Kunstvaria

Alfred Sisley, Bridge at Hampton Court, 1874.


Alfred Sisley, Under the bridge at Hampton Court, 1874.

Dezelfde brug, een keer van opzij en een keer van onder.


Arnaldo Roche, I found him first (I’m a ghost in the theater of the subconscious), 2002.

Ik vond hem eerst (Ik ben de geest in het theater van het onderbewustzijn).
Moeilijke titel.
Maar wat vond hij dan?
Hij vond Vincent van Gogh.
Kijk maar eens goed, links op het schilderij.
Ik heb het hoofd er een beetje uitgelicht en een slag gedraaid.
Dan krijg je het volgende resultaat.

Vergelijk dat nu eens met bijvoorbeeld het volgende zelfportret
van Vincent van Gogh dat is gemaakt in 1887.


Carol Beckwith / Angela Fisher, Maasai bride, Kenya, 1995.


Claude Monet, Seine at Giverny (L’Ile aux Orties), 1897.


Eva Hild, Billow 2, 2007.


Francisco de Zurbaran, Agnus Dei, 1636 – 1640.

We gaan langzamerhand naar de Kerstdagen toe.
Dus zie je steeds meer religieuze afbeeldingen.
Al hoort dit Lam Gods meer bij Pasen.


Frank Stella, Uzlany II, 1973.

Een belangrijk werk in het oeuvre van Stella.
Hij gaat van twee naar driementionaal.
De titel verwijst naar een synagoge die door de Duitsers is verwoest in Polen.


Kees van Dongen, The wrestlers or Tabarin wrestlers, 1907 – 1908.


Miquel Barcelo, Ceiling human rights room, Geneva, 2008.

Dit is een zaal in Geneve, de zogenaamde Mensenrechten-zaal.
Het plafond is gemaakt door Miquel Barcelo.
De volgende foto toont het productieproces in actie. Spectaculair.


Morigami Jin, Reclining II, 2004.

Oude techniek, oud materiaal, moderne kunst.
Mandenvlechten met bamboe.


Mush-hushshu Dragon from Ishtar Gate, Babylon, 6th century BC.

Ik heb deze werken een keer in het echt gezien in Berlijn.
Heel indrukwekkend.
Ze komen uit het oude Babylon, het huidige Irak.
Zesde eeuw voor Christus, de Ishtar Poort.

Processional way, Striding lion, Babylon, 6th century BC.

Wandelende leeuw.


Olafur Eliasson.

Helaas alleen de naam van de kunstenaar.
Geen naam van het werk of jaartal.


Pieter Jansz. Saenredam, View of the choir of the Sint-Mariakerk in Utrecht, 1662.

Bij Saenredam weten we haast altijd en heel precies wat de afbeelding voorstelt:
Gezicht op het koor van de Sint Mariakerk in Utrecht.


Roy Lichtenstein, Interior with red wall..


Salomone de’ Grassi, The Trinity.

De drie-eenheid, eerste helft van de 15e eeuw.
Mooie engeltjes.


Seated musician, Qin dynasty, 221-206 BC, terracotta.

Zittende muzikant, terracota uit China.


Sebastiao Salgado, Workers emerging from a coal mine, Dhanbad, Bihar, India, 1989.

Arbeiders komen tevoorschijn uit een kolenmijn in de staat Bihar in India.


Stephen Dupont, Searching for weapons (in Afghanistan), 2005.

De titel van deze foto is: zoeken naar wapens.
Dat overleg in Uruzgan met de Amerikanen kan moeilijk worden.


Susan Hiller, The J-Street Project, 2002-2005.

In het kader van dit project heeft de fotograaf geprobeerd
alle straten in Duitsland waar het woord ‘Juden’ (Joden) in voorkomt
te fotograferen. Hier gaat het om een straat in Coburg: Judenberg.


William Holman Hunt, The triumph of the innocents, 1883 – 1884.

De overwinning van de onschuldigen.
Bijzondere titel want je ziet hier de vlucht naar Egypte, Maria, Jozef en Christus
en een groot aantal kinderen die kort erna vermoord worden.


William Wendt, The silent summer sea, 1915.


Yoko Ono, Sky ladder, 2008.


 

Petrus van Schendel

Gisteravond kreeg ik nog een aanvulling op de informatie
en foto van “De geboorte van Christus” van Petrus van Schendel.
Voor alle duidelijkheid plaats ik hier de foto nogmaals:


Petrus van Schendel: De geboorte van Christus, 1858. PS. Voor de volledigheid: op de foto ziet u restaurator John Post op de ladder en de directeur van het Breda’s Museum, Jeroen Grosfeld, die de centimeter aan de onderzijde vasthoudt.


Hartelijk dank aan de maker van deze foto die ook de aanvullende toelichting gaf.
Ik ga morgen met veel plezier kijken in het Breda’s museum
en hoop naar aanleiding van dat bezoek hier nog meer foto’s
te kunnen laten zien van het schilderij en de restauratie.

Petrus van Schendel

Terrecht werd ik er vandaag op gewezen
dat ik een verkeerd schilderij heb opgenomen
in mijn verhaal van 17 november jl.
Ik heb het inmiddels verbeterd en laat hier de e-mail zien
die ik vandaag ontving.

Ik wil de afzender hartelijk bedanken!

L.S.,

in uw bericht van 17 november plaatste u helaas de verkeerde foto bij het bericht over de restauratie van ‘De geboorte van Christus’, van Petrus van Schendel (1806-1870), het schilderij dat thans gerestaureerd wordt in het Breda’s Museum. Uw foto stelt de ‘Aanbidding van de herders’ voor, een schilderij dat Petrus van Schendel ca. 1849 schilderde en deel uitmaakt van de collectie van het Breda’s Museum. ‘De geboorte van Christus’ is een groot schilderij (ca. 4 x 3 meter), zoals u op de foto kunt zien, en dateert van 1858. De foto is genomen in de voormalige doopkapel van de Heilige Kruiskerk te Elsene (Brussel), kort voor het moment dat het in langdurige bruikleen naar het Breda’s museum vertrok om daar een dringende restauratie te ondergaan. De gaten zijn inmiddels gerestaureerd en het schoonmaak- en retoucheerproces is bijna voltooid. Tot 12 december kan het publiek in het museum nog de laatste restauratieactiviteiten, verricht door John Post, volgen. Van harte aanbevolen.Met vriendelijke groeten,



De schilderij dat ik per ongeluk verkeerd gebruikte
is inmiddels toegevoegd aan het bericht van 18 november.
Het zou jammer zijn als dat nu niet te zien was.

Paleis van de grootmeester

Het bezoek aan het “Paleis van de Grootmeester” in Rhodos-stad
was een heel spectaculaire opening
voor een mooie, warme en vermoeiende dag.
een beetje veel foto’s, maar ja je kent me.
Het paleis is eigenlijk het hoofdkwarties van de ridderorde van Rhodos.
De Johannieter-orde.
Een groep kruisridders die ook wel hospitaalridders werden genoemd.
Hun verblijf op Rhodos begon omdat ze uit Palestina werden verdreven.
Ze werden in 1522 uit Rhodos verdreven
en bleven daarna nog lang actief op Malta.
In de hooftij dagen van de orde waren ze een staat in een staat.
Ze bezaten land en heerste daar.

Het gebouw is pas in 1940 voltooid door de Italianen.
Ze hadden toen Rhodos bezet.
Het gebouw is imposant en van binnen prachtig.
Veel van de kamers en zalen hebben mozaieken op de vloer.
Vaak afkomstig uit Kos.
Opgegraven en gerestaureerd door de Italianen.
Kijk en geniet mee.

Toegangskaartje.


Binnenplaats.


Wapen van de orde (?).


De trap zet de toon.




















Kopie van de Laocoon-groep.

Wikipedia:
De Laocoongroep, ook wel Laocoon en zijn zoons genoemd,
is een monumentaal beeldhouwwerk,
waarschijnlijk tussen 40 v.Chr. en 20 v.Chr. gemaakt op het eiland Rodos.
Volgens de Romeinse schrijver Plinius is het gebeeldhouwd
door Agesandros en zijn zoons Athenedoros en Polydoros.

De Laocoongroep staat in de Vaticaanse musea in Vaticaanstad in Rome.

De Laocoongroep is een van de beroemdste beeldengroepen
uit de Oud-Griekse beeldhouwkunst.
Het beeld stelt de Trojaanse priester en ziener Laocoon met zijn twee zoons,
Thymbraeus en Antiphantes, voor.
Het beeld is geplaatst op een binnenplaats
in de Vaticaanse musea in Rome.
Let vooral op de details (Hellenistisch):
de gezichtsuitdrukkingen zijn goed nagebootst.

Het verhaal achter deze afbeelding is dat de Trojaanse priester Laocoon
de Trojanen wilde waarschuwen om het paard van Troje niet binnen te halen.
Volgens de overlevering werden de priester en zijn zoons
vervolgens gewurgd door slangen van Poseidon.
Uitgebeeld wordt het moment waarop de Laocoon en zijn zoons gewurgd worden
door twee slangen die gestuurd zijn door Poseidon (of Pallas Athena).


Nog meer slangen, nu uit het hoofd van Medusa.

Mozaiek met afbeelding van het hoofd van Medusa.
Uit Romeins gebouw op Kos.
Linkerzijde is nieuw.



Vroeg Byzantijns.
Afkomstig uit de Basiliek van Johannes op Kos.
Tweede helft van de vijfde eeuw na Christus.


Mozaiek uit twee delen.
De rand is afkomstig van Rhodos.
Het thema in het midden is uit Kos, derde eeuw na Christus.

De rand.

Het hele mozaiek.


Mozaiek met een nimf die op een zeepaard rijdt.






In de verte de moskee.



De 9 muzen.







 

Petrus van Schendel

Schendel, Petrus van (1806-1870)

Schilder van kaars, lamp en lichten.

Auteur: W.M.J.I. van Giersbergen
Op 21 april 1806 werd Petrus van Schendel geboren in Terheijden
als zoon van Gijsbertus van Schendel en Geertruida Brox.
Na de dood van zijn vader verhuisde het gezin naar Breda.
In 1830 trouwde Petrus met de Amsterdamse Elizabeth Grasveld.
Uit dit huwelijk werden dertien kinderen geboren.
Elizabeth stierf in 1850 in Brussel.

Petrus hertrouwde in 1851
met de vijftien jaar jongere Amsterdamse Johanna Eyrond.
Uit dit huwelijk werden nog twee kinderen geboren.
Johanna overleed al op 32-jarige leeftijd, twee jaar na haar huwelijk.
Daarop trouwde Van Schendel in 1854
met de Brusselse weduwe Isabelle van Wilder.
Petrus van Schendel stierf op 28 december 1870 in Brussel.

Petrus van Schendel, An evening delight, 1847.

Al vroeg werd Petrus’ tekentalent ontdekt door een gepensioneerd officier
die hem adviseerde een kunstopleiding te volgen.
Vertrouwend op het advies van de officier stuurde de familie
Petrus naar Antwerpen.

Daar genoot hij van 1822 tot 1828 onderwijs
aan de Academie voor Schone Kunsten,
die geleid werd door de historieschilder Matthijs van Bree.
Wilde men als Brabander in het begin van de vorige eeuw
gedegen kunstonderwijs volgen
dan was men genoodzaakt om dit buiten de eigen regio te zoeken.
Gelet op de mentaliteit en de geografische ligging
lag het voor de hand dat Petrus naar Antwerpen vertrok.
Bovendien was het onderwijs er gratis en kon men er
met zowel de Nederlandse als de Franse taal terecht,
dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld Brussel of Luik.
Ook Van Schendels stadgenoten, de schilders Willem Reinhardt Kleyn,
Jacobus Huysmans en zijn zoon Constantinus Huysmans
bezochten de Antwerpse academie.

Petrus keerde in 1828 terug en verbleef afwisselend in Breda,
waar hij introk bij zijn broer Antonius, en in Amsterdam.
Rond 1829 was hij druk bezig een carriere op te bouwen
waarvoor hij contact aanknoopte
met de Haagse kunsthandelaar Johannes Immerzeel.
Het blijkt dat hij toen al heel martktgericht was en zijn werk,
hoe dan ook, van de hand wilde doen.
Wegens voortdurend geldgebrek was hij echter gedwongen
zijn schilderijen ver onder de vraagprijs aan de kunsthandelaar te verkopen.
Maar hij accepteerde niet alles,
want toen Immerzeel opmerkingen maakte over fouten in het perspectief
wees Van Schendel hem terecht met de opmerking
dat hij in 1828 op de academie een gouden medaille
voor doorzichtkunde (perspectief) had ontvangen.
Ondanks de vele compromissen die hij sloot,
bleef hij overtuigd van zijn kwaliteit en voorspelde hij Immerzeel
dat zijn werk in de toekomst veel geld zou opleveren.

En hij kreeg gelijk.
Tussen 1858 en 1872 zou Van Schendel,
samen met onder andere Jozef Israels, Diederik Jamin en Philip Sadxe9e,
tot de best betaalde schilders van Nederland behoren.
Maar Van Schendel verwierf in de vorige eeuw
dan ook nationale en internationale roem als fijnschilder
van kaars- en lamplichttaferelen.
Dit in zijn tijd zeer gewaardeerd genre beoefende hij zijn hele leven.
Ook Johannes Rosierse en Petrus Kiers,
de Bredanaars Wilhelmus Kerremans en Andreas Vermeulen
alsmede de Bosschenaren Jan Hendrik Grootvelt
en Thomas van Leent waren belangrijke vertegenwoordigers
van deze stroming.

Petrus van Schendel, Markt in de avond, Den Haag.

Nocturnes of schilderijen met maan- en kaarslicht
waren een zeventiende-eeuws genre dat in de vorige eeuw
opnieuw tot grote bloei kwam.
In de nocturnes dienden de maan en de sterren als natuurlijke lichtbron.
Een kaars, toorts of olielampje fungeerde als kunstmatige lichtbron.
Van Schendel schilderde ontelbare markt- en straattaferelen bij avond
en zijn productiviteit schijnt ongelooflijk te zijn geweest.
Daarnaast vervaardigde hij ook landschappen, zeegezichten,
binnenhuizen, portretten en ‘gewijde geschiedenis’,
dat wil zeggen religieuze historiestukken,
bijna allemaal met lichteffecten.
Voor hem was het een ‘specialite de la maison’
en in Belgie en Frankrijk werd hij dan ook ‘Monsieur Chandelle’ gexadnoemd.

Ook noviteiten op het gebied van kunstlicht,

zoals de uitvinding van het elektrisch licht,
nam hij in zijn werk op.
Zo exposeerde hij in 1869 zijn ‘Winters feest in de tuin
van de Zoo te Brussel met Bengaals vuur en elektrisch licht’.

Petrus van Schendel, Marktplein bij avond, Rotterdam, 1853.

Om door te dringen tot het kunstcircuit zag Van Schendel
zich genoodzaakt de provincie te verlaten.
Wel onderhield hij contact met Terheijden en met Breda,
de stad waar hij zijn jeugd doorbracht.
Zo exposeerde hij in 1845 en 1863 in Breda.
En aan de parochiekerk van Terheijden schonk hij
het ‘Nachtbezoek van de H. Paulus aan de H. Antonius’.
In 1830 was Petrus definitief uit Brabant vertrokken
en had hij zich in de hoofdstad gevestigd.
Dit verblijf was echter van korte duur want twee jaar later
verhuisde hij naar Rotterdam.
Vanwege de slechte lucht vertrok hij in 1838 naar Den Haag.
Intussen waren uit zijn huwelijk met Elisabeth Grasveld
dertien kindexc2xadren geboren.
En omdat Brussel kennelijk over betere opvoedingsmogelijkheden
beschikte dan Nederland,
vertrok Petrus in 1845 met zijn gezin definitief
naar de Belgische hoofdstad.

Petrus van Schendel, Vismarkt op de Groenmarkt te Den Haag.

Hij had geen betere keus kunnen maken.
Op dat moment had Brussel een internationale uitstraling
en fungeerde de stad als tussenstation voor de Franse kunst naar Nederland.
Van Schendel was commercieel een zeer succesvol artiest
en wist zijn werk zeer goed te verkopen.
Hij nam deel aan vele tentoonstellingen in Nederland,
maar ook in Antwerpen, Brussel, Gent, Parijs en Londen.
Hij ontving daarbij zilveren medailles in Den Haag (1839)
en Brussel (1842) en gouden medailles in Brussel (1845),
Parijs (1844 en 1847) en Manchester (1849).
Zijn schilderijen werden in belangrijke Europese collecties opgenomen
zoals in die van koning Willem II en koning Leopold I van Belgie.

In het begin van zijn loopbaan was de kunstkritiek vol lof
over de lichtweergave en de zorgvuldige, nauwkeurige behandeling.
Maar naarmate zijn kaarslichtwerken veelvuldig
op exposities verschenen en vaker op een maniertje gingen lijken,
waren er ook andere geluiden te horen.
Men bracht veel waardering op voor de kwaliteit van zijn werk,
maar men wilde wel graag enige vernieuwing en inspiratie zien.
De waardering voor Van Schendel bleef,
maar het kaars- en lamplichtgenre raakte
aan het eind van de vorige eeuw uit de mode.
En al op het eind van zijn leven werd Van Schendel
met name door vooruitstrevende critici
als ouderwets beschouwd.
Hij werd immers als een navolger gezien en niet als vernieuwer.
Dergelijke kritiek had echter nauwelijks invloed
op het grote publiek en nog lang na zijn dood
werd zijn werk goed verkocht

Petrus van Schendel, Aanbidding van de herders, circa 1849.

Behalve een gevierd schilder was Van Schendel
ook een bekwaam werktuigkundige en uitvinder.
In 1841 werd hem een koninklijk octrooi verleend
voor zijn uitvinding tot verbetering van de schoepen
bij stoomvaartuigen.
Zijn vinding voorkwam verspilling van energie
en ging het schokken van de vaartuigen tegen
zodat het reizen aangenamer werd.
Al lange tijd lang hadden ingenieurs zich
met dit probleem beziggehouden,
maar Van Schendel was erin geslaagd
een constructie te ontwikkelen die door haar eenvoud
geschikt was om uitgevoerd te worden.
Ook deed hij enkele uitvindingen ten behoeve
van de droogmaking van het Haarlemmermeer.
Daarnaast schreef hij in 1848 een werk
over het ontginnen van heidevelden in de Kempen
onder vermelding dat hij de uitvinder was
van de ‘l’Hxe9lice hydraulique pour irrigation’
en in 1853 over het zijdelings schudden van spoorrijtuigen.

Petrus van Schendel, Zomeravond bij lamp en maanlicht.

Op het gebied van de tekenkunst stelde hij een werk samen
over gelaatsuitdrukkingen waarvoor hij enkele koppen etste.
Bovendien ontwikkelde hij de methode
Nieuwe leerwijze van Doorzichtkunde die hij in 1861
bij J. Hermans in Breda liet uitgeven.
Deze methode was bedoeld voor kunstenaars die zich
in het perspectief wilden bekwamen,
een specialiteit waarin Van Schendel zelf zeer bedreven was.
Petrus van Schendel stierf op 28 december 1870 in Brussel.
In 1881 kwam zijn nalatenschap, waaronder tekeningen,
aquarellen en ruim honderd schilderijen, in Brussel onder de hamer.

Burk Uzzle

De naam zei mij niets maar een van zijn foto’s is wereldberoemd.
En die kende ik wel, het is deze:


Burk Uzzle, Woodstock, 1969.





Burk Uzzle, Red, White and Blue.


Als je in Amerika spreekt over Red, White en Blue dan spreek je meestal
over het symbool voor Amerika: de Amerikaanse vlag.
Hier komen dezelfde kleuren terug (Rood, wit en blauw) maar
je ziet een benzinestation.




Burk Uzzle, Just add water.


Grappige titel: alleen water toevoegen.




Kunstvaria

Paar opvallende foto’s en twee aardgeesten.
En twee maal Chagall.


Adolf Fleischmann, Composition MD.






Anonymous, Chinese Txe2x80x99ang Dynasty, Earth Spirits, 8th – 9th century, ceramic.


Twee Chinese aardgeesten uit de Txe2x80x99ang dynastie
De maker(s) is (/zijn) onbekend.
Datering: tussen de 8e en 9de eeuw na Christus.





Burk Uzzle, Desert Prada, Texas, 2006.


De overvloed van de concumptiemaatschappij ‘op de hak’ genomen?





Clyde Butcher, Snake River.


Deze fotograaf specialiseert zich op het Amerikaanse landschap.
Foto’s altijd in zwart/wit.





Edward Hopper, Ground Swell, 1939.


Amerikaans schilder.
Bekend van stadsgezichten en hotelkamers.
Altijd met een unheimisch gevoel.





Guido Reni, Joseph and Potiphar’s wife, 1630.


Potifar, zijn vrouw en Josef komen voor in allerlei cultuuruitingen.
Het verhaal over de slaaf Josef staat in de Bijbel.
Hier is het moment geschilderd waaop de slaaf Josef de avances
van de vrouw van Potifar afwijst.
Dit zou nog veel drama tot gevolg hebben.
Het is vaak onderwerp voor schilderijen maar ook musicals en films.
Vondel schrijft over hen.





Johannes Vermeer, A lady writing, 1665.


Een foto van dit schilderij zag ik vanochtend ook in het boek
dat is verschenen ter gelegenheid van de tentoonstelling
125 Grote Liefdes.
Dit is een voorbeeld van een werk dat de Nederlandse overheid,
al dan niet met de hulp van rijke particulieren, zich wist laten ontglippen.





Juan Gris, Livre, pipe et verres, 1915.


Stilleven met boek, pijp en glas.





Marc Chagall, Introduction to the Jewish Theater, 1920.






Marc Chagall, The cattle dealer, 1912.


De veehandelaar.





Matthew Pillsbury, Nathan Noland – Mario Kart DS – The Star Cup – Wynn, Las Vegas, Monday July 31th 2006, 0:34 am – 0: 52 am.


Matthew Pillsbury: Jong (1973) Amerikaanse fotograaf,
Nathan Noland: persoon op de foto,
Mario Kart DS: computerspel,
The Star Cup : de prijs in het computerspel,
Wynn: een hotel in Las Vegas,
Monday July 31th 2006, 0:34 am – 0: 52 am: de belichtingstijd van de foto.

Matthew Pillsbury specialiseert zich in het maken van foto’s met
een heel lange belichtingstijd.
Je kunt daardoor ook zonder flitslicht op donkere plaatsen toch foto’s maken.
Bewegende mensen zie je dan nauwelijks omdat die te kort
in beeld zijn behalve als iemand min of meer stil een computerspel speelt
zoals hier het geval is.
‘AM’ staat voor in de ochtend.
Deze foto is gemaakt op 31 juli 2006,
tussen 34 minuten en 52 minuten na twaalf uur (na middernacht).
De totale belichtingstijd was dus 18 minuten.




Spreuk: create, creative, creëren, creatief


Deze week was ik een een winkel en daar stond een heel goede spreuk op de wand.
Ik heb hem gelijk overgeschreven.
Op een hoekje van de “Allerhande”.
De tekst stond in het Engels, dus ik zal hem ook even moeten vertalen.

Creating is seeing things
from a unique and special reality
and then wanting to give that to someone else.

In mijn vertaling staat er dan:

Creëren is dingen zien
vanuit een unieke en speciale realiteit
en dat dan aan iemand anders willen geven.

Voor het allemaal te zwevering wordt kun je hier uit concluderen:
de Kunst, of een kunstenaar, of een creatief persoon, laat dingen zien
vanuit een bijzonder gezichtspunt en wil dat delen met andere mensen.

Het mooie aan deze spreuk zit hem niet zozeer in de bijzondere eigenschap
van de kunstenaar (hij die dingen op een speciale manier ziet)
maar in het feit dat hij dat met andere mensen wil delen.

Dat kan natuurlijk alleen maar als het kunstwerk,
al dan niet omringd met toelichting of geplaatst in een oeuvre,
naar de toeschouwer zich kan verklaren.
Dat kan heel rationeel gaan (kubisme) of heel gevoelsmatig (expressionisme).
Voor mij is dit wel een definitie van kunst.
De spreuk schijnt van Paul Frank te zijn, een ontwerper van zonnebrillen.

Kunstvaria



Charles Le Brun, The Seasons: Autumn, 1700-1720.


Weer een prachtige reeks kunstwerken.
Ook in deze editie weer een paar ontdekkingen.
Zoals dit wandtapijt.
Zeer toepasselijk: Herfst.

In deze serie weblogs “Kunstvaria” waarschijnlijk het eerste wandkleed.





Damien Hirst, Afterworld, 2007.


Niet erg populair bij mij maar als je over hedendaagse kunst iets wil zeggen,
of er iets van wilt laten zien, kun je niet om hem heen.
Met echte vlinders ?





Fernand Leger, Smoke over rooftops, 1911.


Retour eigenaar.
Dit door de nazi’s gestolen kunstvoorwerp is na al die jaren
terug naar de eigenaar (of de erfgenamen).





Francisco de Goya, The marquise of Santa Cruz, 1805.


Dat het werk van Goya niet altijd schokt is hier te zien.
‘Fijne’ hofkunst.





Gerhard Richter, Lack hinter glas (905-1, 905-2), 2008.






Giovanni Battista Piranesi, Veduta dellxe2x80x99 anfiteatro flavio ditto Il Colosseo, 1776.


The Colosseum birdxe2x80x99s-eye view: het Colloseum vanuit vogelvlucht.
Meer het ‘toeristische’ werk van Piranesi.
Deze etsen konden in grote getalen worden vermenigvuldigd
en worden verkocht aan de toeristen in Rome.





Giovanni Giacometti, Maternitxc3xa9, 1908.


Een grote en prachtige verrassing.
Kijk eens naar dat schitterende blauw.
Giovanni Giacometti, de vader van Alberto.
We zullen Alberto dadelijk ook nog tegenkomen.
Ik wist dat de familie kunstzinnig was maar van de vader
had ik nog nooit iets gezien.
Heel traditionele opbouw van de compositie.





Jan Lievens, Allegory of the five senses, ongeveer 1622.


Beetje ondeugende allegorie op de vijf zintuigen.





Jeff Koons, Balloon Dog Red, 1994-2000.






Joan Mirxc3xb3, Still life with old shoe, 1937.


Fantastisch, wat moet je er meer van zeggen ?





Joan Mirxc3xb3, The two philosophers, 1936.


Ik vermoed dat dit al eerder hier te zien was.
Maar wat maakt het uit.





Julio Gonzalez, Still life II, ongeveer 1929.






Karel Appel, Cat, 1953.






Mike Bouchet, Triple, 2008.


Meer, meer, meer.
Op een tentoonstelling met die titel doet dit werk het prima.
Olieverfschilderij.





Nan Groot Antink, Geen titel: cirkels II, 2006.


Waarom iets zonder titel plotseling ‘circels 2’ heet ontgaat me.

http://www.cultuurarchief.nl:

Nederlandse kunstenares
De Nederlandse kunstenares Nan Groot Antink werd in 1954 geboren in Boxtel. In alle werken van Nan Groot Antink gaat het om de combinaties, waarin kleur, materiaal, techniek en formaat een samenspel aangaan.
Werkwijze
Nan Groot Antink streeft naar een fundamentele vorm van schilderkunst. Sinds 1990 beschilderde zij haar doeken niet meer met gangbare materialen, maar gebruikte ze natuurlijke verfstoffen. Nan Groot Antink bereidde de kleurstoffen in de regel zelf uit plantenextracten of grondsoorten, waarvan ze een omvangrijke verzameling aanlegde.
De doeken werden in een verfbad behandeld tot de gewenste intensiteit en helderheid van kleur was bereikt. Doordat de vezels de verf volledig opnemen, is er geen onderscheid tussen beeld en drager.





Natalia Gontscharowa, Arbeiten auf einem kartoffelacker, 1908-1909.


Werken op de aardappelakker.

Wikipedia:

Natalja Gontsjarova (Nagajevo, 4 juni 1881 – Parijs, 17 oktober 1962) was een Russisch kunstschilder en kostuumontwerper, die deel uitmaakte van de Russische Avant-garde stroming. Binnen deze stroming was zij een belangrijke aanhanger van de Kubo-Futuristische stijl van Kazimir Malevitsj.
Gontsjarova werd vernoemd naar haar oudtante Natalja Gontsjarova, de vrouw van Aleksandr Poesjkin, en werd geboren in het dorp Nagajevo, vlak bij de stad Toela. Vanaf 1898 studeerde ze beeldhouwkunst aan de Moskouse school voor schilderkunst, beeldhouwkunst en architectuur, waar ze haar latere echtgenoot Michail Larionov ontmoette. Vanaf 1904 legde ze zich toe op schilderen. Gontsjarova haalde haar inspiratie uit de Russische volkskunst en voegde daar elementen uit het fauvisme en kubisme aan toe. Samen met Larionov ontwikkelde ze de stijl rayonisme, en vormde ze in 1910 de kunstenaarsgroep Ruitenboer.
Vanaf de oprichting van Der Blaue Reiter in 1911, maakte zij deel uit van deze kunstenaarsgroep en exposeerde zij op de tentoonstellingen van deze groep. Tijdens de Russische Revolutie emigreerden Gontsjarova en Larionov naar Parijs, waar ze verschillende kostuums en decors ontwierp voor Les Ballets Russes van Serge Diaghilev.
Gontsjarova en Larionov trouwden in 1955.





Pablo Picasso, La femme au tambourin, 1938-1939.






Richard Avedon, Marilyn Monroe, New York City, May 6, 1957.






Rufino Tamayo, America (detail), 1955.






Alberto Giacometti, Lotar I, 1965.


Mooi
die wisselwerking tussen Marilyn en Lotar I.



125 grote liefdes

De tweede tentoonstelling die ik afgelopen zaterdag heb gezien
gaf regelmatig koude rillingen.
Wat een prachtige voorwerpen.
Het een was nog mooier dan het ander.
Schilderkunst, beeldhouwwerk, glasbewerking, tegels, etsen,
meubels, zilversmederij, enz.
Mooi, mooier, mooist.

Ik begon wat foto’s te maken maar werd al snel op mijn rug getikt.
Foto’s mochten er niet gemaakt worden.
Flauw.
Dus hier nu een heel kort en niet-representatief overzicht
van de werken die door de hulp van de Vereniging Rembrandt
de laatste 125 jaar in Nederland gehouden zijn of
naar Nederland zijn gehaald.


Bodhisattva Guanyin, China, 12e eeuw.



Een van een set beelden.
Treurende volgelingen van Christus onder het kruis.
Veronica heeft de doek gebruikt om het gezicht van Christus af te drogen.
Vandaar zijn beeltenis in de doek.
Prachtig in dit houtsnijwerk.


Lucas van Leyden, Het schip van Sint Reynuut, 1525-1530.


Houtsnede, gemaakt van 8 losse delen.



De catalogus, daar ben ik in begonnen te lezen.
Ik ben op pagina drie.
Het gaat dus nog even duren.
er zullen wel wat verhalen en foto’s op mijn blog terecht komen.
Nog even wachten.

50 x India

Gisteren was ik in Amsterdam, onder andere op de tentoonstelling
‘De 50 mooiste miniaturen van het Rijksmuseum’.

Ik was niet eerder op de etage van het Prentenkabinet
van het Van Gogh museum geweest.
Daar was nog een tentoonstelling.
‘Van Gogh en stillevens’.
Vandaar dat ik eerder de schoenen van Van Gogh liet zien.

Ik heb daar foto’s gemaakt maar de omgeving is er terrecht nogal donker.
De foto’s uit de catalogus zijn dan ook veel mooier.
Daarom tref je hier een combinatie aan.
Mijn foto’s samen met ingescande afbeeldingen uit de catalogus.

Ik had nog veel meer afbeeldingen kunnen opnemen.
Er waren geen lelijke afbeeldingen of prenten van slechte kwaliteit.
Dit was super.
Ik heb in Mumbai een collectie miniaturen gezien
die was groter en misschien completer.
Maar zeker niet van een hogere kwaliteit.
Geweldig!

De toorn van Jarasandha bij Mathura, detail met Krishna.


De toorn van Jarasandha bij Mathura, detail.


De toorn van Jarasandha bij Mathura, Kangra, tweede helft 19e eeuw.

Het boek van de Indiase cultuur is de Mahabharata.
In dit boek staan heel veel verhalen.
Een van die verhalen vertelt over een koning die geen mannelijke nakomelingen had.
In de hoop dat zijn dochters wel zonen zouden krijgen werden ze uitgehuwelijkt.
De kroonprins van Mathura en een van zijn schoonzoons
vermoorde echter zijn vader en als straf werd hij door Krishna gedood.
Jarasandha, de zoonloze koning, probeert vervolgens Krishna te doden.
Deze gouache beeldt de veldslag die volgt af.


Het temmen van een wilde olifant, 1730-1740.


Het temmen van een wilde olifant, 1730-1740.

Dezelfde afbeelding maar nu van de web site.


Krishna doodt de demon Srigala, detail, circa 1590.

Srigala komt ook voor in de Mahabharata.


Krishna doodt de demon Srigala, ongeveer 1590.

Dit is de hele afbeelding.


Krishna doodt de demon Srigala, detail.

En er rolt een hoofd.


Krishna doodt de demon Srigala, detail.

Maar dezelfde afbeelding geeft op zicht op de stad,
de verdedigingswerken, huizen en soldaten,


Meisje met een reekalfje, 1e helft 18de eeuw.


Meisje met een reekalfje, mogelijk afkomstig uit Bidar.

Nomaals de hele afbeelding.


Meisje met een reekalfje, detail.


Meisje met een reekalfje, detail.


Portret Sukhjivan Khan, ongeveer 1765.


Portret Sukhjivan Khan, ongeveer 1765.

Nogmaals de hele afbeelding.
Dit is de gouverneur van Kashmir in de jaren 50 van de 18e eeuw.
Een prachtig streng portret.


Portret Sukhjivan Khan, detail.

Een portret dat plotseling heel levendig wordt door de dienaar
die nieuwe kooltjes in de waterpijp stopt.


Rama en Lakshmana strijden tegen de demonen Maricha en Suvahu, Chamba, ca 1750-1775.

De Ramayana is een Hindoestaanse tekst.
Het is een verzameling legendes en verhalen over Rama.
Lakshama is de broer van Rama.


Rama en Lakshmana strijden tegen de demonen Maricha en Suvahu, detail.

Na afloop van het gevecht liggen de demonen,
verslagen en gedood, links onder aan de afbeelding.


Rama en Lakshmana strijden tegen de demonen Maricha en Suvahu.

De hele afbeelding.


Ruknuddin, Sultan Ali Adil Shah II van Bijapur.

Lid van een machtige koningsfamilie in Zuid India.
Bijapur was een grote stad met heel veel monumenten.
Sommige bestaan nog steeds.
Dit is een van de weinige werken waarvan de kunstanaar bekend is: Ruknuddin.


Ruknuddin, Sultan Ali Adil Shah II van Bijapur, 1687-1688.


Ruknuddin, Sultan Ali Adil Shah II van Bijapur, detail.


Vechtende dromedarissen, einde 17e eeuw.


Vechtende kamelen eind 17e eeuw.

Volgens mij spreekt de catalogus ten onrechte van kamelen.
Het zijn dromedarissen.


Het kaartje naast de miniatuur op de tentoonstelling zegt het ook.


Een Prins in een tuin, Jaipur (wellicht), eind 18e eeuw.


Een Prins in een tuin, detail.

De prins zit in een huisje met daaroverheen een tent.
Het terras is van marmer.
Er wordt water over het huisje gegoten om verfrissing te brengen.


Een Prins in een tuin, detail.

Een tuin met bloemen, een fontein waarin vogels zich baden
en ook vissen te zien zijn.


Matt Small: ook urban

Ook urban maar dan uit Londen.
Hier is het urban aspect een veel bewustere keuze
dan bij het ene werk van Kim Buck.
Matt Small maakt in London schilderijen, voornamelijk op gevonden metaal.
Metaal van platen, pijpen enz, soms beton, wordt gebruikt als ondergrond
voor voornamelijk de portretten van mensen die zich
aan de zelfkant van de maatschappij bevinden.

Matt Small, William, 2007.

Ik heb begrepen dat het niet om werkelijke portretten gaat.
Door de werken een naam te geven krijgt het gezicht toch
een soort persoonlijkheid. Het had zo kunnen zijn.


Matt Small, Young starr, 2007.


Matt Small, South Fleet Estate, 2007.


Matt Small, Samual, 2007.


Matt Small, Tims.

Dit is een buitenbeentje wat betreft materiaal.
Dit is een olieverfschilderij op doek.


 

Kim Buck

Deze Australische kunstenares werkt veel met houtskool.
Als ik de informatie op het web goed begrepen heb studeert ze nog.
Op de volgende drie werken werkt ze ook met houtskool.
De werken vormen een deel van de reeks
“Armed and Empty handed” (met lege armen en handen).


Kim Buck, Armed and empty handed, Out to dry, 2008.


Het thema lijkt mij ‘liefdeloosheid en machteloosheid’.
Dat is het gevoel dat bij twee van de drie afbeeldingen naar boven komt.
De uitdrukking ‘Out to dry’ die letterlijk ‘ophangen om te drogen’ betekent,
wordt ook gebruikt voor ‘in de steek gelaten’.




Kim Buck, Armed and empty handed, Beats, 2008.


Deze wijkt qua thema dus af.
Een beetje ‘Urban’ zoals ze dat noemen.
De stroming waarin het stadsleven en vaak de zelfkant
van de steden centraal staat.
Dan kun je ook denken aan zaken als hip hop, grafitty en dergelijke.




Kim Buck, Armed and empty handed, You have to care to crack, 2008.




Van Gogh museum Amsterdam

Ik ben vandaag in het Van Gogh museum Amsterdam geweest.


Vincent van Gogh, Schoenen, 1888.






Ik ging niet zozeer van Van Gogh als wel voor twee tentoonstellingen:

50 x India.
Rijksmuseum te gast: Indiase miniaturen in het Van Gogh Museum.


Radja Kirpal Dev van Bahu, circa 1660-1680.


125 Grote Liefdes.
Tentoonstelling ter gelegenheid van 125 jaar Vereniging Rembrandt.


Johannes Vermeer, De Liefdesbrief, 1667-1670.




En ik heb me daar prima vermaakt.



Piranesi: Carceri

Een tijdje terug een hele reeks afbeeldingen geplaatst op deze weblog
over de Carceri van Piranesi.
Een fantastische reeks etsen gemaakt in Italie door de kunstenaar Piranesi,
die met deze prenten een fantasieomgeving opwekt
met veel verzonnen gebouwen.
Maar de hele mooie reeks die ik op het web vond van de Universiteit
van Leiden had een volgorde die ik niet kon plaatsen met andere bronnen.
Daarom heb ik een e-mail gestuurd naar de Universiteit.

Geachte heer,

Bijgaande e-mail heb ik geschreven naar Dhr. X. XXX maar ik kreeg
van het e-mail systeem te horen dat zijn e-mailbox vol is.
Via de web master van de universiteit (Dhr. X. XXX) ontving ik uw adres.

Misschien kunt u reageren op mijn vraag.

Met vriendelijke groeten,
==================================================
Verzonden: zondag 2 november 2008 12:14
Aan:
Onderwerp: Piranesi

Geachte heer,

Met bewondering heb ik zitten kijken naar de digitale facsimile’s
op de website
http://www.let.leidenuniv.nl/Dutch/Renaissance/Ursicula.html.

Ik werd daar naar toe getrokken door een zinsnede
in Twee vrouwen van Harry Mulisch.

Mulisch noemt daar de Carceri van Piranesi (pag 73)
en ik ging daarom op het internet op zoek naar afbeeldingen.

Vanuit de Engelstalige Wikipedia-pagina
(http://en.wikipedia.org/wiki/Giovanni_Battista_Piranesi)
kwam ik onder andere op de site terecht waarop u
een aantal van de Carceri heeft opgenomen.

De tekst van Wikipedia geeft aan dat er verschillen zitten
tussen de verschillende staten van de afdrukken:

The series was started in 1745.
The first state prints were published in 1750
and consisted of 14 etchings,
untitled and unnumbered, with a sketch-like look.
The original prints were 16x9d x 21x9d.
For the second publishing in 1761,
all the etchings were reworked and numbered I – XVI (1-16).

Numbers II and V were new etchings to the series.

Numbers I through IX were all done in portrait format
(taller than they are wide),
while X to XVI were landscape (wider than they are high).

Met behulp van bronnen als de web site
van het Fine Arts Museum of San Franscisco
kom ik tot de volgende indeling van de afbeeldingen op uw web site

xa0Wikipedia benaming xa0File namen van uw web site
Ixa0 – Title Plate xa0PiranesiCarceri01
II – The Man on the Rack —
III – The Round Tower xa0PiranesiCarceri02
IV – The Grand Piazza xa0PiranesiCarceri05
V – The Lion Bas-Reliefs xa0–
VI – The Smoking Fire xa0PiranesiCarceri03
VII – The Drawbridge xa0PiranesiCarceri06
VIII – The Staircase with Trophies xa0PiranesiCarceri04
IX – The Giant Wheel xa0PiranesiCarceri07
X – Prisoners on a Projecting Platform xa0PiranesiCarceri12
XI – The Arch with a Shell Ornament xa0PiranesiCarceri08
XII – The Sawhorse xa0PiranesiCarceri10
XIII – The Well xa0PiranesiCarceri13
XIV – The Gothic Arch xa0PiranesiCarceri14
XV – The Pier with a Lamp xa0PiranesiCarceri09
XVI – The Pier with Chains xa0PiranesiCarceri11

 


En daarop is vandaag de volgende reactie gekomen:

Geachte Heer,

Veel dank voor uw kritische opmerking over I Carceri.

Ik heb vandaag in de KB een reprint van Piranesi
naast de afbeeldingen in Ursicula gelegd,
en gezien dat u gelijkt hebt met uw opmerking
over de volgorde en de volledigheid:
die wijkt af van wat in de boeken staat.
Het Haagse exemplaar is een uitgave van Prisons van Huxley,
dus ook voor wat het waard is.
Er staan prenten in die niet in Ursicula staan en andersom.
De lijst die u op grond van Wikipedia opstelde is weer anders.

Kortom, het is een probleem.
Ik weet niet welk exemplaar gefotografeerd is,
ik zal dat proberen te achterhalen.
Dan kunnen we kijken of de foto’s volledig zijn
en in de goede volgorde staan.

Ik houd u op de hoogte.
Met hartelijke groet,

Kunstroute Princenhage 2008

Behoorlijk wat bezoekers op een verder trieste zondag,
hadden de deelnemers van de Kunstroute vandaag.
De zondag begon met zon maar aan mijn foto’s
is goed te zien dat de herfst op volle kracht doorzet.

De tocht begon in het Princenhaags museum.
Achtereenvolgens heb ik de volgende adressen bezocht:

Galerie LIE, Haagweg 356
Gusta van Oosterhout.

Graspol met zaaddoos.

Labbonen.

Zaaddoos TB2.

Bloemzaad AB, Aardewerk.

Zaaddoos GZ, aardewerk.

Zaaddoos SM, aardewerk.


Lanne Verheijen.

Henny Adank.
Zijn werk met kleurpotloden was al eens eerder op mijn web log te zien.

Indiase stoffen, 2006.

Anneke Brouwer.

Nieuwsgierig.

Onrust.

Harry Mulisch – Twee Vrouwen – Piranesi

 

Waar toen een lange tafel had gestaan met grote vellen papier erop, etsen misschien, de Carceri van Piranesi stel ik voor, stonden nu vitrines met illustratiemateriaal over de techniek van het icoonschilderen: penselen, verf, hout, beitels, lijm, krijt, bladgoud, hars.

Twee vrouwen, pagina 73.

Nog meer kunstgeschiedenis: Giovanni Battista Piranesi en de Carceri (gevangenissen).

Wikipedia:

Giovanni Battista Piranesi (1720-1778) was een Italiaans graficus die bekend werd door zijn stadsgezichten van Rome, gravures en etsen van kerkers. Hij hield zich ook bezig met archeologie. Hij was bovendien ook werkzaam als architect, ontwerper en auteur. Zijn etsen, in het bijzonder zijn topografische etsen, vormen een hoogtepunt in de kunstgeschiedenis. Zijn unieke visie gaf een nieuwe kijk op de kunst en de technologie van het antieke Rome. Zijn architecturale ontwerpen, hoewel er slechts weinig ook uitgevoerd werden, hadden een merkbare invloed op het Neoclassicisme in Europa. Hij heeft zijn verbeeldingsvolle interpretatie van de Romeinse cultuur weergegeven in een reeks invloedrijke geschriften, die zowel schrijvers en dichters als artiesten en ontwerpers hebben beinvloed. Het werk “Invenzioni capric(ciose) di Carceri (eerste editie rond 1749-1750) met zestien etsen werd zijn meest gekende publicatie. Hierin gebruikte hij een techniek en voorstellingen uit zijn verbeelding zonder weerga als een reeks briljante improvisaties op uitbeeldingen van een kerker.

De etsen waarover hier gesproken wordt zijn een prachtige verzameling
fantastische ruimtes, niet allemaal kerkers.
Kunstenaars als Escher moeten in hoge mate door hem beinvloed zijn.
Zijn stadsgezichten zijn trouwens ook prachtig.
Grappig is te lezen dat Piranesi in de toeristenindustrie werkte.
Hij opende een winkel in Rome om afdrukken van zijn etsen te verkopen.
Aan toeristen, vooral Engelsen en Fransen.
Zoals later mensen prentbriefkaarten en andere souveniers verkopen.

Van de carceri zijn meerdere ‘staten’.
Als een ets gemaakt wordt kan de kunstenaar besluiten
om op een bepaald moment van de plaat een afdruk te maken.
Dat is een staat.
Als de afdruk niet bevalt kan er verder worden gewerkt aan de plaat
om later weer een afdruk te maken. De tweede staat.
In het geval van Piranesi is de eerste staat de eerste publicatie van de etsen.
Jaren later zijn nieuwere versies uitgebracht met enkele nieuwe etsen
en sommige etsen zijn verder bewerkt.

Op het web is bijvoorbeeld een hele mooie serie te zien van de eerste staat.
Van de Universiteit van Leiden, 14 afdrukken.
Hieronder een overzicht van de Carceri volgens de benaming
(in werkelijkheid hebben de etsen geen naam meegekregen van Piranesi)
zoals ik die aantrof op de Engelstalige Wikipedia site.
Afbeelding 2 en 5 zijn dus van een latere staat.

I- Titelplaat .


II – De man op het marteltuig.

Ik ben niet zeker van de vertaling van de titel.
Deze plaat is uit een latere staat.
In de eerste staat komt deze prent niet voor.
De latere staten lijken mij steeds drukker en overdadiger te worden.
Maar als ik naar het volgend detail kijk,
lijkt het wel of er iemand op een marteltuig
uit elkaar getrokken wordt:


III – De ronde toren.


IV – Het grote plein.


V – De leeuw, relief.


VI xa0-Het rokende vuur.


VII – De ophaalbrug .


VIII – De trap met trofeeen.


IX – Het gigantische wiel.


X – Gevangenen op een platform.


XI – De boog met schelpenornament.


XII – De zaagbok.


XIII – De waterput.


XIV – De gotische boog.


XV – De pier met een lamp.


XVI – De pier met kettingen.


Dat er een grote beinvloeding is geweest naar andere kunstenaars lijkt me duidelijk.
Wat te denken van het volgende werk:

M.C. Escher, Relativity, 1953.

Of wat te denken van het volgende detail:

Detail: X – Gevangenen op een platform.

En dan dit:

Detail: Nationaal monument op de Dam.

Kunstvaria

Verhoudingsgewijs veel keizers vandaag.
Maar ook weer heel verrassend werk:



Alexander Calder, Prima Donna: Woman with bow and horse from circus, 1926-1931.


Een jeugdwerk van Calder.
Nog nooit zo iets van hem gezien.
Heel verrassend, zeker als je zijn latere, beroemde werk ziet.





Borstbeeld van Julius Caesar, eerste eeuw voor Christus.






Borstbeeld van Augustus, Grieks marmer.






Eduard van der Meer, Polderlandschap met smeltende sneeuw, 1888.


Nederlandse (?) kunstenaars hebben bij altijd een streepje voor.
Geen grote streep, maar toch.
Op het web kan ik niets vinden over deze schilder.





George Tooker, Bird watchers, 1948.


Amerikaanse, magisch-realistische schilder.
Het werk zit een beetje tussen Hopper en Botero.
De Techniek van Botero, de vervreemdende werling van Hopper.





Irving Penn, Woman in Moroccan palace (Lisa Fonssagrives-Penn, Marrakech, 1951.






Jacob de Formentrou, A cabinet of pictures, 1659.


Misschien niet het mooiste voorbeeld van een schilderijenverzameling.
Het is wel een genre op zich.





Nederlandse Arbeidsinspectie, 1900-1950.


Een bijzondere foto die een beeld geeft van hoe mensen in het begin
van de twintigste eeuw werkten in de industrie.
Zeldzaam beeld.





Pieter Bruegel de Oude, De moord op de onnozele kinderen, 1565-1567.





Kunstvaria

k liep erg achter.
Dus even een inhaalslag.
Het verzetten van de tijd geeft me een uur meer dan normaal.
Misschien is dat net genoeg.

Weer heel mooi.
Weer nieuwe ontdekkingen.
Echt prachtig.


Andrea Riccio, The shouting horseman, circa 1510xe2x80x931515.


De roepende ruiter van Andrea Riccio.

Dat zie je niet zo vaak in mijn serie.
Mooie bronzen voorwerpen.
Deze kunstenaar kende ik helemaal niet.
Dus even een korte toelichting inlassen:

Wikipedia:

Andrea Riccio (c. 1470 xe2x80x93 1532)was an Italian sculptor and occasional architect, whose real name was Andrea Briosco, but is usually known by his soubriquet meaning “curly”; he is also known as Il Riccio and Andrea Crispus (“curly” in Latin). He is mainly known for small bronzes, often practical objects such as inkwells, door knockers or fire-dogs, exquisitely sculpted and decorated in a classicising Renaissance style.He was born at Padua, and first trained as a goldsmith by his father, Ambrogio di Cristoforo Briosco. He later began to study bronze casting under Bartolomeo Bellano, a pupil of Donatello. As an architect, he is known for the church of Santa Giustina in his native city. His masterpieces are the bronze Paschal candelabrum in the choir in Basilica of Sant’Antonio at Padua (1515), and the two bronze reliefs (1507) of David dancing before the Ark and Judith and Holofernes in the same church. His bronze and marble tomb of the physician Girolamo della Torre in San Fermo at Verona was beautifully decorated with reliefs, which were taken away by the French and are now in the Louvre. His smaller, easily transportable, works appealed to collectors across Europe.


Samenvatting en vertaling:
Riccio was een Italiaanse beeldhouwer en soms ook architect.
Zijn echte naam was Briosce,
maar meestal wordt hij genoemd bij zijn bijnaam ‘krullenbos’.
Hij is met name bekend van zijn kleine bronzen voorwerpen.
Vaak praktische objecten zoals inktpotten of deurkloppers.
Geboren in Padua is hij opgeleid tot goudsmid.
Pas later leerde hij brons gieten.
Zijn meesterwerk is een grote bronzen kandelaar in het koor
van de Basiliek van St. Antonius in Padua.
Veel van zijn werk is in prive collecties.





Andrea Riccio, Satyr, 1506xe2x80x931508.






Carleton Watkins, Cape Horn, Columbia River, Oregon, 1867.


In tijd een enorme sprong.
Van de Italiaanse Hoog-Renaissance naar de pioniers van de fotografie.
Naar het echte Wilde Westen!





Cildo Meireles, Meshes of freedom I, 1976.


Cildo Meireles is een Braziliaanse kunstenaar.
‘Meshes’ is het Engelse woord voor gaas in de betekenis bijvoorbeeld van
kippegaas of een vliegenhor.
Dus een plat voorwerp dat de bedoeling heeft bepaalde zaken buiten te houden.
Dat in verbang brengen met ‘de vrijheid’ op de manier
zoals hierboven te zien, vind ik bijzonder (mooi).

wikepedia:

A mesh is a flat, semi-permeable barrier made of connected strands of metal, fiber, or other flexible/ductile material. Mesh is similar to web or net in that it has many attached or woven strands





Claus Mroczynski, White House, Canyon de Chelly, circa 1998-2000.


Het Witte Huis is meestal de naam voor de woning van de Amerikaanse president.
Maar het is ook de naam van deze ruine in het National Monument Arizona.
Op een moeilijk toegankelijke plaats hadden de indianen
een leefgemeenschap.
De ruine zijn de resten daarvan.
Terug naar het Wilde Westen!





Emilio Sxc3xa1nchez, Untitled: Casita Doble, 1980.


Prachtig olieverf werk.





Giovanni Battista Tiepolo, The flight into Egypt, 1750-1760.


Dit onderwerp komen we vandaag nog een keer tegen.





Joan Mirxc3xb3, Woman in the night, 1945.






Josef Koudelka, Invasion 68: Prague.


Praag 1968: Russische tanks op straat.
Leg dan nog maar eens de relatie naar: Cildo Meireles, Meshes of freedom I.





Lorenzo Lotto, Portrait of Giovanni della Volta and his wife and children, 1547.


Portret van Giovanni della Volta met zijn vrouw en kinderen.





Norman Lewis, Untitled, 1960-1964.






Paul Cxc3xa9zanne, L’Estaque, Vue du Golfe de Marseille, 1878-1879.


Je zou zo naar Frankrijk willen.
Alleen spreken ze daar Frans.





Peter Zimmermann, Ambien, 2006.






Rembrandt, Samson and Delilah, 1636.


Twee prachtige en heel verschillende werken van Rembrandt.
Dankzij een grote tentoonstelling over hem in Madrid,





Rembrandt, The rest on the flight into Egypt, 1647.


Rustplaats tijdens de vlucht naar Egypte.
Waar hebben we dat eerder gezien?