men heeft er verschillende soorten veilingen.
Boeken, moderne kunst, sieraden, munten, modeltreinen, enz.
Er zijn ook regelmatig (ten minste) twee veilingen met spullen
uit Azia: Aziatica (vintage) en Aziaticaveiling (antiek).
De voorwerpen die je net zag komen van de Aziatica (vintage) van
eerder deze week (maandagavond).

 photo CataWikiRodeBoekjes01.jpg

Zo ziet zo’n pagina eruit van waaraf je kunt bieden. Links een tekstuele beschrijving en in het midden de foto’s die beschikbaar zijn en rechts de bedragen die geboden zijn (nu even weggehaald).


De tekst bij dit lot is bijvoorbeeld:

 photo CataWikiRodeBoekjes02.jpg


Een van de twee boekjes is veel dunner en heeft een heel andere indeling.
Het dikste boekje lijkt inderdaad het ‘Rode boekje’ te zijn.
Maar dat ga ik binnenkort nog even verifieren bij mijn Chinese kennis.

Om het voorbeeld compleet te maken van wat voor informatie je
precies krijgt, zie je hieronder de foto’s van de webpagina.
Het is overigens de verkoper die verantwoordelijk is voor deze informatie.
De hele veiling, de betaling en de verzending daarna
wordt begeleid met een aantal mails.
Zo wordt ik terwijl ik dit schrijf op de hoogte gehouden dat nog meer lots
vanavond aan de beurt zijn.
Van 1 heb ik al besloten die te laten lopen.

 photo CatawikiRodeBoekjesFoto01.jpg
 photo CatawikiRodeBoekjesFoto02.jpg
 photo CatawikiRodeBoekjesFoto03.jpg
 photo CatawikiRodeBoekjesFoto04.jpg
 photo CatawikiRodeBoekjesFoto05.jpg
 photo CatawikiRodeBoekjesFoto06.jpg
 photo CatawikiRodeBoekjesFoto07.jpg
 photo CatawikiRodeBoekjesFoto08.jpg

Schattig he, die groene kleur van de wijzerplaat?


Breda, Beatles en Blake

Drie stripboeken heb ik gisteren gekocht.
= Het Turfschip van Breda door Roelof Wijtsma
= Epstein door Jaron Beekes
= Het gedroomde avontuur door Didier Convard en Andre Juillard.

Om bij het laatste boek te beginnen.
De verhalen van Blake en Mortimer zijn al van heel wat jaren geleden.
Edgar P. Jacobs was de maker en hij overleed in 1987.
Toch komt er af en toe een boek uit met de twee helden.
Vaak van een bewonderaar en vaak ook met een originele
invalshoek. Dit is geen gewone remake.
Niet zomaar een nieuw avontuur met de oude helden.
De insteek is origineel maar de uitwerking is wat kort door de bocht.
Resultaat is ook geen standaard stripverhaal met plaatjes
en tekstballonnen maar een briefwisseling mert grotere tekeningen.
En die tekeningen zijn mooi.

 photo DSC_5422HetGedroomdeAvontuurDidierConvard-AndreJuillard.jpg

Het gedroomde avontuur door Didier Convard en Andre Juillard.


Epstein is een graphic novel over de eerste manager van de Beatles.
De man die hen hielp groot te worden.
Mooi verhaal.
De omslag is grappig.
Ik laat eerst de achterkant zien, dan de voorkant.

 photo DSC_5423JaronBeekesEpstein.jpg

Epstein door Jaron Beekes.

 photo DSC_5424JaronBeekesEpstein.jpg


Als laatste Het Turfschip van Breda.
Leuk verteld.
Zeker als je weet dat het al heel wat keren in beeld gebracht is.
Zo was er bijvoorbeeld die ets van Bartholomeus Willemsz. Dolendo:
Inname van Breda, uit ongeveer 1590.

 photo BartholomeusWillemszDolendoInnameVanBreda1590RP-P-OB-80090.jpg

Bartholomeus Willemsz. Dolendo, Inname van Breda, 1590. Vier episodes van het verhaal. Linksboven de aankomst van het turfschip, rechtsboven het binnenhalen van het schip in het slot (zie hieronder), linksonder een gevecht op de binnenplaats en rechtsonder het verdrijven der Italiaanse soldaten.

 photo BartholomeusWillemszDolendoInnameVanBreda1590RP-P-OB-80090Detail.jpg

Bartholomeus Willemsz. Dolendo, detail van Inname van Breda: het binnenhalen van het schip in het slot.

Roelof Wijtsma maakt er een veel dynamischer spectakel van:

 photo DSC_5421RoelofWijtsmaHetTurfschipVanBreda.jpg

Het Turfschip van Breda door Roelof Wijtsma.


Multatuli in Rotterdam

 photo WP_20141010_002MultatuliRotterdamVanOldenbarneveltstraat.jpg

“Van de maan af gezien zijn we allen even groot”. Uitspraak van Multatuli (Eduard Douwes Dekker 1820-1887). Grappig is dan, dat dit hele hoge portret, hoog aan een gevel in de Van Oldenbarneveltstraat in Rotterdam hangt.

Johan van Oldebarnevelt werd geacht zich groter voor te doen
dan hij was en werd toen letterlijk een kopje kleiner gemaakt.

Of zoals Wikipedia het zegt:

Johan van Oldenbarnevelt (Amersfoort, 14 september 1547 – Den Haag, 13 mei 1619), geboren als Johan van Oudenbarnevelt, was raadpensionaris van de Staten-Generaal tijdens de Tachtigjarige Oorlog. Hij werkte lange tijd samen met Maurits van Oranje (de zoon van Willem van Oranje), maar werd het slachtoffer van een door Maurits beheerst politiek proces en daaropvolgende executie.

De goddelijke komedie

Tijdens onze vakantie dit jaar in Italie
werd door reisgidsen en verklarende teksten steeds verwezen
naar de invloed van Dante Alighieri en in het bijzonder
La divina commedia (De goddelijke komedie).

 photo IMG_20141005_0020GiovanniDaModenaLInfernoLaPunizioneDeiSacrileghiSopraHelDeStrafVanHeiligschennisBoven.jpg

Giovanni da Modena, L’inferno, la punizione dei sacrileghi (Hel, de straf van heiligschennis).Een van de afbeeldingen van de fresco’s die samen La Cappella Dei Re Magi vormen in de Basilica di San Petronio (De Driekoningenkapel in de Duomo van Bologna), circa 1410.

Omdat ik wil begrijpen in welke mate Dante de beelden
die in de beeldende kunst zijn gebruikt (de iconografie)
heeft beinvloed, heb ik eerst maar eens op wikipedia
gekeken naar de opbouw van ‘De goddelijke komedie’.

Die is als volgt:

De hel is volgens Dante ingedeeld in negen kringen:

De eerste kring is het limbo of voorgeborchte.
Hier bevinden zich de deugdzame heidenen (Cicero, Euclides, Homerus,
Ovidius, Socrates, Plato, maar ook mythische figuren als Aeneas.)

Koning Minos is de bewaker van kring twee (onmatigen).
In deze kring woedt een eeuwige storm,
die de zielen van de wellustigen voortblaast.

In de derde kring, waar het eeuwig regent,
bevinden zich de vraatzuchtigen.
Cerberus (Meerkoppige hond) is er de bewaker.

In de vierde kring duwen de hebzuchtigen en de verkwisters
zware lasten zinloos heen en weer

De vijfde kring bevat de moerassige Styx, waarin de agressievelingen
elkaar tot in eeuwigheid bevechten.
De wrokkigen liggen onder water.

De zesde kring van de hel, is een grafveld met brandende open graven,
waarin de ketters liggen.

In de zevende kring lijden de geweldplegers:
– degenen die geweld hebben gepleegd tegen anderen
(kolkende bloedrivier, denk Attila de Hun)
– zelfmoordenaars, die geweld tegen zichzelf gepleegd hebben
(een woud waar harpijen hun scherpe klauwen in de takken zetten,
waarbij de bomen bloeden)
– de godslasteraars, die geweld plegen tegen God, de sodomieten,
die geweld plegen tegen de natuur, en de woekeraars,
die geweld plegen tegen de kunst (woestijn met vuurregen)

De achtste kring van de hel heet de malebolge,
Italiaans voor “buidels van het kwaad.” (bedriegers).
– Verleiders en koppelaars (opgezweept door duivels)
– vleiers (baden in drek)
– simonisten (het verhandelen door middel van koop, verkoop of ruilhandel
van geestelijke zaken, voorbeeld:
paus, die op zijn kop in een gat in de grond zit
waar alleen zijn brandende voeten uitsteken)
– magiërs, heksen en zieners (hoofd achterstevoren op hun lichaam)
– corrupte politici en ambtenaren (een bad van kokend pek
en belaagd door duivels met hooivorken)
– huichelaars (lopen in loden pijpen met gouden glans, denk Kajafas)
– dieven (Zij ontbranden spontaan, waarna ze weer uit hun as herrijzen)
– kwade raadgevers (branden, denk Odysseus)
– de schismatici (verminking-genezing-verminking, denk Mohammed en Ali,
deze voorbeelden worden letterlijk getoond en zijn natuurlijk erg controversieel
voor de moslimgemeenschap)
– alchemisten en vervalsers (vreselijke kwalen)

De nedende kring bestaat uit verraders (bevroren meer met 4 delen)
– Caina – verraders van familie
– Antenora – landverraders
– Ptolemaea – verrader van gasten
– Giudecca – verraders van hun meester (denk Judas, verrader van Christus;
Brutus en Cassius, verraders van Julius Caesar; en Lucifer, verrader van God)

 photo IMG_20141005_0020GiovanniDaModenaLInfernonLaPunizioneDiUnPersonaggioDalNomeIlleggibileSottoDeStrafVanEenPersonageMetEenOnleesbareNaamHie.jpg

Giovanni da Modena, L’inferno, la punizione di un personaggio dal nome illeggibile (De straf van een personage met een onleesbare naam.

Met dank aan mijn vader (voor het inscannen van de afbeeldingen),
Wikipedia voor de tekstsamenvatting van De goddelijke komedie
en Google translate voor de Italiaans-Nederlandse vertaling bij de afbeeldingen.

Het Staatkundig en Maatschappelijk Leven der Nederlandsche Steden door Dr. H. Brugmans

Afgelopen zaterdag kwam ik langs een boekhandel in Breda
die twee boeken, buiten op een stoel had liggen,
met een bordje erbij. Gratis mee te nemen voor geinteresseerden.
Nou ik was nieuwsgierig.
Nu heb ik een prachtig boek dat ik echter
niet bij mij in de kast ga zetten.
Ik ga het omwerken tot een ‘kunst’-boek.
Daarbij zal de inhoud, tekst en afbeeldingen, verloren gaan.
Als iemand het boek nog wil redden,
dan is dit je kans.
Laat het me snel weten voor ik ga plakken en knippen.

Maar eerst nog even wat foto’s van het boek in deze blogpost.

 photo DSC_5292HetStaatkundigEnMaatschappelijkLevenDerNederlandscheStedenDoorDrHBrugmans.jpg

Het Staatkundig en Maatschappelijk Leven der Nederlandsche Steden door Dr. H. Brugmans.


 photo DSC_5293D01.jpg

We kunnen achterhalen wie ooit bezitter was van het boek. Even de stempels wat beter bekijken.

 photo DSC_5293D02.jpg

Pedagogische Akademie ‘De Vossenberg’ Oudenbosch.


 photo DSC_5294D01.jpg

Het titelblad. Het boek is van A. W. Sijthoff’s uitgevers-maatschappij.

 photo DSC_5294D02.jpg

Van dichterbij: Het Staatkundig en Maatschappelijk Leven der Nederlandsche Steden.


 photo DSC_5295D01OverzichtDerNederlandscheStadrechtfamilien.jpg

Het boek begint met een uitklapbare kaart. Er zitten meerdere tekeningen en foto’s in het boek die na het drukken ingeplakt zijn en uitgeklapt kunnen worden. Hier: Overzicht der Nederlandsche stadrechtfamilien samengesteld door wijlen Mr. A Telting. De kaart in mijn exemplaar is helaas ingescheurd.


 photo DSC_5296Pag101AfbNo44GorkumNaareenOudeTeekening.jpg

Pag 101, Afb No 44: Gorkum naar een oude teekening.


 photo DSC_5297D01ZegelVanZutphenZegelVanArnhemStJanspoortArnhemKasteelVanCulemborg.jpg

Veel pagina’s bevatten meerdere afbeeldingen zoals hier: Pagina 72 en 73, Zegel van Zutphen, zegel van Arnhem, St. Janspoort Arnhem, kasteel van Culemborg.

 photo DSC_5297D02AfbNo23StJanspoortTeArnhemKopergravureVanHSpilmanNaarJDeBeyer.jpg

Detail: Pag 73, Afb No 23 St. Janspoort te Arnhem. Kopergravure van H. Spilman naar J. de Beyer.


 photo DSC_5301Pab196-197AfbNo84PrivelegeVanAlbrechtVoorAmsterdamVan16Januari1400GemeenteArchiefAmsterdam.jpg

Pag 196 – 197: Afb No 84, Privelege van Albrecht voor Amsterdam van 16 januari 1400, Gemeente-archief Amsterdam.


 photo DSC_5302Pag220-221AfbNo91SteenenGotischePreekstoelInDeStNicolaaskerkTeKampenNaarEeenePhotographie.jpg

Pag 220 – 221: Afb No 91, Steenen gotische preekstoel in de St. Nicolaaskerk te Kampen naar eeene photographie.


 photo DSC_5303Pag232-233AfbNo98KeukenVanHetWeeshuisTeUtrechtNaarEenTeekeningVanBosboom.jpg

Pag 232 – 233: Afb No 98, Keuken van het weeshuis te Utrecht naar een teekening van Bosboom.


 photo DSC_5304Pag236-237AfbNo99GevelMetHoutenOnderpuiTeDordrechtUitDeCollectieVanMrSVanGijnNaarEenTeekeningVanJRutten.jpg

Nogmaals uitklappen. Pag 236 – 237: Afb No 99, Gevel met houten onderpui te Dordrecht, Uit de collectie van Mr. S. van Gijn. Naar een teekening van J. Rutten.


 photo DSC_5305Pag296-297AfbNo126OverblijfselVanEenOudenGevelTeNijmegenNuStaandeOpDeBinnenplaatsVanHetRaadhuisAldaar.jpg

Deze keer naar rechts. Pag 296 – 297: Afb No 126, Overblijfsel van een ouden gevel te Nijmegen. Nu staande op de binnenplaats van het Raadhuis aldaar.


 photo DSC_5306Pag324-325AfbNo142MuseumDordrecht.jpg

Pag 324 – 325: Afb No 142, Museum Dordrecht.


 photo DSC_5307Pag366-367AfbNo167Zeventiende-eeuwscheKamerInDordrechtUitDeVerzamelingVanDenHeerSVanGijn.jpg

Pag 366 – 367: Afb No 167, Zeventiende-eeuwsche kamer in Dordrecht. Uit de verzameling van den heer S. van Gijn.


 photo DSC_5308HetStaatkundigEnMaatschappelijkLevenDerNederlandscheStedenDoorDrHBrugmans.jpg

Oud-Nederlandsche Steden door Dr. H. Brugmans en C.H. Peters.

Brugmans was hoogleraar in Amsterdam.
Peters was rijks-bouwmeester in Den Haag.


Spiegelbeeld en Schaduwspel

Citaat van pagina 151:

Waarom was geschiedenis voor Haasse als romanschrijfster zo belangrijk? ‘Als je je daarin verdiept, kun je een enorme ruimte bestrijken. De cultuur van het geschreven woord zal nooit verloren gaan. Iets bestaat pas als je er zelf een betekenis aan toekent, als je in woord interpreteert wat je ziet’. Sommige romans uit de wereldliteratuur (Madame Bovary van Flaubert, romans van Stendhal, Colette) herlas ze steeds weer, sommige had ze wel twintig keer gelezen. Het verveelde haar nooit. ‘Herlezen is alleen maar vervelend als je louter het verhaaltje wilt lezen en als je je niet voor mensen interesseert, of voor vormgeving in taal. De geschiedenis, de cultuurgeschiedenis is zo rijk – hoe kun je ooit het idee hebben dat je het allemaal gezien hebt? Je eigen veronderstellingen over wat er in het heden aan de hand is, kun je koppelen aan de gegevens die je uit vroeger tijden worden aangereikt. Daarom begrijp ik ook absoluut niet dat er mensen zijn die zich niet voor het verleden interesseren.

Margot Dijkgraaf over en met Hella S. Haasse.

Ik ben degene met een in zwart gehuld hart

Margot Dijkgraaf

Spiegelbeeld en schaduwspel

Het oeuvre van Hella S. Haasse

 photo DSC_4164MargotDijkgraafSpiegelbeeldEnSchaduwspelHetOeuvreVanHellaSHaasse.jpg

Voor een lezer die niet heel bekend is met het werk van Hella S. Haasse
is dit boek wel een beetje veel.
Waarschijnlijk was, in bijvoorbeeld de helft van het aantal bladzijdes,
hetzelfde verhaal, net zo overtuigend, gebracht.

Mij spraken de eerste drie hoofdstukken het meest aan
(Indië en de natuur (Oeroeg en Heren van de Thee),
Ontheemding (het begin van haar carrière)
en De grote, de kleine en de persoonlijke geschiedschrijving
(de grote verrassing voor mij: de historische roman)).

Hoofdstukken 4 en 5; De vrouw en het huwelijk en Engagement,
komen soms zo geforceerd over.
Alsof je wel feministisch moet zijn om een goed boek te schrijven.

Vaak blijft voor mij onduidelijk of Margot Dijkgraaf haar gedachten laat gaan over Haasse,
of dat Haasse zelf aan het woord is via de vele ontmoetingen tussen
de schrijfster van dit boek en Hella Haasse.
Soms klinkt het alsof er sprake is van een miskenning van Haasse
en alsof dit de literaire wereld in Nederland verweten wordt.
Dat helpt volgens mij niet in de poging Haasse en haar werk
beter in beeld te krijgen.
Mogelijke visies op het werk van Haasse in kaart brengen,
de verschillende dimensies in het werk onder de aandacht brengen
en bespreken, is volgens mij effectiever.

Zijn pijn zal hem wijs maken, zijn lelijkheid goedhartig, zijn bitterheid mild en zijn ziekte sterk.

Gelezen: Job van Joseph Roth.

 photo DSC_4094JosephRothJob.jpg

Job van Joseph Roth.


Geen melodrama maar een verhaal dat echt had kunnen gebeuren
over een man van vlees en bloed.
Dat in tegenstelling tot het Bijbelverhaal van Job dat een parabel is,
een soort geabstraheerde vertelling met een sterke morele boodschap.

Zo vertelt het Bijbelverhaal Job van een rijk man die alles kwijt raakt
en aan het eind weer terug gebracht wordt in dezelfde staat van welvaart
als aan het begin van het verhaal.
De vraag werpt zich dan op, waarom staat God toe dat Job
met zijn rechtschapen en onberispelijk gedrag, zijn ontzag voor God
en het vermijden van het kwaad, toch alles kwijt raakt.

In de werkelijke wereld zal zo’n verloop van een leven niet zo gemakkelijk voorkomen.
Daarom verloopt het leven van Mendel Singer ook anders.
Maar niet zonder dezelfde vraag aan de orde te stellen als in het bijbelboek.
Soms zelfs in dezelfde vorm.
Ook Mendel raakt alles kwijt: zijn vrouw en zijn vier kinderen.
Geld had hij toch al niet.
Het zijn dan zijn Joodse medebewoners die om hem heen gaan staan (letterlijk)
en met hem de vraag proberen te beantwoorden waarom al dit leed hem overkomt.
In het bijbelboek zijn het de vrienden van Job die hem
de traditionele verklaring voorhouden:
je zult wel zonden begaan hebben in je leven.

Een prachtig verhaal dat vol staat als de titel van dit verhaal.
Als hij over zijn jongste zoon nadenkt, een zoon die niet
als een gezond kind opgroeit, dan denkt hij:

Zijn pijn zal hem wijs maken, zijn lelijkheid goedhartig,
zijn bitterheid mild en zijn ziekte sterk.

Gelezen: Incendio

 photo WP_20140802_001TessGerritsenIncendio.jpg

Deze ‘thriller’ is naar mijn gevoel een voorbeeld
van een slecht boek maar ook een voorbeeld
van de stroom aan boeken die via supermarkten
hun lezers bereiken.
Het verhaal is geen moment spannend of geloofwaardig.
De wendingen zijn met hun haren bij elkaar getrokken.
Als lezer wordt je steeds weer geconfronteerd met
ongeloofwaardige wendingen die het verhaal zogenaamd
spannend moeten maken.
Er worden een paar ‘slimme vondsten’ achter elkaar
geplakt en we hebben weer een bestseller.
Muziekstuk dat duivels is, Italiaanse politiek,
gestoorde moeder, naziverleden,….
Moet ik nog doorgaan? Het boekje staat er vol mee.
Ik moet zeggen dat de televisieserie Rizzoli & Isles
geloofwaardiger is. Die serie is op de boeken
van Tess Gerritsen gebasseerd.
Dit boek is verschenen als geschenk voor
Juni – Maand van het Spannende Boek 2014.

Gelezen: Henrik Rehr – Gavrilo Princip

De laatste dagen lijkt het wel of ik alleen maar lees
of over India schrijf (ten minste als je mijn blog leest).
Nou dit stripboek heb ik al een tijd geleden gelezen.
Maar het lag nog steeds klaar om gerecenseerd te worden.

Het feit dat 100 jaar geleden de Eerste Wereldoorlog begon
heeft een stroom van boeken tot gevolg gehad.
Niet in de laatste plaats een stroom van stripboeken.

 photo DSC_4084HendrikRehrGavriloPrincip.jpg

Omslag van Gavrilo Princip – De man die WOI ontketende. Gemaakt door Henrik Rehr.

Een boek dat er uit springt qua omvang (230 pagina’s), onderwerp en aanpak
is het boek van Henrik Rehr, getiteld Gavrilo Princip.

Gavrilo Princip is de moordenaar van aartshertog Franz Ferdinand.
De moord vindt plaats in Serajevo, 28 juni 1914.
Waar kennen we die naam nog meer van?
Door het domino-effect dat daarmee werd gestart was
in korte tijd heel Europa en later de hele wereld in oorlog.

De Bosnier Princip komt in het boek naar voren als
een persoon die vind dat hij in een uitzichtloze situatie leeft.
Onderdrukt door Oostenrijk-Hongarije ziet hij geen toekomst
en vult zijn dagen met niets en het uiteindelijk beramen
van een aanslag.
Zijn fanatisme is beangstigend.
Andere mensen hebben hem in deze positie gebracht.
Alleen destructief gedrag kan een oplossing (?) brengen.
Een soort ISIS-strijder in Den Haag: veel praat geen
constructieve actie.

Dat het boek 230 pagina’s heeft moet ik aannemen
want de pagina’s hebben geen nummer.
Het is een enorm karwei geweest. Dat staat vast.
Maar omdat het veel pagina’s heeft, is het nog geen graphic novel,
zoals veel recensies zeggen.

Voor mij moet een graphic novel of heel relevant zijn (bijvoorbeeld
The 9/11 report – Sid Jacobson, Ernie Colon of Maus – Art Spiegelman)
of elementen van een roman hebben (A Contract with God – Will Eisner).
Die eigenschappen heeft het stripboek ‘Gavrilo Princip’ niet.
Er is al heel veel over de persoon en de moord geschreven, hier niets nieuws.
Voor een roman is het verhaal bij vlagen niet vloeiend genoeg
em zit er te weinig geloofwaardige karakterontwikkeling in.
Dat neemt niet weg dat het een knap stripboek is waarbij
er vooral veel en goed getekend is.
Ik laat een paar willekeurige pagina’s zien om een indruk te geven:

 photo DSC_4085HendrikRehrGavriloPrincip.jpg
 photo DSC_4086HendrikRehrGavriloPrincip.jpg
 photo DSC_4087HendrikRehrGavriloPrincip.jpg
 photo DSC_4088HendrikRehrGavriloPrincip.jpg

Conclusie:
Prachtig boek. Had in veel minder pagina’s waarschijnlijk
net zo veel indruk gemaakt.

Gelezen: Sean Martin – De Katharen

 photo SeanMartinDeKatharen.jpg

Sean Martin, De Katharen.

Ik ben erg positief verrast door dit boek.
Ik heb het goedkoop gekocht (5 euro?)
en had natuurlijk al gezien dat er veel foto’s in stonden.
Maar dit prima geillustreerde boek is ook goed van inhoud.
Het verhaal vertelt veel over de hervormingsbeweging
die we kennen onder de naam Katharen, maar
vertelt ook over de opkomst van de Franciscaanse beweging.
De politiek tussen de Pausen en de koningen van Frankrijk,
het Heilige Roomse Rijk en Italie (al zijn die namen van die
‘landen’ niet helemaal correct) komt aan de orde.
De kruistochten, de inquisitie, de tempeliers enz.

Vlot leesbaar, informatief en leuk voor het oog!

Gelezen: Els Snick – Waar het me slecht gaat is mijn vaderland; Joseph Roth in Nederland en Belgie

 photo DSC_4079ElsSnickWaarHetMeSlechtGaatIsMijnVaderlandJosephRothInNederlandEnBelgie.jpg

Els Snick – Waar het me slecht gaat is mijn vaderland; Joseph Roth in Nederland en Belgie.


Een tijd terug had ik al gemeld dat ik dit boek ging lezen.
Het is een heel leuk boek dat goed leest maar dat voor een leek als ik
ook best half zo lang had mogen zijn.
Na weer een hotel, weer een kroeg, weer een brief naar een uitgever
over een voorschot, weer een avond met vrienden en nog
een niet geslaagd of niet afgewerkt boek, was het beeld wel volledig.
Het boek schets de moeilijke omstandigheden van Duitstalige auteurs
aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Onnodig te vermelden
dat het voor Joodse schrijvers nog eens extra moeilijk was.

Op dit moment lees ik ‘Job’ van Joseph Roth. Een boek dat hij
lang voor het moeizame verblijf in Nederland, Belgie en Frankrijk schreef.

Een tijd terug las ik het volgende stripboek.
Op een trieste manier sluit het aan bij het verhaal van Roth.

Sorel & Seksik: De laatste dagen van Stefan Zweig.

Crowdfunding: B. Reith

 photo BReithIllustratieVoorSprookjesVanCouperusFidessaEntrofhettothetneervielingruis.jpg

Via de Nederlandse crowdfunding site Voor de kunst
nam ik deel aan het project waarbij familie van de illustrator
Beb Reith, sprookjes van Couperus opnieuw wilde uitbrengen
met de illustraties van Beb Reith.
In 1917 maakte Beb Reith een serie Oost-Indische inkttekeningen
met pen en penseel bij het sprookje Psyche van Couperus.
Hij deed dat op eigen initiatief, gegrepen door het verhaal.
Hetzelfde deed hij in 1918 met Fidessa, een ander sprookje van Louis Couperus.
Reith neemt contact op met Couperus die aan zijn uitgever L.J. Veen
schrijft: ….’Vervolgens zou ik je willen aanbevelen den heer Bernard Reith,……
Hij toonde mij een serie zwart-en-wit illustraties voor Psyche, die ik bizonder mooi vind’.
Het komt dan niet gelijk tot een publicatie van de prenten, dat zal pas later gebeuren.
De prenten voor Fidessa zijn nooit eerder in boekvorm verschenen.
In 1970 zijn de prenten in het Rijksprentenkabinet terechtgekomen
als onderdeel van het ´Archief Veen´.

 photo DSC_4048CouperusBReithPsycheFidessa.jpg

De 2014 uitgave van Psyche en Fidessa, geillustreerd door B. Reith.


De tekst van deze blog komt onder andere van pagina 342
van het boek ‘Psyche en Fidessa’.
De prenten, volgens Couperus ‘in Engelschen stijl’ zijn prachtig!

 photo DSC_4045BReithFidessaEnTrofHetTotHetNeervielInGruis.jpg

B. Reith, Fidessa, ‘en trof het, tot het neerviel in gruis’.


Sjoerd Jansen

Het volgende illustratieproject is van Sjoerd Jansen.
Hij schreef en illustreerde een Wereldoorlog-2 verhaal.
in het Engels.
Het maken van een strip – de verkoper zei ‘Graphic Novel’
maar dat lijkt me iets te – is een enorm karwei.
Vaak wordt er met meerdere mensen tegelijk aan gewerkt.
Sjoerd heeft het alleen gedaan
maar daarom komt het verhaal nog maar amper op gang.
Heel veel meer dan een inleiding is het nog niet, maar,
die inleiding mag er zijn:
= goed getekend;
= goede opbouw van het verhaal zonder vreemde sprongen
= mooie, rustige bladverdeling
= goede introductie
Kortom, dit smaakt naar meer.

 photo DSC_4044SjoerdJansenLine-Crosser.jpg

Sjoerd Jansen, Line-Crosser. A World War 2 Resistance Story.

Rustig

Het is een beetje rustig op mijn blog.
Dat is niet omdat ik niets doe, maar omdat de dingen
waar ik nu aan werk zoveel tijd in beslag nemen.
Een paar maanden geleden ben ik van baan veranderd
en kreeg bij mijn afscheid van mijn collega’s
een aantal cadeaubonnen.

Daar heb ik 4 boeken voor gekocht:

Els Snick,
Waar het me slecht gaat is mijn vaderland
Joseph Roth in Nederland en Belgie

Joseph Roth,
Job

Margot Dijkgraaf,
Spiegelbeeld en schaduwspel
Het oeuvre van Hella S. Haasse

Kristofer Schipper,
Confusius De gesprekken
Vertaald en toegelicht

Daar ben ik druk mee bezig.
Allereerst om de boeken te lezen.
Ik ben aan alle 4 begonnen maar eigenlijk is het boek
over Confusius het enige waar ik nog niet echt aan begonnen ben.
Dat komt omdat ik iemand ken in China waar ik regelmatig
contact mee heb en met wie ik over dit boek van gedachten wil wisselen.
Maar eerst wil ik hem deelgenoot maken van de publiciteit
rond het boek. Daarvoor moet ik de Nederlandse artikelen
wel eerst in het Engels vertalen.
Zijn Nederlands is niet zo goed.
Dat is een werk waar ik nog niet aan begonnen ben.
Ik wil eerst een van de artikelen leesbaar maken
zodat ik het kan opnemen op mijn blog.
Dat gaat over de boekbespreking/het interview dat in
de Volkskrant verscheen.
Nadeel van een krantenartikel is dat de leesbaarheid soms slecht is
door het slechte drukwerk.

 photo DSC_3991.jpg

Dit is het artikel uit de Volkskrant van 14 juni 2014: ‘Prettiger gesprekken’ door Wilma de Rek.


 photo DSC_3989Kolom02Detail.jpg

Dit is een voorbeeld van het druk werk na mijn bewerking (eerste vier regels) en voor mijn bewerking (rest van de tekst). Detail van kolom 2 van het artikel ‘Prettiger gesprekken’ .


Waarschijnlijk zal er eerst een reactie van me verschijnen op het boek
over het oeuvre van Hella Haasse.

Indomania, de catalogus

Tussen half oktober 2013 en eind januari 2014
was er in Brussel een tentoonstelling met de naam Indomania.
Deze tentoonstelling is onderdeel van het 2-jaarlijkse festival
met de naam Europalia.

Europalia is een manifestatie waarbij iedere keer een land
centraal staat. Deze editie was dat India.
Europalia gaat gepaard met grote tentoonstellingen
die over het algemeen indrukwekkend en ook wetenschappelijk
bepalend zijn. De evenementen vinden meestal in Belgie plaats.
Deze editie had naast de twee hoofdtentoonstellingen
veel muziek, literatuur, dans en film en theatervoorstellingen.

De twee grote tentoonstellingen waren:
‘India belichaamd’ en ‘Indomania’.
Beide heb ik bezocht in oktober afgelopen jaar.
Een van de twee catalogussen heb ik inmiddels gelezen.

 photo DSC_3724IndomaniaCatalogus.jpg

De omslag van de catalogus: John Wombwell in Indiaas kostuum met een hookah, Lucknow, circa 1790, gouache gehoogd met goud.

Ik ging in de eerste plaats voor ‘India belichaamd’,
maar bezocht ook ‘Indomania’.
‘Indomania’ met als ondertitel iets van:
van Rembrandt tot de Beatles, verraste me.
Het was een erg compleet beeld van de ontwikkeling
van de westerse kijk op India.
Wel steeds omringd met mythen, van heel beperkte kennis
van handelaren en schippers ontwikkelt het zich
naar bekende kunstenaars
die India bezoeken om er inspiratie op te doen.
De omslag van de catalogus verbeeldt onze fascinatie met India.
We willen die fantastisch rijke mogol zijn met pracht en praal
en bediendes, maar we snappen niets van wat de mensen daar drijft.

 photo DSC_3726RembrandtVanRijnTweeAdelijkeMogolsCa1656-1661BruineInktEnBruinEnGrijsGewassenTekeningOostersPapier.jpg

Rembrandt van Rijn, Twee adelijke mogols, circa 1656 – 1661, bruine inkt en bruin en grijs gewassen tekening op oosters papier.

De catalogus voert in het eerste essay
(Sanjay Subrahmanyam) ons de geschiedenis door:
van 1500 tot 1900. Vierhonderd jaar voor Christus, daar begint het verhaal.
De tijd van Alexander. Er zijn dan al contacten tussen de
Griekse staat en de koninkrijken in India.
We gaan langs verzamelingen met kaarten, schilderijen, foto’s en textiel.

De essays tot aan pagina 145 gaan daar over (onderbroken door het hoofdstuk
‘Album’ met prachtige foto’s van tentoongestelde werken).
Dan volgt, met dezelfde kwaliteit, het hoofdstuk van Deepak Ananth ‘India benaderd’.
Een fantastisch beeld van kunstenaars zoals Richard Long, Roy Lichtenstein,
Le Corbusier, Brancusi, E. M. Foster, Alberto Giacometti en Robert Rauschenberg.
Hun bezoek aan India, hun interesse, hun werken, al dan niet gemaakt in India.

 photo DSC_3725RobertRauschenbergBrimJammerSeries1976HoutZijdeBlik.jpg

Robert Rauschenberg, Brim (Jammer series), 1976, hout, zijde, blik.

In dit hoofdstuk trof ik de volgende quote aan (pag. 160) van Keith Sonnier:

Ik voelde me aangetrokken tot India omdat
je daar nog een cultuur ziet waar de fysieke realiteit
van het leven, het gruwelijke, het mooie en het alledaagse,
zich allemaal op de voorgrond dringen.

Verbijstend oninteressant is dan volgens mij het essay over film:
Westerse filmmakers en India, door Shanay Jhaveri.
Meer dan een simpele opsomming van films over India is het niet echt.

 photo DSC_3727LucienHerveHooggerechtshofChandigarhArchitectLeCorbusier1955.jpg

Fotograaf: Lucien Herve, Hooggerechtshof Chandigarh, architect: Le Corbusier, 1955.

Gelukkig neemt men de draad dan weer op in de laatste twee essays
over twee hedendaagse kunstenaars die in India werk gemaakt hebben
speciaal voor de tentoonstelling:
Max Pinckers en Hans op de Beeck.

Alles bij elkaar een geweldige catalogus, een die over jaren
nog een inspiratiebron zal blijken te zijn.