Rembrandt in California

Ik kwam een web site tegen die alle werken (lees schilderijen) toont
die van de schilder Rembrandt van Rijn in Californiƫ te zien zijn
in openbare collecties.
En dat zijn er heel wat.
14 om precies te zijn.
Dat is een mooie gelegenheid om die 14 eens op een rijtje te zetten.
Zijn ze allemaal van Rembrandt?
Dat weet ik niet, de laatste jaren is daar nogal wat over te doen geweest.
In het algemeen, niet specifiek over deze 14.
Er is een web site die van deze onenigheid
een heel goed beeld geeft:
Rembrandt site van de Universiteit van Amsterdam
Maar laat maar eens weten welke je niet van Rembrandt vindt
en waarom dan wel niet.


1630: Rembrandt, The raising of Lazarus.

Jezus wekt Lazarus op uit de doden.



1630-1631: Rembrandt, An old man in military costume.

Een oude man in militair uniform.



1632: Rembrandt, Portrait af a girl wearing a gold-trimmed cloak.

Portret van een vrouw in een met goud afgezette mantel.



1632: Rembrandt, Portrait of Marten Looten.

Portret van Marten Looten.
Wie is dat eigenlijk?
Hij moet wel belangrijk zijn geweest.
Vondel schreef een gedicht voor zijn huwelijk:


Hij schijnt een rijke koopman te zijn geweest die aan de Keizersgracht zijn huis had.
Hoe kom je er nou achter dat dit Marten Looten is?
Goed kijken naar de details van dit portret:
want wat staat er op de brief?



1632: Rembrandt, The abduction of Europe.

De ontvoering van Europa.



1633: Rembrandt, Daniel and Cyrus before the idol Bel.

Daniel en Cyrus voor het afgodsbeeld Baal.



1633: Rembrandt, Portrait of a bearded man in a wide-brimmed hat, possibly Pieter Sijen.

Portret van een man met baard en een hoed met brede rand,
misschien Pieter Sijen.
En wie is dat dan wel, zou je haast denken.
Er is een web site: kroniek van het Rembrandthuis waaronder andere het volgende stukje in voor komt:

In 1703 stelde de lakenkoopman en ondernemer Pieter Sijen te Gouda een inventaris op van de goederen die hij op dat moment bezat. De rijke boedel bevatte ongeveer 25 schilderijen waaronder worden genoemd ‘twee portretten van voorouders van Sijen geschilderd door Rembrandt’.

De web site kan men hier vinden: Kroniek van het Rembrandthuis



1634: Rembrandt, Portrait of Dirck Jansz. Presser.

Dirck Jansz. Presser schijnt de zoon te zijn geweest van een Rotterdamse brouwer.
Die brouwer heette Jan Dammaszn. Pesser
(informatie van The National Gallery, London)
Zijn vrouw en zijn moeder zijn ook door Rembrandt geschilderd.



1638-1639: Rembrandt, Self portrait.



1639: Rembrandt, Portait of a man holding a black hat.

xa0Portret van een man die een zwarte hoed vast houdt.



1645-1650: Rembrandt, Portrait of a boy.

xa0Portret van een jongen.



1657: Rembrandt, Saint Bartholomew.



1661: Rembrandt, Saint Bartholomew.



1662-1665: Rembrandt, Juno.


Breda's Museum

En als je denkt dat het tijd wordt voor een nieuw behangetje,
dan moet je toch het volgende eens bekijken.
Misschien is het een alternatief voor het recht toe recht aan behang
van Gamma, Praxis enz.

Als mijn geheugen me niet in de steek gelaten heeft
kwam het eerste voorbeeld uit de Catharinastraat 18 in Breda.





Breda's Museum

Er was nog meer moois te zien in het Breda’s Museum.
Het was gisterochtend erg rustig en hadden alle tijd
om naar de volgende reeks schilderijen te kijken.
Ze waren bedoeld voor het plezier en vermaak van de eigenaars.
Ze zijn prachtig natuurgetrouw geschilderd.
Een lust voor het oog en dat was nou net de bedoeling.


Jan Hendrik Frederiks, 1799.









Ik was meteen helemaal weg van de vissekom.
Alleen de goudvissen zaten niet helemaal stil en daarom is de foto bewogen.



Petrus van Schendel


Petrus van Schendel, Jaarmarkt op de Grote Markt te Breda (detail).

Een kleine toevoeging bij uw kanttekening ten aanzien
van het schilderij uit 1863, met de jaarmarkt van Breda als onderwerp.
Het type muts dat de vrouw draagt is kenmerkend
voor de klederdracht die destijd in de Baronie van Breda gedragen werd
en de Tiroler klederdracht is niet iets
dat door een inwoner van Breda is aangetrokken ter opluistering van de jaarmarkt
of gewoon door de kunstenaar verzonnen is,
maar daadwerkelijk een Zuid-Tiroler of Italiaan,
die destijds deel uitmaakte van vele jaarmarkten
en kermissen en daar met fluitmuziek een boterham trachte te verdienen.
Deze ‘pfifferari’ – van oorsprong herders – zoals ze genoemd werden,
werden door veel kunstenaars uit die tijd uitgekozen
door hun opvallende en kleurrijke klederdracht.
Van Schendel maakte van een dergelijke Pfifferaro nog apart een schilderij,
dat nog niet zo lang geleden bij Christie’s in Amsterdam
(veiling 26-10-2004, lot 167) onder de hamer kwam.
Van Schendel beschouwde zich bovenal als een kunstenaar
die de werkelijkheid natuurgetrouw diende af te beelden
en met zijn jaarmarkt deed hij dat ook.

Voor de mensen die zich afvragen waar deze wijsheid vandaan komt.
Vorige week reageerde Dhr. J. De Meere op mijn web log.
Hij is een expert op het gebied van Petrus van Schendel.
Zijn naam kom ik bijvoorbeeld ook tegen op de web site van veilinghuis Christie’s
in Amsterdam als ik op zoek ga naar het schilderij dat genoemd wordt.


Petrus van Schendel, The young flageolet player.

Lot Notes
In Rome young flageolet players, called Pifferari, used to come to town from the Campagna Romana in the month of December to play Christmas tunes in order to earn some money. To visitors from the Northern countries it was a delightful and unusal sight (see: M. Roding et al., De blijvende verlokking, Kunstenaars uit de Lage Landen in Italxc3xafe, 1806-1940, Rotterdam 2003, p. 95). Although it is not known if Van Schendel actually visited Rome, the young shepherds inspired him to at least two paintings, of which the present lot is a fine example.

We wish to thank Jan de Meere for his kind assistance in cataloguing this lot.




In het Nederlands staat hier:
In Rome kwamen jonge flageolet spelers,
die ook wel Pifferari werden genoemd,
in december naar de stad om met het spelen
van kerstliedjes geld te verdienen.
Normaal leefden ze op de Campagna Romana,
het laagland gebied in de buurt van Rome.
Voor bezoekers uit Noord Europa was het een prachtig
en ongewoon gezicht.
Het is niet bekend of Van Schendel zelf Rome bezocht,
maar de jonge herders (want dat was hun reguliere beroep)
inspireerde hem ten minste tot twee schilderijen,
waarvan het huidige lot een mooi voorbeeld is.

Dhr. Jan de Meere wordt bedankt voor zijn hulp
bij het catalogiseren van het werk.


Petrus van Schendel, The young flageolet player.

Petrus van Schendel





Vanochtend ben ik gaan kijken naar Restauratie op zaal.
Een aanwinst van formaat van Petrus van Schendel.

In het Breda’s Museum is te zien hoe een groot werk van de Brabantse schilder
Petrus van Schendel, wordt gerestaureerd.
Lange tijd was er een kleiner schilderij bekend
dat bijna hetzelfde thema heeft:
De aanbidding der Herders.
Door dit schilderij wist men dat er een nog veel groter werkstuk
moest zijn dat ook een ‘Kersttafereel’ voorstelde.
Enige tijd geleden werd dit herontdekt in een kerk in Elsene (Brussl).
Het schilderij stond daar in een doopkapel.
Het schilderij was niet voor de ruimte gemaakt
maar kon er met moeite staan.
Het is namelijk 4,38 meter hoog en 3,3 meter breed.
Het werk heet “De geboorte van Christus”.
De foto’s van vanochtend, van de restauratie en de andere Van Schendels
die dit museum heeft vindt u hier.
Als tekst treft u een soort toespraak aan van naar ik aanneem de restaurateur.
De tekst was er te lezen en ik neem die hier over.
De foto’s zijn niet zo mooi als ik gehoopt had.
Er was veel kunstlicht waar ik geen invloed op had.
Maar het geeft toch wel een beeld.





Petrus van Schendel, De aanbidding der herders.


Soort zusje van het grote schilderij.
Overgenomen van een kaart.





Petrus van Schendel, De geboorte van Christus.














Dit kleinere deel van het schilderij is een stilleven op zich.
Brood en wild in een maand. Als cadeau?





Petrus van Schendel, De geboorte van Christus, detail..














Hier op dit deel van het schilderij zat een van de grotere beschadigingen.
Op de poster van de tentoonstelling is het gat te zien.














Breda, Bredaxe2x80x99s Museum, 26 oktober 2008.

De restauratie van een schilderij met het formaat van
De geboorte van Christus van Petrus van Schendel,
zoxe2x80x99n 4 x 3 meter vergt een speciale aanpak,
ik zal proberen in het kort iets te vertellen over de werkwijze
die we hier gevolgd hebben.
Bij de eerste inspectie van het schilderij in Brussel Elsene
werd vastgesteld dat de schade en vervuiling van het schilderij
omvangrijk waren;
scheuren, gaten en deformaties in het schilderslinnen.
Toch ondanks deze kwetsuren maakte het grote doek
geen volledig verzwakte indruk,
de schilder had indertijd voor topkwaliteit linnen gekozen.





De restaurateur John Post aan het werk.






De constructie die gebruikt is voor het vervoer van Brussel naar Breda.








Na het overwinnen van de transportproblemen met het schilderij:
de ingewikkelde methode om in de Heilige Kruiskerk te Elsene
het schilderij van de muur neer te laten,
de demontage van de vergulde lijst, het losmaken
van het beschilderde linnen van het spieraam
en de eerste schoonmaak van met name de achterzijde van het schilderij
waar zich uiteraard veel stof en gruis had verzameld konden we;
d.w.z. een team van transporteur Hiskia van Kralingen en ikzelf
het doek op een enorme houten rol draaien en meenemen naar Breda.
In de grote zaal boven, waar de restauratie plaatsvindt
kunt u dat hele proces bekijken op een doorlopende fotoprojectie.

Intussen was een speciale werkvloer gemaakt in de grote zaal
van het Bredaxe2x80x99s Museum waarover een verrijdbaar plateau
mij de gelegenheid moest bieden het schilderij te behandelen.
Hoewel dat geen gemakkelijke werkhouding oplevert,
was dat de enige mogelijkheid om beschadigingen
zoals scheuren in het midden van het 3 meter brede doek
te kunnen herstellen;
daarvoor is namelijk een gladde harde ondergrond nodig
en beschadigingen zouden niet bereikbaar zijn
als we een enorme tafel met een blad van 3 x 4 meter
op de normale werkhoogte hadden gemaakt.













De restauratie kom op 29 september worden aangevangen
nadat het doek was uitgerold op de werkvloer.
Even terug nu naar het losmaken van het schilderdoek
van het oude spieraam in Brussel Elsene;
daar was direct zichtbaar, dat het schilderij in haar lange bestaan
al meerdere malen was opgespannen en losgemaakt voor een transport.
De verzwakte en ingescheurde opspanranden
waren ter versterking beplakt met stroken linnen,
de lijm die gebruikt was bleek roggemeellijm,
een veelzijdig product, je kon het namelijk ook opeten;
dan heette het roggemeelpap,
misschien heeft iemand hier in de zaal het nog wel eens gegeten?
Deze stroken met de lijm lieten zich makkelijk volledig verwijderen
en boden mij de mogelijkheid om deze procedure
met moderne, verwijderbare ofwel reversibele middelen uit te voeren;
we noemen het aanbrengen van een randversterking nu striplining.

Er is gekozen voor een terughoudende wijze van restaureren,
tegenwoordig algemeen aanvaard;
zoxe2x80x99n 30 jaar geleden zou een dergelijk schilderij bedoekt zijn
met een bijenwas/hars preparaat dat als een hete vloeibare massa
werd uitgesmeerd op de achterzijde van het doek
en daarna met warme strijkijzers opnieuw verhit
en vloeibaar gemaakt om het bedoekingslinnen
aan het oude doek te sealen.
Deze werkwijze wordt nu niet meer gevolgd.
Het betekent een enorme operatie bij een dergelijk formaat schilderij
en er kleven een aantal belangrijke nadelen aan:
de zuren in de was kunnen kleurveranderingen veroorzaken
en de was is nooit meer uit het oude linnen te verwijderen.
Ook wordt het schilderij daardoor 3x zwaarder.













Het aanbrengen van een bedoeking,
ook met moderne reversibele materialen is de uiterste stap
die je als restaurateur doet;
dus alleen als het niet anders meer kan.

Bij deze restauratie is gekozen voor een aanpak
die het minst zou ingrijpen in de oorspronkelijke situatie;
een striplining voor de opspanranden
en het hechten van de scheuren in het linnen
met een speciaal daarvoor ontwikkeld smeltpoeder.
Als scheuren in schilderslinnen zo hersteld worden
is de kans op vervormingen later het kleinst.
Een groot gat in het doek, ongeveer 10 x 10 cm.
moest worden opgevuld met nieuw linnen,
dat op gelijkaardige wijze, namelijk met smeltpeder
gehecht werd aan de randen van het oude linnen.
Al deze handelingen:
het grondig schoonmaken van de achterzijde van het doek,
het voorbereiden en aanbrengen van de striplining,
het hechten van de scheuren
en het monteren van nieuw linnen in het gat werden uitgevoerd
terwijl het schilderij met de beeldzijde op de werkvloer lag.

Het moment van omdraaien van het schilderij was bijna aangebroken
en daarmee de vraag hoe je zoxe2x80x99n formaat doek
eigenlijk op de veiligste manier omdraait.
Gekozen werd voor het opspannen van het schilderij
op een tijdelijk spanraam en het omkeren in xc3xa9xc3xa9n,
zo mogelijk vloeiende beweging met een aantal mensen uit te voeren.
Op 13 oktober 2008 was het grote moment daar.
Alles verliep probleemloos en na het losmaken van het spanraam
kon ik eindelijk de grote schoonmaak beginnen,
een schoonmaak waar ik nog altijd mee bezig ben.
Dat schoonmaken begint met een aantal proefstukjes
om de aard van de vervuiling vast te stellen
en de juiste schoonmaakmiddelen uit te testen.
U moet hierbij denken aan zachte loogvrije zeep,
terpentijn, alcohol en aceton.





Petrus van Schendel, Portret van Geertruy van Schendel-Brocx.






Petrus van Schendel, De aanbidding der herders.






Petrus van Schendel, Jaarmarkt op de Grote Markt te Breda, 1863..






Petrus van Schendel, Jaarmarkt op de Grote Markt te Breda (detail).


Ik begrijp dat de muts van de vrouw en de Tiroler outfit van de man
typisch waren voor die tijd.





Petrus van Schendel, Schipbreuk op de rotsen, circa 1835.


Op het begeleidend schrijven viel te lezen:
Deze romantische voorstelling van een schipbreuk
is een vroeg werk van Van Schendel.
Hij schilderde de zee in volle heftigheid.
Exc3xa9n opvarende zoekt redding door zich vast te klampen
aan de afgebroken mast, een ander bidt om redding.





Petrus van Schendel, Schipbreuk op de rotsen (detail).






Petrus van Schendel, Zelfportret..






Petrus van Schendel, Zelfportret, 1869.


Op het begeleidend schrijven viel te lezen:
Een jaar voor zijn dood schilderde Van Schendel
dit statige zelfportret.
Zijn linkerarm ligt opvallend naast een stapeltje boeken.
Hij portretteert zich hier als schrijver en wetenschapper.





Petrus van Schendel, De vloek van Cain.









Petrus van Schendel, De aanbidding der herders (detail).





Kunstvaria

Alfred Sisley, Bridge at Hampton Court, 1874.


Alfred Sisley, Under the bridge at Hampton Court, 1874.

Dezelfde brug, een keer van opzij en een keer van onder.


Arnaldo Roche, I found him first (I’m a ghost in the theater of the subconscious), 2002.

Ik vond hem eerst (Ik ben de geest in het theater van het onderbewustzijn).
Moeilijke titel.
Maar wat vond hij dan?
Hij vond Vincent van Gogh.
Kijk maar eens goed, links op het schilderij.
Ik heb het hoofd er een beetje uitgelicht en een slag gedraaid.
Dan krijg je het volgende resultaat.

Vergelijk dat nu eens met bijvoorbeeld het volgende zelfportret
van Vincent van Gogh dat is gemaakt in 1887.


Carol Beckwith / Angela Fisher, Maasai bride, Kenya, 1995.


Claude Monet, Seine at Giverny (L’Ile aux Orties), 1897.


Eva Hild, Billow 2, 2007.


Francisco de Zurbaran, Agnus Dei, 1636 – 1640.

We gaan langzamerhand naar de Kerstdagen toe.
Dus zie je steeds meer religieuze afbeeldingen.
Al hoort dit Lam Gods meer bij Pasen.


Frank Stella, Uzlany II, 1973.

Een belangrijk werk in het oeuvre van Stella.
Hij gaat van twee naar driementionaal.
De titel verwijst naar een synagoge die door de Duitsers is verwoest in Polen.


Kees van Dongen, The wrestlers or Tabarin wrestlers, 1907 – 1908.


Miquel Barcelo, Ceiling human rights room, Geneva, 2008.

Dit is een zaal in Geneve, de zogenaamde Mensenrechten-zaal.
Het plafond is gemaakt door Miquel Barcelo.
De volgende foto toont het productieproces in actie. Spectaculair.


Morigami Jin, Reclining II, 2004.

Oude techniek, oud materiaal, moderne kunst.
Mandenvlechten met bamboe.


Mush-hushshu Dragon from Ishtar Gate, Babylon, 6th century BC.

Ik heb deze werken een keer in het echt gezien in Berlijn.
Heel indrukwekkend.
Ze komen uit het oude Babylon, het huidige Irak.
Zesde eeuw voor Christus, de Ishtar Poort.

Processional way, Striding lion, Babylon, 6th century BC.

Wandelende leeuw.


Olafur Eliasson.

Helaas alleen de naam van de kunstenaar.
Geen naam van het werk of jaartal.


Pieter Jansz. Saenredam, View of the choir of the Sint-Mariakerk in Utrecht, 1662.

Bij Saenredam weten we haast altijd en heel precies wat de afbeelding voorstelt:
Gezicht op het koor van de Sint Mariakerk in Utrecht.


Roy Lichtenstein, Interior with red wall..


Salomone de’ Grassi, The Trinity.

De drie-eenheid, eerste helft van de 15e eeuw.
Mooie engeltjes.


Seated musician, Qin dynasty, 221-206 BC, terracotta.

Zittende muzikant, terracota uit China.


Sebastiao Salgado, Workers emerging from a coal mine, Dhanbad, Bihar, India, 1989.

Arbeiders komen tevoorschijn uit een kolenmijn in de staat Bihar in India.


Stephen Dupont, Searching for weapons (in Afghanistan), 2005.

De titel van deze foto is: zoeken naar wapens.
Dat overleg in Uruzgan met de Amerikanen kan moeilijk worden.


Susan Hiller, The J-Street Project, 2002-2005.

In het kader van dit project heeft de fotograaf geprobeerd
alle straten in Duitsland waar het woord ‘Juden’ (Joden) in voorkomt
te fotograferen. Hier gaat het om een straat in Coburg: Judenberg.


William Holman Hunt, The triumph of the innocents, 1883 – 1884.

De overwinning van de onschuldigen.
Bijzondere titel want je ziet hier de vlucht naar Egypte, Maria, Jozef en Christus
en een groot aantal kinderen die kort erna vermoord worden.


William Wendt, The silent summer sea, 1915.


Yoko Ono, Sky ladder, 2008.


 

Petrus van Schendel

Gisteravond kreeg ik nog een aanvulling op de informatie
en foto van “De geboorte van Christus” van Petrus van Schendel.
Voor alle duidelijkheid plaats ik hier de foto nogmaals:


Petrus van Schendel: De geboorte van Christus, 1858. PS. Voor de volledigheid: op de foto ziet u restaurator John Post op de ladder en de directeur van het Breda’s Museum, Jeroen Grosfeld, die de centimeter aan de onderzijde vasthoudt.


Hartelijk dank aan de maker van deze foto die ook de aanvullende toelichting gaf.
Ik ga morgen met veel plezier kijken in het Breda’s museum
en hoop naar aanleiding van dat bezoek hier nog meer foto’s
te kunnen laten zien van het schilderij en de restauratie.

Petrus van Schendel

Terrecht werd ik er vandaag op gewezen
dat ik een verkeerd schilderij heb opgenomen
in mijn verhaal van 17 november jl.
Ik heb het inmiddels verbeterd en laat hier de e-mail zien
die ik vandaag ontving.

Ik wil de afzender hartelijk bedanken!

L.S.,

in uw bericht van 17 november plaatste u helaas de verkeerde foto bij het bericht over de restauratie van ‘De geboorte van Christus’, van Petrus van Schendel (1806-1870), het schilderij dat thans gerestaureerd wordt in het Breda’s Museum. Uw foto stelt de ‘Aanbidding van de herders’ voor, een schilderij dat Petrus van Schendel ca. 1849 schilderde en deel uitmaakt van de collectie van het Breda’s Museum. ‘De geboorte van Christus’ is een groot schilderij (ca. 4 x 3 meter), zoals u op de foto kunt zien, en dateert van 1858. De foto is genomen in de voormalige doopkapel van de Heilige Kruiskerk te Elsene (Brussel), kort voor het moment dat het in langdurige bruikleen naar het Breda’s museum vertrok om daar een dringende restauratie te ondergaan. De gaten zijn inmiddels gerestaureerd en het schoonmaak- en retoucheerproces is bijna voltooid. Tot 12 december kan het publiek in het museum nog de laatste restauratieactiviteiten, verricht door John Post, volgen. Van harte aanbevolen.Met vriendelijke groeten,



De schilderij dat ik per ongeluk verkeerd gebruikte
is inmiddels toegevoegd aan het bericht van 18 november.
Het zou jammer zijn als dat nu niet te zien was.

Paleis van de grootmeester

Het bezoek aan het “Paleis van de Grootmeester” in Rhodos-stad
was een heel spectaculaire opening
voor een mooie, warme en vermoeiende dag.
een beetje veel foto’s, maar ja je kent me.
Het paleis is eigenlijk het hoofdkwarties van de ridderorde van Rhodos.
De Johannieter-orde.
Een groep kruisridders die ook wel hospitaalridders werden genoemd.
Hun verblijf op Rhodos begon omdat ze uit Palestina werden verdreven.
Ze werden in 1522 uit Rhodos verdreven
en bleven daarna nog lang actief op Malta.
In de hooftij dagen van de orde waren ze een staat in een staat.
Ze bezaten land en heerste daar.

Het gebouw is pas in 1940 voltooid door de Italianen.
Ze hadden toen Rhodos bezet.
Het gebouw is imposant en van binnen prachtig.
Veel van de kamers en zalen hebben mozaieken op de vloer.
Vaak afkomstig uit Kos.
Opgegraven en gerestaureerd door de Italianen.
Kijk en geniet mee.

Toegangskaartje.


Binnenplaats.


Wapen van de orde (?).


De trap zet de toon.




















Kopie van de Laocoon-groep.

Wikipedia:
De Laocoongroep, ook wel Laocoon en zijn zoons genoemd,
is een monumentaal beeldhouwwerk,
waarschijnlijk tussen 40 v.Chr. en 20 v.Chr. gemaakt op het eiland Rodos.
Volgens de Romeinse schrijver Plinius is het gebeeldhouwd
door Agesandros en zijn zoons Athenedoros en Polydoros.

De Laocoongroep staat in de Vaticaanse musea in Vaticaanstad in Rome.

De Laocoongroep is een van de beroemdste beeldengroepen
uit de Oud-Griekse beeldhouwkunst.
Het beeld stelt de Trojaanse priester en ziener Laocoon met zijn twee zoons,
Thymbraeus en Antiphantes, voor.
Het beeld is geplaatst op een binnenplaats
in de Vaticaanse musea in Rome.
Let vooral op de details (Hellenistisch):
de gezichtsuitdrukkingen zijn goed nagebootst.

Het verhaal achter deze afbeelding is dat de Trojaanse priester Laocoon
de Trojanen wilde waarschuwen om het paard van Troje niet binnen te halen.
Volgens de overlevering werden de priester en zijn zoons
vervolgens gewurgd door slangen van Poseidon.
Uitgebeeld wordt het moment waarop de Laocoon en zijn zoons gewurgd worden
door twee slangen die gestuurd zijn door Poseidon (of Pallas Athena).


Nog meer slangen, nu uit het hoofd van Medusa.

Mozaiek met afbeelding van het hoofd van Medusa.
Uit Romeins gebouw op Kos.
Linkerzijde is nieuw.



Vroeg Byzantijns.
Afkomstig uit de Basiliek van Johannes op Kos.
Tweede helft van de vijfde eeuw na Christus.


Mozaiek uit twee delen.
De rand is afkomstig van Rhodos.
Het thema in het midden is uit Kos, derde eeuw na Christus.

De rand.

Het hele mozaiek.


Mozaiek met een nimf die op een zeepaard rijdt.






In de verte de moskee.



De 9 muzen.







 

Petrus van Schendel

Schendel, Petrus van (1806-1870)

Schilder van kaars, lamp en lichten.

Auteur: W.M.J.I. van Giersbergen
Op 21 april 1806 werd Petrus van Schendel geboren in Terheijden
als zoon van Gijsbertus van Schendel en Geertruida Brox.
Na de dood van zijn vader verhuisde het gezin naar Breda.
In 1830 trouwde Petrus met de Amsterdamse Elizabeth Grasveld.
Uit dit huwelijk werden dertien kinderen geboren.
Elizabeth stierf in 1850 in Brussel.

Petrus hertrouwde in 1851
met de vijftien jaar jongere Amsterdamse Johanna Eyrond.
Uit dit huwelijk werden nog twee kinderen geboren.
Johanna overleed al op 32-jarige leeftijd, twee jaar na haar huwelijk.
Daarop trouwde Van Schendel in 1854
met de Brusselse weduwe Isabelle van Wilder.
Petrus van Schendel stierf op 28 december 1870 in Brussel.

Petrus van Schendel, An evening delight, 1847.

Al vroeg werd Petrus’ tekentalent ontdekt door een gepensioneerd officier
die hem adviseerde een kunstopleiding te volgen.
Vertrouwend op het advies van de officier stuurde de familie
Petrus naar Antwerpen.

Daar genoot hij van 1822 tot 1828 onderwijs
aan de Academie voor Schone Kunsten,
die geleid werd door de historieschilder Matthijs van Bree.
Wilde men als Brabander in het begin van de vorige eeuw
gedegen kunstonderwijs volgen
dan was men genoodzaakt om dit buiten de eigen regio te zoeken.
Gelet op de mentaliteit en de geografische ligging
lag het voor de hand dat Petrus naar Antwerpen vertrok.
Bovendien was het onderwijs er gratis en kon men er
met zowel de Nederlandse als de Franse taal terecht,
dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld Brussel of Luik.
Ook Van Schendels stadgenoten, de schilders Willem Reinhardt Kleyn,
Jacobus Huysmans en zijn zoon Constantinus Huysmans
bezochten de Antwerpse academie.

Petrus keerde in 1828 terug en verbleef afwisselend in Breda,
waar hij introk bij zijn broer Antonius, en in Amsterdam.
Rond 1829 was hij druk bezig een carriere op te bouwen
waarvoor hij contact aanknoopte
met de Haagse kunsthandelaar Johannes Immerzeel.
Het blijkt dat hij toen al heel martktgericht was en zijn werk,
hoe dan ook, van de hand wilde doen.
Wegens voortdurend geldgebrek was hij echter gedwongen
zijn schilderijen ver onder de vraagprijs aan de kunsthandelaar te verkopen.
Maar hij accepteerde niet alles,
want toen Immerzeel opmerkingen maakte over fouten in het perspectief
wees Van Schendel hem terecht met de opmerking
dat hij in 1828 op de academie een gouden medaille
voor doorzichtkunde (perspectief) had ontvangen.
Ondanks de vele compromissen die hij sloot,
bleef hij overtuigd van zijn kwaliteit en voorspelde hij Immerzeel
dat zijn werk in de toekomst veel geld zou opleveren.

En hij kreeg gelijk.
Tussen 1858 en 1872 zou Van Schendel,
samen met onder andere Jozef Israels, Diederik Jamin en Philip Sadxe9e,
tot de best betaalde schilders van Nederland behoren.
Maar Van Schendel verwierf in de vorige eeuw
dan ook nationale en internationale roem als fijnschilder
van kaars- en lamplichttaferelen.
Dit in zijn tijd zeer gewaardeerd genre beoefende hij zijn hele leven.
Ook Johannes Rosierse en Petrus Kiers,
de Bredanaars Wilhelmus Kerremans en Andreas Vermeulen
alsmede de Bosschenaren Jan Hendrik Grootvelt
en Thomas van Leent waren belangrijke vertegenwoordigers
van deze stroming.

Petrus van Schendel, Markt in de avond, Den Haag.

Nocturnes of schilderijen met maan- en kaarslicht
waren een zeventiende-eeuws genre dat in de vorige eeuw
opnieuw tot grote bloei kwam.
In de nocturnes dienden de maan en de sterren als natuurlijke lichtbron.
Een kaars, toorts of olielampje fungeerde als kunstmatige lichtbron.
Van Schendel schilderde ontelbare markt- en straattaferelen bij avond
en zijn productiviteit schijnt ongelooflijk te zijn geweest.
Daarnaast vervaardigde hij ook landschappen, zeegezichten,
binnenhuizen, portretten en ‘gewijde geschiedenis’,
dat wil zeggen religieuze historiestukken,
bijna allemaal met lichteffecten.
Voor hem was het een ‘specialite de la maison’
en in Belgie en Frankrijk werd hij dan ook ‘Monsieur Chandelle’ gexadnoemd.

Ook noviteiten op het gebied van kunstlicht,

zoals de uitvinding van het elektrisch licht,
nam hij in zijn werk op.
Zo exposeerde hij in 1869 zijn ‘Winters feest in de tuin
van de Zoo te Brussel met Bengaals vuur en elektrisch licht’.

Petrus van Schendel, Marktplein bij avond, Rotterdam, 1853.

Om door te dringen tot het kunstcircuit zag Van Schendel
zich genoodzaakt de provincie te verlaten.
Wel onderhield hij contact met Terheijden en met Breda,
de stad waar hij zijn jeugd doorbracht.
Zo exposeerde hij in 1845 en 1863 in Breda.
En aan de parochiekerk van Terheijden schonk hij
het ‘Nachtbezoek van de H. Paulus aan de H. Antonius’.
In 1830 was Petrus definitief uit Brabant vertrokken
en had hij zich in de hoofdstad gevestigd.
Dit verblijf was echter van korte duur want twee jaar later
verhuisde hij naar Rotterdam.
Vanwege de slechte lucht vertrok hij in 1838 naar Den Haag.
Intussen waren uit zijn huwelijk met Elisabeth Grasveld
dertien kindexc2xadren geboren.
En omdat Brussel kennelijk over betere opvoedingsmogelijkheden
beschikte dan Nederland,
vertrok Petrus in 1845 met zijn gezin definitief
naar de Belgische hoofdstad.

Petrus van Schendel, Vismarkt op de Groenmarkt te Den Haag.

Hij had geen betere keus kunnen maken.
Op dat moment had Brussel een internationale uitstraling
en fungeerde de stad als tussenstation voor de Franse kunst naar Nederland.
Van Schendel was commercieel een zeer succesvol artiest
en wist zijn werk zeer goed te verkopen.
Hij nam deel aan vele tentoonstellingen in Nederland,
maar ook in Antwerpen, Brussel, Gent, Parijs en Londen.
Hij ontving daarbij zilveren medailles in Den Haag (1839)
en Brussel (1842) en gouden medailles in Brussel (1845),
Parijs (1844 en 1847) en Manchester (1849).
Zijn schilderijen werden in belangrijke Europese collecties opgenomen
zoals in die van koning Willem II en koning Leopold I van Belgie.

In het begin van zijn loopbaan was de kunstkritiek vol lof
over de lichtweergave en de zorgvuldige, nauwkeurige behandeling.
Maar naarmate zijn kaarslichtwerken veelvuldig
op exposities verschenen en vaker op een maniertje gingen lijken,
waren er ook andere geluiden te horen.
Men bracht veel waardering op voor de kwaliteit van zijn werk,
maar men wilde wel graag enige vernieuwing en inspiratie zien.
De waardering voor Van Schendel bleef,
maar het kaars- en lamplichtgenre raakte
aan het eind van de vorige eeuw uit de mode.
En al op het eind van zijn leven werd Van Schendel
met name door vooruitstrevende critici
als ouderwets beschouwd.
Hij werd immers als een navolger gezien en niet als vernieuwer.
Dergelijke kritiek had echter nauwelijks invloed
op het grote publiek en nog lang na zijn dood
werd zijn werk goed verkocht

Petrus van Schendel, Aanbidding van de herders, circa 1849.

Behalve een gevierd schilder was Van Schendel
ook een bekwaam werktuigkundige en uitvinder.
In 1841 werd hem een koninklijk octrooi verleend
voor zijn uitvinding tot verbetering van de schoepen
bij stoomvaartuigen.
Zijn vinding voorkwam verspilling van energie
en ging het schokken van de vaartuigen tegen
zodat het reizen aangenamer werd.
Al lange tijd lang hadden ingenieurs zich
met dit probleem beziggehouden,
maar Van Schendel was erin geslaagd
een constructie te ontwikkelen die door haar eenvoud
geschikt was om uitgevoerd te worden.
Ook deed hij enkele uitvindingen ten behoeve
van de droogmaking van het Haarlemmermeer.
Daarnaast schreef hij in 1848 een werk
over het ontginnen van heidevelden in de Kempen
onder vermelding dat hij de uitvinder was
van de ‘l’Hxe9lice hydraulique pour irrigation’
en in 1853 over het zijdelings schudden van spoorrijtuigen.

Petrus van Schendel, Zomeravond bij lamp en maanlicht.

Op het gebied van de tekenkunst stelde hij een werk samen
over gelaatsuitdrukkingen waarvoor hij enkele koppen etste.
Bovendien ontwikkelde hij de methode
Nieuwe leerwijze van Doorzichtkunde die hij in 1861
bij J. Hermans in Breda liet uitgeven.
Deze methode was bedoeld voor kunstenaars die zich
in het perspectief wilden bekwamen,
een specialiteit waarin Van Schendel zelf zeer bedreven was.
Petrus van Schendel stierf op 28 december 1870 in Brussel.
In 1881 kwam zijn nalatenschap, waaronder tekeningen,
aquarellen en ruim honderd schilderijen, in Brussel onder de hamer.

Burk Uzzle

De naam zei mij niets maar een van zijn foto’s is wereldberoemd.
En die kende ik wel, het is deze:


Burk Uzzle, Woodstock, 1969.





Burk Uzzle, Red, White and Blue.


Als je in Amerika spreekt over Red, White en Blue dan spreek je meestal
over het symbool voor Amerika: de Amerikaanse vlag.
Hier komen dezelfde kleuren terug (Rood, wit en blauw) maar
je ziet een benzinestation.




Burk Uzzle, Just add water.


Grappige titel: alleen water toevoegen.




Kunstvaria

Paar opvallende foto’s en twee aardgeesten.
En twee maal Chagall.


Adolf Fleischmann, Composition MD.






Anonymous, Chinese Txe2x80x99ang Dynasty, Earth Spirits, 8th – 9th century, ceramic.


Twee Chinese aardgeesten uit de Txe2x80x99ang dynastie
De maker(s) is (/zijn) onbekend.
Datering: tussen de 8e en 9de eeuw na Christus.





Burk Uzzle, Desert Prada, Texas, 2006.


De overvloed van de concumptiemaatschappij ‘op de hak’ genomen?





Clyde Butcher, Snake River.


Deze fotograaf specialiseert zich op het Amerikaanse landschap.
Foto’s altijd in zwart/wit.





Edward Hopper, Ground Swell, 1939.


Amerikaans schilder.
Bekend van stadsgezichten en hotelkamers.
Altijd met een unheimisch gevoel.





Guido Reni, Joseph and Potiphar’s wife, 1630.


Potifar, zijn vrouw en Josef komen voor in allerlei cultuuruitingen.
Het verhaal over de slaaf Josef staat in de Bijbel.
Hier is het moment geschilderd waaop de slaaf Josef de avances
van de vrouw van Potifar afwijst.
Dit zou nog veel drama tot gevolg hebben.
Het is vaak onderwerp voor schilderijen maar ook musicals en films.
Vondel schrijft over hen.





Johannes Vermeer, A lady writing, 1665.


Een foto van dit schilderij zag ik vanochtend ook in het boek
dat is verschenen ter gelegenheid van de tentoonstelling
125 Grote Liefdes.
Dit is een voorbeeld van een werk dat de Nederlandse overheid,
al dan niet met de hulp van rijke particulieren, zich wist laten ontglippen.





Juan Gris, Livre, pipe et verres, 1915.


Stilleven met boek, pijp en glas.





Marc Chagall, Introduction to the Jewish Theater, 1920.






Marc Chagall, The cattle dealer, 1912.


De veehandelaar.





Matthew Pillsbury, Nathan Noland – Mario Kart DS – The Star Cup – Wynn, Las Vegas, Monday July 31th 2006, 0:34 am – 0: 52 am.


Matthew Pillsbury: Jong (1973) Amerikaanse fotograaf,
Nathan Noland: persoon op de foto,
Mario Kart DS: computerspel,
The Star Cup : de prijs in het computerspel,
Wynn: een hotel in Las Vegas,
Monday July 31th 2006, 0:34 am – 0: 52 am: de belichtingstijd van de foto.

Matthew Pillsbury specialiseert zich in het maken van foto’s met
een heel lange belichtingstijd.
Je kunt daardoor ook zonder flitslicht op donkere plaatsen toch foto’s maken.
Bewegende mensen zie je dan nauwelijks omdat die te kort
in beeld zijn behalve als iemand min of meer stil een computerspel speelt
zoals hier het geval is.
‘AM’ staat voor in de ochtend.
Deze foto is gemaakt op 31 juli 2006,
tussen 34 minuten en 52 minuten na twaalf uur (na middernacht).
De totale belichtingstijd was dus 18 minuten.




Spreuk: create, creative, creĆ«ren, creatief


Deze week was ik een een winkel en daar stond een heel goede spreuk op de wand.
Ik heb hem gelijk overgeschreven.
Op een hoekje van de “Allerhande”.
De tekst stond in het Engels, dus ik zal hem ook even moeten vertalen.

Creating is seeing things
from a unique and special reality
and then wanting to give that to someone else.

In mijn vertaling staat er dan:

Creƫren is dingen zien
vanuit een unieke en speciale realiteit
en dat dan aan iemand anders willen geven.

Voor het allemaal te zwevering wordt kun je hier uit concluderen:
de Kunst, of een kunstenaar, of een creatief persoon, laat dingen zien
vanuit een bijzonder gezichtspunt en wil dat delen met andere mensen.

Het mooie aan deze spreuk zit hem niet zozeer in de bijzondere eigenschap
van de kunstenaar (hij die dingen op een speciale manier ziet)
maar in het feit dat hij dat met andere mensen wil delen.

Dat kan natuurlijk alleen maar als het kunstwerk,
al dan niet omringd met toelichting of geplaatst in een oeuvre,
naar de toeschouwer zich kan verklaren.
Dat kan heel rationeel gaan (kubisme) of heel gevoelsmatig (expressionisme).
Voor mij is dit wel een definitie van kunst.
De spreuk schijnt van Paul Frank te zijn, een ontwerper van zonnebrillen.

Kunstvaria



Charles Le Brun, The Seasons: Autumn, 1700-1720.


Weer een prachtige reeks kunstwerken.
Ook in deze editie weer een paar ontdekkingen.
Zoals dit wandtapijt.
Zeer toepasselijk: Herfst.

In deze serie weblogs “Kunstvaria” waarschijnlijk het eerste wandkleed.





Damien Hirst, Afterworld, 2007.


Niet erg populair bij mij maar als je over hedendaagse kunst iets wil zeggen,
of er iets van wilt laten zien, kun je niet om hem heen.
Met echte vlinders ?





Fernand Leger, Smoke over rooftops, 1911.


Retour eigenaar.
Dit door de nazi’s gestolen kunstvoorwerp is na al die jaren
terug naar de eigenaar (of de erfgenamen).





Francisco de Goya, The marquise of Santa Cruz, 1805.


Dat het werk van Goya niet altijd schokt is hier te zien.
‘Fijne’ hofkunst.





Gerhard Richter, Lack hinter glas (905-1, 905-2), 2008.






Giovanni Battista Piranesi, Veduta dellxe2x80x99 anfiteatro flavio ditto Il Colosseo, 1776.


The Colosseum birdxe2x80x99s-eye view: het Colloseum vanuit vogelvlucht.
Meer het ‘toeristische’ werk van Piranesi.
Deze etsen konden in grote getalen worden vermenigvuldigd
en worden verkocht aan de toeristen in Rome.





Giovanni Giacometti, Maternitxc3xa9, 1908.


Een grote en prachtige verrassing.
Kijk eens naar dat schitterende blauw.
Giovanni Giacometti, de vader van Alberto.
We zullen Alberto dadelijk ook nog tegenkomen.
Ik wist dat de familie kunstzinnig was maar van de vader
had ik nog nooit iets gezien.
Heel traditionele opbouw van de compositie.





Jan Lievens, Allegory of the five senses, ongeveer 1622.


Beetje ondeugende allegorie op de vijf zintuigen.





Jeff Koons, Balloon Dog Red, 1994-2000.






Joan Mirxc3xb3, Still life with old shoe, 1937.


Fantastisch, wat moet je er meer van zeggen ?





Joan Mirxc3xb3, The two philosophers, 1936.


Ik vermoed dat dit al eerder hier te zien was.
Maar wat maakt het uit.





Julio Gonzalez, Still life II, ongeveer 1929.






Karel Appel, Cat, 1953.






Mike Bouchet, Triple, 2008.


Meer, meer, meer.
Op een tentoonstelling met die titel doet dit werk het prima.
Olieverfschilderij.





Nan Groot Antink, Geen titel: cirkels II, 2006.


Waarom iets zonder titel plotseling ‘circels 2’ heet ontgaat me.

http://www.cultuurarchief.nl:

Nederlandse kunstenares
De Nederlandse kunstenares Nan Groot Antink werd in 1954 geboren in Boxtel. In alle werken van Nan Groot Antink gaat het om de combinaties, waarin kleur, materiaal, techniek en formaat een samenspel aangaan.
Werkwijze
Nan Groot Antink streeft naar een fundamentele vorm van schilderkunst. Sinds 1990 beschilderde zij haar doeken niet meer met gangbare materialen, maar gebruikte ze natuurlijke verfstoffen. Nan Groot Antink bereidde de kleurstoffen in de regel zelf uit plantenextracten of grondsoorten, waarvan ze een omvangrijke verzameling aanlegde.
De doeken werden in een verfbad behandeld tot de gewenste intensiteit en helderheid van kleur was bereikt. Doordat de vezels de verf volledig opnemen, is er geen onderscheid tussen beeld en drager.





Natalia Gontscharowa, Arbeiten auf einem kartoffelacker, 1908-1909.


Werken op de aardappelakker.

Wikipedia:

Natalja Gontsjarova (Nagajevo, 4 juni 1881 – Parijs, 17 oktober 1962) was een Russisch kunstschilder en kostuumontwerper, die deel uitmaakte van de Russische Avant-garde stroming. Binnen deze stroming was zij een belangrijke aanhanger van de Kubo-Futuristische stijl van Kazimir Malevitsj.
Gontsjarova werd vernoemd naar haar oudtante Natalja Gontsjarova, de vrouw van Aleksandr Poesjkin, en werd geboren in het dorp Nagajevo, vlak bij de stad Toela. Vanaf 1898 studeerde ze beeldhouwkunst aan de Moskouse school voor schilderkunst, beeldhouwkunst en architectuur, waar ze haar latere echtgenoot Michail Larionov ontmoette. Vanaf 1904 legde ze zich toe op schilderen. Gontsjarova haalde haar inspiratie uit de Russische volkskunst en voegde daar elementen uit het fauvisme en kubisme aan toe. Samen met Larionov ontwikkelde ze de stijl rayonisme, en vormde ze in 1910 de kunstenaarsgroep Ruitenboer.
Vanaf de oprichting van Der Blaue Reiter in 1911, maakte zij deel uit van deze kunstenaarsgroep en exposeerde zij op de tentoonstellingen van deze groep. Tijdens de Russische Revolutie emigreerden Gontsjarova en Larionov naar Parijs, waar ze verschillende kostuums en decors ontwierp voor Les Ballets Russes van Serge Diaghilev.
Gontsjarova en Larionov trouwden in 1955.





Pablo Picasso, La femme au tambourin, 1938-1939.






Richard Avedon, Marilyn Monroe, New York City, May 6, 1957.






Rufino Tamayo, America (detail), 1955.






Alberto Giacometti, Lotar I, 1965.


Mooi
die wisselwerking tussen Marilyn en Lotar I.



125 grote liefdes

De tweede tentoonstelling die ik afgelopen zaterdag heb gezien
gaf regelmatig koude rillingen.
Wat een prachtige voorwerpen.
Het een was nog mooier dan het ander.
Schilderkunst, beeldhouwwerk, glasbewerking, tegels, etsen,
meubels, zilversmederij, enz.
Mooi, mooier, mooist.

Ik begon wat foto’s te maken maar werd al snel op mijn rug getikt.
Foto’s mochten er niet gemaakt worden.
Flauw.
Dus hier nu een heel kort en niet-representatief overzicht
van de werken die door de hulp van de Vereniging Rembrandt
de laatste 125 jaar in Nederland gehouden zijn of
naar Nederland zijn gehaald.


Bodhisattva Guanyin, China, 12e eeuw.



Een van een set beelden.
Treurende volgelingen van Christus onder het kruis.
Veronica heeft de doek gebruikt om het gezicht van Christus af te drogen.
Vandaar zijn beeltenis in de doek.
Prachtig in dit houtsnijwerk.


Lucas van Leyden, Het schip van Sint Reynuut, 1525-1530.


Houtsnede, gemaakt van 8 losse delen.



De catalogus, daar ben ik in begonnen te lezen.
Ik ben op pagina drie.
Het gaat dus nog even duren.
er zullen wel wat verhalen en foto’s op mijn blog terecht komen.
Nog even wachten.

50 x India

Gisteren was ik in Amsterdam, onder andere op de tentoonstelling
‘De 50 mooiste miniaturen van het Rijksmuseum’.

Ik was niet eerder op de etage van het Prentenkabinet
van het Van Gogh museum geweest.
Daar was nog een tentoonstelling.
‘Van Gogh en stillevens’.
Vandaar dat ik eerder de schoenen van Van Gogh liet zien.

Ik heb daar foto’s gemaakt maar de omgeving is er terrecht nogal donker.
De foto’s uit de catalogus zijn dan ook veel mooier.
Daarom tref je hier een combinatie aan.
Mijn foto’s samen met ingescande afbeeldingen uit de catalogus.

Ik had nog veel meer afbeeldingen kunnen opnemen.
Er waren geen lelijke afbeeldingen of prenten van slechte kwaliteit.
Dit was super.
Ik heb in Mumbai een collectie miniaturen gezien
die was groter en misschien completer.
Maar zeker niet van een hogere kwaliteit.
Geweldig!

De toorn van Jarasandha bij Mathura, detail met Krishna.


De toorn van Jarasandha bij Mathura, detail.


De toorn van Jarasandha bij Mathura, Kangra, tweede helft 19e eeuw.

Het boek van de Indiase cultuur is de Mahabharata.
In dit boek staan heel veel verhalen.
Een van die verhalen vertelt over een koning die geen mannelijke nakomelingen had.
In de hoop dat zijn dochters wel zonen zouden krijgen werden ze uitgehuwelijkt.
De kroonprins van Mathura en een van zijn schoonzoons
vermoorde echter zijn vader en als straf werd hij door Krishna gedood.
Jarasandha, de zoonloze koning, probeert vervolgens Krishna te doden.
Deze gouache beeldt de veldslag die volgt af.


Het temmen van een wilde olifant, 1730-1740.


Het temmen van een wilde olifant, 1730-1740.

Dezelfde afbeelding maar nu van de web site.


Krishna doodt de demon Srigala, detail, circa 1590.

Srigala komt ook voor in de Mahabharata.


Krishna doodt de demon Srigala, ongeveer 1590.

Dit is de hele afbeelding.


Krishna doodt de demon Srigala, detail.

En er rolt een hoofd.


Krishna doodt de demon Srigala, detail.

Maar dezelfde afbeelding geeft op zicht op de stad,
de verdedigingswerken, huizen en soldaten,


Meisje met een reekalfje, 1e helft 18de eeuw.


Meisje met een reekalfje, mogelijk afkomstig uit Bidar.

Nomaals de hele afbeelding.


Meisje met een reekalfje, detail.


Meisje met een reekalfje, detail.


Portret Sukhjivan Khan, ongeveer 1765.


Portret Sukhjivan Khan, ongeveer 1765.

Nogmaals de hele afbeelding.
Dit is de gouverneur van Kashmir in de jaren 50 van de 18e eeuw.
Een prachtig streng portret.


Portret Sukhjivan Khan, detail.

Een portret dat plotseling heel levendig wordt door de dienaar
die nieuwe kooltjes in de waterpijp stopt.


Rama en Lakshmana strijden tegen de demonen Maricha en Suvahu, Chamba, ca 1750-1775.

De Ramayana is een Hindoestaanse tekst.
Het is een verzameling legendes en verhalen over Rama.
Lakshama is de broer van Rama.


Rama en Lakshmana strijden tegen de demonen Maricha en Suvahu, detail.

Na afloop van het gevecht liggen de demonen,
verslagen en gedood, links onder aan de afbeelding.


Rama en Lakshmana strijden tegen de demonen Maricha en Suvahu.

De hele afbeelding.


Ruknuddin, Sultan Ali Adil Shah II van Bijapur.

Lid van een machtige koningsfamilie in Zuid India.
Bijapur was een grote stad met heel veel monumenten.
Sommige bestaan nog steeds.
Dit is een van de weinige werken waarvan de kunstanaar bekend is: Ruknuddin.


Ruknuddin, Sultan Ali Adil Shah II van Bijapur, 1687-1688.


Ruknuddin, Sultan Ali Adil Shah II van Bijapur, detail.


Vechtende dromedarissen, einde 17e eeuw.


Vechtende kamelen eind 17e eeuw.

Volgens mij spreekt de catalogus ten onrechte van kamelen.
Het zijn dromedarissen.


Het kaartje naast de miniatuur op de tentoonstelling zegt het ook.


Een Prins in een tuin, Jaipur (wellicht), eind 18e eeuw.


Een Prins in een tuin, detail.

De prins zit in een huisje met daaroverheen een tent.
Het terras is van marmer.
Er wordt water over het huisje gegoten om verfrissing te brengen.


Een Prins in een tuin, detail.

Een tuin met bloemen, een fontein waarin vogels zich baden
en ook vissen te zien zijn.


Matt Small: ook urban

Ook urban maar dan uit Londen.
Hier is het urban aspect een veel bewustere keuze
dan bij het ene werk van Kim Buck.
Matt Small maakt in London schilderijen, voornamelijk op gevonden metaal.
Metaal van platen, pijpen enz, soms beton, wordt gebruikt als ondergrond
voor voornamelijk de portretten van mensen die zich
aan de zelfkant van de maatschappij bevinden.

Matt Small, William, 2007.

Ik heb begrepen dat het niet om werkelijke portretten gaat.
Door de werken een naam te geven krijgt het gezicht toch
een soort persoonlijkheid. Het had zo kunnen zijn.


Matt Small, Young starr, 2007.


Matt Small, South Fleet Estate, 2007.


Matt Small, Samual, 2007.


Matt Small, Tims.

Dit is een buitenbeentje wat betreft materiaal.
Dit is een olieverfschilderij op doek.


 

Kim Buck

Deze Australische kunstenares werkt veel met houtskool.
Als ik de informatie op het web goed begrepen heb studeert ze nog.
Op de volgende drie werken werkt ze ook met houtskool.
De werken vormen een deel van de reeks
“Armed and Empty handed” (met lege armen en handen).


Kim Buck, Armed and empty handed, Out to dry, 2008.


Het thema lijkt mij ‘liefdeloosheid en machteloosheid’.
Dat is het gevoel dat bij twee van de drie afbeeldingen naar boven komt.
De uitdrukking ‘Out to dry’ die letterlijk ‘ophangen om te drogen’ betekent,
wordt ook gebruikt voor ‘in de steek gelaten’.




Kim Buck, Armed and empty handed, Beats, 2008.


Deze wijkt qua thema dus af.
Een beetje ‘Urban’ zoals ze dat noemen.
De stroming waarin het stadsleven en vaak de zelfkant
van de steden centraal staat.
Dan kun je ook denken aan zaken als hip hop, grafitty en dergelijke.




Kim Buck, Armed and empty handed, You have to care to crack, 2008.




Van Gogh museum Amsterdam

Ik ben vandaag in het Van Gogh museum Amsterdam geweest.


Vincent van Gogh, Schoenen, 1888.






Ik ging niet zozeer van Van Gogh als wel voor twee tentoonstellingen:

50 x India.
Rijksmuseum te gast: Indiase miniaturen in het Van Gogh Museum.


Radja Kirpal Dev van Bahu, circa 1660-1680.


125 Grote Liefdes.
Tentoonstelling ter gelegenheid van 125 jaar Vereniging Rembrandt.


Johannes Vermeer, De Liefdesbrief, 1667-1670.




En ik heb me daar prima vermaakt.