Let op het boek

DSC04413FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaDomenicoGhirlandaioFrscoSeriesScenesFromTheLifeOfTheVirginStJoachimIsDrivenFromTheTemple1485-1490

De fresco’s zijn overweldigend. ‘Perspectief’ is ontdekt als techniek bij het tekenen en schilderen, en dat zullen we weten ook. Florence, Basilica di Santa Maria Novella, Domenico Ghirlandaio. Fresco serie ‘Scenes from the life of the Virgin, 1485 – 1490.


DSC04416FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaDomenicoGhirlandaioFrscoSeriesScenesFromTheLifeOfTheVirginStJoachimIsDrivenFromTheTemple1485-1490

Domenico Ghirlandaio. Fresco serie ‘Scenes from the life of the Virgin: St Joachim is driven from the Temple, 1485 – 1490.


DSC04418FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaWoodenChoirDesignGiorgioVasariBuiltByGiovanniGargiolliInlaidBackrestBaccioDAgnolo

In een eerder bericht stond deze bank ook al. Toegegeven, ik liep er rond als een kind in een snoepwinkel. Je weet niet waar je moet kijken. Overal schitterende kunstwerken, vooral uit de renaissance. Wooden choir bench, design Giorgio Vasari, built by Giovanni Gargiolli, inlaid backrest Baccio d’Agnolo.


DSC04417FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaWoodenChoirDesignGiorgioVasariBuiltByGiovanniGargiolliInlaidBackrestBaccioDAgnolo

Giorgio Vasari, Giovanni Gargiolli en Baccio d’Agnolo.


DSC04420FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovella

Basilica di Santa Maria Novella.


DSC04422FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaGiorgioVasariResurrectionOfChristWStCosmoStDamianoStJohnTheBaptistStAndrew1568

Basilica di Santa Maria Novella, Giorgio Vasari, Resurrection of Christ with St Cosmo, St Damiano, St John The Baptist and St Andrew. 1568.


DSC04424FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaGiorgioVasariResurrectionOfChristWStCosmoStDamianoStJohnTheBaptistStAndrew1568HetBoek

Dit is het boek. Giorgio Vasari, Resurrection of Christ with St Cosmo, St Damiano, St John The Baptist and St Andrew. 1568.


DSC04425FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaTommasoGuidiDettoMasaccioTrinità1424=1425

Dit vind ik een heel typische afbeelding. Sterk qua symboliek en heel specifiek voor het Christelijk geloof: God de vader die de gekruisigde Christus ‘draagt’. Florence, Basilica di Santa Maria Novella, Tommaso Guidi ook wel Masaccio genoemd, Trinità, 1424 – 1425.

DSC04426FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaTommasoGuidiDettoMasaccioTrinità1424=1425

‘Trinità’ is in het Nederlands ‘De Heilige Drie-eenheid’. Er is een heel interessant Wikipedia-artikel (dat ook in het Nederlands beschikbaar is) over dit werk. Dat kun je hier vinden.


Who is who in de renaissance

Toen ik naar Florence ging had ik er geen onderzoek
naar gedaan.
Ik was het boek ‘De boekhandelaar van Florence’,
geschreven door Ross King, aan het lezen.
Ik had wel een reisgids gekocht maar er nauwelijks
iets van gelezen. Zelfs nauwelijks naar de plaatjes
gekeken.
Eén keer eerder was ik in Florence. Met eigen auto, één dag.

Dan loop je de Basilica di Santa Maria Novella binnen.
Een ongelofelijke verzameling kunst in een kerk- en
kloostercomplex. On-voor-stel-baar.

Meteen zie je iets dat je nog nooit gezien hebt (of
je nog nooit eerder was opgevallen).
De komende 10 dagen ga je het nog regelmaig zien.

DSC04386FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovella

Florence, Basilica di Santa Maria Novella.


DSC04393FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaGiottoCrucifix

Deze voorstelling (dit deel van deze voorstelling) was me niet eerder opgevallen. Dit is het voetstuk van een kruisbeeld. Geschilderd door Giotto. Je ziet een schedel onder/voor een hoop stenen. Golgotha, schedelplaats. De plaats van de kruisiging van Christus. Dat had ik al wel eerder gezien maar het bloed dat uit de wonden die de kruisiging veroorzaakt, die stroom bloed had ik eerder niet gezien. Het zou niet bij 1 voorstelling hiervan blijven in Florence.


DSC04388FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovella

De ingang verliep via een tuin rechts van de kerk.


DSC04390FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovella

Dat gaf me tijd om de achterkant van de gevel van de kerk eens te bekijken. Je ziet hier goed dar de vorm van het gebouw en de vorm van de gevel verschillen. Dat komt vandaag nog steeds voor en in Nederland kennen we dat van de grachten in Amsterdam.


DSC04391FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovella

Nog een thema van deze vakantie. Ik zal nog veel leeuwen tegenkomen, op schilderijen of als beeld.


DSC04392FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovella

Een eerste indruk bij binnenkomst.


DSC04394FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaGiottoCrucifix1288-1289

Basilica di Santa Maria Novella, Giotto, Crucifix, 1288 – 1289.


IMG_9224FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaGiottoAmbrogioBondoneCrucifix1288-1289

Hetzelfde kruisbeeld, maar dan vanaf een prentbriefkaart.


IMG_9222FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaGiottoDetailVanDeMadonnaVanDeCrucifix

Dit is de afbeelding van Maria zoals te zien is op dezelfde kruisiging van Giotto, de afbeelding links. De houding van het hoofd en het gezicht wijzen op Giotto.


DSC04395FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaMadonnaDelRosario1938

Dit complex is niet alleen een Who is who maar ook een tijdscapsule. De crucifix wasvan net voor 1300, deze Italiaanse voorstelling – Madonna del Rosario – is uit 1938. Van 600 jaar later.


DSC04400FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaTombOfTediceAliottiDeVisdominiBishopOfFiesoleC1336-1350

Tomb of Tedice Aliotti de Visdomini, bishop of Fiesole. Circa 1336 – 1350.


DSC04401FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaGiorgioVasariMadonnaOTheRosary1569

Vooral bekend van zijn boek Vite. Dit boek is nog steeds een van de belangrijkste biografische bronnen van renaissancekunst voor kunsthistorici: Giorgio Vasari, Madonna of the Rosary, 1569. Een enorm groot werk.


DSC04403FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaFilippinoLippiCappellaStrozziJohannusWektDrusianaOpInEfeze1487-1502

Dan de fresco’s. Filippino Lippi, Cappella Strozzi, Johannes wekt Drusiana op in Efeze, 1487 – 1502.


IMG_9226FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaFilippinoLippiCappellaStrozziJohannusWektDrusianaOp1487-1502

Van de briefkaart.


DSC04404FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaDuccioDiBuoninsegnaChristEnthronedBetweenTwoAngelsCa1285

Overal waar je kijkt, iedere vierkante centimeter. De ene meester na de andere. Duccio di Buoninsegna, Christ enthroned between two angels. Circa 1285.


DSC04407FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaFilippinoLippiCappellaStrozziAdam1487-1502

Filippino Lippi, Cappella Strozzi, Adam, 1487 – 1502.


DSC04408FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaDomenicoGhirlandaioAndWorkshopAnAngelAppearsToZachariasInTheTemple1485-1490

Domenico Ghirlandaio aand workshop, An angel appears to Zacharias in the temple, 1485 – 1490.


DSC04411FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaWoodenChoirDesignGiorgioVasariBuiltByGiovanniGargiolliInlaidBackrestBaccioDAgnolo

Je mag er niet gaan zitten maar daar ben ik nu wel aan toe. Houten bank; ontwerp Giorgio Vasari, gebouwd door Giovanni Gargiolli, inlegwerk in de ruggen door Baccio d’Agnolo.


DSC04410FlorenceBasilicaDiSantaMariaNovellaWoodenChoirDesignGiorgioVasariBuiltByGiovanniGargiolliInlaidBackrestBaccioDAgnolo

Ontwerp Giorgio Vasari, gebouwd door Giovanni Gargiolli, inlegwerk in de ruggen door Baccio d’Agnolo.


Sigismondo d’India

Op dit moment luister ik naar uitvoeringen van muziek van
Sigismondo d’India.
Wat een naam.
Als je zo’n achternaam hebt verdien je automatisch mijn aandacht:
d’India.
Maar waar die naam vandaan komt?

Blijkt een Italiaanse componist te zijn uit de tijd van
Claudio Monteverdi.
Eerlijk gezegd niet zo mijn muziek.
Maar zo’n achternaam!
De man leefde van ongeveer 1582 en hij overleed
in ieder geval voor 19 april 1629.
Dus late Renaissance en vroege Barok.
Dit en andere wijsheid kun je hier vinden.

Deze componist en de muziek uitgevoerd door
Mariana Flores, Julie Roset en het Cappella Mediterranea
o.l.v. Leonardo García Alarcón, kwam ik tegen
in een nieuwsbrief van NPO Radio 4:
Zo mooi is klassiek.

De kunst van het reizen

JanEngelmanDeKunstVanHetReizen-NietVeelZaaksInRomeDeTijd19530829VanWeekTotWeek02ArtikelBovensteHelft

De Tijd van Zaterdag 29 augustus 1953. Uit de serie ‘Van week tot week’ door Jan Engelman: De kunst van het reizen – Niet veel zaaks in Rome. Een recensie van het boek van Hella S. Haasse: Klein reismozaïek. Italiaanse impressies. Het Wereldvenster, 1953.


Ik heb geprobeerd het artikel in te scannen en het dan
zo leesbaar mogelijk te maken.

JanEngelmanDeKunstVanHetReizen-NietVeelZaaksInRomeDeTijd19530829VanWeekTotWeek01Kop01
JanEngelmanDeKunstVanHetReizen-NietVeelZaaksInRomeDeTijd19530829VanWeekTotWeek01Kop02

JanEngelmanDeKunstVanHetReizen-NietVeelZaaksInRomeDeTijd19530829VanWeekTotWeek01Kolom01

Zoals eerder neem ik nu ook weer de hele tekst van het artikel op
zodat het goed doorzoekbaar wordt.

De postkoets
Reizen naar het buitenland worden tegenwoordig met groot gemak ondernomen, snel volbracht en met vlotheid ingelijfd bij de herinneringen.
voor de reispenningen maakt men een potje en de reisgenoot is meestal door en door bekend, dus aan die kant zijn er geen moeilijkheden.
Struikrovers komen alleen nog in romantische opera’s voor, al schijnt er enige neiging te zijn tot wederinvoering van het instituut, het paspoort verleent legitimatie en beveiliging in “all the countries of the world”, men heeft zelf alleen te letten op zakkenrollers, lieden die het op uw auto of valies voorzien hebben en de gewone pogingen tot afzetterij, die in Nederland even frequent zijn als in Napels.

Wat let u dus verfrissing , ontwikkeling en verruiming van de blik te zoeken, door de foldertjes der reisbureaux zo ruimschoots beloofd?
Ieder jaar een ander land!
Zó zit men in de Goudsbloemdwarsstraat op het duivenplat in de motregen en twee dagen later bakt men bruin op een strandje van Mallorca.
Honkvast is alleen nog Godfried Bomans, die is van het Spaarne en Brinkmann niet weg te slaan.

Een speciale categorie van reizigers wordt gevormd door de “culturelen”, dat zijn de mensen die in de gaten hebben, dat een cocktail, volgens internationaal recept bereid, in het Victoriahotel in Amsterdam precies eender smaakt als bij Danieli te Venetië of het Waldorf-Astoriahotel te New York.
Zij willen niet, als de Amerikanen, het Prado “doen” in drie kwartier en zij laten zich niet “cooken”.
Zij zoeken zelf, zo goed en zo kwaad als het gaat, en zij hebben het land aan de Baedeker met zijn onaantastbaarheden.
De primus bij deze improviserenden is voor lange tijd Bertus Aafjes, die zijn reis te voet heeft volbracht, nog een weinig

JanEngelmanDeKunstVanHetReizen-NietVeelZaaksInRomeDeTijd19530829VanWeekTotWeek01Kolom02

in de stijl van de middeleeuwers, die naar Sint Jacob van Compostella togen, n’en déplaise (geen aanstoot) de kwaadsprekerij van enig zijner geloofsgenoten, toen hij eenmaal terug was en van zijn ervaringen in dichtmaat verslag had gedaan.

Tot die z.g. culturele reizigers mag men ook grif rekenen Hella S. Haasse, die het vorig jaar met haar man en zijn Renault naar Italië is geweest en daarover causerietjes voor de radio heeft gehouden, die zij thans verenigd heeft in een door “Het Wereldvenster” uitgegeven boekje 1).
Zij is echter niet zo maar een cultureel reizigster, die voor haar genot reist, uit nieuwsgierigheid of “uit verlangen een lang in gedachten gekoesterd beeld te toetsen aan de onberekenbare en daarom altijd boeiende werkelijkheid”, zoals zij het uitdrukt.
Tot deze genotzieken behoorde, als ik me goed herinner, Louis Couperus.
Hoe bestaat het, dat wij zijn stukjes over futiliteiten, in het buitenland gezien en beleefd, nooit meer vergeten.

Hella S. Haasse heeft diepere bedoelingen gehad, voor haar is reizen het “ik”, het “wij” verplaatsen “in vreemde werelden, om tegen een altijd wisselende achtergrond, in onvoorziene omstandigheden, temidden van mensen, dingen en landschappen, die hun eigen-aardigheid niet op de eerste blik prijsgeven, dat “ik”, dat “wij” te zien in nieuwe scherper reliëf…”
Door middel van het a n d e r e wil zij bereiken een reek van confrontaties met het e i g e n e, dat steeds ervaren wordt als de zwaarste, meest omvangrijke, nooit en nergens achter te laten bagage….
Dat is dus niet gering, het doet haast denken aan hetgeen Thomas á Kempis heeft gezegd over het feit, dat men, waar men ook heen tijgt, altijd zichzelf meeneemt.
De schrijfster meent niet volledig te zijn, als zij die “instelling”, zo drukt zij zich uit, niet bekent.
Verwacht wacht echter niet, dat men over die bagage verder wordt ingelicht.
Zij waarschuwt ons: van dat “grottenonderzoek” zal verder geen sprake zijn.

Omdat ik aan dit artikel begon ben ik op internet gaan zoeken
naar genoemd boek en dat heb ik gevonden.

HellaSHaasseKleineReismozaiekItaliaanseImpressiesHetWereldvenster1953-01Band

Hella S. Haasse, Klein reismozaïek. Italiaanse impressies. Het Wereldvenster, 1953. niet de meest spannende boekomslag. Maar wacht even. Hoe zit het er aan de binnenkant uit?


HellaSHaasseKleineReismozaiekItaliaanseImpressiesHetWereldvenster1953-02SchutbladISpreekmeester

Dat is al veel beter. Het schutblad is misschien zelfs wel speciaal voor dit boek gemaakt door I. Spreekmeester. De tekenaar tekent een druk toeristisch en cultureel Italië.


HellaSHaasseKleineReismozaiekItaliaanseImpressiesHetWereldvenster1953-03Titelblad

Dit is het titelblad van mijn exemplaar van Klein reismozaïek.


Maar de rest van het artikel?
Dat volgt hier.

JanEngelmanDeKunstVanHetReizen-NietVeelZaaksInRomeDeTijd19530829VanWeekTotWeek01Kolom03TekstBoven

Wat er bij het reisje aan diepten is blootgelegd, het wordt ons onthouden.
In de plaats daarvan wil zij ons geven “enkele spiegelbeelden van een werkelijkheid, die ik kon zien, ruiken, betasten, zonder veel dieper door te dringen dan de oppervlakte”.
Inderdaad, dat heeft zij verricht.
Een zekere teleurstelling maakt zich meester van de lezer van haar voorwoordje, na die bekentenis.
Maar waarom eigenlijk?
Hij zou het met dat zien, ruiken en betasten best kunnen stellen, wanneer het maar met de nodige intensiteit was geschied.
De lezer denkt weer aan Couperus en zijn gekeuvel over de rijtuigjes in Rome.
Aan Aafjes op de rommelmarkt.
Maar niets daarvan!
Zij heeft vergeefs gezocht naar het grootste monument van cultuur, waarover de Baedeker de Eeuwige Stad pleegt te houden.

 

“De werkelijkheid is anders.
In die huizenzee op de zeven heuvels, in dat doolhof van straten, pleinen en stegen moet men vaal moeizaam zoeken naar de beroemde gebouwen, gedenktekens en ruïnes, die in onze verbeelding, gevoed door indrukken van lezen en platen kijken, al een eigen imposante gestalte gekregen hadden.
De levende, hedendaagse stad eist alle aandacht op.
Men komt tot de ontdekking, dat het Rome van de Baedeker en van kunstgeschiedenis niet bestaat.
Dat is een fata morgana, een schijnstad die alleen kunstmatig gehandhaafd wordt naast het Rome van 1952.
Nergens in Italië beseft men zo goed als in Rome, dat de antieke Latijnse wereld en ook de in Italië tot rijping gekomen renaissance-wereld even onherroepelijk verdwenen zijn als Atlantis”.

JanEngelmanDeKunstVanHetReizen-NietVeelZaaksInRomeDeTijd19530829VanWeekTotWeek01Kolom03Foto

JanEngelmanDeKunstVanHetReizen-NietVeelZaaksInRomeDeTijd19530829VanWeekTotWeek01Kolom03TekstOnder

Dat lijkt mij een ernstige visie.
Het was tevens vreselijk warm in Rome, overdag tussen 32 en 37 graden en de Renault had grote moeite om tussen al die Lambretta’s en Vespa’s door te komen.
De fonteinen spoten niet, de bekoringen van het lustoord Tivoli bleven verborgen, bij de Villa d’Este was de entreeprijs te hoog.
Neen, het was niet veel gedaan, daar in die wijd vermaarde stad.
En tijd om tot September of October te wachten had men niet.
San Gimigniano moest nog gedaan worden, en Siena en Florence en een stukje van de Italiaanse Riviera, zij het cultureel en met verborgen grottenonderzoek.
Geen wonder dar al die pracht en praal van de barok toen niet meer leven wilde en dat Hella S. Haasse de Sint-Pieter maar een basiliek van pompeuze lelijkheid vond en alles erg profaan.
Zij deed wat volksstammen uit het Noorden hebben gedaan, die gaarne koeien met paarden of noten met perziken vergelijken, zij concludeerde dat de majesteitelijke rust van de kathedraal van Reims toch maar heel wat anders is en liet de koepel van Michelangelo en de getordeerde (=gedraaide) zuilen van Bernini voor wat zij zijn, een soort van verdacht theater, waarvan de “vergulde en bont gekleurde vormen niet meer corresponderen met het bestaansbewustzijn buiten de Bronzen Deuren”.
Ja, wat zal men daaraan doen?
Men beziet, beruikt en betast de dingen met de gretigheid van Couperus en Aafjes of men doet het wat gematigder.
Een feit is echter, dat de reisimpressies van de schrijfster geen flauw idee geven van de ziel en van de schoonheid van Italië, dat zij niet bemerkt heeft dat ook de ruïnes er nog levend en bewoond zijn, dat naast de luxe-badplaats Ostia fantastische opgravingen liggen en dat het onzin is om op de Janiculus te klimmen zonder het goddelijke tempeltje van Bramante op te merken.
Wat zij geeft is een reisverslag zonder kraak of smaak, dat haar doot legers van journalisten zonder pretenties verbeterd zal worden.
Hier en daar onderbreekt zij het om een stukje geschiedkundige compilatie in te lassen, korte levensbeschrijvingen van Bernardo Occhino, Da Vinci of Macchiavelli.
Maar alles geschiedt met een gebrek aan geestdrift en scherpte van blik, dat in geen verhouding staat tot de grootse uitingen van de menselijke geest waaraan zij zich waagt.
Kenmerkend daarvoor is haar schets van “de” Renaissance-mens.

Hella S. Haasse heeft zichzelf een beetje te veel meegenomen, toen zij op reis ging.
Zij had haar “ik” en haar “wij” eens moeten vergeten.
Heus, de Baedeker is een voortreffelijk boek.
Wanneer men gezien heeft wat er in staat, heeft men ongelofelijke schatten genoten, als het tenminste met dat zien, ruiken en betasten in orde is.
En wil men de Baedeker niet, neem dan het oude, mijnentwege verouderde, maar nog altijd voorbeeldige Italiaanse reisboek van Goethe ter hand, waar men lezen kan: “Sinds de dag dat ik Rome betrad, beschouw ik mij als voor de tweede maal geboren: een ware wedergeboorte heeft met mij plaatsgehad!”
Goethe begreep, dat men in een land als Italië op reis zijnde, alvorens een oordeel te kunnen uitspreken, alles bijeen moet zamelen, “uit een onmetelijke, ofschoon buitengewoon rijke hoeveelheid overblijfselen.”
Het is weinig vreemdelingen werkelijk ernst, iets grondig in zich op te nemen en te bestuderen, zo vervolgt hij.
Zij volgen slechts hun grillen en hun eigenwaan.
Misschien was de postkoets toch een cultureler vervoermiddel dan de Renault.

1) Hella S. Haasse: “Klein reismozaïek”, Italiaanse impressies.
Baarn, Het Wereldvenster, 1953.

Zelf heb ik het boek van Haasse nog niet gelezen.
Als we later dit jaar naar Italië op vakantie gaan,
met de nadruk op ‘Als’, dan zal ik het zeker meenemen en lezen.