Zondag gezien, op de zijkant an de Stadsgalerij.
Kelsey Montague, What lifts you?
De bundel met essays over ‘De Vrede van Breda’ onder redactie
van Raymond Kubben was al eerder op mijn weblog te zien
maar toen had ik het boek nog niet helemaal gelezen.
Nu wel.
Het prachtige boek bevat verhalen in de Nederlandse en
Engelse taal en is prachtig verzorgd.
De band is schitterend met het logo van de viering
van de ‘Vrede van Breda’ in blinddruk.
Het eerste schutblad bevat belangrijke stukken
van het vredesverdrag uit 1667..
Vervolgens wordt er op allerlei maar dan ook allerlei
aspecten van het vredesverdrag ingegaan.
Het plotselinge overlijden van Petrus Coyet, Zweeds ambassadeur
bij de besprekingen, de tocht naar Chatham, de impact
op de grenzen – in Europe en de rest van de wereld,
de publieke opinie in Engeland over de Hollanders,
de positie van het verdrag ten opzichte van eerdere
en latere verdragen, enz, enz.
Waarom zet Zweden eigenlijk om tafel in Breda?
Lees het boek!
Het is de beste publicatie voor een breed publiek die ik
over de Vrede van Breda dit jaar gezien en gelezen heb.
De inleiding is van de burgemeester van Breda en de
uitgeverij is van Kemenade.
Het weer was goed om te lopen maar
ik had vandaag pech bij het maken van foto’s.
Maar daar zit dan ook wel weer humor in.
In afwachting van de koplopers. De motoren roepen je aandacht op.
De kopgroep – humor.
De volgers komen beter in beeld.
Op het Kasteelplein staan mensen van de organisatie te wachten met water, eten en medailles.
Toen we op vakantie waren heeft het fors geregend in Nederland.
Om Breda Barst zoveel mogelijk ongehinderd door te
laten gaan zijn mensen bezig geweest water uit de grond in het
Valkenberg weg te pompen.
Terug van vakantie was de vijver bijna leeg en we vermoedden
dat die twee dingen met elkaar te maken hebben.
Plots zien we niet een grote waterstraal als fontein in de vijver van het Valkenberg, maar 6.
Maar nu er ineens 6 waterstralen te zien zijn weet ik niet
of dat dit is om de vijver weer snel vol te laten lopen of
dat de fontein vernieuwd is.
Er zit wel erg veel groen in het water. Het is te hopen dat die plantjes een goed teken zijn.
Aan de Kloosterlaan ontdekte ik eerder deze week
een ‘nieuwe’ ingang voor de FutureDome.
Toegangsdeur tot het FutureDome-complex aan de Kloosterlaan in Breda. Door de deur heen zag ik een reeks oude boeken staan. Die trokken meteen mijn aandacht.
Als je dan nog een klein beetje meer afstand neemt
van de deur, dan levert dat een nog mooiere foto op:
Huis van bewaring, Kloosterlaan 172 in Breda.
Na grote groepen studenten die vorige week de binnenstad van Breda bezochten, bleven er eerst een paar en later alleen deze NS-fiets staan op het Kasteelplein. Vanochtend heb ik deze foto getwitterd.
Tot mijn verrassing is aan het eind van de middag de fiets weg. Het Kasteelplein is weer leeg en het zicht op de KMA weer als altijd.
Dit was onze parochiekerk.
Wij waren daar actief en ik heb er een keer dia’s gemaakt.
Die dia’s zijn onlangs gedigitaliseerd.
De kerk is niet meer in gebruik.
Wikipedia:
De Sint-Annakerk (Breda) is een kerk aan de Haagweg nabij het centrum in de wijk Haagpoort in de Nederlandse stad Breda.
De kerk behoort tot de overgangskerken. Het is een rijksmonument. Het is een neogotische kruisbasiliek met vijf beuken. De architect is Joseph Cuypers. Het heeft een spitsboogvormig portaal.
De pastorie in Art Nouveau-stijl werd gebouwd in 1904 door de architect F.P. Bilsen. De kerk is als zodanig niet meer in gebruik. In 2002 is het interieur omgebouwd tot kantoorruimte, de ANNAstede.
Nu is het een kantoorgebouw.
Op de website van Oomen Architecten vond ik nog een paar foto’s
van de huidige staat van het gebouw. Die tref je hier ook aan.
Eerst mijn foto’s.
Mijn foto’s zijn niet (meer) zo mooi. De dia’s hebben nogal aan kwaliteit verloren. De St. Annakerk aan de Haagweg in Breda had glas-in-lood ramen.
Dit raam is gefotografeerd vanaf het koor. Het koor zat direct boven de publieksingang en is de plaats van waaraf werd gezongen. De foto’s zitten in een willekeurige volgorde. Resultaat van het inscannen.
Na het Tweede Vaticaans Concilie kwam er een modern altaar in de kerk te staan, voor het hoofdaltaar. Later werd het vervangen door een houten altaar waarvan hier de voorkant te zien is.
Tabernakeldeur. Onderdeel van het hoofdaltaar. Op de deur staat in het midden het Lam Gods, symbool voor Christus. Op de vier hoeken de symbolen voor de evangelisten.
Een van de lampen in de kerk. Wellicht was dit de Godslamp. De lamp die altijd aan was en die de aanwezigheid van God symboliseert.
De toenmalige pastoor was een liefhebber van tuinieren. De bewoners van de pastorie waren Kapucijnen. Hier zie je een deel van de pastorietuin. de foto is genomen met het gezicht naar de school aan de Havermansstraat.
Nog een stukje tuin. Nu vanaf de kerk naar Haagweg nummer 5 gefotografeerd. Op nummer 5 woonde vroeger de koster en zijn gezin. Dat was vroeger een betaalde baan.
De muren van de doopkapel. Die muren hadden erg te lijden gehad van een lekkage in de afvoeren van de kerk. Daarom zijn die gerestaureerd. Opnieuw geverfd naar het origineel ontwerp. Hier staat de Paaskaars voor de muur.
Op meerdere plaatsen in de kerk stond deze versiering op de muur.
Dit is het kruis dat in een speciaal hiervoor gemaakte ruimte boven het tabernakel in het hoofdaltaar stond.
De uiteinden van de bogen waren/zijn versierd met beeldhouwwerk.
Centraal in de kerk stond tegen een pilaar deze grote beeldengroep van de Heilige Familie.
Al het beeldhouwwerk is uitgevoerd in neogotische stijl. Zo ook de preekstoel.
Deel van het hoofdaltaar. Aan beide kanten van het altaar hingen grote, zware gordijnen. Hier zie je daar een deel van (rechts).
Als scheiding tussen het altaar en de banken in de kerk stonden twee grote communiebanken. Hier is een tekst van de evangelist Mattheus verbeeld.
De tweede communiebank verbeeldt een tekst van Johannes.
St. Annakerk in Breda. Interieur met beeldengroep van de Heilige Familie vanaf het koor gefotografeerd.
Interieur met beeldengroep Heilige Familie en de preekstoel.
Kyriale ordinarium missae.
Het zicht vanaf het hoofdaltaar naar links achter in de kerk, richting Haagweg. Ongeveer in het midden van de foto zie je de ingang van de doopkapel.
Het zicht vanaf het hoofdaltaar naar rechts achter in de kerk, richting hoek Haagweg/Tramsingel.
Interieur van de kerk op bankhoogte.
Hoofdaltaar.
Pastoor Bernard Feijen doet de mis.
Dat waren mijn foto’s.
Nu nog een paar foto’s van Oomen Architecten die de huidige status
van het gebouw weergeven (dat is te zeggen, de status bij de opening
van de Annastede).
Muur doopkapel.
Glas-in-lood.
Breda in de verzameling van het Metropolitan Museum in New York.
De eerste werken waren duidelijk terug te verwijzen naar Breda.
Maar nagelang je verder komt wordt dat steeds moeilijker en steeds leuker.
Vandaag nog eens drie verrassingen.
Pierre-Auguste Renoir, calling card. Artist: Anonymous, circa. 1864–1919. Inscribed in plate across center: “PIERRE AUGTE RENOIR”; lower right: “28, rue Bréda” [crossed out in graphite]
Between the years of 1977 and 1989, F. C. Schang donated a group of 64 artists’ calling cards to the Metropolitan Museum of Art.
Schang began collecting calling cards as an accompaniment to his stamp collection;
however, the former eventually eclipsed the latter.
Now a part of the Drawings and Prints Department’s permanent collection, the calling cards are housed in an album that also includes Schang’s collection of stamps and other ephemera.
Calling cards are thought to have originated in Britain with the habit of writing messages
on the backs of playing cards. Ladies used hearts while men chose from diamonds or spades.
Special cards designed for such messages began to appear in the mid-18th century.
Printed with one’s name and, later, their address, engraved calling cards were originally used only by the nobility and upper class. Those who could not afford to have cards printed would write their names on white paper or unglazed pasteboard.
By the beginning of the 19th century, the calling card was a firmly-established social necessity.
For many, the card was used for dating, or “calling” upon a potential love interest.
But it became popular among artists as well, many of whom used them to send notes and direct potential patrons to their studio. (See: Banfield 1989, pp. 1-4.)
Korte samenvatting:
Het museum ontving een verzameling ‘calling cards’.
Dat waren kaartjes die men (adel, upper class) aan elkaar gaf om
daarmee een bezoek aan elkaar de bevestigen.
Het begon waarschijnlijk met het uitwisselen van speelkaarten met
daarop het adres geschreven.
Vrouwen gebruikten kaarten met het symbool ‘Harten’ en mannen gebruikten
‘Ruiten’ of ‘Schoppen’. Maar later werden het gedrukte kaartjes.
Een beetje zoals we nu business cards uitwisselen.
Vergeet niet dat niet alle kunstenaars zoals Van Gogh armoedig waren.
Blijkbaar woonde Renoir eens in de Rue de Breda.
Metropolitan Museum – New York, Francisco de Zurbarán, Spanish, Fuente de Cantos 1598 – 1664 Madrid, The Battle between Christians and Moors at El Sotillo, circa. 1637 – 1639, oil on canvas.
In 1370 the Spanish forces were saved from a night ambush when a miraculous light revealed the hidden Moorish troops.
This picture depicting the miraculous event was painted for the apse of the Carthusian monastery of Nuestra Señora de la Defensión in Jerez de la Frontera.
It formed part of a large, three-tiered altarpiece which comprised fourteen paintings and additional sculptures.
Op zich lijkt dit helemaal niets met Breda te maken te hebben, maar
als we het beeld beter bekijken vallen de lanzen aan de linkerkant wel op.
Lijkt wel een beetje op Velazquez (Las Lanzas).
In de toelichting op dit werk op de site van het Metropolitan
wordt inderdaad naar het schilderij van Velazquez verwezen.
Metropolitan Museum – New York, Edwaert Collier, Dutch, Breda, circa 1640 – after 1707 London or Leiden, Vanitas still life, 1662, oil on wood.
Edwaert Collier is me volledig onbekend.
Maar blijkbaar is hij in Breda geboren.
Het schilderij bevat een aantal leuke details.
Allereerst zien we hier een klein portret van Jacob Cats als raadspensionaris van Holland.
Op het schilderij ligt ook een almanak. Naast de titelpagina zien we de Letters EC en het jaartal 1662. EC staat voor Edwaert Collier. 1662 is het jaar waarin het schilderij gemaakt is. Op de ring die er rechtsvoor ligt staan ook twee letters EK. Volgens Wikipedia: Zijn voornaam kan ook gespeld worden als “Edward”, “Eduwaert”, “Edwart” of “Evert” en zijn achternaam als “Colyer” of “Kollier”. Voorkeurspelling is: “Edwaert Collier”.
Gisteravond wilde ik naar de film gaan
toen me rechts, in een raamvenster, twee boeken zag staan.
Het venster bevindt zich tussen de entree en het kantoor
waar de theaterkaartjes worden verkocht.
Het kantoor was gesloten dus kon ik maar een kant van
de boeken zien.
Bij de boeken, die hoofdzakelijk in zwart, grijs en wit zijn uitgevoerd,
staat een toelichting.
Chassé Theater
Leporello boeken van Mieke Messbauer
Deze boeken zijn tot stand gekomen gebruik makend van fotografie, grafietpotlood voor tekenen en frottage (door wrijven op papier iets afbeelden), Oost-Indische inkt en een scalpel voor het uitsnijden.
De boeken zijn vouwboeken (Leporello) met pop-up elementen, waardoor de fascinerende architectuur van het Chassé theater wordt uitgelicht.
De werken zijn aan twee kanten te bekijken.
De voorkant bestaat uit delen van het theater.
Als men goed kijkt zijn de architectonische onderdelen
van het theater te herkennen, gewoon en gespiegeld.
Aan de achterkant zien we voornamelijk de bezoekers van het theater, die niet herkenbaar zijn afgebeeld.
Het fotograferen en maken is een proces dat Mieke Messbauer bijna een heel jaar heeft gekost.
Dit project was onderdeel van haar specialisatie tijdens de studie tekenen op de deeltijdacademie in Arendonk, Belgie.
Dus tijd voor wat foto’s:
Mieke Messbauer, Leporello, binnenkant band (?), Theaterdak en stadswapen van Breda.
Mieke Messbauer, Leporello, interieur van het theater met de karakteristieke loopbruggen.
Mieke Messbauer, Leporello, met op de voorgrond de bezoekers die uit het boek ‘springen’.
Mieke Messbauer, afbeelding bij introductietekst.