Nog meer schilderwerk

Er is nog een schilderproject onder weg.
Het voorbeeld voor het schilderij heeft al eerder op mijn web log gestaan.
Ik herhaal hem hier even.

Deze Black foot indiaan Stu-mick-o-sucks in origineel geschilderd in 1832.
De schilder is de Amerikaan George Catlin.

Het schilderij dat nu in de maak is, is nog in een beginfase.
De eerste kleuren worden er op gezet.
Maar het resultaat begint al goed te lijken:

Wordt vervolgd.

2 kleine schilderijtjes

Een tijdje terug hebben we iemand een hoop verf cadeau gedaan en twee kleine doekjes.
Ter gelegenheid van de verjaardag dit als cadeau gegeven.
De resultaten zijn er nu.
Helaas heb je voor deze kleine doeken een ander soort kwast nodig dan voor een groot doek.
Dat zorgt ervoor dat de afbeelding minder verfijnd geschilderd kan worden.

(De kunstenaar neemt een foto van de doeken)(De twee doeken nu nog bij elkaar)

Stripverhaal

Ik las altijd het blad Sjors en Sjimmie.
Een van de strips in dat blad was ‘Billie Turf’.
Een tijd terug zag ik een tekening van de hoofdfiguur van deze strip met zijn grootste kwelgeest op een muur in Breda.

Het toeval wil dat Billie Turf ook op de omslag staat van de oudste ‘Sjors’ die ik heb.
Die is namelijk van 2 januari 1965.

Kerstfilmpjes

Tijdens de feestdagen stonden er twee filmpjes op mijn web log die met de feestdagen te maken hadden.Die zijn inmiddels weg.Maar je kunt ze nu nergens meer op mijn weglog zien.Dat is jammer dus ik zet ze maar hier op dit logje:de adventskrans:de kerst/nieuwjaars-kopfoto:

Vakantie naar Egypte

Wij zijn net terug van een vakantie naar Egypte.
Ik ben druk bezig om het reisverslag voor te bereiden.
Een van de dingen die ik aan het doen ben is om een zogenaamde kopfoto
voor alle logs over Egypte/Cairo te maken.
Net zoals voor mijn logs voor bijvoorbeeld de vakantie naar Karelie,
maak ik een afbeelding die boven iedere log komt te staan
die over dit onderwerp gaat.

Vandaag laat ik hier versie 1 van de Egypte-kopfoto zien.




De achtergrond is geel: de kleur van het woestijnzand.
In werkelijkheid was het niet zo knalgeel, maar het gaat om het idee.

De letters zijn gesneden uit mijn foto’s
van de piramides die we bezocht hebben.

We zijn in Gizeh geweest.
De piramides die daar het meest in het oog springen
zijn die van Cheops en Chefren.
We zijn in Sakkara geweest.
Daar staat onder andere de piramide van Djoser.
We zijn in Abu Sir geweest.
De piramide die we daar gefotografeerd hebben is die van Sahure.
Meer informatie volgt in de reisverslagen.

De letter ‘Y’ is bijvoorbeeld van de piramide van Djoser gemaakt.
De letter ‘T’ is bijvoorbeeld van de piramide van Cheops.

Dit is de eerste scene van de kopfoto.
Hierna zal een stuk komen met een aantal stukken van foto’s
van andere typische zaken in Egypte, of eigenlijk Cairo.
In Cairo zijn we namelijk de meeste tijd geweest.

De derde scene zal erg lijken op scene 1.
De wordt de ‘aftiteling’.

Er volgt dus nog meer !

Proeven van kunst (19): Horecava

(BN/DeStem, 10/01/2006)

Verdiend !
Zowel door de bedenker als door de restauranthouders en de kunstenaars.
Ik heb het evaren als een positief evenement, vernieuwend, interessant voor groepen uit verschillende disciplines.

Vandaag gegeten 10/01/2006

Sommige mensen vragen zich af of we nog wel eens zelf brood bakken.
Vandaar deze web log over het brood van vandaag.
Gewoon meel met een beetje Spicey Tomato (een mix van een locale molenaar) en veel gedroogde oregano (uit het kerstpakket).

Karelie/Karelia (51): Sculptures park

Zaterdag 30 juli 2005 (vervolg).

Via Rode Plein, GUM, buitenmuur van het Kremlin,
de kathedraal ‘Christus de Redder’, het standbeeld van Peter de Grote
en Sculptures Park naar de ingang van Gorki Park gelopen.

(Sculptures Park is een park waar na de val van de Muur
beelden verzameld zijn van voormalige Sovjet kopstukken
en beelden uitgevoerd in de stijl die toen in de mode was.
Nu wordt er door beeldhouwers ook nieuw werk gemaakt.
Het is een park waar het rustig is en goed toeven.
Als je een bezoek brengt aan Moskou
kun je dit maar beter niet overslaan.)

(Gandhi)

(Inkijkje in het cafe/restaurant)

(Shakespeare met duif)



(Sovjet stijl)




(Sovjet-leiders/inspirator: Lenin, Marx, Breznjev en Stalin)


(Een beeld van een inktvis is wel heel bijzonder)

(Albert Einstein en Niels Bohr)



(Monet)

(Modern model)

(Resultaat in wording)

(Onderdeel van een monument voor de slachtoffers van de Sovjet-terreur)

(Feliks Edmoendovitsj Dzerzjinski(Kojdanau, 11 september 1877 – Moskou 20 juli 1926),
ook wel “Bloedige Felix” genaamd, was een Russisch revolutionair
van Poolse afkomst.
Hij was oprichter van de Tsjeka, de eerste bolsjewistische geheime dienst.

Feliks Dzierjinski werd geboren op 11 september 1877
of 30 augustus oude stijl in het Poolse Kojdanau (thans Dzjarzjynsk) bij Minsk.
Hij werd van school gestuurd wegens zijn revolutionaire activiteiten.
In 1900 was hij, tezamen met Rosa Luxemburg
een van de oprichters van de revolutionaire Sociaal-democratische Partij
van het Koninkrijk Polen en Litouwen.
Twee maal werd hij naar Siberie gezonden, maar beide malen ontsnapte hij.

Zijn standbeeld stond voor de “Lubjanka”,
het hoofdkwartier van de KGB in Moskou,
genoemd naar het plein waar het aan stond.
Na het mislukken van de staatsgreep tegen Gorbatsjov,
in augustus 1991, werd dit standbeeld
door een woedende menigte omver gehaald.
Reeds in 1989 was zijn standbeeld
op het Plac Bankowy in Warschau omver gehaald.
Zijn standbeelden in Wit-Rusland staan nog overeind.
Wikipedia)

(Dit is een foto van de Lubjanka
met het standbeeld nog op het plein.
Nu is er een monument (niet zo indrukwekkend, maar toch)
voor de slachtoffers van de terreur)

(Een beeld van een voetbalkeeper had ik eerder nog nooit gezien)

Karelie/Karelia (50): Moskou eerste dag (vervolg)



Zaterdag 30 juli 2005 (vervolg).

Via Rode Plein, GUM, buitenmuur van het Kremlin,
de kathedraal ‘Christus de Redder’, het standbeeld van Peter de Grote



en Sculpture Park naar de ingang van Gorki Park gelopen.
En toen weer terug.





We gaan dadelijk iets eten en dan nogmaals naar het verlichte Rode Plein.





Karelie/Karelia (49): Moskou eerste dag



Zaterdag 30 juli 2005.

Na de treinreis zijn we gisteren opgehaald door een Russisch sprekende chauffeur.


Dat is de eerste keer dat we van Nordic Travel iemand krijgen die geen Engels spreekt.
Hij stond met het bordje ‘Nordic Travel’ bij de uitgang van het rijtuig.
Dus dat ging helemaal goed.



We waren snel in Rossia.



Onze kamer is op de 12e verdieping van dit Sovjet-hotel.
Het hotel is erg groot.
Wij zijn via de Oost-ingang binnengekomen.




Voor het ontbijt op de 21ste verdieping ga je
of via de noordelijke ingang of via de 2e verdieping intern
naar de lift (dat laatste hebben wij niet kunnen vinden,
we zijn langs buiten om gelopen).
Gisteravond nog iets gedronken en gegeten
bij een van de cafxc3xa9s/restaurants onder het hotel.
Er zit ook een bank, een nachtclub, een bioscoop en dergelijke in het complex.





Vanochtend eerst ontbeten.
Het is niet eenvoudig de lift te vinden.
Het is hier, zoals alles in Rusland, zo groot !
Het uitzicht is mooi, zeker op het Kremlin (het hotel ligt er bijna naast).
Ze hebben alleen dubbele ramen (soort ouderwets dubbelglas).
Dat zie je veel in Rusland.
Vanwege de enorme temperatuurverschillen.
Vandaag was het bewolkt maar erg warm (28xc2xb0c).



(Koffie en thee op het Rode Plein)

Via Rode Plein, GUM, buitenmuur van het Kremlin,
de kathedraal ‘Christus de Redder’, het standbeeld van Peter de Grote
en Sculpture Park naar de ingang van Gorki Park gelopen.
En toen weer terug.







(GUM warenhuis)












We gaan dadelijk iets eten en dan nogmaals naar het verlichte Rode Plein.

Karelie/Karelia (48): trein naar Moskou



Vrijdag 29 juli 2005.

Gisteravond met de nachttrein vertrokken vanuit Belomorsk.
De eerste circel is rond:
we zitten op het terras in St. Petersburg
vlak bij het hotel waar de vakantie begonnen is.
We gaan dadelijk verder met de trein van 16:00 uur naar Moskou.
We kwamen hier precies op tijd aan.
De nacht was zeker niet rustig.
Nadat de jagers ons verlieten
hadden we het compartiment in de trein voor ons alleen.
Het was erg warm.
De airconditioning was kapot en omdat (?) het een trein is met airco
kunnen er geen ramen open.
Rond half drie kwamen er 2 vrouwen in ons compartiment bij.
Een moeder en een dochter.
De dochter had ook nog een kind bij zich.
Ze hadden voldoende bagage bij zich om een wereldreis te maken.
Inclusief een wandelwagen.
Dat levert alles bij elkaar veel onrust op.
Het kind huilde steeds en de vrouwen probeerden het tot bedaren te krijgen
door een trein te imiteren: tsjoe, tsjoe, tsjoe.
Fluisterend maar met een scherpe ‘S’.
Enfin, twee uur later viel ik af en toe weer in slaap.
L kan haar ongeduld met de situatie amper onderdrukken.
Gelukkig vertrokken ze op tijd
zodat we nog een tijd ongestoord hebben kunnen slapen.
Vladimir stond ons op te wachten bij het station
en bracht ons naar het ‘Moskou station’ aan de Nefski Prospect.
Het heenbrengen duurde een paar dagen geleden misschien 15 minuten.
Nu zit St. Petersburg vol, er zijn veel files en mensen.
Het duurt dan ook 45 minuten.
We hebben onze bagage op het station in bewaring gegeven.
De trein stond al vermeld maar nog zonder platform en perron nummer.
Wij noemen in Nederland bijvoorbeeld richting Roosendaal perron 6
en richting Rotterdam perron 5.
In Rusland is dit perron 3, links
of rechts .

We zitten in de Aurora.
De trein 159 St. Petersburg – Moskou.
Vroeger was de Aurora een klinkende naam: want de Oktober Revolutie
werd vooraf gegaan door een muiterij op de Pantzerkruiser Aurora.
Maar ja, sommige dingen duren lang om te veranderen.
Er wordt nu met een felheid over het communisme gesproken
dat we niet terug kennen van ons bezoek in 1992.
Ook Perestroika krijgt een hele slechte pers.
Men ziet die periode van Gorbatjov als een periode van stilstand.
Ik denk dat dat ook het geval is maar als je een slinger die naar links zwiert
in een andere richting wil laten overgaan
moet je eerst door het dode punt.
Zeker als je een omwenteling zonder geweld wilt.
De omroepster op het Moskou-station
vermeldde ook enige informatie in het Engels.
Maar dat gebeurt nog vaak zonder dat men werkelijk begrijpt wat men zegt.
Zo zei de omroepster dat onze trein die op perron 4 xc2xad (l voor links)
staat, vannacht om 16 minuten over 12 zal vertrekken.
Het is nu 2 minuten over 16:00 uur
en de trein is punctueel om 16:00 uur vertrokken.
In treinen ligt vaak op de vloer tapijt.
Om het te beschermen (denk ik) ligt er een soort lange vaatdoek over.
In de Aurora wordt die weggerold gelijk na vertrek.
Een goede maatregel als er veel sneeuw ligt.
Op de lange-afstandstreinen ‘zit’ er op ieder rijtuig
een medewerker van de spoorwegen.
Ze verkopen/verhuren bijvoorbeeld lakens ed in de nachttrein.
Ze controleren ook de kaartjes en je paspoort.

Tijdens ons korte verblijf in St. Petersburg,
tussen de twee treinen, hebben we onze bagage
afgegeven in de luggage room.
Voor 40 Roebel (+/- 1 Euro 15) is je bagage in bewaring.

Tijdens de nachtelijke treinreis van Belomorsk naar St. Petersburg
op mijn iPod geluisterd naar de Matthaus Passion.
Een lijdensverhaal was wel toepasselijk
om de gebeurtenissen van mijn reis te relativeren.

Moet de Goelag Archipel van Aleksandr Solzjenitsyn lezen.

De muggen.
We kunnen er een heel hoofdstuk aan wijden.
Het zijn er veel, heel veel.
Ik heb nog geen middel ontdekt dat je echt beschermt.
We hadden Deet bij ons.
Ik heb het gebruikt maar heb muggenbeten in mijn hals,
op mijn hoofd en op mijn armen.
(Normaal gebruik ik geen middelen en wordt dan toch bijna niet gestoken)
L heeft zelfs dikke enkels met 20-30 beten elks.
Vanuit St. Petersburg totdat we daar weer terugkwamen
werden we geterroriseerd door de muggen.
Er liepen toeristen met mini-klamboexc2xa1xc2xafs over hun hoofd.
Ik vraag me af of het helpt.

Een van de plaatsen die we met de trein passeren
en waar de trein ook stopt is
(Novgorod, mooie stad, zijn we in 1992 geweest)

Karelie/Karelia (47): Veenbraam in Belomorsk



(Vervolg 28/07/2005)

We zitten nu op de draagvleugelboot naar Belomorsk.



(Station Belomorsk met op de rug gezien de gids)






(Winkeltje op het perron. Let op de ‘klantvriendelijke’ opening link.
Door deze uitsparing in het raam kun je spullen kopen en betalen.
De persoon achter het glas kun je niet zien
door alle uitgestalde koopwaar.)


(Op het station verkopen mensen aan de reizigers op de trein ‘Cloud berries’.
Ik ken ze helemaal niet.
Maar deze veenbraam schijnt toch niet helemaal onbekend te zijn:)


Veenbraam in vele talen: 2 Euro Finland met veenbraam:





(Dit zijn ze dan ‘Live’)

We zitten in de trein met twee heren uit Karelia.
Jagers, ze houden zich bezich met game management.

Ze jagen bijvoorbeeld op beren (van augustus tot februari)
en eland (met name in Finland).
Ze vinden het wel een beetje vreemd dat we niet voor het jagen of vissen
naar Karelia zijn gekomen.



(Mijn boekje gebruikte we oa als communicatiemiddel
tussen de jagers en ons.
Zie de afbeelbing van de eland die een van de jagers maakte.)


We hebben gegeten in Belomorsk.
Alle restaurants (3) waren gesloten.
Uiteindelijk op het terras van een cafxc3xa9 (Europa)
Shashlik gegeten met een vissalade.



(Het gesloten restaurant ‘Europa’ met rechts het terras)

Belamorsk is een gat van 25.00 inwoners
(voor Russen een gat voor ons al een kleine stad).
In de jaren 1990 woonden er 30.000 mensen.
Er is nauwelijks werk. Veel sociale problemen.

Karelie/Karelia (46): Goelag, Anne Applebaum


Anne Applebaum, Gulag. A history of the Soviet Camps
(Allen Lane/Penguin, London/Amsterdam, 2003, XII + 610 blz., ISBN 0-713-99322-7, xa3 25)

Over de concentratiekampen van de nazi’s zijn hele bibliotheken vol geschreven,
op de Russische (en Chinese) rustte schijnbaar een taboe.
We werden verondersteld te denken dat het heropvoedingskampen waren
en ook dat ze pas na Lenin ontstonden.
En tijdens de Koude Oorlog hoorden velen liever bij de revisionisten
dan bij de conformisten of traditionalisten.
De vele boeken die toch verschenen, oogstten niet altijd het verhoopte succes.
Een voorbeeld: in 1963 vertaalde de Nederlandse communist Theun de Vries
‘Een dag uit het leven van Ivan Denisovtsj’,
het eerste boek van Alexander Solzjenitsyn over de sovjetkampen.
De CPN vond het een lasterlijk pamflet en liet de hele oplage vernietigen.
Wellicht oogst Anne Applebaum met Gulag meer succes.
De tijdsgeest is veranderd en haar boek zal in de herfst van 2003
ook in het Nederlands verschijnen.

Deze Amerikaanse historica was correspondente van ‘The Economist’
in Oost- Europa.
Na de val van de Sovjet-Unie mocht ze de kampen bezoeken,
de archieven inkijken, memoires van goelag-gevangenen lezen
en overlevenden interviewen.
Het resultaat is een degelijk werk, waar je een weekje lectuur aan hebt.


Archipel

In deel I beschrijft ze de eerste Russische kampen;
deze dateerden al van de 16de eeuw.
Ze lagen in de noordelijke Witte Zee, op de ijskoude en
barre Solovetsky archipel, ten westen van Archangelsk.
Het waren strafkampen voor politieke tegenstanders van de tsaar.
Solzjenitsyn ontleende hieraan zijn metafoor ‘archipel’.
De eerste kampen van de bolsjewieken ontstonden al in 1920,
als uitvloeisel van de Rode Terreur,
op dezelfde plek waar de tsaren begonnen waren (blz. 42).
In 1926 begon men daar met het systeem van ‘dwangarbeid
als methode van heropvoeding’ (blz. 42, 75).
Vanaf 1929 werden de kampen uitgebreid over de Oeral, in heel Siberie,
naar de verste uithoeken in alle windrichtingen,
omdat men geen vrijwillige arbeiders vond om daar steenkool, gas, olie
en bossen te ontginnen.
Een krachtprestatie van dwangarbeiders was het handmatig graven
van het ‘Belomorskanal’ of Belomorskanal,
dat St. Petersburg verbond met de Witte Zee.
Andere kanalen, steden (o.a. Magnitogorsk), fabrieken volgden.
vooral in de jaren 1937-1942 en 1945-1953.
In de praktijk bleven de meeste gevangenen ook na hun ‘vrijlating’
in Siberixc3xab; het aspect heropvoeding ging verloren (blz. 66).
Opmerkelijk is dat al in 1926 een ontsnapte officier, Malsagov,
in Londen ‘Island Hell’ publiceerde
en dat in 1927 de Fransman Raymond Duguet een gedetailleerd boek
(‘Un bagne en Russie rouge’/’Een gevangenis in Rood Rusland’)
kon schrijven over de verschrikkelijke ‘heropvoedingstechnieken’
in Solovetsky (blz. 73).
Ook de Westerse kranten publiceerden geregeld artikelen over de dwangarbeid.

Deel II behandelt omstandig het leven van de gevangenen: hun arrestatie,
vervoer, soorten straf en werk, bewakers, vrouwen, kinderen, overlijden,
overlevingsmethodes, ontsnappingen.

De gevangenen bestonden uit zeer verschillende categorieen:

1)

vijanden van de staat of ‘niet-mensen’: bourgeois, aristocraten,
geestelijken, handelaars, koelakken, socialisten en vele andere personen
met afwijkende meningen;

2)

willekeurige slachtoffers van de terreur: ook getrouwe medewerkers van Stalin;

3)

volkeren uit veroverde gebieden (Polen, Balten, Oekrainers, Roemenen),
Russen die krijgsgevangene van de Duitsers waren geweest,
volkeren die ‘gecollaboreerd’ hadden (Tsjetsjenen, Volgaduitsers, Tataren);

4)

joden

De kampen hadden meerdere functies:
1) straffen;
2) economisch: de Sovjet-Unie moderniseren en aan meer grondstoffen helpen
door dwangarbeid;
3) heropvoeden; zie hierboven.
Deel III beschrijft de Tweede Wereldoorlog, het massagraf van Katyn,
het ontstaan van kampen in de Oostbloklanden,
de groei van de kampen als industriele complexen, de acties tegen de joden,
de dood van Stalin, de dooi (meer vrijlatingen en afbouw van sommige kampen),
de dissidenten, de publicaties van Solzjenitsyn, Medvedev e.a.,
de komst van Gorbatsjov, zijn amnestie voor alle politieke gevangenen (1986, blz. 498).

Die amnestie was begrijpelijk: een grootvader van Gorbatsjov belandde in 1933
in een werkkamp, bij de andere werden in 1938 beide armen gebroken
tijdens het folteren in de gevangenis.
Een leuk gevolg van dit algemeen pardon was dat het latere Armenie,
Litouwen en Oekraine geleid werden door voormalige politieke gevangenen (blz. 500).
Ander saillant detail: in Siberie verblijven nog altijd Balten e.a.,
hoewel ze mogen terugkeren: ze weten niet waarheen,
want hun vroegere bezittingen krijgen ze niet meer terug.


Gratis buskaartjes als genoegdoening

In haar epiloog betreurt Applebaum dat het huidige Rusland, vijftig jaar na Stalin,
nog geen begin maakt met een schuldbekentenis
of monument voor de slachtoffers (blz. 507).
Vier en een half miljoen politieke gevangenen zijn inmiddels wel gerehabiliteerd,
ze kregen een paar extra roebels en gratis tickets voor de bus (blz. 507),
maar een ernstig onderzoek naar de wandaden van het verleden
is niet aan de orde.
De Russen voelen dat ze na het uiteenvallen van de USSR geen grootmacht meer zijn
en ze hebben geen behoefte aan een onderzoek naar de periode
toen ze nog wel veel aanzien hadden (blz. 508).
In de appendix peilt Applebaum naar het aantal gevangenen
(200.000 rond 1930, 2.5 miljoen rond 1950-1953)
en het officieel aantal doden per jaar (tussen 8.000 en 352.000).
Ze verklaart ook de uitschieters van 1933, 1938, 1942.
Ze wijst er ook op dat er buiten de kampen nog meer doden vielen:
als de geheime politie mensen wilde doden,
voerden ze massa-executies uit in de bossen.
Volgens de archieven waren er 786.098 politieke executies
tussen 1934 en 1953 (blz. 520).
Applebaum raamt het totale aantal gevangenen op 18 miljoen,
van wie er 2.75 miljoen stierven.
Robert Conquest (The great terror, 1968), het Franse ‘Livre noir du communisme’
(door Nicolas Werth e.a.) en zelfs de Russische rehabilitatiecommissie
o.l.v. Alexander Jakovlev spreken over meer dan 20 miljoen.
Applebaum legt niet uit waarom ze daarvan afwijkt.
Ze beweert dat ontsnappen wel mogelijk was (355-357).
Ja en nee: de meesten werden verklikt (250 roebel voor de verklikker)
of bevroren, stierven van honger, werden tijdens hun vlucht doodgeschoten.
De bewakers en de kampcommandanten kregen zelf vijf tot tien dagen gevangenis
en loonverlies: ze pasten dus wel op.
Applebaum – zelf misschien een joodse? – is bijzonder goed op de hoogte
van het lot van de joden in de Sovjet-Unie.


Opmerkingen

Haar schrijfstijl is afstandelijk, zeker niet meeslepend.
De geciteerde teksten en gedichten zijn wel emotioneel en mooi.
Haar Engels is niet altijd eenvoudig.
Nog enkele details: de pagina’s met de foto’s zijn niet genummerd;
hetzelfde geldt voor enkele tientallen gewone bladzijden;
ernaar verwijzen is dus moeilijk.
Die foto’s zijn waardevol en boeiend materiaal, ze komen dikwijls
uit Russische archieven en zijn (dus) mat en grauw.
Voor betere kun je terecht bij Carl De Keyzer,
‘Zona. Siberian Prison Camps’ (Uitgeverij Caermersklooster, Gent
en Trolley/Phaidon, London, 2003, ISBN 0-9542648-4-3, euro; 50).
De foto’s geven ook nooit de ergste toestanden weer.
Op de landkaarten met de kampen
(96, had ze minstens de Trans-Siberische spoorweg
en de huidige namen van de voormalige sovjetrepublieken mogen zetten.
Het boek zelf tenslotte: het zit in een stevige kaft,
het heeft een aangename bladspiegel en mooi papier.
Het is waar voor zijn geld, zowel inhoudelijk als materieel.
Het notenapparaat (523-570) en de bibliografie (571-588) maken indruk;
het woordenlijstje met Russische woorden (589-592) is kort, maar onmisbaar.
Het begrip ‘kremlin’ (omwalde vesting) staat er echter niet bij,
‘mir’ (vrede) evenmin; de woorden ‘pravda’ (waarheid) en
‘isvestia’ (nieuws) vergeet ze te vertalen.
Jammer dat de lijst niet verwijst naar de uitleg in de tekst;
in het register (595-610) worden deze termen namelijk niet hernomen.
Dat register is zeer uitvoerig en een even onmisbaar hulpmiddel.

Globaal gezien is deze studie momenteel de meest omvangrijke
over de sovjetkampen.
Voorgangers zoals Solzjenitsyn (Goelag Archipel, 1972) hadden
geen toegang tot de archieven, de statistieken
of de memoires van gevangenen.

Jef Abbeel

jef.abbeel@skynet.be

jabbeel@olvbreda.nl

Juli 2003

Deze boekrecentie staat op de web site van het Historisch Huis
en kan op de volgende plaats gevonden worden:

http://www.historischhuis.nl/recensies/recensie133.html

Mooi album

Je hoort de single regelmatig op de radio.
Hij komt vanuit een onverwachte hoek.
Het is immers niet iedere dag dat er een nieuwe CD uitkomt van David Sylvian.
Deze keer onder de naam Nine Horses.

Een mooi verzorge hoes (helaas scant hij niet zo mooi in) met een buuitenmodel vouwblad:

Het mooiste nummer (Wonderful World; vind ik tot nu toe) kun je ook hier beluisteren:

De muziek lijkt wel wat op die van Depeche Mode met hier en daar een beetje Bjork.
Zeker het stemmetje op Wonderful world had van haar kunnen zijn.
De muziek is nogal gedragen.
Daarom denk ik niet dat er veel hits van dit album af zullen komen.
Is het super ?
Nee, wel goed gezongen, mooi afgewogen muziek.
Niet eenvoudig. Je kunt/moet er vaker naar luisteren.
Ik nodig dan ook iedereen uit dat vooral te doen.