De eerste twee foto’s zijn van gisteren.
De derde foto is van ruim een uur geleden.
Breda, Spanjaardsgat. De eerste pontons voor carnaval zijn gelegd.
Het Spanjaardsgat is bijna gedempt.
De tentoonstelling in het Huis van het Boek heeft als ondertitel
‘Over de opkomst van het gedrukte boek in Indonesië’.
In de reeks foto’s in dit bericht zie je daar weer allerlei
bewijzen van, ook van de krachten die het land liever
bleven onderdrukken.
Dat zie je al in de schoolboeken:
Balai poestaka tjeritera seekor koetjing jang tjerdik, Weltevreden, 1921. De Gelaarsde Kat.
JL Stegman, Militair Kookboek voor het Koninklijk Nederlandsch Indisch Leger, circa 1947.
JMJ Catenius van der Meijden, Groot nieuw volledig Oost-Indisch kookboek – 1381 recepten voor de volledige Indische Rijsttafel, Semarang, GCT Van Dorp & Co NV, 1942. Ik krijg meteen honger (dat mag je vast niet zeggen bij zo’n serieus onderwerp).
Folder van de Chinese Uitgeverij Sie Dhian, op handformaat, P&P Nederlandsch Indie, 19xx. Schitterend van kleur!
Prachtig schrift, met lood gezet. Lettergieterij Amsterdam voorheen N Tetterode, Nieuw Javaans gesneden door de Lettergieterij Amsterdam, 1909.
Fotoalbum Tetterode, 1919, Het interieur van Drukkerij Kolff in Batavia.
Never a dull moment.
Toen ik het museum bezocht had ik helemaal geen idee
wat ik daar zoal zou kunnen zien.
Maar de kamer van Savonarola was wel het laatste
waar ik aan gedacht had.
Eerder was ik in Ferrara, daar staat een standbeeld van
Savonarola. Maar kan er zo snel geen foto van vinden.
Savonarola is een vorloper van het protestantisme gezien.
Iemand die een uitgesproken mening had en die ook een
tijd wereldlijke macht had.
In het voormalige klooster zijn een aantal relieken te zien. Of die ook echt van hem geweest zijn is niet altijd met zekerheid te zeggen. Ze lijken wel uit die tijd te zijn.
Florence, Museo di San Marco, Baccio della Porta of Fra Bartolomeo, Portret of Savonarola, circa 1498, oil on wood.
Onbekende schilder / Francesco Rosselli (wellicht?), Savonarola’s execution in Piazza della Signoria, circa 1500, painting on wood.
Een bureau in de stijl van de tijd van Savonarola.
Een houten kruisbeeld. Ook uit die tijd maar niet in bezit geweest van Savonarola. Kijk nog eens goed naar de Calvarieberg waar het kruis in staat.
Deze foto’s zijn afkomstig van de tentoonstelling
‘Gordel van papier’ in het Huis van het Boek in
Den Haag. Ga kijken!
De Express, Algemeen Dagblad, Semarang, Electr. Drukkerij GA Kessing, 13 februari 1922. Ernest Douwes Dekker is een bekende naam. Hij is familie van Multatuli. Tjipto Mangoenkoesmo en Soewardi Soerjaningrat.
S. Goenawan, Semaoen, Bandoeng, Administratie ‘Pembatjaan Ra’jat’, 1923.
C. Snouck Hurgronje, De Atjehers, Batavia, Landsdrukkerij, 1893 – 1895.
Wat een ongelofelijk witte kinderen. Illustratie van WK Bruin.
Leesplankje bij Hoogeveen’s Leesmethode, illustraties van Cornelis Jetses, djati-hout met papier, circa 1930 – 1940.
In het Museo Nazionale di San Marco zijn de cellen te zien
van de geestelijken die in het gebouw woonden waar nu
het museum gevestigd is.
Een reeks voorbeelden.
Romeins soldaat doorsteekt de zijde van Christus. Eerder had ik nog nooit de stroompjes bloed gezien die van het kruis naar de Calvarieberg stromen. In Florence zag ik ze iedere keer.
Driekoningen en de Man van smarten.
De meeste cellen hadden wel een afbeelding.
De tuin van Getsemane.
Florence, Museo di San Marco, Fra Angelico, The Madonna of shadows of Madonna delle ombre, 1450, fresco.
Het laatste voorbeeld.
Nee, ik wandel echt niet altijd in het donker. Ik loop
heel regelmatig door het centrum van Breda in het daglicht of
zoals vandaag in de zon.
Dit was het Spanjaardsgat gistermiddag.
Dit was de Reigerstraat in Breda, vanmorgen om half elf.
De Trapkes en de Tolbrug.
De Verlengde Mark, opzij van de Trapkes.
De Waterstraat en de Grote Kerk. Het zal half een geweest zijn.
Vanwege het avontuur naar Amsterdam heb ik deze week
geen soep gemaakt voor het weekend.
Toen ik langs de groetenwinkel liep zag ik witte druiven liggen.
Het seizoen is niet meer maar de rode en witte druiven
die er lagen kwamen uit Zuid-Afrika.
Geen soep, dan maar druiven, dacht ik.
De verkoper vertelde me over de lekkere grote pruimen
die hij verkocht en ze waren inderdaad fors.
Dus heb ik die voor de foto eens naast een ei gelegd.
Het ei links is niet eens klein…..
Titelverklaring:
De pruimeboom
Eene vertelling
Jantje zag eens pruimen hangen,
O! als eijeren zo groot.
’t Scheen, dat Jantje wou gaan plukken,
Schoon zijn vader ’t hem verbood.
Hier is, zei hij, noch mijn vader,
Noch de tuinman, die het ziet:
Aan een boom, zo vol geladen,
mist men vijf zes pruimen niet.
Maar ik wil gehoorzaam wezen,
En niet plukken: ik loop heen.
Zou ik, om een hand vol pruimen,
Ongehoorzaam wezen? Neen.
Voord ging Jantje: maar zijn vader,
Die hem stil beluisterd had,
Kwam hem in het loopen tegen,
Voor aan op het middelpad.
Kom mijn Jantje! zei de vader,
Kom mijn kleine hartedief!
Nu zal ik u pruimen plukken;
Nu heeft vader Jantje lief.
Daarop ging Papa aan ’t schudden
Jantje raapte schielijk op;
Jantje kreeg zijn hoed vol pruimen,
En liep heen op een galop.
uit ‘Kleine gedigten voor kinderen’, 1778. Hieronymus van Alphen.
Met dank aan historiek.net en de KB.
Gisteren was ik in Amsterdam om de opera Agrippina te zien en horen.
Omdat ik daarvoor naar Amsterdam ging maakte ik van de gelegenheid
gebruik om de tentoonstelling ‘Oog in oog’ in het Allard Pierson te zien.
Het Allard Pierson heeft een fantastische collectie maar zit in
een gebouw dat niet echt geschikt is voor (grote, publieks-)
tentoonstellingen.
Het was er gisteren druk en dat betekent meteen dat mensen te
weinig ruimte hebben om de voorwerpen te bewonderen of
te bestuderen.
Maar als je een geweldige serie mummieportretten wilt zien
en daar niet half Europa voor door kunt/wilt reizen dan is het
Allard Pierson de plaats om dit voorjaar naar toe te gaan.
Dus maakte ik wat foto’s in Amsterdam. Van de opera mag je om
begrijpelijke redenen geen foto’s maken al moet ik zeggen dat de
voorstelling fotogeniek was. Een schijnbaar eenvoudig maar
prachtig decor en belichting, geweldige zangers in fantastische
kleding (top!) en een heel goed orkest.
Daar had ik heel wat foto’s van willen maken. Maar zonder
foto’s was het ook een geweldige ervaring.
Als je dan toch ergens mee moet beginnen dan net zo goed in de metro van Amsterdam.
Een beetje verstopt zit bij de ingang van het Allard Pierson een mooi hek uit 1901. Dit zit aan de rechterkant van de ingang. Of er aan de linkerkant eenzelfde hekwerk zit kon ik niet zien.
Klem tussen de deuren.
Als je net als ik niets weet van de historische Agrippina dan is de
volgende tekst misschien een beginpunt:
Julia Agrippina minor (6 november 15, Oppidum Ubiorum – 19-23 maart 59, Campanië), vanaf 50 Julia Augusta Agrippina genoemd (PIR2 I 641), beter bekend als Agrippina de Jongere of Agrippina minor, was een prominent lid van de Julisch-Claudische dynastie: ze was achtereenvolgens zus (van Caligula), echtgenote (van Claudius) én moeder (van Nero) van de princeps, de keizer van het Romeinse Rijk. Agrippina minor nam ook actief deel aan de dynastieke politiek en zou daarenboven politiek advies geven aan haar echtgenoot Claudius en haar zoon Nero.
Over haar dood:
Hoe Agrippina aan haar einde kwam is onzeker vanwege de historische tegenstrijdigheden in de bronnen, die bovendien anti-Nero zijn. Alle overgeleverde verhalen over de dood van Agrippina spreken zichzelf en elkaar tegen en zijn over het algemeen zeer fantasierijk.
Voor de opera is dit misschien een eerste inleiding:
Agrippina (HWV 6) is an opera seria in three acts by George Frideric Handel with a libretto by Cardinal Vincenzo Grimani. Composed for the 1709–10 Venice Carnevale season, the opera tells the story of Agrippina, the mother of Nero, as she plots the downfall of the Roman Emperor Claudius and the installation of her son as emperor. Grimani’s libretto, considered one of the best that Handel set, is an “anti-heroic satirical comedy”, full of topical political allusions. Some analysts believe that it reflects Grimani’s political and diplomatic rivalry with Pope Clement XI.
Bovenstaande teksten komen van Wikipedia.
“anti-heroic satirical comedy”, voor de Nationale Opera vooral een opera
die komisch is en waarbij de vrouwen de hoofdrol spelen.
Zij trekken aan de touwtjes waarbij ze gebruik maken van al hun kwaliteiten
maar een opera die minder vrolijk afloopt voor Agrippina.
Eerlijk gezegd past de afloop die bedacht is door Barrie Kosky beter
dan het origineel maar het is tegelijk ook wel 2024-moraliserend:
als manipulator trek je uiteindelijk aan het kortste eindje. Dat zou
je bij Putin voorlopig niet zeggen.
Maar het was nog te vroep voor de opera dus eerst Vietnamees gegeten.
Voorafgaand aan de drie en een half durende opera was een inleiding van een half uur. Dan kun je de grote zaal in.
Het Accademia Bizantina neemt plaats. Het is een barokopera en dat zie je aan de samenstelling van het orkest.
Het decor is een toneel op zichzelf dat meerdere vormen zal aannemen tijdens de voorstelling.
Dan is het zo weer 11 uur en kan de reis naar Breda beginnen. Mooie middag en avond en op de tentoonstelling ‘Oog in oog’ kom ik nog terug.

In de Michelozzo bibliotheek lag ook deze mooie missaal. Een missaal is het boek dat de voorganger (priester) gebruikt in een kerk om de mis uit te lezen. Het bevat vele vaste gebeden die van het kerkelijke jaar afhangen maar ook de lezingen uit de bijbel. Hier ligt het open bij een paginagrootte afbeelding van een kruisiging (let ook eens op het bloed dat van het kruis in het zand loopt). Er staan namen van twee schilders bij. In de marge aan de onderkant van de pagina is iets getekend en er zit een gat in het perkament. Florence, Museo di San Marco, Messale di San Pietro Mercato, Attr. to Francesco d’Antonio de Bartolomeo en Attr. to Battista di Biagio Sanguigni, C127V, Crosifissione, 1419 – 1426, parchment manuscript.
Vandaag keek ik nog eens goed naar de eerste letter op de tegenoverliggende pagina. Mooie kleuren. Lijkt haast wel abstract.
Dit is de ondermarge met een skelet en een gat.
In Museo di San Marco, een voormalig klooster, zijn ook nog cellen
(kleine slaapkamers van kloosterlingen) te zien. In een van die
cellen verbleef Savonarola.
Wikipedia:
Girolamo Savonarola (Ferrara, 21 september 1452 – Florence, 23 mei 1498) was een dominicaan en van 1494 tot 1498 heerser over de Florentijnse Republiek.
Savonarola wordt vaak, met de Bohemer Jan Hus en de Engelsman John Wycliffe, tot de voorlopers van de Hervorming en het protestantisme gerekend, maar Savonarola bleef trouw aan de rooms-katholieke geloofsleer. Hij stond bekend om zijn antirenaissancistische boetepreken, boekverbrandingen en de vernietiging van kunstwerken, bekend als vreugdevuur van de ijdelheden. Zijn acties luidden de tijdelijke ondergang van de Medici-familie in als machthebbers van Florence. Hij kwam in conflict met paus Alexander VI, wat uiteindelijk tot zijn dood op de brandstapel leidde.
In de tentoonstelling was een reeks etsen te zien waarop Savonarola
staat afgebeeld.
Romeyn de Hooghe, Historie der Kerken en Ketteren van den beginne des Nieuwen Testaments tot aan het jaar Onses Heeren 1688, Godfried Arnold, Amsterdam, 1701.
Tobias Stimmer, Elogia virorum literis illustrium, Basilea, 1577.
Galle Philips, Virorum doctorum de disciplinis benemerentium effigies, Antwerpen, 1572.
Francesco Bosa, controfrontespizio, P. Burlamacchi, La vita con alcuni scritti di Girolamo Savonarola arso in Firenze l’anno 1498, Venezia, 1829.
Giorgio Buttazzon, Ritratti, tavola XIV, fasc 56, Enciclopedia Italiana illustrata e dizionario Italiona della conversazione, Venezia, 1937. Savonarola is nummer 9 op deze pagina.
De tentoonstelling waarvan de foto’s zijn in dit bericht
is te bezoeken in het Huis van het Boek in Den Haag.
Heel erg de moeite waard.
De tentoonstelling volgt de ontwikkelingen in Indonesië
op het vlak van de drukpers.
Maar eerst waren er de handschriften: Gordel van papier, Batak pustaha, inkt op boombast, datering onbekend.
Deze boeken zijn zo intrigerend: beschreven lontar, datering en plaats onbekend. Object is nog in onderzoek.
Pennen.
Javaans verzamelhandschrift van ruim 60 soeloeks, circa 1860.
Joannes Willmet, Melchior Leydekker en Petrus van der Vorm, Novum Testamentum Malaïce, Joh. Enschedé, 1820.
Een mond vol. Novum Testamentum Malaïce: Cura et Sumtibus Societatis quae Bibliis per omnes gentes pervulgandis operamdat emendatius editum.
Moehammad Moessa en Raden Ongga Baya. Soendanees vertaald in Javaans, Landsdrukkerij, 1877.
De foto is zeker niet perfect. Nederlandsch-Indische prenten, Gambar-Gambar. Afbeeldingen gemaakt door Lithograaf GJ Bos, Batavia, Kolff, 1897.
Florence, Museo di San Marco, Attr to ‘Master of the Bosco ai frati psalters, psalter-hymnal, C27V, Initial D, God the Farther blessing, circa 1470 – 1475, parchment manuscript.
Attr. to Zanobi Strozzi, psalter-hymnal, C3R, Initial B, St. Francis receiving the stigmata, circa 1440, parchment manuscript.
Bovenste ruimte van de letter B:
Christus boven bergen in de kruishouding met gespreide armen.
Onderste ruimte van de letter B:
Sint Franciscus ontvangt de stigmata in handen en voeten.
Voor de feestdagen kocht ik een stapel stripboeken.
Een aantal van de boeken waren al te zien in eerdere
boeken. Vandaag een laatste bericht over de laatste
stripverhalen op de stapel.
Jean Ray, Harry Dickson, Mysteras. ‘The American Sherlock Holmes’ wordt deze stripdetective wel genoemd. Als je het boek leest is het niet moeilijke te raden waarom. Voor mij is een goede detective niet iemand die bij de ontknoping met een stoet aan nieuwe feiten komt. Dan kan het verhaal nog zo mooi getekend zijn en het verhaal nog zo spannend. Maar de ‘nieuwe feiten’-reeks voelt als bedrog. Dat is wel de indruk bij Mysteras waarin de tekeningen gaandeweg het verhaal minder sterk worden. Best leuk tijdverdrijf om te lezen, is mijn conclusie. Er is veel aandacht voor architectuur.
Chetville, Corbeyran, Gourdon (scriptschrijver, de rolverdeling tussen de drie heren is me niet duidelijk), De Meester Chocolatier, deel 3: De Plantage. Veel interessante gegevens over het maken van chocolade. Met plezier gelezen.
Het derde en laatste boek. Tibuce Oger, Indians, De zwarte schaduw van de blanke man. Een soort raamvertelling. Een lange periode van onderdrukking en misbruik door de blanke West-Europeanen wordt in beeld gebracht door een aaneen geregen verhaal. Iedere episode is getekend door iemand anders (16 tekenaars/schrijvers). De losse verhalen sluiten soms op elkaar aan doordat hoofdpersonen in meerdere verhalen voorkomen. Het eerste en laatste verhaal vormen samen 1 vertelling. In hoeverre het een correcte voorstelling van de volkeren en geschiedenis is, laat ik graag aan de lezer over.
Tekening en inkleuring: Dominique Bertail.
De keuze van de voorbeelden in dit bericht zijn min of meer toevallig. Vooral bedoeld om de verscheidenheid in stijl te benadrukken. Felix Meynet.
Corentin Rouge. Je begrijpt het al: Franse tekenaars/schrijvers.
De afwisseling in de verhalen is leuk. Bevalt een je niet dan begint twee pagina’s verder het volgende verhaal. Maar korte verhalen (drie of vier pagina’s) vraagt veel van de schrijftalenten. Nog al eens vraagt de structuur te veel van het schrijftalent.
Emmanuel Bazin. Mooi om het element van de Canadese actualiteit van kindertehuizen voor de Inuit in dit verhaal te verwerken.
‘Indians’ is spannend en heel afwisselend.
Het blijft wel ‘ons beeld’ van de geschiedenis.
In het Huis van het Boek is de tentoonstelling ‘Gordel van papier’
te zien. De titel is natuurlijk losjes gebaseerd op de naam
‘Gordel van smaragd’
Wikipedia:
Gordel van smaragd is een bijnaam van Nederlands-Indië die bedacht is door de 19e-eeuwse Nederlandse schrijver Eduard Douwes Dekker (“Multatuli”). Smaragd is een heldergroene edelsteen. De bijnaam verwijst naar de ligging en uitgestrektheid van de Indonesische archipel (als een gordel) en de schoonheid van de natuur in dat land (als smaragd).
Multatuli gebruikte de naam in het laatste hoofdstuk van zijn spraakmakende boek Max Havelaar (1859), dat eindigt met een aanklacht direct gericht aan koning Willem III:
“Want aan U draag ik mijn boek op, Willem den derden, Koning, Groothertog, Prins… meer dan Prins, Groothertog en Koning… KEIZER van ’t prachtig rijk van INSULINDE dat zich daar slingert om den evenaar, als een gordel van smaragd…”
De ondertitel van de tentoonstelling is ‘Over de opkomst van het
gedrukte boek in Indonesië’. Aan de tentoonstelling werkten mee
Lisa Kuitert en Eline Kortekaas.
Lisa Kuitert schreef het boek ‘Met een drukpers de oceaan over’ en
Eline Kortekaas doet op dit moment onderzoek naar die onderwerp.
Het is natuurlijk geen tentoonstelling met miniaturen of
exclusieve handschriften. Het is een tentoonstelling over het
ontstaan en de opstart van de grafische industrie (gericht op
vooral boeken) in koloniaal Indonesië.
Ik vond de tentoonstelling super interessant en ga er
een paar berichten over schrijven.
De folder van boekhandel W. Bruining & Co, Batavia, 1860.
Een hopelijk leesbaarder detail ervan.
De tentoonstelling heeft meerdere onverwachte zaken zoals dit boek: H. Beecher Stowe in een vertaling van P. Munnich, De negerhut of het leven der negerslaven in Amerika, Soerabaya, uitgever Fuhri, 1853 – 1885.
NN, Lakschmi Jaarboekje voor 1840, Batavia, Cyfveer en Knollaert, 1840.
De taal en de stijl van de tekst van het afgebeelde lied zorgen voor
optrekkende wenkbrauwen:
Geboortegrond! ach, hoor mijn laatste toonen mijn Vaderland! U
is dit lied gewijd. Mij dunkt, ik min veel meer dan al uw
zonen, de bakermat van mijnen bloementijd. ‘K heb aan uw boezem
’t leven ingezogen en buiten u min ik geen ander land! Vaarwel mijn
land! gij hebt mij opgetogen. U blijft mijn liefde, dierbaar Vaderland.
Hieronder een voorbeeld hoe je als boekhandelaar jezelf voorstelt:
Hopelijk beter leesbaar detail van Aankondiging boekhandelaar P. van der Meer, 1834.
W.J.C. de Senerpont Domis, Hollandsch en Javaansch Woordenboekje, behelzende de woorden die in de dagelijksche verkeering het meeste te pas komen, Semarang, Tjokro die Wirio, 1827.
De stempel is van de Koninklijke Academie te Delft.
Nog een verrassing. Iets dergelijks had ik niet eerder gezien. Buginees manuscript van La Galigo (zoek eens op internet op), Lontar palmblad op rol. Datering onbekend.
Verder op in de tentoonstelling ligt het boekje dat in
de aankondiging van de tentoonstelling op internet wprdt
gebruikt.
De omslagafbeelding van een kinderboek.
Daar sluit ik dit eerste bericht mee af:
Mas Badjing, Dunia Buku, Djakarta, Surabaia, Penerbitan dan balai buku Indonesia, 195x.