What's Up

Vorige week zondag ben ik naar het Dordrechts Museum geweest.
Daar loopt de tentoonstelling What’s Up.
Deze tentoonstelling probeert een overzicht te geven
van de huidige (jongste) Nederlandse schilderkunst.
Of zoals in de inleiding wordt gesteld:
“Hoe kun je nog een schilderij maken na alles wat er geschildert is?”
Men hanteerde drie regels:
= ‘Jongste’ betekent dat de deelnemers na de eeuwwisseling moeten zijn gedebuteerd
met een solotentoonstelling in een galerie, een museum of een andere kunstruimte
van landelijke betekenis. Toekenning van belangrijke kunstprijzen en beurzen tellen mee;
= ‘Nederlandse’ betekent dat de kunstenaar in Nederland woont en werkt of
dat de kunstenaar uit Nederland afkomstig is;
= ‘Schilderkunst’ betekent dat in het oeuvre van de kunstenaar schilderen centraal staat.

De eerste kennismaking met een lege Dordrechtse binnenstad was niet zo positief. Het weer zat niet mee. Het was koud en het regende een beetje. Triest weer. Deze gevel geeft dat gevoel goed weer.

Maar er is veel te zien in Dordreacht. Dit detail van een willekeurige voordeur staat daar in deze blog symbool voor.

Het Dordrechts Museum heeft overigens een mooie collectie. Die wordt op dit moment bijvoorbeeld aangevuld door een prachtige Rembrandt. Dit werk past prima bij een school van Dordtse schilders die schilderden in de stijl van Rembrandt.

Zoals u gewend bent van mijn weblog zal ik via een serie foto’s en middels mijn eigen keuze een beeld geven van de tentoonstelling.

Gijs Frieling, Detail van ‘Nous sommes les deux plus grands’, 2011, caseineverf op doek, de schilder Henri Rousseau zegt dit tegen Pablo Picasso.

Pere Llobera, El Pedo, 2009, olieverf op doek.

Pim Blokker, Crossroads, 2011, olieverf op doek.

Kim van Norren, There is no decent place to stand in a massacre, 2009, acryl op doek.

Deze tekst (Er is geen fatsoenlijke plaats om te gaan staan in een massaslachting)
sprak me extra aan in het licht van de gebeurtenissien in Homs.
Overigens is dit een citaat uit een songtekst van Leonard Cohen.

Malin Persson, Clear water/broken surface, 2010, inkt en olieverf op doek.

Arjan van Helmond, The Letter, 2011, gouache, acryl en inkt op papier.

Arjan van Helmond, Window #11, 2011, gouache en acryl op papier.

Koen Delaere, Zonder titel, 2011, olieverf, acryl en spray paint op doek.

Koen Delaere, Untitled, 2008, olieverf en spray paint op doek.

Traditie

 

Het is moeilijk om op de afzonderlijke kunstenaars een gezamenlijk etiket te plakken, maar er zijn gemeenschappelijke kenmerken. Het tonen van een persoonlijke wereld staat centraal.

 

De kunstenaars willen emoties, herinneringen, verlangens en verwondering delen met de beschouwer. Ook het experimenteren met vorm en materialen hebben ze gemeen. Naast verf en penseel gebruiken ze vaak moderne media.

 

Hoe kun je nog een schilderij maken na alles wat er al geschilderd is? Die vraag speelt in de schilderkunst van nu een grote rol. Deze generatie beseft dat ze in een lange artistieke traditie staat. De kunst van het verleden wordt niet gezien als last, juist als een rijke bron van beelden en ideexebn. Geforceerd op zoek gaan naar vernieuwing is geen issue meer. Een van de kunstenaars, Koen Delaere verwoordt het als volgt: x91Je mag het best eens eerder gezien hebben, maar waar het werkelijk om draait is dat je er niet meer om heen kunt.x92

Bij de tentoonstelling is naast een mooie catalogus een krant beschikbaar. Daarin geven alle kunstenaars aan wie hun grote voorbeeld is, in welke traditie ze staan.