5 mei: de gasten verlaten het Kasteelplein

Okay, een bijna laatste blog over 5 mei.
Je zult moeten toegeven dat het Kasteelplein
behoorlijk op zijn kop stond.
In de positieve betekenis natuurlijk.
Maar de ceremonie was voorbij en veel mensen gingen naar de lunch
terwijl anderen juist op weg waren naar het stadscentrum van Breda.
Nog een paar foto’s.

Het optreden van Guus Meeuwis loopt ten einde.


Via de brug naar het kasteel en de Stadhouderspoort gingen de genodigden naar hun middagmaal (?).


De reuzen worden ontkleed….


….en een kopje kleiner gemaakt


Een laatste blik op de reuzen.


Vrijwel gelijk na het einde van het optreden ging men aan het werk het podium om te boyuwen voor het avondoptreden.


Veel mensen gingen via het Valkenberg naar huis terwijl anden vanaf het station, via het park naar de binnenstad onderweg zijn.


Vredesvuur voor de KMA.


Rood, wit, blauw.


Inpakken en wegwezen.


Oude vliegtuigen brengen later op de middag nog een saluut aan Breda.


Een formatie oude vliegtuigen net voor ze achter de Grote Kerk verdwijnen.


Vredesvuur

Met alle drukte zou je het bijna vergeten maar hier ging het allemaal om. Het vuur, hier te zien op het 5 mei-podium op het Kasteelplein in Breda voor de KMA, het symbool voor de vrede. Het symbool voor het in vrede samenleven met andere mensen. Voor mensen in Nederland en daarbuiten. Het symbool dat we moeten doorgeven.


5 Mei: vredesvuur, Mark Rutte en Guus Meeuwis

Zonder vrijheid geen cultuur.


Ook sommige van de cadetten keken op 5 mei toe vanuit hun flat. De meeste waren ingezet in de bewaking van het evenement.


Willem-Alexander en Gauck bij het Wilhelmus tussen de gasten.


Kroonprins Willem-Alexander en de Duitse Bondspresident Gauck bij het Wilhelmus tussen de gasten.


In de Cingelstraat verschenen twee auto’s, een van het koninklijk huis. Achteraf bleek het om een plan-B te gaan. De gasten gingen niet direct naar de auto’s maar te voet het kasteel binnen.


Het was een hele drukte op het Kasteelplein, zo tussen de KMA en het Valkenberg. Er werd een film vertoond met twee mensen die uit eigen ervaring konden vertellen over bevrijding en vrijheid. Mark Rutte interviewden de twee nog live op het podium.


Het vredesvuur. Premier Mark Rutte ging het ontsteken.





Toen volgden de balonnen.



.


Daarna kon het feest beginnen met Guus Meeuwis: Brabant.


Alle Reuzen stonden nog op een rij.


Dat terwijl Guus Meeuwis doorging met zingen.


Terwijl ik stond te kijken bij de auto’s, wat later plan-B bleek te zijn, vertrokken de gasten naar het kasteel van Breda.


Guus Meeuwis was intussen niet te stuiten.


Toen ging het regenen

Het ging regenen. Daar kwamen nog een aantal NAC-spelertjes (?) die als extra erehaag gaan fungeren.


In de regen en kou ga je de omgeving maar eens verkennen. Zie de erehaag gevormd door de cadetten van de KMA.


Voor het podium wordt de erehaag versterkt met de NAC-spelertjes.


Een groot deel van het Kasteelplein blijft zo vrij voor de gasten.


Cadetten vormen de afscheiding naar de Cingelstraat.


Op het Kasteelplein zijn de cadetten een flink stuk naar achter gestuurd. Een lesje crowd management voor beginners krijgen we deze middag.


De Reuzen vermaken het publiek.


Met het weer hebben we op bevrijdingsdag geen geluk.



Ik heb inmiddels wel gezien dat de reuzen namen hebben maar ben vergeten hoe dit kereltje heet.



De begeleiders van de reuzen die af en toe een lied inzetten.


Nog een laatse blik op het podium voor de stoet begint.


De eerste deelnemers van de stoet.


Nog meer reuzen in Breda

De reuzen op het Kasteelplein in Breda.


De verrassing achter het 5 mei-podium.


Zo tegen 10 uur in de ochtend is het Kasteelplein nog steeds vrij begaanbaar.


De gasten komen met hun auto’s binnen via de achterkant van de Grote Kerk en de iets minder hoge gasten komen te voet.


Wat zou je allemaal moeten doen voor zulke rijen blik?.


De plaats van de officiele ontvangst. Hoek Torenstraat / Reigerstraat / Havermarkt.


Een voor een komen de gasten over de Hoge Brug en overal politie.


Het stadserf is afgesloten.


De Torenstraat is afgesloten ter hoogte van het Kerkplein.


De Grote Markt, afgesloten ter hoogte van het Stadhuis.


De Udenhoutse Broeder.


In volle vrijheid.


De organisatiegraad neemt toe op het Kasteelplein.


Voorbereidingen voor 5 mei in Breda

Dit was het beeld vanochtend rond 07:00 uur op het Kasteelplein in Breda.


Het Kasteel van Breda (KMA).


De voormalige Hogere Burger School in Breda. Die kleine ruimte voor het gebouw staat er normaal natuurlijk niet


Koninginnedag in Breda

Het carillon kan ik er niet bij laten horen helaas. Het weer is veel beter dan verwacht.


Kasteelplein vandaag.


Met hetzelfde ruiterstandbeeld als die te zien was in mijn vorige log.


Typische mannenhobby.


Er wordt wat afgeverfd.


Het was erg druk op de vrijmarkt in het Valkenberg.


Hier werd gegooid met boterhammen met slagroom.


Hier waren het eieren.


Dit zijn de boeken die ik gekocht heb. Ben maar even terug naar huis gegaan. Ze zijn een beetje zwaar.


Met grof geschut.



Steeds maar drukker.


Een koninklijke lunch om de ochtend af te ronden.


Straatvoetbal in Breda – Kasteelplein

Met een grote inbreng van NAC,
wordt er vandaag een straatvoetbaltoernooi gehouden
op het Kasteelplein in Breda.

Al vroeg wordt er begonnen met de voorbereidingen.
Zo zijn er overal in de binnenstad balonnen te zien
van onze eredivisieploeg.

De kleuren van NAC steken fel af tegen de achtergrond van het Kasteel van Breda
en het afwisselend zonnige en regenachtige weer.
De eerste voetballers verdringen zich al rond de organisatiestand.

Webschrijfsel: Niervaart processie in Breda

Donderdagavond was ik even in de binnenstad van Breda.
Kwam daar de Niervaart processie langs.
Gauw wat foto’s gemaakt met de telefoon.


De Niervaart processie komt vanuit de Catharinastraat het Kasteelplein op.


De telefoon laat me soms in de steek.


Gilde St. Joris uit Rijsbergen.


De schutters zijn behangen met zilver.


Het gilde in de Cingelstraat.


Mooie eenvoudige staf. Is dat een Mariabeeldje? Op de achtergrond het Kasteel van Breda.


Plechtstatig onder de bomen in de Cingelstraat.


Laatste lid van het Gilde van het Heilig Sacrament van Niervaart (links, die Gilde vanden heilighen ghebenediden Sacramente van miraculen en vande Nyeuwervaert) gevolgd door onder andere de bisschop van Breda (op een persoon na helemaal rechts).


Zo ging het er rond 1530 – 1540 aan toe in Breda bij de processie. Hier een deel van het Retabel van Niervaart dat in de Grote Kerk van Breda te zien is. De straat die hier geschildert is heet Vismarktstraat en is geschilderd vanuit het centrum naar de haven toe.


Logo van het Gilde van het heilig sacrament van Niervaart.


Terug in 2011. Vanuit de Cingelstraat de Schoolstraat in. Al vendelzwaaiend.


 

Het Kasteel van Breda / KMA

Tijdens de rondleiding over het KMA-terrein kon ik heel wat foto’s maken
van het Kasteel van Breda.
Op een kopergravure die afgebeeld staat in
“Beschyving der Stadt en Lande van Breda” van Thomas Ernst van Goor
uit 1744, wordt het kasteel als volgt afgebeeld:

Thomas Ernst van Goor, Beschyving der Stadt en Lande van Breda.

De titel bij de plaat is: “Het hof der Princen van Oranje te Breda”.


Zo zag het er vanochtend uit: 30/04/2009.



Het zal wel traditie zijn: namen in de poort van het kasteel.


Op de medaillons kom ik later nog terug.


Borstbeeld van Eisenhouwer.


Links.


Toren rechts.


Drie torens op rij.


Dit is de plaats waarvan de archeologen vermoeden dat het de plaats is waar het turfschip in 1590 het kasteel binnenkwam.

De vos bovenop het monument vertegenwoordigt de sluwheid.


Door Bergen’s loozen zin, en Heraugiere’s beleid, werd deze Nassau-veste, van het Spanse juk bevrijd.


Terug naar het renaissancepaleis van Mencia de Mendoza en Graaf Hendrik III.



Sporen van het renaissancepaleis in de muren.


Naast een kasteel ook groen en water en muren met torens.


Het Spanjaardsgat: de granaattoren.


De Nieuwe haven vanaf het Spanjaardsgat.


De Duiventoren en de Onze Lieve Vrouwe Kerk.


Een deel van het water op het KMA-terrein.


De Nieuwe haven .


De Hoge Brug.



Granaattoren.



Jeroen Henneman, Koning Willem I.


Nog meer paleis / kasteel.


De toegangspoort tot het kasteel.


De Stadhouderspoort met toegang tot het Kasteelplein.




 

Breda in de Gids

De Gids is een Nederlands maandblad.
Het bestaat al erg lang en op het web
zijn ook de oudere jaargangen te vinden.
Zo vond ik er een artikel dat interessant is in relatie tot Constant Huijsmans.

Allereerst, wat is de Gids:

De Gids is het oudste literaire en algemeen culturele tijdschrift van Nederland
en een van de langstbestaande tijdschriften van deze soort ter wereld.

De Gids besteedt aandacht aan literatuur, filosofie, sociologie, beeldende kunst,
politiek, wetenschap, geschiedenis; kortom aan alles wat interessant is,
mits er goed over geschreven wordt.
Het tijdschrift verschijnt maandelijks…

De Gids werd in 1837 opgericht door E.J. Potgieter en C.P.E. Robidé van der Aa.
In de loop van meer dan anderhalve eeuw hebben verscheidene uitgevers
zich over de uitgave van het tijdschrift ontfermd.
Van 1837 tot 1840 werd het uitgegeven door de Amsterdamse uitgever
en boekverkoper G.J.A. Beijerinck.
Vanaf 1840 werd De Gids vier generaties lang uitgegeven
door de eveneens Amsterdamse uitgever Van Kampen.
In 1962 nam uitgeverij J. M. Meulenhoff de zorg voor De Gids over.
Na driexc3xabnveertig jaar is de uitgave van De Gids door de redactie overgedragen
aan uitgeverij Balans.

Deze informatie is afkomstig van de website van de hedendaagse uitvoering
van de gids: De Gids Online

Er is ook een site waar Nederlanse literatuur digitaal wordt ontsloten.
De Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse letteren.
Een enorme schat aan oude literatuur.
Ook oude jaargangen van de Gids.

De site is hier te vinden: Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren

Ik kwam hier op uit omdat ik op zoek was naar de tem ‘Hoofdwacht’.
Constant Huijsmans heeft in een van zijn schetsboeken een schets gemaakt
met als omschrijving ‘Hoofdwacht, 20 maart 1831’.
1831 is ook het jaartal waarin de 10-daagse veldtocht plaatsvond.
Belgie wordt dan zelfstandig.
Als grote legerplaats in het zuiden van het huidige Nederland
was dit een plaats waar veel activiteiten plaatsvonden.
Breda had immers een groot aantal kazernes.
Het verhaal wat ik las, en waarvan ik hier stukjes zal tonen,
is geschreven in 1881.
50 jaar na dato.

Constant Huijsmans, Afd IV-22, blad 15, Hoofdwacht, 20 Maart 1831.

De schetsboeken van Constant Huijsmans worden in deze tijd gemaakt.
Namelijk in 1831, 1852 en van het derde boekje is de datum onbekend.
Tussen 1837 en 1865 werkte hij aan de KMA
en zat dus midden in de militaire sfeer.
Dat blijkt uit vele tekeningen, onder andere aan al zijn schetsen
voor versieringen ter gelegenheid van 25-jarig jubileum
van Generaal Van Overstraten, de gouverneur van de KMA.

Constant Huijsmans, Afd. IV-23, blad 10, Militaire versierselen.

Maar wat is nu de ‘Hoofdwacht’?

Dhr. H.M.F. Landolt schreef een boekwerk getiteld: ‘Militair woordenboek’.
Landolt, geboren te Breda in 1828, werd in 1844 cadet
aan de Koninklijke Militaire Academie,
in 1848 tweede luitenant bij het 2de Regiment Infanterie,
in 1854 eerste luitenant en in 1861 kapitein het 7de Regiment Infanterie.
Hij overleed in 1871 te Bad Wildungen.
Zijn Militair woordenboek verscheen in 1861
en zegt het volgende over de ‘Hoofdwacht’:

Hoofdwacht.
1e. De voornaamste wacht van een garnizoen,
gewoonlijk door een officier gekommandeerd.
Aan de Hoofdwacht komen alle rapporten van de overige wachten in,
daarheen worden de arrestanten gebragt, enz.,
van daar ook worden meestal de overige wachten gevisiteerd.
2e. Het gebouw waarin zich de wacht bevindt.

Mijn indruk is dat een dergelijke organisatie (1) ook werd toegepast op steden.
De stad was ommuurd en had een aantal toegangspoorten.
’s Nachts gingen die min of meer dicht.
Dat wil niet zeggen dat je ’s nachts de stad niet meer in kon
maar een bezoek diende wel aangekondigd te zijn
of je werd wat diepgaander onderzocht.
In het geval van het verhaal uit de Gids ging het er om
dat er nog exctra postwagens werden verwacht,
in de nacht van 31 juli op 1 augustus 1831.
Op 2 augustus zou de 10-daagse veldtocht beginnen.

Hier volgt het stukje tekst uit ‘Twee wapenschouwingen in 1831′,
geschreven door F. de Bas, ’s Gravenhage, 23 Juli 1881.

‘Het middernachtelijk uur van Zondag 31 Juli (Maandag 1 Augustus)
was reeds lang verstreken; de wachter op den x91langen Janx92
had al dikwerf zijn lang gerekt hoorngeschal herhaald,
en Breda verkeerde in diepe rust.
De inrijpoort vxf3xf3r het groote hoofdkwartier
was echter nog niet gesloten; en in den x91Prins Kardinaalx92,
het logement op den hoek van de markt
en het Kasteelplein, werden blijkbaar nog gasten verwacht,
hoewel de diligence van Oosterhout
reeds een uur geleden aan,
de hoofdwacht was gevisiteerd.
Inderdaad had de wachtcommandant aan de Boschpoort
mededeeling ontvangen, dat er gedurende den nacht
extra postwagens zouden aankomen.’

Uit deze tekst maak ik op dat de Hoofdwacht bij de Boschpoort was.

Breda, Boschpoort, Maker en datum van foto onbekend. OF-01158.

Wie was nu De Bas?
Ik weet het niet zeker maar ik denk dat de volgende beschrijving
bij de hiervoor aangehaalde auteur past:

Franxe7ois de Bas, krijgshistoricus
(‘s-Graven-hage 10-9-1840 – ‘s-Gravenhage 22-2-1931).
Nog geen zestien jaar oud deed De Bas
op 4 september 1856 zijn intrede
als cadet der cavalerie op de Koninklijke Akademie
voor de Zee- en Landmagt te Breda.
De benoeming tot 2e luitenant op 1 juli 1860
bij het 3e Regiment Dragonders
sloot zijn opleiding
bij de Koninklijke Militaire Academie af.
In het voorjaar van 1868 was hij
xe9xe9n van de vier leerlingen
die werden toegelaten tot de toen in het leven geroepen
‘school tot voorlopige opleiding van stafofficieren’,
de voorloper van de sedert 1 november 1875 geheten
‘krijgsschool voor officieren’ te Breda.
De Bas volgde tot 1872 gedurende de wintermaanden
en het voorjaar
de lessen aan de school, terwijl hij in de zomermaanden
werd gedetacheerd bij verschillende legeronderdelen,
Twee van de vier officieren
die in 1868 de cursus waren begonnen
slaagden in 1872 voor het eindexamen, onder wie De Bas, …

Bovenstaande tekst is afkomstig van de website van
Het Instituut voor Nederlandse Geschiedenis.

Het Instituut voor Nederlandse Geschiedenis

Terug naar de tekst.
Er waren twee stukken die ik wilde laten lezen.
1. een beschrijving van Breda en zijn inwoners
en hun binding met Oranje;
2. een beschrijving van versieringen
van een kampement (de link naar Huijsmans).

Twee wapenschouwingen in 1831.

De oude stad van Noord Brabant,
die haar naam ontleent
aan de verbreeding van de Aa
door het stroompje den Bijloop
alvorens samen te vloeien met de Mark,
legde sinds kort het krijgshaftige keurslijf af,
hetwelk vijf eeuwen lang haar leest had omkneld.
Beletten de hooge borstweringen, door kalk en steen
en de wortels van breedgetakte olmen
tot een vaste massa te zamen gegroeid,
de uitbreiding van de stad,
tevens bedekten zij als een sluier
de rimpels op het voorhoofd der nog altijd behaagzieke
en strijdlustige matrone.
Maar toen de bolwerken vielen
en de bemuurde ravelijnen waren geslecht,
kwamen eensklaps
al de gebreken van den ouderdom te voorschijn.
Naarmate echter de vervallen buitenwijken worden herbouwd,
breede straten van lachende villa’s
en bekoorlijke wandelingen
verrijzen uit de weleer doodsche grachten,
gaat de knorrige bui over en toont de grijze vrijvrouwe,
nu zij wel een verjongingskuur schijnt te ondergaan,
weer een vriendelijk gelaat.
Alleen de exercitiebatterij
van de Koninklijke Militaire Akademie
en de dicht met beukenhagen
en meidoorns beplante omwalling
van den hof van Valkenberg herinneren nog
aan de vroegere beteekenis van Breda,
laatstelijk voor 50 jaar het hart en de polsslag
der militaire beweging in Noord Nederland.
Omtrent den ouderdom van de stad
en de baronie van Breda
verkeert men sinds den brand van het stadhuis in 1534
eenigszins in onzekerheid.
De ‘Lex Seala’ der Pranken in de 5de eeuw
spreekt het eerst van de landstreek, alwaar in 888 Breda
tot een stad werd verheven en met wallen omgraven
door Witger IV, den zevenden graaf van Strijen.
Hare bevolking was meerendeels samengesteld
uit eenvoudige visschers,
die in de rivieren langs deze vruchtbare landouwen
ruimschoots hun brood vonden.
Niet lang nadat het gedeelte van de stad,
hetwelk thans nog
door de oude vest wordt begrensd,
tot vesting was ingericht, bracht Johanna van Polanen,
Jonkvrouwe van de Leck en Breda,
in 1404 door haar huwelijk met graaf Engelbert,
stadhouder van Brabant, de heerlijkheden van haar vader
over in het doorluchtige huis van Nassau.
De Groote Zwijger was de eerste,
die dezen vorstentitel vereenigde
met den in Nederland zoo geliefden naam
der prinsen van Oranje,
wier lotwisselingen Breda
immer deelde met beproefde trouw
en onwrikbare aankleve.

Ik vermoed dat er een fout staat in bovenstaande tekst.
In plaats van ‘Lex Seala der Pranken’ wordt hier
waarschijnlijk de Salische Wet bedoeld
(in het Latijn Lex Salica).
Een typefout vermoed ik.

Laten we eerst maar vaststellen dat deze geschiedschrijving
niet helemaal objectief is.
Het hele verhaal (het stuk hierboven is er slechts een klein deel van)
is heel erg gericht op het steunen van de Koning en Prins
van Oranje.
Nederland is vervolgens goed en Belgie niet.
Nederland houdt zich aan de afspraken:
het zijn de andere grote mogendheden (Frankrijk en Engeland)
die zich niet houden aan de afspraak Belgie te zien als onderdeel
van het Nederlandse koninkrijk.
Door deze constructie zou de veiligheid en vrede
in Europa worden gerealiseerd.
De 10-daagse veldtocht is dan ook geen verloren oorlog maar
een eervol gewonnen conflict zonder gebiedsbehoud.
Tegenwoordig kijken we er iets anders tegen aan:

De site van het Legermuseum verwoordt het als volgt:

De Tiendaagse Veldtocht, Belgische troebelen 1830-1839
In 1815 waren het huidige Nederland en Belgie
verenigd in een staat.
Onder invloed van overal opkomend nationaal besef,
kwamen de Belgen hiertegen in 1830 in opstand.
Dat betekende dat het oude leger
in feite in tweeen werd gesplitst.
In het noorden leidde de opstand tot een opleving
van nationalistische en militaristische gevoelens.
Vrijwilligers eenheden schoten aan beide kanten
van de nieuwe grens als paddenstoelen uit de grond.
Deze bepaalden veelal hun eigen uniformering,
wat tot bonte en kleurrijke uitdossingen leidde.
In het begin werd er veel gevochten.
In 1830 waren er straatgevechten in Brussel;
in 1831 openlijke veldslagen tijdens
de Tiendaagse Veldtocht
in 1832 werd een Nederlands garnizoen belegerd
in de citadel van Antwerpen.
Franse interventie ten gunste van de Belgen
leidde echter tot een status quo.
Koning Wilem I hield tot 1839 zijn leger gemobiliseerd
om zijn onderhandelingspositie
kracht bij te kunnen zetten.

Legermuseum

Het tweeede stuk tekst is een klein deel van de beschrijving
van een groot kampement dat de koning bezoekt.

‘Op de uitgestrekte vlakte
ongeveer halverwege Breda en Tilburg,
tusschen Haansbergen en de Vijf Eiken
nabij het tegenwoordige station Gilze-Rijen,
verhief zich een stad van linnen tenten,
door fluweelachtig mos, paarsche heidebloemen
en wilde hraamstruiken bevloerd,
hier en daar aanleunende tegen ruischende zeeen
van rijpend graan en aan de zuidzijde begrensd
door den graszoom met statige beuken langs den straatweg.
De langwerpige ruimte, 1600 meter lang
en 300 meter diep, was verdeeld in twaalf wijken
voor evenveel bataljons,
elke met twee dubbele rijen van acht tenten,
evenwijdig aan de frontlijn van het kamp,
en door een breede compagnies-straat gescheiden.
Het voorfront werd gedekt
door de in rotten staande geweren,
als een heg van hout en staal aan weerszijden
van de keurig versierde vaandelstoelen,
met de oranje-kleur boven stapels
van koperen trommen en horens:
Om die stoelen waren van zand,
roode en witte kiezelsteenen perken gestrooid
met allerlei figuren, meestal koninklijke kronen,
W’s en F’s als mozaik ingelegd.

Constant Huijsmans, AfdIV-23, blad 34, Schets voor versiering. Rechts de letter ‘W’.

Voor de officiers- en de hoofdofflcierstenten,
aan de overzijde van de veldkeukens
met hare glinsterende randen pan blikken eetketeltjes,
vertolkte eigenaardig de omvang
der achter naaldhout verscholen zodenbanken
den hoogeren of lageren rang van de bewoners.
Boven de blauwe kappen der langwerpige tenten
van het hoofdkwartier,
hetwelk door groen en bloemen
tot een schoon park was ingericht,
en voor het paviljoen van den hertog van Saksen-Weimar
wapperde vroolijk en fier de driekleur hoog in de lucht.

Constant Huijsmans, Afd. IV-23, blad 24, Schets voor vlaggestok.

Een vijftig meter breede ruimte,
tot publieken weg bestemd,
scheidde het eigenlijke kamp van de lijn der cantines,
houten loodsen, winkels en opstallen
van allerlei grootte en soort.
De tot societeit en gemeenschappelijke tafel dienende
officiers-cantines waren smaakvol met vlaggedoek
en banieren gedrapeerd
en van een gezellige voorgalerij voorzien.

Constant Huijsmans, Afd. IV-23, blad 11, Ingekleurde schets.

De loodsen voor onderofficieren en minderen
hadden nevens den groenen krans, bont beschilderde borden,
portretten van het koninklijke huis,
chassinetten en dergelijken uitgehangen.
Zelfs poffertjeskramen stalden in het kamp
hare pracht uit van koperen suiker- en meelvaten,
waarbij het knetterende houtvuur
en de gloeiende pan bewezen,
dat een soldatenmaag zich des noods ook
met kindergebak tevreden stelt.
Daarnaast stonden een goocheltent van Bamberg,
kijkkasten en beschilderde zeilen
met allerlei koddige toespelingen
op de Belgische staatslieden
van die dagen en op de pretendenten der kroon.
Bijzonder was het daarbij gemunt op De Potter,
de Celles, Mxc3xa9rode, Beauharnais, den graaf van Nemours,
bovenal op den Regent Surlet de Chokier,
een ‘gentilhomme campagnard;,
die thans te Brussel
tot een belangrijke politieke rol was geroepen.’

Overigens, een chassinet is een houten lijst
met daarin een (verwisselbare) afbeelding.
De afbeelding werd op papier geschilderd,
dat met lijnolie doorzichtig werd gemaakt.
Een of meer kaarsen erachter en de voorstelling kwam tot leven.

Regent Surlet de Chokier was regent van Belgie
en werd het eerste staatshoofd
tot het aantreden van Koning Leopold I van Saksen Coburg-Gotha.

Het laatste stuk tekst schetst, erg optimistisch,
de sfeer in het leger en rond het koningshuis.
Dat is de sfeer, vermoed ik, waarin Constant Huijsmans
zijn schetsen maakt.
De sfeer waarin het belang van tekenonderwijs,
als een militair strategisch instrument werd gewaardeerd.
Heel bepalend voor zijn carriere.

Nabucco gezien


Vanavond Nabucco gezien in Breda.
De weergoden waren ons niet goed gezind.
Toen ik tevoet van huis vertrok begon het al snel te regenen.
Ben uiteindelijk naar het Kasteelplein gelopen
en zag daar al wel mensen naar binnen gaan.
Het podium stond met de achterkant naar het Valkenberg.
Daardoor was er een terrein afgebakend tussen de KMA
en de studentenflat in.
Ben eerst nog maar thee gaan drinken bij cafe Hoegaarden
op de Grote Markt.
Als het niet stopt met regenen ga ik terug naar huis.
Maar de regen stopt al snel.
Aan ‘de deur’ koop ik een kaartje.
Ik heb rang D. Gelukkig. Ik kan op de achterste rij gaan zitten.
Je kunt dan gemakkelijk je losse stoel wat naar achter
en opzij zetten zodat je een beter zicht krijgt en meer ruimte.
Rang C is trouwens maar 4 rijen voor me.
Al snel kwam de regen toch weer en omdat een paraplu
verboden was ook maar een plastic jas gekocht.
De opera begint.
De afbeeldingen op en in het programmaboekje (4 Euro)
zijn trouwens niet van deze voorstelling.
De kleding en het decor zijn anders.
Pas na de pauze begint de zang acceptable te worden.
De persfotograaf (Johan van Gurp meende ik) is dan al weg,
wellicht de recencent ook.
Ik ben benieuwd wat men van de recensie maakt.
Twee dames vonden overigens dat ‘er niet mooi geklapt werd’.
In het begin was er ook niet veel te klappen.
Een voorstelling in de open lucht heeft wel iets.
Een beetje primitief, minder hoogdravend, natuurlijker.
Nadeel zijn natuurlijk de ‘amateurzangers’ die
rond het terrein moeten laten blijken dat ze er ook zijn.
De geluidsapparatuur was niet altijd geweldig.
Het decor en de scenes zijn wel erg statisch.
Met onze zomer van 2005 werd het bovendien koud.
Maar alles bij elkaar een leuke avond.
Wil je de opera echt goed zien: koop dan een DVD
of ga naar Chassee.
Maar de sfeer is deze avond wel erg leuk.

Rond 19:00 uur in de regen voor ‘de deur’.


Sfeerbeeld vanaf rang D.


Net voor aanvang. Echter paraplu’s werden niet toegestaan. Men verkocht plastic regenjassen.


De zon liet zich nog even zien, heel even.


Voor de pauze.



Het Slavenkoor.