Kunstvaria

Zoals gewend een hele reeks heel uiteenlopende kunstwerken.
Een hele mooie Picasso, twee maal Van Gogh, enz.





Alex van Gelder, Louise Bourgeois hands, 2010, photo.


Haar handen nemen de vorm van een spin aan.
Zoals de spinnen die zo’n centrale plaats innemen in haar werk.





Berlinde de Bruyckere, Pixc3xabta, 2007 – 2008, wax, epoxy, hout, metaal en kussens.


Leg deze foto van dit kunstwerk maar een naast ‘De bewening van Christus’
van Cranach, even verder op. Of de handen van Louise Bourgeois
op de foto van Alex van Gelder hierboven.





Bridget Riley, Painting with circle, 2010.


Een persoonlijke favoriet.





Carving of a frog, 700 xe2x80x93 800 na Christus, Topoxte, Guatamala, shell and quartz.


Een kikker gemaakt van schelpen en kwarts.





Lucas Cranach, Lamentation over dead Christ, 1505 – 1547.


Volgens mij is de datering van dit werk onduidelijk.
Vandaar de brede reeks in de jaartallen.
De bewening van de dode Christus.





Egyptian hollow cast bronze cat with gold earrings, 664 – 32 BC.


Een bronzen kat met gouden oorringen.
Egyptisch.





El Greco, St. John Evangelist, 1594 – 1604.


Johannes de evangelist.





Geoffrey Mann, Nocturne.


De vormen vind ik zo geweldig. Ik heb geen idee hoe het werk gemaakt is.
Of het een foto is of een schilderij of een installatie.
Geen idee.
Ik heb nog tweemaal ingezoomd.


Nocturne, detail.



Nocturne, detail.






Giovanni Bellini, Ritratto di Giovane, detail, 1470.


Ritratto is portret in het Italiaans.
Vergelijk eens met El Greco’s portret van Johannes.





Helen Paxton Brown, Portrait of Jessie M. King, watercolor.


Mevrouw King die hier afgebeeld is is zelf illustrator
van kinderboeken.





Henri Rousseau, War, circa 1894, oil on canvas.


In de Paastijd, in de maand van de filosofie en
terwijl wij in oorlog zijn in Libie, Irak en Afghanistan,
is dit portret van oorlog wel op zijn plaats.





Jackson Pollock, Mural, 1943, oil on canvas.


Ik weet niet of dit werk van Pollock hier eerder te zien was.
Daarvoor lijken de werken te veel op elkaar.





Jean-Lxc3xa9on Gxc3xa9rxc3xb4me, The black bard, circa 1888.






Pablo Picasso, Guitar, Paris december 1912 or later, charcoal on paper.






Paolo Pellegrin, Members of the Brigade of the Martyrs of Al-Aqsa, Gaza Palestine, 2004.


De camouflage en de schittering van het licht
op de Koran (?)-tekst op de achtergrond.





Paul Cxc3xa9zanne, xc3x89tude de pomme, circa 1890, watercolor and pencil.






Philip Gurrey, Aperture, 2008, oil on board.






Quentin Massys (of Quinten Matsijs), Ill-matched lovers, circa 1523, oil on panel.






Richard Hawkins, Fantastic voyage, 1992, altered book, 20 pages and one gatefold.






Roxy Paine, Painting manufacture unit, 1999 – 2000.


Dit werk is gemaakt door een machine, die de kunstenaar
ziet als een verlengstuk van zichzelf.
Hieronder volgt de machine.


Roxy Paine, Painting manufacture unit.






Vincent van Gogh, On his back, a crab, 1889, oil on canvas.


Meestal sluit Vincent de reeks af.
Niet vandaag.


Vincent van Gogh, Winter garden, 1884, drawing.






William Strang, Self-portrait no 6 (Strang no 116), 1885, etching on paper.


Het oog van de kunstenaar.





Willie Cole, G.E. mask and sacrification, 1998.





We blijven voor de spullen bij elkaar

“We blijven voor de spullen bij elkaar” is een wel heel zielige uitspraak.
Ik las hem in de Nieuwsbrief van Museum Het Valkhof.
Toen ik met de cursor over onderstaand kunstwerk
van Teun Hocks ging, werd deze tekst zichtbaar als tooltip.
Ik vond het wel iets hebben bij deze foto.





Teun Hocks, Untitled, 2008.





Het werk van Hocks geeft altijd veel stof tot nadenken.
Op de vooravond van de maand van de filosofie mag dat wel.

De werkelijkheid is dat er iets is misgegaan met de nieuwsbrief.
De titel “We blijven voor de spullen bij elkaar” heeft betrekking
op een performance van Theatergroep Fien die inmiddels al
bijna een jaar geleden te zien was in genoemd museum.

Toeval bestaat niet.

A painting a day keeps the doctor away: MAF Rxc3xa4derscheidt





MAF Rxc3xa4derscheidt, Die Frau mit dem grossen herz, 16/02/2011, aquarel.





Via Twitter kwam ik vanochtend terecht op de web site
van deze Duitse kunstenares: MAF Rxc3xa4derscheidt.
Met mijn beperkte kennis van de Duitse taal maak ik van haar web site op
dat ze poogt dagelijks een werk op het web te zetten
en dat ze daarnaast nog allerlei projecten doet.
Vooral de kleuren spraken mj erg aan.

Hier kunt u haar web site vinden.





MAF Rxc3xa4derscheidt, Die Sxc3xa4nger der blauen stunden, 05/02/2011, aquarel.





Luc Tuymans: "het fragment is het dominante verhaal"

In Vrij Nederland van 19 maart van dit jaar
staat een mooi citaat over het werk van Luc Tuymans.
Het is niet alleen van toepassing op zijn werk.
De uitspraak kun je op veel moderne kunst toepassen:

De vruchten van deze schilder zijn makkelijk te herkennen, maar nog niet zo makkelijk te typeren.
‘Terughoudend’ kun je ze noemen. ‘Diffuus’ ook. ‘Impressionistisch’ is een term die vaak opduikt. Mij doet Tuymans’ werk denken aan iemand die in een schemerige kamer eindeloos televisie zit te kijken. Kanalen veranderen, programma’s volgen elkaar op, na een uur of twee, drie, vier, vijf, zes verliezen de beelden hun kracht en worden allemaal even betekenisvol – of betekenisloos. De schilder knikt, wanneer ik hem de vergelijking voorleg: ‘Onverschilligheid, onaangedaanheid, gecultiveerde afstand – dat zijn dingen die mij wel interesseren, ja. Dat is toch zo’n beetje de grondhouding van de moderne mens. Niet dat we veel anders kunnen. Mijn generatie, en de generatie na mij nog meer, is opgegroeid met een overvloed aan sensaties en een manco aan ervaring. Het is treurig, maar waar: we nemen de belangrijkste gebeurtenissen in ons leven waarschijnlijk tot ons via televisie, films, internet, via kunstmatige bronnen, kortom.’



Luc Tuymans, Gaskamer, 1986.


Houdt in de postmoderne kunstwereld niet iedereen zijn eigen particuliere tuintje bij?
‘Dat is waar. Wij leven in een tijd zonder dominant verhaal – religieus of anderszins – en dat weerspiegelt zich in de kunsten. Die is versplinterd en gefragmenteerd, het fragment is het dominante verhaal. Het idee van het Grote Alomvattende Meesterwerk – zoals ze dat kenden in de tijd van Van Eyck of Rubens – bestaat niet echt meer. Dat is niet spijtig, dat is juist fijn. Die werken zijn al gemaakt, wij hoeven het dus niet meer te doen. In zekere zin werkt iedere schilder vandaag de dag dus in de schaduw van Jan van Eyck.’



Vrij Nederland: interview Stefan Kuiper, foto Jason Bell.


Kunstvaria

Toevallig liggen er nogal wat mensen in deze kunstvaria.
En dat geeft heel verschillende beelden.





Alexandre-Louis Le loir, Moroccan girl playing a stringed instrument, 1875, watercolor, gouache and graphite on ivory wove paper.

Liggen in de Orientalistische traditie.





Annie Leibovitz, Patti Smith with her children Jackson and Jesse, St Clair Shores, Michigan, 1996, photograph.

Liggen als uitvloeisel van de jaren ’60.





Anthony Gormley, Sculpture, 2010, Canterbury Cathedral.

Liggen in een modern sculptuur.





Antonio Canal (Canaletto), The portico with a lantern, Venduto, 1740 – 1744, etching on paper.

Was hier al eerder te zien maar blijft fascinerend.





Bill Viola, The quintet of the unseen, 2010, video still.

Bill Viola maakt vooral videokunst.
Dit is een zogenaamde ‘still’, een foto van een videobeeld.
Dat is helemaal niet hetzelfde als een video van Viola.
Maar bij gebrek aan beter.





Claude Lazar, Lumiere interieure, 2010, oil on canvas.






Claude Monet, Camille Monet and a child in the artist’s garden in Argenteuil, 1875, oil on canvas.






David Brian Smith, Great expectations – Wow, 2010, oil on herringbone linen.






Eva Hesse, Studiowork, 1968.






Falangcai (Foreign colour) vase with golden pheasants, Qing dynasty, AD 1736 – 1795.






Frank Auerbach, Mornington Crescent – Summer morning.






Gabriele Mxc3xbcnter, Stillleben in grau, 1910.






Georges Rouault, Tristes os, 1934, color etching and aquatint wove paper.






Jack Vettriano, The weight, 2010, oil on canvas.






Jan Breughel de Oudere – Peter Paul Rubens, Allegory of sight and smell, circa 1618, oil on wood.

Wat een samenwerking.
Rubens deed de menselijke figuren, Breughel de rest.
Allegory op het zicht en de reuk.





Lynda Benglis, Phantom, 1971, polyurethane foam with phosphorescent pigments.






Marcel Marien, L’introuvable, 1937, glass and acrylic glass.






Pablo Picasso, Science and charity, 1897, oil on canvas..

Negentiende eeuws liggen.
‘Wetenschap en liefdadigheid’ is de naam van het schilderij.





Piet Mondriaan, Still life with ginger jar 2, 1912, oil on canvas.

Niet zo vaak te zien op Kunstvaria maar daarom niet minder welkom:
Piet Mondriaan.




Chinese medallion





Voorkant: Return from a spring outing, Ming Dynasty, late 16th – early 17th century, ivory, 8,6 cm doorsnee.






Achterkant: Terugkeer van de lentevakantie (vrij vertaald).





Als ik ivoren voorwerpen tegenkom ben ik daar snel door gecharmeerd.
Het Metropolitan in New York lokte me met dit ivoren medaillon
naar hun web site.
Daar ging ik graag naar toe want het is een schitterend voorwerp.

De informatie van de Met geeft aan dat de datum waarop dit soort
ivoren voorwerpen zijn gemaakt, heel moeilijk te bepalen is.
In dit geval is het blijkbaar anders.
Met name de afbeelding van de man met zijn bedienden
wijst op een afbeelding die vaker, ook met andere technieken,
werd gebruikt in een bepaalde tijd.
Eind 16e, begin 17e eeuw, in China.

Dadara: The art of money / De kunst van geld

Biljetten maken en dat als kunst verkopen.
Dat doet Dadara.
De naam roept bij mij associaties op met de kunstbeweging DaDa
en de terreurorganisatie RaRa.

Ook in de Verenigde Staten is er een kunstenaar die
geld zelf tekent en de biljetten vervolgens ook gebruikt
om rekeningen mee te betalen.
De rekening en het biljet vormen dan
het tastbare restant van de performance.
Onnodig te zeggen dat deze humor in de VS maar slecht kan worden gewaardeerd.

Onze traditie van geld maken is veel kleurrijker. Letterlijk.
Dat valt ook te zien op de biljetten van 0 en 1.000.000.





Een biljet van 5000 dollar van J.S.G. Boggs met zelfportret.






Dadara: biljet van 0, voorkant.






Dadara: biljet van 0, achterkant.






Dadara: biljet van 0, achterkant (detail).






Dadara: biljet van 0, achterkant (detail).






Dadara: biljet van 1.000.000, voorkant.






Dadara: biljet van 1.000.000, achterkant.






Dadara: biljet van 1.000.000, achterkant (detail).






J.S.G. Boggs: 1 dollar.





Met dank aan Vrij Nederland en Gerard Janssen.

Guggenheim top 10

De afgelopen weken heeft zich een nieuwe ontwikkeling voorgedaan
bij de grote musea in de Verenigde Staten.
Het Guggenheim begon er mee.

Het hield bij welke voorwerpen het meest bekeken werden
door de bezoekers van de web site.
Vervolgens werd daar natuurlijk een Facebook-pagina aan gewijd.

Helemaal nieuw is het niet en de keuze is natuurlijk
erg afhankelijk van de collectie en wat het museum online zet.
Verrassend was het wel.

Hier het resultaat.





Eerste Plaats: Richard Serra, Torqued spiral (Closed, Open, Closed, Open, Closed), 2003, weathering steel, 4 x 13.1 x 14.1 meter, plate thickness 5 cm.


Een eerste plaats voor Richard Serra vind ik bijzonder.
Zijn werk is erg mooi maar ik had niet verwacht
dat het zoveel mensen zou aanspreken.
Waarschijnlijk zegt dat dus ook iets van de mensen
die naar websites van musea gaan.
Hoe de ‘verkiezing’ precies verlopen is weet ik niet.
Ik heb het opgevat als dat het Guggenheim bijhoudt
hoeveel mensen in hun on-line collectie naar een bepaald voorwerp zoeken.





Plaats twee: Constantin Brancusi, Bird in space (l’oiseau dans l’espace), 1932 xe2x80x93 1940, polished brass, 151 cm high including base.


Mooi dat het Guggenheim de titels in twee talen bijhoudt
als het werk origineel een titel heeft in een andere taal.
Daarnaast zie ik consequent overal de afmetingen bij.
Ik neem hier alleen de Westerse maten over.
De Amerikaanse maten (inches) heb ik weggelaten.
Dit heb ik niet eerder bij musea gezien.





Derde plaats: Constantin Brancusi, Muse (La muse), 1912, white marble, 45 x 23 x 17 cm.


Veel minder bekend dan het vorige werk van Brancusi op plaats 2.
Opmerkelijk.





Vierde plaats: Robert Delaunay, Eiffel tower (Tour Eiffel), 1911 (Dated 1910 by the artist), oil on canvas, 202 x 138.4 cm.






Vijfde plaats: Salvador Dalxc3xad, Birth of liquid – Desires (La naissance des dxc3xa9sirs liquides), 1931 xe2x80x93 1932, oil and collage on canvas, 96.1 x 112.3 cm.


Dali zie je volgens mij altijd in een lijstje als je
het publiek laat kiezen. Een publiekslieveling.





Zesde plaats: Marc Chagall, Paris through the window (Paris par la fenxc3xaatre), 1913, oil on canvas, 135.8 x 141.4 cm.






Zevende plaats: Vasily Kandinsky, Composition 8 (Komposition 8), july 1923, oil on canvas, 140 x 201 cm.






Achtste plaats: Giacomo Balla, Abstract speed + sound (Velocitxc3xa0 astratta + rumore), 1913 xe2x80x93 1914, oil on millboard with artist’s painted frame (54.5 x 76.5 cm.






Negende plaats: Willem de Kooning, Composition, 1955, oil, enamel and charcoal on canvas, 201 x 175.6 cm.






Tiende plaats: Joan Mirxc3xb3, The tilled field (La terre labourxc3xa9e), 1923 xe2x80x93 1924, oil on canvas, 66 x 92.7 cm.





Het leuke is dat je net zo eenvoudig een lijstje kunt maken
met 10 kunstenaars, waarschijnlijk ook vertegenwoordigd in het Guggenheim,
die niet op bovenstaande lijst voorkomen:
geen Picasso,
geen Giacometti,
geen Rothko,
geen Mondriaan,
geen Van Gogh,
geen vrouwen,
geen…

Kunstvaria

Het mag niet van het Wereld Natuurfonds.
Dat snap ik.
Het gebeurt hopelijk ook niet meer.
Maar dat is geen reden om in 1600 gesneden ivoor
niet meer mooi te vinden.
Ik liep aan tegen een tentoonstelling in het Liebieghaus.
Gevestigd in Frankfurt am Main.
Een prachtige collectie en vandaag een paar afbeeldingen daarvan.





Adam Lenckhardt, Perseus befreit Andromeda, 1643.


Perseus Rescuing Andromeda, 1643
Ivory, height 34,6 cm, width 15,4 cm
Badisches Landesmuseum Karlsruhe





Barbara Hepworth, Curved forms (Pavan), 1956, plaster.


Was volgens mij hier al eens eerder te zien.





Brian Rutenberg, Pine, palm and river 5, 2006.






Borstbeeld van Paus Pius IX.


Misschien is de foto iets te perfect om werkelijk mooi te zijn.
Uit het Vaticaans Museum.





Claude Monet, Les falaises des petites-Dalles, 1884, oil on canvas.






Domenico Tinoretto, Portrait of a Venetian Commander in armor, 1580 – 1590, oil on canvas.






Giotto di Bondone, Bust of an angel, after 1304, polychrome mosaic, Vatican City.






Gold mask, circa 5th – 6th century CE, excavated from Boma cemetery Ili, Mongghul Kura (Zhaosu) County Xinjian, Uygur Autonomous Region China.


Het kan en hoeft niet altijd Toetanchamon te zijn
als het om een gouden masker gaat.





Hans Hofmann, Apparition, 1947, oil on reinforced plywood.


Vorige week ook al een Hofmann.
Toen de laat middeleeuwse schilder.
Nu de expressionistische schilder. Ze heten allebei Hans.





Ignaz Bendl, ca 1692.


Ignaz Bendl (1682xe2x80x931730)
Medaillon commemorating the erection of the mercy columm
ca. 1692
Ivory, height 9 cm, depth 4,2 cm
Kunsthistorisches Museum Wien

In 1679 treft de pest Wenen.
Keizer Leopold I belooft een zuil op te richten als de epidemie zou stoppen.
Ik vermoed dat deze pestzuil de ‘mercy column’ is
waarvoor bovenstaande medallion is gemaakt.
De uiteindelijke zuil is pas in 1693 geinaugureerd.
Aldus Wikipedia.





Jan Steen, Moses and pharaohxe2x80x99s crown, c. 1670, canvas.


Dit motief van ‘Mozes en de kroon van de farao’
had ik niet eerder gezien.
Hier is het een prachtig schilderij waarbij de mensen
waar het om gaat prachtig uitgewerkt en gekleurd zijn
terwijl de figuranten grof zijn opgezet en haast
in de achtegrondkleur verdwijnen.





Jim Dine, Wheat fields, 1989, painted bronze with patina and pigment.






Master of the Martyrdom of Saint Sebastian, The Martyrdom of Saint Sebastian, 1655, Ivoor.


Een ivoren topstuk!


Meister der Sebastians martyrien (detail).



Meister der Sebastians martyrien (detail).






Pablo Picasso, Girl before a mirror, Boisgeloup, 1932.


Meisje voor een spiegel.
Boisgeloup is een plaats in Frankrijk waar Picasso een tijd woonde.





Robert Zandvliet, Pier and ocean, 2010, egg tempera and oil stick on canvas.






Teresita Fernxc3xa1ndez, Portrait (Blind landscape), 2008, polished precision cut stainless steel and enamel..






Victor Dubreuil, The cross of gold, ca 1896, oil on canvas.





Eelco Brand: spelen met perspectief en verwachting





Eelco Brand: tentoonstelling in Breda.





Vandaag opende een tentoonstelling met werk van Eelco Brand.
Mooie computeranimatie/manipulatie.
Te zien in het voormalig kantoorgedeelte van de vestiging van Dagblad De Stem.

De werken die tentoon gesteld worden gaan allemaal
over perspectief en verwachting.

De kantelende huiskamer, de vallende rode bal, lucht, water, bos.
Waar sta jij. Hoe verwacht je dat het volgende moment er uit zal zien…
…en dan de verrassende wending.
De ene rode bal stuiterend, zoals je verwacht
terwijl de andere in de grond verdwijnt.

Van een boterbloem gefilmd als een gigantische boom
die tot een eigenlijk onzichtbare speldekop wordt
als hij wordt bekeken vanachter de wolken.
Alles is perspectief.

De beelden zijn hyperrealistisch maar zonder mensen.
Heel af en toe een vlinder.
Clean, te clean?





De boterbloem als gigantische plant.






Aarde en lucht, gelijk verdeeld.






Hetzelfde groen van achter de wolken bekeken.





Hieronder een voorbeeldje van zijn werk (met dank aan YouTube).



Net als bij Teun Hocks vraag ik me af
wat staat er op het schilderij daar tegen de muur?

De ontbrekende schakel in de carriere van Picasso

Het is een goed bewaard geheim dat de Sjah van Perzie
tijdens zijn regime een collectie Westerse kunst aanlegde.
Kunst die de afgelopen 30 jaar in de kelders in Teheran heeft gelegen.
Warhol, Picasso, Jasper Johns, van Gogh, Monet.
Kort geleden zag ik er al eens een documentaire over.
Nu las ik een artikel over een tentoonstelling in Zurich
waar ten minste een van de werken te zien is:
de ontbrekende schakel in de carriere van Picasso.


Michael Fitzgerald, Wall Street Journal, 05/03/2011.

Picasso, Les Demoiselles d’ Avignon, 1907.


Een zeldzame blik op een ontbrekende schakel
in de carriere van Picasso.

door Michael Fitzgerald
Wall Street Journal, 05/03/2011

Korte vertaling en samenvatting.

Ondanks het feit dat Picasso’s roem al jaren staat als een huis,
is een van zijn beste schilderijen en centrale werken
uit zijn omvangrijke oeuvre met zijn atelier als onderwerp,
nagenoeg onbekend.
Zelfs onder de mensen die Picasso bestuderen zijn er maar weinigen
die ‘Schilder en zijn model’ met eigen ogen gezien hebben.
Het werk dat Picasso maakte in 1927 kennen velen alleen van een reproductie.
Ik heb 30 jaar gewijd aan het bestuderen van de kunst van Pablo Picasso
maar had nooit verwacht dat ik het doek van ruim 4 vierkante meter
zelf ooit zou zien (46 square foot = 4.27 square meter).
Maar nu ben ik een van de gelukkigen die het doek heeft kunnen aanschouwen.
Als je een lijn trekt door de carriere van Picasso
dan wordt die gekenmerkt door twee grote mijlpalen:
“Les Demoiselles d’Avignon” uit 1907
en de “Guernica” uit 1937.

Les Demoiselles d’Avignon is de doorbraak van Picasso
waarbij hij de artistieke conventies van begin twintigste eeuw doorbrak.
Guernica is het krachtigste protest tegen de humanitaire crises
en het politiek geweld van de 20ste eeuw.
Tussen deze twee meesterwerken ligt “Painter and Model”.
Zijn belangrijkste schilderij na Les Demoiselles d’Avignon
en een essentiele voorloper van dr Guernica.
Het is de ontbrekende schakel in de carriere
van de grootste kunstenaar van de 20ste eeuw.

“Painter and Model” is geen shockerend doek met een naakt model,
maar juist het tegenovergestelde:
blindheid, desorientatie en hallucinerend.
Het monumentale doek is gevuld met donkerte.
Diepgrijze schaduwen vullen het grootste deel van het doek
en zorgen ervoor dat moeilijk te zien is
wat er eigenlijk op het schilderij staat.
Zelfs bij het bekijken van het werk in levenden lijve.
De compositie is bij de eerste indruk een verwarrend patroon
van donkere delen, geaccentueerd door kleine stukken licht,
zowel verblindend wit als genuanceerd zacht.

Als we gewend zijn aan de schokkende contrasten,
blijkt de afbeelding een vertrouwde
en afschrikkende werkelijkheid te tonen.
Aan de onderkant van het schilderij wordt een plankenvloer zichtbaar
die een gevoel van ruimte creeert.
In het midden van het doek zien we een vrouw.
Ze zou zo van “Les Demoiselles” kunnen komen.
De ogen staan in een geplet, grotesk vertrokken gezicht.
Hetzelfde geldt voor de neus, borsten en ledematen.
Dit lichaam is nog afschrikwekkender dan de vrouwen
op “Les Demoiselles”.
Maar hier geen verwijzingen naar een mogelijke seksuele relatie
tussen een prostitue en haar klant zoals op zoveel werken
met het thema ‘Model en schilder’.
Integendeel ze lijkt alleen te staan in een duistere ruimte,
als een symbool voor de donkerste ervaringen van de mens.

Alleen na lange bestudering onthult zich het feit
dat de vrouw niet alleen is.
Misschien is ze zelfs niet de belangrijkste persoon op het werk.
Rechts op het doek, in een zacht gekleurde halve maan,
staat de kunstenaar.
Net zo verwrongen, bestaande uit alleen een rechthoekige vorm.
De kunstenaar houdt een palet vast (de gekantelde ‘U’
met in het midden een donkere cirkel)
aan het eind van een zig-zag arm.
Zijn hoofd is in het licht en in het donker.
In de rechter bovenhoek van het doek.
Als een soort zaagblad met de ogen vertikaal naast elkaar.
Een arm strekt zich uit langs een gapende mond,
om verf op een leeg doek te zetten dat zich
naast het hoofd van de vrouw bevindt.
Van de honderden afbeeldingen die Picasso maakten
van een kunstenaar aan het werk,
is dit de meest afschrikwekkende.
In plaats van een passieve ruimte waarin een kunstenaar
rustig werkt in een artistieke uitwisseling met een model,
is het hier een intellectueel conflict tussen de twee.

Het Museum of Modern Art had dit werk graag in zijn collectie gehad.
Begin jaren ’70 werd het werk te koop aangeboden
door de Zwitserse kunsthandelaar Ernst Beyeler
maar de Sjah van Iran had meer geld
en wilde een museum voor moderne kunst vestigen.
In 1977 opende in Teheran het Museum of Contemporary Art.
Maar na de omverwerping van het regime werd het werk opgeslagen
in de kelders van het museum.
In 2003 – 2004 was het werk te zien op een tentoonstelling in Rome,
nu, 2010 – 2011, op een tentoonstelling in Zurich.


Pablo Picasso, The painter and his model, Le peintre et son modle, 1927, oil on canvas, 214 x 200 cm, Museum of Contemporary Art, Tehran.


 

By MICHAEL FITZGERALD
Despite Picasso’s longstanding fame, one of his greatest paintings and a core work in his lifelong series devoted to the artist’s studio is almost unknown. Even among Picasso scholars, few have seen the “Painter and Model” he made in 1927 or even a color reproduction of it. I have devoted 30 years to studying Pablo Picasso’s art, yet I never expected to encounter its actual 46 square feet of canvas. Now, I am one of the lucky ones who has and can celebrate both the picture and the rare but growing opportunities to view it in public exhibitions.If we drew an arc across the great years of Picasso’s career during the first half of the 20th century, there would be two paramount achievements: “Les Demoiselles d’Avignon” in 1907 and “Guernica” in 1937. The first was Picasso’s breakthrough as he shattered the artistic conventions of the 19th century; the second became the most powerful work capturing the humanitarian crises and political violence of the 20th century. Within the 30-year period separating these two masterpieces lies another: “Painter and Model.” In my view, “Painter and Model” is not only Picasso’s most important painting since “Les Demoiselles” but also the essential precedent for “Guernica.” It is the missing link in the career of the greatest artist of the 20th century.There have been few chances to view this seminal work of art, which is closely held by the Tehran Museum of Contemporary Art.We know Picasso began “Painter and Model” with high ambitions because he selected one of the largest canvases he had used since “Les Demoiselles,” and he chose the exceptional proportions of that earlier painting: a nearly square format that concentrates the composition and isolates it from the surrounding panorama of everyday things. But the strategy he employed to capture the imagination of the viewer of “Painter and Model” is radically different from the aggressive confrontation between prostitutes and audience in “Les Demoiselles.””Painter and Model” delivers not the explicit shock of naked bodies, but the opposite: blindness, disorientation and hallucination. This monumental canvas is filled with darkness. Deep gray shadows cover much of the surface and make it so difficult to discover what lies within the space of the painting that specialists have puzzled over mediocre reproductions for years. Even in person, the composition is at first a confusing pattern of darkness punctuated by patches of light, both dazzlingly white and mellow.As we adjust to these jolting contrasts, the situation begins to resolve into a reality both familiar and disturbing. Along the lower edge of the painting, floorboards emerge, marking the space of an interior. Near the center of this room stands a woman who might have stepped from “Les Demoiselles.” Flattened to a grotesque outline of distended eyes, nose, breasts and limbs, this life-size figure is an even more hideous distortion of the human body than any in the Demoiselles, yet she is severed from that painting’s sexual confrontation of prostitutes and client. She seems to stand alone in the murky, light-struck room, an emblem of the darkest experience.Only long and careful examination reveals that she is not alone or necessarily the main character of the composition. Unlike the stark spotlight falling on the woman, a gentle, yellowish glow illuminates a crescent of space on the right side of the painting. In it resides the artist. Equally distorted, he consists only of thick rectilinear lines (unlike the curvilinear ones defining the woman) so spare and scattered that we might easily miss the figure they describe. As the golden light reveals, the artist holds his palette (a flattened “U” rotated 90 degrees and enclosing a large circle) at the end of a zig-zag arm. Crossed by both light and dark near the top right corner of the canvas, the artist’s head is his most important and strangest feature. It is like a weaponxe2x80x94flattened into a saw-toothed, pointed blade on which two eyes are vertically aligned. An arm extends from this gaping mouth to paint with a brush on a blank canvas next to the head of the woman, his model.Of Picasso’s hundreds of images of the artist at work, this is the most horrific. Instead of it being a passive site in which the artist works quietly before a posing model, Picasso conceived the studio as a place of intellectual conflict in which artist and model engage in a creative exchange, albeit orchestrated by the artist.”Painter and Model” shows the culmination of this struggle, one that has unlocked the most disturbing depths of the human imagination, all set in the blandest of everyday places. Picasso described “Les Demoiselles” as “an exorcism” of evil forces from the artist or viewer. In “Painter and Model,” artist and audience are not separate from the danger. They penetrate the painting’s hallucinatory darkness and share in the violence that transforms the model.This willingness not only to acknowledge inhumanity but to plumb its depths was one of Picasso’s greatest but least-praised achievements, far less admired than its complementxe2x80x94his celebration of sensual pleasure. When he reached back to “Les Demoiselles” to create “Painter and Model,” Picasso gathered the tools he would need for “Guernica,” whose shadowy space and writhing women bring to the public stage the private horror of the figures in “Painter and Model.”Except for the chances of the marketplace, this painting would be in the Museum of Modern Art with “Les Demoiselles.” William Rubin, who led the museum’s painting department from the early 1970s through the early ’90s, told me that of all the Picasso paintings he sought for the museum, “this was the one that got away.” When Mr. Rubin tried to acquire it from the Swiss dealer Ernst Beyeler in the ’70s, another client with deeper pockets and an ambition to establish a great collection of modern Western art bought it first: the shah of Iran.”Painter and Model” entered the state collection two years before the opening of the Tehran Museum of Contemporary Art in 1977 and four years before the overthrow of the shah. By all accounts, it has since been well protected in the basement of the museum. In 2003-04, “Painter and Model” appeared in an exhibition in Rome. In late 2010 through early 2011, it was shown at the Kunsthaus in Zurich, where I finally saw it. This last appearance has sparked discussions that may result in an exhibition that will provide the opportunity for many people to see not only this seminal Picasso but also other works in the Tehran museum’s remarkable collection of modern Western art, including major paintings by Johns, Monet, van Gogh and Warhol.xe2x80x94Mr. FitzGerald teaches the history of modern art at Trinity College.

 


Pablo Picasso, Guernica, 1937.


De gruwelen van de oorlog, Guernica detail.




een zonnebloem die als een monnik in de wind vooroverbuigt

In het voorwoord van het boek ‘Denken over kunst’
(A. A. Van den Braembussche) wordt mijn aandacht getrokken
naar het zinsdeel dat de titel is van dit logje:
‘een zonnebloem die als een monnik in de wind vooroverbuigt’.



De schrijver geeft in de eerste regels van het voorwoord aan
dat mensen heel gemakkelijk en snel een esthetisch oordeel vellen
over heel gewone dingen.
In de tekst noemt hij: ‘een stoel, een theeservies,een zonsondergang en
een zonnebloem die als een monnik in de wind vooroverbuigt’.

Aanleiding om met deze tekst eens op zoek te gaan op het internet.
Ik stuitte op een aantal heel uiteenlopende teksten
en die laat ik in een korte serie op mijn weblog passeren.
Vandaag het laatste deel.
Hier vallen alle stukjes op zijn plaats.
Ik kwam een verhaal tegen over St. Franciscus dat ik niet eerder gehoord of gelezen had: De maan in het water.

De maan in het water.
Franciscus was met een broeder onderweg naar een kluizenarij.
Hij was niet vrolijk en sjokte maar wat voort.
Hij had zorgen om zijn broederschap, maar ook om zijn eigen leven.
Volgde hij de weg van zijn Heer?
Het begon donker te worden, maar de kluizenarij was nog ver.
Gelukkig was het volle maan en konden zij verder gaan.
Ze komen langs een put.
Franciscus blijft staan, buigt zich voorover en kijkt in het stille water.
Hij wordt stil.
De maan weerspiegelt zich in het donkere water.
Hij klaart op, ze vervolgen hun weg; dan begint hij te zingen.
Hij jubelt het uit.
De broeder vraagt waarom hij plotseling zo vrolijk is.
Franciscus zegt: “Zag je dan niet wat ik zag in de diepe put?”
“Ik vermoed dat u de maan zag”, antwoordde de broeder.
“Ik zag in het licht van de maan het gezicht van onze zuster Clara.
“Clara, de lichtende, herinnert hem aan de bron van het levende water.
En Franciscus bruist weer van levenslust.

Herkomst onbekend

Ik vond dit verhaal op de volgende sites:Hans Sevenhoven, Duiven, Nederland
en hier Hans Sevenhoven, Franciscusverhalen
Ik denk niet dat iedereen gelijk zal warmlopen van de redenering:
“Ik zag in het licht van de maan het gezicht van onze zuster Clara.”
Daarvoor moet je wat meer van St. Franciscus en zijn geschiedenis weten.
Nu wil het toeval dat ik in 2007 in Milaan was (daarom
zijn alle foto’s in deze serie foto’s uit Milaan)
waar we een wandeling maakten.
Daar zagen we een fontein die ik pas nu echt kan plaatsen
nadat ik bovenstaand verhaal las.


Hier zie je Franciscus die zich tussen en over de bloemen heen naar de fontein buigt.


De maan heb ik in de fontein niet gezien maar wellicht moet ik deze plaats nog eens op een avond bezoeken. Wel zijn er nog een aantal duiven van de partij


Dit verhaal is de laatste van een korte serie onder de titel:
een zonnebloem die als een monnik in de wind vooroverbuigt
De vorige delen zijn hier te vinden:
Deel 1: 6 september 2010
Deel 2: 22 september 2010
Deel 3: 3 oktober 2010
Deel 4: 30 oktober 2010

Kunstvaria

Vandaag relatief veel beeldhouwwerk.
Twee schilderijen van Rembrandt en nog veel meer moois.
Vincent is vandaag ook weer de uitsmijter.
Veel plezier!





Attributed to Taddeo di Bartolo, The Virgin annunciate, Siena, circa 1362 – 1422.


Van Taddeo di Bartolo zijn niet heel veel werken bekend
maar hij wordt door Vasari genoemd in zijn ‘Le Vite delle pixc3xb9 eccellenti Pittori,
scultori, ed. architettori (de Levens van de voortreffelijkste schilders,
beeldhouwers en architecten).
Hier gaat het om een vermoedelijke toeschrijving.





Fernand Lxc3xa9ger, Smoke, 1912.


Een van mijn ‘Favorite things’.
Lxc3xa9ger: Rook.





Hans Hoffmann, An affenpinscher, 1580, watercolor and gouache on vellum.


‘Affenpinscher’ is een Duits hondenras.





Jan Brughel the Elder, Village landscape with figures and cows, 1568 – 1625, oil on copper.


Wat een bijzobdere blauwe lucht.





Jun Kaneko, Untitled-Dango, 2009, geglazuurd keramiek.


Dat glazuren is geen eenvoudige opdracht geweest.
Ik vermoed dat het in meerdere lagen heeft plaatsgevonden.
Jun Kaneka is een van oorspong Japanse kunstenaar.
Het woord Dango staat voor ‘ronde vorm’.
De vorm wordt als het ware gebruikt als een doek.
Daarop doet de kunstenaar met het glazuur zijn werk.





Leon Underwood, The liar, 1953, bronze.


De leugenaar. Mooi hoe de kleine armen het gezicht doen vervormen.
In een plooi proberen te houden.





Lucas Cranach the Elder, Portrait of a young woman holding grapes and apples, 1528 oil on panel transferred to canvas.






Tell Halaf.


In 1899 ontdekt Max Freiherr von Oppenheim de resten van een paleis
in wat nu Noordoost Syrie is (Tell Halaf).
De vondsten gingen natuurlijk naar Duitsland en werden in 1930
tentoongesteld in een fabrieksgebouw.
Dit prive museum werd tijdens de tweede wereldoorlog gebombardeerd.
De afgelopen jaren zijn met/uit de 27000 fragmenten
een aantal beelden gereconstrueerd.
Het beeld dat hierboven getoond wordt is er een van.





Pierre-Auguste Renoir, Venice, the Doge Palace, 1881, oil on canvas.






Rachel Perry Welty, Orange tee shirt, 24/07/2009.






Ray Caesar, Homecoming, editions 1 xe2x80x94 5, 2010, digital media on panel (Ultra chrome print on Epson luster paper, mounted on dibond.






Rembrandt Harmensz. van Rijn, David et Jonathan, 1642, huile sur bois, parquetage).



Rembrandt Harmensz. van Rijn, Portrait of a man with arms akimbo, 1658, oil on canvas.






Robert Polidori, Unit 4 control room Chernobyl, 2001.






Susan Schwalb, Toccata I, 2010.






Tony Cragg, Red figure, bois.


Het Louvre toont dit werk van Tony Cragg ter vergelijking
met een tentoonstelling van werken van Messerschmidt
die er tegelijkertijd te zien zijn.





Vincent van Gogh, The wheat field behind St. Paul’s Hospital in St. Rxc3xa9my, 1889.





De eigen beeldtaal van Rivelino

Een serie van 10 grote bonze beelden,
gemaakt door de Mexicaanse kunstenaar Rivelino,
trekt al een aantal jaren door de wereld.
Vorig jaar deed de beeldengroep Brussel aan.
Onderstaande foto’s zijn van die installatie.
De beelden zijn groot: 3,5 bij 2,3 bij 1,1 meter.
Al de beelden zijn verschillend en voorzien van de
kalligrafie die bij Rivelino steeds voorkomt.

Ze zijn gemaakt met de ‘verloren was’-techniek.
Dat wil zeggen dat je in was (smelt bij hoge temperaturen) een beeld maakt,
dat je het beeld vervolgens omwikkeld met een materiaal
zoals bijvoorbeeld klei (bestand tegen hoge temperaturen).
Door verwarming laat je de was weglopen en de holte
die dan ontstaat vul je met bijvoorbeeld brons.
Dit is een heel erg oude techniek.
De techniek wordt vaak toegepast op kleine voorwerpen.
Dat is hier duidelijk niet het geval.
De beelden zijn vervolgens voorzien van een witte en oker patina.
De patina is een laagje op beelden dat natuurlijk kan ontstaan (oxidatie)
of dat met een kleur kan worden aangebracht.

De naam van de beeldengroep is Nuestros Silencios (Onze stiltes).
Het dwingt de toeschouwer na te denken over stilte en in het bijzonder
de vrijheid van meningsuiting.
De beeldengroep is door de kunstenaar gemaakt in het kader
van het tweehonderdjarig bestaan van de staat Mexico.






















Interieur Grote Kerk Breda: Sara Bisschop

In de veiling van de nalatenschap van Juliana komt een lot voor
dat ondertekend is met ‘Sara Bisschop’.
Waarschijnlijk gaat het om een afbeelding van het interieur
van de Grote Kerk in Breda.
Toen ik wat vragen stelde aan het veilinghuis Sotheby’s
ontving ik direct een afbeelding.
Die plaats ik hieronder want het is een mooie prent.
De ondertekening is ook duidelijk.

Eens kijken hoe dat gaat op zo’n veiling.





Sara Bisschop (1894 – 1992), waarschijnlijk gaat het hier om het Interieur van de Grote of Onze-Lieve-Vrouwe-Kerk in Breda.






Ondertekend met Sara Bisschop.