My Painting.nu

Lokaal 01 in Breda opent vanaf vandaag een nieuwe tentoonstelling.
Een tentoonstelling met een bijzonder concept.
Natuurlijk zullen de werken de moeite waard zijn om te gaan bekijken,
maar tijdens de tentoonstelling wisselt de opstelling
een aantal malen.
Dus niet een opstelling die gelijk blijft tot aan de zomer,
maar een opstelling die binnen het thema, ter versterking van het thema
zich gaat aanpassen.


Volgens de officiele introductie:

Samen met Jean-Marie Bytebier en Kris Van Dessel
selecteerde Lokaal 01 een 40-tal schilderijen
die als niet-narratief (niet-verhalend) gelden.
Zij maken je bewust van de plaats buiten het canvas.
Er wordt vier keer een andere selectie uit de werken getoond.
Respectievelijk Jean-Marie Bytebier en Kris Van Dessel (i.s.m. Lokaal 01),
Christophe Van Eecke, Jan Maarten Voskuil en Olphaert den Otter
doen een ingreep in de presentatie.
Ook studenten van de academie in Breda
en het publiek zullen nauw bij dit project betrokken zijn.

Kris van Dessel, Like a sticky butterfly, 2008.

Het oeuvre van Kris Van Dessel ontplooit zich reeds jaren
rond een consequent aangehouden thema:
architectuur, urbanisme en ecologie.
Bijgevolg zijn begrippen als ‘ruimte’ en ‘schaal’ essentieel
binnen de ontwikkeling van zijn beeldtaal.
Ruimtelijke ‘conflicten’ die zich manifesteren in onze leefomgeving
worden getraceerd en verbeeld in zijn tekeningen en schilderijen.
Deze zijn afgeleid van zijn streven om de problematiek
van architecturale, urbanistische en ecologische aard
om te buigen binnen een idealistische setting.
Zo worden realiteit en fictie, realisme en abstractie door elkaar gehaald
en ontstaan er beelden die het midden houden
tussen bouwtekeningen en abstract – constructivistische composities.
Vormelijk bekeken pendelt zijn werk tussen utopische plannen
en schetsen en het Suprematisme van weleer.

Als een plakkerige vlinder.

…en voor alle duidelijkheid, dat is de vertaling van de naam
van het schilderij dat hierboven is afgebeeld
en geen commentaar op de beschrijving
van het oeuvre van Kris Van Dessel.


Bruno Hardt.


Bert Frings.


Clemens Hollerer.


Jos van der Sommen.


Lieven Hendriks.


Martijn Schuppers.


 

Kunstvaria



Alec Soth, Germantown, Tennessee, 2007.


Dit is ook een foto over de Verenigde Staten.
Verderop kom je nog een foto tegen over New York.
Ook een goede foto maar New York is natuurlijk maar een stukje van de VS.
Dit is een heel ander beeld.





Eva Rothschild, Mass mind (Steel version), 2007.






George Segal, Chance meeting, 1989.






Helen Levitt, New York, 1988.






Jacob Jordaens, The Tribute Money: Peter finding the silver coin in the mouth of the fish, 1630 – 1645.


Eerst dringen in een telefooncel,
nu dringen op een boot.
350 jaar verschil.





Josef Koudelka, Invasion ’68: Prague.






Liberale di Verona, Madonna and Child, circa 1470.






Norman Lewis, Untitled (Alabama), 1967.






Paul Outerbridge, Images de Deauville, 1936.


Een fotografisch stilleven.





Richard Long, A line in Scotland, 1981.






Seated musician, Qin dynasty, 221-206 voor Christus, terracotta.





Rembrandt van Rijn

Ik ben bevooroordeeld en Nederlander.
Dus blijkbaar is dit onderdeel van onze culturele identiteit.
Ik geef toe als ik ergens een Rembrandt tegenkom,
Dan zal ik daar extra tijd aan besteden om er naar te kijken,
en dan is de kans ook erg groot dat er iets over op mijn web log komt.
Afgelopen week heb ik al het een en ander laten zien
van werken die ik vond op de web site van het
Nelson-Atkins Museum in Kansas.
Vandaag dan de Rembrandt.


Rembrandtvan Rijn, Portret van een jonge man, 1666.

Door het Rembrandt Research Project wordt dit schilderij ingedeeld bij de groep
algemeen geaccepteerd als een werk dat door Rembrandt zelf is geschilderd.
Een echte dus!
In 1666 zal Rembrandt nog drie jaar leven.
Hij is dan negenenvijfig of zestig jaar oud.
Het is de tijd waarin hij een serie prachtige zelfportretten schildert
als een man op leeftijd.
Het is het jaar waarin het Joodse Bruidje wordt geschilderd.
Een prachtig subtiel werk. Niet het grote gebaar.
Maar het zachte licht en het fijne gezicht.

Kunstvaria



Alberto Giacometti, Le Chat, 1951.






Filippo Lippi – Fra Diamante, Nativitxc3xa9 avec Saint Georges et Saint Vincent Ferrer, circa 1456.


Filippo Lippi en Fra Diamante waren beide Karmelieten.
Het werk wat Filippo Lippi begon in Spoleto werd door Fra Diamante afgemaakt.
De afbeelding hierboven is daar een voorbeeld van.





Flow, New Yorkers.






Franz Marc, The Dream, 1912.






Guido Cagnacci, David with the head of Goliath, 1645 – 1650.






Joan Mirxc3xb3, Jeune fille s’evadant, 1967.






Pablo Picasso, Bohemia Madrilexc3xb1a, Madrid, 1901.






Pieter Hugo, Mallam Mantari Lamal avec Mainasara, The hyena & other men, Nigeria, 2005.


‘The hyena & other men’ is een heel indringende fotoserie
met foto’s van mensen in Afrika die dieren houden en expoloiteren.





The Rothschild bucket, mid 14th century, Syria or Egypt.






Willem Willemsz van der Vliet, Portraits of Willem de Langue and Maria Pijnaeker, 1626.


Ik weet niet of deze schilderijen bedoeld zijn om zoals hierboven
te tonen. Het gaat om een echtpaar.
Dat wel.





Willem Willemsz van der Vliet, Portrait of Willem de Langue, 1626.


Willem Willemsz van Vliet (c. 1584-1642).
Schilder van historische stukken en portretten, ook schilder van kerkinterieurs.
Rond 1605 kan hij zijn opgeleid door Michiel van Mierevelt.
Hij vertoont beinvloeding door de Utrechtse Carravagisten
zoals Van Honthorst en Peter Wtewael
en door de Leidse schilder Jan Lievens.
Later in zijn loopbaan wordt hij meer beinvloed door classicistische tendensen.
Theatrale uitingen en actie verdwijnen ten gunste van rustige,
tijdloze en statige composities.





Willem Willemsz van der Vliet, Portrait of Maria Pijnaeker, 1626.


In 1626 schilderde hij de portretten van Willem de Langue
en zijn vrouw Maria van Pijnacker.
De Langue verplaatste zich graag in artistieke kringen en
had bijvoorbeeld te maken met Vermeer.
Zijn naam wordt vaak genoemd in het Delfts huizenregister.
Met inbegrip van een belangrijk gebouw aan de oostzijde
van de Oude Delft, nummer 202.




Indiase miniaturen

Miniaturen uit India zijn een lust voor het oog.
Okay, ik ben bevooroordeeld.
Ik vind veel uit India bijzonder (niet alles).
Maar de miniaturen zijn heel speciaal.
Ook het Nelson-Atkins museum, zie eerdere logs, heeft een verzameling.
De afbeeldingen die ik op het web zag
waren allemaal miniaturen met Westerse invloeden erin.
Best bijzonder, had ik nog niet eerder gezien.


Bichitr, Mino album, Jujhar Singh Bundela kneels in submission to Shah Jahan, circa 1630.


Neem dit voorbeeld, een afbeelding uit een album dat in het bezit was
van de graaf van Minto (Earl of Minto).
Het toont Jujhar Singh Bundela, de heerser van Bundelkhand,
die knielt voor Shah Jahan, de bouwer van de Taj Mahal.
En hij knielt niet zomaar, nee ‘onderdanig’.
Eerst zag ik Jujhar Singh Bundela helemaal niet.
Niet verwonderlijk.





Bichitr, Mino album, Jujhar Singh Bundela kneels in submission to Shah Jahan, circa 1630, detail.


Jujhar Singh Bundela is de persoon in de rechtse hoek,
niet in volle kleur maar slechts met zwart aangegeven.
Het komt overigens niet altijd voor dat de maker bekend is.
Hier weten we wel wie de maker is. De kunstenaar heet Bichitr.





Bichitr, Mino album, Jujhar Singh Bundela kneels in submission to Shah Jahan, circa 1630, detail.


Maar zo’n kroontje en zwevende engeltjes.
Dat is niet echt iets voor India.
Kronen en juwelen wel, ook de Indiase mythologie kent allerlei
wezens, goed en slecht. Maar hier zijn ze overduidelijk Westers.





Bichitr, Mino album, Jujhar Singh Bundela kneels in submission to Shah Jahan, circa 1630, detail.


Natuurlijk is Shah Jahan de man.
Omringd met stralen, in full color en groter
dan welk ander wezen op de afbeelding dan ook.





Bichitr, Mino album, Jujhar Singh Bundela kneels in submission to Shah Jahan, circa 1630, detail.


Typisch Indiaas.
De liefde voor bloemmotieven.
Heel vaak als rand voor een afbeelding.
Zo ook hier.
Maar die liefde voor planten en bloemen zie je ook terug
in de tuinen van de paleizen en forten in India,
en in bijvoorbeeld de motieven op de wanden van de Taj Mahal.





Virgin Mary and the Christ child with cross in the clouds, 1595-1600.


De maagd Maria met het Christuskind in de wolken met een kruis.
Dat is natuurlijk een motief uit de Westerse kunst.





Balchand, Shah Jahan and sons on a globe, 1627 – 1630.


Weer engeltjes met een kroon.




Al deze miniaturen zijn afkomstig van het Nelson-Atkins museum uit Kansas.

Hermitage aan de Amstel

Het lijkt wel museum week bij De Argusvlinder.
Maar ik kan er ook niets aan doen.
Binnenkort opent het vernieuwde en uitgebreide museum
Hermitage aan de Amstel zijn deuren in Amterdam.
Deze enorme gouden greep heeft tot nog toe geleid
tot prachtige, kleine, heel behapbare tentoonstellingen
van een heel hoge kwaliteit.
Of men dat op een veel grotere schaal kan volhouden weet ik niet,
maar de aankondigingen over de eerste tentoonstelling zijn veelbelovend.
Hier een klein voorproefje.
Een willekeurige selectie van de werken die er vanaf eind juni 2009
te zien zullen zijn.

De kans dat je de werken die te zien waren en te zien zullen zijn
met eigen ogen kunt zien in de Russische musea is
gemiddels gesproken waarschijnlijk klein.
In Amsterdam kan dat!

Atelier K.E. von Hahn, St.-Petersburg, Troonrede van Nicolaas II, 1906.


De openingstentoonstelling heet: Aan het Russische Hof

In het Russische Bal staat een dag aan het Russische hof centraal:
een officiele ontvangst door de tsaar en zijn familie,
met bijbehorend ceremonieel.
De tentoonstelling wordt gesitueerd in de 19de eeuw
omdat het hofceremonieel toen op zijn hoogtepunt was.
De Russische tsaren en hun hof spraken toen zeer tot de verbeelding
van de andere Europese vorstenhuizen en adel.
De tentoonstelling wordt een ‘fontein’ van Russische,
West-Europese en exotische voorwerpen die samen
een dwarsdoorsnede geven van de rijke verzameling
van Staatsmuseum de Hermitage.

Atelier K.E. von Hahn, St.-Petersburg, Troonrede van Nicolaas II, 1906, detail.


Schoenen, in verschillende kleuren, van tsarina Maria Fjodorovna, op Franse hakken, 1880-1890.


Laurits Tuxen, Huwelijksvoltrekking tussen Nicolaas II en Alexandra Fjodorovna in de Grote Kerk van het Winterpaleis, 1895.



V.V. Vasiljev, Icoon van Sint-Alexander Nevski, Sint-Titus de wonderdoener en Sint-Policarpus de martelaar, 1879.

Firma P.A. Ovtsjinnikov, vervaardigd door V.V. Vasiljev


Hare Keizerlijke Hoogheid tsarina Alexandra Fjodorovna als tsarina Maria Iljinitsjna, 1904.

Expeditie voor de Vervaardiging van Staatspapieren,
bladen uit het Album van het gekostumeerd bal
in het Winterpaleis in februari 1903,
21 heliogravures en 174 fototypieen,
1904 Hare Keizerlijke Hoogheid tsarina Alexandra Fjodorovna
als tsarina Maria Iljinitsjna (17e eeuw).


Ivan Kramskoj, waaier uit bezit van Maria Fjodorovna, 1886.

Ivan Kramskoj, Waaier uit bezit van Maria Fjodorovna
met portretten van Alexander III en hun kinderen
Nikolaj, Georgi, Ksenia, Michail en Olga, 1886.


Ik ga er heen!

Indianen

Kunst en cultuur van indianen, we kennen het meestal alleen
van westerns. Dat wil zeggen erg beperkt.
De indianen worden dan afgeschilderd als minderwaardige wezens.
Kijk eens naar de schoonheid van de volgende voorwerpen.
Allen afkomsting van het Nelson-Atkins Museum in Kansas.
Helaas is er weinig positieve aandacht voor hen in de media.


Human head effigy jar, 1350 – 1550.


Alle voorwerpen in deze log zijn afkomstig van
Noord Amerikaanse indianen.

Pot met een afbeelding van een menselijk hoofd.

De inschatting van de leeftijd van het voorwerp is nogal ruim.
Maar daar is het niet minder mooi om.





New Mexico, Zia, Bow guard, Ketoh, ca. 1915.


Ketoh is de naam voor een schild (bow guard).





Shield, Arikara, ca1850.


De Arikara zijn een indianenvolk.





Tab bag, ca 1800.


Waar werd deze ‘zak’ voor gebruikt was mijn vraag.
‘…as containers for objects and materials associated with sacred power,
healing and ritual societies.’
Dit is een bewaarplaats voor voorwerpen en materialen die te maken hebben
met heilige kracht, genezing en rituele bijeenkomsten.




Kunstvaria

Omdat we aan het begin van de Goede week staan,
open ik deze kunstvaria met een toepasselijk beeld.
Dit is het middenpaneel van een werk van Rogier van der Weyden
(en van zijn werkplaats).
Het werk bestaat uit drie delen, de kruisiging is het middendeel.


Rogier van der Weyden (Werkstatt), Kreuzigung Christi (Abegg-Triptychon), 1445.





Er zitten vier prachtige werken van Rogier van dr Weyden tussen vandaag.
Maar daarnaast ook werk uit Azie.
Pareltjes, letterlijk en figuurlijk.


Andrew Stevovich, The truth about Lola, 1987.






Antony Gormley, European field, 1993.


Moderne Engelse kunstenaar die het menselijk lichaam
centraal stelt in zijn werk.
Hier een ruimte vol met kleipoppetjes.





Toegeschreven aan Solon, gegraveerde edelsteen, vroeg 1e eeuw.


Amethyst. Grieks.





Ben Shahn, Haggadah, 1966.


De Haggadah is een boek of tekst die door Joden gebruikt wordt
om ten tijde van Pesach (Pasen) verhalen te kunnen voorlezen
over de tocht uit Egypte.
Hier een illustratie voor een omslag van een dergelijk boek.





Chinees, bronzen vat voor ritueel gebruik, 11e eeuw voor Christus.


Early western Zhou dynasty.
Dit voorwerp heeft een bijzondere recente geschiedenis.
Het werd in de jaren 30 van de vorige eeuw (gedwongen) verkocht
in Duitsland en later verkocht aan een museum in Amerika.
Natuurlijk zonder vermelding van de ‘omweg’ die dit voorwerp gemaakt had.
De rechtmatige eigenaar is nu betaald voor dit voorwerp.





Master of Claude de France, Trinity, Prayer book of queen Claude de France, Tours, ca 1517.


De drieeenheid.
Dit is een afbeelding uit een Gebedenboek.
Gemaakt door de Meester van Claude de France.
Koningin Claude van Frankrijk.
Ik vond het een naam voor een man.
Maar Wikipedia zette dat even recht:

Claude van Frankrijk (Romorantin, 13 oktober 1499 xe2x80x93 Blois, 20 juli 1524)
was, als echtgenote van Frans I,
koningin van Frankrijk van 1515 tot aan haar dood.

Haar ouders waren koning Lodewijk XII en Anna van Bretagne.
Prinses Claude werd uitgehuwelijkt aan de Graaf van Angoulxc3xaame,
de latere koning Frans I.
Het huwelijk werd ingezegend te Saint-Germain-en-Laye
op 18 mei van datzelfde jaar 1514.

Al was Claude dan ook koningin van Frankrijk,
zij speelde nauwelijks een rol in de staatsaangelegenheden,
en toen de koning begon aan zijn lange reeks veldtochten in Italixc3xab,
droeg hij het regentschap tijdens zijn afwezigheid officieel over
aan zijn moeder Louise van Savoie.
Claude van Frankrijk overleed op 20 juli 1524 in het kasteel van Blois,
dat haar favoriete verblijfplaats was geworden.
Ondanks haar jeugdige leeftijd had zij haar echtgenoot
zeven kinderen geschonken,
waaronder de latere koning Hendrik II.
Zij gaf haar naam aan een beroemd pruimenras (Reine-Claude),
dat in de 16e eeuw werd gexc3xafmporteerd, vermoedelijk uit Armenixc3xab.


En die twee laatste regels die doen het hem.
Die maken dit verhaal zo bijzonder voor mij.





Piero Dorazio, Untitled, 1962.


De tentoonstelling naar aanleiding warvan ik deze
afbeelding toon gaat onder de naam: De aanwezigheid van een lijn.
Zou een mooie naam voor dit werk zonder titel zijn geweest.





Randy Shull, Large reflection, 2006.


Grote weerspiedeling.





Ranjani Shettar, Waiting for June, 2008-9.


Wachten op juni.
Kunstenaar uit Pakistan die oude technieken inzet voor moderne kunst.





Rogier van der Weyden, Bildnis einer jungen frau.


Een serie van vier werken van Rogier van der Weyden.
Hier: Portret van een jonge vrouw.
De toelichtingen zijn in het Duits omdat er een grote tentoonstelling
in Berlijn is over deze kunstenaar.





Rogier van der Weyden, Kruisafname, voor 1443.






Rogier van der Weyden, Middelburger Altar (Bladelin-Altar), 1450.






Rogier van der Weyden (Werkstatt), Kreuzigung Christi (Abegg-Triptychon), 1445.






Sam Taylor-Wood, Escape artist, 2008.


Zelfportret van Sam Taylor-Wood uit een serie met als titel
ontsnappingsartiest.





Tang Dynasty, Tortoise shell octagonal box, cover inlaid with mother-of-pearl, AD 750.


Doos uit de Tang dynastie, ongeveer 750 na Christus.
8-hoekige doos, gemaakt van een schildpadden schild
en ingelegd met parlemoer.





Tracey Emin, Self portrait (Bath), 2001-2005.


Nog een zelfportret.
Deze keer van een kunstenaar in bad ?




Albert Servaes in Breda: weg van passie

In de Goede Week of Passieweek
hoort de kruisweg.
In de Grote Kerk te Breda is een bijzondere uitvoering
van de kruisweg te zien.
De versie van Albert Servaes.
Ik heb vanmiddag geprobeert wat foto’s te maken.
Alle afbeeldingen zitten achter een glazen plaat.
Dat levert steeds schittering op.
En dat is erg lastig bij zwart/wit afbeeldingen.


Albert Servaes: Jezus ter dood veroordeeld, 1919.






Albert Servaes: Jezus neemt het kruis op, 1919.






Albert Servaes: Jezus valt eene eerste maal, 1919.






Albert Servaes: Jezus ontmoet zijne moeder, 1919.






Albert Servaes: Jezus geholpen door Simon, 1919.






Albert Servaes: Jezus bijgestaan door Veronica, 1919.






Albert Servaes: Jezus de wenende vrouwen, detail, 1919.


Helaas bewogen foto.





Albert Servaes: Jezus de wenende vrouwen, 1919.






Albert Servaes: Jezus valt eene derde maal, 1919.


Jammer dat ook deze foto bewogen is.
De ontreddering is op dit werk totaal.
Jezus ligt op zijn rug, volledig uitgeteld.
Het kruis ligt boven op hem.
Hulpeloosheid. Radeloos.





Albert Servaes: Jezus ten grave gedragen, 1919.




Kunst op het web






Grant Wood, American Gothic, 1930.





Dit is een moeilijke.

Regionalisme, zo wordt dit genoemd.
Een stroming in de Amerikaanse kunst in de Grote Depressie.
Deze stroming kwam met name in het midwesten van Amerika voor.
De depressie begon in 1929 en het regionalisme was een stroming
waarin het Amerikaanse leven werd voorgesteld als eenvoudig
en eerlijk: Amerikaanse waarden en normen.
Waar hoor je dat meer?

Andere reacties wijzen juist op het tegendeel:
hier worden de zogenaamde Amerikaanse waarden en normen
van het platteland op de hak genomen.

Wat met het schilderij bedoeld werd is nooit duidelijk geworden.
De schilder heeft er tegengestelde opvattingen over laten horen.

Maar was dit nou een portret van een man en vrouw,
of was het een man en zijn dochter?

Sommige mensen zien in de haarlok die links langs de hals
van de vrouw hangt,
het teken van de slang, versterkt door de xe2x80x98snake plantxe2x80x99
(sanseveria of vrouwentong) die op de achtergrond staat.
Dat zou vertellen dat het hier niet om een getrouwe
volgzame vrouw gaat maar om een oude vrijster
met een scherpe tong.

Waarom dit werk, hier vandaag op mijn web log?
Een van de sites die ik gisteren tegenkwam is de site
van Sister Wendy. Dat verzin je niet:
Zuster Wendy

Zuster Wendy Beckett is bekend geworden
op de Amerikaanse televisie met programma’s over kunst.
Haar laatste serie wordt op dit moment uitgezonden.
Deze van oorsprong Engelse zuster toont in de laatste serie
werken uit Amerikaanse musea en geeft er haar opvattting over.
Mooie site trouwens.
Over dit werk zegt ze:



En ze heeft een punt.
Je kunt de Mona Lisa recyclen, je kunt het van links naar reachts
of van boven naar onder bekijken.
Altijd is dat schilderij voor iedereen herkanbaar.
Dat is het ultime compliment wat je een kunstenaar kunt geven.
En dat geldt ook voor dit werk van Grant Wood.
Het spreekt mensen aan, letterlijk zegt ze:
het spreekt de Amerikaanse psyche aan.
Terwijl het helemaal niet zo’n eenvoudig schilderij is
als dat het op het eerste gezich wel lijkt.

Of de andere werken in haar serie ook zo treffend worden beschreven
weet ik nog niet, maar dat zal de komende tijd,
hier op mijn web log wel duidelijk worden.

Kunst op het web

Ik heb een paar prachtige websites ontdekt die te maken hebben
met kunst en de kunstgeschiedenis.
Helaas voor sommige zijn de sites in de Engelse taal.
De eerste die ik onder uw aandacht wil brengen is de site:
smARThistory

Deze site van (voormalige) medewerkers van MOMA
(Museum Of Modern Art) in New York,
wil op een begrijpelijke manier mensen in aanraking brengen
met kunst en de kunstgeschiedenis.
Daartoe ontwikkelen ze podcasts en filmpjes die op de site te vinden zijn.
De site heeft ook een weblog.
De geschiedenis wordt doorlopen aan de hand van voorbeelden.
De nadruk ligt op Westerse kunst.
Een voorbeeldje:





Diane Arbus, Boy with a toy hand grenade, 1962.


Jongen met een speelgoed handgranaat.




Deze foto is gemaakt in 1962.
Leuk is te zien de serie foto’s die Diane Arbus
die middag maakte in Central Park.
Dit is inmiddels een haast klassieke foto.
Het is misterieus.
Waarom de krampachtige houding van de jongen?
Waarom die handgranaten?
Je kunt de lijn van de bomen doortrekken langs de bretel
en vervolgens zijn twee benen (twee bomen).
Her ruitmotief staat in contrast met het lichtmotief
dat gevormd wordt door de zonnestralen door de bladeren.
Het licht komt van achter de jongen wat een bijzondere sfeer oproept.
De andere ‘kiekjes’ die Diane Arbus die middag maakte
waren niet bijzonder.
Deze foto is dat wel.
Deze en veel meer kunst is te zien op bovengenoemde site.
Veel plezier!

Kunstvaria

Twee maal maskers.
Volgens mij komen de kleuren wel heel erg overeen
tussen de twee schilderijen met die maskers.
En een naakt dat waarschijnlijk niet mag van mijn Amerikaanse
foto hosting site. We zien wel.
Geniet!


Amedeo Modigliani, Nu couchxc3xa9 au coussin bleu, 1916.






Emil Nolde, Masken stillleben, 1911.


Maskers nummer 1.





Giovanni Bellini, Virgin and child with saints, about 1505xe2x80x931508.


Over prachtige kleuren gesproken, Bellini kan er ook wat van.





Govaert Flinck, Landscape with an obelisk, 1638.


Gestolen voorwerp.
Al bijna 20 jaar zoek!
Landschap met obelisk, eerder toegeschreven aan Rembrandt.





Humberto & Fernando Campana, Sushi sofa, 2003.






J. M.W. Turner, A pink sky above a grey sea, circa 1822.


Deze gouache van Turner doet je inderdaad aan Rothko denken.





James Ensor, Masks mocking death, 1888.


Maskers nummer twee.





Jan van Goyen, View of the Oude Maas near Dordrecht, 1651.


Gezicht op de Oude Maas bij Dordrecht.
Uit de collectie Goudstikker.





Johannes Vermeer, Woman holding a balance, 1664.


De dame met de weegschaal.
Ze is weer even ‘thuis’ in Amsterdam.





John Everett Millais, Dew-drenched furze, 1890.


Het is erg naturalistisch maar zit wel erg dicht tegen kitch aan.
Met dauw doorweekte gaspeldoorn (althans Babelfish zegt dat furze
staat voor gaspeldoorn).





Roy Lichtenstein, Virtual interior: portrait of a duck (BAT), 1995.






Takashi Murakami, Tan Tan Bo Puking, a.k.a. Gero Tan, 2002.


Dit vind ik erg verwarrend.
Wat is dit nou?
Waar slaat die titel op?
Reclame? Een illustratie? Een kaft?
Maar het trekt wel.





Terry O’Neill, The Beatles posing in a small backyard in London with their instruments, van links George Harrison, Ringo Starr, Paul McCartney, John Lennon, 1963.






Titiaan (Tiziano Vecellio) Supper at Emmaus, 1533xe2x80x931534.


Emmausgangers.




Kunstvaria



Aelbert Cuyp, Pasture with cows and herdsmen, 1641-1643.


Weiland met koeien en herders.





Alfred Sisley, The cliff at Penarth, evening, low tide, 1897.


De kleur van de zonneschijn is fantastisch op dit werk.
De klif bij Penarth (kustplaats in Wales, Engeland) in de avond bij eb.





Claude Monet, Waterlilies, 1906..






Darren McManus, Melunxe2x80x98s rose window, 2008.


Een schilderij gebaseerd op een gebrandschilderd raam.





Joakim Eskildsen, Winter V, Hungary, from the Roma journeys, 2000-2006.


Deze fotograaf heeft een aantal reizen gemaakt in Oost Europa.
en daar onder andere deze schitterende foto gemaakt.
Mooi qua compositie en wat denk je van de kleuren.





Kahinde Wiley, Place Soweto, 2008.






Lee Friedlander, New York City, 1966.


De fotograaf is zelf aanwezig op de foto door zijn schaduw.
Dat probeer je meestal te vermijden maar hier is dat erg mooi gedaan.





Pierre Charpin, Chaise empilable, 1993.






Salvador Dali, Self-portrait with Raphaelesque neckc, 1921.






Stxc3xa8le funxc3xa9raire de la dame Tapxc3xa9ret, Rxc3xa9gion Thxc3xa9baine, 22e-25e dynastie, 850-690 avant C.


Begrafenisstele waarschijnlijk uit de regio van Thebe.
Tussen de 850 en 640 jaar voor Christus.
De Stele is voor vrouwe Tapxc3xa9ret.
Op het web kan ik niet veel over haar achterhalen, wel over dit voorwerp.





Vincent van Gogh, Rain – Auvers, 1890.





Huijsmansspelletje

Ik heb een klein ‘spelletje’ gemaakt.
Een van de drie schetsboeken van Constant Huijsmans,
Afd IV 22, heeft meer dan 40 tekeningen en schetsen in zich.
Die zijn allemaal te zien met het volgende spelletje.
Je kunt op alle letters en cijfers klikken.
soms verwijst de letterwaarde (A=1) ook naar een bladzijde
in het schetsboek.
Maar niet op alle bladzijdes stonden schetsen en sommige letters
(S, N, enz) komen meer dan een keer voor.
Om het compleet te maken stonden op sommige pagina’s
meerdere schetsen (5 op blad 25 bijvoorbeeld).
Er zit ook ergens muziek.
Zie hier de kluwe die in de volgende animatie kan worden ontrafeld.

Veel plezier.



Matthäus-Passion

Muziek is al weer even niet op deze web log aan de beurt geweest.
Maar in deze tijd van het jaar, met een beginnende lente
en een vastentijd, is het het moment in het jaar om een log te besteden
aan de Matthäus-Passion.
Dit fantastische werk van Bach kent vele uitvoeringen in Nederland
in de Paastijd.
Hier een klein stukje over de achtergrond van het muziekstuk.
Het is een stuk tekst uit de ‘luisterhulp’ die Eduard van Hengel op het internet
ter beschikking stelt aan geinsteresseerden.
Een aanrader.

Website van Eduard van Hengel

Laat je niet afschrikken door de omvang en duur van het werk.
Luister zo lang je wil en luister de volgende keer een ander deel.
Laat je niet afschrikken door al die termen die je niet of wel begrijpt
(Stille Week, lectietoon, celebrant, soliloquentes, sub-diaken,
Exordium, turbae, Conclusio, de Duitse taal, Lutherse kerk,
Gregoriaans, bijbelcitaten, …..)
Je hoeft tenslotte van moderen muziek ook niet perse het aantal
beats per minute te weten om de muziek mooi te vinden en er van te genieten.
Gewoon luisteren.

Geniet van de prachtige muziek, de meeslepende melodieen,
de emotionele zang.


JOHANN SEBASTIAN BACH(1685 – 1750)
Matthäus-Passion (BWV 244, 1727)
“Passio Domini nostri Jesu Christe secundum Evangelistam Matthaeum”

Geschiedenis

De passie is een heel oude kunstvorm.
Reeds in de vierde eeuw worden in de christelijke kerk
tijdens de Stille Week voorafgaande aan Pasen
de passieverhalen zingend voorgedragen,
op eenvoudige lectietoon, met kleine heffingen en dalingen.
Vanaf de negende eeuw komen stelselmatig alle vier de evangelisten,
Mattheus, Marcus, Lucas en Johannes, aan bod
op respectievelijk Palmzondag, dinsdag, woensdag en Goede Vrijdag.
Vanaf de twaalfde eeuw doet een dramatiserende rolverdeling zijn intree:
de diaken zingt de woorden van de evangelist,
de celebrant vertolkt de Christus-woorden
en de sub-diaken neemt de uitspraken voor zijn rekening
van de soliloquentes (letterlijk ‘alleensprekenden’,
dramatische personages zoals Petrus, Pilatus e.a.)
en turbae (= menigten, zoals soldaten, discipelen en priesters).
Met de opkomende meerstemmigheid worden de turbae
eerst door alle drie de zangers gezamenlijk,
en later door een afzonderlijk koor vertolkt,
dat bovendien een meerstemmig Exordium (opschrift)
en een Conclusio (besluit) uitvoert.
Eind vijftiende eeuw ontstaan motet-passies (o.m. van Obrecht)
waarin het gehele verhaal voor meerstemmig koor is gezet.
Vanaf midden zestiende eeuw vervangt de lutherse kerk
eerst het Latijn door de volkstaal
(onder handhaving van de gregoriaanse lectietoon)
en vervolgens gaan daar de deuren wijd open
voor invloeden uit de Italiaanse opera:
het recitatief verhoogt de dramatische kracht van de evangelietekst,
er komt instrumentale begeleiding bij
en het evangelieverhaal wordt onderbroken door aria’s op vrije
d.w.z. niet aan het evangelie ontleende teksten,
en ter verhoging van de participatie van het publiek
zingt ook de gemeente nu en dan een eenstemmig koraal.
Wanneer deze koralen vervolgens meerstemmig gecomponeerd
en aan het koor toegewezen worden,
hebben we de oratorische passie
waarvan Bachs Johannes- en Matthäus-Passion voorbeelden zijn.
Tezelfdertijd echter komt ook het passie-oratorium op:
een eveneens meerdelig muziekstuk voor koor, solisten en orkest
maar op uitsluitend vrij gedichte teksten
en geselecteerde bijbelcitaten waarin de gedramatiseerde vertelling
van het evangelieverhaal plaats maakt
voor de subjectieve gevoelsuitingen (‘Empfindsamkeit’)
waar het opkomend pietisme om vroeg.
Daar doet Bach, in het orthodox-behoudende Leipzig, dus niet aan mee.
Zijn passies bieden daardoor een maximale varieteit qua tekst en muziek:
een belangrijk motief voor hun populariteit.
Tegelijk besluit Bach met zijn monumentaalste compositie,
qua bezetting en uitvoeringstijd, voorlopig een eeuwenlange traditie
die pas in de twintigste eeuw herleeft
met de Lukas Passion van Penderecki (1966)
en de Johannes Passion van Part (1981).

Wil je een stukje horen.
Dit is een van de aria’s.
Luister naar die prachtige melodische lijn.

Dit is een uitvoering onder leiding van de dirigent Georg Solti
Medewerkers zijn onder andere: Te Kanawa, von Otter, Rolf Johmson,
Krause, Chicago Symphony Orchestra and Chorus

Eduard van Hengel schrijft bij dit gedeelte:

hobo / strijkers
De dialoog tussen solist (I) en koor (II) wordt vervolgd,
met een barok contrast:
waken bij Jezus (tenor)
doet onze zonden inslapen (koor, een wiegelied als refrein).
In het hobothema eerst een levendig, schalmei-achtig signaal,
dan een wiegende melodie.
Zelfs de tenor lijkt knikkebollend in slaap te sukkelen.

Kunstvaria

Ook vandaag weer een hele serie kunstwerken.
Zelfs met een schilderij in een schilderij.
Heel krachtige kleurrijke werken.
Heel fijne, haast fotografische werken.
Van alle markten thuis.


Annibale Carracci, Hercules resting, 1595xe2x80x931597.


Deze Italiaanse schilder was me volledig onbekend.
Tijdgenoot van Carravagio.
Zijn tekenwerk mag er zijn.
Dus ook nog even gezocht naar het schilderwerk.


Annibale Carracci, Hemelvaart van de maagd Maria, 1600-1601.





Claude Monet, Break-up of the ice on the Seine near Bennecourt, 1892-1893.






Ernst Barlach, One-legged man, 1934.






Gerhard Richter, Claudius, 1986.


Op dit moment is dit een zeer populaire Duitse kunstenaar.
Zeer uiteenlopende werken zoals dit met heel felle kleuren.
Grof van techniek zal ik maar zeggen.
Vergelijk dat maar eens met het volgende werk, ook van zijn hand.





Gerhard Richter, Lesende, 1994.






Giacomo Balla, Abstract Speed + Sound (Velocitxc3xa0 astratta + rumore), 1913xe2x80x9314.






Henri Matisse, Fruit, flowers and the dance, 1909.


Genoemde dans is een schilderij dat op dit schilderij te zien is.
Er zijn meedere uitvoeringen van deze dans.
Hieronder de versie die te zien is in St. Petersburg.


Henri Matisse, The dance, 1910.






Ito Jachuko, Calla mit Frosch, 1768.






Pablo Picasso, Le Matador, 4 Octobre 1970.






Louise Bourgeois, Arch of hysteria, 1993.






Maazouz Azamourm, Camel Boy.


Ander werk of zelfs maar de datering van deze foto,
ik kon er niets van achterhalen op het web.
Mooie kleuren. Mooi perspectief.





Marlene Dumas, The kiss, 2003.


Marlene Dumas is een rijzende ster in de Verenigde Staten.
Deze Zuid Afrikaanse schilder maakt werken met steeds
een enorme lading spanning.
Het lijkt alsof er niet veel gebeurt, er is niet veel actie.
Maar de sfeer is heel indringend.





Rania Tabet, Orange juice… in the making.


Dit stilleven schreeuwt het uit.
Prachtige, harde kleuren.
Mooie reflecties op het kan.




Vereniging Rembrandt

Het heeft een hele tijd geduurd.
Maar nu heb ik dan toch de hele catalogus doorgenomen.
Peter Hecht schreef ter gelegenheid van het jubileum van de Vereniging Rembrandt
een catalogus bij de tentoonstelling.
Een fantastische tentoonstelling, een fantastische verzameling kunst.
De catalogus vertelt hoe vaak moeizaam geld werd verzameld
om kunstwerken mee te kunnen helpen financieren.
Dit leverde een boekwerk op dat is verluchtigd met prachtige foto’s
van allerlei kunstwerken.
Wereldberoemde werken maar ook stukken die van belang zijn
voor de cultuurgeschiedenis van Nederland of bijvoorbeeld Breda.

Het is onmogelijk om er het mooiste uit te kiezen.
Daarvoor zijn er te veel mooie stukken in dit boek opgenomen
en mede door de Vereniging Rembrandt in de afgelopen 125 jaar gekocht.

Een opmerkelijk stuk dan maar:


Aelbert Cuyp, Portret van de eend Sijctghen, 1647-1650.

Wat is er dan zo opmerkelijk aan dit stuk.
Om te beginnen het onderwerp.
Het is niet zomaar een eend.
Het is een eend met een naam.
Een eend die uiteindelijk 23 jaar oud werd.

Volgen Kunstbus:

Het opmerkelijke Portret van een eend laat prachtig
de veelzijdigheid van Aelbert Cuyp zien.
Het schilderij is bovendien uniek in de schilderkunst te noemen.
Bijzonder is dat Cuyp zijn schilderij heeft voorzien van een gedicht
met prachtig gekalligrafeerde letters.
In het vers laat Sijctghen ons weten dat zij niet alleen in 1647
de voor eenden zeer hoge leeftijd van 20 jaar had bereikt,
maar ook dat zij is geportretteerd omdat zij maar liefst 100 eieren per jaar legde.
In 1650 zijn nog eens vier regels aan het vers toegevoegd
met de trieste mededeling dat Sijctghen
overleden is op de respectabele leeftijd van 23 jaar.

Ik ben gebroet te wercken.dam
k’was jonck en goet. doen ick hier quam
in voogelen Borch, sonder te paeren
heb ick geleeft, wel twintich jaren
wel hondert eijers tsjaers geleijt
daerom ben ick geconterfeijt
gebroocken beennen, tooch wt geneesen
gesondt en bont is noch Mijn weesen
en als ick sijctghen steruen sal
soo schrijft hoe out, en tjaer getal
1647.
anno vijftich dartich daeghen
in october hoort men claeghen
sijctghen doot, dit is al waer
out zijnde drijentwintich jaer

Er staat en prachtig schilderij in
dat de Nederlandse museale wereld net is misgelopen.
Maar het is zo prachtig dat ik het niet kan laten
om het hier te laten zien:


Edgar Degas, Duchesa di Montejasi with her daughters, Elena and Camilla, 1876.

Ter afsluiting dan nog deze anecdote.
Letterlijk overgenomen uit de catalogus.
Deze en andere verhalen en afbeeldingen maakte het voor mij
een geweldig boek.

Wonderlijke verbanden

Op 3 juli 1980 vroeg het Van Gogh Museum 35.000 gulden steun
om een van de twaalf Haagse stadsgezichten te kunnen kopen,
die Van Gogh in maart 1882 op verzoek van zijn oom Cor getekend had.
Het blad bevond zich toen bij een Amsterdams kunsthandelaar,
die het voor de zoon van H.P. Bremmer mocht verkopen.
In de aanvraag van het museum werd als bijzonderheid
naar de opdracht van oom Cor verwezen,
en die geschiedenis is ook zeer de moeite waard
omdat zij ons een indruk geeft van de manier waarop Van Gogh
aan zijn leven als kunstenaar begon.

Vincent was net met de kunsthandelaar Tersteeg gebotst,
die hem had uitgelegd dat hij niets voor hem zou kunnen doen
als hij geen ander, meer voor de verkoop geschikt werk
zou willen maken.
Maar daar dacht Vincent niet aan,
want hij wilde xe2x80x9cde liefhebbers of handelaars niet nalopenxe2x80x9d
– ook al had hij zijn laatste centen nodig om de brief te frankeren
waarin hij dat aan zijn broer Theo schreef.
Uitgerekend op dat moment kwam oom Cor,
die net als Tersteeg kunsthandelaar was,
bij Vincent op bezoek en bestelde tot diens grote vreugde
een serie stadsgezichten,
xe2x80x9ctegen een rijksdaalder per stuk, prijs door mij bepaald.xe2x80x9d
De gevraagde tekeningen waren binnen veertien dagen klaar,
en Vincent kreeg niet alleen zijn dertig gulden,
maar ook nog een vervolgopdracht,
die zelfs beter zou worden betaald.
Deze keer werd zijn plezier aan het werk echter vergald
door een tactloze opmerking van zijn vroegere mentor Mauve,
die meende dat oom Cor alleen maar iets bij Vincent had besteld
om hem te helpen en niet omdat hij iets in diens tekeningen zag.
Misschien zat daar trouwens wel een kern van waarheid in
want toen Van Gogh zijn tweede serie,
deze keer van zes wat uitvoeriger tekeningen had geleverd,
reageerde oom Cor alleen nog maar met een cheque van twintig gulden
en daarmee was het uit.


Vincent van Gogh, Gasfabriek, Den Haag, 1882.jpg.

In 1980 betaalde het Van Gogh Museum 90.000 gulden voor de Gasfabriek,
wat niet gering was voor een tekening van een riks.
Maar wat niet bij de geschiedenis in de aanvraag werd vermeld,
was dat oom Cor die tekening, met nog drie andere,
al snel aan Danixc3xabl Franken had verkocht of wie weet zelfs cadeau gedaan
xe2x80x93 de Franken die bevriend was met Ankersmit
en anoniem de honderdduizend gulden gaf,
waarmee in 1907 de aankoop van Het melkmeisje (van Vermeer)
voor het Rijksmuseum mogelijk werd gemaakt.
En wat ik althans niet wist, is dat de bij Parijs woonachtige Danixc3xabl Franken,
deze held uit de oprichtingstijd van de Vereniging (Rembrandt),
de zwager was van oom Cor.
Zo dicht raakte het leven van de meest genereuze weldoener
van het openbaar kunstbezit van toen aan dat van de Van Goghs.
Theo ging er nog op visite,
toen Vincent al vanuit Parijs naar Arles vertrokken was,
en hij was er te eten genodigd in de week voor Vincents dood.
Hoe langer je daarover nadenkt, hoe raadselachtiger het wordt.

Toen Franken in 1898 overleed, gingen zijn vier Haagse stadsgezichten
terug naar oom Cor, die ze in 1902 met zeven andere
kennelijk nooit verkochte bladen uit de groep die hij in 1882
bij Vincent had besteld, liet veilen in Den Haag.
De meeste van deze tekeningen werden bij die gelegenheid
of kort daarna gekocht door de jonge H.P. Bremmer,
die drie jaar later aan Helene Krxc3xb6ller-Mxc3xbcller begon les te geven.
Het is verleidelijk je voor te stellen hoe die tekeningen
xe2x80x93 toen nog maar nauwelijks gewaardeerd xe2x80x93
in Bremmers cursus zullen zijn getoond en rondgegaan,
en hoe zijn leerlinge mede op grond van deze bladen
de kunst van Vincent leerde zien.
In 1915 kocht zij zelfs een van deze tekeningen van haar leraar,
terwijl de Gasfabriek, die Bremmer nooit heeft weggedaan,
dus in 1980 met steun van de Vereniging (Rembrandt)
voor het Van Gogh Museum werd verworven.
Dat heeft iets heel bevredigends en poxc3xabtisch
xe2x80x93 zoxe2x80x99n link die Franken en Bremmer en ons
na meer dan honderd jaar npg steeds verbindt.

Rembrandt



Helaas heb ik het filmpje zelf niet.
Wat hierboven staat is dus een link.
Ik ben nu afhankelijk van hoelang men dit op het web laat staan
om het ook op mijn web log te tonen.
Veel belangrijker is echter het onderzoek van Bas Dudok van Heel.
Hij heeft onderzocht wie nu precies wie is op dit schilderij.
De namen waren al bekend maar wie zijn ze nu.

Op de website van het Rijksmuseum kan nu een prachtige grote foto
worden gedownload. Ik heb hem verkleind naar mijn web log:


Rembrandt Harmensz van Rijn, Het korporaalschap van kapitein Frans Banninck Cocq, (De Nachtwacht), 1642

Er is ook een heel mooie pdf-file waarop te zien is wie nu werkelijk wie is.
Voor het onderzoek is De Nachtwacht weer compleet gemaakt.
Het stuk van het doek dat van de rechterzijde af werd gehaald
kennen we nog van een copie.
Ook de mensen die daarop waren afgebeeld zijn geidentificeerd.
Hieronder een overzicht:

Het korporaalschap van kapitein Frans Banninck Cocq

 

Leden:

 

Frans Banninck Cocq  kapitein 1605-1655
Willem van Ruytenburch luitenant 1600-1657
Jan Visscher Cornelisen vaandrig 1610-1650
Rombout Kemp sergeant 1597-1653
Reijnier Engelen sergeant 1588-1651
Barent Harmansen Bolhamer piekenier 1589-1661
Jan Adriaensen Keijser zwaarddrager 1594-1664
Elbert Willemsen musketier 1589-1644
Jan Claesen Leijdeckers musketier 1597-1640
Jan Ockersen piekenier 1599-1652
Jan Pietersen Bronchorst   1587-na 1666
Harman Jacobsen Wormskerck rondassier 1590-1653
Jacob Dircksen de Roy   1601-1659 Staat niet langer op het schilderij
Jan van der Heede musketier 1610-1655
Walich Schellingwou piekenier 1613-1653
Jan Brughman musketier 1614-1652 Staat niet langer op het schilderij
Claes van Cruijsbergen rondassier 1613-1663
Paulus Schoonhoven piekenier 1595-1679

 

Ingehuurd: 

 

Jacob Joriszn trommelslager 1591 – na 1646



Misschien is het een bekend feit maar voor mij was het onbekend:
1. Jan Claesen Leijdeckers was al overleden (1640)
toen het schilderij werd opgeleverd (1642).
2. Dat er ‘figuranten’op het doek stonden wist ik.
Dat er een van is geidentificeerd (Jacob Joriszn, ingehuurde trommelslager)
is opmerkelijk.

Kunstvaria



Book of the dead of Amen-em-hat, 320 voor Christus, Ptolemaic Period: Amen-em-het (links) groet de goden Horus, Isis, Nepthys en Anubis.


Fragment van het dodenboek van Amen-em-hat.





Cheryl Dunn, Willies wiener wagon, 2007.






Dorothea Prxc3xbchl, Birds in the air, 2007.


Vogels in de lucht. Halssierraad.





Ernesto Neto, Leviathan Thot (Finger), 2007-2008.






Fernand Lxc3xa9ger, Circus, 1950.






Culture of the streets, circa 1980.


Ik vind het een prachtige foto (?).
Ik betwijfel of het werk van Maqbool Fida Husain is.
Maqbool Fida Husain is een controveriele Indiase kunstenaar
die het heel goed doet in de pers en tegenwoordig ook op veilingen.
Maar of hij ook foto’s heeft gemaakt……?





Robert Scott Duncanson, At the foot of the cross, 1846.


‘Aan de voet van het kruis’.
Interessant werk in relatie tot de schilderijen van Petrus van Schendel.





Shah Abbas, Hawking, Late 1600.


Portret van Shah Abbas terwijl hij jaagt met een valk.
Laat 17e eeuw.




Alleen in India worden sprookjes werkelijkheid

Stel je wilt een tapijt laten maken.
Niet zomaar een tapijt maat een heeeel mooi.
Je wil er de tombe van de Profeet in Medina mee bedekken.

Stel je bent Maharadja van Baroda (een staat in India).
Je bent al in het bezit van een enorme diamant (the star of the South, 128.48-karaat)
en een hoop kleinere sieraden die we hier maar niet opsommen.


Star of the South, gefotografeerd in 1880.

De kleine steen helemaal onderaan is de Englisch Dresden: 78.5-Karaat.


1948, Sita Devi, de vrouw van de Maharadja draagt het sierraad.

Nou dat laat je toch een tapijt maken met wat edelstenen erop:

The carpet (5ft 7 1/4 in X 8ft 7 1/8 in) is adorned
with 2,520 rose cut diamonds (1 to 5 carats)
with more than a 1.4 million pearls,
entwined with flowers whose centres and petals are set up
over 1,000 cabochon rubies and close to 600 emeralds.
Elements of the refined design are further worked in thin English glass beads.
The settings are of solid gold.
“Times Of India”

Zie hier het Pareltapijt van Baroda (the Pearl Carpet of Baroda):


The Pearl carpet of Baroda, 1865.






























.












En zo te zien is het nog mooi ook.




Als je nog een plaatsje vrij hebt tegen de muur of op de vloer,
het tapijt is te koop.
1 meter 75 bij 2 meter 65:
2520 roze diamanten, 1.4 miljoen parels, 1000 robijnen en 600 smaragden
Nog wat stukjes Engels glas en alle stenen gezet in goud.