Verso – Een ridder in Vaud, een vorst in Saksen

– over twee achterkanten en twee politieke werelden –

De tentoonstelling Verso – Tales from the Other Side
was opgedeeld in secties. In de teksten wordt soms gesproken over ‘rooms’.
Met dit bericht zijn we aangekomen bij de vijfde sectie
waarin schilderijen aan bod kwamen waarop op de achterkant wapenschilden zijn te zien.
In dit bericht de eerste twee schilderijen.
Later volgen er nog een paar.

DSC05767 01 BazelKunstmuseumBaselVersoNiederländischerMeisterPortaitOfJacobOfSavoyCountOfRomontUm1475MischtechnikAufEichenholz
Bazel, Kunstmuseum Basel, Verso, Niederländischer Meister, Portait of Jacob of Savoy, Count of Romont, um 1475, mischtechnik auf eichenholz. Inv. 457.
DSC05767 02 BazelKunstmuseumBaselVersoNiederländischerMeisterPortaitOfJacobOfSavoyCountOfRomontUm1475MischtechnikAufEichenholz
DSC05766 01 BazelKunstmuseumBaselVersoNiederländischerMeisterPortaitOfJacobOfSavoyCountOfRomontUm1475MischtechnikAufEichenholz Verso
Verso, de andere kant van de afbeelding.
DSC05766 02 BazelKunstmuseumBaselVersoNiederländischerMeisterPortaitOfJacobOfSavoyCountOfRomontUm1475MischtechnikAufEichenholz Verso
DSC05766 03 BazelKunstmuseumBaselVersoNiederländischerMeisterPortaitOfJacobOfSavoyCountOfRomontUm1475MischtechnikAufEichenholz Verso

Niederländischer Meister

In de 15e eeuw vormden de Bourgondische hertogen een uitgestrekt rijk
dat zich uitstrekte van Dijon tot aan de Noordzee.
Het bestond uit twee delen:
het zuidelijke hertogdom Bourgondië in het huidige Frankrijk,
en de noordelijke Bourgondische Nederlanden
— Vlaanderen, Brabant, Holland, Zeeland en de omliggende gewesten.
Aan het hof van Karel de Stoute groeide deze noordelijke regio uit
tot een centrum van verfijnde schilderkunst,
met meesters als Rogier van der Weyden en Hans Memling.
Wanneer een museum in het Duits spreekt van een Niederländischer Meister,
bedoelt het daarom de schildertraditie van deze Bourgondische Nederlanden.
Het is een stilistische aanduiding:
een manier om een anonieme schilder te plaatsen
binnen de Vlaamse/Nederlandse hofkunst van de 15e eeuw,
zonder een specifieke naam of atelier te claimen.

Binnen dat Bourgondische netwerk bewoog Jacob II van Savoye zich
als bondgenoot van Karel de Stoute tussen Dijon, Brussel en de Vlaamse steden.
Zijn portret past precies in die wereld:
het is geschilderd in de verfijnde stijl die aan het Bourgondische hof tot bloei kwam,
met aandacht voor stofuitdrukking, sieraden en een beheerste,
bijna sculpturale weergave van het gezicht.
Omdat de maker onbekend is,
maar duidelijk tot deze Vlaamse‑Nederlandse hoftraditie behoort,
gebruikt het museum de brede term Niederländischer Meister.
Zo wordt het werk geplaatst in de schilderkunst van de Bourgondische Nederlanden,
zonder een specifieke meester of atelier te hoeven noemen.

Een korte biografische schets

Jacob II van Savoye (geboren 1450) was een jongere zoon
uit het machtige huis Savoye, een dynastie die haar invloed uitstrekte
over de Alpen en het gebied rond het Meer van Genève.
Als tiener kreeg hij het Pays de Vaud als apanage:
een samenhangende regio van steden, kastelen en landerijen
in het westen van het huidige Zwitserland,
met Romont als een van de centrale plaatsen.
Het was geen strak afgebakend territorium zoals moderne staten,
maar een herkenbare machtszone
waar de Savoyaardse hertog daadwerkelijk gezag uitoefende.
Voor Jacob betekende dit dat hij niet alleen een titel droeg,
maar een reëel gebied bestuurde
— met inkomsten, soldaten en een eigen regionale identiteit.

In de jaren 1470 sloot hij zich aan bij Karel de Stoute,
de Bourgondische hertog, en bewoog zich in de hoogste kringen van een hof
dat bekendstond om zijn ceremonie, pracht en verfijnde kunst.
Na Karels dood in 1477 bleef Jacob trouw aan diens erfgename
Maria van Bourgondië, wat hem in 1478 een plaats opleverde
in de Orde van het Gulden Vlies, het exclusieve riddergenootschap
van de Bourgondische elite.
Hij stierf enkele jaren later, vermoedelijk rond 1485/86,
waardoor zijn portret een zeldzaam venster vormt op een edelman
die zijn politieke en militaire rol binnen het Bourgondische netwerk
maar gedeeltelijk heeft kunnen vervullen.

Portret

Het portret dat Jacob rond 1475 toont, past precies in de Bourgondische hofcultuur.
Zijn blik is licht asymmetrisch, maar daar is geen historische aanwijzing voor:
geen enkele bron vermeldt een oogafwijking,
en Vlaamse meesters gebruikten subtiele variatie om een gezicht levendiger te maken.
Hij draagt een meerlagige ketting met kralen en een zware hanger
— geen officieel insigne zoals het Gulden Vlies,
maar een persoonlijk sieraad dat binnen hofportretten
minder gebruikelijk is dan formele orde‑tekens.
Daarnaast draagt hij een pinkring met een steen,
een subtiel teken van persoonlijke status.
Zijn handen liggen ongewoon laag in beeld, met de vingers over elkaar
— een ingetogen, bijna zuinige houding
die het portret een opvallende terughoudendheid geeft.

Wapenschild

Het familiewapen van Jacob II van Savoye
is een uitgesproken voorbeeld van laatmiddeleeuwse heraldiek
waarin macht en afkomst visueel samenvallen.
In het midden staat het Savoyaardse kruis — wit op rood —
omgeven door een blauwe rand met gouden versiering.
Daarbuiten, op rood en tussen gouden stiksels,
staat een reeks goudkleurige tekens; ze lijken op letters,
maar zijn te gestileerd en te fragmentarisch
om als leesbare tekst te worden geïdentificeerd.
Daaromheen staan stralende punten die het geheel als een zon omringen.
Aan weerszijden houden beren het schild vast,
een verwijzing naar kracht en standvastigheid,
terwijl bovenop een gouden helm prijkt met een gevleugelde leeuwenkop
als helmteken: een symbool van moed en waakzaamheid.
De rode en witte bladkrullen verwijzen naar de kleuren van Savoye,
en onderaan verschijnt een kleine gevleugelde hengst,
een teken van snelheid en adel.

Op het eerste gezicht lijkt het wapen goed te lezen,
maar gaandeweg worden details zichtbaar die zich moeilijk laten duiden,
zoals de sporen van een tekst onder de gevleugelde hengst
waarvan geen letter meer te onderscheiden is.

Waarom hij zo’n typische “heraldieke persoonlijkheid” is

Jacob is precies het soort edelman dat trots was op afkomst en territorium,
en dat niet alleen kon maar ook moest zijn.
Als jongere zoon moest hij zich via titels, functies en symbolen profileren;
hij beschikte over een eigen machtsbasis in het Pays de Vaud;
hij leefde in een hofcultuur waarin identiteit zichtbaar werd gedragen
in kleding, sieraden en wapenschilden;
en hij vervulde militaire functies waarin banieren, kleuren en heraldiek
een centrale rol speelden.

Kortom:
Jacob II belichaamt het laatmiddeleeuwse idee dat macht en afkomst
niet alleen bezit waren, maar ook beeldtaal.
Hij is precies het type mens dat zijn achtergrond niet verbergt,
maar met overtuiging toont — in wapens, insignes en portretten.


DSC05769BazelKunstmuseumBaselVersoCoatOfArmsTxt
Zaaltekst bij de vijfde sectie van de tentoonstelling.

DSC05772 01 BazelKunstmuseumBaselVersoLucasCranachDerÄlterPortraitOfJohannFriedrichTheMagnanimousElectorOfSaxony1533ölAufBuchenholzInv1228
Lucas Cranach der Älter, Portrait of Johann Friedrich, The Magnanimous, Elector of Saxony, 1533, öl auf buchenholz. Inv. 1228.
DSC05772 02 BazelKunstmuseumBaselVersoLucasCranachDerÄlterPortraitOfJohannFriedrichTheMagnanimousElectorOfSaxony1533ölAufBuchenholzInv1228
DSC05772 03 BazelKunstmuseumBaselVersoLucasCranachDerÄlterPortraitOfJohannFriedrichTheMagnanimousElectorOfSaxony1533ölAufBuchenholzInv1228
DSC05773  01 BazelKunstmuseumBaselVersoLucasCranachDerÄlterPortraitOfJohannFriedrichTheMagnanimousElectorOfSaxony1533ölAufBuchenholzInv1228
DSC05773  02 BazelKunstmuseumBaselVersoLucasCranachDerÄlterPortraitOfJohannFriedrichTheMagnanimousElectorOfSaxony1533ölAufBuchenholzInv1228
Zo zijn de wapenschilden misschien nog iets duidelijker.

De Grootmoedige

Johann Friedrich (geboren 1503) was keurvorst van Saksen
— een van de zeer selecte vorsten binnen het Heilige Roomse Rijk
die het recht hadden om de keizer te kiezen.
Die positie gaf hem aanzienlijke politieke invloed
en maakte zijn dynastieke representatie extra belangrijk.
Hij stamde uit het Huis Wettin, een oude dynastie
die al sinds de middeleeuwen de Saksische gebieden bestuurde.
Binnen dat huis bestonden twee takken: de Albertijnse en de Ernestijnse linie.
Johann Friedrich behoorde tot die Ernestijnse tak,
die in zijn tijd de leiding had over Wittenberg en het Saksische keurvorstendom.

Als beschermheer van Luther en de universiteit van Wittenberg
speelde hij een sleutelrol in de verspreiding van het protestantse geloof.

Zijn bijnaam der Großmütige verwijst naar zijn reputatie
als loyale, principiële vorst.

In 1527 trouwde hij met Sibylle van Kleef,
waarmee hij de Saksische dynastie verbond aan het Rijnlandse huis Kleef‑Jülich‑Berg
— een alliantie die zowel politiek als symbolisch gewicht had
binnen het Heilige Roomse Rijk.

Hij overleed in 1554, 51 jaar oud, aan een plotselinge infectie die een lichaam trof
dat al verzwakt was door jaren van gevangenschap na de Schmalkaldische Oorlog.

Het portret en de achterkant

Lucas Cranach der Ältere schilderde Johann Friedrich in 1533,
in een sobere maar statige pose
— een stijl die zowel past bij de ingetogen Saksische hofcultuur
als bij de vroege protestantse voorkeur voor waardige eenvoud.
De keurvorst draagt een bontkraag en een rijk geborduurde halsband
met de inscriptie “ALS IN EREN”
— een morele uitspraak die Cranach niet als versiering
maar als karakterteken gebruikte.
De woorden, deels herhaald in het patroon van de stof,
presenteren de keurprins als iemand die leeft in overeenstemming met eer en waardigheid.
In de context van Wittenberg, waar geloof en gedrag nauw verbonden waren,
krijgt die korte tekst de kracht van een belofte:
een vorst die zijn positie niet door pracht maar door deugd bevestigt.
De meerlagige ketting en de ring met een steen onderstrepen zijn persoonlijke status,
terwijl de lage, verstrengelde handhouding een ingetogen waardigheid uitstraalt.

Op de achterkant van het paneel zijn, tussen twee later aangebrachte Franse briefjes,
twee kleine wapenschilden zichtbaar: het Saksische en het Kleefse wapen.
Die heraldische combinatie verwijst naar het huwelijk
tussen Johann Friedrich en Sibylle;
bij zulke vorstelijke verbintenissen was het gebruikelijk
dat er meerdere, vrijwel identieke portretten werden vervaardigd,
zodat ze konden functioneren als diplomatiek geschenk
én als publieke bevestiging van de huwelijksband tussen twee huizen.

De verso fungeert zo als heraldische pendant bij het portret,
en bevestigt dat het werk oorspronkelijk deel uitmaakte van een tweeluik.
Andere versies van dit portretpaar zijn bewaard gebleven,
onder meer in het Statens Museum for Kunst in Kopenhagen
— een teken dat het hof van Johann Friedrich
dit beeld bewust liet circuleren, en dat Cranach en zijn atelier
het portret daarom in serie vervaardigden als dynastiek en religieus statement.


Karel de Stoute, Pracht en Praal in Bourgondie

Ik heb de vier inleidende studies gelezen van de catalogus
behorende bij de tentoonstelling
Karel de Stoute, Pracht en Praal in Bourgondië.
Ik wil in deze log even stil staan bij die vier studies en mijn reactie
op die stukken geven.
Natuurlijk heb ik geprobeerd mijn reactie te voorzien
van een paar mooie afbeeldingen.



Catalogus: Karel de Stoute, Pracht en Praal in Bourgondië.


De namen van de studies staan in het Engels omdat
ik de Nederlandse titels niet ken.
De Nederlandse catalogi waren uitverkocht toen ik
in Brugge was.

Reasonable foly: Charles the Bold,
Duke of Burgundy (1433 – 1477)

Werner Paravicini.

  Volgens deze introductie/samenvatting van de tentoonstelling was Karel de Stoute een…just, hardworking, bureaucratic, absolute, rigorous, moral, thrifty, ostentatious, ceremonious, ambitious, proud, impatient, cruel and feared ruler.In het Nederlands een rechtvaardige, hardwerkende, bureaucratische, absolute, rigoreuze, moreel, gedreven, opzichtige, ceremoniële, trotse, ongeduldige, wrede en gevreesde heerser.
De schrijver probeert te bewijzen dat Karel de Stoute een van de eerste, moderne, politiek bewuste leiders in Europa was.
Een claim die niet helemaal stand houdt door het onnodig wreed en uiteindelijk niet succesvol optreden.
Daardoor vraag je je af of zijn tegenstanders dan wel zo ouderwets waren.

Rogier van der Weyden, Chroniques de Hainaut, Opdrachtpagina, 1448.Philips de Goede staat hier afgebeeld met de jonge Karel de Stoute.Koninklijke Bibliotheek van België, MS. 9242 f.1r.


Rogier van der Weyden, Chroniques de Hainaut, Opdrachtpagina, 1448 (detail).


Rogier van der Weyden, Chroniques de Hainaut, Opdrachtpagina, 1448 (detail).Philips de Goede met Karel de Stoute.Leuke schoenen!


Palaces and tent filled with art:
the court culture of Charles the Bold.

Birgit Franke en Barbara Welzel.
Op overtuigende wijze beargumenteren de schrijfsters
dat de luxe waarmee de Bourgondische vorsten zich omringden,
meer functies had dan een platte pronkzucht alleen.
De hofcultuur was een van de vele middelen die ingezet werden
in de strijd en consolidatie van de macht.


 photo PeterPaulRubensKarelDeStouteC1618GG.jpg

Peter Paul Rubens, Karel de Stoute, omstreeks 1618.



The vestments of the Order of the Golden Fleese.
A major work of Burgundian court art.

Katia Schnitz-von Ledebur
Korte maar grondige inleiding op de visuele aspecten
van de religieuze gewaden die deel uitmaakten
van de inventaris van de Orde van het Gulden Vlies.
De analyse toont aan hoe doordacht deze geborduurde
kunstwerken zijn ontwikkeld.


Kazuifel, Transfiguratie van Christus, Bourgondische religieuze gewaden, 1425 – 1440.

Op de inventaris van de Orde van het Gulden Vlies
komen een aantal liturgische gewaden en voorwerpen voor.
Onderdeel van die voorwerpen zijn een aantal kazuifels en koorkappen.
Deze zijn bijzonder mooi geborduurd.
Hier ziet u een afbeelding van God de Vader.


Kazuifel, Transfiguratie van Christus, 1425 – 1440.

De afbeelding van God de Vader bevindt zich op het kasuifel
in het midden aan de top.
De transfiguratie van Christus wordt weergegeven in het midden
van de kazuifel. Daar is in een kruisvorm afgebeeld hoe Christus
ten hemel vaart. Beneden Petrus, de plaatsvervanger van Christus (de Paus)
Boven God de Vader.
Dit is de achterzijde van het kazuifel.
Dit is de kant die de mensen zagen tijdens de eucharistieviering.
Links en rechts van het kruis zijn heiligen te zien.
Links de vrouwen, rechts de mannen.


Transfiguratie van Christus, 1425 – 1440.

Dit is de voorzijde van hetzelfde kazuifel als hierboven getoond.
In het midden is onderaan de doop van Christus te zien.
Daarboven de duif als symbool voor De Heilige Geest
en God de Vader bovenaan.


Het lezen van dit stuk of aanverwante stukken is misschien voor sommige
moeilijk zonder toelichting op de gebruikte begrippen.
Daarom hier een woordenlijst.

Albe   Veelal wit onderkleed te dragen onder een kazuifel
Amict Rechthoekige doek met twee linten die onder religieuze gewaden wordt gedragen ter bescherming van die gewaden.
Antipendium   Afneembare versiering/front van de altaartafel.
Bursa  Opbergplaats/houder van de corporale
Cingel   Koord dat gebruikt wordt om de albe op maat te maken en de stola vast te houden
Ciborie Kelk in de katholieke kerk waarin geconsacreerde hosties worden bewaard.
Corporale   Wit linnen doek, vierkant. Wordt op het altaar gelegd waarna de kelk en dergelijke er op worden geplaatst.
Dalmatiek  Gewaad voor de diaken.
Kazuifel Liturgisch gewaad dat een priester draagt tijdens de eucharistie. Uitgevoerd in de liturgische kleuren en op verschillende manieren versierd.
Kelkdoekje Doekje dat gebruikt wordt om de kelk schoon te maken na gebruik.
Koorkap  Liturgische mantel gebruikt in processies en andere gelegenheden. Niet tijdens de dienst.
Manipel   Op de linker onderarm gedragen smalle doek. Verbeeld de zweetdoek van Christus.
Monstrans  Hostiehouder die gebruikt wordt om de hostie te tonen. Gebruikt in processies.
Palla   Met witte stof overtrokken karton dat gebruikt wordt om tijdens de dienst de kelk af te dekken.
Paramenten   Verzamelnaam voor de textiele voorwerpen die in Christelijke diensten worden gebruikt.
Pateen Plat schaaltje van edelmetaal dat gebruikt wordt  om tijdens de eucharistie de hostie op te leggen.
Superplie Een wijd, wit linnen hemd, dat reikt tot aan de knieën en gedragen wordt over een toog.
Toog Lang en wijd gewaad voor bijvoorbeeld misdienaars.
Velum Doek die gebruikt wordt om bijvoorbeeld een monstrans of ciborie te dragen zonder die voorwerpen met blote hand aan te raken.

The image of Charles the Bold.
Till-Holger Borchert.
Interessant stuk over de afbeeldingen van Karel de Stoute.
Ook over hoe speculatief “wetenschap” soms is.
Van alle portretten waarvan we zeggen dat Karel de Stoute
er op staat afgebeeld, is er maar 1 die waarschijnlijk
van de levende Karel is gemaakt:
het portret gemaakt (?) door Rogier van der Weyden
rond 1460 van de dan nog jonge erfgenaam.
Alle andere portretten zijn geschilderd naar andere,
inmiddels verloren gegane werken.
Het onthoudt ons er echter niet van om op schilderijen
van Van der Weyden en Memling,
Karel te herkennen in een van de Wijzen bij de Kerststal
en in een apostel bij het Laatste Oordeel!


Rogier van der Weyden, Karel de Stoute, circa 1460.


Karel de Stoute: portretten

Hoe zag die Karel de Stoute er eigenlijk uit.
Is er een mooi portret van?
Gelukkig wel, want het portret van Rogier van der Weyden
geeft Karel een gezicht.
Maar er zijn best heel wat portretten.
Kijk maar.

Anoniem, Een in rouw gehulde Karel de Stoute omringd door hovelingen en ridders van het gulden vlies, 1500.

Parijs, Bibliotheque Nationale de France, Ms.Fr. 2689 Fol.10.
Karel de Stoute wordt ter gelegenheid van zijn troonsbestijging in 1467
aangemaand tot matigheid en geduld.
Miniatuur in Georges Chastellain,
Advertissement au Duc Charles soubs fiction de son propre entendementparlant a luy-mesme.


Anoniem, Karel de Stoute draagt Orde van het Gulden Vlies, circa 1500.


Anoniem, Portret van Karel de Stoute, hertog van Bourgondie, Rijksmuseum SK-A-3836, 1460 – 1480.


Gerard Loyet, Reliekhouder met Karel de Stoute en St. Joris, 1467 – 1471.

Idem, detail.


Giovani Filangeieri De Candida, Portret van Karel de Stoute, 1468.


Karel de Stoute te paard.

Uit:
GESCHIEDENIS VAN BELGIEx8b DOOR Hendrik Conscience.
VERSIERD MET 200 HOUTSNEDEN GETEEKEND DOOR WAPPERS, HAMMAN, LAUTERS, JACOB-JACOBS,
LIES, HENDRICKX, CAROLUS, BAUGNIET, VAN LERIUS, DE HOY, ENZ.
in hout gesneden door
H. EN W. BROWN, VERMORCKEN, HEMELEER, PANNEMAKER, ENZ.
Antwerpen, J.-E. BUSCHMANN.
Brussel, ALEX. JAMAR.1845.

Het lijk van Karel de Stoute wordt gevonden.

Dezelfde bron als hierboven.


Miniatuur, Karel de Stoute deelt nieuwe ordinantie uit in 1473, The British Library, Add.Ms. 36619 F 5R.

Twee details van deze miniatuur wil ik er even uitlichten:

1. de wandversiering voor de kijker rechts van Karel;
2. het vloerkleed. Dat hebben we reeds eerder gezien.

Vuursteen, vuurslag en vuur.

Vloerkleed met wapens van de ‘verzamelde’ gebieden waarover werd geregeerd.


Karel de Stoute zit bijeenkomst van de ridders van het Gulden Vlies voor, in Brugge in
1468, miniatuur Fillastre’s Histoire de la Toison d’or, 1472.


Lievin van Lathem, miniatuur Karel de Stoute en St. Joris.


Rogier van der Weyden, Karel de Stoute, circa 1460.


Diptieken in Antwerpen

Vandaag begint dan de tentoonstelling met vroeg Nederlandse diptieken.
Volgens mij zeer de moeite waard.

In een internationale nieuwsbrief vond ik het volgende:

Hans Memling: de Maagd met Kind & Maarten van Nieuwenhove, 1487.

Lees verder