Hermitage aan de Amstel: Verzamelaars

Gisteren ben ik naar de tentoonstelling ‘Verzamelaars’ geweest
in de Hermitage aan de Amstel.
Dit (nog) kleine museum heeft steeds tentoonstellingen
van hoogwaardige kwaliteit die niet te omvangrijk zijn.
Dat is prettig voor zowel kenners als leken.
Een kenner ziet prachtige stukken die anders weinig of niet
te zien zouden zijn in Nederland,
een leek ziet een mooie tentoonstelling die geen uren duurt.



De huidige tentoonstelling heet ‘Verzamelaars’
en gaat over de Russische adel die in navolging van de Tsaren
kunt gingen verzamelen.
Niet de meest spectaculaire tentoonstelling die de Hermitage
in de paar jaar dat het in Amsterdam gevestigd is
heeft gehad.
Wel mooi en informatief om te zien.



Het mooie aan de tentoonstelling is
dat men er nog een speciale draai aan geeft.
Vier verzamelaars zijn er uitgekozen.
Van elk belicht men zijn ‘specialiteit’.
Zo zien we van de een Belgische schilderijen.
Van een andere verzamelaar juist Franse.
Van de derde werk van tijdgenoten van de verzamelaar
terwijl de andere juist ouder werk verzamelen.
Prachtig verzorgd, voorzien van goede informatie.

De volgende tentoonstelling past naar mijn gevoel meer
in de reeks die er tot nog toe zijn geweest: Perzixc3xab.
Voor veel van ons, onbekend terrein.
Wordt vast bijzonder!



Diptieken

Unieke diptieken in Museum voor Schone KunstenHet Koninklijk Museum voor Schone Kunsten van Antwerpenheeft de voorbije jaren in samenwerking metde National Gallery of Art in Washington en deHarvard University Art Museums wetenschappelijk onderzoek verrichtnaar de Vlaamse tweeluiken die een belangrijke periodeuit de kunstgeschiedenis vertegenwoordigen.Exc3xa9n van de resultaten van die samenwerkingis ook een prestigieuze tentoonstelling.xe2x80x9cTweeluiken of diptieken zijn beeldende werkendie bestaan uit twee panelen van dezelfde vorm en groottexe2x80x9d,legt curator Nico Van Hout van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten uit.xe2x80x9cDe panelen scharnieren, zodat men ze kan openen en sluiten.Het betreft een kunstvorm die al een lange geschiedenis achter de rug heeft.In de oudheid werden er al diptieken als schrijftabletten gebruikten dat met zowel religieuze als seculiere vormen en motieven.xe2x80x9dMet meesters als Jan van Eyck, Rogier van der Weyden,Hugo van der Goes en Hans Memlingbereikten de diptieken in de vroegnederlandse schilderkunsteen echt hoogtepunt.xe2x80x9cHet succes van het diptiek in de Lage Landen hield verbandmet de laatmiddeleeuwse religieuze beweging Devotio Modernadie in heel Noord-Europa culturele veranderingen teweegbracht,waarbij de passie van Christus en de verering van Mariacentrale themaxe2x80x99s werden in de christelijke cultuurxe2x80x9d, merkt Nico Van Hout op.In de loop van de geschiedenis is er echter met tal van diptiekeneen en ander gebeurd.xe2x80x9cSommige tweeluiken zijn samengesteld uit panelen die oorspronkelijkniet bij elkaar hoorden en een aantal panelen belandde als aparte werkenin verschillende museaxe2x80x9d, weet Nico Van Hout op basis van het grondigwetenschappelijk onderzoek naar de Vlaamse diptiekendat de voorbije jaren werd gevoerd.xe2x80x9cOnder meer de verschillende houtsoort van de twee delentoonde aan dat een diptiek oorspronkelijk anders was samengesteld.xe2x80x9dEen aantal diptieken wordt op dit ogenblikin het Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen gerestaureerd.Het resultaat is van 3 maart tot 27 mei 2007 in datzelfde museum te bezichtigen. Lees verder

Ruud van Empel

Ruud van Empel heeft gestudeerd aan de St. Joost in Breda.
Hij is onder andere bekend als een van de ontwerpers
van de Theo & Thea-shows.
Heeft veel grafisch ontwerpen gemaakt voor film, televisie en theater.
Maar maakt ook foto’s waarbij hij in het begin collages maakte
en die daarna fotografeerde.
Met de komst van software waarmee beelden eenvoudig gemanipuleerd
kunnen worden maakt hij zijn werk digitaal om ze vervolgens
af te drukken.
Het werk roept steeds een haast surrealistische, soms wat naxc3xafeve, indruk op.

Een voorbeeld uit de World-serie. Nummer 9:



Vandaag gezien: Van Oude Menden, de Dingen die Voorbij Gaan





Prachtige rollen, mooi ingetogen gespeeld.
Voor veel jonge mensen zal het tempo van deze film
wel even schrikken zijn.
Hoewel de film over een moord gaat is het geen detective.
Iedereen weet er wel iets van.
Slechts sommige weten niet het fijne.
We weten als kijker ook al snel wat er gebeurt is.
Dat is dus niet het centrale thema van de film en het boek.

De film en het boek zijn erg pessimistisch over relaties.
We zien in de film dan ook relaties (of het ontbreken ervan) in allerlei vormen:
getrouwde stellen, een kloosterlinge, een scheiding,
ongehuwd samenwonen.
In allerlei stadia, sommige huwlijken worden gesloten in het kader
van het boek, andere zijn al dertig jaar bij elkaar.
Sommige mensen beleven of beleefden de relatie(s) met veel, heel veel passie.
Bij anderen was het vuur van korte duur of ontbrak.

En…is Lot nu Couperus of niet ?

Tintoretto

Ik heb Jacopo Tintoretto altijd bijzonder gevonden.
Mijn aandacht op hem werd getrokken door een schilderij in het Rijksmuseum.
Vandaag, ter gelegenheid van een opening van een tentoonstelling
over hem in het Prado in Madrid, zag ik het volgende werk:



Suzanne en de ouderen, 1552-55

Dit is overigens een erg bekend thema.
Op het web vond ik zo 20 andere schilderijen met dezelfde naam
van verschillende schilders.

Rembrandthuis

Deze week heb ik ook nog een bezoek gebracht aan het Rembrandthuis.Ik was er nog niet eerder geweest.Wel ben ik al een aantal malen in het Rubenshuis in Antwerpen geweest.Zonder chauvinisme kan ik toch zeggen dat ik de oplossingin Amsterdam beter vindt.In het Rembrandthuis is geprobeerd de situatie te reconstrueren zoalshet is geweest toen Rembrandt er leefde.Er is gebruik gemaakt van zoveel mogelijk materialen uit die tijdof van ontwerpen en verslagen uit die tijd.Zo is het glas-in-lood nagemaakt op basis van een ets van Rembrandt.Zo is een bedstee geplaatst volgens een ets van Rembrandt.Alle vertrekken hebben hun oude functie weer gekregen:de keuken, het atelier, de kunstkamer enz.Het Voorhuis toont muren met een groot aantal schilderijen.Rembrandt gebruikte die als inspiratie.Vooral voor de schildertechniek.Soms waren ze voor de handel.Dat gevoel van authenticiteit heb je niet in het Rubenshuis.Het nieuwe deel van het Rembrandthuis,een nieuw gebouw naast het Rembrandthuis,maar er mee verbonden,wordt gebruikt als tentoonstellingsruimte, winkel en kaartverkoop.Heel mooi aan het Rubenshuis is de tuin.Maar daarover een andere keer misschien meer. Lees verder

Allard Pierson museum

Vandaag heb ik een bezoek gebracht aan het Allard Pierson museum in Amsterdam.
Dit univeriteitsmuseum heeft op dit moment de tentoonstelling ‘Objecten voor de eeuwigheid’.
Zoals de naam al zegt gaat het om een verzameling objecten die bedoeld zijn
als grafgift, als voorwerp dat de dode Egyptenaar vergezeld.
Ik heb er een paar foto’s gemaakt maar dat was niet zo’n succes.
Het was er donker en dat leidde zonder flits tot foto’s die te veel bewogen waren.
Gelukkig zijn er catalogussen.



Eerder schreef ik over de drie vormen waarin het Egyptisch voorkomt:
hierogliefen, hieratisch en demotisch.
Van hierogliefen zijn veel voorbeelden te zien.
Hierboven een fragment uit Het boek der doden in het hieratisch.




Een schijndeur. Dit voorwerp werd in het graf meegegeven.



Beeldje van een kalf.



De godin Isis voedt haar zoon Horus.



Kop van de god Amon.



Zo staat dezelfde kop van de god Amon in het ‘Mededelingenblad 93/2006’.
Dat is het blad van ‘De Vrienden van het Allard Pierson museum’.




Dit lijkt sterk op het eerdere beeld van Isis, maar kijk eens goed naar het kapsel.
Volgens mij zijn het twee verschillende beelden.
Deze foto is wel beter dan mijn foto.
Mijn foto is het beeldje met kenmerk 3.09 in de tentoonstellingscatalogus.
De foto hier (magnetische boekenlegger) is het beeld met kenmerk APM 8832.




Dit fragment van het dodenboek komt van de web site van het museum.
Wel wat duidelijker dan mijn foto.
Hier is ook goed te zien dat deze manier van schrijven heel anders is dan
de manier waarop hierogliefen in wanden van tempels worden aangebracht.


Lotta de Beus

Lotta de Beus is een Nederlandse kunstenares.
Ze staat momenteel zowat in alle bladen.
De reden daarvoor is dat ze een van de winaars is
van de ‘Your Gallery @ The Guardian’ wedstrijd.
Een wedstrijd in samenwerking met de Saatchi gallery.

De kunstenaar gebruik foto’s of plaatjes uit boeken
en tijdschriften als uitgangspunt voor haar werk.
Het is behoorlijk realistisch al is er steeds een vervreemdend effect.

Zie voor jezelf:



Father.



Pumkins.



The Christmas Tree.

van Gogh's Letters – Unabridged

Links: van Gogh’s Letters – Unabridged.

Goed de tekst is helaas in het Engels maar op deze site
zijn alle brieven van van Gogh te vinden.
Zoek maar eens op Rappard, je vindt meer dan 160 brieven
waar deze naam in voor komt.

La Grande Parade

Afgelopen week kwam ik op de web site van Fonos.
Fonos is een soort internetwinkel voor
Nederlandse opnames die niet meer te verkrijgen zijn.
Er zijn natuurlijk nog veel platen die nooit op CD
verschenen zijn.
Zij zetten die op CD en zorgen er voor dat de artiesten
hun rechten krijgen.
Zo kocht ik bijvoorbeeld:



Na al die jaren toch nog steeds erg leuk.
Zijn imitatie van den Uyl is geweldig.

Maar goed dat is niet het onderwerp van deze log.
Er was nog een interessante CD die ik kocht:
La Grande Parade.
11 liedjes bij 10 schilderijen uitgevoerd en bedacht
door 39 Nederlandse muzikanten rond de Nits.

Hier volgen de 10 schilderijen:



Composition avec des cordes, Joan Miro.



Study for a portrait of van Gogh II, Francis Bacon.



La petite blonde au parc des attractions, Joan Miro.



Les Enfants, Pablo Picasso.



Frau it mandoline in gelb und rot, Max Beckmann



Maternite, Pablo Picasso.



Nu dans le bain, Pierre Bonard.



Doppelportrait mit Quappi, Max Beckmann.



Mens, Karel Appel.


Het verhoor, Constant.


Waarom Het verhoor en Les Enfants?

Kandinski

In Amsterdam komt er een tentoonstelling
over de relatie/invloed van Vincent van Gogh
op het Expressionisme.
Voor deze tentoonstelling wordt reclame gemaakt
met onder andere dit prachtige werk van Wassily Kandinski:
Murnau Street with women, 1908.

Wat een kleuren!

Villa Grisebach

Ik had nog nooit van dit veilinguis gehoord,
maar ze specialiseren zich in 19de en 20ste eeuwse fotografie.
Er komt een veiling aan en dit is
wat ze zoal gaan verkopen:

Robert Doisneau: Les pains de Pablo Picasso, 1952.

William Gottlieb: Billie Holiday, 1940.

Martin Munkacsi: Fred Astaire, 1936.

Fritz Henle: Nieve, Die Otomi Indianerin aus Mexico, 1943.

Eva Besnyo: Alkmaar, in de jaren ’30.

Clarence Sinclair: Greta Garbo in The Kiss, 1929.

Astrid Kirchherr: John Lennon, 1960.

Aart Klein: Duiven in Brussel, Bomen in de polder, 1965

William Gottlieb: Frank Sinatra, 1947.

Frederic Bastet: Kat uit de boom

Lezen is leuk.
Maar een web log is dat ook.
En er zijn nog zo veel andere leuke dingen.
Dus van lezen komt het niet altijd.
Voorlezen is weer iets anders.
Vandaar dat ik met heel veel plezier heb geluisterd
naar dit verhaal, voorgelezen door de schrijver.

De schrijver vertelt over Haarlem, de stad waar hij opgroeide
en geeft daarmee ook een beeld van het milieu waar hij uit komt.
Dat verklaart voor een deel gelijk ook waarom hij zich
zo goed kan inleven in het milieu van Couperus.
Waarom hij de Indische koloniale wereld zo goed kende.

Het is een mooi, soms grappig, soms ontroerend verhaal,
verteld door de auteur.


Frederic Bastet

Ik ben al een lange tijd aan het lezen in het boek:
Wandelingen door de antieke wereld.

Ik lees er al lang in, niet omdat het zo dik is,
of ingewikkeld maar omdat ik het eigenlijk niet uit wil lezen.
Zelden lees je een zo aangenaam boek.
Goed geschreven, met gevoel voor humor, over interessante onderwerpen.



Een erg leuk voorbeeld is het verhaal over Lord Elgin.
Deze Britse Lord was als ambassadeur uitgezonden naar Constantinopel.
In die tijd waren de Turken de baas in Griekenland (al zo’n 300 jaar).
Lord Elgin ‘verzamelde’ een groot aantal beelden van de Acropolis.
Deze beelden vormen nu een belangrijk deel van het Britisch Museum in London.
Ze zijn keer op keer onderwerp van discussie tussen Griekenland
(die de kunstwerken terug wil) en Engeland (die juist zeggen
dat ze de beelden beschermen).



Nu zat het Lord Elgin (en zijn familie) niet echt mee.
Hijzelf leed aan een ziekte dat een stuk van zijn neus wegvrat.
Hij kreeg slechts een beperkt salaris voor zijn post
maar leefde daar wel in grote staat.
Tijdens het vervoer van de beelden naar Engeland
ging een schip ten onder.
Het zou jaren duren voor al die beelden in Eneland waren.
Daar aangekomen was er eigenlijk niemand die
zijn verzamelwoede op waarde kon schatten.
Pas toen Elgin zo goed als failliet was en er buitenlandse kapers
voor de kust kwamen, kocht de overheid de beelden voor
ongeveer de helft van de kosten die Elgin had moeten maken
om ze in de UK te krijgen.
De schulden van Elgin werden pas 30 jaar na zijn overleiden
door zijn familie afgelost.



Prachtige kunst, een dramatisch leven met humor beschreven.

Elgin marbles noemt men de marmeren ornamentele sculpturen van de Atheense Akropolis,
die door de Britse Lord Thomas Bruce (1766-1841),
7e graaf van Elgin and Kincardine
en toenmalig gezant (1799 tot 1802) van de Engelse kroon
bij de Ottomaanse sultan in Constantinopel,
tussen 1801 en 1804 vanuit Athene naar Londen werden gebracht,
waar ze in het British Museum terechtkwamen.
Het beroemdst zijn de Parthenonsculpturen en één van de kariatiden van het Erechtheion.

 

De verwoede kunstverzamelaar Lord Elgin
liet het materiaal verwijderen
met toelating van de lokale
Turkse overheid.
Zijn bedoelingen waren oorspronkelijk echter vrij
bescheiden:
hij vroeg alleen alleen maar de toestemming
om schetsen en enkele plaatsteren afgietsels
te laten maken ten behoeve van het landhuis
dat hij zich in Engeland liet bouwen.
Tijdens zijn verblijf in Athene ervoer hij echter
de omkoopbaarheid én het totale gebrek
aan kennis en interesse van de Turkse ambtenaren,
en maakte van deze situatie misbruik
om het waardevolle beeldhouwwerk,
meer dan de helft van wat de tand des tijds overleefde,
als "studiemateriaal" naar Engeland te verschepen.

 

De Elgin marbles werden in 1816
voor een zacht prijsje aangekocht door
de Britse regering, nadat
een parlementaire commissie het oordeel
had uitgesproken dat kunstwerken van zulk
een uitzonderlijke culturele waarde
maar beter staatsbezit konden zijn.
Zo kwamen ze uiteindelijk
in het British Museum terecht.

 

Naar verluidt namen de 19e-eeuwse Grieken Lord Elgin
vooral de diefstal van de kariatide kwalijk.
Volgens een middeleeuwse legende hielden
de Atheners de beelden voor betoverde meisjes
die weer tot leven zouden komen
als de Turken het land hadden verlaten.
Bijgelovige mensen meenden ’s nachts
klaagzangen te horen,
die de achtergebleven korai om hun verloren zuster
aanhieven…

 

Hoe dan ook,
sinds de jaren 90 van de 20e eeuw zijn de Elgin marbles
het voorwerp van een meningsverschil tussen de Britse
en de Griekse regering, die ze graag terug
in eigen land wil krijgen om ze in het Atheense
Akropolismuseum een plaats te geven.
In de woordentwist gebruiken de Grieken regelmatig
de woorden "kunstroof" en "vandalisme",
terwijl de Britten liever de term "conservering" hanteren.
Vooral toenmalig cultuurminister Melina Mercouri
heeft met veel enthousiasme, maar zonder resultaat,
geijverd voor de terugkeer van de Elgin marbles
naar Athene.



Aldus Wikipedia.