
Uit de thrillergids van mei 2011. Geschreven door Lisa Kluitert, foto’s Maarten Kools.



Umberto Eco: de schijver van De begraafplaats van Praag.

Citaat uit De Begraafplaats van Praag.




Umberto Eco voor Artis.

Uit de thrillergids van mei 2011. Geschreven door Lisa Kluitert, foto’s Maarten Kools.



Umberto Eco: de schijver van De begraafplaats van Praag.

Citaat uit De Begraafplaats van Praag.




Umberto Eco voor Artis.
In de thrillergids van Vrij Nederland, die eind mei 2011 uitkwam,
stond een interview met Umberto Eco.
Ik probeer de informatie over De begraafplaats van Praag
een beetje bij te houden.
Op de internet site van Vrij Nederland heeft dit interview (nog) niet.
Vandaar vandaag deel I van dit interview.

Het interview is gemaakt door Lisa Kuitert en de foto’s zijn van Maarten Kools. Het interview is niet sterk. Typisch iemand die vol bewondering geen moeilijke vragen wil stellen en Eco de ruimte geeft zijn reclameverhaal af te steken. Het gevolg is dat er in deze tekst weinig nieuws staat.







Pronkzucht aan het Hof. Keizerlijk porselein uit Shanghai.
Sovereign Splendour. Imperial porcelain from Shanghai.

Keizerlijk porselein uit het Shanghai Museum: de catalogus.
De Nederlandse titel vind ik niet zo sterk.
Het woord ‘Pronkzucht’ roept bij mij negatieve associaties op.
Bij pronkzucht gaat het om tonen van rijkdom met als doel er over
op te scheppen, andere de ogen uit te steken en
om het haast ziekelijk achtervolgen van die neiging.
Het Engelse begrip ‘Splendour’ heeft die associatie bij mijn weten niet:
Splendour: the quality of being magnificent or splendid or grand
Ik zou het meer gezocht hebben in een uitdrukking als:’Hoofse schittering’.
Ze zullen hun motieven wel gehad hebben.
De tentoonstelling is schitterend.
100 prachtige stukken porselein uit de keizerlijke fabriek in China.
Het Chinese hof gebruikte veel porselein.
Om te beginnen was ‘het hof’, een stad op zich.
Een uitgebreide keizerlijke familie met daarbij de regering en een enorm ambtenarenapparaat.
Daar waren heel veel ruimtes die gedecoreerd diende te worden.
Voor de productie had men een fabriek die met wisselend succes
artistiek hoogstaand porselein produceerde in een periode
die zo’n 300 jaar omvat.

Gemeentemuseum Den Haag.
Het Gemeentemuseum heeft in de eigen collectie ook
een groot aantal mooie stukken porselein.
Het betreft vaak het zogenaamde ‘export porselein’.
Producten gemaakt in China voor de niet Chinese markt.
Die stukken staan onder andere in een aantalprachtige stijlkamers uitgestald.
Prachtig.

Mijn toegangskaartje.
Er is een ding dat ik aan de tentoonstelling zou toevoegen:
spiegels.
Zoals de catalogus mooi laat zien is van de schalen, vazen en doosjes
de onderkant of onderrand soms niet zo interessant als de zijkant,
bovenkant of binnenkant van de objecten.
Een spiegel hier en daar zou helpen de details van zegels en randen
beter te kunnen zien.

Rekening.
Maar het is tijd om te genieten van de prachtige voorwerpen.
Ga zelf kijken want de foto’s van mijn BlackBerry doen
geen recht aan de voorwerpen.
Bovendien zijn ze maar een kleine samenvatting.
Veel plezier.

Vaas met draken tussen gevlochten lotusranken, Qianlong, 1736 – 1795, catalogus nummer 55.

Vaas met acht Boeddhistische geluksemblemen in fencai op turquoise, Qianlong, catalogus nummer 66.

Een van de geluksemblemen: de schelp.

Vaas met oren in de vorm van ongehoornde draken en honderd herten in fencai, Qianlong, catalogus nummer 57.

Mocht je je afvragen hoe dat er uit ziet: ‘oren in de vorm van ongehoornde draken’.

De details op deze vaas met herten, begroeing en rotsen is prachtig. Het aantal herten heb ik niet geteld.

Twee modern ogende vazen: links de afgeplatte vierkante vaas met twee buisvormige oren, Guangxu, 1875 – 1908, catalogus nummer 97 en rechts de Rechthoekige, effen blauwe vaas, Guangxu. catalogus nummer 99.

Schotel met perziken in fencai, Yongzheng, 1723 – 1735, catalogus nummer 37.

Uit de eigen collectie stond er een grote schaal met op de buitenkant illustraties van het pottenpakkersproces. Aan de binnenkant is de schaal versierd met vissen en planten, alsof je een aquarium inkijkt.

Detail vis.

Nog een visje.

Kreeft.

Dekseldoosje met bloemen in fencai, eind Tongzhi – begin Guanxu, 1874 – 1876. Gebakken in de keizerlijke ovens in Jingdezhen als serviesgoed voor Keizerin Cixi, Catalogus nummer 90.

Een prachtig contrast vormen drie vitrines met westers porselein. Hierboven is een verzameling porselein te zien ontworpen door Colenbrander en gemaakt door de Plateelbakkerij Ram in Arnhem in 1921 – 1925. In deze zaal staat nog een verzameling porselein ontworpen door 100 kunstenaars van overal ter wereld. Een idee en ontwerp van de Italiaanse vormgever Alessandro Mendini in samenwerking met het bedrijf Alessi. De naam van het project is: 100% Make Up, 1992
Als ik dan toch in het museum ben
loop ik ook nog even door de andere zalen.
Van Ensor tot Mondriaan.

Carl Andre, Weir (stuwdam, dam), 1983.



Peter Doig, Red house, 1995 – 1996, olieverf op doek.
Naast het Chinese porselein trof dit werk mij het meestvan de werken die ik niet eerder gezien had.

Iris van Dongen, Dragon, 2004, houtskool, pastel en olieverf op papier.
Ooit begonnen als een evenement van en door restaurants.
Het evenement wil maar niet echt van de grond komen.
Er wordt, zo lijkt het me, meer dan genoeg geld in gestoken.
Meer dan genoeg.
Het zou met veel minder geld, veel succesvoller kunnen zijn.
Natuurlijk zit dit weekend het weer tegen.
Maar dat is niet doorslaggevend voor het succes of falen
van een ‘culinair’ evenement.
Terwijl het evenement nog niet echt een naam heeft
heeft het al wel een bobo-avond: fout!
De indruk die je daar mee oproept is dat van een elitair feestje.
Natuurlijk, het is dit jaar nog niet druk geweest maar
dat is vast niet de indruk die je wilt wekken.
Vervolgens al die niet-restaurant horeca:
scholen, een casino, (concept)cateraars, een foodminded
Designer, een hotel, een voetbalclub en een lunchroom.
Dan nog al die bedrijven die niet uit Breda komen
maar uit ’s Gravenmoer of Strijen.
De overgebleven restaurants serveren geen ‘hapjes’ meer.
Maar menu’s met een gemiddelde prijs van 16 Euro.
Die prijs is niet fout maar in geen van die restaurants
(ik heb in alle Bredase restaurants gegeten
waarvan ik het gemiddelde hier bereken)
kun je voor die prijs eten. Het is niet representatief.
Het enige restaurant met een echte culinaire ster: Wolfslaar,
dat onlangs nog een negen kreeg in een recentie van de Volkkrant,
ontbreekt. Zoek maar een op: De Smaak van Wolfslaar.
Kortom, dit feestje voor de horeca heeft nog een lange weg te gaan.
Ze zullen de klant en het culinaire genieten centraal moeten zetten
om van dit evenement iets te maken.

Kosten nog moeite gespaard.

De dreiging van een volgende bui.

Geen bezieling: lees de introductie van de ‘wethouder van evenementen’ er nog maar eens op na (beschamend).
Via, via (onder andere via Twitter) kwam ik vandaag
op een site met schetsen van The Sketching Backpacker.
De site is van Robert A. Alejandro, hij is erg druk
met grafisch ontwerpen van allerlei soort.
Hij maakt er de gewoonte van om tijdens zijn reizen
schetsen te maken van situaties die hij tegenkomt.
Een paar voorbeelden.

Robert A. Alejandro: China.

Praag: detail.

Heel herkenbaar.

Lourdes.

Archibald Thorburn, Peacock and peacock butterfly, 1917.

Burhan Dogancay, Whispering wall II.
De combinatie van taal en kunst trekt me erg.

Edouard Manet, A bar at the Follies-Bergere, 1882, oil on canvas.
Deze was hier natuurlijk al eerder te zien
maar het blijft een prachtig werk.

El Greco, The vision of Saint John.

Folkert de Young, Operation harmony, 2008, styrofoam, pigmented polyurethane foam pearls.

Gabriel Metsu, Woman reading a letter, circa 1665, oil on wood panel.

James Grashow, Corrugated Fountain, 2010, cardboard.
Kartonnen fontein.

Jan van Huysum, Still life with flowers and fruit, circa 1721.

Jennifer Trask, Intrinsecus, 2010.

Joe Talirunili, Migration, around 1974, stone, hide, wood, string.

Oleg Tselkov, Five persons, 1980.

Pierre Bonnard, Le petit dejeuner, oil on canvas, 1936.

Richard Serra, Dreiser, 2010, paintstick on handmade paper.

Statue of Caligula, Roman, AD 38 – 40.
We hebben gisteren een strandwandeling gemaakt
in Scheveningen: van de pier tot de haven en terug.
Het weer was heel redelijk, we zijn zelfs verbrand.
Aan de haven bij Simonis wat nieuwe haring gegeten.
De eerste dit jaar en erg lekker.
We zijn bij Simonis even in de winkel gaan kijken.
Wat een prachtige vis kun je daar kopen.
Heel indrukwekkend.
Foto’s maken met je telefoon valt mij nog niet mee.

Het Kurhaus vanaf het terras rond half twaalf.

Veel, heel veel zeilboten op zee.

Ik zag niet goed wat ik precies deed dus de watersporter zelf is van de foto ‘gevallen’.

Deze catamaran werd door de reddingsbrigade teruggesleept naar het strand.
We hebben gisteravond gegeten bij Pixels in Breda, voorheen Pols.
Om met de deur in huis te vallen:
de conclusie is dat het geen aanrader is.
![]()
Restaurant Pixels in Breda: geen aanrader.
Deze mensen zitten al heel lang in de horeca.
Ze scheppen zelf hoge verwachtingen:
Puur, inventief, culinair, creatief,
exclusief, levendig en smaakvol.
Het was zeker niet Exclusief, Culinair of Smaakvol.
De kaart is heel onduidelijk. Sommige delen van de kaart
staan er twee keer op.
We krijgen ook geen toelichting op de kaart.
Als we vragen wat voor- en hoofdgerechten zijn
is de reactie dat de serveerster er nog maar kort werkt.
Wat is er Creatief aan een Ceasar salad en een Tournedos?
Beide redelijk uitgevoerd maar niets bijzonders.
Het restaurant is erg kil van inrichting.
Het straalt niets uit. Hoezo Puur en Levendig?
Ik weet na een bezoek echt niet wat voor een restaurant men wil zijn.
De Zeebaarsfilet was ongelofelijk klein.
Als dat gerecht niet als een hoofdgerecht is bedoeld
moet je het je gast vertellen als er wordt besteld.
Zo ook met dingen die wel op de kaart staan maar die je
om wat voor reden dan ook niet hebt.
Zeg dat bij het uitdelen van de kaart.
Niet als mensen bestellen of als de klant verwacht
dat het gerecht ieder ogenblik op zijn tafel kan verschijnen.
Inventief was zeker de Mayonaise op de rekening.
Die hadden we namelijk helemaal niet gehad.
Pixels: veel te duur voor de geleverde prestatie.
![]()
Pixels: veel te duur voor de geleverde prestatie.

Begeleidende tekst van de tentoonstelling.

Motief van een van de kerkelijke gewaden.

Acherzijde van een kasuifel: het Lam Gods.


Ik ken de verschillende soorten kasuifels en diakenkleding. Ik heb ze alleen nooit gefotografeerd toen ik ze regelmatig klaarlegde. Ook de kleuren spreken nog steeds aan. Deze goudkleurige zijn voor feestdagen.

Het zwart is voor uitvaarten.

Het paars is voor de vastentijd. Ik miste de groene gewaden.

Voorkant.

Achterkant met de lijdende Christus.


Op de tentoonstelling is een Antependium te zien. Dat zijn kleden die aan het altaar werden bevestigd. Hier zie je een van de meest klassieke symbolen uit de Rooms Katholieke kerk: de pelikaan pikt zich in de borst om met zijn eigen bloed zijn jongen te voeden. De pelikaan is het symbool voor Christus.

Linkerdeel van het antependium.

‘Quae sub his figures’ dat is de latijnse tekst op dit antependium. Het is een zin uit een gedicht dat wordt toegeschreven aan Thomas van Aquino. Het gedicht heet: ‘Adoro te devote’ (Ik aanbid u met eerbied). De zesde strofe van het gedicht begint met de tekst: “Pie pelicane, Jesu Domine” (Pelikaan vol goedheid, Jezus onze heer). In dit gedicht komt de volgende zin voor: “Quae sub his figures vere latilas”(die hier onder tekens….). Deze zin die ook op het antependium staat verwijst naar het belangrijkste moment in de mis: het tonen en delen van het brood en wijn, de centrale tekens in het Christelijk geloof.

Nu volgen een aantal voorwerpen die in mijn tijd al niet meer zo vaak werden gebruikt: het passiekruis. Dit kruis toont niet het lichaam van Christus maar de lijdenswerktuigen: de hamer, de nagels (spijkers), de hysopstengel met spons, de lans, de ladder, de doornenkroon, de geselroede (zweep), de lijkwade, dobbelstenen en de doek van Veronica.

In detail.

Processieparasol.

Baldakijn, hier uitgestald over een paar banken. Deze baldakijn werd gebruikt in de Sacramentsprocessie. Vier mannen droegen hem terwijl de priester met monstrans onder de baldakijn liep.

Missaal met zilverbeslag uit 1730. Op het beslag is een afbeelding te zien van Martinus die een deel van zijn kleed aan een arme geeft.

Engelen die ooit deel uitmaakte van de preekstoel.

Wierrookvaten en scheepjes (de kleine voorwerpen in het midden). De vaten aan de beide buitenkanten, bevatten een gloeiend kooltje. Door daar wierrook op te leggen vanuit de wierrookscheepjes, ontwikkelden zich rook met de typische geur van wierrook.


Doopschotel uit 1600. Het pronkstuk wat mij betreft. Afgebeeld zijn Jozua en Kaleb. Ze zijn 2 van de twaalf verspieders die Mozes het Beloofde Land in stuurt. Tien verspieders komen terug en denken dat dit land nooit hun land zal worden. Jozua en Kaleb hebben er wel vertrouwen in. De 12 nemen vruchten mee van het land. Dat is denk ik het moment dat hier op de schaal is afgebeeld. Als gevolg van het ongeloof van de tien en het feit dat het Joodse volk hun kant kiest, zal men nog 40 jaar door de woestijn zwerven (in ballingschap blijven). Alleen Kaleb zal uiteindelijk als enige van de verspieders het Beloofde Land bereiken. Door doop wordt je lid van de gemeenschap van gelovigen, sluit je je aan bij Kaleb. Een heel mooi symbool.

Reliekkastje.

Communiebank.

Detail van de communiebank: Mozes.
Ik was de desktop van mijn PC aan het opruimen en kwam toen
onderstaand gedicht tegen over Breda.
Hoog tijd om het op mijn weblog te plaatsen.
1590
Breda ingenomen met de list van het turfschip
Uit: J. van Vloten, Nederlandsche geschiedzangen, II, 1864, 309-313.
Oorspronkelijke bron: Geuseliedtboeck
Gevonder: Engelstalige site van de Universiteit van Leiden
Een nyeu Liedeken vant innemen van Breeda,
Nae de wijse vanden lxviij. Psalm: Staet op Heer toont u onvertsaecht.
(Psalm 68)
Weest nu verheught ende verblijdt,
Looft Godt met vreucht gebenedijt,
Prijst zijnen naem verheven,
Die in ’t jaer tnegentigh, ziet,
Tot Breda wonderlijck geschiet,
Victory heeft gegeven;
tIs niet geschiet in menigh jaer,
Sulcken aenslagh seer wonderbaer,
Sonder veel bloets vergieten,
’t Huys van Nassau, het edel bloet,
Ons seer getrou met lijf en goet,
Liet hem sulcks niet verdrieten.
Graef Maurits met een kloeck verstant,
Een jonge vorst vroom en vaillant,
Heeft dit feyt wel beghonnen,
Door goeden raet, hem aenghedient
Van een turfschipper als goet vrient,
Van Willem Jacobsz. versonnen,
Die ’t vaderlandt was toeghedaen,
Soo ghy sult hooren door ’t vermaen,
Hoe hy dit heeft besteken;
’t Was de turfschipper vant casteel,
Binnen Breda, dat schoon juweel,
Wiert een Romeyn gheleken.
Dit schip was lustich toebereyt,
Den turf daer looslick opgheleyt,
Onder vol trou soldaten,
Ontrent tseventich mannen stout,
Die, met perijckel menichfout,
Vijf nachten int schip saten;
Den derden Meert, twas saterdach,
Voor noen, dat hy noch buyten lach,
Corts nae middagh, wilt hooren,
Quam tschip int casteel binnen, siet,
Verwachten blijdschap of verdriet,
Van beyts quam hun te voren.
Van Heusden, Worcum, Loevesteyn,
En oock van Sevenberghen reyn,
Was dit crijchsvolck ghenomen,
Om te volbrenghen den aenslagh,
Nu in den Meert den derden dach,
Grootlijcx tot onser vromen;
Den turf wert van het schip ghehaelt,
Den aenslach was bynae ghefaelt;
Den schipper, seer vaillandich,
Sprack tot den ghenen die hem droech:
t’Avont hebben sy turf ghenoech;
tWas een jongman verstandich.
De draghers waren half ghestoort,
Want sy wouden noch draghen voort,
Zy sochten ghelt om drincken,
Om dat by Vastelavont was,
Langde den schipper wt zijn tas
Drinckgelt om hen te schencken.
Capiteyn Argier met verstant,
Capiteyn Lambrecht seer vaillant,
Noch een vaendrich vercoren,
Twee luitenants hielden mee an;
Dees vijf waren daer hoofden van,
Om ’t crychsvolck te gaen voren.
Door hoesten ende niesen zwaer,
Wiert men haerlixebn bycans ghewaer,
Conden haer niet bestieren,
Den jongsten schipper, een vroom helt,
Heeft hem doen aent pompen ghestelt,
Om niet te hooren tieren;
De schiltwacht die riep, half verbaest:
Is daar volck by u dat soo raest?
-Zy hadden sulck propoosten,
Den jongman sprack, sonder vertreck:
Ick moet pompen, het schip is leck,
Hy hiet Adriaen Joosten.
Die vant casteel, seer wel bedocht,
Hadden nochtans het schip besocht,
Maer ten scheen niet te deghen,
Zy waren op het schip, tis waer,
Want die van binnen saghen haer,
Die doen wel stille zweghen;
tGhinck daer ghelijckt met Troye dee,
Die ’t griecksche peert in haerlixebn stee
Haelden, en zijn bedroghen,
Soo hebben oock die vant casteel,
Grootlicx tot haren achterdeel,
Dit schip selfs inghetoghen.
Tot tweemael in den selven nacht,
Baden sy tot God met aendacht,
Eer sy dit feyt aenvinghen,
Ten elf uren of korts daeraen,
Begonden zy wt tschip te gaen,
Om haer werck te volbringhen;
Twintich wasser wt ’t schip ghegaen,
Doe quam daer een Italiaen,
Men seyt om turf te stelen;
Die grepen sy al by den hals,
Sy dwonghen hem bescheet van als,
Maer ’t secreet kond’ hy helen.
Doe sy hem hadden by der keel,
Moest hy hun daer segghen, hoeveel
Volcx dat sy daer sterck waeren,
Hy seyd’ tweehondert twintich man;
Maer dese reys loogh hy daeran,
Meende hun te vervaren,
Zy vraechden hem daer voorder van,
Hy seyde hondert twintich man;
tVolck croop vast wt den schepe,
Zy dooden dien Italiaen,
Doen zijnse stoutlick voortghegaen,
Zy haddent wel begrepen.
Doen sy nu tsaem waren by een,
En hielden sy niet langh ghemeen,
Maer zijn stracx voortgheloopen,
Ses corps-de-garden waren daer,
De twee, die maeckten sy eerst claer,
Toghen doe in twee hoopen,
Met schieten, steken, houwen, slaen,
Soo zijnse voorts te werck gegaen,
Haer vyanden doorboorden;
Maer binnen thuys, opt selve pas,
Daer des gouverneurs soon op was,
Creghen sy met accoorden.
Als sy ’t casteel tot haren wil
Hadden, was in stadt groot gheschil,
Want sy d’een brugh afbranden;
Graef Maurits wert dees maer vertelt,
Die quam flucx aen met zijn ghewelt,
Den vyant vlood met schanden;
Doe wert van graef Hoxebnlo ghehoort,
Teghen de borghers een accoort,
Men soud’ hen niet pillieren,
Noch oock belasten met rantsoen,
Maer moesten zijn soldaten koen
Twee maenden sold fineeren.
Oorlof, ghy borghers altesaem,
Looft ende bidt des Heeren naem,
Dat hy doch wil bewaren
Den graef van Nassou, ’t edel bloet,
Oock al dees lants regeerders goet,
Dat sy moghen voortvaren
Met haerlixebn wel begonnen werck;
Al is de vyant noch soo sterck,
Godt sal victory gheven,
So wy hem dienen t’ alder tijt,
Eeren en beminnen met vlijt,
En naer zijn woort wel leven.
Een aantal woorden zijn voor mij moeilijk.
Als ik de tekst vaker lees komen er nog meer bij.
Een aantal heb ik geprobeerd op te zoeken:
gebenedijt = gezegend (Looft Godt met vreucht gebenedijt)
vaillant = dapper (Een jonge vorst vroom en vaillant)
lustich = enthousiast (Dit schip was lustich toebereyt)
looslick = ? (Den turf daer looslick opgheleyt)
intuitief zou ik zeggen iets als ‘losjes’ maar ik ben
op het internet geen betekenis tegen gekomen.
perijckel = gevaar (Die, met perijckel menichfout)
vercoren = verkozen (Noch een vaendrich vercoren)
haerlixebn = hun (Wiert men haerlixebn bycans ghewaer)
Volgens DBNL zijn de volgende woorden normale aanduidingen
wijlien voor wij,
onslien voor ons,
ghylien voor gij,
ulien voor u,
sylien en henlien voor hen
en haerlien voor hen.
propoosten = voorstellingen, uitvluchten.
Het is ook soms niet meer dan:
gesprek (Zy hadden sulck propoosten)bescheet = ?
(Sy dwonghen hem bescheet van als)
reys = keer (Maer dese reys loogh hy daeran)
De St. Martinuskerk heeft wat te vieren dit jaar! Daarom ben ik aan het begin van de middag naar de tentoonstelling met kerkschatten geweest. Binnenkort het volledige fotoverslag.
Als introductie een foto van een Bonnet.
Dit glas-in-lood-raam geeft alvast een indruk van de voorwerpen die te zien zijn in Princenhage.
Wat een tijd terug Cultuur heette noemen we vandaag Erfgoed.
Ik verwacht dat de tentoonstelling in het Gemeentemuseum Den Haag een mooi voorbeeld van Chinees erfgoed is:
Ik ga binnenkort kijken.
Alle voorwerpen komen van het Shanghai Museum.

Chinese caas, fencai, decoratie met Indiase lotusbloemen en spelende kinderen, Qianlong Dynasty, 1736 – 1795.



Dekseldoosje met draken in Wucai en lotus met Ajourwerk, Wanli, 1573 – 1620.



Doosje in de vorm van een kwartel, Fencai glazuur, Qianlong Dynasty, 1736 – 1795.

Zie eens hoe mooi het verendek van de kwartel is aangebracht.

Dit is natuurlijk helemaal top. Het merkteken is voor porselein uit de Keizerlijke fabrieken gebruikelijk maar die voetjes!

Doosje in de vorm van een kwartel, Fencai glazuur, Qianlong Dynasty, 1736 – 1795.

Vaas met draken tussen gevlochten lotusranken in de onderglazuur, Qianlong, 1736 – 1795, Shanghai Museum.

Nog een draak. Perfect

Lotusrank.
De Argusvlinder mocht niet ontbreken: John Baldessari, Your name in lights.
15 seconden lang was mijn naam te zien als onderdeel van een projectvan het Stedelijk Museum in Amsterdam in samenwerking metJohn Baldessari.Hierboven de vooraankondiging zodat ik zelf kan gaan kijken.Probleem is dat een tochtje naar Amsterdam voor 15 secondeneen beetje veel is van het goede.Ik had liever een kort filmpje ontvangen van de organisatiezodat het nog een tijd op mijn weblog te zien zou zijn geweest.Wie wil nou niet beroemd zijn?

Paul Gaugain, Tahitian faces – frontal view and profiles, circa 1899, charcoal on laid paper,The Metropolitan Museum of Art.
Tahitiaans gezicht – frontaal en en profile.
Schets van Paul Gaugain met houtskool.
Nu te zien in het Metropolitan Museum of Art.
Midden april kreeg ik een uitnodiging van de politieom deel te nemen aan een onderzoek naar de‘(on)veiligheid in de digitale wereld’.Heel concreet werd me gevraag mee te doen aan het invullenvan een vragenlijst over internetgebruik.‘hoe u omgaat met onveilige situatie op internet en over mogelijkeincidenten die u heeft meegemaakt in de digitale wereld.’Per definitie doe ik niet mee aan dergelijk ‘onderzoek’.Even los of het van de politie is.Altijd brengen ze het privacy aspect aan de order.Ook nu.
Deel van de brief van de politie.Als je deze tekst naukeurig leest zie je dat de politiezijn of haar handen in onschuld wast.Immers het is het CBS dat de waarborgen biedt.Niet de politie.En ja, wat blijkt, ik geef hen dan wel mijn antwoorden niet,maar de politie weet wel dat ik niet geantwoord heb.Immers begin mei weer een brief. Op naam gesteld.Of ik eens wil opschieten met beantwoorden.Zoveel privacy was er dus niet.Kijk de CBS waarborgen er nog maar eens op na.Daar garandeert men niets behalve ‘privacy’.Hun waarborg staat vol goede bedoelingen:‘Gegevens over mensen worden zo snel mogelijk gescheiden van de namen en adressen’‘met goed beveiligde computersystemen’Dan komt de aap uit de mouw. Ook het CBS garandeert niets:‘de wet garandeert…’
Politie aanmaning om mee te doen aan het onderzoek.
Het is misschien een beetje flauw, tenslotte is het de politie en het CBS,maar,waarom heb ik een brief gekregen?hoe komt men aan mijn naam en adres?blijkbaar houdt men bij wie niet gereageerd heeft?dus dan weten ze ook wie wel gereageerd heeft?Wat betekent in de CBS privacy waarborging:‘zijn persoonlijke gegevens nooit te herkennen’.Er worden dus persoonlijke gegevens bewaard?Kortom ook deze brief roept weer meer vragen op dan het beantwoordt.Mijn advies: niet meedoen.Dergelijke onderzoeken zijn bijna nooit echt anoniem.Leiden tot reclame in je mail box (en brievenbus) en erger.Gewoon niet meedoen.
De volgende 5 foto’s had ik nog niet laten zien:Middelburg.





Vanuit KOP is er een project gaande dat xe2x80x98Territorial Pissingsxe2x80x99 heet.Volgens mij is dat geen Engels maar waarschijnlijk gaat hetover het afbakenen van je territorium.In dat kader heeft kunstenaar Dominique Teufen op een voetbalveldjehet versleten groen vervangen door grijs gras en grijze bloemen.Kunstgras.
Dominique Teufen, fotografie Rachelle Delcroix.
Het lijkt wel of er in Middelburg een ‘raamcoach’ actief is.Veel ramen in de huizen in het centrum van Middelburgzijn op een vergelijkbare manier gedecoreerd.Soms zijn de ramen weer eens heel afwijkend.Gisteren was ik in Middelburg voor het evenement Vol-korenen had de kans daar wat foto’s te maken.
Prachtig met de verschillende schelpen.
Een ‘schelppot’.
Detail van de schelpen.
Weer twee ornamenten.
Als een krans.

Ook in evenwicht: twee fietsen, twee kandelaars. Maar ook weer niet. De voorwerpen voor het raam passen niet zo bij elkaar.

Paarden.

Soms ook symmetrie op de eerste verdieping.

Het oogt een beetje slordig.

Toe aan vernieuwing.

Twee maal Edvard Munch en driemaal Roy Lichtensteinen elf andere werken.
Angela de la Cruz, Compressed blue, 2011, oil on aluminium.
Edvard Munch, By the deathbed, 1896, lithograph.
Edvard Munch, Separation II, 1896, lithograph.
Gonzalo Papantonakis, The creator, mixed media on five wood panels.
John Constable, The vale of Dedham, 1828, oil on canvas.
Monique van Genderen, Untitled, 2010, oil and pigment on canvas.
Otto Dix, Shock troops advance under gas (Sturmtruppe geht unter Gas vor),The War (Der Krieg), 1924, etching aquatint and drypoint.
Pieter Molijn and Jan van Goyen, Landscape with cottage and figures, about 1640, oil on canvas.Nog een ‘Connection’.Dit werk is onderdeel van de ‘Goudstikker-verzameling’ enonlangs terug gegeven aan de erfgenamen.De verzameling is tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitsers gestolenvan de firma van kunsthandelaar, Dhr. Jacques Goudstikker.Het schilderij van Pieter Molijn / Jan van Goyen is de rust zelve. Vredig zou je haast zeggen.De prent van Otto Dix geeft op de gruwelen van de oorlogop een zeer afschrikwekkende manier weer.
Richard Prince, Untitled (De Kooning), 2009, inkJet and acrylic on canvas.What’s in a name?
Roy Lichtenstein, Cup and saucer, 1977, cast bronze sculpture.
Roy Lichtenstein, Drawing for a ‘Kiss V’, March 1965.
Roy Lichtenstein, Still life with silver pitcher, 1972, oil and magna on canvas.
Ryan Martin, To live and die in LA, 2007, oil on canvas.Was hier al eens eerder te zien.
Willem de Kooning, Event in a barn, 1947, oil on canvas.
Yayoi Kusama, With flowers that bloom at midnight, 2009.Volgens mij is deze kunstenaar al jaren uitgebloeid.
Zarina Hashmi, Blinding light, 2010, cut Okawara paper gilded with 22 – karat gold leaf.
Jean Lecomte du Nouy, The dream of the eunuch, 1874, oil on panel.
Helen Frankenthaler, Left-handed purple, 1971, acrylic on canvas.