Een boek dat door de tijd werd gemaakt

IMG_9200HuisVanHetBoekApocalyps HeleKortePoster

Op de tentoonstelling ‘Apocalyps, vrees en hoop’ ligt een topstuk.
Een handgeschreven boek uit 1332.
Misschien denken sommige dan aan iets stoffigs, kleurloos, saai.
Maar dat is de Rijmbijbel in ieder geval niet.
Hij is geschreven door Jacob van Maerlant
en geschilderd door Michiel van der Borch.
Hopelijk geven mijn foto’s een eerste indruk van hoe
indrukwekkend, kleurrijk en enerverend de Rijmbijbel is.

DSC09449HuisVanHetBoekApocalypsRijmbijbelJacobVanMaerlantHandschriftUtrecht1332MichielVanDerBorch

Huis van het Boek, Apocalyps, Rijmbijbel van Jacob van Maerlant, handschrift, Utrecht, 1332, met illustraties door Michiel van der Borch.


Het boek is zo bijzonder dat ik het thema:
‘Apocalyps, vrees en hoop’
even uit het oog verlies om er bij stil te staan.

Wie waren de makers die we nu nog kennen?

Jacob van Maerlant (1230–1300)

Jacob van Maerlant werd waarschijnlijk geboren
in de buurt van Brugge.
We weten niet precies wanneer, want in die tijd
schreef bijna niemand zulke dingen op.
Maar we weten wél dat hij heel veel hield
van lezen, leren en schrijven.

DSC09450HuisVanHetBoekApocalypsRijmbijbelJacobVanMaerlantHandschriftUtrecht1332MichielVanDerBorch DeScheppingVanEva

Als jonge man (rond 1260) werkte hij als koster
in Maerlant op Voorne (nu Voorne-Putte in Zuid-Holland).
Vanaf ongeveer 1270 woonde hij in Damme, waar hij als klerk
(assistent) van de stadsschepenen (wethouders) werkte.
Damme ligt ten noorden van Brugge.

Jacob vond dat gewone mensen recht hadden op kennis.
Daarom besloot hij boeken
die alleen in het Latijn of Frans bestonden,
om te zetten in Middelnederlands,
de taal die mensen toen thuis spraken.
In Damme schreef hij zijn grootste boeken.

Hij wilde dat mensen de wereld beter zouden begrijpen:
de natuur, de geschiedenis, de Bijbel,
en de verhalen die overal in Europa werden verteld.

DSC09451HuisVanHetBoekApocalypsRijmbijbelJacobVanMaerlantHandschriftUtrecht1332MichielVanDerBorch

Belangrijkste werken

Rijmbijbel (1271) — een bijbelvertaling in rijmen, bedoeld om de de bijbel begrijpelijk te maken voor iedereen.
Der naturen bloeme — een encyclopedisch natuurboek, gebaseerd op Latijnse bronnen
Spieghel historiael — een wereldgeschiedenis
Historie van Troyen — het verhaal van Troje in verzen
Alexanders geesten — een levensbeschrijving van Alexander de Grote
Van den lande van Overzee — een kritische tekst over de kruistochten, opvallend door zijn politieke en morele scherpte.

DSC09452HuisVanHetBoekApocalypsRijmbijbelJacobVanMaerlantHandschriftUtrecht1332MichielVanDerBorch

Dat we een versie zien uit 1332
betekent dat het boek erg populair was.
Al 30 jaar na zijn dood werd deze kopie gemaakt op perkament.
Prachtig geïllustreerd.

Michiel van der Borch (actief ca. 1320–1364)

Michiel van der Borch leefde na Jacob van Maerlant.
We weten niet precies wanneer hij geboren werd,
maar we weten wél dat hij een van de eerste kunstenaars was
die boeken versierde en daarbij zijn eigen naam opschreef.
Dat was heel bijzonder in die tijd.

Hij woonde in Utrecht, waar hij in 1322
als burger werd ingeschreven.
Waarschijnlijk kwam hij oorspronkelijk uit Vlaanderen,
want zijn manier van schilderen lijkt op de stijl
die daar toen populair was.

DSC09453HuisVanHetBoekApocalypsRijmbijbelJacobVanMaerlantHandschriftUtrecht1332MichielVanDerBorch

Michiel werkte als miniaturist:
iemand die kleine schilderingen maakte in handschriften.
Hij schilderde met fijne penselen,
met kleuren die hij zelf maakte uit mineralen en planten.
Zijn werk was bedoeld om boeken mooier, duidelijker
en soms ook vrolijker te maken.

In 1332 versierde hij een prachtig handschrift
van Maerlants Rijmbijbel.
Hij maakte er 64 miniaturen in:
kleine schilderingen van bijbelverhalen,
maar ook grappige of wonderlijke figuren in de marge.
Op één grote afbeelding schreef hij zelfs zijn naam en het jaar.
Daarom weten we zeker dat híj het was.

DSC09454HuisVanHetBoekApocalypsRijmbijbelJacobVanMaerlantHandschriftUtrecht1332MichielVanDerBorch VaderZoonHeiligeGeest

Michiel was getrouwd met Liesbet
en samen hadden ze twee kinderen: Jan en Barbara.
Hij werkte waarschijnlijk in een klein atelier,
misschien samen met leerlingen of familieleden.

Zijn schilderingen zijn belangrijk
omdat ze laten zien hoe boeken er in de middeleeuwen uitzagen
en hoe kunstenaars toen werkten.
Hij is de eerste bij naam bekende boekverluchter
uit de Noordelijke Nederlanden.

DSC09455HuisVanHetBoekApocalypsRijmbijbelJacobVanMaerlantHandschriftUtrecht1332MichielVanDerBorch ScheppinfDetail

Dat maakt hem een soort pionier:
iemand die als eerste zijn handtekening achterliet
in een wereld die meestal anoniem bleef.

Afsluiting

De foto’s van de Rijmbijbel van Jacob van Maerlant
zijn van een boek dat al bekend was in 1330.
De tekst is wel bedacht is door Van Maerlant
maar deze versie is geschreven door iemand die Van Maerlant
niet persoonlijk kende.
De illustraties zijn daarna gemaakt door iemand die Van Maerlant
ook al niet persoonlijk kende.

DSC09456HuisVanHetBoekApocalypsRijmbijbelJacobVanMaerlantHandschriftUtrecht1332MichielVanDerBorch ScheppingDetail

Dit was normaal in de middeleeuwen:

  • Een tekst was geen “kunstwerk van één maker”
  • Boeken waren gebruiksvoorwerpen.
    Niet uniek zoals kunstvoorwerpen vandaag.
  • De maker(s) was niet heilig
  • Kopiisten en verluchters kenden de auteur meestal niet
  • Een boek kon groeien door de tijd

We noemen het boek een handschrift,
maar de hand, de schrijver van de letters op het perkament,
die kennen we niet.

DSC09457HuisVanHetBoekApocalypsRijmbijbelJacobVanMaerlantHandschriftUtrecht1332MichielVanDerBorch Txt


Het kabinet in de kinderwagen

Een leesverslag in drie lagen: proza, poëtica en parafrase.

Als ik iedereen mag geloven, gaat de verhalenbundel ‘Het aanwezige been’
van Arnon Grunberg over gemis.
Volgens de achterflap gaat het over ‘verleiding, verraad en verlies’.

In het titelverhaal (het tweede verhaal in de bundel) speelt
Grunberg met een been: een been dat er is. En ook niet is.
Als het been er niet is, dan is dat zeker een gemis
voor een cellospeelster.

IMG_7776ArnonGrunbergHetAanwezigeBeen

Het eerste verhaal in deze verhalenbundel ‘The Waste Land
laat zich ook lezen als een verhaal over gemis:

het kind dat de vrouw nooit had en dat ze als een gemis heeft ervaren.
En dan: krijgt ze het.

Of het doel in het leven dat de vrouw ooit had als jonge ambtenaar,
dat ze intussen was verloren en mist. Vervolgens hervindt ze het als
vrijwilligster bij een niet-gouvernementele organisatie (NGO).

Of het verloren land van de man die in Londen studeerde en
daar humanist werd genoemd, maar intussen een blinde krijgsheer
en oorlogsmisdadiger was geworden, die op punt staat zijn
land te verliezen.

Allemaal vormen van gemis die in dit korte verhaal te vinden zijn.
Grunberg schetst met weinig zinnen een hele wereld met allerlei
belangen, besluiten en belevenissen.

Hij vertelt veel. En tegelijk: heel weinig
Daarom lees ik het ook als een moderne parabel.

Volgens Wikipedia:

Een parabel is een kort, symbolisch verhaal dat bedoeld is om een morele, religieuze of filosofische les over te brengen. Het verhaal speelt zich vaak af in een alledaagse context en gebruikt herkenbare situaties om abstracte ideeën aanschouwelijk te maken.

Als ik niet wist dat het verhaal in 2022 al was geschreven,
dan zou ik mijn uitleg misschien overtuigender vinden.
Ik leg het hieronder even uit:

Het verhaal ‘The Waste Land’ gaat over het kabinet Schoof.

De hoofdpersoon in het verhaal is een vrouw op leeftijd,
zelfbenoemd topambtenaar, ontevreden, uitgeblust zonder idealen.

‘- als haar werk in Den Haag haar iets had geleerd was het wel dat je nooit moet rekenen op andermans morele instincten en eigenlijk ook niet op die van jezelf -‘

De hoofdpersoon, lees: Dick Schoof.

De hoofdpersoon, meer dan overtuigd van het eigen kunnen,
‘krijgt’ een kind, het grote gemis in haar leven.

‘En toen ze iemand ontmoette met wie ze het (een kind maken, argus) wel wilde, wilde hij niet. Ze had er drie nachten om gehuild,’

‘We moeten het met elkaar doen. fluistert ze tegen het slapende kind, we moeten elkaar een beetje helpen. Je moet me helpen. Ik moet van je gaan houden en ik zal van je gaan houden.’

Het kind, lees: het kabinet.

De hoofdpersoon bindt nauwe banden aan met de blinde krijgsheer
en oorlogsmisdadiger.

‘De minnares van een blinde krijgsheer. Ze werd het met overgave, een onvoorwaardelijkheid die ze niet van zichzelf kende. Dat het geluk, het grote geluk, de vorm kan aannemen van een krijgsheer, een oorlogsmisdadiger, ze kon het amper geloven en ze wenste het niet te bevragen. Als het geluk eenmaal voor je staat moet je er niet te veel vragen over stellen.’

De krijgsheer/oorlogsmisdadiger, lees: Geert Wilders.

Natuurlijk kan dat niet goed blijven gaan.
Er wordt een coup gepleegd en de hoofdpersoon vlucht
met het kind, naar de luchthaven,
waar ze in een fuik terecht komt. Afloop: onbekend.

‘Naarmate ze dichter bij het vliegveld komt, neemt de drukte toe. … Ze tilt het schreeuwende kind uit de kinderwagen. Ze moet de kinderwagen hier achterlaten, anders komt ze er niet doorheen. … Ze drukt het kind stevig tegen zich aan, ook haar kleine koffer zal ze hier achterlaten. Alleen zij en het kind moeten erdoor. … En ze duwt, ze duwt met alle kracht tegen de mensen voor haar.’

De kinderwagen achterlaten, lees: het kabinet wordt demissionair.
Haar kleine koffer achterlaten, lees: kabinet voor een tweede maal gevallen.

De zielloze geschiedenis van het Kabinet Schoof valt
helemaal samen met het verhaal The Waste Land.
Dat kun je met literatuur doen.

Proza
Je kunt het verhaal lezen en genieten van de manier waarop
Grunberg het verhaal in elkaar zet, en blijven bij de betekenis
van de eerste lezing.
De tekst zoals die zich toont—zonder duiding, zonder versiering.

Poëtica
Je kunt achter de verhalen in de verhalenbundel een gezamenlijk
thema proberen te vinden.
Op zoek gaan naar de vorm, het ritmiek en de stilistische keuzes
die de verhaal dragen.

Parafrase
Maar je kunt ook vrij associëren en zoeken naar symboliek met
misschien een boodschap. Een lezing die naast het origineel mag bestaan

Je kunt het ook allemaal tegelijk doen en waarschijnlijk
zijn er nog veel meer manieren om met de tekst om te gaan.

Dat was nog maar verhaal 1 van de bundel met meer dan twintig verhalen!

Mijn bladwachter

Tot voor kort wist ik niet wat een bladwachter, of custode, of
reclament, of katernsignatuur was.
Maar de inleiding van Irene O’Daly in Schatten op Schrift
bracht me op het spoor van dit gegeven:
een aanduiding met letters en cijfers en soms ook met
een illustratie die boekbinders moet helpen de katernen van
een manuscript op de juiste volgorde te leggen of te houden.

Als een soort van eerbetoon aan deze middeleeuwse gewoonte
maak ik een bladwachter voor de dummy die ik ga inbinden
om te oefenen voor het boek Denken aan oorlog en vrede.
Dat is een tekst van Hugo de Groot.

Maakte de schrijvers in de middeleeuwen de katernsignatuur
helemaal met de hand, ik ga een linosnede maken die ik
op oeder laatste blad van een katern kan afdrukken.
Die lino laat voldoende ruimte om na drukken nog een
tekst aan te brengen: het eerste of de eerste letter(s)
van het volgende katern.

Ik koos de naam ‘Aratus’ als uitgangsunt voor het ontwerp
omdat ik het idee kreeg de bladwachter te maken tijdens het
bekijken van de Leidse Aratea. Een handschrift met een
Latijnse vertaling van reen Grieks gedicht van de dichter Aratus.

IMG_7058BladwachterAratusInSpiegelschrift

Aratus in spiegelbeeld. Helaas kom ik niet goed uit. De letters laten zich niet goed verdelen. Dat moet dus iets anders.


IMG_7059BladwachterAratusEerstePoging

Terwijl ik bezig was het ontwerp met de hand over te nemen op een stuk linoleum kwam ik er pas goed achter dat het niet ging passen. Dus op papier een nieuwe poging. Daarbij laat ik het kader (dat ik eerder wilde maken) deels weg. Alleen het kader aan de bovenkant blijft staan. Daardoor heb ik meer ruimte.


IMG_7060BladwachterAratus

Dit is dan het ontwerp. Al kwam ik er achter bij het overnemen van het ontwerp op de lino dat er een fout in het ontwerp zat. Maar dat heb ik niet meer in het ontwerp gecorrigeerd maar direct op de lino.


IMG_7061BladwachterAratusIMG_7064BladwachterAratusIMG_7065BladwachterAratusEnPrikmal

Misschien morgen de lino afmaken. Voor nu heb ik ook alvast een prikmal voor de dummy gemaakt. Alleen de plaatsen voor de kettingsteek ontbreken nog.


Zoals ik het lees

Dit boek is aan mijn aandacht ontsnapt.
‘The way I read it – Zoals ik het lees’ van Billy Collins,
in de vertaling van Harrie Jonkman, verscheen al begin 2024.
Ik kocht het veel later en heb het nu gelezen.

IMG_6719TheWayIReadItZoalsIkHetLeesBillyCollinsStatenhofpers2024

Billy Collins, The way I read it – Zoals ik het lees, in een vertaling door Harrie Jonkman, met portretten van Sam Drukker. Statenhofpers, Den Haag.


Billy Collins is een Amerikaanse dichter en uit zijn dichtwerk
van 1988 to 2022 werd een selectie gemaakt en voorzien van enkele
portrettekeningen van Sam Drukker.
Het boek verscheen bij de Statenhofpers samen met ‘Anker’, een
gedicht van Mensje van Keulen met een lino-afdruk van de hand
van Olivia Ettema.

IMG_6711AnkerMensjeVanKeulenOliviaEttemaStatenhofpers2024IMG_6709AnkerMensjeVanKeulenOliviaEttemaStatenhofpers2024IMG_6710AnkerMensjeVanKeulenOliviaEttemaStatenhofpers2024IMG_6712AnkerMensjeVanKeulenOliviaEttemaStatenhofpers2024


Gedichten lees ik niet veel en ik heb er ook niet echt ervaring mee.
Maar het boek is mooi uitgegeven zoals meestal bij de Statenhofpers.
De beelden ie Collins in zijn werk oproept zijn mooi en dat maakt
het dat ze leuk zijn om te lezen.
Een voorbeeld van pagina 14:

Winter syntax

A sentence starts out like a lone traveler
heading into a blizzard at midnight,
tilting into the wind, one arm shielding his face,
the tails of his thin coat flapping behind him.

Zoals je ziet geen rijm,
er is geen opvallend metrum.
Vorm is er wel.
Zinnen breken af, net als bij andere dichters,
op inhoudelijk onlogische plaatsen om te vervolgen
op een volgende regel.

IMG_6714TheWayIReadItZoalsIkHetLeesBillyCollinsStatenhofpers2024

Het goede nieuws is dat er meerdere gedichten zijn over poëzie
in deze bundel. Op pagina 18 staat ergens in het midden van de pagina:

Introduction to Poetry

I want them to waterski
across the surface of a poem
waving at the author’s name on the shore.

But all they want to do
is tie the poem to a chair with rope
and torture a confession out of it.

They begin beating it with a hose
to find out what it really means.

Het beeld van de waterskiër die zwaait naar
de schrijversnaam aan de kust vind ik mooi en
vol humor.
Die humor kom je vaker tegen.

IMG_6713TheWayIReadItZoalsIkHetLeesBillyCollinsStatenhofpers2024 Vade Mecum

In het Engels twee woorden. In de Nederlandse vertaling slechts één woord. Maar het Latijn voor ‘Ga met me mee’ is iets anders dan ‘handboek’ of ‘gids’. Soms, zoals hier, zijn de gedichten net raadsels.


IMG_6720TheWayIReadItZoalsIkHetLeesBillyCollinsStatenhofpers2024 IntroductionToPoetry

De hele ‘Introduction to Poetry’.


De opvattingen van Collins over gedichten blijkt duidelijk
uit de afbeelding hierboven met ‘Introduction to Poetry’.
In de bundel komt dit meerdere keren aan bod.
Eigenlijk spreekt hij mij hier streng toe!
Hij schetst een haast fysieke ervaring van gedichten in plaats
van altijd weer die verstandelijke benadering.

Nog een laatste voorbeeld van de droge humor.
Je kunt het boek beter zelf lezen dan dat ik
nog meer voorbeelden geef.

IMG_6721TheWayIReadItZoalsIkHetLeesBillyCollinsStatenhofpers2024 300AM