Koperdraad, op dikte gewalst, stukjes van ongeveer dezelfde grootte en tangen, veel verschillende tangen. Dan buigen en met de resultaten een vorm maken. Nog even oefenen.
Tweede poging. Nog even oefenen. Die stuiver er in laten of er uit halen?
Bij een Blake en Mortimer weet je precies wat je krijgt (als ze de plank niet misslaan): mooi maar eenvoudig getekende strip, een verhaal dat goed afloopt en dat nog al eens begint met twee verhaallijnen die tegen het eind van het verhaal bij elkaar komen. Goed gedocumenteerd. De grote vraag voor de lezer is vooral over hoe de verhaallijnen bij elkaar komen. Dus niet erg spektaculair maar gedegen. ‘Acht uur in Berlijn’ is daarop geen uitzondering en ook geen uitschieter. José-Louis Bocquet, Jean Luc Fromental, Antoine Aubin.
In ‘Conquistador’ is het tekenwerk gewaagder. Hoog tatoeage gehalte als type illustraties. Maar dat gaat dan ten koste van het verhaal. Bij vlagen niet te volgen. Redelijk ongeloofwaardig. Een soort papieren Rambo. Dufaux/Xavier.
Beide met plezier gelezen.
In de berichtgeving over dit boekproject loop ik wat achter.
Dus probeer ik wat in te halen door wat foto’s weg te laten.
Ik was bezig met de steen zoals op de laatste foto’s te zien is
en……liet hem op tafel vallen.
Na een korte depressie heb ik de steen gelijmd en besloten de steen toch te gebruiken in het ontwerp en te proberen de steen in een zilveren kast te zetten. Maar eerst de grotere onderdelen van het ontwerp.
Maar voor het zagen begint wil ik nog een keer de ornamenten passen en meten op een echte voorkant.
Er zijn nog een paar kleine aanpassingen gedaan waardoor het ontwerp minder breed wordt. Het gaa om halve centimeters maar dat kan precies genoeg zijn.
Daarom eerst een eerste plat bekleden met het buckram dat ik pas geleden kocht. Daarna kan het zagen beginnen.
Soort van actiefoto.
Laat je niet afleiden door de blauwe film en de witte stickers met opdruk. Dit zijn de eerste twee zilveren ornamenten.
Mijn cursus edelsmeden staat in het licht van boekbinden.
Een eerste poging om ornamenten voor een boekomslag
te maken is voor het boek van Yvonne Keuls:
Mevrouw mijn moeder.
De afgelopen tijd maakte ik ontwerpen voor de omslag.
Dit is het idee: drie maal vormen van de letter ‘M’. Net als op de rug. Op de omslag versierd met een steen waarvoor ik dan eerst een zetkast moet maken.
Dit is het eerste ontwerp.
Het tweede ontwerp bevat een meer natuurlijk geschreven letter ‘M’. Hier is de grote ‘M’ smaller dan op het eerste ontwerp en het dal in het midden van de ‘M’ is dieper. Meer in lijn met de letters ‘M’ die op de rug geborduurd zijn.
Dit is het derde idee: de letter ‘M’, driemaal maar aan elkaar geschreven. Dit is maar een eerste idee, nog niet uitgewerkt.
Eens zien wat de keuze wordt.
De verslaglegging loopt een beetje achter.
Gelukkig zijn er wel vorderingen gemaakt.
De laatste keer was de zetkast gesoldeerd.
De volgende actie was om die zetkast uit te zagen.
Hier is de zetkast uitgezaagd en je ziet ook het steentje dat ik er in hoop te zetten nadat de zetkast op de ring gesoldeerd is.
Na het zagen dient de zetkast geschuurd en gevijld te worden. Daarna gepolijst.
Met wat staalwol kan ook de binnenkant van de zetkast schoongemaakt worden.
Na het solderen kunnen de ring en de zetkast weer in het zuurbad.
Schuren en polijsten brengt dan de glans weer terug.
Vervolgens kun je de steen in de zetkast zetten en de zetkast vormen naar de steen zodat de steen vast komt te zitten. Het kan allemaal nog beter maar voor een eerste poging ben ik niet ontevreden.
Het boekblok moest nof volledig worden gebonden aan de rug.
Een paar foto’s over dit karwei.
Hier zie je dat de draad binnendoor naar de volgende set katernen gaat. De naald gaat in het voorlaatste katern en in het voorgeprikte gat van waaruit je naar het juiste gat kunt doorsteken om de kruissteek te beginnen.
Hier probeer ik de kruissteek volledig te maken zonder de draad steeds strak te trekken. Dat heb ik maar een keer gedaan want dat werkte ook niet geweldig. Binden met een kruissteek is niet eenvoudig maar wel te doen.
Tijd voor de derde rij kruissteken.
De laatste rij kan beginnen.
De rug is bevestigd (samen met een leeslint).
De volgende uitdaging worden de platten en het zilverwerk
dat ik op het voorplat wil bevestigen.
Maar dan moet ik dat eerst ontwerpen.
Het was weer een tijdje stil rond
‘Mevrouw mijn moeder’. Maar de werkelijkheid is dat ik
een beetje achterloop met het plaatsen van de berichten.
Dus vandaaag neem ik je mee naar vorige week zaterdag.
Dit was de stand:
De eerste stap is om een prikmal te maken en om dan de katernen te prikken.
14 katernen met elk 8 prikgaten. 14 x 8= 112 gaten.
Dit is een soort van preview: de rug gaan we met de kruissteken aan de katernen binden.
Het boek dat helpt bij dit karwei is het boek ‘De ontdekking van de natuur’ geschreven door Hans Mulder. Een schitterend boek, groot en dik. Dat heb ik nodig om de rug voldoende ruimte te geven als ik het ga binden met de katernene op mijn naaibankje.
De eindjes van het borduurwerk haal ik weg en ik breng lijm aan op de knopen.
Eerste stap is de naaidraad te verankeren door de draad door de bovenste twee gaten van het voorlaatste katern te halen en er dan een knoop in te leggen.
De draad laat ik uit het bovenste gat van het voorlaatste katern komen. Met de kruissteek bind je steeds twee katernen tegelijk aan de rug (dat is mijn benadering, dat kan vast anders). Ik wil iedere kruissteek rechtsboven laten beginnen, dan linksonder (het andere katern) het volgende gat in, dan linksboven (het andere katern) het katern weer uit en dan rechtsonder te laten eindigen. Vandaar ga ik naar de volgende kruisstreek. Binnendoor, in het voorlaatste katern, om bij het gat rechtsboven van de tweede kruissteek, via de rug, naar buiten te komen. Daar begint de volgende steek.
Het feest kan beginnen.
De goede luisteraar ziet dat de naald hier uit het verkeerde gat komt. Ik ben trouwens erg blij dat ik twee lagen Zaansch Bord als rug gebruik. Dat geeft de stevigheid die nodig is voor het binden.
De eerste kruissteken verschijnen. De eerste rij is moeilijk maar eenvoudig wordt het eigenlijk geen moment. Een kolom kruissteken kostte me ongeveer een tot anderhalf uur!
Bij het wisselen van kolom moet ik een truc uithalen. Bij het laatste gat van de laatste kruissteek, gaat de draad wel de rug in maar niet het achterliggende katern. De draad gaat naar de volgende kolom, naar het katern waar de steken steeds van vertrekken, daar neem ik hetg at waar de draad niet uitkomt om via de binnenkant van het katern uit het juiste gat naar buiten te komen via de rug. Zo slinger ik van boven naar beneden door de laatste twee katernen en ga vervolgens van beneden weer naar boven, enz.
Hier ga ik ‘binnendoor’.
In de tentoonstelling was werk van twee kunstenaars te zien.
Gisteren zag je hier het werk van Jeffe De Brabandere.
In dezelfde zaal was een reeks kleinere schilderijen te zien
van Gideon Kremer.
Beide kunstenaars waren onbekend voor mij maar beide waren meer dan interessant.
Gideon Kremer, The Martyrdom, 2022.
Er staat soms veel yekst op de werken. Die teksten zijn niet altijd eenvodig te lezen. Gideon Kremer, The Vision.
De werken van Gideon Kremer baseren zich op de Apocalyps en op een boek: Dat Nieuwe Testament ons Heeren Jesu Christi, Antwerpen, 1538.
Gideon Kremer, The horses and their manes, 27/09/2022.
Gideon Kremer, The Hymn.
Gideon Kremer, Crying woe.
Een werk over boeken en met een interessante detailschets kan ik niet onopgemerkt laten. Gideon Kremer, Eating the Book, 05/11/2022.
Albrecht Dürer, The woman of the Apocalyps and the seven headed dragon, 1498.
Detail met een aantal van de 7 hoofden van de draak.
Gideon Kremer, Fighting the dragon.
Gideon Kremer, Whore.
Ik heb genoten!
Pas geleden schreef ik al over het boekje van Garrelt Verhoeven, Ik zoek geluk in druk te vinden. Nu heb ik het uit en neem min of meer de handschoen op. In het verhaal over het moordlied schrijft de auteur over de liederenbank van het Meertensinstituut. Dan volgt de uitdaging meer te doen met moordliederen.
In dit geval gaat het om letterlijke moordliederen:
liederen over een moord.
Brabant zou daar een naam hoog te houden hebben.
Ik dacht: zouden er moordliederen zijn over Breda.
Van twee liederen vond ik afbeeldingen in de liederenbank.
Een nieuw lied over een moord uit 1871.
Echtelijk drama in Breda. Ik heb geprobeerd de tekst een beetje ‘schoner’ te maken. Hieronder het origineel uit de liederenbank.
Mijn blogberichten zijn een beetje onregelmatig.
Vandaar twee foto’s die misschien ook met één
foto af te doen was.
Dit was gisteravond de status van de rug van het boek. Één letter meer geborduurt dan vorige week. Het kost me ongeveer anderhalf uur om zo’n letter ‘M’ in te kapsellen.
Vandaag had ik nog eens anderhalf uur en kon dus de derde ‘M’ afronden. De volgende stap is om de katernen voor te prikken en ze vervolgens aan de rug te bevestigen. Spannend.
Bij een paar lessen zat het gewoon tegen.
Door omstandigheden is mijn blog in een soort van winterslaap.
Maar vandaag heb ik weer kunnen werken aan het maken
van een zetkast voor op een ring.
Waar het eerder tegen zat liep het vandaag goed.
Ik maakte niet veel foto’s maar je bent weer wel bij.
Het solderen is een magisch proces. Ik legde 4 stukjes soldeer aan vier kanten van het ringetje (dat ik vandaag eerst nog even aan elkaar moest maken). Vervolgens werd het geheel verhit en de soldeer smolt en kroop tussen de hele cirkelvorm van de ring en de bodemplaat.
Het kastje moet nog op maar gezaagd worden. Dan kan het vijlen en schuren beginnen maar voor nu wilde ik nog even het steentje passen. Natuurlijk wilde de steen er niet uit maar toen ik begon te zagen zorgde de trillingen er voor dat de steen uit de kast kwam. Na het zagen, vijlen en schuren kan ik het op een ring plaatsen. Als laatste stap ga ik dan de steen er in plaatsen.
Één stapje verder en daarvan maakte ik één foto.
De eerste ‘M’ is gereed nog twee te gaan en kan het
‘criss cross’ binden beginnen.
De letter ‘M’ is één kleur met een achtergrond met een contrasterende kleur. Dat is ook de formule die bij de volgende twee letters wordt gebruikt. Voor de achtergrond heb ik ongeveer anderhalve meter borduurgaren nodig. Het duurt me ongeveer anderhalf uur om de achtergrond te maken.
Waar waren we gebleven? Er waren twee eerdere pogingen om Zaansch Bord te gebruiken voor een rug. De pogingen hadden vooral betrekking op de letter ‘M’ voor Mevrouw, mijn moeder van Yvonne Keuls.
Op de maat van de rug maak ik een basis voor de prikmal.
Er komt een indeling met een kop- en staartstuk, speciale rijen voor het echte binden van de rug aan de katernen (en die laten we voor nu nog even met rust), de grote letter ‘M’ en een aantal marges. Samen 21,5 centimeter hoog.
Dat alles vertaalde zich in 256 gaatjes.
Misschien de volgende keer uitgaan van een stuk stramien. Scheelt een hoop meten en prikken en het resultaat is vast beter.
Vervolgens zocht ik kleuren borduurgaren. Steeds twee kleuren per letter: een kleur voor de letter en een voor de ruimte direct om de letter.
Tussenstand.
De drie resultaten op een rij. Morgrn hoop ik te beginnen met de ruimtes om de letters ‘M’ heen.
Dit boek werd getoond in combinatie met werk van Daan van Golden.
Daan van Golden. Diverse werken met als titels: Magrieten (circa 1963 – 1975); Compositie (circa 1974 – 1977). beide zeefdruk. Sanapaná-vrouw Paraguay, rasterdruk, circa 1975 – 1976.
Multiply, 2022, 288 pagina’s.
Hommage à Kelly, 1216 pagina’s, 2016.
Ellsworth Kelly, Landscape with paintings, August 1954, collage.
Toen ik het boek ‘Mevrouw mijn moeder’ op maat had gesneden,
bleef er natuurlijk snijafval over.
Het was al bij het andere papierafval beland toen ik besloot
het te gebruiken voor #12DagenCreatief.
De stroken snijafval vertellen een soort van verhaal.
Soms staat erop gedrukt welk vel het betreft.
Dat helpt bij het vouwen van de vellen om een en ander
in de juiste volgorde te krijgen.
Daarnaast staan er blokjes en andere tekens op waarvan
voor mij niet altijd duidelijk is waarvoor ze dienen.
Maar de snijmarkeringen ken ik wel.
Daarnaast zijn er stroken van 2 soorten papier.
Je ziet dat zeker door de kleur.
Het werken aan het vlechten van stroken van een afbeelding
met pagina’s in een boek en de ‘kleedjes’ brachten me
op het idee om een soort van vlechtwerk te maken.
Dit ijn de stroken gered uit de afvalbak.
Bij de eerste poging om te vlechten heb ik ook kleur, vormen en letters toegevoegd. De letters verwijzen door het herhalen van de ‘M’ naar ‘Mevrouw mijn moeder’. Dit is wel een beetje groter dan de pagina’s in mijn boek en ik wil al het werk van #12DagenCreatief laten landen in het boek dat ik er voor gekocht heb: Hubert Lampo, De heks en de archeoloog.
Nadat het op maat is gemakt ziet het zo uit. Nu nog even zorgen dat het boek nog dicht kan.
Dit vlechtwerk is wat minder traditioneel en maakt gebruik van het feit dat de meeste stroken feitelijk dichtgevouwen stroken zijn (de pagina’s waren natuurlijk nog niet losgesneden en daarom hangt het snijafval zo aan elkaar).
Vandaag de draad opgepakt waar ik gisteren
gebleven was. Tussendoor nog gewerkt aan een
#12DagenCreatief project maar daarover morgen meer.
Gisteren had ik een katern bijgemaakt (leeg natuurlijk)
en in de boekenpers gestopt.
Vandaag tijd om het boek op maat te snijden.
Het nieuwe katern heb ik ongeveer in het midden van het boek opgenomen. Als katern nummer 7. Misschien pas ik het nog aan en neem ik het op als laatste katern.
Ik pas de ‘proeflap’ op het boekblok. Je ziet dat zelfs het sterk verkleinde ‘borduurwerk’ meer dan genoeg ruimte overlaat voor de katernen. Vermoedelijk gaat het wel werken. Als je een volledig leeg boek maakt is het niet zo’n probleem dat een beokblok wat rui is opgezet. Maar van een gedrukt boek verwacht je dat niet. Je ziet het door mij toegevoegde katern in het midden opgenomen. De kleur van het papier wijkt af.
De drukker heeft hulpmarkeringen op het papier gedrukt. Tekens die helpen bij het correct op volgorde leggen vande vellen, waarschijnlijk ook voor het vouwen en dan nu voor het snijden. Maar afhankelijk van de volgorde van snijden (en links- of rechtshandigheid) snij je soms die tekens te vroeg weg. Daarom zet ik ze er nog eens volledig op met potlood.
Nou dat is een oudje. Ik gebruik de gum om eventuele potloodmarkeringen die er zijn blijven staan alsnog weg te halen.
Dit is de eerste keer dat ik een boek snij na de verhuis vanuit mijn werkplaats. De snijmachine staat nu wat minder ideaal. Maar het rsultaat is prima. Let op met het mengen van papiersoorten. Dat heb ik hier gedaan en het heeft meteen effect op het snijen op de snijmachine.
Dit issteeds een griezelige fase. Je kunt zo makkelijk fouten maken met de berekeningen. Dus steeds opnieuw de berekeningen nalopen en als het kan passen met het origineel. Het boek krijgt een rug van Zaansch Bord. Daarop worden later de ‘opgelegde platten’ bevestigd. Dus het let allemaal nogal.
De rug bestaat ui drie delen: de rug waarop de decoratie wordt aangebracht en dat is ook het deel van waaruit het binden van de katernen gaat plaatsvinden. Daarnaast links en rechts een stuk Zaansch Bord waar de platten later op komen en dat ook een verbinding met het schutblad (en dus het boekblok) aangaat.
Dit is de basis voor de rug. Het is een breed stuk Zaansch Bord. Daarop lijm ik een stuk gaas voor extra stevigheid en straks verbinding. Om het deel waarop de decoratie komt en waar het binden met de katernen gaat gebeuren, zo sterk mogelijk te maken een tweede laag Zaansch Bord voor de rug. Het geheel ligt nu in de boekenpers om te drogen en sterk te maken.
Binnenkort ga ik het gatenpatroon aanbrengen en kan
het ‘borduren’ beginnen.
Vanochtend ben ik begonnen met het maken van het 14e katern.
Het boek heeft 13 katernen maar voor de cross stitch binding
heb ik een even aantal katernen nodig.
Als ik het 13e katern weglaat heeft het boek of geen introductie,
of geen einde. Dat wil ik liever niet.
Daarom een katern toevoegen en of er een inhoud op de lege
pagina’s komt of niet, laat ik nog even in het midden.
Het maken van het katern levert geen spannende foto’s op
maar is wel noodzakelijk.
Ik snij uit twee vellen papier 4 bladen die samen één katern kunnen vormen. Het toegevoegde katern is bijna net zo groot als de overige katernen en krijgt straks door het snijden van het boekblok het definitieve formaat.
Dat katern voeg ik, voor nu, toe als laatste katern aan het boekblok. Dat boekblok lag al een paar dagen in de boekenpers en gaat daar vanmiddag opnieuw in maar dan met een extra katern. Zo is het boekblok morgen gereed om op maat gesneden te worden.
Afgelopen week ontving ik nieuwe naalden voor de els en een stuk beige Buckram. Buckram is een bekledingsstof voor een boekband. Terwijl ik op zoek ging naar papier kwam ik het Japanse bloempapier tegen. Dat ga ik waarschijnlijk gebruiken als schutblad.
Vorige week had ik besloten het borduurwerk voor op de rug
nog eens te proberen op een kleiner formaat.
Daarom begon ik vandaag met het maken van een nieuw
voorpriksjabloon.
De rug wordt deze oranje kleur. Past leuk bij de beige buckram. Volgende actie is om de gaten te gaan voorprikken.
Het blijft een hels karwei om op de juiste plaats de gten te prikken. Zeker met het sombere weer van vandaag.
De letter ‘M’ voer ik uit met één kruissteek minder om de letter beter uit te laten komen. Ook vandaag werk ik met zwart en wit garen. Ik wil het borduurgaren niet verspillen. Bovendien werkt met name de draad die in de was is gezet een stuk eenvoudiger.
De kleinere afmetingen van de letter komt de leesbaarheid ten goede. Daarnaast gaat het verdelen van de drie letters ‘M’ denk ik beter op de rug. Morgen kan ik de basis voor de rug in elkaar zetten en misschien kan ik de rug en de katernen al gaan voorprikken.