Ken Loach: Jimmy’s Hall

 photo DSC_4168KenLoachJimmysHall.jpg

“Work for need, not for greed” is de slogan waaronder je de film Jimmy’s Hall van Ken Loach kunt samenvatten.

Gisteravond zag ik de nieuwe film van Ken Loach.
De film bewijst dat een meeslepend verhaal niet automatisch
in een goede film resulteert.
Kosten nog moeite zijn er gespaard om het Ierland
van de jaren 30 van de vorige eeuw ons voor te schotelen.
De beelden zijn dus mooi, de kleding oogt authentiek, de muziek is goed,
de acteurs doen hun best en overtuigen en toch werkt het niet.

Het verhaal dat Loach hier vertelt doet mij denken
aan Novecento (1900), de film van regisseur Bernardo Bertolucci.
De thema’s zijn hetzelfde:
boeren moeten hun land pachten van rijke grootgrondbezitters.
Als hen dat niet lukt worden ze verwijderd. Armoede troef.
Crises op crises en geen werk.
De kerk, het leger en de industrielen steunen de grootgrondbezitters
in een poging alles toch maar vooral bij het oude te laten.
Novecento speelt in Italie, het fascisme komt op.

Het verschil tussen de twee films (afgezien van de lengte) is dat
de film van Loach wel erg zwart/wit is.
Novecento bevat veel meer grijs.
Daar zie je veel natuurlijker hoe het ‘goed’ en het ‘kwaad’
zich ontwikkelt in het leven van twee mensen
die elkaar van kindsbeen af aan kennen.
Maar je ziet ook hoe mensen vermalen worden door de bewegingen
die zich om hen heen manifesteren.
Hoe anderen gebruik maken van diezelfde bewegingen om
zich zelf in een betere positie te werken.

Jimmy’s Hall is daarmee een soort verfilmde documentaire.
Op zich niets mis mee, maar een goede film?
Nee.

 photo DSC_4166TicketJimmysHallKenLoach.jpg

Gezien: The Artist

Afgelopen vrijdag ben ik gaan kijken naar The Artist.
De Franse zwart-wit film die net 5 Oscars heeft gewonnen.
De competitie heb ik niet gezien maar 5 Oscars lijkt me overdreven.

Om te beginnen is het geen origineel verhaal.
Dat hoeft natuurlijk geen probleem te zijn.
Maar als je het nodig vind een remake te maken moet je wel iets
te bieden hebben. Iets wat in een vorige verfilming niet aan de orde kwam.
Ik heb het niet kunnen ontdekken.
Sterker nog: ‘A Star is born’ is naar mijn gevoel beter uitgewerkt.
Veel genuanceerder, overtuigender.

Dan de acteurs.
Jammer genoeg voor The Artist zijn Judy Garland en James Mason
ijzersterk in ‘A Star is born’.
Hun relatie is levenecht.
Hun compasie en gedragingen overtuigend.
Jean Dujardin en Bxe9rxe9nice Bejo spatten niet echt van het doek.
Bxe9rxe9nice Bejo is van de twee nog het best.
John Goodman treft het niet met zijn rollen.

De film valt in twee delen uiteen:
de jaren ’20 films en het documentaire deel:
het leven van de acteurs in dezelfde jaren ’20.
De jaren ’20 films zijn een karikatuur van de werkelijke zwart/wit films.
Natuurlijk zijn er veel zwart/wit films waarin overacteren
aan de orde van de dag is.
Maar dat probleem wordt bijvoorbeeld in ‘Singing in the rain’
veel beter uitgebuit.
Daarnaast zijn de echt goede zwart/wit films helemaal niet
overgeacteerd. In geslaagde films worden wel degelijk emoties
overtuigend gespeeld. Kijk maar eens naar Chaplin in The Kid.

Sommige beelden zijn goed. De openingssequence waarin je niet goed weet
wat je ziet: de jaren ’20 zwart/wit film of de ‘documentaire’.
Het orkest dat de filmmuziek speelt in de bioscoop, de toeschouwers,
de acteurs achter en op het scherm. Goed gedaan.
Leuke rolletje voor Malcolm McDowell.

Waarom in zwart/wit, en stom?
Het werkt niet.
Sommige van de visuele grappen zijn redelijk, maar niet verpletterend.
Ze worden zwaar overschat.
De scene op de trap, het horen, zien en zwijgen beeldje,
de weerspiegeling voor een etalage met een rokkostuum.
Veel spiegels maar kijk eens naar ‘The Sheltering Sky’ van Bernardo Bertolucci.
Dan zie je wat je daar in een film mee kunt.

Het waren een aangename 100 minuten, maar 5 Oscars?
Nee.