Bindend verleden: een boekbindproject rond Hugo de Groot

In een serie berichten neem ik je mee op mijn boekbindavontuur.
Daarbij volg ik de Stichting Handboekbinden die het initiatief nam voor
een bijzonder boekbindtraject. Alle leden en belangstellenden kunnen meedoen.
Natuurlijk kozen ze er voor een boek in losse katernen beschikbaar
te maken rond een belangrijk historisch boek dat vandaag nog
steeds actueel is. Het project zal worden afgerond met een tentoonstelling
van alle handgebonden boeken in Rijksmuseum Slot Loevestein.

Het boek verschijnt ter gelegenheid van het feit dat in 2025 het
400 jaar geleden is dat het boek ‘de iure belli ac pacis’ van
Hugo de Groot verscheen.
Deze Nederlandse denker, over onder andere recht, schreef dit boek en
vanwege de grote invloed van het boek op ons denken over de
juridische kant van oorlog en vrede, werd dit in 1991 als deel 8 opgenomen
in de serie ‘Geschiedenis van de wijsbegeerte in Nederland’.
De uitgave die ik wil gaan inbinden en die in losse katernen te koop is
bij de Stichting Handboekbinden, is verzorgd door en voorzien van
inleiding en annotaties door A.C. Eyffinger en B.P. Vermeulen.

Dus een dik en groot boek met een belangrijke inhoud.
Ik koos er voor om als bindwijze de ‘Spitselband’ te gebruiken.
Deze bindwijze was populair in oa Nederland in de 16e en
17e eeuw.

Omdat ik deze manier van binden niet eerder heb toegepast besloot ik
eerst een dummy te maken. De katernen zijn daarvoor gereed.
De spitsels en de ‘achtersteeksels’ zijn uit perkament gesneden en
de eerste katernen zijn al ingebonden met kettingsteek en rondslag.

Tijd om deze eerste stap in het inbinden af te ronden.
Het meest interessante deel voor mij was het laatste katern. In
dit geval is dat een schutbladkatern.
Bij beide schutbladkaternen wordt de rondslag iets anders uitgevoerd.
Deze keer ga ik niet zomaar rond de perkamenten spitsel maar begin je
door met de naald midden door achtersteeksel en spitsel te gaan.
Het geeft je de kans om de dikte van het boekblok vast te zetten
en om op een stevige manier het inbinden af te ronden.

Het afronden van deze eerste stap, zag er in foto’s als volgt uit:

IMG_7295DenkenOverOorlogEnVredeInbindenIMG_7296DenkenOverOorlogEnVredeInbindenIMG_7297DenkenOverOorlogEnVredeInbindenIMG_7298DenkenOverOorlogEnVredeInbindenSpitselVoorprikkenIMG_7299DenkenOverOorlogEnVredeInbindenStapEenGereed

Bij het laatste katern ging het helaas mis. Ik trok te hard en op de verkeerde manier aan het garen, met als gevolg dat de draad het katern een stuk inscheurt. Dat ziet er niet mooi uit en je verliest ook een beetje stevigheid. Maar het zorgt er niet voor dat ik niet verder kan. Dus op naar de volgende stap.


Aan mij de taak om het artikel van Karin Cox weer te vervolgen
en de inhoud ervan te vergelijken met het hoofdstuk van Peter Goddijn.
Zij zijn de twee bronnen waar ik me op baseer.
Natuurlijk lees je daar binnenkort weer over hier op mijn blog waarbij
ik de vergelijking tussen beide bronnen uitdiep.

Illustraties gelijmd, tijd voor draad – Over het binden van een bijzonder boek, weer een paar stappen.

Vandaag weer een paar stappen gezet in het maken van mijn dummy
voor ‘Denken over oorlog en vrede’, een uitgave in losse katernen
van Stichting Handboekbinden.
De aanleiding van de uitgave van het boek is het feit dat het in 2025
400 jaar geleden is dat het boek ‘Iure belli ac pacis’ van
Hugo de Groot verscheen.
De iure belli ac pacis (Over het recht van oorlog en vrede)
is een boek van Hugo de Groot uit 1625. In dit boek wordt beschreven
wanneer een staat of soeverein vorst het recht heeft om een andere staat
of soeverein vorst aan te vallen,
en op welke manier dat dient te gebeuren.
De actualiteit – denk aan conflicten als die in Oekraïne, Gaza of
Irak – onderstreept de blijvende relevantie van het thema.

De uitgave van de Stichting Handboekbinden betreft deel 8 van de serie
‘Geschiedenis van de wijsbegeerte in Nederland’.
Dit boek uit 1991 is verzorgd door en voorzien van een inleiding en
annotatie door A.C. Eyffinger en B.P. Vermeulen.

Om mijn versie in te binden wil ik gebruik maken van de boekbindtechniek
die Spitselband heet. Deze in de 17e eeuw populaire bindwijze
is mij onbekend en daarom probeer ik de aanwijzingen te volgen uit
het artikel van Karin Cox: ‘De spitselband’, deel 1 en 2 in het
magazine van de Stichting Handboekbinden.
En ook de aanwijzingen in de beschrijving van Peter Goddijn,
pagina 154 – 161 in het boek: ‘Westerse boekbindtechnieken van
de Middeleeuwen tot heden’.
Die aanwijzingen ga ik gebruiken om eerst de techniek uit te
proberen op een dummy: ‘Ode aan boekbinden’.

Een hele mond vol maar de afgelopen tijd ben ik bezig geweest
met het uitzoeken van het papier, het maken van de katernen, het
maken van een lino voor de bladwachters, het afdrukken daarvan en
schrijven van de inleiding die daarbij hoort.

Wat er nog moest gebeuren voor het boekblok gereed is,
was het inplakken van de illustraties.
Daar ben ik gisteren mee begonnen en heb ik vandaag afgerond.
Tijd om dan het inbinden voor te bereiden.

Eerst nog even over het inplakken van de illustraties.
Grofweg zijn die in twee formaten: de koepellino’s gaan
richting A5-formaat, de natuurdrukken richting A4.
Daarom begin ik met een soort van mal voor de koepellino’s.
De natuurdrukken worden op het oog min of meer in het
centrum van de pagina’s geplakt.

IMG_7203DenkenOverOorlogEnVredeIllustratiesMalIMG_7204DenkenOverOorlogEnVredeIllustratiesKoepellinoMetMal


De mal heb ik gemaakt uit een krantenmagazine die ik
had gebruikt bij het lijmen. Door die activiteiten
waren pagina’s aan elkaar gaan zitten. Daardoor ontstond
voldoende dikte om het als mal te gebruiken.

IMG_7205DenkenOverOorlogEnVredeIllustraties4TippenLijm

Steeds op vier plaatsen een beetje lijm.

IMG_7206DenkenOverOorlogEnVredeIllustraties4TippenLijm

Ook bij de natuurdruk. Een paar resultaten:

IMG_7207DenkenOverOorlogEnVredeIllustratiesNatuurdrukMetEcolineIMG_7208DenkenOverOorlogEnVredeIllustratiesIMG_7212DenkenOverOorlogEnVredeIllustratiesNatuurdrukIMG_7213DenkenOverOorlogEnVredeInbindenMeevallendeOpdikking


Het goede nieuws is dat de opdikking als gevolg van
het toevoegen van de afbeeldingen heel erg meevalt.

IMG_7214DenkenOverOorlogEnVredeInbindenSnijafvalWordtPrikmal

Een strook afvalpapier gebruik ik om een prikmal te maken. De strook is hier net te lang.


De rug wil je in 4 gelijke delen verdelen zodat er drie plaatsen
ontstaan voor de spitsels.
Dat kan eenvoudig door de mal in de lengte dubbel te vouwen en
dat vervolgens nog eens te doen.
Dan vouw je de strook weer open en vouw je de strook nog eens
dubbel maar nu in de breedte.
Maar eerst snij ik de mal op de correcte grootte.

IMG_7215DenkenOverOorlogEnVredeInbindenPapierenPrikMalIMG_7216DenkenOverOorlogEnVredeInbindenPerkamentenSpitselsIMG_7218DenkenOverOorlogEnVredeInbindenMooieTekeningInHetPerkament

Tussendoor zoek ik naar de juiste plaatsen in de twee stukken perkament die ik in mijn vorraad heb, om de spitsels te snijden. Iedere keer kijk ik met bewondering naar de tekening op het grote stuk perkament. Dat wil ik zoveel mogelijk bewaren voor de boekband.


Mijn spitsels gaan 2 keer 10 centimeter + de beoogde dikte
van het boekblok worden.
In mijn geval resulteert dan in 22 centimeter.
Ik worstel een beetje met het achtesteeksel. Cox adviseert
in het artikel 4,5 centimer, zonder uit te leggen waarom.
Ik besluit voor 6 centimeter te gaan, 2 centimeter voor
de achtervouw, 2 centimeter voor het boekblok en 2
centimeter voor de voorvouw.
De tijd zal uitwijzen of dat werkt.

IMG_7220DenkenOverOorlogEnVredeInbindenPerkamentenSpitselsEnAchtersteeksels

Mijn stroken perkament: spitsels en achtersteeksels


Dan vind ik de informatie in mijn bronnen een beetje verwarrend
over hoe de spitsels en de achtersteeksels bij elkaar
gebracht dienen te worden.
Eerst even wat informatie over de vlees- en haarzijde
van perkament (gedroogde en geprepareerde dierenhuid).
De bron van de volgende regels is Copilot.

Vleeszijde perkament

De “vleeszijde” van perkament is de kant die oorspronkelijk naar het vlees (de binnenkant) van het dier wees. Het verschil tussen de vleeszijde en de haarkant (die naar buiten wees) is subtiel, maar je kunt ze herkennen aan enkele kenmerken:

Kenmerken van de vleeszijde:

Gladheid: De vleeszijde is vaak iets gladder en egaler dan de haarkant.

Textuur: Soms zie je fijne adertjes of een licht vezelachtige structuur; die kunnen wijzen op de vleeszijde.

Glans: De vleeszijde heeft meestal iets meer glans dan de haarkant, zeker als het perkament goed is geprepareerd.

Afdrukken: In sommige gevallen zie je heel subtiel nog indrukken of sporen van het spierweefsel.

En de haarkant dan?

Poriegaten: De haarkant kan minieme stipjes of poriën vertonen waar ooit de haren zaten.

Ruwere structuur: Iets korreliger of stroever aanvoelend.

Wat zeggen mijn bronnen over hoe ik de stroken perkament
ten opzichte van elkaar moet gebruiken?

Cox:

Leg de korte stook perkament op het midden van de lange binding, vleeszijden op elkaar.

Goddijn:

Leg nu twee perkamenten stroken op elkaar met de gladde (haar)zijde naar beneden (niet op elkaar plakken!).

Ze zeggen twee verschillende dingen nog even los van het feit
dat Cox werkt met een ‘achtersteeksel’, een korte strook perkament,
terwijl Goddijn met twee gelijke stroken perkament werkt per binding.
Ik ga voor Cox want dat lijkt me minder materiaal.

Maar Cox zegt de ruwe zijdes van beide stroken op elkaar te leggen,
terwijl Goddijn zegt bij beide stroken de ruwe zijdes naar boven te leggen.

Mijn interpretatie is dan: maak gebruik van de materiaaleigenschappen
en glad op glad zal meer schuiven, dus hier volg ik Goddijn. Intuïtief
zou ik gekozen hebben voor ruw op ruw. Maar ik heb geen ervaring
dus wil ik ten minste één van mijn bronnen volgen.
Mijn keuze voor Goddijn is dus vooral ingegeven door logica en gevoel
voor materiaalgedrag, al blijft het een leerproces.

IMG_7223DenkenOverOorlogEnVredeInbindenSpitselEnAchtersteekselVoorVouwen

Ik markeer het midden van de spitsel en ik trek een lijn op 2 centimeter van het uiteinde bij het achtesteeksel. Vervolgens leg ik die op de streepjes op elkaar, zoals Goddijn aangeeft, ril het perkament enmaak er een vouw van 90 graden.

IMG_7224DenkenOverOorlogEnVredeInbindenSpitselEnAchtersteekselIMG_7225DenkenOverOorlogEnVredeInbindenSpitselsEnAchtersteeksels

Het resultaat. Op de rechtse kant, de kant met het korte stuk achtersteeksel, ga ik bij het inbinden de katernen een voor een leggen en binden.


Na de spitselonderbreking ga ik weer door met de papieren
prikmal.

IMG_7226DenkenOverOorlogEnVredeInbindenPrikmalVouwenIMG_7227DenkenOverOorlogEnVredeInbindenPrikmalGevouwen

Met potlood geef ik de vouwen aan.


Vervolgens bepaal ik de plaatsen waar ik gaten moet voorprikken:
voor de kettingsteek in ieder katern.
Gaten link, rechts en in het midden bij iedere binding
(waar het perkament komt) in de katernen met schutbladen.
Gaten links en rechts bij iedere binding (waar het perkament komt)
in de overige katernen van het boekblok.

IMG_7231DenkenOverOorlogEnVredeInbindenPrikmalIMG_7232DenkenOverOorlogEnVredeInbindenVoorprikkenKaternenIMG_7233DenkenOverOorlogEnVredeInbindenHetGebruikVanDeHoutenPrikmal

Bij het voorprikken gebruik ik het onderste deel van de houten prikmal. Dat zorgt er voor, mt het goed aandrukken van de papieren prikmal, dat de gaten mooi in de naad van het katern komen. Ik denk altijd: envoudig. Maar het vereist concentratie.

IMG_7234DenkenOverOorlogEnVredeInbindenKaternenVoorgeprikt

De katernen liggen klaar om ingebonden te worden. Ik moet alleen de spitsels en achtersteeksels nog voorprikken. Maar dat is voor de volgende keer.

IMG_7235DenkenOverOorlogEnVredeInbindenHoutenPrikmalKanWeerInDeKast

De prikmal kan in de kast.


Denken over oorlog en vrede

Terwijl ik even moet wachten op het vastnaaien van de verschillende
losse elementen op de theedoek begin ik aan een nieuw boek.
De theedoek gaat dienen als boekbandbekleding voor het Boekenweekgeschenk
van 2025: De Krater van Gerwin van der Werf.
Het nieuwe boek is ‘Denken over oorlog en vrede’.

IMG_6789DenkenOverOorlogEnVredePerkamentEnBoek

Perkament en boek.


Bij het binden van dit bijzondere boek sta ik voor een aantal uitdagingen:
– het is het grootste boek dat ik ingebonden heb
(zeg maar 17 cm breed en 25 cm hoog)
– het wordt een oude Nederlandse binding: de spitselband
– het wordt een perkamenten band
– ik ga de beschrijving daarvoor volgen van Karin Cox
(magazine van Stichting Handboekbinden, nummer 3 van 2024
en nummer 1 van 2025) en de beschrijving van Peter Goddijn,
pagina 154 – 161 van het boek: ‘Westerse boekbindtechnieken
van de Middeleeuwen tot heden’)
– heel praktisch: ik vermoed dat het dikke boek niet in 1 keer
in mijn snijmachine past
– ik heb nog 2 resten perkament gevonden in mijn voorraad en
hoop het boek daarmee te kunnen maken
– mijn ervaring met het boek van Peter Goddijn (en met andere
boeken over boekbinden) is, dat ik de tekst wel een aantal keren
moet lezen om hem te begrijpen.
De schrijvers weten vaak zo goed hoe de betreffende binding
gemaakt moet worden, dat ze vergeten hoe het voor een beginner is.

‘Denken over oorlog en vrede’ is een uitgave in losse katernen
van de Stichting Handboekbinden.

De aankondiging van het boek stond in het magazine van de Stichting,
nummer 3 van 2024.
Mijn exemplaar zal te laat gereed zijn voor de tentoonstelling
in het Slot Loevestein, later dit jaar.
Op die tentoonstelling zullen exemplaren van collega binders te zien zijn.
De aanleiding van de tentoonstelling en de uitgave van het boek
is het feit dat het in 2025 400 jaar geleden is dat het boek
‘Iure belli ac pacis’ van Hugo de Groot verscheen.

Wikipedia:

De iure belli ac pacis (Over het recht van oorlog en vrede) is een boek van Hugo de Groot uit 1625. In dit boek wordt beschreven wanneer een staat of soeverein vorst het recht heeft om een andere staat of soeverein vorst aan te vallen, en op welke manier dat dient te gebeuren. Het is oorspronkelijk in het Latijn geschreven, zoals in die tijd gebruikelijk was.

De serie:

Geschiedenis van de wijsbegeerte in Nederland is een twintigdelige boekenserie, tussen 1986 en 1993 verschenen bij uitgeverij Ambo. De serie stond onder redactie van Michael Petry en Jan Sperna Weiland, beiden hoogleraar aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, en vanaf 1990 ook van de latere bijzonder hoogleraar aldaar Henri Krop.

Elk deel van de serie is gewijd aan een voor een bepaalde periode en stroming belangrijke Nederlandse wijsgeer, van wie een tekst of een bloemlezing uit zijn werk werd opgenomen. De delen zijn telkens verzorgd door een ter zake kundige, die het werk heeft ingeleid en van commentaar voorzien.

De uitgave van de Stichting Handboekbinden betreft deel 8
van de serie Geschiedenis van de wijsbegeerte in Nederland.
Dit boek uit 1991 is verzorgd door en voorzien van een inleiding en
annotatie door A.C. Eyffinger en B.P. Vermeulen.

Ard van der Steur (advocaat en onder andere voormalig minister van Justitie)
gaf aan boekbanden voor zich te zien ‘met prikkeldraad, of brandvlekken, of
kogelgaten’ en daar kan ik me wel wat bij voorstellen.
Maar ik kies de ‘eenvoudige’ spitselband omdat die band ontwikkeld is
in de tijd waarin de tekst geschreven werd en een soort van
Nederlandse achtergrond heeft.

Een heel verhaal, maar dat geeft het boek een beetje een plaats
in de Nederlandse geschiedenis.

Naast de technische aspecten van het boekbinden, zijn er ook historische
aanleidingen die dit project extra betekenis geven. Eén noemde ik al:
het is 400 jaar geleden dat het boek verscheen.
Maar de actualiteit van 2025 (de Russische oorlog tegen Oekraïne,
de Amerikaanse agressie rond de Golf van Mexico en Groenland,
de wereldwijde handelsconflicten, de Chinese agressie richting Taiwan)
onderstreept het belang van dit werk van Hugo de Groot.
Dat verdient een mooie binding en die ga ik proberen te maken.