Gelezen: Wie is wie in Max Havelaar?

Uitgeverij De Buitenkant geeft een hele leuke serie uit:
Uitgelezen boeken.
Altijd onderwerpen die met het boekenvak te maken hebben.
De ondertitel van de serie is dan ook:
Katern voor boekenkopers en boekverkopers.
De uitgave van maart 2020 gaat dus over de Max Havelaar.

PhilipVermoortelWieIsWieInMaxHavelaar

Philip Vermoortel, Wie is wie in Max Havelaar?


Philip Vermoortel probeert in 60 pagina’s te achterhalen
wie er model hebben gestaan voor de verschillende personages
in de Max Havelaar.
Wie kent niet: Droogstoppel (makelaar in koffie), dominee Wawelaar,
Sjaalman of het tragische liefdespaar Saïdjah en Adinda?

Het exemplaar dat ik ontving kwam in een speciale envelop:

PhilipVermoortelWieIsWieInMaxHavelaarEnvelop


En met een mooie, losse kaart van Indonesië.

IMG_3423PhilipVermoortelWieIsWieInMaxHavelaar

The Dutch possessions coloured thus.


IMG_3423PhilipVermoortelWieIsWieInMaxHavelaarFlores

Gisteren werd ‘Flores’ niet zonder reden onder de aandacht gebracht. Zelf waren wij daar in 2006.


Het katern is een aanrader!

De taalstaat

Op zaterdagochtend luister ik vaak naar Frits Spits.
Zijn huidige programma heet de Taalstaat.
Allerlei aspecten van de Nederlandse taal komen aan de orde.
Ik ben geen taalpurist maar Frits Spits is een fantastische
programmamaker.
Hij kan over ieder onderwerp een superaantrekkelijk programma
maken en mij maakt het dan niets uit waarover het gaat.

In het kader van 15 augustus, het einde van de Tweede Wereldoorlog
in Indonesië stond hij in het programma stil bij
woorden in de Nederlandse taal die we overgenomen hebben uit Indonesië.
Adriaan van Dis werd daarvoor telefonisch geïnterviewd.

Van Dis kon er zo een hele reeks uit zijn mouw schudden, elk met een
korte toelichting.
Toen Frits Spits zijn fascinatie voor het overnemen van woorden uit
een andere taal uitsprak zei van Dis:
“De taal is niet van de PVV”.
Het is schitterend dat een bekende Nederlander (een van de weinige)
zich zo consequent en onderbouwd uitspreekt tegen het gedachtegoed van de PVV.

AdriaanVanDisDeTaalIsNietVanDePVVDeTaalstaat20180811

De uitzending van de Taalstaat is vast al terug te luisteren via internet.


Gelezen. Alfred Birney: De tolk van Java

WP_20180307_14_11_50_ProAlfredBirneyDeTolkVanJava

Alfred Birney, De tolk van Java.


Waarom dit boek in de literaire prijzen valt is mij onduidelijk.
Daarmee is niet gezegd dat het boek niet relevant is.

Het boek beschrijft het leven van een man en zijn familieleden in
wat we nu Indonesie noemen. De tijd waarin de gebeurtenissen zich afspelen
is de bezetting door Japan en de politionele acties.

Daarnaast beschrijft het boek het leven van het gezin van de man
uit Indonesie in Nederland na de politionele acties.

Het boek beschrijft dit van verschillende invalshoeken.
Van officiele rapporten, krantenartikelen, officiele brieven van de
mariniers, ervaringen van dader, slachtoffers en betrokkenen.
Een manuscript over de tijd als Nederlands marinier van Indonesische geboorte.

Best complex allemaal en soms schijnbaar ongestructureerd.

Maar het geeft heel goed aan in welke positie mensen kunnen geraken in een oorlog.
Daarom is dit boek relevant. Mensen in Nederland hebben hier vaak
geen voorstelling van.

Denk Syrie.
Vandaag wordt je onderdrukt door Bashar al-Assad, dan door zijn tegenstanders,
dan door IS, dan door een tegenstander van Assad die steun krijgt van Assad.
Dan door een aspirant-lid van de EU en de diverse groepen worden soms wel
en dan weer niet gesteund door grootmachten als Rusland en de USA.
Al die mensen hebben zo hun eigen idee over de regio maar jij krijgt
de bommen op je kop, jouw winkels zijn leeg en er is geen water.

Het boek ‘De tolk van Java’ deed mij erg denken aan het luisterboek
‘Indië vaarwel’ van Pans Schomper.
De Nederlandse gebeurtenissen van de tweede generatie zijn in
‘De tolk van Java’ wel nieuw.

Goed om te lezen, soms langdradig.
Relevant? Zeker maar literatuur?

Lopen & Indonesie

Vandaag voor de tweede keer gelopen deze week.
vorige week ook drie keer.
Maar we zijn nog niet terug op ons oude niveau.
Nog even volhouden.

De hele week staat al in het teken van Indonesie,
of beter gezegd in het teken van Nederlands Indie.
Ik ben de Stille Kracht aan het bekijken.
Vanavond hopelijk het laatste deel.

Verder luister ik in de auto naar een luisterboek
waarin iemand zijn jeugd in Indie beschrijft (Indië vaarwel van Pans Schomper).
Inclusief de bezetting, de kampen, de Indonesische vrijheidsstrijd,
en de tocht naar Nederland.
Verder heb ik vandaag gelopen in mijn T-shirt uit Gili Meno.
Vervolens ben ik een bezoek aan het Couperus museum
in Den Haag aan het plannen.

Voldoende Indonesie voor 1 week.

Kleine Soenda eilanden 19: het vaste land van Flores

Op weg naar Ruteng. Ruteng (of althans het centrum) is ruim opgezet.Daardoor maakt heteen stedelijke indruk.Veel faciliteitenzijn er niet voor Westerlingen(cafe, restaurant).

De markt is de meest in het oog springende activiteit.
Eigenlijk is het geen markt.
Het zijn de locale winkels aangevuld met
een aantal kramen langs de weg.
De ‘echte’ markt is in de buurt van de kathedraal.
Daar komen met name mensen uit de omgeving van Ruteng.
Op die markt helemaal geen textiel te zien (Manggarai omslagdoeken).
Laat staan omslagdoeken.
Ruteng is een echte reisdag.
Stel er niet te veel van voor.
Het hotel is basic.
Geen warm water.
Dat is niet erg als het warm is maar op deze hoogte
wordt het na 17:00 uur al gauw koud.
Even afzien dus.

Cashewnoten nog aan de boom.


Flores


Drogende cashewnoten, voor in de bus, in de zon. Later worden ze geroosterd in een hotel en kunnen we ze eten. Ze smaken prima.


Een restaurant zoals je er veel ziet in Indonesie. Achter het glas staat het eten al klaar. Je kunt zo kiezen.


Zomaar een dorp onderweg.


Ruteng met in de verte, aan het eind van de weg, de kathedraal.




Een Mariagrot in de buurt van de kathedraal.




In het hotel, of we nog een kleedje wilden?


Uitzicht vanuit het hotel (de daken vooraan zijn van een deel van de kamers). Je kijkt over het dorp uit. Het wordt al donker en koud.


Restaurantrekening uit Ruteng.


Kleine Soenda eilanden 11: ziek in Sumbawa Besar

Ik ben vanacht ziek geworden: diarree. Vanochtend met een aantal reisgenotennaar de stad Sumbawa Besar. Het is nationale feestdag in Indonesie. Men houdt appel en wij gaan er vanuit dat er wel wat te doen zal zijn in deze hoofdstad van het eiland. De winnaars van de marcheerwedstrijden komen naar het appel en daar wordt dan de vlag gehesen en houdt men toespraken. Men viert de onafhankelijkheid van Nederland.

Hoe we in de stad komen? We nemen een lijnbus of Bemo die langs komt.
Het geluk was met ons. Het hotel ligt aan het strand.
Om op de weg te komen moet je een beetje klimmen.
Ik hoorde verkeer maar liep achteraan in de groep.
De mensen vooraan hadden niet gelijk door dat het verkeer een bus was
maar hadden toch maar hun hand opgestoken.
De bus stopte, snel legde men een steen achter het wiel
zodat de bus blijft staan.
De bus nam ons mee naar het busstation.
Daar waren voldoende mensen die ons mee wilde nemen in een Bemo.
Dit is een busje op maat voor Indonesische passagiers.
Dus voor ons een laag dak en buiten kijken is moeilijk
(je zit met je hoofd tegen het dak, de ramen zijn te laag).
12 passagiers mogen er meerijden.12 van ons westerlingen zou niet lukken.
Met de 6 van onze groep en nog twee lokale mensen zit de Bemo wel vol.
De chauffeur heeft niet begrepen waar ons naar toe te brengen.
Een Engelssprekende vrouw helpt.
Er stappen 2 passagiers in: een jongen in schooluniform en een jonge vrouw.
Ze stappen op een plaats uit waar wij ook maar uitstappen.
Wat blijkt, we stappen uit bij de appelplaats waar de viering plaats vindt.
Eerst de vlag hijsen en dan het volkslied.

In werkelijkheid kwam er wat meer bij kijken maar samengevat was het dat wel.Kippen onder de bank in de bus.

Het appel.

Het grote moment, de vlag wordt gehesen.

Achteraf is opmerkelijk hoe weinig mensen er bij die appelplaats waren.
De genodigden waren oud militairen en politici.
In de stad was het meeste gesloten.
We zijn nog gaan zoeken naar het sultans paleis.
Dat paleis was volledig ontmanteld.
Alleen het geraamte stond er nog.
Het is wel een enorm gebouw.
Rond het middaguur zijn we terug naar het hotel gegaan
en hebben ons een middag rustig gehouden.
Tegen het eind van de dag heb zelfs ik nog even op het strand gelegen.
Maar wel onder de bomen!

Ik ken een Jos, leuke reclame voor hem.

Jalan betekent straan of weg. Wellicht is dit (JL Multatuli) de Multatuli-weg?

Restanten of skelet van het paleis van de sultan.In dit hotel was de stroomvoorziening en (mede daardoor) het eten problematisch. Het hotel ligt een eind van de stad. Te ver om even te gaan eten. Dat doe je dan in het hotel maar als er geen stroom is valt het niet mee.


Lees verder

Kleine Soenda eilanden 07: Lombok- Lingsar, Narmada, Tetebatu

Op dag 4 was Ali al begonnenom aan mij een t-shirt te verkopen. Nu heb ik er geen nodig maar het Gili-motief vond ik wel mooi. Dus op de ochtend van ons vertrek stond Ali op het strand voor het hotel om het t-shirt te verkopen. Gisteren XXXL, nu XL. Nog redelijk ruim voor mij. 150.000 RP was slechts de prijs voor mij (13.50 Euro). Na wat gesteggel heb ik gezegd dat ik er een wilde kopen voor 50.000 RP en dat het zijn keus was: verkopen voor 50.000 RP of niet. Na nogal wat heen en weergesteggel (mijn t-shirt dat ik aan had + 50.000 RP voor zijn t-shirt) werd het rustig. De boten arriveerden, we liepen het strand op en Ali kwam weer en wilde voor 50.000 verkopen (ik mocht het mijn medereizigers niet vertellen). Toen ik de waar controleerde op maat, het t-shirt opborg en hem 50.000 gaf, wilde hij natuurlijk toch meer. Niet deze keer. 50.000 RP is het dagloon van een palmsuikerbedrijf. Een heel bedrag.

Met spijt in het hart verlaten we het prachtige Gili Meno.

Vertrek van Gili Meno.

 






Onderweg naar Lingsar bezoeken we ook nog een markt.
Gedeeltelijk was het een overdekte markt.


Lange, groene bonen.






Hoezo warm?

Lingsar viel me wat tegen.
Hoewel het wel je verwachtingen scherp zet over wat je
op Lombok kunt verwachten.

Lingsar.













We bezochten een palmsuikerbedrijf en een dakpannenbedrijf.
Het palmsuikerbedrijf is een van de nevenactiviteiten van deze familie.
Ze hebben ook vee, verbouwen rijst en andere groente op het land.

Suikerpalm.


Vloeibare suikerdrank en bruine palmsuiker.

Het dakpannenbedrijf is meer een fabriek.







Drogerij voor tabaksbladeren.

Tabak.




Narmada had voor mij niet gehoeven.
Het is een tuin, een aantal jaren geleden aangelegd.
Het is een replica.
Niet echt heel bijzonder.
Het was er wel erg heet!

In de ochtend bleek dat een broek van L kapot was: 2 gaten.
Die hoeft/kan niet meer mee.
Gelijk gewisseld.