Eerste deel intro ‘Boek in een doos’ met de hand gezet vandaag

Op zich niet heel sensationeel maar het was warm vandaag
in de FutureDome, zullen we maar zeggen.
Vandaag heb ik het eerste deel van de introductie
gezet, voor het eerste van 7 boeken, ieder in een doos.
Ieder straks met een eigen boekenlegger.

Maar eerst de eerste, kleine, pagina:

WP_20180822_17_00_52_ProBoekIneenDoosIntro01

Vanmiddag deze tekst even met de hand gezet. Ik krijg de smaak weer te pakken. Maar mijn snelheid van zetten is een lachertje. Maar het is niet anders.


Koh-I-Noor: berg van licht

De afgelopen weken heb ik het boek Koh-I-Noor gelezen.
Een soort biografie van een diamant.
Want de Koh-I-Noor is een beroemde en beruchte diamant.
Menig Indiaas restaurant is er naar vernoemd.

De schrijvers van het boek zijn William Dalrymple en Anita Anand.
Mevrouw Anand ken ik niet, heb niet eerder van haar iets gelezen.
William Dalrymple, die ken ik wel.

Dalrymple heeft ouders van Engelse adel en schrijft regelmatig boeken
op het snijvlak van populaire en academische historische boeken.
Hij is een neef van Virginia Woolf.
De eerste keer dat ik iets van hem las ging het over Hyderabad
en de voormalige machthebbers daar (Nizam).
In dat artikel/boekfragment beschreef hij een bezoek van Jacky Kennedy
aan Hyderabad, op een tijd dat de macht van de Nizam verdwenen was
maar de familie nog wel de paleizen bewoonde.
Een ongelofelijk verhaal.
Wil je meer over deze man weten, lees dan het Engelstalig artikel
op Wikipedia over hem.

WilliamDaltympleAndAnitaAnandKoh-I-Noor

William Dalrymple en Anita Anand, Koh-I-Noor – de geschiedenis van ’s werelds bekendste diamant.


Ook de biografie van de Koh-I-Noor is een ongelofelijk verhaal.
Van een eerst onbekende maar grote diamant (in die tijd
de grootste of een van de grootste diamanten ter wereld),
die niet bijzonder hoog werd aangeslagen in India omdat
men de voorkeur gaf aan smaragden en robijnen.
Tot de grootste diamant in de Engelse kroonjuwelen.
Tussen die twee uitersten veel moorden, politiek, graaizucht
en ellende. Tot op de dag van vandaag.

Koh-I-Noor

Een van de kronen uit de brede collectie Britse kroonjuwelen. Midden voor de Koh-I-Noor.


Dat de Engelsen ‘onder verdachte omstandigheden’ aan de diamant
gekomen zijn is een understatement.
Net als in de Nederlandse koloniale geschiedenis
werd het mijn en dijn vaker door het recht van de sterkste
bepaald in plaats van door eigendomsbewijzen of het in
bezit hebben van roerende en onroerende goederen.

Het boek is doorspekt met vertalingen en/of toelichtingen
op oude Punjabse, Perzische en Indiase teksten.
Een boeiende reeks maharadja’s, krijgsheren en avonturiers
komen voorbij.
Maar ook een 10-jarige heerser over de Punjab die onder druk
de diamant ‘weggeeft’.

Aan anekdotes geen gebrek zoals dit verhaal uit 2010 (het boek
begint met een tekst uit de 10e eeuw voor onze jaartelling):

In 2010 bracht de Britse premier Cameron een officieel bezoek aan Punjab. De Indiase media legden hem toen voor dat de teruggave een eerste excuus zou zijn voor de uitbuiting van India tijdens de Raj. “Zodra je ja zegt tegen de een, realiseer je je dat het hele British Museum leeg zou raken,” antwoordde hij met mogelijkerwijze de ruzies over de Steen van Rosetta en de Elgin Marbles in het achterhoofd. “Ik vrees dat ik moet zeggen dat hij blijft waar hij is.”

Het boek leest als een detective en legt veel dilemma’s op
tafel die herkenbaar zijn met onze eigen koloniale geschiedenis
maar die daardoor niet eenvoudiger op te lossen zijn.

Even een zijstapje.
Couperus schreef een boek getiteld: De berg van licht.
Koh-I-Noor betekent ‘Berg van licht’.
Die twee dingen hebben misschien met elkaar te maken?

Fenomenale doos

Voor het project Boek in een doos / Book in a box
was ik het internet aan het afstruinen en kwam toen
op de blog uit van Marjolein van Eig van 17 juni 2015:
Detail 7: Fenomenale doos.

Hier kun je het hele verhaal van de Fenomenale doos lezen.

In mijn blog vat ik de dingen even samen die mij
zo in het verhaal trokken.

De fenomenologie is een filosofische stroming die ontstond tegen het einde van de negentiende eeuw. Ze probeert de fenomenen om ons heen te beschrijven zoals ze voor ons verschijnen, zonder enige vooronderstelling. Daarbij worden niet alleen zichtbare en de herkenbare elementen verwoord, maar ook aspecten die niet direct zichtbaar zijn.

Een mooi voorbeeld van een fenomenologische beschrijving kun je lezen in een essay van George Simmel over de brug en de deur. Hij beschrijft hierin de impact van een deur op een ruimte: “ …de deur laat op een besliste manier zien hoe scheiden en verbinden twee kanten van dezelfde medaille zijn. Juist omdat een deur ook kan worden geopend, levert het sluiten ervan een sterk gevoel van bescherming op tegen alles wat zich buiten deze ruimte bevindt. Dit gevoel is sterker dan bij een opgebouwde muur. De laatste is immers stom, maar de deur spreekt tot ons.” Kortom, de scheiding die de deur maakt, benadrukt tegelijkertijd de verbinding die de deur als fenomeen in zich heeft.

Ik heb wel even naar het essay gezocht.
Maar zonder titel kwam ik niet ver.
Wel vond ik informatie over George Simmel.
Kijk maar eens op de George Simmel Wikipedia pagina.

Deze fenomenologische manier van het beschrijven van objecten is wellicht vaag, maar het is een prettige manier om anders naar de dingen om ons heen te kijken. Maurice Merleau-Ponty, een van de grondleggers van de fenomenologische waarneming, onderscheidt twee manieren van kijken: het zien en het ervaren. We zien bijvoorbeeld een gebouw: de gevel, de ramen en kolommen. Zo zien we ook een kerk, want we zien een groot gebouw met een toren en een kruis. We ervaren echter: ruimte, licht, beweging, materiaal of ritme. Daarmee wil Merleau-Ponty zeggen: wat je ziet is een image, een bekend beeld, maar wat je ervaart is een veel complexere wereld die wordt bepaald door bijvoorbeeld tactiliteit, geur en ruimte.

MeindertHobbemaHetLaantjeVanMiddelharnis1689

Meindert Hobbema, Het laantje van Middelharnis, 1689.


De moderne kunst legt deze ambiguïteit in de waarneming mooi bloot. Door het oude bekende beeld in het schilderij weg te laten, blijft enkel de ervaring van de fenomenen over. Kijkend naar de ‘Cathedra’ van Barnett Newman kun je dezelfde landschappelijke ervaring hebben als bij ‘Het laantje van Middelharnis’ van Meindert Hobbema. Dat is natuurlijk een geniale ontdekking. Je hoeft geen vaas te schilderen om een vaas te zien. Het gaat om de ervaring.

BarnettNewmanCathedra

Barnett Newman, Cathedra, 1951. De intensiteit van Cathedra ontstond doordat Newman het blauw van het schilderij opbouwde in zes afzonderlijke lagen verf van verschillende blauwpigmenten. Zo creëerde hij een diep en rijk geschakeerd kleurvlak, dat een ruimtelijke illusie oproept. Volgens https://www.artsalonholland.nl.


Hoe zit dat in de architectuur? Dat probeerde ik tijdens mijn afstudeerscriptie te onderzoeken, al weer wat jaartjes geleden aan de TU Delft. Ik had hiervoor drie gebouwen uitgezocht, beter gezegd, drie ‘dozen’. De doosvorm leek me een uitermate geschikt gebouwtype voor de fenomenologische beschrijving. Immers, de doos toont niet het standaard beeld van een gebouw, het verraadt geen achterliggende wereld middels de gebruikelijke tekens. De doos laat het over aan de waarnemer wat de ervaring zal zijn.

De drie dozen waren: het klooster La Tourette van Le Corbusier, de Kunsthal van Koolhaas en de Thermen in Vals van Zumthor. Daar is van alles over te zeggen, maar uiteindelijk kwam ik uit op de volgende noties:
– Zumthors gebouw is als een uitgeslepen rotsblok. Er is geen enkel verschil tussen binnen en buiten, de doos is door en door solide. Schudden zal geen invloed hebben.

PeterZumthorThermenInValsZwitserland1996

Peter Zumthor, Thermen in Vals, Zwitserland, 1996.


– Koolhaas’ doos is een verrassingsdoos, waarvan de gevel de verpakking is. Binnen wacht een wereld van ervaringen. Schudden kan prima, het gaat om de intrigerende reeks van ervaringen.

OMARemKoolhaasDeKunsthal

OMA / Rem Koolhaas, De Kunsthal.


– Le Corbusiers klooster toont een zorgvuldig en serieus vormgegeven geometrie. Niet schudden, want dan verwoest je die!

LeCorbusierSainteMarieSeLaTourette1960

Le Corbusier, Sainte Marie de la Tourette, 1960.

LeCorbusierSainteMarieSeLaTourette1960 2


Vooral het kijken naar een doos, voor mij vooral
een bron voor geheimzinnigheid, niet alleen vanuit
het perspectief van wat je ziet maar ook de ervaringen
die je met een doos hebt, vond ik erg interessant in het artikel.
Praat ik nog niet eens over het boek in de doos….

Activiteiten in de drukkerij

Even een samenvatting van mijn activiteiten in de drukkerij.
Voor mijn project Boek in een doos – Book in a box
het ik de titel gezet op de ‘normale’ manier:
twee gecentreerde regels tekst.
Maar ook als een soort (bij gebrek aan een beter woord)
woordkunst. Als een soort krijswoordraadsel:

WP_20180819_13_49_58_ProProefdruk

Dit is een proefdruk. De positie van de tekst op de pagina bevalt me nog niet. De letters ga ik niet 100% goed onder elkaar krijgen maar ik ben dan ook geen professionele drukker.


De Nederlandse tekst verticaal, en de Engelse tekst horizontaal.

B
B O O K
E
K
I N A
N
E
E
N
D
B O X
O
S

WP_20180819_14_08_55_ProBoekInEenDoos

Ik heb zowel nieuwe pagina’s bedrukt als de achterkanten van de pagina’s met de ‘normale’ titel.


WP_20180819_14_40_53_ProInHetRestantVanDeDrukinktMetDeAchterkantVanEenSatehprikkerMijnLogo

Om de roller te voorzien van inkt gebruik in een stuk dik glas waar ik de drukinkt op aanbreng. Daar kan ik de inkt dan goed verdelen over de roller. Na afloop zit er altijd nog wat inkt op het glas. Daarin heb ik met de achterkant van een satéprikker het ‘logo’ van dit project getekend.


WP_20180819_14_42_19_ProEnDanAfdrukkenOpeenStukPapier

Vervolgens heb ik die ‘afbeelding’ overgebracht op een stuk papier met een nog niet gebruikte roller.


Creatieve woensdag: Boek in een doos

Het lijkt misschien wat stil op het vlak van mijn
drukkerijtje en boekbinderij maar schijn bedriegt.
Alleen het was erg lang geleden dat ik zelf nog een tekst
gezet en gedrukt had en dus ging alles eerst fout.
Natuurlijk niet eerst nakijken hoe het ook alweer moest.

Maar vandaag ging het de goede kant uit
door eenvoudig (opnieuw) te beginnen en stap voor stap
naar de eerste pagina te werken.

De eerste pagina van de 7 verschillende boeken in 7 verschillende dozen
met 7 verschillende boekenleggers.
Ik noem het project: Boek in een doos – Book in a box.

WP_20180815_15_29_44_Pro

De tekst opnieuw met een letterhaak gezet en op de pers geplaatst.


WP_20180815_15_58_56_Pro

Dan een proef getrokken op een stuk kladpapier.


WP_20180815_16_18_47_Pro

Vervolgens een goede afdruk gemaakt en het blad gevouwen. Het past straks precies in de doos waarvoor de tekst bedoeld is.


WP_20180815_16_25_51_Pro

In het begin was de tekst wel goed maar zat hij verkeerd op de pers. Daarom heb ik dat ook gecorrigeerd en je zag het resultaat op de vorige pagina.


Het geheim van de laatste der begijnen

Afgelopen zondag zag ik in de etalage van de stripwinkel
De Stripspecialist een groot schilderij van René van der Heijden:

WP_20180812_15_13_07_ProReneVanDerHeijdenHetGeheimVanDelaatsteDerBegijnen

Het fictieve stripverhaal van Kuifje: Het geheim van de laatste der begijnen.


Op deze omslag zijn naast Kuifje natuurlijk
Kapitein Haddock te zien en in de verte Jansen en Jansen.
Verder zie je dat uit de ingang van het Begijnhof in Breda,
Naast de ingang van het Valkenberg, met grote snelheid
een begijn in een auto de Catharinastraat inscheuren.
Richting Reigerstraat.
De eeuwig jonge journalist en de kapitein springen
net op tijd opzij.
Natuurlijk lopen de detectives Jansen en Jansen letterlijk
en figuurlijk weer achter de feiten aan.

WP_20180812_15_13_07_ProReneVanDerHeijdenHetGeheimVanDelaatsteDerBegijnenDetail

Naast de ingang van het Valkenberg is ook de Waalse Kerk goed te zien. Bobbie is aan de voeten van Kuifje en in de lucht een klein vliegtuigje. Is de begijn daar voor op de vlucht?


De verborgen wereld

Op dit moment lees ik het boek ‘De verborgen wereld’.
De volledige titel is:
Jos Gommans, De Verborgen Wereld – Nederland en India vanaf 1550.
Aan de hand van voorwerpen uit de collectie van het Rijksmuseum
vertelt Jos Gommans de gezamenlijke geschiedenis van Nederland en India.
Het boek is prachtig geïllustreerd en ik vind vooral deel 3:
De verstrengeling: een neoplatoonse onderstroom, heel interessant.

Daar komt bijvoorbeeld de volgende tekst in voor:

Een afbeelding (surat) leidt tot de vorm die het representeert en dat geeft de betekenis (ma’ni),
net zoals de vorm van een lijn tot letters en woorden leidt, die van daaruit betekenis krijgen.
Hoewel de Europese meesters over het algemeen afbeeldingen van materiële afspiegelingen maken,
drukken zij in een merkwaardige morfologie verschillende betekenissen van de geschapen wereld uit.
Op die manier leiden ze diegene die alleen maar de buitenkant van dingen zien naar de plek van de echte waarheid.
Desalniettemin, voorzien lijnen (schrijven en kalligrafie) ons van de ervaring van de ouden en worden ze op die manier een instrument in de geestelijke vooruitgang.

Dit is een citaat uit een Perzische tekst uit het boek van Abul Fazi:
Ain-i-Akbari.
Dit fragment (pagina 197-199) is de Nederlandse vertaling gebaseerd
op de tekst van Ebba Koch en Yunus Jaffery,
opgenomen in het boek: ‘The Mughal emperor as Solomon, Majnun and Orpheus,
or the album as a think tank for allegory’ uit 2010.
Daarbij baseerden Koch en Jaffery zich op de uitgave
onder redactie van H. Blochmann uit 1872.

JosGommansDeVerborgenWereldNederlandEnIndiaVanaf1550

Jos Gommans, De Verborgen Wereld – Nederland en India vanaf 1550.


Wikipedia:

The Ain-i-Akbari or the “Constitution of Akbar”, is a 16th-century, detailed document recording the administration of emperor Akbar’s empire, written by his vizier, Abu’l-Fazl ibn Mubarak.
It makes the Volume III and the final part of the much larger document, the Akbarnama, the Book of Akbar, also by Abul Fazl, and it itself is in three volumes.

It is currently housed in the Hazarduari Palace, in West Bengal.

De Ain-i-Akbari of ‘De wet van Akbar’, is 16e eeuws document geschreven
door de vizier (eerste minister) Abu’l-Fazl ibn Mubarak.
Het uitgebreide document beschrijft hoe de regering van keizer Akbar
verliep.
Het is deel 3 van een uitgebreider document dat de ‘Akbarnama’
wordt genoemd en dat ook door Abul Fazl is geschreven.
Het boek bevindt zich in het Hazarduari paleis in West Bengalen (India).

Wikipedia:

Ebba Koch is an art and architectural historian, who defines and discusses cultural issues of interest to political, social and economic historians. Presently she is a professor at the Institute of Art History in Vienna, Austria and a senior researcher at the Austrian Academy of Sciences. She completed her doctorate in philosophy and her Habilitation at Vienna University.

Koch has spent much of her professional life studying the architecture, art, and culture of the Mughal Empire, and is considered a leading authority on Mughal architecture. In 2001 she became the architectural advisor to the Taj Mahal Conservation Collaborative.

Wikipedia:

S.M. Yunus Jaffery (1930 – 29 August 2016) was an Indian scholar of the Persian language. He was from Delhi, India.

He is mentioned in writer William Dalrymple’s 1994 book, City of Djinns.

He was given the Farabi International Award, a literary prize, in 2006 by the Iran government for his work towards the Persian language.

Jaffery had written short stories in Urdu and Hindi as well, apart from his work in Persian language. He had translated Hindu epic Ramayan to Persian, and edited, transcribed historical books like Shah Jehan Nama to clear Persian script. He was well versed with culture and norms of Mughal times, along with his Persian writing.

He attended Delhi College (now Zakir Hussain College, Delhi University) for his graduate studies and later taught there. He had also studied Persian studies in University of Tehran in 1960s. In 1995, he retired from Zakir Hussain College, Delhi as dean of Persian studies.

Jaffery died on 29 August 2016 in Delhi.

Distribueren

Bij een letterzetter wil dat zeggen dat je
een eenmaal gezette tekst weer uit elkaar gaat halen
en de letters weer op hun plaats in de letterbak gaat stoppen.
Dat is waar ik dit weekend tijd aan besteed heb.
De tekst was een voetnoot van Arnon Grunberg.

Het goede nieuws is dat ik afgelopen zaterdag iets las in
de Volkskrant waaruit ik opmaak dat alle voetnoten
in boekvorm gaan verschijnen.

WP_20180804_14_03_16_Pro

Don Quichot

Davis-CervantesTheCompleteDonQuixote

Rob Davis bewerkte de tekst van Cervantes en maakte er deze graphic novel van. Het is een enorm plezier om dit boek te lezen. Grappig, vol wijsheden, fantasievol. Geweldig!.


Het is zo’n prachtig werk. Eigenlijk is het een soort raamvertelling.
Je buitelt van het ene avontuur in het andere.
De tekenstijl past Davis aan als het hem uitkomt om de lezer te laten
weten dat je van het ene verhaal in het volgende overstapt en
soms liggen die verhalen in elkaars verlengde.

Gisteren heb ik de Nederlandse vertaling van de boeken gekocht.
Het verhaal van Don Quichot bestaat namelijk uit twee boeken
die Cervantes na elkaar geschreven heeft.
Maar wil je nu snel even kennis nemen van de inhoud:
dan is dit boek een hele goede route.

Vandaag weer in mijn drukkerij en boekbindwerkplaats geweest

Weer een stapje gezet voor het project Boek in een doos / Book in a box.
Willekeurig heb ik een van de doosjes gepakt en ben vanaf
de maten van de binnenkant van de doos gaan beredeneren
Hoe groot het papier moet zijn.

Eerst de doos opgemeten.
De doos heeft ronde randen.
Mijn boek wordt rechthoekig dus daar moet ik rekening mee houden.
Dus beredeneerd hoe groot de boekband moet worden.
Dan beredeneerd hoe groot het papier moet worden (na snijden).
Dan beredeneerd hoe groot het papier mag zijn voor het snijden.
Dan beredeneerd hoe groot het te bedrukken
deel van het papier gaat worden.

Vervolgens heb ik een dummy boekband gemaakt, op volume.
Dat gepast in het doosje.
Vervolgens papier op maat gesneden (deels).
Vervolgens de maten van de bijbehorende boekenlegger bepaald.
Daarvan ook een dummy gemaakt.
Dat ziet er dan zo uit.

WP_20180801_14_55_29_ProHetEersteDoosje

Het doosje van een bekende modewinkel. Geen idee wat de inhoud was.


WP_20180801_15_22_21_ProDummyBoekbandVolumeGeven

Dan een dummy boekband of boek gemaakt. Een voor- en achterkant op maat met daar tussen vier stroken papier van 1 cm breed.


WP_20180801_15_44_43_ProDummyBoekbandVolumeGegevenMetVierOpstaandeStrokenPapier

Zo ziet de dummy er uit om te passen met het doosje.


WP_20180801_15_45_22_ProDummyBoekbandPassenInHetDoosje

Het past. Het boekje komt eenvoudig uit de doos. De hoogte is ook goed. Eerlijk gezegd was dat toeval of geluk.


WP_20180801_15_53_41_ProAantekeningenEnBerekeningen

Dit is het overzicht met de metingen en de redeneringen.


WP_20180801_16_42_41_ProDummyBoekEnDummyBoekenlegger

Ik heb een dummy boekenlegger gemaakt. Die moet straks ook in het doosje passen. Die boekenleggers worden allemaal min of meer hetzelfde. Behalve de afmetingen. Die boekenlegger ga ik maken met een lasersnijder.


Zelfportret als legkaart

HellaSHaasseZelfportretAlsLegkaartKrantOnbekendSchrijverRBoekZelfportretAlsLegkaart1954Fase1 (2)

Schrijver van dit krantenartikel is bij mij onbekend. Ik zie alleen de initiaal “R”, Ook de datum en de krant/tijdschrift van publicatie is bij mij onbekend. Al kunnen we van de datum zeggen dat het boek waarover het artikel gaat, in 1954 is gepubliceerd. Hella S. Haasse: Zelfportret als legkaart.


Hella S. Haasse:
Zelfportret als legkaart

Hella S. Haasse is in Indië geboren, gedeeltelijk daar en gedeeltelijk in Nederland – maar hier zonder ouders – opgevoed.
Zij beschrijft nu van die jaren – afgewisseld met beschouwingen en overdenkingen – een aantal feiten, die zij zich herinnerde toen ze er over na ging denken.
Het zijn uiterlijke feiten, die een innerlijke en blijvende klank hadden, maar die is zij zich dikwijls pas later, misschien zelfs pas duidelijk bij het schrijven van haar “Zelfportret als legkaart” 1), bewust geworden.
Zoals zij zich waarschijnlijk pas nu bewust is, dat zij door die omstandigheden is gegroeid tot een vroegtijdige zelfstandigheid, die tevens eenzaamheid was.
Soms, bij periodes, heeft zij zich uit die eenzaamheid proberen te bevrijden door nadrukkelijk aansluiting bij en erkenning door een groep te zoeken (door kwajongensstreken, die eigenlijk niet bij haar aard pasten) en ook door op te gaan in dromerijen en fantasieën.
Uit die ontwikkelingsgeschiedenis probeert zij na te gaan, wie zij eigenlijk geworden is.
Een zelfstandig denkende en nuchter oordelende vrouw, concludeert de lezer, tot op zekere hoogte nog eenzaam, waaruit haar drang tot schrijven zich ook zou laten verklaren.
Het schrijven, het bedenken van verhalen lokt haar op het ogenblik niet aan, sinds zij “door het rookgordijn van de eigen verzinsels” heen heeft gezien en er uitingen van het eigen “ik”, hij het schrijven nog onbewust, in herkend: haar eigen onzekerheid tegenover het leven, die zich het veiligst voelt in de “ivoren toren” in de figuur van Charles d’Orleans in Het woud der Verwachting, en dezelfde onzekerheid, maar duidelijker geformuleerd in het “wie ben ik, wat ben ik” van Giovanni Borgia in de Scharlaken Stad.

In haar zelfportret probeert Hella Haasse bewuster dan in haar romans haar problemen te onderscheiden.
In eerste visie lijken zij hierop neer te komen: Dat het alledaagse bestaan haar niet voldoet en dat haar geestelijke activiteit daar naast lijkt te staan en haar voorkomt als een vlucht uit de realiteit.
Bij nader inzien blijkt de tweespalt dieper te gaan: haar ontgaat de zin van haar leven, voor zover zij er slechts de waarneembare realiteit, de innerlijke zowel als de uiterlijke, van kan waarnemen.
Dat waarnemen is al zo moeilijk, omdat de grens tussen schijn en werkelijkheid, russen wat men zou wensen te zijn en wat men feitelijk is, nauwelijks is te ontdekken.
Wat zij tot dusverre geschreven heeft, beseft zij, is uit die tweespalt tussen schijn en werkelijkheid ontstaan, een bijna onbewuste poging tot bewustwording.
Zij vermoedt, dat zij de echte realiteit boven de waarneembare werkelijkheid, de derde dimensie, zal kunnen achterhalen, als zij zich de zin van de herhalingen in haar leven bewust wordt: telkens immers, ziet zij zich in situaties geplaatst, die s(t)eeds weer dezelfde keuze vragen.
In feite is die derde realiteit, waarin het evenwicht bereikt wordt, voor de mens onzichtbaar.
Hij heeft een geloof nodig, om het te bereiken, zij het een geloof “zonder God”.
Waarom zonder God?
Omdat de religie, de filosofie en het politiek systeem tegenover de onzekerheden van de eigen tijd geen toereikend passe-partout zijn.
Dat is juist: pasklare oplossingen vindt men nergens ook niet in het geloof, alhoewel dat een stevig houvast blijkt.
Maar laten we daar niet op doorgaan en constateren, dat het Zelfportret een eerlijk en boeiend boek is, dat ook voor wie de schrijfster in vele opvattingen niet kan volgen toch verhelderend blijkt.
R.

1) Uitg. De Bezige Bij.

Dit lees ik op dit moment

WP_20180729_16_14_11_ProTheCompleteDonQuixoteCervantes-Davis

Het boek is een stripboek met de naam The complete Don Quixote. Het is natuurlijk naar het verhaal van Cervantes en hier getekend door Davis. Het grote nieuws is echter de standaard waar het boek op staat. Die heb ik in Den Haag gekocht. Altijd al willen hebben.


De introductie op Cervantis van Wikipedia:

Miguel de Cervantes Saavedra (Alcalá de Henares, 29 september 1547 – Madrid, 22 april 1616) is een van de belangrijkste roman- en toneelschrijvers uit de Spaanse literatuur. Hij schreef een twintigtal toneelwerken, maar is vooral bekend geworden door zijn boek Don Quichot van La Mancha (El ingenioso hidalgo Don Quixote de la Mancha).

Wat zou Hella Haasse van deze schilderijen gevonden hebben?

WP_20180728_12_05_07_ProGerardDavidWoordedLandscapeBoslandschapC1510-1515

Mauritshuis. Gerard David, Wooded landscape (Boslandschap), circa 1510 – 1515.


De set schilderijen zijn super modern.
De geheimzinnige uitstraling, en dan, al is het geen labyrint,
het ziet er uit alsof je er in zou kunnen verdwalen.
Mysterieus.
Wat is het verhaal bij die mensen?
Waarom dat gebouw.
Die prachtige kleuren groen van de bladeren.
Het decor van een roman van Hella S. Haasse.

Boek in een doos / Book in a box

WP_20180725_15_58_18_ProBoekIneenDoos

Vandaag heb ik aan een beperkt aantal linoafdrukken gewerkt. ‘Boek in een doos’ is er een van. Deze is bijzonder omdat hij als enige ook een afbeelding van een boek in de doosvorm heeft.


Vandaag kon ik niet zo veel tijd in mijn werkplaats doorbrengen en
zoals bekend hebben we erg hoge temperaturen.
In de FutureDome, de voormalige gevangenis met bijgebouwen,
is het in gebouw O, dan ook erg warm.
Dus heel veel heb ik niet gedaan.
Maar ik ben de minder geslaagde lino-afdrukken aan het bewerken met
ecoline.

WP_20180725_16_06_56_ProBoekInEenDoos

Book in a box.


De aantrekkingskracht van het labyrint

In de AO-reeks, een serie kleine boekjes waarin grote onderwerpen,
kort maar krachtig worden toegelicht, verscheen op 7-9-1984
een deel over de winnares van de P.C. Hooftprijs:
Hella Haasse.

AO-ReeksDeAantrekkingskrachtVanHetLabyrint7-9-1984Nr2030

De aantrekkingskracht van het labyrint – P.C. Hooftprijs voor Hella S. Haasse.


Het boekje geeft een korte biografische schets van Haasse en
bespreekt vervolgens een aantal van de boeken die tot op dat
moment (1984) van haar hand verschenen waren.
In leuke introductie.

Centraal staat de analyse van Hanneke van Buuren die drie fases
onderkent in het oeuvre van Haasse:
1. de confrontatie met het andere ligt ten grondslag aan ieder begin
van ik-bewustzijn;
Boeken als Oeroeg, Het Woud der Verwachting, De Verborgen Bron en
De scharlaken stad.
2. een in zelfbewustzijn groeiend ik – herkent zich als onderdeel van een
groter web van personen, relaties en gebeurtenissen – in een samenstel
van werkelijkheden waarin de ene weer achter een andere ligt, en de ene
naar de andere verwijst;
Boeken als De ingewijden, Cider voor arme mensen, De meermin.
3. krimpend bewustzijn.
Boeken als Huurders en onderhuurders

De typografie van het boekje in ronduit slecht.
Je kunt twisten over de voorkant, of de lettertypes die
daarvoor gekozen zijn, bij elkaar passen enz.
Maar de tekst in het boekje is soms moeilijk te volgen
omdat niet duidelijk is wat nu precies bij wat hoort.
De overgang van redactionele tekst naar boekcitaat en omgekeerd
is vaak onduidelijk.

Lino-afdrukken gecombineerd met ecoline

Al in een vorige blog had ik aangegeven dat ik lino’s had afgedrukt
op zelf geschept papier.
Hier twee foto’s daarvan.

WP_20180722_13_25_03_ProPapierMetTheeblaadjes

In dit papier zitten theeblaadjes verwerkt die ik uit een zakje had gehaald na er eerst thee van te zetten. Dit handgeschept papier is niet glad en erg bobbelig. Dat maakt het apart om daar een lino op af te drukken. Een deel van het papier heb ik al eens ergens voor gebruikt. Dit is het laatste restje. De vorm van de doos is maar moeilijk te herkennen.


WP_20180722_13_25_09_ProPapierMetStukjesPlant

In dit papier zitten korte stukjes van stengels van planten in verwerkt. die vormen zie je door de lino heen. De oppervlakte van dit papier is dus heel oneffen.


WP_20180722_13_25_30_ProBambooPapierGemengdeGroeneKleur

Gisteren heb ik ook nog verf gemengd om tot een groene kleur te komen. Niet zelfgeschept maar wel anders is het bamboepapier dat ik ook nog gebruikt heb.


WP_20180722_14_24_16_ProMetEcoline

De minder duidelijke afdrukken heb ik vandaag bewerkt met ecoline.


Balsa en berken triplex

WP_20180722_13_27_45_Pro2StrokenBalsaHoutTweeStukkenBerkenTriplex2mm5En1mm2Dik

Om straks, over een week of drie, mijn boekleggers te maken met een lasersnijder, heb ik al vast wat materialen gekocht. De lange stroken zijn van Balsahout en slechts 1 millimeter dik. De rechthoekige plaatjes zijn van berken triplex. De linker is 2,5 mm dik (dus prima voor een boekband) de rechtse is 1,2 mm dik. Dat laatste ga ik misschien ook gebruiken voor een boekenlegger.


Keuvelboekjes

WP_20180720_10_50_47_ProKeuvelboekjes

Als ik L vraag waar ze het de vorige avond over gehad heeft zegt ze dat ze gekeuveld hebben. Met elkaar praten zonder heel zwaarwichtige dingen te bespreken. Daarom heb ik twee keuvelboekjes gemaakt. Per pagina een lijstje met 6 onderwerpen waarover je kunt keuvelen. Daarnaast een paar lege pagina’s zodat nieuwe keuvelonderwerpen kunnen worden toegevoegd.


Volgend het Woordenboek der Nederlandsche taal staat het voor:

Oorspronkelijk en eigenlijk (evenals babbelen): de kaken laten gaan; de kaken bewegen.
1. Praten, babbelen, snappen, in ’t algemeen.
2. Op genoeglijke, gezellige, gemoedelijke, vertrouwelijke wijze met iemand —, in een gezelschap —, met elkander —, samen praten, kouten, babbelen; met elkander —, samen ”over koetjes en kalfjes praten”.
3. Iets babbelend zeggen.

Op de Etymologiebank lees je er het volgende over (beetje leesbaarder gemaakt):

Keuvelen als in ‘babbelen’
Aangetroffen vanaf de achttiende eeuw, bijvoorbeeld bij Van Hoven (De Gewaande Krygsman, 1715): Polyxena, die most daer sneuvlen / en Priam die noch wat wou keuvlen. Keuvelen is door ronding van ee tot eu ontstaan uit het slechts enkele malen aangetroffen woord kevelen ‘langdurig kauwen, de kaken langdurig bewegen’ (1710, in het woordenboek van Halma, waarin als synoniem babbelen wordt gegeven). De ronding tot eu naast de lipklank v is vergelijkbaar met Hollands beuzem voor bezem, algemeen zeuven voor zeven, en dergelijke. Dialectvormen die verwant zijn aan kevel maar teruggaan op een andere Oudnederlandse vorm zijn Westvlaams en Zeeuws: kibbel ‘kaak, viswang’ en Westvlaams: kavel ‘tandeloze kaak; kieuw van een vis’.

 

Kevelen is een afleiding van het Middelnederlandse kevel ‘tandeloos’ (1321; in de Vlaamse en Hollandse bijnaam Kevelaert al in 1276), Vroegnieuwnl. kevel ‘kaakbeen, de kaak zonder de tanden’. Het langdurig kauwen met tandeloze kaken (mummelen), eigen aan kleine kinderen en oude mensen, is hier overdrachtelijk gebruikt voor ‘langdurig doelloos kletsen, babbelen’.

WP_20180720_10_50_57_ProKeuvelboekjes

Iedere pagina heeft lijnen met andere kleuren, behalve de lege pagina’s. Alle pagina’s hebben een Keuvel-kader. Soms met een opsommingsteken (sterren, blokjes of cirkels)..


WebKeuvelaleisCircle

Dit is een voorbeeld van een keuvelkader. Keuvelaer is een woordgrapje op Kevelaer, de bedevaartsplaats waarvan ik het logo voor op de kaft leende. Keuvelalais is een privé-grapje.


Lino-afdruk

Voor het eerst weer sinds een lange tijd,
ben ik gisteren bezig geweest met het afdrukken van een
eenvoudige linosnede.
Het wordt het logo voor het ‘Boek in een doos’-project.
Book in a box.

WP_20180721_10_02_13_ProGlazenInrolPlaatLinoleumIninktPlaatsAfdrukPlaats

Van boven naar beneden: de glasplaat waarop ik de roller in-inkt. Dan de plaats waar in de lino in-inkt met de roller en onderaan de plaats waar ik met een lepel de afdrukken maak.


WP_20180721_10_28_31_ProDeLettersStaanVerkeerdMaarVergrotenDeGeheimzinnigheid

Doordat de afbeelding uit 4 kleine lino’s bestaan, kan ik met kleine strookjes karton de witruimte tussen de vier delen vergroten. De letters staan niet in spiegelbeeld, dus fout op de afdruk, maar dat verhoogt het geheimzinnige sfeertje alleen maar.


WP_20180721_10_35_34_ProVooralInHetBeginVlekkerig

Vooral in het begin zijn de afdrukken vlekkerig. Dat vind ik mooi. Hier voorbeelden op gewoon kopieerpapier. Ik heb ook afdrukken gemaakt met door mij zelf geschept papier van verschillende vezels en met verschillende toevoegingen. Dat geeft weer andere effecten. Maar heb daar nog geen foto’s van gemaakt.


WP_20180721_10_58_41_ProMetKleineStrookjesKartonErtussen

Verschillende kleuren. Bij een volgende gelegenheid ga ik de verschillende delen van de voorstelling met verschillende kleuren in-inkten. Hier alleen in verticale richting kartonnetjes tussen de linodelen.


WP_20180721_11_08_51_ProVerschillendeKleuren


WP_20180721_11_30_27_ProVerschillendPapier

Deze keer ook papier met verschillende kleuren gebruikt.


Lasersnijder – Makersbase

Vandaag werd ik gebeld door Makersbase.
Als reactie op mijn mail kreeg ik vanmiddag een instructie
en heel veel inspiratie.
De file die ik had gemaakt met Inkscape hebben we meteen uitgeprobeerd.
Dit zijn de resultaten:

WP_20180718_14_42_24_ProNadeelVanGolfkarton

Eerst een test met golfkarton. Op een restant. Verpakkingsmateriaal.


WP_20180718_14_42_24_ProGolfkarton02

Op het eerste gezicht lijkt het allemaal heel technisch, veel met software en pc. Maar er komt ook heel wat materiaalkennis bij kijken. Dit golfkarton is niet massief. anders kon het niet ‘golven’. Dat heeft tot gevolg dat je delen van de letters gaat verliezen.


WP_20180718_14_42_24_ProGolfkarton01

Dit is waarschijnlijk het logo voor mijn project ‘Boek in een doos’ of ‘Book in a box’. De laser had bij de eerste poging wel het graveren uitgevoerd maar omdat de snijlijn te dik in het ontwerp was gedefinieerd voerde de laser die opdracht niet uit.


WP_20180718_14_45_01_ProHierIsDeLaserBezigMetEenArgusvlinder

Hier is de laser met de Argusvlinder bezig.


WP_20180718_14_52_20_ProEersteBoekenlegger

Links een ‘boekenlegger’ uit triplex. Onbruikbaar vanwege de dikte van het materiaal maar de file met mijn ontwerp werkte! Daar kan ik de komende weken mee verder terwijl Makersbase op vakantie is.