Tate and more

Het was niet alleen de tentoonstelling van Pablo Picasso
die het bezoek aan Tate Modern zo goed maakte.
Er was nog veel meer te zien.
Andere kunst. Interessant gegroepeerd.
Maar er zijn ook wel wat interessante dingen in de omgeving.
Er zijn in jet gebouw meerdere uitzichtpunten.

Om te beginnen zag ik een film van de Zuid-Afrikaanse kunstenaar
William Kentridge. Een film sterk gekant tegen het apartheidsregime.
Ik maakte geen film maar een paar foto’s.
Zo’n beetje zoals de film gemaakt is.

119 DSC_4313 TateModernWilliamKentridgeFilm

William Kentridge, Ubu Tells the Truth, 1997.


William Kentridge’s animations are usually made from large-scale charcoaland pastel drawings which he films, then erases, alters and refilms as the narrative progresses. Ubu Tells the Truth 1997 was the first time that he combined his drawings with documentary footage and photographs.

120 DSC_4314 TateModernWilliamKentridge

Kentridge maakt zijn films door houtskooltekeningen te gebruiken die vervolgens gefilm worden. In ‘Ubu Tells the Truth’ worden de tekeningen voor het eerst gecombineerd met stukken documentaires en foto’s.


121 DSC_4315TateModernWilliamKentridge


122 DSC_4316 BridgetRileyNataraha1993OilPaintOnCanvas

Bridget Riley bezocht India en de indrukken die ze daar opdeed verwerkte ze tot dit werk: Nataraja, 1993, oil paint on canvas. ‘Nataraja’ betekent zoiets als ‘Heer van de dans’. De houding van de afbeelding van deze heer wordt beschreven in vele Hindoeteksten. In de klassieke Hindoeïstische kunst komen we deze afbeelding heel vaak tegen.


123 DSC_4321

Even niet opgelet. Niet vastgelegd wie de maker is.


124 DSC_4322 BramBogartWitVlakWit1974CementOilPaintAndCanvasOnBoard

Ik was verrast door dit werk. Ik kende deze Nederlands/Belgische kunstenaar niet: Bram Bogart, WitVlakWit, 1974. Cement, oil paint and canvas on board.


125 DSC_4324Londen

Hoog in het museum is een restaurant en daar kun je een stuk buiten lopen. Dat geeft mooie beelden van Londen.


126 DSC_4325LondonSkyline


127 DSC_4326LondonSkyline


128 DSC_4327LondenTheShard

Je ziet het lelijke ding overal.


129 DSC_4328Londen

Londen is een bruisende stad. Zoveel activiteit. Heel indrukwekkend. De huizenprijzen zijn net als de gebouwen torenhoog. Naast het Tate staat zo’n flat. Waarschijnlijk afgrijselijk duur. Maar waarom koopt iemand hier iets. De appartementen zijn uitgevoerd met glas van de vloer tot aan het plafond. Pal naast een gebouw dat internationale toeristen ontvangt en dat een uitzichtplatform heeft voor zijn bezoekers. Dan kun in dat dure appartement lamellen hangen voor al je glazen ramen.


130 DSC_4329Londen

De foto’s hebben wel iets.


Times top 200 kunstenaars (51-100 vervolg)

Ik had beloofd om over de kunstenaars van nummer 75 tot 100
ook nog een web log te schrijven.
Bij deze.
Hoe lager op de lijst hoe meer onbekende of zijdelings bekende
kunstenaars voorbij komen.
De ‘giganten’ met werkelijke vernieuwende ideeen,
met een ingrijpend oeuvre, met beinvloeders;
die zijn wel voorbij.
En als die al niet op de lijst stonden, dan staan ze te laag.
In dit deel van de lijst veel Engelse kunstenaars met
een hoog Saatchi-gehalte.Maar ook mooie ontdekkingen.
Enfin, oordeel zelf.

Vandaag gaat het om de volgende groep mensen:
Francis Picabia, Jenny Saville, Dan Flavin, Matthew Barney, George Grosz,
Bernd And Hilla Becher, Brice Marden, Maurizio Cattelan, Chuck Close,
Bridget Riley, Anthony Caro, Richard Hamilton, Clyfford Still en Luc Tuymans.

= Plaatsen 78, Francis Picabia.

Wikipedia:

Francis Picabia (Parijs, 22 januari 1879 – aldaar, 30 november 1953) was een Frans kunstschilder. Hij wordt gezien als een der bedrijvigste wegbereiders naar de moderne kunst toe, sinds het Impressionisme, in het begin van de 20e eeuw.


Francis Picabia, Dances at the spring I, 1912.


Francis Picabia, Fantasy (in 291), 1915.


Francis Picabia, Procession in Seville, 1912.

Mijn persoonlijke voorkeur heeft dit werk.


Francis Picabia, Self-Portrait, 1923.


Francis Picabia, Sunlight on the banks of the Loing river, Moret, 1905.

Hij begon impressionistisch.


Francis Picabia, The laundresses/Les lavandieres, 1934.

De wasvrouwen.


= Plaats 79, Jenny Saville.

Kunstbus.nl:

Jenny Saville, geboren Cambridge 1970, Engels schilder en een van de Young British Artists. Jenny Saville is een schilder wiens werk een donkere afspiegeling is van de hedendaagse mode, waarbij lichamen worden afgebeeld die buiten de standaard grenzen van aantrekkelijkheid staan. Haar feministische kijk op de vrouwelijke lichaamsvormen bieden een waardevol contrast met de presentatie van de massamedia van de perfectie van de menselijke vorm.


Jenny Saville, Propped, 1992.


Jenny Saville, Reverse 2002 – 2003.


Jenny Saville, Rosetta 2, 2005 – 2006.


Jenny Saville, Torso 2, 2004.


= Plaats 80, Dan Flavin.

Wikipedia:

Dan Flavin (Jamaica (New York), 1 april 1933 – Riverhead (New York), 29 november 1996) was een Amerikaans kunstenaar die ruimtelijke objecten maakte met behulp van commercieel verkrijgbare tl-verlichting.

Het werk van Flavin is misschien nu niet meer opzienbarend.
Zeker niet voor ons, vanuit 2009 terug kijkend.
Maar de kleurstelling van de verlichting en de omgeving
vind ik prachtig.


Dan Flavin.


Dan Flavin, Monument, 1967.


Dan Flavin Site-specific installation, 1996.


Dan Flavin, Untitled, 1975.


= Plaatsen 81 en 91, Alfred Stieglitz en Edward Weston.
Ik kan niet vergelijken met andere jaren.
Ik weet dus niet of deze fotografen ook op eerdere lijsten voorkwamen.
Voor mij als fotoliefhebber staan ze te laag.

= Plaats 83, Matthew Barney.

Wikipedia:

Matthew Barney (San Francisco, 25 maart 1967) is een hedendaags Amerikaans mediakunstenaar. Zijn werk is een synthese tussen de klassieke tekenkunst, de beeldhouwkunst en een installatie. Een sculpturaal environment met aanwending van nieuwe media, zoals film, video en de fotografie.


Matthew Barney, Cremator 4.

Dit werk had een eigen website.
‘Cremator’, een echt multimediaspectacel, inclusief het web.
Heel apart.


= Plaats 84, George Grosz.

Wikipedia:

George Grosz (Berlijn, 26 juli 1893 – Berlijn, 6 juli 1959), geboren als Georg Gross, was een Duitse schilder en graficus.


George Grosz, Cain or Hitler in hell, 1944.


George Grosz, Explosion, 1917.


George Grosz, Self-Portrait, warning, 1927.


George Grosz, The agitator, 1928.


George Grosz, The pillars of society, 1926.

Mooi werk, vooruitziende blik.
Is meer een columnist met grafische technieken dan een kunstenaar.


= Plaats 85, Bernd en Hilla Becher.

Wikipedia:

Bernd en Hilla Becher (Bernd, Siegen, 20 augustus 1931 – Rostock, 22 juni 2007; Hilla, geboren Wobeser, Potsdam, 2 september 1934) vormden een kunstenaarspaar als fotografen. Zij stonden internationaal bekend voor hun zwart-witfotografie van vakwerkhuizen en vooral van industriele installaties zoals watertorens, koeltorens, gashouders en hijskranen en lifttorens van mijnen.

Dit duo verwart me een beetje.
Ik lees over hun invloed op fotograven maar vind hun werk niet bijzonder.
Er is veel werk van hen op het web te vinden
maar vaak veel van hetzelfde. Vaak letterlijk dezelfde foto’s
die je bij artikelen over hen terug vindt.
De meest interessante foto’s die ik vond waren foto’s van hedendaagse
kunstenaars die hun foto’s als uitgangspunt hadden genomen.
Het verbaasd me dat ze op deze lijst voor komen.


Titels van de werken waren moeilijk of niet te vinden.


Bernd and Hilla Becher, Study of concrete cooling towers, 1972.

Studie van betonnen koeltorens.



= Plaats 86, Sigmar Polke.

Ik kende de naam maar had nooit naar het werk gekeken.
Dat gaan we dus hier even rechtzetten.

Wikipedia:

Sigmar Polke (Olenica, 13 februari 1941) is een Duitse kunstschilder en fotograaf. Polke behoort internationaal tot de meestgevraagde hedendaagse kunstenaars. Zijn werk wordt gezien als een Europese variant van de Pop art.


Sigmar Polke, Ohne titel (Medizin), 1963.


Sigmar Polke, Ohne titel (Punkte und Streifenformen), 1965.


Sigmar Polke, Ohne titel, Serie hohere Wesen befehlen, 1967.


Sigmar Polke, Portrat Frieder Burda, 1996.


= Plaats 87, Brice Marden.

Wikipedia:

Brice Marden, Amerikaanse minimalistische kunstenaar, geboren 1938 in Bronxville, woont in New York. Hoewel het werk van Brice Marden vaak tot de Minimal Art wordt gerekend, is het schilderij voor hem niet uitsluitend een object. Typerend in dit verband is zijn uitspraak: x98De rechthoek, het vlak, de structuur, het schilderij, zijn slechts klankborden voor de geestx99. Naast een intuitief, subtiel kleurgebruik toont Marden een groot respect voor de traditie van de schilderkunst.


Brice Marden, Epitaph painting 5, 2001.


Brice Marden, For Pear l, 1970.


= Plaats 88, Mauricio Cattelan.

Kunstbus.nl:

Maurizio Cattelan. Geboren in Padua, Italixc3xab, in 1960. Woont en werkt in Milaan, Londen en New York. Maakt vooral installaties. Cattelans werk is humoristisch of sarcastisch, subversief en steeds briljant.

De opmerking over brillant is voor rekening van de redactie van kunstbus.
Vol humor is het werk van Cattelan zeker.


Maurizio Cattelan, Love Lasts Forever, 1997.


Maurizio Cattelan, Love Saves Life, 1995.


Maurizio Cattelan, Untitled, 2002.


Maurizio Cattelan, Untitled (Cow), 1998.


= Plaats 89, Sol LeWitt.

Tussen al deze mensen staat Sol LeWitt zeker veel en veel te laag.

= Plaats 90, Chuck Close.

Wikipedia:

Chuck Close, geboren: 1940 Monroe Washington, Amerikaans exponent van het hyperrealisme. Chuck Close behoort eerst tot het late abstract-expressionisme, maar stapt algauw over naar het fotorealisme ( hyperrealisme). Hij is exc3xa9n van de voornaamste hyperrealisten, vooral van sterk vergrote portretten waarbij alle details (rimpels, porien) haarfijn zijn weergegeven.

Zeer de moeite waard om te bekijken.
Heel veel ontwikkeling zit er voor zover ik het kan zien,
niet in zijn werk.
Minister Plasterk besprak zijn werk vorig jaar
in een uitzending van Zomergasten.


Chuck Close, Self portrait, 1997.


= Plaats 92, Joseph Cornell.

Leerde ik kennen door de muziek van De Nits.
Hun lied ‘Soap Bubble Box’ gaat over het werk van Cornell.
Staat op het album ‘Ting’.

= Plaats 93, Karel Appel.

Mooie plaats.

= Plaats 94, Bridget Riley.

Wikipedia:

Bridget Riley (Londen, 24 april 1931) is een Engelse optical schilderes.


Bridget Riley, Arrest 1, 1965.


Bridget Riley, Blaze 1, 1962.


Bridget Riley, Cataract 3, 1967.


Bridget Riley, Movement in squares, 1961.


= Plaats 96, Anthony Caro.

Wikipedia:

Anthony Caro (New Malden (Surrey), 8 maart 1924) is een Britse beeldhouwer, die grote invloed heeft gehad op het ontstaan en de ontwikkeling van de moderne, abstracte beeldhouwkunst. Zijn werk wordt gekenmerkt door zijn hergebruik van metaal (voornamelijk ijzer en staal) veelal afkomstig van de schroothoop.


Anthony Caro, Dream city, 1996.


Anthony Caro, The Barbarians – Golom (2000 – 2002).


= Plaats 97, Richard Hamilton.

Wikipedia:

Richard Hamilton (24 februari 1922) is een Brits kunstenaar en werd bekend in 1956 toen hij begon met pop-art maken. In 1956 maakte hij als eerste een collage met de naam: “Just What Is It That Makes Today’s Homes So Different, So Appealing?”.


Richard Hamilton, Chromatic spiral, 1950.


Richard Hamilton, Just what is it that makes todays home so different, so appealing? 1956.


= Plaats 98, Clyfford Still.

Wikipedia:

Clyfford Still (Grandin, North Dakota, 30 november 1904 – Baltimore, Maryland, 23 juni 1980) was een Amerikaans kunstschilder en een van de voormannen van het abstract expressionisme. Still stond bekend als een moeilijke, compromisloze persoonlijkheid, en hij leefde op gespannen voet met de kunstwereld van New York, die hij regelmatig beschuldigde van machtspolitiek en machtsmisbruik. Voor Still gold zijn autonomie als kunstenaar en mens en zijn geestelijke vrijheid als hoogste goed.


Clyfford Still, 1957-D No. 1, 1957.


Clyfford Still, PH 77, 1937.


Clyfford Still, Untitled, 1974.


= Plaats 99, Luc Tuymans.

Wikipedia:

Luc Tuymans (Mortsel, 1958) is een Belgische schilder. De kunstenaar die woont en werkt in Antwerpen wordt beschouwd als een van de meest invloedrijke hedendaagse Belgische kunstschilders.


Luc Tuymans, Auschwitz, 1978.


Luc Tuymans, Fingers, 1995.


Luc Tuymans, Mwana Kitoko, 2000.


Luc Tuymans, Petrus & Paulus, 1998.


Luc Tuymans, Portrait, 1994.


Luc Tuymans, The secretary of state, 2005.