Gisteravond zag ik een gluurder voor mijn raam. Iemand een idee wie of wat dit is?
Gelukkig is hij vertrokken.
Afgelopen zondag was mijn eerste bezoek aan de Lakenhal in Leiden. Een prachtig gebouw met een heel interessante collectie. Het gebouw deed me een beetje denken aan het Plantijn Moretus in Antwerpen: mooie ruimtes die een beeld geven van hoe honderden jaren geleden deze ruimtes er uit zagen. Mooi behang, mooie statige ruimtes en kleine werklokalen.
Trompe-l’œil met brieven en andere zaken die met schrijven te maken hebben.
Ben alleen vergeten te noteren wie de makers van deze eerste twee werken zijn.
Ik zag er veel werken met boeken en zaken die zijdelings met boeken te maken hebben. Harmen Steenwijk, Vanitas Stilleven. Circa 1650. Olieverf op paneel.
Jan Lievens, Kop van een oude man, circa 1630, olieverf op paneel.
Dit is pas het begin.
Er gaan nog wel meer prachtige werken volgen.
Afgelopen week was het de geboortedag van Harry Mulisch.
Toevallig las ik dat op Twitter en ik ben al een tijdje bezig
de special die in 2010 verscheen in Vrij Nederland gereed
te maken om op te nemen in mijn blog.
De geboortedag is niet echt een goede reden, maar van mij
mag je altijd iets schrijven over Harry Mulisch of
iets van hem lezen. Dat is misschien nog beter.
Een tijdje geleden heb ik al mijn exemplaren van Vrij Nederland weggegooid. De omslagen heb ik bewaard. Deze omslag riep op tot verder onderzoek en het bleek dat we een speciale editie van de Republiek der Letteren was opgenomen met een aantal artikelen over Harry.
Vrij Nederland, 2010, nummer 44, 6 november 2010.
De volledige naam van dit deel in Vrij Nederland was Republiek der letteren en schone kunsten. Voor mij lang de reden om het abonnement van VN niet op te zeggen.
De editie van 6 november 2010 begon met een foto van het handschrift van de schrijver. Wat anders zou ik zeggen.
Het In Memoriam geschreven door Jeroen Vullings met illustraties door Siegfried Woldhek. Op 30 oktober van dat jaar was Harry Mulisch overleden.
De sectie in dat nummer van Vrij Nederland bevatte nog een paar artikelen. Die volgen binnenkort.
Op zondag neem ik meestal tijd op te lezen.
Dat begint in de ochtend met de krant.
De krant van afgelopen dagen, daar kan vorige week zaterdag
nog bijzitten. Zorgt voor een beetje afstand tot het ‘nieuws’.
Maar je leest of ziet dan ook minder serieuze zaken.
Zoals het Ikje uit de NRC van afgelopen week.
Het is vorige week al begonnen, het avontuur
met het drogen van bloemen. Kleine bloemen.
Eigenlijk moet ik me schamen want ik heb geen idee
hoe de bloemen heten. Maar mooi zijn ze wel.
Dan gaat het er om hoe ze te drogen.
Er zit nogal een verschil tussen de diverse soorten.
Woensdag bracht ik deze mee. Ik was het eigenlijk niet van plan maar vond ze de moeite waard. Droeg ze eerst in mijn hand maar dat was niet ideaal. Ik vond een vuile, verkreukte papieren tas maar dat was genoeg om ze thuis te krijgen. Het grote blad begon al te verwelken.
Misschien herken je het boek. Ik besprak het een tijdje terug. Het is een zwaar boek en de oogst van woensdag ligt eronder te drogen. In de boekenpers zitten de bloemen van afgelopen zondag.
De bloemen van woensdag liggen tussen kranten.
Het grote blad blijft in ieder geval mooi plat.
Dit is denk ik Duizendblad.
Deze hebben het moeilijk onder het boek. Zou het beter gaan met papiersnippers?
Dat kan beter denk ik. Vergelijk de gele kleur van de oogstfoto met de kleuren hier.
Vers uit de pers.
De pluizen wil je ook behouden maar dat zal niet gaan op deze manier.
Uit het essay van Erik-Jan Bos (pagina 45):
Geconfronteerd met een wereld waarin de meningen zwaar verdeeld zijn, ontwikkeld Descartes een methode om uit te maken of (objectieve) waarheid gevonden kan worden, … Hij stelt vier regels op.
Op de eerste plaats om niets voor waar aan te nemen waarvan je niet zelf de waarheid op evidente wijze inziet.
Ten tweede elk te onderzoeken probleem in zo veel stukken te verdelen als mogelijk en noodzakelijk.
Het is vervolgens, het beste te beginnen met de meest eenvoudige dingen te onderzoeken, om langzaam op te stijgen naar meer ingewikkelde zaken.
Ten slotte, maak een volledig en systematisch overzicht zodat je niets zult vergeten.
Uiteindelijk bestaat het werk van René Descartes uit 4 delen, de introductie waarin de methode om aan waarheidsvinding wordt beschreven en dan drie bewijsstukken. Dioptriek (daar waar dit boek open ligt) gaat over de breking van het licht wanneer het van medium verandert. Een uitvinding die eerder was gedaan door Willebrord Snellius. Die had op het moment dat Descartes zijn versie er van publiceerde zijn vinding nog niet publiek gemaakt. Meteoren verklaart de regenboog en Geometrie is een nieuwe discipline in de meetkunde.
René Descartes, Discours de la Méthode. Drukkerij: Johannes Maire, Leiden, 1637.
Frans van Schooten de jongere verzorgde de illustraties voor de ‘bewijsstukken’.
Naar de boekenkist gaan kijken in Slot Loevestein
was jarenlang een van de hoogtepunten van mijn zomervakantie.
Maar dan nu:
Voor Grotius (de Latijnse naam van Hugo de Groot) was het basisbeginsel van internationale betrekkingen het wederzijds bindende karakter van contracten en verdragen (pacta sunt servanda), dat de Nederlanders in staat stelde hun overeenkomsten met de plaatselijke bevolking voorrang te geven boven veronderstelde verplichtingen jegens de Portugezen als medechristenen.
Die contracten en verdragen waren dan niet altijd
volledig eerlijk tot stand gekomen. Maar toch.
Dus hoe de Paus de wereldzeeën ook verdeeld had tussen Spanje en Portugal,
de overeenkomsten tussen de Nederlanders en lokale heersers in
bijvoorbeeld de Molukken hadden meer impact, volgens Hugo de Groot.
Zijn beginselen vormen vandaag nog steeds de basis voor internationale
verdragen.
Boek nummer 2
Hugo Grotius (Hugo de Groot), Mare Liberum, uitgever was Lodewijk Elzevier, Leiden, 1609.
Het citaat is afkomstig uit ‘Boeken die geschiedenis schreven’,
dat onder redactie van Kasper van Ommen & Garrelt Verhoeven
tot stand kwam. Pagina 34. Het essay van Jan Waszink.
Kort geleden opende een bijzondere tentoonstelling in Leiden:
de 25 belangrijkste boeken die geschreven of uitgegeven zijn
in Leiden. Boeken met impact.
Over boek nummer 1 (het nummer zegt niets over het belang
van het boek) staan in de verzameling essays die bij
de tentoonstelling verscheen het volgende. Het is het meest
pakkend betoog voor een boek dat ik tot nu toe in de
bundel gelezen heb:
Wie weet dat het Engelse woord voor zeeatlas, waggoner, een verbastering is van de naam (Lucas Jansz) Waghenaer heeft weinig uitleg nodig om te beseffen hoe groot de invloed is geweest van het innovatieve werk van deze Enkhuizer zeeman.
Kasper van Ommen & Garrelt Verhoeven, Boeken die geschiedenis schreven.
Dit is dat boek. Lucas Jansz Waghenaer is de schrijver/samensteller, Joannes van Doetecum maakte de koperplaten voor de kaarten. De titel van het boek is Spieghel der Zeevaert en werd gedrukt door Christoffel Plantijn in Leiden, 1584 – 1585. Een A-team!
Detail van de kust van Portugal.
De zeedieren zijn altijd prachtig.
De kaarten tonen de kustlijn maar ook het profiel van de kust (zie bovenaan). Daarbij info over dieptes van water en ligging van geulen. Actueel en compleet. Reizen met een schip langs de kusten in Europa werd daardoor veiliger een eenvoudiger.
En dat was boek één.
Dit is de stam van de Vrijheidsboom die ontworpen is door Jennifer Tee. Het is een eerbetoon aan Artikel 1 van de grondwet. Dat artikel is nu nog actueler dan anders.
Het is een boom met veel takken, grote, kleine, dikke en dunnen, met bladeren en zonder, met vogels of met een eekhoorn. Dat is de kern van artikel 1.
Voor degene die de tekst van Artikel 1 niet (helemaal) kennen ligt vlak bij de Vrijheidsboom een plaquette die de tekst bevat.
Allen die zich in Nederland bevinden
worden in gelijke gevallen
gelijk behandeld
Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging,
politieke gezindheid, ras, geslacht
of op welke grond dan ook,
is niet toegestaan.
Artikel 1 van de Nederlandse Grondwet
Het Rijksmuseum in Amsterdam heeft een grote tentoonstelling
over lakwerk uit Japan.
De techniek om kleine voorwerpen als doosjes af te werken met
lakwerk ken je misschien ook uit China maar de Japanse traditie
mag er zijn.
Helaas is er bij de tentoonstelling geen naslagwerk verschenen.
Dat is jammer want het is een kunstvorm waarvan niet iedereen
meteen veel kennis heeft.
Mijn toelichtingen bevatten niet de correcte Japanse schrijfwijze. Met mijn toetsenbord zou dat niet meevallen om dat wel te realiseren. Yuasa Kagyo II, Dienblad ‘Gebruiken van de Keicho-periode’, Japan, 1947.
Alleen al om kennis te nemen van de elegante schrijfcultuur… Domoto Gosaburo, Schrijfdoos ‘Het genot van herfstplanten’, Japan, circa 1910 – 1925.
De tentoonstelling toont niet alleen voorwerpen maar geeft ook achtergrondinformatie. Al kan ik me niet aan de indruk onttrekken dat die informatie beknopt is. Het gesprenkelde beeld of Maki-e.
Hagino Shobei, Schrijfdoos ‘Waaier met een portret van Ariwara no Narihira, Japan, 1927.
Miki Hyoetsu II, Dienblad voor een wierrookbrander met een spiaalpatroon, Japan, circa 1930 – 1945.
Moriya Shotei, Papier- en schrijfdoos ‘Erwtenplanten’, Japan, 1930.
Otomaru Kodo, Schrijfdoos en papierplankje ‘Insecten’, Japan, 1928.
Volgens mij geeft de tentoonstelling geen beeld van de stand
van het ambacht vandaag in Japan.
Dat vind ik een gemiste kans.
Verder was het een mooie ervaring.
De afgelopen dagen, misschien heeft het met het weer te maken,
zie je onder andere rond het Valkenberg in Breda,
grote zwermen zwarte vogels.
Ze doen meteen denken aan ‘The Birds’ (Amerikaanse thriller/horrorfilm
uit 1963, geregisseerd door Alfred Hitchcock en gebaseerd
op een kort verhaal van Daphne du Maurier).
Ik geef meteen toe: de film was beter.
Vandaag was ik in Leiden.
Ik heb heel wat dingen gezien die met boeken te maken hebben
maar ik heb nu geen energie meer om daarover berichten
te maken.
Naast boeken dingen heb ik in het Pieterskwartier in een van
de hele smalle steegjes bloemen geplukt. Kleine bloemen.
Ze zijn in een notitieboekje naar Breda gekomen en nu
heb ik ze om te drogen in de boekenpers gelegd.
Lila in het notitieboekje.
Geel in het notitieboekje. Wat ik er mee ga doen als ze droog zijn weet ik nog niet. Eerst maar eens zien hoe ze drogen.
Pluizig in het notitieboekje.
Een stuk multiplex, een krant en dan voor iedere tak een stukje dikker papier. Nu de bloemen er tussen leggen en dan nog een krant er bovenop en het geheel gaat in de boekenpers, Niet hard aandraaien.
Pluizig.
Lila.
Geel. Ik weet eigenlijk niet wat voor bloemen het zijn. Ze zijn volgens mij veel voorkomend dus ik zou dat moeten kunnen uitvinden.
Bovenop een stuk karton en het is gereed voor de boekenpers.