Beeldschone boeken

Afgelopen zaterdag ben ik niet alleen naar de tentoonstelling over
Jan van Scorel geweest.
Ik ben in Utrecht ook geweest naar de tentoonstelling Beeldschone Boeken.
In Museum Catharijneconvent.
Dit voormalige kloostercomplex is de perfecte plaats om de pennevruchten
van de Middeleeuwse monniken te laten zien.


Toegangskaartje Catharijneconvent.


Utrecht was in de Middeleeuwen een tijdlang erg belangrijk.
De Utrechtse bisschop was meer een krijgsheer dan een heilige dienaar van de kerk.
Kerken en kloosters werden er gebouwd in het centrum van de stad.
Vanuit de lucht lijkt het alsof de gebouwen in een kruisvorm zijn aangelegd.
In die kloosters werkten monniken als in een industrieel proces aan boeken.
Handgeschreven en handgetekende en handgeschilderde boeken.
Het logo van deze kunstenaars/ambachtslieden was het ‘Utrechtse draakje’.


Utrechtse draakje.


Na de productie van het perkament (geit- of lammervel)
werden de lijnen getrokken die dienden als leidraad voor de schrijvers.
Die schreven in hun mooiste handschrift teksten over.
Ze lieten ruimte over voor de beginletters en alle woorden of letters
die door een andere kleur inkt accenten geven in de tekst.
De grote letters waarmee teksten beginnen dienden vervolgens versierd te worden.
De versiering liep door tot ver in de kantlijn.


Rozettenmeester, Detail.


Vervolgens worden er niet alleen versieringen maar hele schilderijen
in de letter of als illustratie in het boek opgenomen.
De schilderingen werden voorzien van goudverf en allerlei
andere dure verfsoorten.
Soms werden de boeken alleen uitgevoerd met inkt.
Dat lag een beetje aan het gebruik dat men met het boek op het oog had:
was het een gebedenboek voor een rijk man of
een psalmtekst voor de monnikken zelf.


De Rozettenmeester, de letter ‘D’.


Speciale Utrechtse hoekafwerking.


Tekstboekje.


ik weet niet of het een nieuwe rage is in museumland
maar ook in het Catharijneconvent werden tekstboekjes uitgedeeld.
Leuke handzame boekjes maar als naslagwerk niet zo bruikbaar.
Er staan namelijk geen afbeeldingen in.
Voor het hele verhaal en de afbeeldingen moet je toch
in de catalogus zijn.
En die is deze keer erg mooi.


Catalogus in zon en schaduw.


Beeldschone boeken. De Middeleeuwen in goud en inkt.


Met prachtige afbeeldingen.


Met prachtige afbeeldingen.


Toegangsprijs.


Het museum is prachtig maar eerlijk gezegd ook erg duur.
Meer dan 10 Euro entree, dat kom je niet vaak tegen.




Binnenkort volgt er nog meer.

Ice baby, Ice

Nick Cobbing is een Engelse fotojournalist.
Hij maakt dus foto’s en heeft een voorliefde voor ijs en ijslandschappen.
Twee series zijn van zijn hand te zien op het internet:
Surface Tensions (oppervlaktespanningen)
en Noorderlicht.
De laatste serie heeft betrekking op een reis die hij gemaakt heeft
met een Nederlandse schipper/boot.
Geniet van deze prachtige foto’s.





Nick Cobbing, Surface Tensions.






Nick Cobbing, Surface Tensions.






Nick Cobbing, Surface Tensions.






Nick Cobbing, Noorderlicht.






Nick Cobbing, Noorderlicht.






Nick Cobbing, Noorderlicht.






Nick Cobbing, Noorderlicht.






Nick Cobbing, Noorderlicht.






Nick Cobbing, Noorderlicht.






Nick Cobbing, Noorderlicht.






Nick Cobbing, Noorderlicht.





Kunstvaria

Een heel mooie serie kunst en cultuur.
Met in de hoofdrol, onder andere, een reeks afbeeldingen
uit manuscripten.





Ansel Adams, Merced River, Cliffs of cathedral rocks, autumn, 1939.


Portfolio III, Yosemite Valley.
Leuk dat op de dag van de Nationale feestdag van de Verenigde Staten
een Amerikaan het spits mag afbijten.





Ernie en Bert, 2007.


Okay, geen kunst, maar wel cultuur.
En leuk!





Claude Monet, Route de Giverny en hiver, 1885.






Cy Twombly, By the Ionian Sea, Naples, 1988.






Danny Rolph, Gladstone, 2009.


Deze afbeelding heb ik opgenomen in deze serie omdat je
deze vorm van kunst: grote beschilderde muren, steeds vaker ziet.





Edward Hopper, Rooms by the sea, 1951.


Een van de mooiste werken die ik in lange tijd heb gezien.
Het is geen abstract werk maar als je ogen een beetje sluit
en je kijkt door je oogharen dan lijkt het wel een abstract schilderij.





Francisco de Zurbarxc3xa1n, Virgin of the misericordia, 1634.






Francisco Josxc3xa9 de Goya y Lucientes, An equestrian portrait of Manuel Godoy, duque de La Alcudia, 1794.






Franco dei Russi, initial: E, David lifting up his soul to God, Italy, Ferrara, 1455 – 1463.


In de hoofdletter E is Koning David te zien die zijn
ziel verheft naar God. Italiaans.


Master of the Dresden prayer book, David and Goliath, Bruges, 1480 – 1485.


De maker is onbekend van deze schildering.
Daarom worden werken van deze maker aangeduid
met ‘Meester van het gebedenboek van Dresden’,
het bekendste werk van deze Middeleeuwse kunstenaar.
De voorstelling geeft de kleine David en enorm sterke Goliath weer.
Het boek is waarschijnlijk in Brugge in Belgie gemaakt.


Master of the Ingeborg psalter, Initial: D, David pointing to his mouth, French, 1205.


De meester van het psalmenboek van Ingeborg.
In de hoofdletter D is koning David te zien die naar zijn mond wijst.
Koning David werd in de Middeleeuwen gezien als de schrijver
van de Bijbelse psalmen.
Hier wordt hij in verband gebracht met de tekst:
Psalm 38: ‘Ik had mij voorgehouden:
Ik moet mij beheersen en mijn tong voor zonde behoeden.’


Unknown, David bringing the Ark of the covenant to Jerusalem, 15th Century.


Onbekende maker,
De afbeelding toont Koning David die de Ark van het verbond
naar Jeruzalem brengt, 15e eeuw.


Unknown, Initial: D, A monk with his finger to his lips, Italian, 1420.


Onbekende, Italiaanse maker.
In de hoofdletter D is een monnik te zien die zijn vinger
naar zijn mond brengt. In overpeinzing.


Detail met draak in de letter D.



Detail met een haas bij het bos..






Frank Buchser, Kleines Mxc3xa4dchen vor einer steintreppe in Segni, 1874.






Henri Matisse, Odalisque with a Turkish chair, 1927 – 1928.






Joaquxc3xadn Sorolla, Nixc3xb1a entrando en el baxc3xb1o.


Nog maar kort geleden voor het eerst te zien
in de kunstvaria.





Larry Rivers, Dutch Masters I, 1963.






Lucio Fontana, Concetto spaziale, natura, 1959 – 1960.


Ik heb heel wat werken van Fontana gezien.
Heel vaak zijn het witte doeken.
Dit prachtige rood geeft een schitterend effect.





Lxc3xa1szlxc3xb3 Moholy-Nagy, Composition A19, 1927.






Martin Schongauer, Saint Anthony tormented by demons, circa 1470 – 1475.


De heilige Antonius wordt gekweld door duivels.
Dit werk diende als inspiratie en voorbeeld
voor de 12/13 jarige Michelangelo om het volgende schilderij te maken.


Michelangelo, The torment of Saint Anthony, circa 1487 – 1488.



Michelangelo, detail.






Oscar Kokoschka, London, Chelsea reach, 1957.


A view from Lindsay House looking towards Battersea.





Robert Sperry, Shell, 1974.


Makers van aardewerk zien we niet vaak bij Kunstvaria.





Whistler, Weary, 1863.


Weary = vermoeid.




Karel de Stoute, Pracht en Praal in Bourgondie

Ik heb de vier inleidende studies gelezen van de catalogus
behorende bij de tentoonstelling
Karel de Stoute, Pracht en Praal in Bourgondië.
Ik wil in deze log even stil staan bij die vier studies en mijn reactie
op die stukken geven.
Natuurlijk heb ik geprobeerd mijn reactie te voorzien
van een paar mooie afbeeldingen.



Catalogus: Karel de Stoute, Pracht en Praal in Bourgondië.


De namen van de studies staan in het Engels omdat
ik de Nederlandse titels niet ken.
De Nederlandse catalogi waren uitverkocht toen ik
in Brugge was.

Reasonable foly: Charles the Bold,
Duke of Burgundy (1433 – 1477)

Werner Paravicini.

  Volgens deze introductie/samenvatting van de tentoonstelling was Karel de Stoute een…just, hardworking, bureaucratic, absolute, rigorous, moral, thrifty, ostentatious, ceremonious, ambitious, proud, impatient, cruel and feared ruler.In het Nederlands een rechtvaardige, hardwerkende, bureaucratische, absolute, rigoreuze, moreel, gedreven, opzichtige, ceremoniële, trotse, ongeduldige, wrede en gevreesde heerser.
De schrijver probeert te bewijzen dat Karel de Stoute een van de eerste, moderne, politiek bewuste leiders in Europa was.
Een claim die niet helemaal stand houdt door het onnodig wreed en uiteindelijk niet succesvol optreden.
Daardoor vraag je je af of zijn tegenstanders dan wel zo ouderwets waren.

Rogier van der Weyden, Chroniques de Hainaut, Opdrachtpagina, 1448.Philips de Goede staat hier afgebeeld met de jonge Karel de Stoute.Koninklijke Bibliotheek van België, MS. 9242 f.1r.


Rogier van der Weyden, Chroniques de Hainaut, Opdrachtpagina, 1448 (detail).


Rogier van der Weyden, Chroniques de Hainaut, Opdrachtpagina, 1448 (detail).Philips de Goede met Karel de Stoute.Leuke schoenen!


Palaces and tent filled with art:
the court culture of Charles the Bold.

Birgit Franke en Barbara Welzel.
Op overtuigende wijze beargumenteren de schrijfsters
dat de luxe waarmee de Bourgondische vorsten zich omringden,
meer functies had dan een platte pronkzucht alleen.
De hofcultuur was een van de vele middelen die ingezet werden
in de strijd en consolidatie van de macht.


 photo PeterPaulRubensKarelDeStouteC1618GG.jpg

Peter Paul Rubens, Karel de Stoute, omstreeks 1618.



The vestments of the Order of the Golden Fleese.
A major work of Burgundian court art.

Katia Schnitz-von Ledebur
Korte maar grondige inleiding op de visuele aspecten
van de religieuze gewaden die deel uitmaakten
van de inventaris van de Orde van het Gulden Vlies.
De analyse toont aan hoe doordacht deze geborduurde
kunstwerken zijn ontwikkeld.


Kazuifel, Transfiguratie van Christus, Bourgondische religieuze gewaden, 1425 – 1440.

Op de inventaris van de Orde van het Gulden Vlies
komen een aantal liturgische gewaden en voorwerpen voor.
Onderdeel van die voorwerpen zijn een aantal kazuifels en koorkappen.
Deze zijn bijzonder mooi geborduurd.
Hier ziet u een afbeelding van God de Vader.


Kazuifel, Transfiguratie van Christus, 1425 – 1440.

De afbeelding van God de Vader bevindt zich op het kasuifel
in het midden aan de top.
De transfiguratie van Christus wordt weergegeven in het midden
van de kazuifel. Daar is in een kruisvorm afgebeeld hoe Christus
ten hemel vaart. Beneden Petrus, de plaatsvervanger van Christus (de Paus)
Boven God de Vader.
Dit is de achterzijde van het kazuifel.
Dit is de kant die de mensen zagen tijdens de eucharistieviering.
Links en rechts van het kruis zijn heiligen te zien.
Links de vrouwen, rechts de mannen.


Transfiguratie van Christus, 1425 – 1440.

Dit is de voorzijde van hetzelfde kazuifel als hierboven getoond.
In het midden is onderaan de doop van Christus te zien.
Daarboven de duif als symbool voor De Heilige Geest
en God de Vader bovenaan.


Het lezen van dit stuk of aanverwante stukken is misschien voor sommige
moeilijk zonder toelichting op de gebruikte begrippen.
Daarom hier een woordenlijst.

Albe   Veelal wit onderkleed te dragen onder een kazuifel
Amict Rechthoekige doek met twee linten die onder religieuze gewaden wordt gedragen ter bescherming van die gewaden.
Antipendium   Afneembare versiering/front van de altaartafel.
Bursa  Opbergplaats/houder van de corporale
Cingel   Koord dat gebruikt wordt om de albe op maat te maken en de stola vast te houden
Ciborie Kelk in de katholieke kerk waarin geconsacreerde hosties worden bewaard.
Corporale   Wit linnen doek, vierkant. Wordt op het altaar gelegd waarna de kelk en dergelijke er op worden geplaatst.
Dalmatiek  Gewaad voor de diaken.
Kazuifel Liturgisch gewaad dat een priester draagt tijdens de eucharistie. Uitgevoerd in de liturgische kleuren en op verschillende manieren versierd.
Kelkdoekje Doekje dat gebruikt wordt om de kelk schoon te maken na gebruik.
Koorkap  Liturgische mantel gebruikt in processies en andere gelegenheden. Niet tijdens de dienst.
Manipel   Op de linker onderarm gedragen smalle doek. Verbeeld de zweetdoek van Christus.
Monstrans  Hostiehouder die gebruikt wordt om de hostie te tonen. Gebruikt in processies.
Palla   Met witte stof overtrokken karton dat gebruikt wordt om tijdens de dienst de kelk af te dekken.
Paramenten   Verzamelnaam voor de textiele voorwerpen die in Christelijke diensten worden gebruikt.
Pateen Plat schaaltje van edelmetaal dat gebruikt wordt  om tijdens de eucharistie de hostie op te leggen.
Superplie Een wijd, wit linnen hemd, dat reikt tot aan de knieën en gedragen wordt over een toog.
Toog Lang en wijd gewaad voor bijvoorbeeld misdienaars.
Velum Doek die gebruikt wordt om bijvoorbeeld een monstrans of ciborie te dragen zonder die voorwerpen met blote hand aan te raken.

The image of Charles the Bold.
Till-Holger Borchert.
Interessant stuk over de afbeeldingen van Karel de Stoute.
Ook over hoe speculatief “wetenschap” soms is.
Van alle portretten waarvan we zeggen dat Karel de Stoute
er op staat afgebeeld, is er maar 1 die waarschijnlijk
van de levende Karel is gemaakt:
het portret gemaakt (?) door Rogier van der Weyden
rond 1460 van de dan nog jonge erfgenaam.
Alle andere portretten zijn geschilderd naar andere,
inmiddels verloren gegane werken.
Het onthoudt ons er echter niet van om op schilderijen
van Van der Weyden en Memling,
Karel te herkennen in een van de Wijzen bij de Kerststal
en in een apostel bij het Laatste Oordeel!


Rogier van der Weyden, Karel de Stoute, circa 1460.


Schetsen

Een deel van mijn tijd op het internet
breng ik door met het zoeken naar nieuwe dingen.
Meestal nieuwe kunstenaars of nieuwe kunstwerken.
Zo kwam ik bij een groep sites uit van mensen die zich
allemaal bezig houden met schetsen.
Ze hebben altijd, nou ja vaak dan, een boekje bij zich,
een potlood en/of een water-verfdoos.
Dat leidt tot erg mooie resultaten en heel verschillende invullingen
van het begrip schetsen.
Hieronder twee voorbeelden.
Een eindproduct van iemand die tekent als beroep
en een waterverf schildering van een amateur (?).
De beroepsmatige tekenaar is uit Nederland,
de schetser uit de Verenigde Staten.





Arne van der Ree, De sloot.






Dimitry Samarov, Books.


Boeken.




Oude beroepen

Ik kreeg via, via een PowerPoint slide show met daarin
een aantal foto’s van oude beroepen.
Sommige beroepen kende ik alleen van horen zeggen.
Die laat ik niet zien.
Maar de beroepen die mij bekend voorkomen laat ik hier wel zien.
Mooie foto’s trouwens.
Ik weet niet wie de maker van de foto’s of de PowerPoint show is.


Hoorspelacteurs.

Tegenwoordig is weer meer vraag naar deze mensen.
Nu noemen we het luisterboeken of hoorcolleges.
Soms heb je dan 1 voorlezer maar onlangs heb ik nog
een soort hoorspel op CD beluisterd.
Erg leuk.
De populaire serie podcasts Bommel van de NPS is eigenlijk precies hetzelfde.
Alleen kan ik luisteren naar mijn iTunes wanneer ik wil.


Huisvrouw.


Letterzetter.


Melkboer.

De melkboer die bij ons langs kwam had geen handkar meer
maar een soort klein electrisch vrachtautootje.
Volgens mij zal dat snel weer heel modern zijn.


Marcel Marceau

Wikipedia:
Marcel Marceau, pseudoniem van Marcel Mangel,
(Straatsburg, 22 maart 1923 – Cahors, 22 september 2007)
was een Frans mimespeler die een grote rol heeft gespeeld
bij de verspreiding van dit toneelgenre.

Tijdens mijn zoektocht naar onderwerpen voor Kunstvaria
kwam ik op de veiling terecht van voormalige bezittingen
van Marcel Marceau.
Zijn bekendste personage was meneer Bip.
Hier een paar voorbeelden van voorwerpen
die op de veiling werden aangeboden en verkocht.


Carillonfiguur, 19e eeuw.

Automate Carillonneur d’orgue limonaire en bois sculpte
polychrome figurant une femme
en habit de saltimbanque, Fin du XIXe siecle.

Op de veiling waren veel maskers en karakteristieke
afbeeldingen te zien van mensen.
Veel uit de wereld van het theater en het circus.


Jezusbeeld, Zuid Italie, 18e eeuw.

Enfant Jesus en bois polychrome, Italie du sud, XVIIIe siecle.


Indira Gandhi avec Marcel Marceau.

India, daar heb ik een zwak voor.
Maar het bovenste fotootje is interessant.
Dat is een ontmoeting waar ik wel bij had willen zijn.
Westers en Aziatisch toneel ontmoet elkaar.
Jammer dat het zwart-wit foto’s zijn.


Japans masker van een vrouwelijke duivel.


Bip.


Portraits du mime Marceau.


Marcel Marceau op een Picasso-tentoonstelling in Avignon.


Stan Laurel en Bip in gesprek, 1951.

De mime-speler van de film ontmoet de mime-speler van het theater.


 

Het uur van de wolf: Rijksmuseum

Eind 2003 gaat het hoofdgebouw van het Amsterdamse Rijksmuseum
dicht om, in de woorden van directeur Ronald de Leeuw,
‘het mooist denkbare kunstmuseum’ te worden.
De Spaanse architecten Cruz en Ortiz
tekenen voor een groots ontwerp:
een gemoderniseerd gebouw met een baanbrekend museaal concept,
dat in 2008 zijn deuren opent.

In de documentaire volgt Oeke Hoogendijk de eerste vier jaar
van Nederlands grootste culturele operatie
en leidt ons onder andere langs verbrokkelde muren,
ontluisterde architecten, boze fietsers, een genadeloze kunstselectie
in het depot en de liefdevolle restauratie
van een zestiende-eeuws schuttersstuk.
Een documentaire over liefde voor kunst,
groot en klein denken en een ontluisterende inkijk
in Nederlandse besluitvormingsprocedures.



Hierboven de officiele aankondiging van deze documentaire.
Het verhaal lijkt eenvoudig: we gaan een museum verbouwen.
Het drama is niet te overzien.

Arrogantie, graaien, onbekwaamheid, vakmanschap,
liefde voor een gebouw, domheid, smakeloosheid,
torenhoge budgetoverschijdingen en actie om de actie.

De Arrogantie van de directeur en zijn personeel
en niet te vergeten Medy van der Laan (staatssecretaris);
Het Graaien van de directeur met prive chauffeur
en een appartement in Wenen en een huis in Italie
en van de bouwonderneming;
De Onbekwaamheid van de architecten in hun
werk (studiecentrum) en het omgaan met de vele belangengroepen
bij een dergelijk project;
Het Vakmanschap van de restaurateurs van het prachtige schuttersstuk;
De Liefde voor het gebouw van de huismeester;
De Domheid van de medewerkers van het museum in de procedures
rond de bouwverordeningen en in de samenwerking
met gemeentelijke instellingen;
De Smakeloosheid van de ontwerpen voor het studiecentrum;
De Torenhoge budgetoverschijdingen van een aannemer die nog
meer wil graaien dan de directeur.
En Actie om de actie door de fietsrijdersbond (Nederland op zijn smalst).

En dat allemaal prachtig verfilm door Oeke Hoogendijk, als een drama
waar Shakespeare jaloers op kan zijn.

Gisteravond zag ik deze documentaire voor de tweede maal,
hij blijft boeien.

34.11

Vanochtend was in in de Grote Kerk van Breda

en dat levert steeds weer mooie plaatjes op.

Nieuwe details, vertrouwde beelden,

een nieuw accent, …






Plafond.










Praalgraf Engelbrecht II.










Engelbrecht II en zijn vrouw Cimburga van Baden in de Prinsenkapel.










Wapen van Nassau.










Houtwerk van hek rond Prinsenkapel.






Deel plafond Prinsenkapel.






Deel plafond Prinsenkapel.






Plafond Prinsenkapel.






Plafond Prinsenkapel.
























Toegang grafkelder Nassau.






Onderdeel grafmonument Engelbrecht I.






Sluitsteen plafond boven hoogaltaar.






Plafond boven hoogaltaar.






Zicht vanaf hoofaltaar.






Detail plafondschildering.






Sluitsteen: Lam Gods.











Genootschap der gelovige zielen

Maar er is nog veel meer te zien in de Onze-Lieve-Vrouwekerk in Brugge.
De kerk is dringend aan een renovatie toe en als ik me niet vergis
zijn de voorbereidingen daarvoor in volle gang.
Deze kerk is vol met toeristen maar ook nog gewoon volop in gebruik.
Ik zag daar dan ook de volgende ‘ledenadministratie’
van het ‘Genootschap der gelovige zielen’


Gedenkt de gevangen al of gij mede gevangen waart.


Hebreexc3xabn 13:3
Gedenkt der gevangenen, alsof gij mede gevangen waart; en dergenen, die kwalijk gehandeld worden, alsof gij ook zelven in het lichaam kwalijk gehandeld waart.

Statenvertaling, brief van Paulus.






Genootschap der gelovige zielen.





Constant Huijsmans: deel 3

Constant Huijsmans is de Bredase tekenleraar en kunstenaar die
een belangrijk deel van zijn carriere aan de KMA in Breda heeft gewerkt.





Afd IV, 31, blad 5 links, Bloemmotief, door mij digitaal ingekleurd.




Daarna ging hij aan de Hogere Burgerschool in Tilburg les geven.
Daar was hij voor korte tijd leraar van Vincent van Gogh.
In het stadsarchief van Breda is zijn nalatenschap.
Onderdeel daarvan zijn drie schetsboeken.
Twee daarvan zijn al aan de orde geweest op mijn weblog.
Vandaag wat meer over deel 3.
Dit boekje bevat nog het meest wat je zou kunnen noemen studies.
Ze zijn voor privegebruik gemaakt.
Er zijn maar een paar tekeningen die verder komen dan het niveau schets.
Die laat ik hier zien.





Afd IV, 31, blad 4, Schets van een man met pet.


Een wat hoekige schets van man met een pet.





Afd IV, 31, blad 6, Boerderij.


Deze schets is de schets die het meest voltooid is in het schetsboek.
De bomen zijn deels geel ingekleurd.





Afd. IV, 31, Blad 8, Koperen Ko.


Ik noem dit koperen Ko omdat dat een begrip is dat bij mij bekend is.
Of dat ook in de negentiende eeuw een bekend begrip was weet ik niet.
De schets is maar klein maar compleet en het is een onderwerp
dat ik verder nog niet bij Constant Huijsmans ben tegengekomen.

Volgens Wikipedia is het begrip Koperen Ko van later:

Koperen Ko was de bijnaam van de straatartiest Johannes Willem Leiendecker (geboren in Duitsland, 29 januari 1909 – Oosterhout, 18 april 1982).

Koperen Ko was een reizend muzikant, die op veel plaatsen optrad. Hij bespeelde tenminste drie instrumenten tegelijk: een accordeon, een trommel, en bekkens of cymbalen. Ook bewoog hij zijn punthoed met bellen.

Koperen Ko heeft 55 jaar op straat gemusiceerd, vanaf zijn 13e jaar. Na vele jaren te hebben rondgetrokken, vestigde hij zich met zijn vrouw Martha in Rotterdam. Gaandeweg ging het hem financieel steeds beter. Enkele malen trad hij op voor de televisie, en voor koningin Juliana.

Koperen Ko stond model voor de creatie Nikkelen Nelis van Wim Sonneveld. Het gelijknamige lied beviel hem helemaal niet: Ko meende dat de zin Zij kon het lonken niet laten sloeg op zijn vrouw Martha, die vanwege een oogziekte met haar ogen knipperde. Tekstschrijver Friso Wiegersma heeft dat ontkend: de tekst van het lied was al geschreven voordat Wim Sonneveld besloot zich uit te dossen als straatartiest.







Afd. IV, 31, blad 9, Een herberg.






Afd. IV, 31, blad 11, Ton, trog, tobbe, kruiwagen en paardenkar voor boerderij en hooimijt.


Helaas nog maar een heel vage schets.
Een paar van de voorwerpen zijn iets uitgewerkt.
Dat is te zien op de volgende afbeelding.





Afd. IV, 31, blad 11, Ton, trog, tobbe, kruiwagen en paardenkar, detail.


1. Trog
2. Ton
3. Tobbe
4. Kruiwagen
5. Paardenkar

Wie een betere term kent dan “paardekar” mag me dat laten weten.
Ik vind het zelf niet de juiste naam.
Maar een sjees is het niet want volgens mij is een sjees bedoeld
voor het vervoer van mensen.
Een kar voor het vervoeren van allerlei andere zaken
heeft vast een andere naam.





Afd. IV, 31, blad 13, Onleesbaar gedateerd, uitzicht op instorting en pomp met twee figuren.


Deze tekening is interessant.
Hij is gedateerd maar op de versie die het stadsarchief
op het internet heeft staan kan ik de datum niet lezen.
Ook het enkele woord van toelichting is onleesbaar.
Daarmee is wat er op de afbeelding staat een raadsel voor mij.
Aan de naam die ik aan de tekening geef moet dus niet te veel
waarde worden gehecht.
In dit schetsboek staan nog ten minste drie pagina’s
met handgeschreven tekst.
Ook die kan ik niet duiden.





Afd. IV, 31, blad 13, Uitkijkpost van stro.






Afd. IV, 31, blad 16, Ezel met tuig.


Van dat tuig is vast meer te zeggen dan ik kan.
Het lijkt me niet geschikt om de ezel te kunnen berijden.
Waar het dan wel voor dient is mij onbekend.




Het Turfschip van Breda IV (stripverhaal)

 

De verteller 

Dit stripverhaal bestaat uit een tekst die los gebaseerd is op het verhaal geschreven door Alphonse Timmermans.

Er is een beroemd verhaal: het paard van Troje. Het vertelt hoe door een list met een hol paard, de stad Troje werd overwonnen. De vergelijking met het Turfschip van Breda ligt nogal voor de hand.

Hier pakken we het verhaal weer op van de vorige editie. En dit maal is het voor het laatste deel.






Het Turfschip lag nog buiten het Kasteel.
De Italiaanse soldaten (die in Spaanse dienst waren)
sleepten het schip het Kasteel binnen.
Eenmaal in het Kasteel begon Van Bergen het schip te lossen.
Maar wilde natuurlijk daar niet te ver mee komen.
Dan zouden immers de Nederlandse soldaten ontdekt kunnen worden.
De knecht bleef maar pompen. Dat viel wel op.







Nu was het de vooravond van carnaval.
De stemming zat er al in dus stelde Van Bergen voor
een glas te gaan drinken in de stad.
Daar hadden de soldaten wel oren naar.







Willem van Bergen verliet inmiddels de stad om Prins Maurits
te vertellen dat het plan op schema lag.
De soldaten in het ruim waren onrustig en dat hoorde een van de wachters.







En weer was het Adriaen van Bergen die de missie redde.
Maar nu werd het toch echt tijd om in actie te komen.







Er worden schoten gelost, de Heraugiere raakt gewond.
De Spanjaarden delven het onderspit en slaan uiteindelijk op de vlucht.
De soldaten die in de stad waren zijn gealarmeerd
en schieten hun collega’s te hulp.
Hohenlo en Prins Maurits naderen de stad met versterkingen.







Met beperkte middelen werd zo een belangrijke slag geslagen.
De turfschippers speelden daarin een belangrijke rol.
Vandaar het standbeeld voor Adriaen van Bergen in Breda.





Ga maar eens kijken op het Stadserf.











Het verhaal van Troje inspireerde Gerrit de Morxc3xa9e tot ten minste deze twee illustraties.










De portretmedaillons in het Kasteel van Breda

Op de website Plaatsengids.nl staat de onder andere de volgende tekst
over de binnenplaats van het Kasteel van Breda:

De verbouwingen van 1826/28 zijn uit kunsthistorisch oogpunt bezien fataal geweest, omdat het paleis hierdoor voor een groot gedeelte zijn karakter heeft verloren. xe2x80x9cOp de binnenplaats van het Kasteel zijn nog wxc3xa9l 36 terracotta portretmedaillons met portretten en profil van beroemde Griekse en Romeinse figuren uit de Oudheid bewaard gebleven. De medaillons, in de boogzwikken van de zuilengalerij in de noord-, oost- en zuidvleugel, werden vermoedelijk ontworpen door de bouwmeester van het Kasteel ten tijde van Hendrik III van Nassau, Thomas Vincidor de Bologna. Uit het dagboek der verbouwing van 1827/28 blijkt duidelijk dat het behoud van deze en verdere xe2x80x98muursieradenxe2x80x99 aan het persoonlijk ingrijpen van koning Willem I is te danken.

Onlangs was in deze weblog nog een oude foto te zien
van een van deze portretmedaillons:

Foto: G. de Hoog, Medaillon Solon van Athene, binnenplein hoofdgebouw Kasteel Breda, Rijksdienst voor de Monumentenzorg, 28/08/1906.


En omdat ik gisteren wat foto’s kon maken in het Kasteel van Breda,
zie je vandaag hier ook een aantal foto’s van de medaillons.
Maar ook andere mooie plaatjes.

Aristides, Athene.

Aristides, bijgenaamd de Rechtvaardige,
was een Atheens staatsman ten tijde van de Perzische Oorlogen.


Solon, Athene.


Bloemmotief.

In de hoeken zit aan de ene kant dit bloemmotief terwijl
in de andere hoek van de binnenplaats een dubbelportret zit:


Dubbelportret.


Constantinus.


Pater et Fi.

Dit dubbelportret kan betrekking hebben op keizer Constantijn de Grote
(Flavius Valerius Aurelius Constantinus) en zijn zoon en opvolger.
Maar er kan ook best een ander verhaal achter zitten.
Hier moet ik nog verder naar op zoek.


Julius Ceasar.

Maar ga je door onderstaande Henricus-poort (Graaf Hendrik III)
dan zie je ook nog andere mooie dingen:


Henricus-poort.


Ik heb een zwak voor deuren en poorten.


Binnenplaats met medaillons.


De poort van binnenuit.


De omgang.


Cadeau (?) onderofficieren KMA 1928.


Huldeblijk oud-cadetten, 1978.



Geen idee. Nu in 2021 wijst een lezer er op dat dit een afbeelding is van een dolfijn. Een vrije interpretatie.




Laatste stukje deur voor vandaag.


Het Kasteel van Breda / KMA

Tijdens de rondleiding over het KMA-terrein kon ik heel wat foto’s maken
van het Kasteel van Breda.
Op een kopergravure die afgebeeld staat in
“Beschyving der Stadt en Lande van Breda” van Thomas Ernst van Goor
uit 1744, wordt het kasteel als volgt afgebeeld:

Thomas Ernst van Goor, Beschyving der Stadt en Lande van Breda.

De titel bij de plaat is: “Het hof der Princen van Oranje te Breda”.


Zo zag het er vanochtend uit: 30/04/2009.



Het zal wel traditie zijn: namen in de poort van het kasteel.


Op de medaillons kom ik later nog terug.


Borstbeeld van Eisenhouwer.


Links.


Toren rechts.


Drie torens op rij.


Dit is de plaats waarvan de archeologen vermoeden dat het de plaats is waar het turfschip in 1590 het kasteel binnenkwam.

De vos bovenop het monument vertegenwoordigt de sluwheid.


Door Bergen’s loozen zin, en Heraugiere’s beleid, werd deze Nassau-veste, van het Spanse juk bevrijd.


Terug naar het renaissancepaleis van Mencia de Mendoza en Graaf Hendrik III.



Sporen van het renaissancepaleis in de muren.


Naast een kasteel ook groen en water en muren met torens.


Het Spanjaardsgat: de granaattoren.


De Nieuwe haven vanaf het Spanjaardsgat.


De Duiventoren en de Onze Lieve Vrouwe Kerk.


Een deel van het water op het KMA-terrein.


De Nieuwe haven .


De Hoge Brug.



Granaattoren.



Jeroen Henneman, Koning Willem I.


Nog meer paleis / kasteel.


De toegangspoort tot het kasteel.


De Stadhouderspoort met toegang tot het Kasteelplein.




 

Het Turfschip van Breda III (stripverhaal)

 

De verteller 

Dit stripverhaal bestaat uit een tekst die los gebaseerd is op het verhaal geschreven door Alphonse Timmermans.

Het boekje met deze tekst: “Turfschip van Breda” is onderdeel van een geschiedkundige reeks genaamd ‘Ons volk in leven en streven’. Het deeltje in mijn bezit is gepubliceerd in 1951 De illustraties die ik hier gebruik zijn uit dit boekje en zijn gemaakt door de Bredase kunstenaar/illustrator Gerrit de Morxc3xa9e.

Hier pakken we het verhaal weer op van de vorige editie.

Exc3xa9n dag nog.
De soldaten wordt door Prins Maurits gevraagd het nog xc3xa9xc3xa9n dag vol te houden.









De wind draait uiteindelijk.
Het was nog onvoldoende om het schip
met al de soldaten te laten vertrekken.
Daarom gingen de soldaten te voet verder.
Het lichtere schip kon dan vertrekken en hen verderop,
voorbij het speelhuys weer laten instappen.
Natuurlijk was dat niet zonder risico.
De wapenuitrusting van zeventig mannen maakt een hoop lawaai.
Er was dus een rexc3xable kans dat ze zouden worden ontdekt.









Op inmiddels zaterdag, kwam het schip aan bij het Reigersbos.
Daar was een soort grenspost.
De rivier was afgesloten met een slagboom.
De Spaanse bezetters lieten alleen schepen door die toestemming hadden.
Een Spaanse korporaal kwam aan boord voor controle.









Niemand hoestte, niemand kuchte.
De Spaanse inspectie werd veilig doorstaan.









Bij de sluis van het kasteel aangekomen,
was het weer wachten.
Nu op de vloed. Dan kon men via de sluis het kasteel binnen.
Helaas liep toen het schip op een zandbank en begon het water te maken.
De soldaten stonden al snel met hun voeten in het ijskoude water.









De Italiaanse soldaten in Spaanse dienst hadden het koud
en kwamen het schip op de oever tegemoet.
Men wilde turf hebben om zich te warmen.
Ze hadden geen boodschap aan het wachten op de vloed.
De schippers gooiden daarom een deel van het turf
dat op het dek lag op de oever.









Inmiddels stond het water al aan de kuiten van de soldaten in het ruim.
Matthijs Helt, een van die soldaten, was ziek.
Zijn hoesten werd een groot probleem.
Maar de schippers kwamen op het idee om het water uit het schip te pompen.
De pompgeluiden overstemden de geluiden uit de romp van het schip.





Deze illustraties zijn gemaakt door de Bredase kunstenaar/illustrator Gerrit de Morxc3xa9e.