Dai Hanzhi: 5000 Artists

Hans van Dijk (1946 – 2002) is een Nederlander die een grote rol gespeeld heeft
in het ontwikkelen van de belangstelling voor hedendaagse
Chinese kunst. Hij deed dit als curator en galeriehouder.
In China en in Europa.

In het ‘Center for Contemporary Art’ Centrum voor hedengdaagse kunst
Witte de With in Amsterdam is er een tentoonstelling gemaakt over het werk
van Hans van Dijk onder de titel ‘Dai Hanzhi: 5000 Artists’.
Afgelopen vrijdag bezocht ik die tentoonstelling.

 photo DSC_5419DaiHanzhi5000Artists.jpg

 photo DSC_5398NiHaifengTheAngle1995.jpg

Ni Haifeng, the Angle, 1995.

 photo DSC_5399NiHaifengTheAngle1995.jpg

Ni Haifeng, the Angle, 1995.

 photo DSC_5399NiHaifengTheAngle1995Tekst.jpg

Ni Haifeng
The Angle, 1995

 

Hout, stenen, touw, acrylverf
Afmetingen variabel
Courtesy van de kunstenaar

 

Ni Haifeng (1964) werd geboren op het eiland Zhousan, gelegen op twaalf uur zeilen van Shanghai. Nadat hij Chinese inktschilderkunst en kaligrafie studeerde aan de Zhejiang Academie of Fine Arts in Hanghzhou stichtte hij in 1987 “Red 70%, Black 25%, White 5%”, een groep radicale conceptuele inkt-kunstenaars waaronder Wu Shanzhuan, tevens geboren op Zhoushan.
In hun happenings en tentoonstellingen gebruikte de groep zogenoemde “nonsens tekens” en “niet-artistieke” teksten. Dit vroege werk concentreerde zich op het schrijven, de toe-eigening en de deconstructie van vormen en taal. Wanneer hij terugkeert naar Zhoushan en leraar wordt, beschildert Ni Haifeng rotsen, gebouwen, ramen, deuren en straten met zijn mysterieuze karakters, waardoor hij begrippen als landschap en poëzie herschrijft.
Van dit vroege werk bestaan alleen foto’s. In zijn werk zijn thema’s als kolonialisme, cargotransport, vertrekken en terugkeren en materialen als rotsen, kaarten en touwen getuigen van Ni Haifeng’s culturele verleden dat diep geworteld is in zijn geboorte-eiland. The Angle werd gemaakt voor de multiculturele tentoonstelling Configura 2, Dialogue between cultures in Erfurt, Duitsland in 1995. Hans van Dijk was curator en organisator van het Chinese luik van deze tentoonstelling. Voor Dai Hanzhi: 5000 Artists werd het werk door Ni Haifeng opnieuw gemaakt.

Helaas is er naast een zeer beknopte Tentoonstellingsgids, geen catalogus.
Jammer, zeker als het de bedoeling is het werk van Hans van Dijk
verder veiligstellen van zijn nalatenschap.

 photo DSC_5400DingYiAppearanceOfCrosses2007-11.jpg

Ding Yi, Appearance of Crosses, 2007-11.

 photo DSC_5400DingYiAppearanceOfCrosses2007-11Tekst.jpg

Ding Yi (Shanghai, 1962)

 

Voor Dai Hanzhi: 5000 Artists selecteerde Ding Yi vroege werken uit zijn oeuvre alsook schilderijen gemaakt na 2002, het jaar waarin Hans van Dijk stierf. De kunstenaar creëert zo een dialoog tussen werken uit verschillende fases van zijn carrière.
Ding Yi schildert al meer dan vijfentwintig jaar minutieuze en complexe kruisfiguren. Zijn werk is zeer abstract, een zeldzame kwaliteit voor Chinese schilderkunst. Ding yi creëert subtiele variaties van patronen en kleuren, structureel verschillend in elk schilderij maar slaagt er toch in herkenbare groepen werken te maken zoals de Tartan-schilderijen, de Fluorescente of Zwarte schilderijen. Geinspireerd door de wijze waarop de Franse schilder Maurice Utrillo stedelijke landschappen weergaf ontdekte Ding Yi zijn eigen hedendaagse motief in constellaties van duizenden dicht bij elkaar liggende daken, of in patronen van staalconstructies in het nieuwe geürbaniseerde China. In die tijd –de late jaren ’80- maakte hij ook performances met andere kunstenaars. Een brief van Ding Yi aan Hans van Dijkuit 1992 getuigt van de sterke overtuigingen die hij heeft over kunst. Ding Yi is werkelijk een avant-garde kunstenaar; zijn schilderijen zijn niet louter abstracties van een gesimplificeerde realiteit, maar een structurele en doorvoelde analyse van het moderne China.

 

Toen Van Dijk het werk van Ding Yi voor het eerst zag tijdens een tentoonstelling in Shanghai in 1988, was hij meteen geraakt door diens uitzonderlijke talent. Ding Yi herinnert zich hun eerste ontmoeting: “Velen dachten dat het de verkeerde kant opging met mijn werk toen ik in 1988 voor het eerst mijn nieuwe werken met de kruisfiguren toonde. Maar Hans niet. Hij huurde een fiets en kwam helemaal naar Hongqiao, waar ik woonde, om me te zien. Hij keek naar foto’s van mijn werk en analyseerde ze door de consequenties van de keuzes die ik in mijn genomen had.” Vanaf dat moment werden Dong Yi en Hans van Dijk goede vrienden en werkten samen tot Van Dijks overlijden in 2002.


 photo DSC_5402WangXingweiTheDustOfTheRomanticHistoryOfMaleHeroism1995OilOnCanvas.jpg

Wang Xingwei, The dust of the romantic history of male heroism, 1995, oil on canvas. Een kruising tussen de videoclip I want to break free van Queen en De dood van Marat van Jacques-Louis David uit 1793.

 photo DSC_5402WangXingweiTheDustOfTheRomanticHistoryOfMaleHeroism1995OilOnCanvasTekst.jpg


 photo DSC_5404WitteDeWithCenterForContemporaryArtRotterdam.jpg

 photo DSC_5405HongLeiHansAndI2014.jpg

Hong Lei, Hans and I, 2014, schriftrol met shufa kalligrafie.

 photo DSC_5405HongLeiHansAndI2014Tekst.jpg


 photo DSC_5407ChenShaoxiongStreet11998Foto.jpg

Chen Shaoxiong, Street 1, 1998, foto.


 photo DSC_5415ZhaoBandiTheBigRumorSpreadingUntilToday1994.jpg

Zhao Bandi, The big rumor spreading until today, 1994.

 photo DSC_5415ZhaoBandiTheBigRumorSpreadingUntilToday1994Tekst.jpg


Er was ook een videowerk met 5 projecties naar elkaar.
In de video werd een mooi kamer helemaal verwoest.
Van wie het werk was weet ik niet meer en ik kan het niet terugvinden.
Het werk is aan het begin van de economische crises gemaakt
en bevat ook een angstbeeld voor de geslaagde Chinese kunstenaars.
Ook hun welvaart kan op enig moment plots verdwijnen.
Ik maakte er een serie foto’s van:

 photo DSC_5409.jpg
 photo DSC_5410.jpg
 photo DSC_5411.jpg
 photo DSC_5412.jpg
 photo DSC_5413.jpg
 photo DSC_5414.jpg

Noorwegen 14: Edvard Munch

Na de koffie ga ik dan het Munch Museet in.
Als gevolg van dit bezoek is dit een log met veel foto’s,
allemaal van schilderijen of van grafisch werk van Munch.
Fotograferen in musea valt niet mee.
Ook als je naar deze reeks foto’s kijkt zult je dat meteen zien.
Het licht is een probleem. Sommige schilderijen hebben glas
in de lijst en een aantal schilderijen hangen helemaal
achter een glazen wand.
Niet geheel ten onrechte.
Denk nog maar eens terug aan de diefstal in dit museum
een paar jaar geleden. Op klaar lichte dag
werden er toen schilderwerken van Munch gestolen.
Maar als je foto’s wilt maken is al dat glas vervelend.
De enorme verzameling van Munch maakte op mij wel heel veel indruk.
Misschien ook op u.


Edvard Munch, The sun.

Als je het museum inloopt kom je eerst langs een hele grote zaal.
Formaat gymzaal.
Daar is men ontwerp tekeningen/schilderingen aan het restaureren.
Deze werken bewaart ment normaal op een rol.
Het betreft enorme grote werken. Ontwerpen voor muurschilderingen.


Edvard Munch, The scientists.

‘De wetenschappers’op het doek met die naam zijn hier kinderen
die druk in de weer zijn hun nieuwsgierigheid de kans te geven.


Edvard Munch, The scientists, de ruimte.

Hier, op deze foto, krijg je een idee van de grootte van de ruimte.


Edvard Munch, Anxiety, 1894.

De eerste zaal heeft werken die allemaal achter glas zitten.
Ze zijn onderdeel van de Frieze of Life.


Edvard Munch, The girl and death, 1893.


Edvard Munch, The voice / Summer night, 1893.

Op de Voice zien we die karakteristieke manier waarop Munch
de maan en de weerspiegeling in het water, schildert.
Je ziet deze vorm op meerdere schilderijen en ook in zijn grafische werk.


What is art?

What is art?
Art grows from joy and sorrow.
But mostly from sorrow.
It grows from human lives.

Edvard Munch.

Wat is kunst?
Kunst groeit uit vreugde en verdriet.
Maar voor het merendeel uit verdriet.
Het groeit uit menselijke levens.


Edvard Munch, Death in the sickroom, 1893.


Edvard Munch, Madonna, 1893 – 1894.


Edvard Munch, Kissing couples in the park, 1904 (The Linde frieze.


Edvard Munch, Golgotha, 1900.


Edvard Munch, Summer night / The voice, 1894.


Edvard Munch, Self portrait against a green background, 1905.

Als je alleen al een studie zou willen maken van het kleurgebruik
bij Munch dan is daar een heel interessant werk over te maken.
Het prachtige groen, hier in de achtergrond, komt heel regelmatig terug.


Edvard Munch, Desire, 1907.


Edvard Munch, Jealousy, 1907.

Groen van jaloezie kun je hier heel letterlijk nemen.


Edvard Munch, The death of Marat II, 1907.

De dood van Marat is een klassiek schilderij.
Ook uit de catalogus wordt mij niet duidelijk waarom Munch
nu juist dit thema gekozen heeft.
Ja, het is een vrouw die de politicus doodt.
En vrouwen komen op het werk van Munch er meestal niet positief van af.
Op het originele schilderij is de vrouw niet te zien.
Het was een politiek schilderij en in een hyperrealistische stijl.

Jacques-Louis David, De dood van Marat, 1793.

Als geheugensteun heb ik het werk van David hierboven opgenomen.
Het is wel interessant wat Munch met het werk doet.
Hij verplaatst het van de badkamer naar de slaapkamer.
Schildert niet hyperrealistisch.
Munch maakt uiteindelijk twee versies.
Waarschijnlijk heeft hij het werk gezien in Parijs toen hij daar studeerde.
Maar daar ben ik niet zeker van.
Het verschil tussen de twee versies is heel interessant.

In Tijdschrift voor Skandinavistiek schrijft Suze van der Poll:
Dat Munch zelf een duidelijk verband zag tussen gebeurtenissen uit zijn eigen leven en de stukken van Ibsen, heeft ook invloed gehad op zijn interpretatie van Ibsens werk, dit blijkt volgens Templeton met name uit de schets van Hedda Gabler. Zij is op dezelfde wijze afgebeeld als Mathilde (Tulla) Larsen, de voormalige geliefde van Munch door wie hij verlaten was en die model stond voor De moordenares (1906) en Marats dood I (1907). Op dit laatste schilderij is Munch zelf te herkennen in de figuur van Marat. Door Hedda dezelfde positie in te laten nemen als Marats moordenares Charlotte Corday, beschouwt Munch haar als de moordenares van Ejlert Lxf8vborg, een interpretatie die door Ibsen niet geexpliciteerd wordt.

Maar het zijn wel erg belangrijke werken in zijn oeuvre.
Dat is ook de mening van Toine Moerbeek in Tirade (jaargang 43, pagina 181):

Het lukte Munch pas in 1907 om zijn houtsnedestijl toe te passen in zijn schilderijen. Amor en Psyche, De Baders, en vooral De Dood van Marat zijn versimpelde, klassieke composities waaroverheen een x93rasterx94 van dik geschilderde verticale lijnen zijn geschilderd, imitaties van houtnerven, die niet meegaan met het plastisch model maar deze integendeel kapot maken. In De Dood van Marat worden de vlakke silhouetten van de vermoorde man en diens moordenares doorbroken en het interieur waarin de moord plaats vond was in de eerste versie nog geen badkamer. Munch rekende dit schilderij nooit tot zijn topstukken maar wel tot zijn belangrijkste experimenten. x93Een moeilijke bevalling, die meer dan negen jaar duurdex94, schreef hij aan een vriendin. Vanaf dat moment wilde hij al zijn oude schilderijen overschilderen in de nieuwe stijl. (Later zou hij dat in zekere zin ook doen, zij het niet op de bestaande doeken.)

 


Munch maakte zelf foto’s en gebruikte die ook als documentatie om bijvoorbeeld zelfportretten te kunnen maken. Hij had een heel positieve visie op de fotografie.

The camara cannot compete with painting as long as
it cannot be used in heaven or hell.

De camera is geen competitie voor schilderen
zolang de camera niet in de hemel of de hel kan worden gebruikt.


Edvard Munch, New snow, 1900 – 1901.

Edvard Munch, New snow.


Edvard Munch, The bathers.


Edvard Munch, The haymaker, 1907.

Dat Munch zeker overeenkomsten in zijn werk heeft
met het werk van de impressionisten kun je onder andere zien door
zijn keuze van sommige onderwerpen:
de hooimaker (agrarische thema’s van bijvoorbeeld Van Gogh en Renoir)
tapijt met felle kleuren (bijvoorbeeld Matisse)
water (rivier of zee, wie niet van de impressionisten zou ik zeggen)
een sterrenhemel (bijvoorbeeld Van Gogh), enz.


Edvard Munch, Five puppies on the carpet, 1919 – 1921.


Edvard Munch, The girls on the bridge, 1927.


Edvard Munch, Starry night, 1922 – 1924.


 

Gezien

The power of Art.
Simon Schama.

Een heel eigen kijk op 8 kunstenaars:
Caravaggio, Bernini, Rembrandt, Turner, Jacques-Louis David,
Van Gogh, Picasso en Rothko.

Caravaggio, David met het hoofd van Goliath, 1606/7.

Bernini, De extase van Theresa, 1647-1652.

Rembrandt Harmensz van Rijn, De samenzwering van Claudius Civilis, 1661.

Turner, Het slavenschip, 1840.

Jacques-Louis David, De dood van Marat, 1739.

Vincent van Gogh, Korenveld met kraaien, 1890.

Picasso, Guernica, 1937.

Mark Rothko, Black on maroon, 1958.

De werken op een rij zetten levert alleen al een interessant beeld op.
Schama’s heel originele invalshoeken op de carriere van deze kunstenaars
en op de werken zelf.
Mooi, op z’n BBCs verfilmd.
Vol avontuur, nieuwe feiten, nieuwe inzichten, soms tegendraads,
altijd weer verrassend.