Filosofie van de kunst, Anne Sheppard

Hoofdstuk 3: Expressie.

Met potlood is er in het boek als een soort ondertitel
geschreven: “Emotie in vorm”.
Ik ben benieuwd.


Edvard Much, The screem, 1910.


Terug naar de tweede filosofische stroming volgens Sheppard: Expressie.

In dit hoofdstuk zal Sheppard aantonen dat de kunstenaar emotie uitdrukt
in en via een kunstwerk en dat de expressie een van de stuwende krachten is
om te komen tot kunst en de waardering voor kunst.

Als iemand aan een kunstwerk bezig is gebeurt er iets tussen
de kunstenaar en het kunstwerk (namelijk een overdracht van emoties)
maar ook later tussen het kunstwerk en het publiek (namelijk
het opwekken van emotie).
De stroming die er van uitgaat dat kunst een expressie van emotie is,
bestaat al vanaf de klassieke oudheid mar komt tot volle bloei
door de 18e en 19e eeuwse romantici.

Sheppard behandelt een paar mensen die in de ontwikkeling
van deze stroming een rol spelen:

Tolstoj.

Wikipedia:

Lev (Leo) Nikolajevitsj Tolstoj (landgoed Jasnaja Poljana, 9 september 1828 xe2x80x93 Astapowo, 20 november 1910) was een Russisch schrijver die veel invloed heeft gehad op de Russische literatuur en politiek. Hij maakte als graaf deel uit van de Russische adel.

In 1897 schrijft hij een werk met de titel ‘Wat is kunst?’.
Sheppard noemt Tolstoj en het werk ‘Wat is kunst?’
in hoofdstuk negen van haar boek.
Terug naar Sheppard:
In het kort verwoord Sheppard de visie van Tolstoj als volgt:
1. Kunst is het besmetten van het gevoel.
2. Kunst is een communicatiemiddel
3. In de waardering van kunst staan kennis en intelect niet voorop.
Tolstoj koppelt echter aan bepaalde emoties een negatief waardeoordeel
waardoor werken die deze emoties in zich hebben volgens Tolstoj
geen kunst zijn.


Dit is de foto gemaakt door Sergej Prokudin-Gorskij, een pionier van de kleurenfotografie (trichromatische fotografie) van Leo Tolstoj in mei 1908.


 

“Art is a human activity consisting in this, that one man consciously by means of external signs, hands on to others feelings he has lived through, and that others are infected by these feelings and also experience them.”x9d (Leo Tolstoi, What is Art?)

Tijdens onze eerste reis door Rusland in 1992
hebben we het landgoed Jasnaja Poljana bezocht.
De geboorteplaats, ouderlijk huis, familielandgoed
en begraafplaats van Leo Tolstoj.
In 1992 maakte ik nog dia’s.
Ik heb een paar dia’s en 1 foto gemaakt door L.
teruggevonden en gedigitaliseerd.
We hebben dat jaar, toen de Sovjetunie nog bestond,
een reis gemaakt van Leningrad (St. Petersburg) via onder andere
Moskou, Tver, Jasnaja Poljana en Kiev naar Jalta.
Het was onze eerste vakantie buiten het vrije westen
en gingen dat jaar dan ook met een groepsreis.


Dit is de foto die L. maakte. Wat altijd is bijgebleven is dat je in Rusland in paleizen en musea gevraagd werd je schoenen te verwisselen voor sloffen. Dit om de vloeren te beschermen en vuil buiten te houden.


Dit is de eerste dia, Over de kwaliteit ben ik niet zo tevreden. Het is met mijn scanner nog niet zo eenvoudig om dia’s in te scannen. Jammer genoeg zijn de digitale copieen niet zo scherp en helder als de originelen. Jammer want als je ze projecteert zijn ze prachtig.


De groep bij het landgoed.


Het landgoed Jasnaja Poljana. Iedereen maakt geloof ik van ongeveer dezelfde plaat deze foto. ik zal op het web, op Wikipedia een foto van nagenoeg dezelfde positie.


De groep aan het eind van het bezoek aan het landgoed dat is ingericht als museum.


Het graf van Tolstoj.


Zomaar een Russisch huis.


Ik laat via de vertaling naar het Engels door Alymer Maude uit 1899
Leo Tolstoj nog even aan het woord over kunst:

Art begins when one person, with the object of joining another or others to himself in one and the same feeling, expresses that feeling by certain external indications. To take the simplest example: a boy, having experienced, let us say, fear on encountering a wolf, relates that encounter; and, in order to evoke in others the feeling he has experienced, describes himself, his condition before the encounter, the surroundings, the woods, his own lightheartedness, and then the wolf’s appearance, its movements, the distance between himself and the wolf, etc. All this, if only the boy, when telling the story, again experiences the feelings he had lived through and infects the hearers and compels them to feel what the narrator had experienced is art. If even the boy had not seen a wolf but had frequently been afraid of one, and if, wishing to evoke in others the fear he had felt, he invented an encounter with a wolf and recounted it so as to make his hearers share the feelings he experienced when he feared the world, that also would be art. And just in the same way it is art if a man, having experienced either the fear of suffering or the attraction of enjoyment (whether in reality or in imagination) expresses these feelings on canvas or in marble so that others are infected by them. And it is also art if a man feels or imagines to himself feelings of delight, gladness, sorrow, despair, courage, or despondency and the transition from one to another of these feelings, and expresses these feelings by sounds so that the hearers are infected by them and experience them as they were experienced by the composer.

De volgende personen die Sheppard behandelt zijn Croce
en Collingwood. Maar dat bewaar ik voor een volgende log.

Beelden in Breda: Speelhuislaan

Zondag zag ik dit beeld in de Speelhuislaan in Breda.
Er staat geen bordje bij met de naam van dit sculptuur
of de naam van de maker.
Op het internet vind ik een berichtje dat het zou gaan
om een sculptuur genaamd de ‘speelhuisvrouw’ van Sylvia Thijssen.
Het zou op zaterdag 29 januari om 15.00 uur onthuld zijn.





De Speelhuisvrouw op de rug gezien. Speelhuislaan, Breda.





Volgens het persbericht van de gemeente:

Symbool voor gemoedelijkheid

Zij schenkt het kunstwerk aan de buurt en wil met de Speelhuisvrouw een steentje bijdragen aan de opwaardering van de Speelhuislaan: “De Speelhuislaan is een prachtige laan met bomen en een grasveldje ertussen waardoor een spoorlijntje loopt dat industrieel erfgoed is. Aan weerskanten staan woningen, waaronder mooie authentieke panden. Veel bewoners zijn actief betrokken bij hun laan. De Speelhuisvrouw kan een symbool worden voor de gemoedelijkheid en het fijne wonen in deze buurt. De zittende Speelhuisvrouw vouwt haar handen ineen boven haar hoofd. Met dit gebaar geeft ze aan dat vanaf hier de Speelhuislaan een woongebied in mensenmaat is. In tegenstelling tot het nieuwe, zakelijk en grootsteedse uitstraling van de toekomstige Spoorzone. De sculptuur vormt hiermee een soort overgang tussen de grootsteedse toekomst en het oudere woongedeelte”



Graphic Design Festival Breda

Net als in andere steden in Nederland zie je veel grote posters in de stad.
Die tref je overal aan, maar heel vaak op electriciteitshuisjes.
Deze nutsvoorzieningen worden legaal en illegaal beplakt met posters.
Deze keer, in het kader van het Graphic Design Festival Breda, legaal.
Gisteren ben ik de route langsgegaan en heb een serie foto’s
gemaakt van deelnemende en spontane posters
en andere uitingen van grafisch ontwerpers.





Elsstraat, electriciteitshuisje.


Hier begon mijn tocht. Al is dit niet het enige electriciteitshuisje
in Breda dat reclame maakt voor ‘Decoding’,
het thema van de poster tentoonstelling.





De tentoonstellingsposter. Overigens niet een van de sterkste posters als je het mij vraagt.






Het electriciteitshuisje op de hoek van de Speelhuislaan – Minister Kanstraat.






Een van de posters heeft een voorpagina van de Donald Duck gedecodeerd.












De superheld Robin (van Batman en Robin) gedecodeerd.






Officiele en spontane posters op een oud en recent electriciteitshuisje.






Dit vond ik gewoon een mooie foto.






Inmiddels verderop in de Speelhuislaan, achter het station aangekomen, een vorm van spontaan grafisch ontwerp.






Een gedicht met een erg moderne strekking op een reflecterende, spiegelende achtergrond, Ingmar Heytze & Autobahn.


Gevaarlijk gedicht

Dit is een link gedicht. Het grijnst je toe
Met valse zwarte letters. Op de stoep
maakt het zich breed als je er langs wilt

Dit gedicht staat met een kleine scherpe
schroevendraaier naast je auto. Aait de lak
en fluit een toonloos liedje. Dit gedicht.

Wrijft zich naar binnen als een krijtwit
nabeeld op je netvlies. Het mompelt dingen
achterin je hoofd: mooie hersenspinsels

Het zou jammer zijn als daar iets mee
gebeurde. Het heeft nagetrokken wie je
kent en bent: je surfgedrag, je downloaden

De geheimen op je harde schijf. Dit gedicht
weet waar je zusje woont en waar haar
foto’s staan. Het wil maar xc3xa9xc3xa9n ding

Leer nu van buiten. Blijf voor altijd bij me.


Ik heb de interpunctie niet helemaal precies overgenomen.
Het origineel staat helemaal in hoofdletters.





Speelhuislaan, achter het station.






Formeel en informeel grafische ontwerpen.






Een wat ouder grafisch ontwerp: De Faam, voormalige naam van een snoepfabriek in Breda.






Een grafisch ontwerp zonder merknaam.






Een grafisch ontwerp zonder merknaam: waarschijnlijk niet van een heel duur reclamebureau.






Een heel formeel ontwerp want van de gemeente. Ik snap het begrip maar vind het geen sterke poster.






Voor dit electriciteitshuisje moet je wat meer zoeken. Het staat midden op de parkeerplaats van een supermarkt langs de Belcrumweg.






Ongeschikt. Lijkt iets te veel op een reclame van de Koninklijke Landmacht. Dat is jammer want hij is wel leuk.






Een decodering van de openbare ruimte. Leuk bedacht en uitgevoerd.






Op de parkeerplaats vormt het electriciteitshuisjes met de glasbakken een hele verzameling grafisch ontwerp in de openbare ruimte.






Beetje onduidelijk…..tot je de kleine letters raadpleegt.






Een soort inlogscherm van een website.






Een groter electriciteitshuisje aan de Tramsingel.






Aan twee kanten hangt het vol posters.






Decoding.


Een soort ontrafeling van het proces van het maken van een poster.
Bij de dunne sierlijke lijnen buiten de tekst DECODING
staan cijfers die de volgorde aangeven en een korte beschrijving geven
van de 8 stappen in het ontwerpproces:

D Design brief; zeg maar opdrachtomschrijving
E Evolve the brief; uitwerken van de omschrijving
C Concept; ontwikkelen van het concept
O Organizing the conditions; implicaties overzien
D final Design; finaal ontwerp
I Insecurity; de onzekerheid slaat toe, zal het werken?
N point of No return; er is geen weg meer terug
G Graphic output; het grafische resultaat.





Gewoon mooi.


Maar ook leuk. De titel is wallpaper, behang in het Nederlands.
In het Engels bestaat dit begrip uit twee woorden:
wall (muur) en paper (papier).
Onderaan eindigt de afbeelding met stene
n die een muur (wall) vormen.
De poster is natuurlijk om op te plakken als behang.
Daar zou dit ontwerp ook goed voor kunnen dienen.
Begint de afbeelding bovenaan nu met vogels of met bladen papier?





Deze vind ik erg bij deze tijd passen. De kleuren, de afbeeldingen, de tekst. Sterk.Rogerio Lira.


Het maakt onderdeel uit van een project dat de informatie overload
van onze tijd probeert te onderzoeken.











Het laatste huisje dat ik bezocht is aan de Nieuwe Prinsenkade.






Gewoon mooi. Helder, sterk.






Deze is grappig. Met vreemde materialen staat hier het woord PRETTY tegen een witgekalkte stenen muur. Het woord ‘pretty’ betekent ‘knap’. En dat is niet je eerste associatie als je naar de materialen op de poster kijkt.






Heel sterk. Mag van mij de festival poster zijn.






Grafisch ontwerp van de echte wereld.






En dat is ook het geval met deze borden.






Don’t know how to say I love ( )you.






Ook hier werd je gevraagd de nummers te volgen alleen werd de hoofdletter A mij niet helemaal duidelijk.






Rond het huisje is een ‘steiger’ aangelegd zodat het huisje van de waterkant ook te bezoeken is.











Kunstfilosofie

Ja, kunst is niet alleen maar plaatjes kijken.
Ik heb de laatste tijd wat minder blogs.
Dat is onder andere omdat ik een aantal boeken en artikelen
aan het lezen ben over kunstfilosofie.
Ik heb even de boeken ingescand en een van de artikelen.


Anne Sheppard, Van den Braembussche, Machiel Keestra.


Dat is overigens geen eenvoudige stof.
De boeken die ik probeer te lezen zijn:

Filosofie van de kunst, Anne Sheppard
Oorspronkelijke titel: Aesthetics, an introduction to the philosophy of art
1987

Denken over kunst, A.A. Van den Braembussche
Een inleiding in de kunstfilosofie.
Vierde druk, 2007

Tien westerse filosofen, redactie Machiel Keestra.
Publicatie van de Universiteit van Amsterdam.
2000

Een van de artikelen is:van oude meesters en dingen die niet voorbijgaan.
Reflecties op schilderkunst

China reisverslag / travelogue 34

Toen ik in de Verboden Stad was kwam ik ook langs souvernierwinkels.
Daar zag ik een mooi boek liggen.
Het is niet echt een catalogus, dat kan bijna niet.
Er zijn zoveel kunstvoorwerpen in de Forbidden City,
Dat past allemaal niet in een boek.


The Palace Museum.


Het boek dat ik zag is uit twee delen opgebouwd.
Deel 1 leidt je door de Verboden stad met heel veel foto’s.
Een aantal van die foto’s waren al eerder op mijn web log te zien.
De zonovergoten Verboden Stad, De Verboden Stad in de sneeuw enz.

Deel 2 leidt je door de enorme hoeveelheid voorwerpen die in de Stad
bewaard worden en te zien zijn.
De organisatie van het Paleis Museum (Palace Museum)
is opgezet aan de hand van de type voorwerp.
Zo zijn er mensen die zich bezig houden met de handschriften en boeken.
Andere met jade, bamboe en houtsnijwerk.
Ik zag dat er per afdeling boeken zijn die meer op een catalogus lijken
maar deze uitgaven zijn te groot in aantal en duur.


Boek over het Paleismuseum, Beijing, Verboden Stad.


Ik heb geprobeerd om van al die afdelingen tenminste 1 hoogtepunt
in deze log op te nemen.
Ik heb heel veel gezien die dag in de Verboden Stad
maar ik weet niet meer of ik alle voorwerpen in het boek
ook daadwerkelijk gezien heb.
Maar dat doet voor de kijker niets af van de schoonheid, de verfijning,
de cultuur of het vakmanschap dat van de voorwerpen afstraalt.


Ivory carving of the pleasures of court ladies in twelve months, Qianlong period of the Qing dynasty, 1736 – 1795.

Dit is een deel van twaalf uit ivoor gesneden voorstellingen.
Onderwerp is het leven van de hofdames.
Er is door meerdere kunstenaars aan gewerkt.
Van de medewerkers worden er vijf met naam genoemd:
Chen Zuzhang, Gu Pengnian, Chang Cun, Xiao Hanzhen en Chen Guanquan.
Een zeer kunstig werk. Let eens op de visjes in het water
of de kleding van de dames op het volgende detail.

Carving of the pleasures of court ladies (detail), Qianlong period of the Qing dynasty, 1736 – 1795.


Dai Jin, Travelers through mountain passes, Ming dynasty, 1389 – 1462.

Wikipedia:

Dai Jin (1388 – 1462) is noted as the founder of the Zhe School of Ming dynasty painting. He began his life in Hangzhou. Although he studied painting as a boy his initial occupation was carpentry.

Nederlandse vertaling/samenvatting:
Dai Jin wordt gezien als de grondlegger van de Zhe school van de Mingdynastie.
Hij is geboren in Hangzhou en ondanks dat hij werd opgeleid als schilder
In zijn jeugd, was aanvankelijk timmerman zijn beroep.

Dit schilderij is een rol die bedoeld is om opgehangen te worden.
Fascinerend vind ik de gewoonte om op het schilderij stempels
aan te brengen.
Ook komt het voor dat een voorstelling gecombineerd wordt met een tekst.

Dai Jin, Travelers through mountain passes (detail).


Daya Zhai, Draft of flower pot with design of wintersweet and Camellia, Guangxu period of the Qing dynasty, 1875 – 1908.

Weer een tekening, maar dit keer betreft het een schets
voor een afbeelding op een bloempot.

“Wintersweet” op Neerlandstuin.nl:

Chimonanthus is een van de vroege voorjaarsbloeiers. De bleekgele bloemen verspreiden een plezierige geur. De Engelsen voerden de struik in 1766 in uit China. De struik verwierf daar al snel de bijnaam ‘winter sweet’.
De wasachtige bloemen hangen de hele winter aan kale takken.
Chimonanthus praecox is inheems in China. Hij groeit in het gebergte van Sichuan en Hubei tot op een hoogte van 3.000 meter.

“Camelia” op Neerlandstuin.nl:

Camellia, roos uit het verre oosten.
Camellia staat al heel lang in de belangstelling. In China, waar de meeste soorten van nature groeien, worden nog steeds soorten van het geslacht ontdekt. Bloemkleur: rood.

Daya Zhai, Draft of flower pot (detail).

Maar wat voor vogel is dat nu?

Daya Zhai porselein werd gemaakt voor het dagelijks gebruik
door de Keizer.
Bij iedere schets staat vermeld op wat voor voorwerp de afbeelding
is aangebracht, de vorm van het voorwerp, kleur
en het aantal dat er uiteindelijk van gemaakt werd.


Unknown, Blue and white covered porcelain jar with red engraving, Yuan dynasty, 1271 – 1368.

Ik ga kriskras door het boek.
Niet gehinderd door stijl, tijd, paginanummer of wat dan ook.
Deze pot vond ik zo mooi omdat de centrale afbeelding,
qua kader en invulling, ook vaak te zien is als wandversiering
in bijvoorbeeld de Verboden Stad.


Champleve, enamel ox shaped zun (wine vessel), Qianlong period of the Qing dynasty, 1736 – 1795.

Encyclo.nl:

Champleve
bijzondere emailtechniek, waarbij het email in uitgespaarde holten wordt gegoten.

Een ‘zun’ is een wijnvat.
Je ziet hier een veel voorkomende versiering op Chinese voorwerpen:
wolken. Wolken omringen vaak ook de Draak of de Phoenix.
Op het voorwerp op de rug van de os staat:
“de stijl van de oudheid in de Qianlong regeerperiode”.


Unknown, Gilt silver covered Kapala bowl, Qing dynasty.

Dit is een heel bijzonder voorwerp.
Ik had nog nooit van een “Kapala bowl” gehoord.

Wikipedia:

A kapala (Sanskrit for “skull”) or skullcup is a cup made from a human skull used as a ritual implement (bowl) in both Hindu Tantra and Buddhist Tantra (Vajrayana). Especially in Tibet, they were often carved or elaborately mounted with precious metals and jewels.

Het woord Kapala kom van het woord in Sanskriet voor schedel.
Een Kapala bowl is een “schedelkom”. Vooral de Tibetaanse uitvoeringen
waren rijk uitgesneden, op een voetstuk geplaatst
en versierd met dure metalen en juwelen.

Het is een ritueel voorwerp dat vooral in het Tibetaans Boeddhisme
gebruikt werd/wordt(?). Verguld zilver.
Na de begrafenis van een persoon kon zijn schedel gebruikt worden
om tot een dergelijke kom te worden bewerkt.
Daar ging een selectieproces en een aantal rituelen aan vooraf.


Unknown, Gui (food container) to worship ancestors, Middle period of the Western Zhou dynasty.

De enige betekenis die ik lang geleden al kende van het woord GUI
was Graphical User Interface (ik werk in de automatisering).
Maar in de Chinese wereld van de bronzen staat een Gui voor
een pan of ketel om eten in te bewaren.

Gui, “twisted dragon design”.

De afbeelding op de voet wordt het “twisted dragon design” genoemd.
Zeg maar de gedraaide draak.

Gui, handvat.


Unknown, Mink winter crown, Qing Dynasty.

Winterkroon gemaakt met minkbont.


Unknown, Openwork polychrome porcelain vase with design of Phoenix among clouds, Wanli period of the Ming dynasty, 1573 – 1620.

Opengewerkt, meerkleurig porseleinen vaas met als afbeelding
de feniks omringd door wolken.
Mocht je nu denken waar zit die Phoenix of Feniks.
Op de volgende afbeelding heb ik het symbool voor de keizerin,
de feniks, proberen te isoleren.

Openwork polychrome porcelain vase with design of Phoenix among clouds (detail).

Los van de afbeelding en het feit dat de vaas opengewerkt is
is dit stuk bijzonder omdat dit niet in een keer gemaakt is
maar uit verschillende stukken bestaat,
die in het productieproces uiteindelijk zijn samengevoegd.
De kleuren bevatten email dat bovenop het glazuur is aangebracht en
andere die juist onder het glazuur zijn aangebracht.


Unknown, Painted enamel bowl with design of bird playing in peony flowers, Yongzheng period of the Qing dynasty, 1723 – 1735.

Naast de afbeelding van een fazant (denk ik) tussen pioenrozen
staat er ook een gedicht op deze kom.
Een paar regels van het gedicht van Han Zong’s gedicht
Ode aan de pioenrozen.
Het gedicht dateert uit de Tang dynasty.

Neerlandstuin.nl:

Pioen is een plant voor de eeuwigheid Er zijn tientallen soorten van het geslacht Paeonia bekend, vandaar dat aan een indeling ervan niet valt te ontkomen. Zo zijn er enkel- en gevuldbloemige soorten, struikpioenen en kruidachtige pioenen. Paeonia lactiflora hybr. ‘Edulis Superba’ is een gevuldbloemige soort Nieuwe cultuurvarieteiten van de pioen zijn ontstaan door hybridisatie (kruising van soorten). De pioen is al lang in cultuur, ook voor de tuin. Het is nog steeds een belangrijke snijbloem. Van oorsprong komt de plant uit China en Japan.

Het emaille werd vanuit het Westen ingevoerd rond 1728.
Al snel waren de Chinese vakmensen meesters in deze techniek.


Unknown, Sandelwood imperial seal, Qing dynasty, By Quinlong mentioned as one of the 25 treasures, 1644 – 1746.

Dit voorbeeld van de grote Chinese zegels
hebben een grote aantrekkingskracht op mij.
In 1746 kiest Qianlong 25 zegels uit de voorafgaande dynastieen
en betitelde die als de 25 schatten.
Ze symboliseren de keizerlijke macht.

Afdruk van de zegel.

Dit is de afdruk die gemaakt kon worden met bovengenoemd zegel.
Er zijn Chinese en Manchurische karakters te zien.


Unknown, Twelve node Cong with magic figures and incantations, New stone age, Liangzhu culture, 3400 – 2250 BCE.

Ik zag een dergelijk voorwerp onlangs nog in Brussel
op de tentoonstelling “Zoon van de Hemel”.
De buitenkant is vierkant terwijl de binnenkant
circelvormig is uitgehakt/geboord.
Het voorwerp is vier tot vijf duizend jaar oud en is gemaakt van jade.


Wu Zhifan, Boxwood brush holder carved with design of reporting a victory, Beginning period of the Qing dynasty, 1662 – 1722.

Een houder voor kwasten gemaakt uit Buxus-hout
en rozenhout voor de voet en mond.
De afbeeldingen zijn gesneden uit bamboe.
De afbeelding toont drie mannen die zitten te schaken
terwijl op een andere afbeelding twee mannen te paard
het bericht van een overwinning komen brengen.

Wu Zhifan, Brush holder (detail).


Zhang Cheng, Carved red lacquer plate with design of gardenia flowers, Yuan dynasty, 1271 – 1368.

Deze lacquertechniek mag niet ontbreken in dit overzicht.
een ‘gardenia’ of jasmijnbloem.


Editor: Wang Renxu; Copiist: Wu Cailuan, Kan Miu Bu Que Qie Yun.

Kan Miu Bu Que Qie Yun=
Fouten herstellen, het ontbrekende aanvullen
en het ritme maken.
Het werk gaat over de Chinese taal, fonologie.

De afbeelding is het kleinst en dat komt
omdat hij over twee pagina’s in het boek staat afgebeeld.
De afbeelding toont een heel bijzonder boek.
Het is de ‘missing link’ tussen de Chinese boeken die werden opgerold
en de ingebonden boeken.
De tekst is nog op een rol maar er zijn al meerdere lagen.
De eerste pagina zit aan beide kanten aan een rol vast.
de drieentwintig volgende bladen zitten alleen rechts vast.
Om de twee pagina’s worden de bladen steeds een centimeter korter.

Zelfde boek maar dan verticaal.


Het boek heb ik uiteindelijk niet in de Verboden Stad gekocht.
Ik vond het te zwaar een hele dag mee te dragen en besloot dus
om bij het verlaten van de stad het boek te kopen.
Alleen toen ik de Verboden Stad uit moest (sluitingstijd)
waren de winkels al dicht.
In een Engelstalige boekwinkel in het centrum van Beijing
heb ik later het boek alsnog kunnen kopen.

Schwarzbier

Onlangs nog werd Cafe de Beyerd voor de tweede maal
gekozen als Beste cafe van Nederland.
Dit uitstekende cafe heeft ook een Restaurant en een Brouwerij.
De brouwerij lanceerde op de ‘aandeelhoudersvergadering’ van maart
het nieuwste bier: Schwarzbier.





Dit is een foto van het ‘Dividend’ gemaakt door het cafe zelf in aanloop naar de aandeelhoudersvergadering.






Het artikel op de website van BN/De Stem.






Ons eigen dividend.






In de rij met Drie Hoefijzers Klassiek en Dirk.





Kunstvaria

Twee maal twee werken van een kunstenaar.
Dat komt niet vaak voor.

Wat vind je van het volgende idee dat ik las
in het essay “van oude meesters en dingen die niet voorbijgaan”,
met als ondertitel: “reflecties op schilderkunst”.
Overigens vermoed ik dat de schrijver van het essay
Henk v. d. Heuvel is.
Ik weet het niet zeker maar hij presenteert zich
op zijn web site “Woest en vredig” als de auteur/eigenaar van de logs.

Er is een groot verschil tussen klassieke en moderne kunst. Klassieke kunst is een reflectie op de natuur terwijl moderne kunst een reflectie op de reflectie is. De klassieke kunst zoekt naar eenvoud en enkelvoudigheid. De moderne kunst vindt complexiteit en meervoudigheid.






Adriaen van de Venne, Allegory of poverty, 1630s.


Voor een Oude Meester is dit een behoorlijk complex werk.
Deze allegorie (verbeelding van een abstract begrip) toont een man
die twee andere figuren op zijn rug draagt.
Op de tekstbalk bij zijn benen staat:
xe2x80x99t Sijn ellendige beenen die Armoe moeten draegen.
We zien hier een blinde man die een hond bij zich heeft.
Op zijn rug draagt hij een oude vrouw met in haar hand
een melaatse klepper en een bak voor de aalmoezen.
Op haar beurt draagt ze een kind op haar rug.
De kleding van de figuren zijn meer vodden dan iets anders.
De stro in de klompen is ook niet van de luxe.
Bij die klompen liggen een soort handvatten die invaliden
gebruikten om zich voort te bewegen.
Kommer en de kwel alom.
Er is een schilderij dat samen met dit werk een eenheid vormt.
De allegorie op welvaart.
Je kunt je wel indenken wat dat zoal laat zien.





Anni Albers, Second movement I, 1978.






Bada Shanren, Two mynas on a rock, 1692.


De Myna is een vogel die in Azie voorkomt.
Het is een zangvogel uit de famillie der spreeuwachtigen.
Ze blijven een leven lang bij dezelfde partner,
bouwen hun nest in een hol in bomen of muren.
De nesten worden van allerlei materialen gemaakt zoals bladeren,
gras, veren en allerlei afvalmateriaal.
Normaal gesproken worden dan zo’n vier tot zes eieren gelegd.





Een tentoonstelling met Polaroids trok mijn aandacht. Twee voorbeelden komen in deze kunstvaria voor. Deze eerste is van Edward Mitchell, 1983.






Emil Nolde, Nature morte aux danseuses, 1914.






Gerhard Mantz, Allgemeine xc3x9cbereinstimmung, 2009.


Tekenen op linnen.





Gerhard Mantz, Bemerkenswerter Zusammenhang, 2009.






Guercino (Giovanni Francesco Barbieri), David mit dem kopf Goliaths, 1617.






Gold Kesi, One hunderd birds jacket, 19th century.


Kesi is een weeftechniek ontwikkeld in Azie.
Of er werkelijk honderd vogels op staan weet ik niet.
‘Honderd’ kan ook staan voor ‘veel’.





Ilse Bing, The elevated and me, 1936.






Jean-Francois Rauzier, Evolution.


Ik vind de titel heel grappig. Hoezo evolutie en ontwikkeling?





Kristen Kobke, View of Osterbro from Dosseringen, 1838.


Meerdere schrijfwijzes kom ik tegen op het web: Christen Kxc3xb8bke
is een schilder uit Denemarken.





Marc Chagall, Le bouquet de Paris, 1982.






Tweede poleroid: Monica Nestler, 1980.






Pablo Picasso, Le couple, 23 oktober 1969.






Paul Klee, Portrait in the garden, 1930.






Philip de Lxc3xa1szlxc3xb3, Queen Elizabeth (Queen mother), 1925.


Familiekiekje uit de collectie van het Britse koninklijk huis.
Koningin Elizabeth, de koninginmoeder.





Rare Eskimo polychrome wood mask, Yupxe2x80x99ik or Anvik.


Yupxe2x80x99ik en Anvik zijn twee namen voor Eskimogroepen.





Rene Magritte, Golconda, 1953.






The Cauchon hours, Middle of the 15th century, owned by a noble couple from Rheims.


Het Cauchon getijdeboek.
Midden 15e eeuw,
eigendom van een adelijk echtpaar uit Rheims.





Tomas Saraceno, Untitled.


Als je dan spreekt van ‘complexiteit en meervoudigheid’ dan geldt dat zeker
voor dit werk dat ook nog eens geen titel heeft dat je in een richting
kan duwen om de betekenis of bedoeling te achterhalen.
Mooi vind ik het wel.





Zhao Bo, Rainbow City, 2009.


Jammer dat dit werk zo breed is. Gezien de beperkte ruimte op mijn log
blijft er dan niet veel van over.





Zhao Bo, Sweet Embrace, 2008.


Ik ben er nog
niet van overtuigd dat we dit
over 10 jaar nog wel zo bijzonder vinden.




Kunstvaria

Foto’s van bekende mensen, ik heb er een haat/liefde verhouding mee.
Vaak zijn de foto’s niet bijzonder.
Ze vallen alleen maar op door de persoon op de foto.
Soms zijn ze wel apart.

Vandaag naast de foto’s portretten op schalen, op steles,
geschildert, in een collage, houtsnede en gebeiteld.

Verhoudingsgewijs veel Zuid Afrika.





Attic red-figure, stemless kylix by Douris, circa 480 BC.


Draped youth standing in an Athenian wine-shop
amongst large amphorae

Gekleede jongeling in een Atheense wijwinkel omringd
door wijnvazen.

De kwaliteit van de foto is niet zo hoog.
Het voorwerp zelf ziet er heel bijzonder uit.
Een Kylix, een Griekse drinkschaal.
De maker is Douris. Wikipedia vertelt ons daar het volgende over:

Douris was een Atheense vazenschilder en pottenbakker uit het eerste kwart van de 5e eeuw v.Chr.

Van hem zijn meer dan dertig gesigneerde (roodfigurige) vazen bewaard, waaruit de schoonheid en de sierlijkheid van zijn stijl blijken. Hij behandelt de meest uiteenlopende onderwerpen op even voortreffelijke wijze: mythische of epische thema’s, taferelen uit het dagelijks leven (worstelende efeben, feestmalen, …). Zijn langgerekte, onberispelijk getekende figuren kondigen reeds het begin van de klassieke periode aan.







Cecil Skotnes, Stations of the cross, 1980.


Cecil Skotnes is een Zuidafrikaanse kunstenaar.
Hier een statie uit de kruisweg.
Namelijk statie 5: Simon van Cyrene helpt Jezus het kruis te dragen





Dumile Feni-Mhlaba, One of mine or a song for You, 1942 – 1991.


Nog een werk uit Zuid Afrika.





George Hurrel, Jean Harlow, 1934.


George Hurrel is de fotograaf en Jean Harlow de sexbom uit de jaren dertig.
Prachtige kitch foto.





Golden wreath, Greece, Fine gold oak leaves with acorns.


Gouden lauwerkrans, eikenbladeren en eikels.





Govaert Flinck, Landscape with an obelisk, 1638.






Hendrik ter Brugghen, Saint Sebastian tended by Irene, 1625.






Jean-Baptiste-Camille Corot, Jeune femme xc3xa0 la fontaine, 1860 – 1870.






Jewelry elements for a broad collar, Egypt, Amarna period, 18th dynasty, circa 1353 -1323 BC.


Losse elementen die samen een halssierraad vormen.
Gemaakt in de Amarnaperiode.
Tijd kort voor Toetanchamon.





Joaquin Sorolla, Idilio en el mar, 1908.






MF Husain, Untitled.


Moderne kunst uit India.





Marlene Dumas, Figure in a landscape, 2010.


Dumas is geboren in Zuid Afrika en ze werkt vanuit Amsterdam.





Mughal Quran, India, 1682 AD.


Indiaase Koran onderdeel van de tentoonstelling:
Treasures of the Aga Kahn Museum.





Otto Dix, Portrait of the laryngologist Dr. Mayer-Hermann, 1926.


Een ‘Laryngologist’ is een gespecialiseerde KNO-arts
die zich met de stem bezig houdt.





Otto Dix, The salon I, 1921.






Paul Hodgson, Untitled (Green and Blue), 2009.


Eerste indruk is dat het lijkt op het schilderwerk van Giacometti.
Maar het proces schijn complex te zijn.
Er worden eerst foto’s gemaakt van een model.
Dan schildert Paul Hodgson een aantal studies en een groot schilderij.
Daar worden weer foto’s van gemaakt die dan in stukken,
al dan niet weer bewerkt, terug geplaatst worden op het grote schilderij
dat in het begin is gemaakt.





Piero di Cosimo, Francesco Giamberti da Sangallo, circa 1485.


Een werk bestaande uit twee portretten.
Rijksmuseum Amsterdam.





Prehispanic mural paintings at Tetitla Palace, in Teotihuacan: Las Aguilas, 600 – 700 na Christus.


Een groot aantal van de muurschilderingen
zijn het afgelopen twee jaar gerestaureerd.





Stele with Akhenaton, his wife Nefertiti and their children, 1350 – 1333 BC.


Het Metropolitan Museum of Art heeft een grote tentoonstelling
met voorwerpen die te maken hebben met de begrafenisrite
van Toetanchamon.
Dit is er een onderdeel van.

Farao Akhenaton aanbidt samen met zijn vrouw Nefertiti
en hun kinderen de god Aten (de zon).
Akhenaton voerde als eerste een monotheistische godsdienst in.
In de kunst ontstonden voor het eerst min of meer
realistische afbeeldingen van mensen.
Daarvoor moesten afbeeldingen van farao’s voldoen
aan de dan geldende afspraken.
Deze veranderingen duren maar kort want de macht van de priesters
die meerdere goden aanhingen werd hersteld
met het aantreden van Toetanchamon.





Stela of Userhat and his wife Nefertari, he is a mortuary priest of Tutankhamun, Thebes Late 18th dynasty, circa 1327 – 1295 BC.






Yousuf Karsh, Pablo Picasso, 1954.





China reisverslag / travelogue 29

Vandaag een heuse museale verzameling uit de Forbidden City in Beijing.
Op mijn tocht was ik inmiddels bij de verzameling
muziekinstrumenten geweest.

Daarna stuitte ik op een hal met een groot aantal
prachtige voorwerpen waarvan je hier een kleine
selectie kunt zien.














Grey pottery dancing man, Xijing Dynasty, 265 – 317.






Een korte blik naar buiten.






Seated figure of Amitayus, Kangxi reign, 1662 – 1722.





Net als in veel andere culturen tref je bij veel voorwerpen
invloeden van andere culturen aan.
Jier is sprake van beinvloeding door Mongoolse beelden.
Het gaat om een bodhisattva (een verschijningsvorm van Buddha)
waarbij de nadruk ligt op het element vuur.
Typisch is verder de lotusbloem. Hier ook duidelijk te herkennen
in het plateau, de basis van het beeld.






De Verboden Stad: 04/10/2009





Seated statue of Vajradhara, Yongle reign, 1403 – 1424.









Stationeries used in the first writing ceremony, Qing Dynasty, 1644 – 1911.


Schrijfgerei: je ziet hier een kwast, een kom (een reproductie),
een inktsteen, penseellegger en inktpallet.
Te gebruiken door de keizer in ceremoniele schrijfsessies.
Op het penseel staat “Wan nian Qing” wat Evergreen of Altijd groen betekent.
De kom is van het type “Jin-ou Yonggu”.
Hij staat wel vermeld op het kaartje bij deze voorwerpen maar
volgens mij is hij op de foto niet te zien.
De Jin-ou Yonggu kom/mok is in een gouden uitvoering
een van de topstukken van het Paleis Museum.
Letterlijk betekent het ‘Gold-Made Ware Cup of Eternal Stability’,
Gouden kom van de eeuwige stabiliteit.
Het gaat dan om een gouden kom in de vorm van oud brons vaatwerk.
Staat op pootjes en is rijkelijk versierd.
Het betreffende exemplaar was van de keizer Qianlong.

Persoonlijk vind ik het zogenaamde “Brush rack”,
ik heb dat hierboven als penseellegger vertaald,
heel eg mooi.
Een kleine bergrug (Jade?) op een stukje hout.





Penseellegger.






Een topstuk naar mijn gevoel.



Yellow glaze zun, 1644 – 1911.


Een zun is een bronzen wijnvat.
De vormen van de bronzen Chinese voorwerpen zie je later terug
in het aardenwerk.
De techniek om aardewerk te vervaardigen bereikt in China een hoogtepunt.
Dit is slechts een van de vele voorbeelden van die kunst.





Muurvaas.



Detail.



Muurvaas, 1644 – 1911.


Typisch is dat veel van de voorwerpen een wel erg ruime datering hebben.
1644 – 1911 zijn de jaartallen van de Qing dynastie die ook wel Mantsjoe
dynastie wordt genoemd en die in totaal 12 keizers kende.





Kunstmatig landschap.






Ruyi-scepters.


De tekst op het kaartje helpt niet echt om deze
voor mij geheimzinnige voorwerpen
te verklaren:

Being there lucky meaning, Ruyi scepters were important adornements in the court.


Ik kan de tekst eigenlijk niet vertalen.
Grammaticaal klopt het niet.
Deze scepters waren belangrijke statussymbolen.

De volgende tekst komt van een web site van het Palace Museum.
Maar buiten deze tekst kan ik niets achterhalen over de auteur.
Daarmee blijft het allemaal een beetje vaag.

Evolution of the Ruyi Scepter

Some experts speculate that the ruyi scepter came to China along with the Buddhism from ancient India in the Eastern Han period (25-220 CE). Called Anuruddha, the ruyi scepter originally was a monk’s tool for scratching. In Buddhist classics, it is one item in a monk’s paraphernalia. The other three things are an ear pick, a tongue-scraping tool, and a walking staff with rings.

However, some materials suggest that the ruyi scepter is not a foreign import since a scratching tool existed before the Han dynasty. Recent archaeological finds provide several objects including two of the Eastern Zhou (eleventh century BCE -770 BCE) unearthed from ancient cities of the Lu Kingdom in Shandong province. One end of these objects likes palms, the fingers of which are curling. With column handles, they are thought to have been scratching tools and the earliest examples of the ruyi scepter’s traditional form. The Unauthorized Biography of Hu Zong (Hu Zong biezhuan) of the Three Kingdoms period (220-280) recorded that the ruler of the Wu kingdom Sun Quan found a white jade ruyi scepter. But no one knew its history. So the ruler asked Hu Zong who was a knowledgeable person. Hu Zong said that the ruyi scepter was embedded by the first emperor of the Qin dynasty (r. 221 BCE -210 BCE) when he was the crown prince and hoped it could bring him good fortune. Although the origin of this piece may be not accurate, this is the earliest story on the ruyi scepter, displaying that people at that time thought ruyi scepter an important thing.

The word “ruyi” was from common people. The Han dynasty emperor Gaozu (r. 206 BCE -195 BCE) named the Qi concubine’s son “As you wish” (ruyi) because he loved him, showing that at least in the Han dynasty and perhaps even earlier this was an auspicious term. In early translations of Buddhist sutras from Sanskrit, ruyi was used to represent monks’ objects. We can speculate that an object called ruyi (which existed prior to Indian monks coming to China) had the same function as the Indian scratching tool, and furth
er that Buddhism contributed to the development of the ruyi scepter because it highly influenced Chinese traditional life, culture, and ideology.
Since “ruyi” is a good word and has close relationship with Buddhism, the ruyi scepter gradually changes from a tool to a precious object, becoming the gift with best wishes between nobles.

Meaning and Function of the Ruyi Scepter

The ruyi scepter has different functions to various people. Most ones considered a piece the symbol of power or at least the authority to speak. The following examples illustrate the meaning and functions of the ruyi scepter in different periods.

In the first half of the first century, covering the Eastern Jin period to Southern era, well educated people loved to discuss philosophic issues. They usually held horsetail whisks or ruyi scepters during talking.
Meanwhile, the ruyi scepter was no longer a monk’s daily tool, but a Buddhist ritual object. An eminent monk could deliver a sermon if he holds a ruyi scepter which represents his power and high status. Because of the fashion, some Bodhisattva statues made later even held ruyi scepters in hands. Therefore, the ruyi scepter started to contain auspicious and intellectual meaning.

Once an eminent Indian monk used a ruyi scepter to wake up a sleeping tiger which was not listening to his sermon. A monk at the Yuquan Monastery held a ruyi scepter in his dying minutes. In the Northern Zhou period (557-581), the Wu Emperor conducted a public debate about abolishing Buddhism. Monks gave a ruyi scepter to Zhi Xuan who was selected as a delegate. Holding it, he gently sat down and began his statement, displaying his noble character. At such serious moment, monks still focused on the ruyi scepter. This story illustrates the meaning of “authority to speak” and reveals that it was significant for the Buddhist ritual events.

The use of ruyi in religion further raised its importance as a symbol of power. In the fifth century, ruyi scepters were held by literati and aristocrats to show their special social status. In the collection of the Nanjing Museum, a set of molded-bricks from a tomb of the Eastern Jin (317-420) portray the “Seven Worthies of Bamboo Grove” who were outstanding literati enjoying leisure life. One named Wang Rong is holding a ruyi scepter. He was not the only one who had this auspicious object because it was very popular among aristocrats.

The Tang dynasty emperor Taizong (r. 627-649) once gave a rhinoceros horn ruyi scepter to Li Xun who helped to wipe out evil eunuchs and some military commissioners (fanzhen). The emperor called that ruyi scepter “authority to speak” (tan bing) which actually was a symbol of power, and hoped that his right-hand official would enjoy good fortune.

On occasion, the ruyi scepter was a commander’s baton for controlling troops. Commander Wei Mu of the Liang kingdom (502-557) could not ride a horse on the battlefield due to physical weakness. Sitting in a wood sedan chair, he commanded the army by waving a ruyi scepter and defeated the enemy. The enemy called his troops the “Wei Tigers”.

Although the ruyi scepter had many functions, it still retained its original form of a back scratcher with its beautiful “as-you-wish” name. Following the Tang dynasty, that is from the tenth century, the ruyi scepter and the back-scratching staff gradually diverged. The back scratcher was a tool made of simple materials and kept its original form. The ruyi scepter became an artifact without practical function, made of precious materials, with beautiful designs and auspicious meaning of ten-thousand things as you wish.

Ruyi scepters were made of various materials including jade, gold, iron, silver, ox horn, and crystal. Craftsmen also used other things such as jade crystal, amber, bamboo, bamboo root, and rhinoceros horn to carve.

Formats of Ruyi Scepters

Ruyi scepters made after the second half of the first century were in the same forms with those of the Eastern Zhou era (770 BCE -221 BCE) which had palm-shaped heads. This type could be found in the traditional records and paintings. An exceptional one exists in Longmen Grottoes. In a painting, a lady holds a large ruyi scepter that is more than one meter long. The piece in this size is speculated a ritual object. The traditional images with ruyi scepters display their holding methods. People could hold a piece in one hand vertically, horizontally or sidelong. Some ruyi scepters are held in two hands or in arms. The direction of the head is not fixed, yet the fingers of the arm-shaped head primarily face the ground or opposite to the holder’s body.

The Eclipse of Ruyi Scepters after the Tang dynasty

In the late Tang dynasty, the scholar-official society went to the end. The ruyi scepter which used to be a representative of their social statue became declined. After the reorganization of the dynastic society, the production of ruyi scepter nearly stopped during about five hundred years. Meanwhile, only a few records included ruyi scepters. Although the ruyi scepter was not very popular, it still had slightly changes. Its head was designed as the top of a longevity fungus. The handle becomes more gentle and elegant, having patterns and pearl inlays.

Up to the Ming dynasty, the literati recalled the tradition and re-favored the ruyi scepter as a plaything. People loved things with good meanings and hoped everything goes well. Thus a ruyi scepter was considered an auspicious object due to its good name.

In the collection of the Palace Museum, the existent ruyi scepters of the late Ming dynasty are made of various materials. Those made of bamboo and wood recall the traditional style. Since they were praised for noble characters, the upper class loved to store them.

Ruyi Scepters in the Palaces

In the Qing dynasty, especially from the Qianlong reign to the Empress Dowager Cixi period, the ruyi scepter reached its height. The imperial family ordered the imperial studio many scepters with various materials and forms. They display the highest levels in these fields at that time. Moreover, the ruyi scepter with some auspicious patterns was no longer a tool, but just a symbol of good luck that was used in all imperial ceremonies.

Officials presented ruyi scepters in honor of the New Year’s Day and the imperial families’ birthdays. From the middle period of the Qianlong reign (1736-1795), ruyi scepters, which usually had nine pieces in one set, were on the top of the officials’ contributing lists. The emperors gave some to his officials and ambassadors as the most precious gifts. In the late Qing dynasty, ruyi scepters were used in the emperor’s wedding. Some court painting of that time also displayed ruyi scepters.

The ruyi scepter of the late Qing dynasty became a kind of jewelry as well as a symbol of wealth and power. For instance, the officials found 120 jade ruyi scepter and other 1601 pieces with jade inlays during taking He Sheen’s stock, which were far more then 242 pieces in the imperial store.

Author:Liu Yue



Vertaling/samenvatting

Ontwikkeling van de Ruyi sceptre
Volgens sommige experts komt de ruyi sceptre van het Boedisme uit India
in de Oostelijke Han periode naar China (25 xe2x80x93 220 na Christus).
Origineel was het een stokje dat monniken gebruikten om te krabben.
Ze gebruikten het ook om hun oor schoon te maken,
hun tong te schrapen of als wandelstok.
(Lijkt me onzinnig, een wandelstok om in je oor te stoppen?)
Andere experts nemen aan dat het voorwerp uit China zelf afkomstig is
en al ouder is.
Ruyi betekent xe2x80x98As you wishxe2x80x99 of xe2x80x98Zoals u wenstxe2x80x99.

Betekenis en functie van de Ruyi rcepter
Voor verschillende mensen in verschillende tijden had de Ruyi scepter
andere betekenissen.
Soms is het een symbool van macht
, het gaf voor andere
het gezag om te mogen spreken.
Af en toe werd het gebruikt als een batton voor een generaal in het leger.

De Ruyi scepters in het Paleis Museum
In de Qing dynastie, special van de Qianlong regeerperiode tot en met
de regering van Keizerin Cixi,
bereikte de ruyi scepter zijn populariteitshoogtepunt.
De keizerlijke familie kocht scepters in verschillende formaten
en van verschillend materiaal.
Men gaf elkaar aan het hof scepters met Nieuwjaar
en bij verjaardagen van de keizerlijke familie.
Sommige functionarissen en ambassadeurs ontvingen ruyi scepters
van de Keizer als kostbaar geschenk.
Nog later werd het een sierrraad en een symbool van rijkdom en macht.








Pot om krekels in te bewaren.


Het houden van krekels is een veelvoorkomende gewoonte in China.
Dit is een pot om krekels in te houden.
De bovenkant vanc de pot, zeg maar de bel-vorm,
iverbeeld bloemenranken. Deze ranken laten veel ruimte open,
te klein om de krekels er door te laten maar groot genoeg
om hen te zien en lucht door te laten.








Deksel van een doos gemaakt van de bamboepalm.



.



De doos is gemaakt om een vijf jade voorwerpen te bewaren. Die kunnen in de doos liggen op de daarvoor uitgespaarde ruimtes.


De doos is in 1778 door Chen Huizu, een minister verantwoordelijk
voor de weefindustrie in Suzhou, aan de keizer.
De doos bevatte 5 vissen, uit jade gesneden en afkomstig
uit de Han dynastie.
De Qianlong keizer waardeerde dit cadeau erg.





Carved Red-lacquer dinner box with a design of flying dragons, 1735 – 1796.


Dir is een voorbeeld van de roodlaktechniek (red-lacquer).
Een beschrijving van deze techniek met achtergond informatie trof ik aan
op de volgende web site:

De volgende ctekst is afkomstig van http://ribonet.ontwerperswinkel.nl.

Het woord lak komt van het woord “Laksha” uit het Sanskriet. Dit betekent xe2x80x98honderdduizendenxe2x80x99 en slaat op de aantallen schildluizen die in India een rood getinte lak produceren. In de loop der tijd is het woord lak synoniem geworden voor de meeste harsachtige producten die in xc3xa9xc3xa9n of andere vorm op hout wordt toegepast.
Meer dan 4000 jaar geleden werd al in China het sap van de xe2x80x98Rhus verniciferaxe2x80x99(let op de gelijkenis met het woord xe2x80x98vernisxe2x80x99) gebruikt als beschermende laag op diverse gebruiksvoorwerpen.
In de 7e eeuw voegde men er letterlijk een extra dimensie aan toe. Toen werd de techniek van roodlaksnijwerk ontwikkeld. De lak werd met vermiljoen vermengd en in vele laagjes opgebracht. Na droging van elke laag werd er de gewenste voorstelling terug gesneden en met puimsteen teruggeslepen, zodat er een driedimensionaal relixc3xabf ontstond. Als je bedenkt dat elke laag diverse dagen moest drogen en dat er op het hoogtepunt wel relixc3xabfs werden gemaakt met meer dan tweehonderd lagen geeft dat en hele nieuwe dimensie aan het begrip monnikenwerk.




Vliegende draak.






Blue and white brush holder (1723 – 1735.


From the imperial factory of Jingdezhen under
the supervision of Tang Ying.
Peenehouder, porselein gemaakt in Jingdezhen,
de beroemde keizerlijke fabriek voor aardewerk.
In deze periode stond de fabriek onder leiding
van Tang Ying.





Een kijkje naar buiten. Hall of Central Harmony.






Verboden Stad. Dit is een deel van de muur die om het binnenhof staat. Links voor de muur zie je het begin van de Office of Grand Counsil of State (Junjichu). Zeg maar de Chinese variant van het Torentje op het Haagse binnenhof.





China reisverslag / travelogue 25




De Verboden Stad: 04/10/2009

Na de tentoonstelling vervolgde ik mijn weg.
Ik wou zeggen de route maar ik volgde geen route.
Het idee was om via Gate of Glorious Harmony het meest
linkerdeel van de Verboden Stad eerst te bezoeken.
Dat is er niet van gekomen.
Ik ben naar Zhen Du Men gelopen, de poort links
van de Gate of Supreme Harmony.
Er zijn noral wat vertalingen van dezelfde Chinese naam.
Zhen Du Men wordt vertaald als:
Gate of Moral Standards (op het bord in de stad) en
Gate of Correct Conduct (op de plattegrond).
In het kader van de symmetrie staan aan beide zijde van de grote poort
een kleiner poortgebouw.
Ik bezocht een van hen en maakte er foto’s.
Wat anders?





Inner Golden Water.






Bronzen leeuw.






Hier zie je een van de twee bronzen leeuwen voor de Gate of Supreme Harmony (in de rode kring). Een manshoog beeld.






In detail.






Reliefs op de muren maar vooral op de vloer. Vaak tussen de trappen of op de basis van de gebouwen.






De vloer. Weer eens wat anders dan een mozaiek.






De blik terug op de Meridian Gate.






Het schilderwerk aan de buitenkant van het poortgebouw.












De basis van de belangrijkste gebouwen bestaan uit wit steen met beeldhouwwerk (marmer). Je ziet deze karakteristieke versiering vooral als ballustrade bij trappen of als ‘hekje’ langs de plateau’s.






Versiering in de basis van de gebouwen.






Zonwering. Dit houtsnijwerk zie je overal in de Verboden Stad.






Hoek.






Tot aan de nok versierd, nee… zelfs op de nok.






Zhen Du Men.


Zhen Du Men
Gate of Moral Standards

Opgericht in 1420 tijdens de Ming dynastie.
De originele naam van deze poort was Xi Jiao Men
(Westelijke hoek poort).
De poort kreeg zijn huidige naam in 1645.
In 1888 is de poort door een brand verwoest
maar direct in 1889 weer opgetrokken.
In de Qing dynastie woonde onder andere hier,
de keizerlijke wachters die dienst hadden.
De woorden xe2x80x98Zhen Duxe2x80x99 betekenen xe2x80x98het corrigeren van de wetxe2x80x99.





De houtconstructie van het dak.






Als je door het poortgebouw loopt, ontvouwt zich het volgende plein. Dit keer met in het midden op dat prachtig witte, marmeren plateau, de Hall of Supreme Harmony. Dat is het ceremoniele centrum van de Verboden Stad. Zie op de voorgrond links een van de vele, vele vaten/ketels die door de hele Verboden Stad te zien zijn. Hun functie was onder andere de opslag van water dat gebruikt kon worden om een brand te blussen.






Ik ga niet direct op deze centrale hal af maar loop langs de linker vleugel om zo van de ene naar de volgende museumruimte te lopen.






Schildering op een brede balk in het plafond.






Voorbeeld van de geometrische motieven die je overal terug ziet in de Verboden Stad.






Wat een schattig tuinhekje.






Op de gallerijen rondom de pleinen kun je met meerdere mensen naast elkaar lopen. Op deze zonnige dag komt daarbij dat je in de schaduw loopt. Nog meer vaten.






Hall of Supreme Harmony.






Je ziet dat ik er niet alleen loop.






Niet alleen geometrische motieven maar ook motieven die ontleend zijn aan de natuur. Voor de hoofdkleuren krijg je zo langzamerhand wel een gevoel denk ik.


Rood is de kleur dat het volk vertegenwoordigt,
groen is voor de aarde,
blauw staat voor de hemel en
geel is de kleur van de keizer; de kleur van het goud.
Maar ik moet erkennen dat ik heel veel verschillende interpretaties
lees van kleuren in relatie tot China.
Over geel zijn de bronnen unaniem: keizerlijk.



China reisverslag / travelogue 24

Kaartje gekocht, kaartje geknipt.
Klaar om de Verboden Stad in te gaan.





De eerste indrukken zijn overweldigend. De Verboden Stad heeft een enorme omvang maar tegelijk al de mooie detailelementen in de architectuur en de kunst die er te zien is.






De daken, de bouwstijl, de schilderingen. En het is nog maar het begin.






Dit prachtige plein ligt gelijk achter de Meridian Gate. Hier met zicht op de Inner Golden Water Bridges en de Gate of Supreme Harmony.






Hetzelfde plein maar vanaf een iets hoger punt.






De Gate of Glorious Harmony. Mijn plan was om na het bezoek aan de zalen in de Meridian Gate door deze poort een bezoek te brengen aan het linkerdeel van de Verboden Stad. Uiteindelijk ben ik daar niet geweest. Voor een volgende keer.







De Verboden Stad: 04/10/2009





Om de grootte van de Verboden Stad een beetje in perspectief te brengen zie je hierboven een toeristische kaart van de stad. De Meridian Gate is de grote toegangspoort. Die is helemaal onderaan de foto.






Het omkaderde deel is het deel dat op de vorige foto’s te zien was: Meridian Gate, Gate of Supreme Harmony en onder andere de Gate of Glorious Harmony. Dit is ongeveer 1 derde van de totale breedte van de Verboden Stad. Als je kijkt naar de lengte dan is dit plein ongeveer 1 zesde of 1 zevende van de Verboden Stad.






Hier zie je ze in detail: de Meridian Gate onderaan. Bovenaan de Gate of Supreme Harmony. Links de Gate of Glorious Harmony. Toeval wilde dat in de Meridian Gate een tentoonstelling was van Cartier. Daar ben ik even gaan kijken. Niet zo zeer voor de voorwerpen maar omdat ik dan ook op de eerste verdieping van zo’n enorme poort kon rondkijken.






Eenmaal thuis en werkend aan deze log vond ik op internet nog deze aankondiging van de tentoonstelling.






Dit is het uitzicht vanaf de Meridian Gate, eerste verdieping, in de richting van Tiananmen Square. Zeg maar de Verboden Stad uitkijkend. Beneden staan de mensen in de rij om hun kaartje te laten controleren. In de vorige log zag je daarvan foto’s. In de verte zie je het volgende poortgebouw. Dit is nog allemaal onderdeel van de Verboden Stad






Zo ziet zo’n ballustrade op de eerste verdieping er uit.






En dit is de beschilderde houtconstructie van het onderste dak. Deze poorten hebben twee daklagen boven elkaar. In de Verboden Stad zijn de daken van een houtconstructie met dakpannen. Die houtconstructie steunt op houten pilaren. De ruimte tussen de pilaren is opgevuld met leem, klei en dergelijke. In het geval van deze poorten is het anders. Dit zijn echt enorme muren met daar bovenop het poortgebouw.






De Verboden Stad is symmetrisch van ontwerp. Hier sta ik midden op de Meridian Gate en ervaar je die symmetrie.






Het eerste juweel.






Veel koninklijke stukken zoals deze tiara.






Een zeepaardje.






Deze slang vond ik echt fantastisch.






Eenmaal buiten nog een prachtige schildering. Veel van de constructies in de Verboden Stad zijn afkomstig uit de 17e eeuw terwijl de initiele aanleg al in de vijftiende eeuw was. Het buitenschilderwerk is dus allemaal nieuw. Het gaat er dan ook meer om de motieven en kleuren vast te houden dan de originaliteit van het buitenschilderwerk






De Meridian Gate heeft twee lange uitstulpingen richting Tiananmen Square. Hier zie je de ballustrade van een van deze twee uitstulpingen. Beide eindigen in een verdedigingstoren.





De Verboden Stad

Zeg maar hoe je het wil noemen:
de Verboden Stad, the Forbidden City, Palace Museum,….

De Verboden Stad: 04/10/2009

Ik worstel een beetje met de Verboden Stad.
Het was er geweldig, begrijp me niet verkeerd.
Maar ik heb er erg veel foto’s gemaakt.
En hoe presenteer ik die nu op mijn web log.
Het antwoord heb ik nog niet.

Ik begin in ieder geval met het heel korte
geschreven verslag dat ik op 4 oktober rond half drie in de middag,
in de Verboden Stad en later op de middag in mijn hotel heb opgeschreven.

Om 08:00 uur ben ik vertrokken vanuit mijn hotel.
Heb in de straat geld gepind en ben dan direct naar De Verboden Stad gegaan.
Om 09:15 uur koop ik een kaartje, maar dan ben ik al in het complex.
Het is nu 14:30 uur.
Ik ben nu aan de achterkant van het paleis
(bij Shenwu (Spiritual Valour) Gate).
In mijn redenering ligt de voorkant van de Verboden Stad
aan het Tiananmen Square.
Ik ben langs de linkerkant door het complex gelopen.
Nu ga ik via de rechterkant terug.
16:45 uur. Ik ben net het paleis uitgeraakt.
Ze sloten de poorten achter me dicht.
Ik schrijf steeds paleis maar het is een echte stad.
Toeval wil dat ik de East Prosperity Gate uitgelopen ben.
Daar is wel mijn hotel.
Dus daar geniet ik nu van het uitzicht op alle mensen die nog verder
naar hun hotel of huis gaan en van een glas drinken.

Van een bezoek aan de gallerie met de naam 789
is dan ook niets gekomen.
Zal moeten wachten tot een volgend bezoek.


In Beijing koop ik later een boek met veel foto’s over de Verboden Stad.
Het boek heet ‘The Palace Museum’, edited by the Palace Museum,
Uitgegeven door ‘The Forbidden City Publishing House’.
De volgende foto’s heb ik van het boek gemaakt.
Het geeft een eerste indruk van het enorme complex.

De foto’s beslaan twee pagina’s en dat kun je zien aan de foto’s.


Een van de keizerlijke tronen in de Verboden Stad. Palace of Heavenly Purity.


Er loops een rivier door de Verboden Stad en op een van de grotere pleinen zijn daar een aantal bruggen: Inner Golden River Bridges and the Gate of Supreme Harmony.


Er is veel keramiek te zien in de Verboden Stad. Niet alleen in de vorm van gebruiksvoorwerpen als borden en kommetjes maar ook in de vorm van grote tegeltableaux. Hier: Nine dragon screen het Negen-drakentableau. Liulong Bi.


Bij de kunstvoorwerpen zit ook deze uitklapfoto: Han Huang, Five Oxen (Vijf ossen). Huang leefde van 723 tot 787 tijdens de Tang dynastie.


Deze foto geeft een idee van de structuur van de Verboden Stad. De centrale as wordt gevormd door de grote officiele hallen en poorten. Aan weerszijde grote aantallen kleinere gebouwen, vaak paleizen van de keizerlijke familie met ieder een binnenplaats en een gangenstelsel dat de paleizen verbindt.


Hall of Supreme Harmony in de sneeuw.


Het bovenste boek van deze stapel is het boek waar deze foto’s uit komen.


 

China reisverslag / travelogue 18

The Ming Tombs, De Ming graven; introductie: 03/10/2009

De Minggraven liggen buiten Beijing.
Prachtig in een dal bij elkaar.
Een (1) graf is opgegraven.
Dat graf heet Dingling.
Het is het graf van drie mensen:
keizer Wan Li, keizerin Xiao Duan Xian en keizerin Xiao Jing


Keizer Wan Li.


Keizerin Xiao Duan Xian.


keizerin Xiao Jing.


Hier volgt een introductie op de Ming graven:

Minggraven

Er zijn op zo’n 40 – 50 kilometer afstand van Beijing
in de heuvels, 13 Ming graven.
Dertien graven van keizers uit de Ming dynastie (1368 – 1644).
In totaal lagen er 13 keizers, 23 keizerinnen en 1 concubine begraven.
Het Tianshoushan Hill gebied is zo’n veertig vierkante kilometer groot.
Het grootste grafcomplex is dat van Changling.
Drie complexen zijn voor het publiek open.
Een daarvan, Dingling, is ook opgegraven.
In Dingling lag keizer Zhu Yijang (1563 – 1620) begraven,
wiens keizernaam Wanli is.

De dertien graven liggen in een heuveldal
dat origineel afgesloten was met een muur en een poortgebouw.

Al voor het poortgebouw kwam men bij een herinneringsboog.
(bogencomplex is misschien een betere naam
want er zijn 5 doorgangen)
Bij het poortgebouw staat een stele die bezoekers gebiedt
van hun paard af te stappen.

Vervolgens was er de Heilige weg (Sacred Way)
met levensgrootte beelden van mensen en dieren
aan beide kanten.
De vertaling van de naam van deze weg
is moeilijk. Misschien is ‘sacrale weg’ of ‘processieweg’
een betere vertaling.
Maar ik las ook op een site de term: ‘STRAAT VAN DE GEESTEN’
en weer ergens anders ‘Pad der zielen’.

Dan volgt het zogenaamde ‘paviljoen met de stele’.
Een ‘Stele’ is de archeologische term voor een,
meestal uit een stuk steen of hout gehouwen tablet of pilaar,
met daarin een in relief gebeeldhouwde voorstelling en/of tekst.
In het geval van de Minggraven staat hierop het levensverhaal
van Keizer Zhu Di (keizer Yongle, de bouwer van zowel
de Verboden Stad als van de eerste gebouwen van dit complex).

Na de Heilige weg is er nog een herdenkingsboog (Lingxing) waarna
de individuele grafcomplexen volgen.

De individuele grafcomplexen bevatten een aantal standaard onderdelen:
– toegangspoort;
– herdenkings- of ceremoniele gebouwen;
– herdenkingsboog of bogen;
– altaar;
– Toren van de Ziel (Soul tower);
– de grafheuvel met het zogenaamde ondergrondse paleis.

Opgraving van het Dingling graf.

Het Dingling grafcomplex is een van de dertien grafcomplexen
van de Ming dynastie die bij elkaar liggen in de heuvels
ongeveer 50 kilometer buiten Beijing.
Ding Ling betekent letterlijk ‘Graf van de stabiliteit’.
Dingling is het grafcomplex van keizer Wanli.
Het is het enige complex dat is opgegraven.
Het is ook het enige keizerlijke graf
dat sinds de oprichting van de Volksrepubliek China is opgegraven.
De redenen daarvoor hebben direct te maken
met de resultaten van de opgravingen van Dingling
en de gebeurtenissen die daar mee samenhingen.

De opgravingen van Dingling begonnen in 1956
nadat een groep archeologen en wetenschappers
onder leiding van Guo Motuo en Wu Han
hadden aangegeven dat het een goed idee was
om het Changling grafcomplex te onderzoeken.
Changling is het grootste en oudste complex
van de 13 Ming graven op Tianshoushan Hill,
Changling is het grafcomplex van Keizer Yongle.
Ondanks de goedkeuring van premier Zhou Enlai
werd het idee door archeologen verworpen vanwege
het belang en het hoge publieke profiel van Changling.
In plaats daarvan werd besloten Dingling,
het derde grootste complex, op te graven als
test en voorbereiding voor een latere opgraving van Changling.
De opgraving werd afgerond in 1957 en het museum
werd geopend in 1959.

Bij de opgraving kwam een graf te voorschijn dat volledig in tact was
waarin duizenden voorwerpen werden gevonden van zijde,
textiel, hout en porselein.
En de stoffelijke resten van Keizer Wanli en zijn twee keizerinnen.
Echter men had niet de beschikking tot de technieken en middelen
om al die voorwerpen op een juiste manier te conserveren.
Na een aantal rampzalig verlopen experimenten werd
een grote hoeveelheid zijde en textiel opgeslagen
in een magazijn waarin water lekte en de wind vrij spel had.
Als een gevolg daarvan zijn de meeste van de overgebleven voorwerpen
in zeer slechte staat en worden replica’s getoond in het museum.
Bovendien werd door de politiek een grote druk op de opgraving uitgeoefend
om snel met resultaten te komen en de opgraving af te ronden.
Door die haast is de documentatie van de opgraving mager.

Het project kreeg nog met een groter probleem te maken
als politieke massabewegingen het land in zijn greep krijgt.
Dit escaleert in de Culturele Revolutie in 1966.
In de tien jaar daarna lag al het archeologisch werk stil.
Wu Han, een van de belangrijkste pleitbezorgers van het project
werd het eerste belangrijke doelwit van de Culturele Revolutie.
Zijn werk werd aan de kaak gesteld en hij stierf in 1969 in de gevangenis.
Fanatieke Rode Gardisten bestormden het Dingling museum
en sleepten de stoffelijke resten van Wanli en de keizerinnen
uit het museum, stelden hun daden postuum aan de kaak,
en verbrandden de resten.
Vele andere archeologische voorwerpen werden toen vernietigd.

Pas in 1979, na de door van Mao Zedong
en na het einde van de Culturele Revolutie,
vervolgden de archeologen serieus hun werk en werd
uiteindelijk het opgravingrapport opgesteld door
die archeologen die alle onrust overleefd hadden.

De lessen die werden getrokken uit de Dingling opgraving
leidde tot een nieuw beleid van de regering van de Volksrepubliek China.
Daarin wordt er van uit gegaan dat er geen opgravingen meer plaatsvinden
behalve dan als het om een reddingscampagne gaat.
Als een gevolg hiervan is er geen toestemming meer verstrekt
om keizerlijke graven op te graven, ook niet als men per ongeluk
op een ingang stuit zoals dit bij Qianling het geval was.
Het originele plan om na Dingling Changling op te graven
wordt niet uitgevoerd.


Alle afbeeldingen in deze log komen uit dit boek dat ik kocht bij mijn bezoek aan Dingling.


Wikipedia;

Excavation of Dingling tomb

Dingling tomb is one of the 13 Ming Dynasty Tombs.
Dingling (literally “Tomb of Stability”), one of the tombs at the Ming Dynasty Tombs site, is the tomb of the Wanli Emperor. It is the only one of the Ming Dynasty Tombs to have been excavated. It also remains the only imperial tomb to have been excavated since the founding of the People’s Republic of China, a situation that is almost a direct result of the fate that befell Dingling and its contents after the excavation.

The excavation of Dingling began in 1956, after a group of prominent scholars led by Guo Moruo and Wu Han began advocating the excavation of Changling, the tomb of the Yongle Emperor, the largest and oldest of the Ming Dynasty Tombs. Despite winning approval from premier Zhou Enlai, this plan was vetoed by archaeologists because of the importance and public profile of Changling. Instead, Dingling, the third largest of the Ming Tombs was selected as a trial site in preparation for the excavation of Changling. Excavation completed in 1957, and a museum was established in 1959.

The excavation revealed an intact tomb, with thousands of items of silk, textiles, wood, and porcelain, and the skeletons of the Wanli Emperor and his two empresses. However, there was neither the technology nor the resources to adequately preserve the excavated artifacts. After several disastrous experiments, the large amount of silk and other textiles were simply piled into a storage room that leaked water and wind. As a result, most of the surviving artifacts today have severely deteriorated, and replicas are instead displayed in the museum. Furthermore, the political impetus behind the excavation created pressure to quickly complete the excavation. The haste meant that documentation of the excavation was poor.

A severer problem soon befell the project, when a series of political mass movements swept the country. This escalated into the Cultural Revolution in 1966. For the next ten years, all archaeological work was stopped. Wu Han, one of the key advocates of the project, became the first major target of the Cultural Revolution, and was denounced, and died in jail in 1969. Fervent Red Guards stormed the Dingling museum, and dragged the remains of the Wanli Emperor and empresses to the front of the tomb, where they were posthumously “denounced” and burned. Many other artifacts were also destroyed.

It was not until 1979, after the death of Mao Zedong and the end of the Cultural Revolution, that archaeological work recommenced in earnest and an excavation report was finally prepared by those archaeologists who had survived the turmoil.

The lessons learned from the Ding Ling excavation has led to a new policy of the People’s Republic of China government not to excavate any historical site except for rescue purposes. In particular, no proposal to open an imperial tomb has been approved since Dingling, even when the entrance has been accidentally revealed, as was the case of the Qianling Mausoleum. The original plan, to use Dingling as a trial site for the excavation of Changling, was abandoned.

 


Dingling vanuit de lucht.


Dingling: ondergrondse grafkamer in de huidige staat.


Dingling: zwart/wit foto van dezelfde grafkamer ten tijde van de opgraving eind jaren ’50.


Foto van een ander graf: Maoling. Daar ben ik zelf niet geweest maar als je foto mag geloven is dit graf in een veel mindere staat dan Dingling


Reconstructie van een keizerlijk kleed met het ‘honderd kinderen patroon’.

Detail.


Reconstructie van de ‘Phoenix kroon’.

Detail.


Reconstructie van de gouden keizers kroon.


Het zogenaamde ‘Danbi’ vloer.

Deze wordt ook wel de ‘stone painted floor’ genoemd,
de met steen geschilderde vloer.


 

National Portrait Gallery: Irving Penn

Ik ben erg skeptisch als het gaat om foto’s of schilderijen
of andere werken met afbeeldingen van bekende personen.
De vraag is dan steeds:
wat voegt de uitvoerder van het werk toe aan de afbeelding?
Bij Irving Penn heb ik dat gevoel niet.
De foto’s zijn ronduit prachtig.
Maar niet protserig of overdreven.
Door zijn carriere heen blijven ze verrassend.
Daarom laat ik de foto’s hieronder zien
op volgorde van jaar.


Irving Penn, Alfred Hitchcock, New York, 1947.

Alfred Hitchcock, filmregiseur van onder andere:
The Man Who Knew Too Much
The 39 Steps
The Lady Vanishes
Jamaica Inn
Rebecca
Spellbound
Notorious
Dial M for Murder
Rear Window
To Catch a Thief
Vertigo
North By Northwest
Psycho
The Birds


Irving Penn, Marlene Dietrich, New York, 1948.

Marlene Dietrich, actrice onder andere in:
Der kleine Napoleon
Der blaue Engel
Morocco
Shanghai Express
Blonde Venus
Knight Without Armour
Follow the Boys
Stage Fright
Witness for the Prosecution
Touch of Evil
Judgment at Nuremberg


Irving Penn, Barnett Newman, New York, 1966.

Barnett Newman, kunstschilder, onder andere bekend van
“Who’s Afraid of Red, Yellow and Blue III.

Barnett Newman, Who’s Afraid of Red, Yellow and Blue III, 1966 – 1967.


Irving Penn, Al Pacino, New York, 1995.

Al Pacino, acteur in onder andere The Godfather, Scarface en Serpico.


Irving Penn, Nicole Kidman, New York, 2003.

Nicole Kidman, actrice in onder andere:
Days of Thunder
The Portrait of a Lady
The Peacemaker
Eyes Wide Shut
Moulin Rouge!
Dogville


 

Kreta 2009

Tijdens je vakantie op Kreta of Rhodos realiseer je
niet altijd wat een enorme geschiedenis
deze eilanden achter zich hebben.
Ik werd daar nog eens op gewezen toen ik gisteravond
een passage las uit de Ilias van Homerus.
Ik ben niet dat hele boek aan het lezen maar ik lees het
meest recente boek van Umberto Eco
en daarin wordt dit werk geciteerd.
In de Ilias wordt een enorme opsomming (lijst) opgenomen
met legeraanvoerders, het aantal schepen,
de afkomst van de bemanning enz.





Umberto Eco, De Betovering van lijsten, Vertigine della lista.




Ik lees dit prachtige boek in het Nederlands
en over de Griekse eilanden staat er dan:

Roemrijke speerheld Idomeneus leidde het volk der Kretenzers
zij die het stevig ommuurde Gortyna en Knossos bewoonden,
Lyktos, Miletos en schitterend krijtwit liggend Lykastos,
Faistos en Rhytion, prachtig gelegen, welvarende steden
en de bevolking der honderd andere steden van Kreta.

Herakles’ grote en dappere zoon Tiepolemos leidde een
negental schepen uit Rhodos, bemand met dappere strijders,
zij die verspreid over Rhodos een drietal steden bewoonden:
Lindos en Lalysos en ’t schitterend krijtwit Kameiros.

Homerus, Ilias, boek 2, versen 455 – 760.

Boek 2 is de opsomming van de krijgsmachten in de Trojaanse oorlog,
een heel oud vpprbeeld van een lijst.

China reisverslag / travelogue 08

Na de koffie en het eten kon ik er weer tegen.
Dus ging ons eerste bezoek naar de Temple of Heaven.
Pas later begreep ik het belang voor de Chinese cultuur
van deze tempel.


Kaartjes kopen voor de Temple of Heaven.


Achteraf gezien ging dit wel erg snel.
Na het eten met een taxi naar de Temple of heaven.
Dat is in werkelijkheid niet 1 tempelgebouw
maar een park met meerdere tempels, een enorm altaar
en bijgebouwen.
Dit hele complex was druk bezocht…….
alleen de tempel zelf was op dat moment voor het publiek gesloten.
Waarschijnlijk om het een keer schoon te maken
of om de bewaking even wat te laten rusten.
Hoe dan ook, dit alles was voor mij een culturele lawine
zo kort na de vlucht.
Het hele complex ziet er als nieuw uit.
Ter voorbereiding van de Olympische Spelen
is dit complex flink opgeknapt.


Kaartje voor de Temple of Heaven.


Zoals te zien een heel complex.


Een deel van het park.

Het terrein dat er bij deze tempel hoort is groot.
Op 2 oktober is het er ook erg druk.
Het park wordt gebruikt voor allerlei activiteiten.
Eigenlijk net als in een park in het Westen.


We lopen zo door het complex dat we eerst door een heel
lange galerij lopen: de Long Corridor.
In de verte is de Temple of Heaven al te zien.


Zoals alle andere plaatsen waar ik die dag ben geweest was ook de galerij erg druk.



Ik zie er verschillende groepen mensen die klassiek gekleed zijn.


Met muziekinstrumenten of gereed voor de dans.


Beijing aankomst en daarna: 02/10/2009

Temple of Heaven / Tempel van de hemel.

Letterlijk betekent het Chinese begrip voor de Temple of Heaven,
altaar voor de hemel.
Het is een complex in Beijing waar de keizers
van de Ming en Qing dynastieen
bezoeken brachten voor de jaarlijkse ceremonies en gebeden
tot de God van de Hemel voor een goede oogst.
Het complex is gebouwd tussen 1406 en 1420
tijdens de regeerperiode van de Yongle keizer.
Deze was ook verantwoordelijk voor de bouw van de Verboden Stad.

De keizer werd in China beschouwd als de Zoon van de Hemel.
Daarom waren de ceremonies bij deze tempel zo belangrijk.
Veelvuldig komen ronde en vierkante vormen voor
in de architectuur die wijzen naar de hemel en de aarde.
Het nummer negen staat voor de keizer.
De blauwe daken staan voor de hemel.


Prachtige dakenpartijen.

De Chinese gebouwen bij tempels en bijvoorbeeld
de Verboden Stad zijn ‘niet origineel meer’.
Daarmee bedoel ik, dat het materiaal waarmee de gebouwen
gebouwd zijn (hout) de tand des tijds niet heeft doorstaan.
Dat is logisch. Hout, ook een hele sterke houtsoort,
heeft te lijden van de weersomstandigheden.
Om de gebouwen te beschermen moet je ze regelmatig verven.
Dat geeft een heel nieuwe indruk.
Natuurlijk is het ontwerp van die gebouwen,
de bouwstijl, de constructiemethode, enz, nog origineel.
En ook dakpannen en muren zijn van natuurlijke materialen, zelfs de bakstenen,
hebben het moeilijk gehad door de eeuwen heen.


Uiteinden van dakpannen, antefixen is volgens mij de officiele term.

De afbeeldingen zijn draken.
Typisch Chinees.


Veel vlaggen en mensen.


Afwerking dakpannen.

Het aantal ‘beeldjes’ op zo’n uiteinde van een dak was gereguleerd.
Ieder op zich zijn knappe staaltjes van dakpan bakken.



De Temple of Heaven was gesloten. Ik kon alleen nog maar een blik werpen door een kier van de deuren.


Vlecht- of knoopwerk.


De deuren waarachter de tempel zich schuil houdt.


Kunstige houten verbindingen prachtig beschilderd. Mooie kleuren.



Temple of Heaven om een hoekje.


Hierna vervolgen we onze weg naar het grote altaar.
Het Circular Mound Altar is een altaar dat bestaat uit drie niveau’s
van marmer. Hier bad de keizer voor goed weer.
Het werd gebouwd in 1530.


Nog meer daken….


….en dakpannen in detail.


Imperial vault of Heaven – Keizerlijke kluis van de hemel.

In dit gebouw werden voorwerpen bewaard
die nodig waren voor de keizerlijke ceremonies.



Prachtige ‘gevlochten’ plafondconstructies.


Dergelijke afwerkingen van trappen zal ik nog veel zien.


Typisch Chinese kunstvorm. Op een dergelijke manier vloeren beeldhouwen zie je in de Westerse kunst niet.


Heavenly center stone / Hemelse centrale steen.

Heavenly center stone / Hemelse centrale steen

De bovenste verdieping van de ‘Circular Mound’
is geplaveid met 9 concentrische ringen van stenen platen.
De steen in het centrum heet de
‘Heavenly center stone / Hemelse centrale steen’.
De eerste ring om deze steen omvat 9 stenen,
de tweede ring bestaat uit 18 stenen
en zo gaat dat verder tot de negende ring met 81 stenen.
Deze ringen zijn het symbool voor de negen hemels.
Als je op de centrale steen gaat staan klinkt je stem ver door.


De Heavenly center stone is populair voor foto’s.


De wachtende staan wel mooi in de rij.


Het altaar.






Een kunstige afvalemmer.


Grote oven van groen geglazuurde bakstenen.


Grote metalen vuurkorven.



Firewood Stove / Houtoven.

Firewood Stove / Houtoven

De houtoven is een enorme ronde oven
gemaakt van groene geglazuurde bakstenen.
Voordat de ceremonie begon voor de aanbidding van de Hemel
Werd er een gewassen en geschoren kalf op de oven gelegd.
Het vuur werd gestookt met pijnboomtakken en riet
om de God van de Hemel te verwelkomen.
Een ritueel warm welkom aan de keizerlijke god.
Na de afronding van de ceremonie werden de offergaven,
de aanplakbiljetten, de zijden rollen, respectvol in de oven gelegd
om te verbranden terwijl de keizer toekeek.
Dit ritueel heette ‘toekijken bij het branden’.


Ik zal merken dat op veel plaatsen ter gelegenheid van de viering van 60 jaar Volksrepubliek China er grote bloempartijen zijn aangelegd.


Het Temple of Heaven-complex is een Unesco World Heritage Site.


Temple of Heaven, tweede ticket met achterkant.


 

Aanwinst 2009

Een van de aanwinsten dit jaar van het Breda’s Museum is deze prent
die het interieur toont van de Grote Kerk in Breda.





Remigius Haanen, Interieur Grote Kerk Breda, circa 1825.





De makers is waarschijnlijk Remigius Haanen.
Remigius Haanen werd geboren in Oosterhout bij Breda.
Zijn familie bestond uit kunstschilders.
Remi ontwikkelde zich vroeg tot landschapsschilder
en maakte daarmee internationaal carriere.
Remigius Haanen 1812 – 1894.
Informatie van de web site van het Breda’s Museum.

Op de tekening zie je rechts, ter hoogte van de man met het hondje,
een soort uitbouw de kerk insteken.
Dat is het hek dat de Prinsenkapel afschermt van de kerk.
Links daar tegen over, bij het groepje mensen waarvan er een
uitleg lijkt te geven aan de andere personen,
is het grafmonument te zien van Engelbrecht I van Nassau.
Ook wel ‘Praalgraf van Engelbrecht I van Nassau’ genoemd.
De muur die links te zien is schermt het hoofdaltaar af van de omgang.

Europalia.China

Gisteren heb ik twee tentoonstellingen bezocht die in Brussel gehouden worden
in het kader van Europalia.China.
De tentoonstellingen die ik bezocht zijn:
= Zoon van de hemel (Brussel, Paleis voor Schone kunsten)
= Het Orchideexc3xabnpaviljoen. De kunst van het schrijven in China
(Brussel, Koninklijke musea voor Schone Kunsten van Belgie)

Ik trof het weer net als mijn vorige bezoek aan Brussel.
Er was een EU-top.
Het verkeer rond Shuman zat muurvast.
Het kostte dus nogal wat tijd om in het centrum te komen.
Parkeren ging prima: recht voor de deur van het Koninklijk paleis.
Rond 08:15 vertrokken in Breda, getankt bij Hazeldonk,
om 10:00 uur bij het Koninklijk palies.





Brussel, Regentstraat.






Brussel, zicht op de lager gelegen markt van Brussel. Dit wordt de Kunstberg genoemd.






Toegangskaartje Bozar.





De tentoonstelling is prachtig.
Alleen hele mooie stukken zie je op deze tentoonstelling.
Ik zal er hier een paar tonen.





Zoon van de Hemel, catalogus 167, Geel geglazuurde kom met drakenmotief, 1723 – 1735.



Idem, drakenmotief in detail.






Zoon van de Hemel, catalogus 1, Figuur in hurkzit, 3500 – 3300 voor Christus.






Hele artistieke foto; Zoon van de Hemel, catalogus 98, Danseres, 204 voor Christus – 9 na Christus.






Zoon van de hemel catalogus via de scanner.





Wel is het jammer dat de mooie catalogus niet van alle getoonde voorwerpen
een grote foto heeft.
Zo is van het voorwerp dat bij mij het meest in de smaak viel
alleen maar een heel kleine afbeelding te vinden.





Zoon van de Hemel, catalogus 40, Staander in de vorm van een mytisch dier, 6e – 5e eeuw voor Christus.


Dit is een groot bronzen voorwerp.
Ingelegd met malachiet.
Het is 48 x 47 x 27 centimeter.
Dit in 1990 ontdekte voorwerp is er een van een stel.
De staander was vermoedelijk bedoeld om een trommel recht te houden.
Oostelijke Zhoudynastie opgegraven in graf 9 in Xujialing, Zichuan, Henan.
Zhengzhou Archeologisch Instituut van de provincie Henan.





Het theepaviljoen.








In het theepaviljoen heb ik geluncht.
Voor twaalf Euro kan men daar een lunch van de dag nemen.
Natuurlijk heb ik dat gedaan met thee:
eerst een thee met rozenblaadjes en daarna een jasmijnthee.





Catalogus Zoon van de Hemel.





Vervolgens was het Orchideexc3xabnpaviljoen aan de beurt.
Volgens het kaartje is de naam van het museum Magritte museum.





Ticket Orchideexc3xabnpaviljoen.





Deze tentoonstelling wil de ontwikkeling van de Chinese kaligrafie in beeld brengen.
Een mijlpaal in de ontwikkeling van de kaligrafie in China
is het “Voorwoord tot het Orchideexc3xabnpaviljoen”.
In 353 na Christus komen een aantal intellectuele kunstenaars samen in Lanting,
het Orchideexc3xabnpaviljoen, in zuid China.
De kalligraaf Wang Xizhi is getroffen door de natuur,
het mysterie van het universum
en de onpeilbaarheid van het menselijk leven.
Dan schept hij dit werk.





Orchideexc3xabnpaviljoen, catalogus.






De kaft zonder omslag.






Detail van de omslag. Dit is een copie van het Orchideexc3xabnpaviljoen.








Voor mij is deze kunstvorm nog erg nieuw.
Dat heeft tot gevolg dat de meer recente werken
die neigen naar de Westerse moderne kunst,
mij het meest aanspraken.





Liu Yanhu, Zonder titel, 2005.






Wang Nanming, Combinatie: ballen met karakters, sinds 1992.






Wei Ligang, Zwemmende vissen, wandelende krabben, 2008.






Brussel, Basiliek. Naar huis in de file.






De komende tijd gaat hier nog meer over volgen.





Archeologische top 10 van 2009

Het Archaeological Institute of America benoemd ieder jaar
een top 10 van nieuwe archeologische ontdekkingen.
Ik ben door hun lijst heen gegaan.
Natuurlijk is zoxe2x80x99n lijst heel subjectief.
Daarom kan ik er eenvoudig een eigen lijst van maken.
Met foto’s.
De meest spectaculaire en interessante in de top 10 zijn volgens mij
(in willekeurige volgorde):

Popol Vuh-relief in Guatamala.

In Guatamala, in El Mirador, zijn twee grote relixc3xabfs gevonden
die dateren uit ongeveer 300 voor Christus.
Beide zijn 8 meter lang en bevinden zich boven elkaar.
De twee relixc3xabfs tonen scxc3xa8nes uit de Popol Vuh,
door sommige de Maya-bijbel genoemd.
Voor het eerst zijn er nu afbeeldingen van de twee hoofdpersonen
uit dit oeroude verhaal.
De helden tweeling staan op het ene relixc3xabf
afgebeeld omgeven door monsters en boven hen een gevleugelde godheid.
Op het andere relixc3xabf is de Maya maisgod te zien,
omgeven door een kronkelende slang.

De hoofdarcheoloog is Richard Hansen.






Hunahpu en Ixabalanque op het Popol Vuh-relief.





Moche-graf ontdenkt in Peru.

Het graf bevat een houten sarcofaag met het skelet van een man
met zijn xe2x80x98schattenxe2x80x99: 14 gouden kronen en maskers,
sieraden gemaakt van kostbare kralen, zilver en goud.

Archeologen: Steve Bourget en Bruno Alva Meneses.





Masker van de heer van Moche.























Tombe van priesteres gevonden in Eleutherna op Kreta.

Een graf is ontdekt met meerdere vrouwen.
Ze waren vergezeld van hun juwelen.
Waarschijnlijk gaat het om twee volwassenen,
twee priesteressen.
De tombe is zoxe2x80x99n 2900 jaar oud.

Hoofdarcheoloog: Nikos Stambolidis.





Oorbel?.





Angelsaksische schat gevonden met metaaldetector.

Er is in Engeland, in Staffordshire een schat gevonden
met ongeveer 1500 voorwerpen.
De voorwerpen stammen uit de 7e eeuw van onze jaartelling.

De vinder is Terry Herbert.





Deel van een helm.






Gouden vis en adelaar.






Gouden plakaat met vervlochten armen..






Gouden band met Latijnse spreuk: Rise op o Lord and may thy enemies be dispersed and those who hate thee be driven from the face.






Deel van een hanvat van een zwaard of dolk.






Knoop.






Deel van het handvat dat de hand beschermt tegen de degen van de aanvaller.





Theebloem / Blooming tea

Vanochtend heb ik voor het eerst thee gemaakt met een theebloem.
De thee was heerlijk en het avontuur was geweldig.
Dit leidde natuurlijk tot een serie foto’s.





Het begint met het tevoorschijn halen van de theepot.






Camera op statief, even een testfoto.






De pot gevuld met warm water zodat de pot op temperatuur komt.






De theebloem uitgepakt.






Theebloem in de theepot.






Water erbij.






Het ontluiken kan beginnen.






Langzaam komt hij open.






Nog een beetje verder.






Daar is de bloem.






Van dichtbij.






Mijn theeglas staat klaar.
























Zo komt de bloem volledig tot zijn recht.






Ook van boven een mooi gezicht.






Kan zo in de Allerhande.






En dit is het trieste einde van de theebloem.





Zoals eerder al aangegeven heb ik er nu nog zes.
Dus ten minste tot het einde van dit jaar kan ik vooruit.

Een van mijn Chinese kenissen schreef me een kort verhaal
over het ontstaan van het gebruik om thee te drinken in China.

Chinese tea was primarily used as a medicine.
During the spring and autumn period Chinese people
chewed tea leaves and enjoyed the taste of the juice itself.
In the next stage tea was cooked like a soup.
Tea leaves were eaten along with soup.
During the Qin dynasties the simple processing of tea emerged.
Tea leaves were pressed into balls, dried and stored.
When served tea balls were crushed and mixed with green onion ginger
and then boiled in teapots.
This is the point where Chinese tea turned from a medicine
into a bevorage.
Also it marked the begining of Chinese tea being used to treat guests, etc.

Vertaling:
Chinese thee werd in de eerste plaats gebruikt als medicijn.
Tijdens de lente en herfst kauwden Chinezen op de theebladeren
en genoten van het sap uit het blad.
Een volgende stap was dat men theebladeren ging koken
als een soort soep.
De theebladeren werden met de soep opgegeten.
Tijdens de Qin-dynastie ontstond het proces van theezetten.
Theebladeren werden tot balletjes gevormd, gedroogd en bewaard.
De theeballetjes werden bij het serveren geplet en gemengd met
groene ui en gember en vervolgens gekookt in een theepot.
Vanaf dat moment veranderde thee van een medicijn
in een drankje voor het genot.
Vanaf dat moment ontstond de gewoonte gasten met
Chinese thee te verwelkomen.